SQLite format 3@ - _tablemakelaarmakelaarCREATE TABLE makelaar(veld1 text NOT NULL, veld2 text NOT NULL, veld3 text, veld4 text, veld5 text, veld6 text, veld7 text, veld8 text, veld9 text, veld10 text, veld11 text, veld12 text, veld13 text, veld14 text, veld15 text, veld16 text, veld17 text, veld18 text, veld19 text, veld20 text, veld21 text, veld22 text, veld23 text, veld24 text, veld25 text, veld26 text, veld27 text, veld28 text, veld29 text, veld30 text, veld31 text, veld32 text, veld33 text, veld34 text, veld35 text, veld36 text, veld37 text, veld38 text, veld39 text, veld40 text, veld41 text, veld42 text, veld43 text, veld44 text, veld45 text, veld46 text, veld47 text, veld48 text, veld49 text, veld50 text,PRIMARY KEY (veld1,veld2))/Cindexsqlite_autoindex_makelaar_1makelaar     !"#+%&'()+,-./612346789:6<=>?@GBCDEGJJMUOPQRSjjZXZ[\Za_abfdffhljlmlqqquvwz|}~j:/|vpjd^XRLF@:4.(" /.IC-},I+ +OS* )M)+(i'3'Eq&<%t$#b"%" s!W1 tи3g@"Pg#cׯ"gc+e"ht i, Za$eO'[u' וr 5 e > X ؎W _*//fE6: k@M/q`?fA!M-1QVrijstellingen_ivm_schenkingsrechtDefinitie)*n!VergunningDefinitie''%StrekkenmaatDefinitie% %'RolverbindingDefinitie"+!:cPrivaatrechtelijk_waardebenvloedend_aspectDefinitie4%Orange_goodsDefinitie /Netto_investeringDefinitief'LoofhoutcederDefinitie#5Interne_financieringDefinitieL)Groninger_akteDefinitieh /Fransois_QuesnayDefinitie)Dubbeldik_glasDefinitie g "3CommunicatiesysteemDefinitie 'BetrokkenheidDefinitie9aAlgemene_beginselen_van_behoorlijk_bestuurDefinitiefk,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag16j,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag54een besloten_vennootschap. Welk van de onderstaande alternatieven behoort tot de financile_vaste_activa ? Goodwill Lening_u/g aan de directeur_grootaandeelhouder Rekening_courantverhouding met de directeur_grootaandeelhouder - In de casus is sprake van een balanspost in combinatie met financile_vaste_activa - daarom zoeken in de theorie bij: financile_vaste_activa - Financile_vaste_activa: - een balanspost op de balans van een onderneming, bijvoorbeeld een B.V., die kan omvatten: - belegging(en) - uitlening(en) - lening_u/g - is een vorm van effectieve_reserve / materile_reserve / belegde_reserve - belang(en) in andere bedrijven - Goodwill behoort tot de immaterile_vaste_activa van de balans ( kan op worden afgeschreven ) - Rekening_courant behoort tot de vlottende_activa / vlottende_passiva van de balans Het meest juiste antwoord is dus By3350lde Dijkema zijn gehuwd en zijn tevens de enige eigenaren van een makelaarskantoor. Zij zijn beiden hoofdelijk_aansprakelijk voor alle schuld(en) van de onderneming. Welke ondernemingsvorm heeft deze onderneming ? Een besloten_vennootschap Een vennootschap_onder_firma Een commanditaire_vennootschap - In de casus is sprake van een hoofdelijk_aansprakelijk in combinatie met ondernemingsvorm - daarom zoeken in de theorie bij: ondernemingsvorm - Bij een B.V. zijn de eigenaren / aandeelhouder(s) / bestuurder(s) niet hoofdelijk_aansprakelijk voor de schuld(en) van de B.V. , maar de B.V. zelf is aansprakelijk, behoudens bij onbehoorlijk bestuur van de bestuurder(s) - Bij een C.V. is een van de echtgenoten de commandiet en die commandiet is slechts aansprakelijk tot de hoogte van het door hem / haar ingebrachte vermogen - Bij een VOF zijn beide vennoten hoofdelijk_aansprakelijk ( WvK 18 ) Het meest juiste antwoord is dus By-3350 0-5?SAGK/    - Examen BA / BE 2004 - IVraag01Vraag01BKees en HiE6? Ck 3   - Examen BA / BE 2004 - IExamenExamenOp de balans van een makelaardij o.z. staat de post financile_vaste_activa. De makelaardij heeft de vorm van  11L5?kW__    - Examen BA / BE 2004 - IVraag02Vraag02CDe keuze van de rechtsvorm heeft voor een onderneming verschillende fiscale consequentie(s). Welke van onderstaande belasting(en) zijn onder meer op een B.V. van toepassing ?Loonbelasting en inkomstenbelasting. Inkomstenbelasting en dividendbelasting. Vennootschapsbelasting en loonbelasting. - In de casus is sprake van een rechtsvorm in combinatie met onderneming - daarom zoeken in de theorie bij: ondernemingsvorm - De winst van een B.V. wordt belast middels de vennootschapsbelasting - Op het loon dat de B.V. aan zijn werknemer(s) uitbetaald moet door de B.V. loonbelasting worden ingehouden - Op het uit te keren dividend dient de B.V. 25 % dividendbelasting in te houden en af dragen - Inkomstebelasting wordt geheven van individuele personen en niet dooor of van de B.V., waardoor antwoorden A en B afvallen Het meest juiste antwoord is dus Cy-3350de van leverancierskrediet. Bij " debiteuren " van leverancierskrediet en bij " crediteuren " van afnemerskrediet. Bij " debiteuren " van afnemerskrediet en bij " crediteuren " van leverancierskrediet. - In de casus is sprake van een leverancierskrediet en afnemerskrediet in combinatie met kredietvorm(en) - daarom zoeken in de theorie bij: krediet / kredietvorm - leverancierskrediet is een vorm van krediet / een kredietvorm die behoort bij het principe " eerst leveren, dan betalen " - degene naar wie het krediet is genoemd, heeft het krediet verstrekt - afnemerskrediet is vorm van krediet dat een afnemer, volgens het principe $ eerst betalen, dan leveren $ , verstrekt aan zijn leverancier - degene naar wie het krediet is genoemd, verstrekt het krediet - bij de grootboekrekening(en) " debiteuren " en " crediteuren " is bij beide sprake van het principe " eerst leveren, dan betalen ", dus bij beide van leverancierskrediet Het meest juiste antwoord is dus Ay-3350 ||>5?u---{    - Examen BA / BE 2004 - IVraag04Vraag04COnderstaande casus hoort bij de vragen 4 tot en met 6. Makelaardij De Groot heeft haar kantoorpand deels gefinancierd met een 6% hypothecaire_lening. Op 1 januari 2004 bedraagt deze lening Euro 480.000,--. Op 1 mei en op 1 november van elk jaar wordt Euro 20.000,-- afgelost op deze lening. Ook wordt op die data de halfjaarlijkse rente achteraf betaald. De Groot stelt voor elk kwartaal een liquiditeitsbegroting en een exploitatiebegroting op. Hoe groot is het bedrag van d 07?)S;=c    - Examen BA / BE 2004 - IVraag03Vraag03ALeverancierskrediet en afnemerskrediet zijn twee kredietvorm(en). Van welke kredietvorm(en) is er sprake bij de posten " debiteuren " en " crediteuren " als die voorkomen op de balans van een onderneming ?Bij bei e hypotheekrente op de liquiditeitsbegroting van het tweede kwartaal van 2004 ?Euro 13.800,-- Euro 14.200,-- Euro 14,400,-- - In de casus is sprake van een hypothecaire_lening in combinatie met rente en een liquiditeitsbegroting - daarom zoeken in de theorie bij: hypotheken en liquiditeitsbegroting - een liquiditeitsbegroting bevat de ontvangsten en uitgaven inclusief BTW over een bepaalde periode, om na te gaan of er voldoende geld binnne komt / beschikbaar is om de betreffende betaling(en) te kunnen verrichten - de hypothecaire_lening bedraagt op 1 januari 2004 Euro 480.000,-- en dat is op 1 mei 2004 nog zo, want dan wordt pas Euro 20.000,-- afgelost - de rente die per half jaar achteraf op 1 mei 2004 over de restschuld van de lening moet worden betaald is dus 6 % over Euro 480.000,-- want dat was de restschuld in de periode 1 november 2003 - 1 mei 2004 - 6 % van Euro 480.000,-- = 0,06 x Euro 480.000,-- = Euro 14.400,-- Het meest juiste antwoord is dus Cy-3350 6.600,-- Euro 6.800,-- Euro 6.900,-- - In de casus is sprake van een hypothecaire_lening in combinatie met hypotheekrente en een exploitatiebegroting - daarom zoeken in de theorie bij: hypotheken, hypotheekrente en exploitatiebegroting - een exploitatiebegroting bevat de verwahte opbrengst(en) en kosten ( zonder BTW ), die in een bepaalde periode daadwerkelijk worden verwacht danwel daadwerkelijk ten laste van de onderneming komen - het derde kwartaal loopt van 1 juli 2004 tot 1 oktober 2004 en beslaat een periode van 3 maanden, waarbij - de verwachte rentelasten over die 3 maanden bedragen (3/12) x 0,06 van de op dat moment uitstaande restschuld, en waarbij - de uitstaande restschuld in het derde kwartaal bedraagt: Euro 480.000,-- minus de aflossing van Euro 20.000,-- op 1 mei 2004 = Euro 460.000,-- - de rentekosten bedragen in het derde kwartaal dus: (3/12) x 0,06 x Euro 460.000,-- = Euro 6.900,-- Het meest juiste antwoord is dus Cy-3350 SeS5?_+++)    - Examen BA / BE 2004 - IVraag06Vraag06BOnderstaande casus hoort bij de vragen 4 tot en met 6. Makelaardij De Groot heeft haar kantoorpand deels gefinancierd met een 6% hypothecaire_lening. Op 1 januari 2004 be5?s+++'    - Examen BA / BE 2004 - IVraag05Vraag05COnderstaande casus hoort bij de vragen 4 tot en met 6. Makelaardij De Groot heeft haar kantoorpand deels gefinancierd met een 6% hypothecaire_lening. Op 1 januari 2004 bedraagt deze lening Euro 480.000,--. Op 1 mei en op 1 november van elk jaar wordt Euro 20.000,-- afgelost op deze lening. Ook wordt op die data de halfjaarlijkse rente achteraf betaald. De Groot stelt voor elk kwartaal een liquiditeitsbegroting en een exploitatiebegroting op. Hoe groot is het bedrag van de hypotheekrente op de exploitatiebegroting van het derde kwartaal van 2004 ? Euro draagt deze lening Euro 480.000,--. Op 1 mei en op 1 november van elk jaar wordt Euro 20.000,-- afgelost op deze lening. Ook wordt op die data de halfjaarlijkse rente achteraf betaald. De Groot stelt voor elk kwartaal een liquiditeitsbegroting en een exploitatiebegroting op. Hoe groot is het bedrag van de interestschuld van de 6% hypothecaire_lening op 31 december 2004? Euro 2.200,-- Euro 4.400,-- Euro 6.600,-- - In de casus is sprake van een hypothecaire_lening in combinatie met hypotheekrente en een exploitatiebegroting - daarom zoeken in de theorie bij: hypotheken en hypotheekrente - op 1 november 2004 is wederom Euro 20.000,-- afgelost zodat de restschuld over de periode 1 november 2004 - 1 mei 2005 Euro 440.000,-- bedraagt - op 31 december 2004 zijn 2 maanden verstreken waarin de schuld Euro 440.000,-- bedraagt, en - waarin de interestschuld over die 2 maanden dus (2/12) x 0,06 x Euro 440.000,-- = Euro 4.400,-- bedraagt Het meest juiste antwoord is dus By-3350 --------------------------------- -------------------------------- Euro 12.000.000,-- Euro 12.000.000,-- --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Op bovenstaande balans komt de Post " Vreemd_vermogen_kort " voor. Welk van onderstaande alternatieven is hier een voorbeeld van ? Vooruit_betaalde_bedragen Nog_te_ontvangen_bedragen Vooruit_ontvangen_bedragen - In de casus is sprake van een balans met een grootboekrekening genaamd Vreemd_vermogen_kort - daarom zoeken in de theorie bij: balanspost(en) - een credit balanspost " Vreemd_vermogen_kort " vertegenwoordigt een vorm van schulden_aan_derden, waarbij - deze balanspost kan zijn ontstaan middels het binnenkomen van bedrag(en) die door afnemer(s) vooruit zijn betaald ( = Vooruit_betaalde_bedragen door derde(n) zoals Vooruit_betaalde_huur, etc.), en - zodoende bij Armada N.V. leidende tot de grootboekrekening Vooruit_ontvangen_bedragen van derde(n) - Nog_te_ontvangen_bedragen behoort tot de grootboekrekening Debiteuren en is een debetpost - Vooruit_betaalde_bedragen is een vorm van verstrekt_afnemerskrediet / belegde_reserve en is een debetpost Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus hoort hij de vragen 7 tot en met 10. Van de onderneming Armada NV is onderstaande gecomprimeerde balans gegeven. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 31 december 2003 --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Vaste_activa Euro 8.200.000,-- Eigen_vermogen Euro 3.600.000,-- Vlottende_activa - 3.800.000,-- Vreemd_vermogen_lang - 6.300.000,-- Vreemd_vermogen_kort - 2.100.000,-- --------------------------------- -------------------------------- Euro 12.000.000,-- Euro 12.000.000,-- --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Op bovenstaande balans komt de Post " Vreemd_vermogen_kort " voor. Welk van onderstaande alternatieven is hier een voorbeeld van ? a Vooruit_betaalde_bedragen b Nog_te_ontvangen_bedragen c Vooruit_ontvangen_bedragen -3350 <<16?/AAC g  - Examen BA / BE 2004 - IVraag07Vraag07COnderstaande casus hoort hij de vragen 7 tot en met 10. Van de onderneming Armada NV is onderstaande gecomprimeerde balans gegeven. Balans per 31 december 2003 Vaste_activa Euro 8.200.000,-- Eigen_vermogen Euro 3.600.000,-- Vlottende_activa - 3.800.000,-- Vreemd_vermogen_lang - 6.300.000,-- Vreemd_vermogen_kort - 2.100.000,-- igen_vermogen Euro 3.600.000,-- Vlottende_activa - 3.800.000,-- Vreemd_vermogen_lang - 6.300.000,-- Vreemd_vermogen_kort - 2.100.000,-- --------------------------------- -------------------------------- Euro 12.000.000,-- Euro 12.000.000,-- --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Op bovenstaande balans komt de Post " Eigen_vermogen " voor. Welk van onderstaande alternatieven is hier een voorbeeld van ?Belegde_reserve(s) Herwaarderingsreserve Onderhoudsvoorziening - In de casus is sprake van een balans met een grootboekrekening genaamd Eigen_vermogen - daarom zoeken in de theorie bij: Eigen_vermogen - De reserve(s) aan de creditzijde van de balans worden tot het eigen_vermogen gerekend, daarom - maakt de Herwaarderingsreserve ( = een wettelijke_reserve ) deel uit van het Eigen_vermogen - Belegde_reserve is een financile_vaste_activa - Een voorziening is een passief / een passiva op de balans die ten laste komt van het eigen_vermogen Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus hoort hij de vragen 7 tot en met 10. Van de onderneming Armada NV is onderstaande gecomprimeerde balans gegeven. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 31 december 2003 --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Vaste_activa Euro 8.200.000,-- Eigen_vermogen Euro 3.600.000,-- Vlottende_activa - 3.800.000,-- Vreemd_vermogen_lang - 6.300.000,-- Vreemd_vermogen_kort - 2.100.000,-- --------------------------------- -------------------------------- Euro 12.000.000,-- Euro 12.000.000,-- --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Op bovenstaande balans komt de Post " Eigen_vermogen " voor. Welk van onderstaande alternatieven is hier een voorbeeld van ? a Belegde_reserve(s) b Herwaarderingsreserve c Onderhoudsvoorziening -3350  6?51/1 7  - Examen BA / BE 2004 - IVraag09Vraag09BOnderstaac 6?#399G =  - Examen BA / BE 2004 - IVraag08Vraag08BOnderstaande casus hoort hij de vragen 7 tot en met 10. Van de onderneming Armada NV is onderstaande gecomprimeerde balans gegeven. Balans per 31 december 2003 Vaste_activa Euro 8.200.000,-- Ende casus hoort hij de vragen 7 tot en met 10. Van de onderneming Armada NV is onderstaande gecomprimeerde balans gegeven. Balans per 31 december 2003 Vaste_activa Euro 8.200.000,-- Eigen_vermogen Euro 3.600.000,-- Vlottende_activa - 3.800.000,-- Vreemd_vermogen_lang - 6.300.000,-- Vreemd_vermogen_kort - 2.100.000,-- --------------------------------- -------------------------------- Euro 12.000.000,-- Euro 12.000.000,-- --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Hoe groot is de intrinsieke_waarde van Armada NV op 31 december 2003 ? Euro 1.700.000,-- Euro 3.600.000,--Euro 4.600.000,-- - In de casus is sprake van een intrinsieke_waarde in combinatie met een N.V. - daarom zoeken in de theorie bij: intrinsieke_waarde - De intrinsieke_waarde is gerelateerd aan het eigen_vermogen van een N.V. - Het eigen_vermogen van Armada N.V. bedraagt Euro 3.600.000,-- Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus hoort hij de vragen 7 tot en met 10. Van de onderneming Armada NV is onderstaande gecomprimeerde balans gegeven. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 31 december 2003 --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Vaste_activa Euro 8.200.000,-- Eigen_vermogen Euro 3.600.000,-- Vlottende_activa - 3.800.000,-- Vreemd_vermogen_lang - 6.300.000,-- Vreemd_vermogen_kort - 2.100.000,-- --------------------------------- -------------------------------- Euro 12.000.000,-- Euro 12.000.000,-- --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Hoe groot is de intrinsieke_waarde van Armada NV op 31 december 2003 ? a Euro 1.700.000,-- b Euro 3.600.000,-- c Euro 4.600.000,-- -3350Euro 300.000,-- Euro 400.000,-- Euro 500.000,-- - In de casus is sprake van een emissie van aandelen in combinatie met een agio en constant blijvende splvabiliteit - daarom zoeken in de theorie bij: solvabiliteit en agio - De bank eist dat de verhouding tussen het eigen_vermogen en het vreemd_vermogen en daarmee van de verhouding eigen_vermogen : totaal_vermogen ofwell de solvabiliteit van Armada NV, constant blijft - de verhouding eigen_vermogen : vreemd_vermogen = 3.600.000 / 8.400.000 = 0,4286 - de solvabiliteit = is eigen_vermogen : totale_vermogen = 3.600.000 / 12.000.000 = 0,30 - het totale_vermogen neemt toe met het bedrag van de investering zijnde Euro 5.000.000 tot 12.000.000 + 5.000.000 = 17.000.000 - het eigen vermogen zal na de investering moeten bedragen 0,3 x 17.000.000 = 5.100.000 om, zodoende de solvabiliteit van 0,3 gelijk te houden) - het eigen_vermogen moet dus middels de ( agio ) emissie toenemen met 5.100.000 - 3.600.000 = 1.500.000, waarvan  - een bedrag ter grootte van 1.000.000 middels de nominale_waarde en dus 500.000 middels de agio ( = boven nominaal ) Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus hoort hij de vragen 7 tot en met 10. Van de onderneming Armada NV is onderstaande gecomprimeerde balans gegeven. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 31 december 2003 --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Vaste_activa Euro 8.200.000,-- Eigen_vermogen Euro 3.600.000,-- Vlottende_activa - 3.800.000,-- Vreemd_vermogen_lang - 6.300.000,-- Vreemd_vermogen_kort - 2.100.000,-- --------------------------------- -------------------------------- Euro 12.000.000,-- Euro 12.000.000,-- --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Er zal in 2004 voor Euro 5.000.000,-- worden genvesteerd in duurzame productiemiddelen. Om de uitbreiding te financieren zal Armada NV aandelen uitgeven voor nominaal Euro 1.000.000,--. De bank verstrekt de overige benodigde middelen. Zij eist daarbij dat de verhouding tussen het eigen_vermogen en het vreemd_vermogen van Armada NV door deze uitbreiding niet zal veranderen. Bereken het bedrag van het agio op de nieuwe aandelen. a Euro 300.000,-- b Euro 400.000,-- c Euro 500.000,-- Einde casus-3350 449 6?[---q %  - Examen BA / BE 2004 - IVraag10Vraag10COnderstaande casus hoort hij de vragen 7 tot en met 10. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Er zal in 2004 voor Euro 5.000.000,-- worden genvesteerd in duurzame productiemiddel(en). Om de uitbreiding te financieren zal Armada NV aandelen uitgeven voor nominaal Euro 1.000.000,--. De bank verstrekt de overige benodigde middel(en). Zij eist daarbij dat de verhouding tussen het eigen_vermogen en het vreemd_vermogen van Armada NV door deze uitbreiding niet zal veranderen. Bereken het bedrag van het agio op de nieuwe aandelen. Einde casus eigen_vermogen + vaste_passiva + vlottende_passiva = vaste_activa + vlottende_activa + liquide_middelen en netto_werkkapitaal = ( eigen_vermogen + vaste_passiva ) - ( vaste_activa ) [1] = liquide_middelen + vlottende_activa - vlottende_passiva [2] - door de verwerving van het bedrijfspand: - nemen de vaste_activa toe met Euro 600.000 - nemen de vaste_passiva toe met het bedrag van de hypothecaire_lening zijnde Euro 350.000 - nemen de vlottende_activa af door de financiering uit de liquiditeit(en) / liquide_middelen met Euro 250.000 - in formule [2] nemen de liquide_middelen af met 250.000 en blijven de vlottende_activa en de vlottende_passiva onveranderd, zodat het netto_werkkapitaal met 250.000 afneemt - Het eigen_vermogen verandert niet,, en als alles zou zijn geleend, dan zou het werkkapitaal ook niet veranderen Het meest juiste antwoord is dus By-3350 //T 6?_#?[ s  - Examen BA / BE 2004 - IVraag12Vraag12BOnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volle W 5?ccc    - Examen BA / BE 2004 - IVraag11Vraag11BEen onderneming koopt een bedrijfspand voor Euro 600.000,--. Er wordt een hypothecaire_lening afgesloten van Euro 350.000,--. Het restant van de koopsom van het bedrijfspand wordt met eigen beschikbare liquiditeit(en) gefinancierd. Welke invloed heeft deze aankoop op het netto_werkkapitaal van de onderneming ? Een positieve invloed van Euro 250.000,--. Een negatieve invloed van Euro 250.000,--. Een negatieve invloed van Euro 350.000,--. - In de casus is sprake van een netto_werkkapitaal in combinatie met het afsluiten van een hypothecaire_lening - daarom zoeken in de theorie bij: werkkapitaal - uitgaande van: !dige casus / vraag " Welke van de onderstaande alternatieven is een financieel_vast_actief ?Goodwill Deelneming Aandelen_in_portefeuille - In de casus is sprake van een financieel_vast_actief in combinatie met goodwill, deelneming en aandelen_in_portefeuille - daarom zoeken in de theorie bij: financile_vaste_activa - Goodwill wordt tot de immaterile_vaste_activa gerekend - Aandelen_in_portefeuille worden tot het eigen_vermogen ( = vaste_passiva ) gerekend - Deelneming wordt tot de belegde_reserve(s) zijnde een onderdeel van de financile_vaste_activa gerekend Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Van onderneming Bovenwater BV zijn van het jaar 2003 de onderstaande balans(en) en de winst-_en_verliesrekening gegeven: Balans(en) van 2003 na winstuitkering ( x Euro 1.000,- ) --------------------------------------------------------------------------------------------------------"--------------------------------------------------------- 31-12 01-01 31-12 01-01 ----------- ----------- ----------- ---------- Materile_vaste_activa 780 800 Aandelenvermogen 280 280 Financile_vaste_activa 160 150 Reserve(s) 330 260 Voorraden 730 625 Lang_vreemd_vermogen 850 920 Debiteuren 520 420 Crediteuren 560 600 Liquide_middelen 110 205 Bank rekening_courant 280 140 # ----------- ----------- ----------- ---------- 2.300 2.200 2.300 2.200 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Winst-_en_verliesrekening ( x Eur 1.000,-- ): Omzet 5.150 Inkoopwaarde_van_de_omzet 3.560 ------------- Bruto_winst $ 1.590 Exploitatiekosten ( excl. Afschrijvingskosten en interestkosten) 1.180 Afschrijvingskosten op vaste_actva 190 1.370 ------------- Bedrijfsresultaat 220 Interestkosten 140 ------------- Resultaat voor belasting(en) 80 Belasting(en) 20 ------------- Resultaat na belasting(en) 60 Overige gegevens: - de vaste_activa zijn in 2003 met Euro 50.000,-- opgewaardeerd; - de reserve(s) zijn uitsluitend toegenomen door bovengenoemde herwaardering en winstinhouding; - de inkoopwaarde is een vast percentage van de omzet. Alle exploitatiekosten zijn constante_kosten; - een jaar wordt gesteld op 360 dagen; - met BTW behoeft geen rekening te worden gehouden. Welke van de onderstaande alternatieven is een financieel_vast_actief ? a Goodwill b Deelneming c Aandelen_in_portefeuille -3350&n de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Hoe hoog is de opslagduur van de gemiddelde_voorraad ( in dagen nauwkeurig ) ?47 dag(en) 51 dag(en) 69 dag(en) - In de casus is sprake van een opslagduur in combinatie met gemiddelde_voorraad - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - de opslagduur is het aantal dagen dat de gemiddelde_voorraad in de onderneming verblijft en kan worden berekend middels: inkoopwaarde_van_de_gemiddelde_voorraad gemiddelde_voorraad opslagduur = ------------------------------------------------------------------------------ x 360 dagen = ----------------------------------------------------- x 360 dagen inkoopwaarde_van_de_omzet inkoopwaarde_van_de_omzet vanwege het feit dat de voorraad op de balans altijd / reeds is uitgedrukt als de inkoopwaarde_van_de_voorraad, en ' waarbij verder is gebruikt: - de gemiddelde_voorraad = ( voorraad op 01-01 + voorraad op 31-12 ) / 2 = ( 730 + 625 ) / 2 = 677,50 - de inkoopwaarde_van_de_omzet = 3.560 ( uit de winst-_en_verliesrekening ), zodat invullen geeft: gemiddelde_voorraad 677,50 opslagduur = ---------------------------------------- x 360 dagen = ---------------- x 360 dagen = 0,1903 x 360 = 68,51 dagen = 69 dagen omzet 3.560 Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Van onderneming Bovenwater BV zijn van het jaar 2003 de onderstaande balans(en) en de winst-_en_verliesrekening gegeven: Balans(en) van 2003 na winstuitkering ( x Euro 1.000,- ) --------------------------------------------------------------------------------------------------(--------------------------------------------------------------- 31-12 01-01 31-12 01-01 ----------- ----------- ----------- ---------- Materile_vaste_activa 780 800 Aandelenvermogen 280 280 Financile_vaste_activa 160 150 Reserve(s) 330 260 Voorraden 730 625 Lang_vreemd_vermogen 850 920 Debiteuren 520 420 Crediteuren 560 600 Liquide_middelen 110 205 Bank rekening_courant 280 140) ----------- ----------- ----------- ---------- 2.300 2.200 2.300 2.200 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Winst-_en_verliesrekening ( x Eur 1.000,-- ): Omzet 5.150 Inkoopwaarde_van_de_omzet 3.560 ------------- Bruto_winst * 1.590 Exploitatiekosten ( excl. Afschrijvingskosten en interestkosten) 1.180 Afschrijvingskosten op vaste_actva 190 1.370 ------------- Bedrijfsresultaat 220 Interestkosten 140 ------------- Resultaat voor belasting(en) 80 Belasting(en) 20 ------------- Resultaat na belasting(en) 60 Overige gegevens: - de vaste_activa zijn in 2003 met Euro 50.000,-- opgewaardeerd; - de reserve(s) zijn uitsluitend toegenomen door bovengenoemde herwaardering en winstinhouding; - de inkoopwaarde is een vast percentage van de omzet. Alle exploitatiekosten zijn constante_kosten; - een jaar wordt gesteld op 360 dagen; - met BTW behoeft geen rekening te worden gehouden. Hoe hoog is de opslagduur van de gemiddelde voorraad ( in dagen nauwkeurig ) ? a 47 dag(en) b 51 dag(en) c 69 dag(en) -3350 D@Da6?9?    - Examen BA / BE 2004 - IVraag14Vraag14AOnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Hoe groot is de quick_ratio per 31 december 2003 ? 0,75 0,80 1,62 - In de casus is sprake van een quick_ratio - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur vlottende_activa + liquide_middelen - voorraden debiteuren + liquide_middelen Quick_ratio = ------------------------------------------------------------------------------------------------ = -------------------------------------------,!6?m### g  - Examen BA / BE 2004 - IVraag13Vraag13COnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Voor een volledig overzicht va%--------------- kort_vreemd_vermogen kort_vreemd_vermogen debiteuren + liquide_middelen 520 + 110 = ------------------------------------------------------------- = -------------------------- = 0,75 kort_vreemd_vermogen 560 + 280 waarbij voorraden en financile_vaste_activa ( = belegging(en) / deelneming(en), etc. ) dus buiten beschouwing blijven Het meest juiste antwoord is dus AyOnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Van onderneming Bovenwater BV zijn van het jaar 2003 de onderstaande balans(en) en de winst-_en_verliesrekening gegeven: Balans(en) van 2003 na winstuitkering ( x Euro 1.000,- ) ----------------------------------------------------.------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 31-12 01-01 31-12 01-01 ----------- ----------- ----------- ---------- Materile_vaste_activa 780 800 Aandelenvermogen 280 280 Financile_vaste_activa 160 150 Reserve(s) 330 260 Voorraden 730 625 Lang_vreemd_vermogen 850 920 Debiteuren 520 420 Crediteuren 560 600 Liquide_middelen 110 205 Bank/ rekening_courant 280 140 ----------- ----------- ----------- ---------- 2.300 2.200 2.300 2.200 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Winst-_en_verliesrekening ( x Eur 1.000,-- ): Omzet 5.150 Inkoopwaarde_van_de_omzet 3.560 ------------- Bruto_winst 0 1.590 Exploitatiekosten ( excl. Afschrijvingskosten en interestkosten) 1.180 Afschrijvingskosten op vaste_actva 190 1.370 ------------- Bedrijfsresultaat 220 Interestkosten 140 ------------- Resultaat voor belasting(en) 80 Belasting(en) 20 ------------- Resultaat na belasting(en) 60 Overige gegevens: - de vaste_activa zijn in 2003 met Euro 50.000,-- opgewaardeerd; - de reserve(s) zijn uitsluitend toegenomen door bovengenoemde herwaardering en winstinhouding; - de inkoopwaarde is een vast percentage van de omzet. Alle exploitatiekosten zijn constante_kosten; - een jaar wordt gesteld op 360 dagen; - met BTW behoeft geen rekening te worden gehouden. Hoe groot is de quick_ratio per 31 december 2003 ? a 0,75 b 0,80 c 1,62 -33502r een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Voor welk bedrag heeft Bovenwater BV voorraad ingekocht ? Euro 3.455.000,-- Euro 3.520.000,-- Euro 3.665.000,-- - In de casus is sprake van een voorraad - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - Op de winst-_en_verliesrekening is een bedrag m.b.t. de inkoopwaarde_van_de_omzet van Euro 3.560.000,-- genoemd - Daarnaast is op de balans de voorraad toegenomen met Euro 105.000,-- - Dus totaal ingekocht Euro 3.560.000,-- + Euro 105.000,-- = Euro 3.665.000,-- Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Van onderneming Bovenwater BV zijn van het jaar 2003 de onderstaande balans(en) en de winst-_en_verliesrekening gegeven: Balans(en) van 2003 na winstuitkering ( x Euro 1.000,- ) -----------------------------------------------------------------------------------------------------3------------------------------------------------------------ 31-12 01-01 31-12 01-01 ----------- ----------- ----------- ---------- Materile_vaste_activa 780 800 Aandelenvermogen 280 280 Financile_vaste_activa 160 150 Reserve(s) 330 260 Voorraden 730 625 Lang_vreemd_vermogen 850 920 Debiteuren 520 420 Crediteuren 560 600 Liquide_middelen 110 205 Bank rekening_courant 280 140 4 ----------- ----------- ----------- ---------- 2.300 2.200 2.300 2.200 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Winst-_en_verliesrekening ( x Eur 1.000,-- ): Omzet 5.150 Inkoopwaarde_van_de_omzet 3.560 ------------- Bruto_winst 5 1.590 Exploitatiekosten ( excl. Afschrijvingskosten en interestkosten) 1.180 Afschrijvingskosten op vaste_actva 190 1.370 ------------- Bedrijfsresultaat 220 Interestkosten 140 ------------- Resultaat voor belasting(en) 80 Belasting(en) 20 ------------- Resultaat na belasting(en) 60 Overige gegevens: - de vaste_activa zijn in 2003 met Euro 50.000,-- opgewaardeerd; - de reserve(s) zijn uitsluitend toegenomen door bovengenoemde herwaardering en winstinhouding; - de inkoopwaarde is een vast percentage van de omzet. Alle exploitatiekosten zijn constante_kosten; - een jaar wordt gesteld op 360 dagen; - met BTW behoeft geen rekening te worden gehouden. Voor welk bedrag heeft Bovenwater BV voorraad ingekocht ? a Euro 3.455.000,-- b Euro 3.520.000,-- c Euro 3.665.000,-- -3350 [We6?  _  - Examen BA / BE 2004 - IVraag17Vraag17BOnderstaaschapsbelasting = winst na belasting winst na belasting 60.000 REV = -------------------------------------------------- x 100 % = ----------------------------------------------------------------------------- x 100 % = 10,4 % gemiddeld_eigen_vermogen ( 280.000 + 280.000 + 330.000 + 260.000 ) / 2 Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Van onderneming Bovenwater BV zijn van het jaar 2003 de onderstaande balans(en) en de winst-_en_verliesrekening gegeven: Balans(en) van 2003 na winstuitkering ( x Euro 1.000,- ) ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 31-12 01-01 ? 31-12 01-01 ----------- ----------- ----------- ---------- Materile_vaste_activa 780 800 Aandelenvermogen 280 280 Financile_vaste_activa 160 150 Reserve(s) 330 260 Voorraden 730 625 Lang_vreemd_vermogen 850 920 Debiteuren 520 420 Crediteuren 560 600 Liquide_middelen 110 205 Bank rekening_courant 280 140 ----------- ----------- ----------- ---------@- 2.300 2.200 2.300 2.200 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Winst-_en_verliesrekening ( x Eur 1.000,-- ): Omzet 5.150 Inkoopwaarde_van_de_omzet 3.560 ------------- Bruto_winst 1.590 Exploitatiekosten ( excl. Afschrijvingskosten en interestkosten) 1.180 AfschrijvingskostenA op vaste_actva 190 1.370 ------------- Bedrijfsresultaat 220 Interestkosten 140 ------------- Resultaat voor belasting(en) 80 Belasting(en) 20 ------------- Resultaat na belasting(en) 60 Overige gegevens: - de vaste_activa zijn in 2003 met Euro 50.000,-- opgewaardeerd; - de reserve(s) zijn uitsluitend toegenomen door bovengenoemde herwaardering en winstinhouding; - de inkoopwaarde is een vast percentage van de omzet. Alle exploitatiekosten zijn constante_kosten; - een jaar wordt gesteld op 360 dagen; - met BTW behoeft geen rekening te worden gehouden. Hoe groot is de rentabiliteit na belasting(en) van het gemiddeld genvesteerd eigen_vermogen per 31 december 2003 ( afronden op n decimaal nauwkeurig ) ? a 8,9% b 10,4% c 15,8 %-3350Cijk ) worden uitgekeerd en / of ( geheel / gedeeltelijk ) an de reserve(s) worden toegevoegd - de winst_na_belasting(en) van 2003 bedraagt Euro 60.000,--, waarbij - het gedeelte van de winst dat niet is uitgekeerd tot een toename van de reserve heeft geleid - de reserve(s) zijn toegenomen met Euro 70.000 van 260.000 tot 330.000 Euro, waarvan Euro 50.000 door herwaardering van de vaste_activa in de herwaarderingsreserve is terechtgekomen, zodat - Euro 20.000 van de niet-uitgekeerde winst afkomstig is, zodat - een uitgekeerde_winst van Euro 40.000,-- resteert Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Van onderneming Bovenwater BV zijn van het jaar 2003 de onderstaande balans(en) en de winst-_en_verliesrekening gegeven: Balans(en) van 2003 na winstuitkering ( x Euro 1.000,- ) -------------------------------------------------------------------------------------------------D---------------------------------------------------------------- 31-12 01-01 31-12 01-01 ----------- ----------- ----------- ---------- Materile_vaste_activa 780 800 Aandelenvermogen 280 280 Financile_vaste_activa 160 150 Reserve(s) 330 260 Voorraden 730 625 Lang_vreemd_vermogen 850 920 Debiteuren 520 420 Crediteuren 560 600 Liquide_middelen 110 205 Bank rekening_courant 280 14E0 ----------- ----------- ----------- ---------- 2.300 2.200 2.300 2.200 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Winst-_en_verliesrekening ( x Eur 1.000,-- ): Omzet 5.150 Inkoopwaarde_van_de_omzet 3.560 ------------- Bruto_winst F 1.590 Exploitatiekosten ( excl. Afschrijvingskosten en interestkosten) 1.180 Afschrijvingskosten op vaste_actva 190 1.370 ------------- Bedrijfsresultaat 220 Interestkosten 140 ------------- Resultaat voor belasting(en) 80 Belasting(en) 20 ------------- Resultaat na belasting(en) 60 Overige gegevens: - de vaste_activa zijn in 2003 met Euro 50.000,-- opgewaardeerd; - de reserve(s) zijn uitsluitend toegenomen door bovengenoemde herwaardering en winstinhouding; - de inkoopwaarde is een vast percentage van de omzet. Alle exploitatiekosten zijn constante_kosten; - een jaar wordt gesteld op 360 dagen; - met BTW behoeft geen rekening te worden gehouden. Welk bedrag is van de winst_na_belasting(en) van 2003 uitgekeerd ? a Euro 10.000,-- b Euro 20.000,-- c Euro 40.000,-- -3350 s8?Yw}s    - Examen BA / BE 2004 - IVraag19Vraag19AEen makelaardij least begin februari 2004 voor een van de medewerker(s) een auto op basis van operationele lease / operational_leasing. De eerste leaseH6?u+)+] e  - Examen BA / BE 2004 - IVraag18Vraag18COnderstaande casus hoort bij de vragen 12 tot en met 18. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Welk bedrag is van de winst_na_belasting(en) van 2003 uitgekeerd ? Einde casus. Euro 10.000,-- Euro 20.000,--Euro 40.000,-- - In de casus is sprake van winst_na_belasting(en) - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - de winst_na_belasting(en) kan ( geheel / gedeeltelBtermijn wordt in februari 2004 per bank voldaan. Wat is het effect van de betaling van de leasetermijn op de resultatenrekening en de balans ?De leasetermijn komt als leasekosten op de resultatenrekening; op de balans daalt het aanwezige positieve banksaldo. De rentekosten in de leasetermijn komen op de resultatenrekening; op de balans daalt het aanwezige positieve banksaldo. De leasetermijn komt als leasekosten op de resultatenrekening; de rentekosten in de leasetermijn komen daarnaast apart op de resultatenrekening; op de balans daalt het aanwezige positieve banksaldo. - In de casus is sprake van operationele lease / operational_leasing - daarom zoeken in de theorie bij: vermogensbehoefte en vermogensvorm(en) - Operational_leasing heeft veel overeenkomsten met huur - De huurkosten bij operational_leasing komen als kosten / leasekosten op de resultatenrekening terecht - Een betaling per bank resulteert in een afname van het positieve banksaldo Het meest juiste antwoord is dus Ay-3350en bedrag open van Euro 38.500,-- ; - in 2002 is voor een bedrag van Euro 427.000,-- van debiteuren ontvangen, terwijl totaal voor Euro 435.000,-- op rekening is verkocht. Hoe groot is het debiteurensaldo op de balans van 31 december 2002 van Welco NV ? Euro 8.000,-- Euro 30.500,-- Euro 46.500,--- In de casus is sprake van administratie en debiteuren in combinatie met debiteurensaldo en balans - daarom zoeken in de theorie bij: grootboekrekening en balans - in 2002 is voor een bedrag van Euro 427.000,-- van debiteuren ontvangen, waardoor - de grootboekrekening Debiteuren met Euro 427.000,-- afneemt / wordt gecrediteerd - in 2002 is totaal voor Euro 435.000,-- op rekening verkocht, - de grootboekrekening Debiteuren met Euro 435.000,-- toeneemt / wordt gedebiteerd - het debiteurensaldo op de balans van 31 december 2002 van Welco NV bedraagt dan: Euro 38.500,-- - Euro 427.000,-- + Euro 435.000,-- = Euro 46.500,-- Het meest juiste antwoord is dus Cy-3350 HHB6?]_ %    - Examen BA / BE 2004 - IVraag21Vraag21BBij onderneming Pogy NV is sprake van een positief hefboomeffect. Welke van onderstaande mutatie(s) heeft bij deze onderneming een negatieve invloed op de rentabiliteit van het eigen_vermogen ?Een verkleining van het eigen_vermogen. Een verkleining van het vreemd_vermogen. Een verlaging van het rentepercentage van het vreemd_vermogen. - In de casus is sprakK`5?+)+)    - Examen BA / BE 2004 - IVraag20Vraag20COnderneming Welco NV ontleent aan haar administratie de volgende gegevens over het jaar 2002: - op 1 januari stond aan debiteuren eIe van hefboomeffect in combinatie met rentabiliteit van het eigen_vermogen - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - het hefboomeffect kan worden uitgedrukt als: Hefboomeffect = ( RTV - RVV ) x ( VV / EV ) [1] - onder de gegeven omstandigheden van Pogy NV was het hefboomeffect positief, d.w.z. dat ( RTV - RVV ) x ( VV / EV ) > 0 [2] - en dat de rentabiliteit van het totale_vermogen groter is dan de rentabiliteit van het vreemd_vermogen - bij een verkleining van het eigen_vermogen neemt ( RTV - RVV ) x ( VV / EV ) toe want EV staat in de noemer - bij een verkleining van het vreemd_vermogen neemt ( RTV - RVV ) x ( VV / EV ) af want VV staat in de teller - bij een verlaging van het rentepercentage van het vreemd_vermogen ( RVV wordt kleiner ) neemt ( RTV - RVV ) x ( VV / EV ) toe - het hefboomeffect vermindert dus bij een verkleining van het vreemd_vermogen Het meest juiste antwoord is dus By-3350eze jaarlijkse aftrekpost het hoogst ?Bij de spaarhypotheek en de levenhypotheek. Bij de levenhypotheek en de annuteitenhypotheek. Bij de annuteitenhypotheek en de spaarhypotheek. - In de casus is sprake van een hypothecaire_lening in combinatie met de aftrekbaarheid van de jaarlijks betaalde_rente - daarom zoeken in de theorie bij: vermogensvorm / financile_rekenkunde - de jaarlijkse aftrekpost van de betaalde rente m.b.t. het belastbaar inkomen blijft het hoogst bij een aflossingsvrije_hypotheek want de hoofdschuld / restschuld blijft over de looptijd constant - bij een annuteitenhypotheek wordt periodiek afgelost ( waarbij de som van aflossing en rente constant blijft ) - bij de spaarhypotheek en de levenhypotheek wordt gedurende de looptijd niet afgelost, maar wordt aan het einde van de looptijd ineens afgelost middels het gespaarde bedrag ( spaarhypotheek ) of middels de uitkering van een levensverzekering ( levenhypotheek ) Het meest juiste antwoord is dus Ay-3350 M5?Aeqq    - Examen BA / BE 2004 - IVraag22Vraag22AEen echtpaar besluit een woning te kopen en daarbij een hypothecaire_lening af te sluiten. Voor de berekening van het belastbaar inkomen van het echtpaar kan jaarlijks de betaalde rente worden afgetrokken. Bij welke hypotheekvorm(en) blijft dL 5?CES!    - Examen BA / BE 2004 - IVraag23Vraag23BEen belegger in een vastgoedfonds heeft een gegarandeerd nominaal_rendement van 6 % per jaar. Wat gebeurt er met het reel_rendement, dat deze belegger behaalt, als de inflatie daalt ?Het reel_rendement daalt. Het reel_rendement stijgt. Het reel_rendement blijft gelijk. - In de casus is sprake van een reel_rendement in combinatie nominaal_rendement en inflatie - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur reel_rendement = nominaal_rendement - inflatie ( percentage ) - bij gelijkblijvend nominaal_rendement en afnemende inflatie neemt het reel_rendement toe Het meest juiste antwoord is dus By-3350Pn volledig overzicht van het antwoord van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " - In de casus is sprake van een een verwacht eindkapitaal in combinatie een eenmalige_storting en periodieke_storting(en) - daarom zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - de eenmalige storting van Euro 40.000,-- op 1 januari 2002 heeft een looptijd ( rente_op_rente ) van 9 jaar, waarbij - een eindkapitaal K(n) van een eenmalige storting(en) K(0) na n jaar bedraagt: K(n) = K(0) x S(n\p), zodat K(9) = 40.000 x S(9\7) = 40.000 x 1,8385 = 73.540 = [1] - het eindkapitaal K(n) na een aantal ( = n ) jaarlijkse storting(en) van de jaarlijkse termijn T bedraagt: K(n) = T x s(n\p), waarbij - we eerst doen alsof alle storting(en) daadwerkelijk hebben plaatsgevonden - de eerste storting van Euro 8.000,-- vindt plaats op 1 januari 2003, en de laatste storting van Euro 8.000,-- die nog rentedragend is, vindt plaats op 1 januari 2Q010, zodat - dus 8 storting(en) hebben plaatsgevonden die rentedragend zijn, en waarvoor geldt: K(8) = T x s(8\7) = 8.000 x 10,9780 = 87.824, waarbij s(8\7) = S(8\7) + S(7\7) + S(6\7) + S(5\7) + S(4\7) + S(3\7) + S(2\7) + S(1\7) ( hebben we later nog nodig ) - de laatste storting van Euro 8.000,-- die niet meer rentedragend is, vindt plaats op 1 januari 2011, zodat - eenmalig een bedrag van Euro 8.000,-- moet worden bijgeteld, zodat 87.824 + 8.000 = 95.824 = [2] - Het tussentijdse totaalkapitaal bedraagt [1] + [2] = 73.540 + 95.824 = 169.364 = [3} - op 1 januari 2006 en op 1 januari 2007 vinden geen storting(en) plaats. zodat - het kapitaal dat door deze 2 eenmalige storting(en) zou zijn gevormd, moet worden afgetrokken van het tussentotaalkapitaal [3] , waarbij - de storting op 1 januari 2006 een looptijd zou hebben gehad van 5 jaar en die van 1 januari 2007 een looptijd van 4 jaar, zodat S(5\7)R en S(4\7) op het totaal in mindering moeten worden gebracht K(5) = T x S(5\7) = 8.000 x 1.4026 = 11.221 en K(4) = T x S(4\7) = 8.000 x 1,3108 = 10.486 , zodat - een totaal eindkapitaal is gevormd ter groote van: 169.364 - 11.221 - 10.486 = 147.657 Euro - Kan ook worden uitgerekend middels: 40.000 x S(9\7) + 8.000 x s(3\7) + [ 8.000 x s(3\7) ] x S(5\7) + 8.000 x s(3\7) + 8.000 Het meest juiste antwoord is dus AyCasus behorende bij vraag 24 Iemand stort op 1 januari 2002 Eur 40.000,-- in een effectendepot. Daarna wordt er jaarlijks Euro 8.000,-- bijgestort. De eerste bijstorting is op 1 januari 2003, de laatste op 1 januari 2011. Door omstandigheden is er geen storting op 1 januari 2006 en op 1 januari 2007. Het verwachte rendement bedraagt 7 % op jaarbasis. S(n\7) 7,0 % S(n\p) 7,0 % ---------- ------------- ---------- -------------- 3 3,4399 3 1,2250 4 4,7507 4 1,31S08 5 6,1533 5 1,4026 6 7,6540 6 1,5007 7 9,2598 7 1,6058 8 10,9786 8 1,7182 9 12,8164 9 1,8385 10 14,1836 10 1,9672 11 16,8885 11 2,1049 12 19,1406 12 2,2522 13 21,5505 13 2,4098 ---------- ------------- ---------- -------------- Wat is de verwachte waarde van het effectendepot op 1 januari 2011 direct na de storting van die dag ( afgerond op Euro 10,-- nauwkeurig ) ? a Euro 147.660,-- b Euro 150.360,-- c Euro 150.800,-- - In de casus is sprake van een een verwacht eindkapitaal in combinatie een eenmalige_storting en periodieke_storting(en) - daarom zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - de eenmalige storting van Euro 40.000,-- op 1 januari 2002 heeft een looptijd ( rente_op_rente ) van 9 jaar, waarbij - een eindkapitaal K(n) van een eenmaligTe storting(en) K(0) na n jaar bedraagt: K(n) = K(0) x S(n\p), zodat K(9) = 40.000 x S(9\7) = 40.000 x 1,8385 = 73.540 = [1] - het eindkapitaal K(n) na een aantal ( = n ) jaarlijkse storting(en) van de jaarlijkse termijn T bedraagt: K(n) = T x s(n\p), waarbij - we eerst doen alsof alle storting(en) daadwerkelijk hebben plaatsgevonden - de eerste storting van Euro 8.000,-- vindt plaats op 1 januari 2003, en de laatste storting van Euro 8.000,-- die nog rentedragend is, vindt plaats op 1 januari 2010, zodat - dus 8 storting(en) hebben plaatsgevonden die rentedragend zijn, en waarvoor geldt: K(8) = T x s(8\7) = 8.000 x 10,9780 = 87.824, waarbij s(8\7) = S(8\7) + S(7\7) + S(6\7) + S(5\7) + S(4\7) + S(3\7) + S(2\7) + S(1\7) ( hebben we later nog nodig ) - de laatste storting van Euro 8.000,-- die niet meer rentedragend is, vindt plaats op 1 januari 2011, zodat - eenmalig een bedrag van Euro 8.000,-- moet worden bijgeteld, zodat 87.824 + 8.000 = 95.824 = [2] - Het tussentijdse totaalkapitaal bedraagt [1] + [2] = 73.540 + 95.824 = 169.364 = [3} - op 1 januari 2006 en op 1 januari 2007 vinden geen storting(en) plaats. zodat - het kapitaal dat door deze 2 eenmalige storting(en) zou zijn gevormd, moet worden afgetrokken van het tussentotaalkapitaal [3] , waarbij - de storting op 1 januari 2006 een looptijd zou hebben gehad van 5 jaar en die van 1 januari 2007 een looptijd van 4 jaar, zodat S(5\7) en S(4\7) op het totaal in mindering moeten worden gebracht K(5) = T x S(5\7) = 8.000 x 1.4026 = 11.221 en K(4) = T x S(4\7) = 8.000 x 1,3108 = 10.486 , zodat - een totaal eindkapitaal is gevormd ter grootte van: 169.364 - 11.221 - 10.486 = 147.657 Euro - Kan ook worden uitgerekend middels: 40.000 x S(9\7) + 8.000 x s(3\7) + [ 8.000 x s(3\7) ] x S(5\7) + 8.000 x s(3\7) + 8.000 Het meest juiste antwoord is dus A-3350 ++66?---' E  - Examen BA / BE 2004 - IVraag24Vraag24AIemand stort op 1 januari 2002 Eur 40.000,-- in een effectendepot. Daarna wordt er jaarlijks Euro 8.000,-- bijgestort. De eerste bijstorting is op 1 januari 2003, de laatste op 1 januari 2011. Door omstandigheden is er geen storting op 1 januari 2006 en op 1 januari 2007. Het verwachte rendement bedraagt 7 % op jaarbasis. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Wat is de verwachte waarde van het effectendepot op 1 januari 2011 direct na de storting van die dag ( afgerond op Euro 10,-- nauwkeurig ) ?Euro 147.660,-- Euro 150.360,-- Euro 150.800,-- Voor eeO .Tz8^Bh$?- Examen BA / BE 2004 - IExamen%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag01%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag02%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag03%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag04%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag05%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag06%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag07%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag08 %?- Examen BA / BE 2004 - IVraag09 %?- Examen BA / BE 2004 - IVraag10 %?- Examen BA / BE 2004 - IVraag11 %?- Examen BA / BE 2004 - IVraag12 %?- Examen BA / BE 2004 - IVraag13%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag14%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag15%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag16%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag17%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag18%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag19%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag20%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag21%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag22 .Tz8^Bh%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag24%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag25%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag26%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag27%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag28%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag29%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag30%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag31 %?- Examen BA / BE 2004 - IVraag32!%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag33"%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag34#%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag35$%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag36%%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag37&%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag38'%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag39(%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag40)%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag41*%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag42+%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag43,%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag44-%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag45.%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag46/Yndkapitaal bij de garantpolis ( afgerond op n decimaal ) ? 4,2% 8,9% 12,5% - In de casus is sprake van een verwacht eindkapitaal in combinatie een eenmalige_storting en samengestelde_interest - daarom zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - het eindkapitaal K(n) bij een eenmalige storting na n jaar en samengestelde interest is: K(n) = K(o) x S(n\p) - m.b.t. de Garantpolis kan worden berekend K(10Garant) = K(o) x S(10\3,75) = K(o) x 1,4450 - m.b.t. de Effectenpolis kan worden berekend K(10Effecten) = K(o) x S(10\7) = K(o) x 1,9672 = , waarbij - de correctie wegens eenmalige 20 % rendementsreductie is: ( K(10Effecten) / 1.07 ) x ( 1.07 x 0.8 ) ) = 0,8 x K(10Effecten) = 0,8 x K(o) x 1,9672 = 1.5738 x K(o) - nu is K(10Effecten) / K(10Garant) = ( 1.5738 x K(o) ) / ( K(o) x 1,4450 ) = 1,0891 = 8,91 % hoger Het meest juiste antwoord is dus ByCasus behorende bij vraag 25 Een makelaar o.z. wil zijn pensioen aanvullen. Hij doet hiervoor een eenmalige_storting. Hij kan hiervoor kiezen uit: - de Garantpolis met een gegarandeerd rendement van 3,75% per jaar; - de Effectenpolis. Bij de Effectenpolis is er geen rendementsgarantie. De makelaar gaat uit van een historisch rendementspercentage van 7% met een eenmalige neerwaartse koerscorrectie van 20% halverwege de looptijd. De looptijd is 10 jaar. Hij vergelijkt op basis van deze gegevens de eindkapitalen. Bij zijn berekeningen gaat hij uit van samengestelde interest. S(n\p) 3,75 % S(n\p) 7,00 % -------- ----------- --------- ------------ 5 1,2021 8 1,4026 10 1,4450 10 1,9672 -------- ----------- --------- ------------ Hoeveel procent is het eindkapitaal bij de effectenpolis ondanks de koerscorrectie hoger dan het eindkapitaal bij de garantpolis ( afgerond op n decimaal ) ? a 4,2% b 8,9% c 12,5% -3350 \t\ 6?co 9    - Examen BA / BE 2004 - IVraag27Vraag27BOm investeringen te selecteren zijn er enkele selectiecriteria ontwikkeld zoals de boekhoudkundige rentabiliteit, de netto_contante_waarde en de terugverdientijd. Een onderneming ^v6?G+++e E  - Examen BA / BE 2004 - IVraag26Vraag26ADe heer Van Ack kan op 1 januari 201[t6?E+ 7  - Examen BA / BE 2004 - IVraag25Vraag25BEen makelaar o.z. wil zijn pensioen aanvullen. Hij doet hiervoor een eenmalige_storting. Hij kan hiervoor kiezen uit: - de Garantpolis met een gegarandeerd rendement van 3,75% per jaar; - de Effectenpolis. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Hoeveel procent is het eindkapitaal bij de effectenpolis ondanks de koerscorrectie hoger dan het eiX\3 met pensioen gaan. Op 1 januari 2008 wil hij echter met vervroegd pensioen. In het verleden zijn enkele lijfrentepolis(sen) afgesloten, waarbij de volgende bedrag(en) vrijkomen: - op 1 januari 2003 Euro 80.000,--; - op 1 januari 2004 Euro 60,000,--. Welk bedrag krijgt hij maximaal ieder jaar netto uitgekeerd van 1 januari 2008 tot en met 1januari 2012 ( afgerond op Euro 10,-- nauwkeurig ) ? Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "Euro 21.040,-- Euro 21.780,-- Euro 25.860,-- - In de casus is sprake van lijfrentepolis(sen) in combinatie met uitkering(en) - daarom zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - de uitkering(en) van 1 januari 2003 Euro 80.000,-- ( = [1] ) en 1 januari 2004 Euro 60,000,--. ( = [2] ) worden als eenmalige_storting(en) per die ingangsdata belegd tot 1 januari 2008, waarbij - de bijbehorende eindkapitalen K(n) kunnen worden berekend middels: K(n) = K(o) x S(n\p) , zodat ] - K(n) van [1] = K(o) x S(n\p) = 80.000 x S(5\3,5) = 80.000 x 1,1877 = 95.016 - K(n) van [2] = K(o) x S(n\p) = 60.000 x S(4\3,5) = 60.000 x 1,1475 = 68.850 - de som van de eindkapitalen = 163.866 dient als beginkapitaal voor de periodieke_uitkering(en) in de periode 2008 - 2013, waarbij - dit een zogenoemde prenumerando_rente betreft over een periode van 4 jaar, zodat Cw = T x [ a(n-1\p) + 1 ] = 163.866 = T x [ a(4\3,5) + 1 ] = T x [ 3,6731 + 1 ] = T x 4,6731 = 163.866 ==>> ==>> T = 163.866 / 4,6731 = 35.065 - 40 % belasting inhouden, dan uitkering = 0,60 x 35.065 = 21.039 Het meest juiste antwoord is dus AyCasus behorende bij vraag 26 De heer Van Ack kan op 1 januari 2013 met pensioen gaan. Op 1 januari 2008 wil hij echter met vervroegd pensioen. In het verleden zijn enkele lijfrentepolis(sen) afgesloten, waarbij de volgende bedrag(en) vrijkomen: - op 1 januari 2003 Euro 80.000,--; - op 1 januari 2004 Euro 60,000,--. Hiervoor wil hij een jaarlijkse uitkering kopen om de periode tot zijn pensioen te overbruggen. Tot de ingangsdatum van zijn vervroegd pensioen vergoedt de levensverzekeringsmaatschappij 3,5 % rente per jaar op basis van samengestelde interest over de vrijgekomen bedrag(en). Op de jaarlijkse uitkering wordt 40% inkomstenbelasting als voorheffing ingehouden. De uitkering moet ingaan op 1 januari 2008 en elk jaar een gelijk bedrag zijn. S(n\p) 3,5 % a(n\p) 3,5 % ---------- ----------- ----------- ------------- 3 1,1087 4 3,6731 4 1,1475 5 4,5151 5 1,1877 6 5,3286 ---------- ----------- ----------- ------------- Welk bedrag krijgt hij maximaal ieder jaar netto uitgekeerd van 1 januari 2008 tot en met 1januari 2012 ( afgerond op Euro 10,-- nauwkeurig ) ? a Euro 21.040,-- b Euro 21.780,-- c Euro 25.860,-- -3350wil haar investering(en) selecteren op basis van looptijd van de investering en het rendement van de investering zonder direct rekening te houden met een gewenst rendementspercentage. De netto_contante_waarde en de terugverdientijd. De terugverdientijd en de boekhoudkundige rentabiliteit. De boekhoudkundige rentabiliteit en de netto_contante_waarde. - In de casus is sprake van investeringselectie in combinatie met boekhoudkundige rentabiliteit, netto_contante_waarde en terugverdientijd - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - als bij een investering wel rekening wordt gehouden met een gewenst rendementspercentage dan is daarbij sprake van de berekening van een contante_waarde tegen een bepaalde rentevoet, maar - het gaat hierom een investeringselectiemethode waarbij GEEN direct rekening wordt houden met een gewenst rendementspercentage, en waarbij - de netto_contante_waarde dus GEEN rol speelt. Het meest juiste antwoord is dus By-3350`te kunnen realiseren. De overige gegevens luiden als volgt: Wat is het directe gevolg van deze uitbreiding voor de solvabiliteit van Expan NV ? Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "De solvabiliteit neemt af. De solvabiliteit neemt toe. De solvabiliteit blijft gelijk. - In de casus is sprake van investering in combinatie met emissie van aandelen en solvabiliteit - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur eigen_vermogen Solvabiliteit = ----------------------------------- totale_vermogen - bij een emissie van aandelen / aandelenemissie neemt het eigen_vermogen van een N.V. toe, zodat - daarmee de solvabiliteit toeneemt Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus hoort bij de vragen 28 tot en met 30. Onderneming Expan NV gaat voor Euro 4.000.000,-- in duurzame productiemiddel(en) investeren om een nieuw project te kunnen realiseren. De overige gegevens luiden als volgt: - het project heeft een looptijd van 5 jaar; - jaarlijks wordt een omzet verwacht van Euro 10.000.000,--; - de variabele_kosten bedragen steeds 60 % van de omzet; - de te betalen constante_kosten zijn jaarlijks Euro 2.400.000,--; - de afschrijving op de duurzame productiemiddel(en) vindt lineair plaats tot een restwaarde na 5 jaar is bereikt van Euro 250.000,-- - de totale_investering wordt gefinancierd met nieuw te plaatsen aandelen; - de belasting over de winst is 30%; - alle ontvangst(en) en uitgaven vinden contant en gelijkmatig over het jaar verdeeld plaats; - naast het eigen_vermogen maakt Expan NV ook gebruik van vreemd_vermogen. Wat is het directe gevolg van deze uitbreiding voor de solvabiliteit van Expan NV ? a De solvabiliteit neemt af. b De solvabiliteit neemt toe. c De solvabiliteit blijft gelijk. -3350 C6?7111%   - Examen BA / BE 2004 - IVraag29Vraag29COnderstaande casus hoort bij de vragen 28 tot en met 30. Onderneming Expan NV gaat voor Euro 4.000.000,-- in duurzame productiemiddel(en) investeren om een nieuw project te kunnen realiseren. De overige gegevens luiden als volgt: Hoe hoog is de cashflow van het nieuwe project in het eerste jaar ? Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "Euro 1.000.000,-- Euro 1.120.000,-- Euro 1.345.000,-- - In de casus is sprake van investering in combinatie met cashflow - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - de cashflow van een rb6?[CEM_   - Examen BA / BE 2004 - IVraag28Vraag28BOnderstaande casus hoort bij de vragen 28 tot en met 30. Onderneming Expan NV gaat voor Euro 4.000.000,-- in duurzame productiemiddel(en) investeren om een nieuw project _cechtspersoon kan zijn: vr of na belasting, maar - hier is de belasting gegeven ( 30 % ) dus dan meenemen in de berekening, zodat cashflow_rechtspersoon = afschrijving(en) + winst_na_belasting winst_na_belasting = winst_voor_belasting - belasting winst_voor_belasting = omzet - variabele_kosten - constante_kosten - afschrijving = 10.000.000 - 600.000 - 2.400.000 - [ ( 4.000.000 - 250.000 ) / 5 ] = 10.000.000 - 600.000 - 2.400.000 - 750.000 = 850.000 belasting = 850.000 x 0,30 = 255.000 ==>> winst_na_belasting = 850.000 - 255.000 = 595.000 cashflow_rechtspersoon = afschrijving(en) + winst_na_belasting = 750.000 + 595.000 = 1.345.000 Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus hoort bij de vragen 28 tot en met 30. Onderneming Expan NV gaat voor Euro 4.000.000,-- in duurzame productiemiddel(en) investeren om een nieuw project te kunnen realiseren. De overige gegevens luiden als volgt: - het project heeft een looptijd van 5 jaar; - jaarlijks wordt een omzet verwacht van Euro 10.000.000,--; - de variabele_kosten bedragen steeds 60 % van de omzet; - de te betalen constante_kosten zijn jaarlijks Euro 2.400.000,--; - de afschrijving op de duurzame productiemiddel(en) vindt lineair plaats tot een restwaarde na 5 jaar is bereikt van Euro 250.000,-- - de totale_investering wordt gefinancierd met nieuw te plaatsen aandelen; - de belasting over de winst is 30%; - alle ontvangst(en) en uitgaven vinden contant en gelijkmatig over het jaar verdeeld plaats; - naast het eigen_vermogen maakt Expan NV ook gebruik van vreemd_vermogen. Hoe hoog is de cashflow van het nieuwe project in het eerste jaar ? a Euro 1.000.000,-- b Euro 1.120.000,-- c Euro 1.345.000,-- -3350eper jaar in plaats van het eerder berekende bedrag. Hoe groot is, uitgaande van deze nieuwe raming, de terugverdientijd van dit project ? Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Einde casus.5 maanden 3 jaar en 4 maanden 4 jaar - In de casus is sprake van investering in combinatie met cashflow en terugverdientijd - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - de terugverdientijd is de tijdsduur die een onderneming nodig heeft om het genvesteerd_kapitaal bij een investeringsproject via - de cashflow bedraagt Euro 1.200.000 per jaar - de investering bedroeg Euro 4.000.000,-- terugverdientijd = 4.000.000,-- / 1.200.000 = 3,333 = 3 1/3 jaar = 3 jaar en 4 maanden Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus hoort bij de vragen 28 tot en met 30. Onderneming Expan NV gaat voor Euro 4.000.000,-- in duurzame productiemiddel(en) investeren om een nieuw project te kunnen realiseren. De overige gegevens luiden als volgt: - het project heeft een looptijd van 5 jaar; - jaarlijks wordt een omzet verwacht van Euro 10.000.000,--; - de variabele_kosten bedragen steeds 60 % van de omzet; - de te betalen constante_kosten zijn jaarlijks Euro 2.400.000,--; - de afschrijving op de duurzame productiemiddel(en) vindt lineair plaats tot een restwaarde na 5 jaar is bereikt van Euro 250.000,-- - de totale_investering wordt gefinancierd met nieuw te plaatsen aandelen; - de belasting over de winst is 30%; - alle ontvangst(en) en uitgaven vinden contant en gelijkmatig over het jaar verdeeld plaats; - naast het eigen_vermogen maakt Expan NV ook gebruik van vreemd_vermogen. Door gewijzigde marktomstandigheden worden de toekomstige cashflow(s) van dit project geraamd op Euro 1.200.000,-- per jaar in plaats van het eerder berekende bedrag. Hoe groot is, uitgaande van deze nieuwe raming, de terugverdientijd van dit project ? a 5 maanden b 3 jaar en 4 maanden c 4 jaar Einde casus.-3350 ;}n!6?ekqw %  - Examen BA / BE 2004 - IVraag32Vraag32BOnderstaah3 5?%++)=    - Examen BA / BE 2004 - IVraag31Vraag31AMakelaar o.z. Lammers koopt begin 2003 een nieuwe bedrijfsauto voor Euro 42.840,-- ( inclusief 19 % BTW ). Zijn accountant adviseert hem voor de afschrijvingskosten het systeem van afschrijven met een vast percentage van de boekwaarde toe te passen. Hoe hoog is het bedrag van de afschrijvingskosten voor het jaar 2005, als het advies wordt opgeg66?G#7)    - Examen BA / BE 2004 - IVraag30Vraag30BOnderstaande casus hoort bij de vragen 28 tot en met 30. Onderneming Expan NV gaat voor Euro 4.000.000,-- in duurzame productiemiddel(en) investeren om een nieuw project te kunnen realiseren. De overige gegevens luiden als volgt: Door gewijzigde marktomstandigheden worden de toekomstige cashflow(s) van dit project geraamd op Euro 1.200.000,-- dvolgd en gekozen wordt voor een jaarlijks afschrijvingspercentage van 25 ( afgerond op gehele euros nauwkeurig ).Euro 5.063,-- Euro 6.024,-- Euro 6.750,-- - In de casus is sprake van investering in combinatie met afschrijving - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - de afschrijving bedraagt 25 % van de boekwaarde, d.w.z. - de afschrijving elk jaar minder wordt, omdat elk jaar de boekwaarde lager wordt - de afschrijving geschiedt over waarde van de auto zonder BTW ( van die kan worden teruggevorderd van de fiscus ) - de nieuwwaarde van de auto zonder BTW bedroeg in 2003: ( 42.840 / 119 ) x 100 = 36.000 - de afschrijving in 2003 bedroeg 0,25 x 36.000 = 9.000, zodat - de boekwaarde in 2004 een bedrag van 36.000 - 9.000 = 27.000 Euro bedraagt - de boekwaarde van de auto in 2005 bedraagt na 2 jaar afschrijving: 36.000 x 0,75 x 0,75 = 20.250 - de afschrijving in 2005 bedraagt dan 0,25 x 20.250 = 5.062,50 Euro Het meest juiste antwoord is dus Ay-3350inde casus boort hij de opgaven 32 tot en met 34. Makelaardij o.z. Lingestroom BV ruilt op 1 april 2003 een auto in. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " De ingeruilde auto is op 1 september 2000 voor Euro 53.200,-- ( exclusief BTW ) gekocht. De auto werd in 4 jaar met gelijke maandelijkse bedrag(en) afgeschreven tot een restwaarde van Euro 10.000,--. Volgens welk afschrijvingssysteem werd de ingeruilde auto afgeschreven ?Met een vast percentage van de boekwaarde. Met een vast percentage van de aanschafprijs. Met een afnemend percentage van de aanschafprijs. - In de casus is sprake van investering in combinatie met afschrijving - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - de afschrijving is geschied middels gelijke maandelijkse bedrag(en), dus - met een vast percentage van de aanschafprijs. Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus boort hij de opgaven 32 tot en met 34. Makelaardij o.z. Lingestroom BV ruilt op 1 april 2003 een auto in. De rekening van de garage luidt als volgt: Aankoop nieuwe auto Euro 65.800,-- Af: inruil oude auto - 28.300,-- ------------------------ 37.500,-- BTW 19% - 7.125,-- ------------------------ Te voldoen Euro 44.625,-- De ingeruilde auto is op 1 september 2000 voor Euro 53.200,-- ( exclusief BTW ) gekocht. De auto werd in 4 jaar met gelijke maandelijkse bedrag(en) afgeschreven tot een restwaarde van Euro 10.000,--. Volgens welk afschrijvingssysteem werd de ingeruilde auto afgeschreven ? a Met een vast percentage van de boekwaarde. b Met een vast percentage van de aanschafprijs. c Met een afnemend percentage van de aanschafprijs. -3350k Euro 7.125,-- te betalen aan de belastingdienst. Euro 44.625,-- te betalen aan de garage en Euro 7.125,-- te betalen aan de belastingdienst. Euro 44.625,-- te betalen aan de garage en Euro 7.125,-- te vorderen van de belastingdienst.- In de casus is sprake van investering in combinatie met afschrijving - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - aan de garage moet door Makelaardij o.z. Lingestroom BV het bedrag inclusief BTW ( = Euro 44.625,-- ) worden betaald, want - de garage doet over de haar geleverde goederen de BTW-aangifte en draagt de gende BTW ( = Euro 7.125,-- ) af aan de fiscus, waarbij - de koper ( = Lingestroom BV ) de betaalde BTW ( = Euro 7.125,-- ) weer in vorfatrek kan brengen ( = van de fiscus kan terugvorderen ) Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus boort hij de opgaven 32 tot en met 34. Makelaardij o.z. Lingestroom BV ruilt op 1 april 2003 een auto in. De rekening van de garage luidt als volgt: Aankoop nieuwe auto Euro 65.800,-- Af: inruil oude auto - 28.300,-- ------------------------ 37.500,-- BTW 19% - 7.125,-- ------------------------ Te voldoen Euro 44.625,-- De ingeruilde auto is op 1 september 2000 voor Euro 53.200,-- ( exclusief BTW ) gekocht. De auto werd in 4 jaar met gelijke maandelijkse bedrag(en) afgeschreven tot een restwaarde van Euro 10.000,--. Op de factuur van de garage is de BTW afzonderlijk vermeld. Wat is onder andere het gevolg van de verwerking van deze factuur bij de makelaardij ? a Euro 37.500,-- te betalen aan de garage en Euro 7.125,-- te betalen aan de belastingdienst. b Euro 44.625,-- te betalen aan de garage en Euro 7.125,-- te betalen aan de belastingdienst. c Euro 44625,-- te betalen aan de garage en Euro 7.125,-- te vorderen van de belastingdienst.-3350 ^^<$5? /7=G    - Examen BA / BE 2004 - IVraag35Vraag35BOnderstaano#6?_MQQ% A  - Examen BA / BE 2004 - IVraag34Vraag34AOnderstaande casus boort hij de opgaven 32 tot en met 34. Makelaardij o.z. Lingestroom B.V. ruilt op 1 april 2003 een auto in. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rodem"9?EEGa G  - Examen BA / BE 2004 - IVraag33Vraag33COnderstaande casus boort hij de opgaven 32 tot en met 34. Makelaardij o.z. Lingestroom BV ruilt op 1 april 2003 een auto in. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Op de factuur van de garage is de BTW afzonderlijk vermeld. Wat is onder andere het gevolg van de verwerking van deze factuur bij de makelaardij ?Euro 37.500,-- te betalen aan de garage enjn knop " Toon volledige casus / vraag " Bij inruil kunnen boekwinst(en) en / of boekverliezen ontstaan. Hoe groot is het resultaat van deze inruil ? Einde casus.Een boekwinst van Euro 3.000,-- Een boekverlies van Euro 3.037,-- Een boekverlies van Euro 3.937,-- - In de casus is sprake van investering in combinatie met afschrijving - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur - de maandelijkse afschrijving op de ingeruilde auto bedroeg ( 53.200,-- - 10.000 -- ) / 48 maanden = 43.200 / 48 = 900 per maand - de periode tussen aankoop ( = 1 september 2000 ) en inruil ( = 1 april 2003 ) bedraagt: 4 maanden ( jaar 2000 ) + 24 maanden ( jaren 2001 en 2002 ) + 3 maanden ( jaar 2003 ) = 31 maanden - de afschrijving bedraagt over die periode 31 x 900 = 27.900 , zodat - de boekwaarde op 1 april 203 nog is: 53.200 - 27.900 = 25.300 - de auto is ingerld voor 28.300, zodat - een boekwinst van 28.300 - 25.300 = 3.000 Euro is gerealiseerd Het meest juiste antwoord is dus AyOnderstaande casus boort hij de opgaven 32 tot en met 34. Makelaardij o.z. Lingestroom B.V. ruilt op 1 april 2003 een auto in. De rekening van de garage luidt als volgt: Aankoop nieuwe auto Euro 65.800,-- Af: inruil oude auto - 28.300,-- ------------------------ 37.500,-- BTW 19% - 7.125,-- ------------------------ Te voldoen Euro 44.625,-- De ingeruilde auto is op 1 september 2000 voor Euro 53.200,-- ( exclusief BTW ) gekocht. De auto werd in 4 jaar met gelijke maandelijkse bedrag(en) afgeschreven tot een restwaarde van Euro 10.000,--. Bij inruil kunnen boekwinst(en) en / of boekverliezen ontstaan. Hoe groot is het resultaat van deze inruil ? a Een boekwinst van Euro 3.000,-- b Een boekverlies van Euro 3.037,-- c Een boekverlies van Euro 3.937,-- Einde casus. -3350de casus hoort bij de vragen 35 tot en met 37. Na jaren in loondienst te hebben gewerkt besluit Kees van Drunen een eigen makelaarskantoor te beginnen. Om de kredietwaardigheid van zijn onderneming te kunnen laten beoordelen levert hij een ondernemingsplan in bij de bank. Voordat de bank tot financiering overgaat, krijgt Kees de opdracht om de solvabiliteit en de veiligheidsmarge te verhogen. In het ondernemingsplan heeft Kees o.a. een opstelling van de benodigde aan te schaffen kapitaalgoederen gemaakt. Hoe wordt een dergelijke opstelling genoemd ?Het kostenbudget Het investeringsplan De exploitatiebegroting - In de casus is sprake van investering in combinatie met een plan / begroting - daarom zoeken in de theorie bij: vermogensbehoefte en vermogensbegroting - een dergelijke opstelling m.b.t. de benodigde aan te schaffen kapitaalgoederen wordt een investeringsplan / investeringsbegroting genoemd Het meest juiste antwoord is dus By-3350 jaren in loondienst te hebben gewerkt besluit Kees van Drunen een eigen makelaarskantoor te beginnen. Om de kredietwaardigheid van zijn onderneming te kunnen laten beoordelen levert hij een ondernemingsplan in bij de bank. Voordat de bank tot financiering overgaat, krijgt Kees de opdracht om de solvabiliteit en de veiligheidsmarge te verhogen. Op welke wijze kan nog voor de start van de onderneming het weerstandsvermogen worden verbeterd ?Het kostenbudget verkleinen. Extra eigen_vermogen in de onderneming inbrengen. Kort_vreemd_vermogen omzetten in lang_vreemd_vermogen. - In de casus is sprake van investering in combinatie met een plan / begroting en weerstandsvermogen - daarom zoeken in de theorie bij: vermogensbehoefte en vermogensbegroting - het weerstandsvermogen kan worden verbeterd middels een vergroting van het eigen_vermogen, waardoor de afhankelijkheid van het vreemd_vermogen, van eventuele financile tegenslag(en), etc., afneemt Het meest juiste antwoord is dus By-3350 -]$-l'5?e111[    - Examen BA / BE 2004 - IVraag38Vraag38CEen startende ondernemer begroot de exploitatiekosten ( constante_kosten ) van het eerste jaar op Euro 600.000,--. De te realiseren bruto_winstmargs.&5?Wgks;    - Examen BA / BE 2004 - IVraag37Vraag37AOnderstaande casus hoort bij de vragen 35 tot en met 37. Na jaren in loondienst te hebben gewerkt besluit Kees van Drunen een eigen makelaarskantoor te beginnen. Om de kredietwaardigheid van zijn onderneming tr%5? Gq{m    - Examen BA / BE 2004 - IVraag36Vraag36BOnderstaande casus hoort bij de vragen 35 tot en met 37. Nape kunnen laten beoordelen levert hij een ondernemingsplan in bij de bank. Voordat de bank tot financiering overgaat, krijgt Kees de opdracht om de solvabiliteit en de veiligheidsmarge te verhogen. Op welke wijze kan de veiligheidsmarge worden vergroot ? Einde casus.Door het verkleinen van de break_even_omzet. Door het vergroten van het netto werkkapitaal. Door het vergroten van het constante-kostenbudget. - In de casus is sprake van investering in combinatie met een plan / begroting en veiligheidsmarge - daarom zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - de veiligheidsmarge is het verschil tussen de geprognotiseerde_omzet / afzet en de break_even_omzet / afzet - kan worden vergroot middels het vergroten van het opslagpercentage op de break_even_omzet / afzet, waardoor - de geprognotiseerde_omzet / afzet toeneemt - kan ook worden bereikt door de break_even_omzet / afzet te verkleinen t.o.v. de geprognotiseerde_omzet Het meest juiste antwoord is dus Ay-3350e is 40 % van de omzet. Het begrote netto_resultaat / netto_winst van het eerste jaar is 10 % van de omzet. Bereken de begrote omzet van het eerste jaar.Euro 1.200.000,-- Euro 1.500.000,-- Euro 2.000.000,-- - In de casus is sprake van exploitatiekosten in combinatie met begrote omzet / begroting - daarom zoeken in de theorie bij: vermogensbehoefte en vermogensvorm(en) - de bruto_winst = netto_omzet - inkoopwaarde_van_de_omzet, waarbij - de netto_omzet is de omzet exclusief de BTW - de netto_winst = alle opbrengst(en) - alle kosten = omzet - exploitatiekosten, waarbij - in deze vraag: exploitatiekosten = constante_kosten is gesteld - dus: netto_winst = 0,1 x omzet bruto_winst = 0,4 x omzet netto_winst = bruto_winst - 600.000 0,1 x omzet = 0,4 x omzet - 600.000 ==>> 0,3 x omzet = 600.000 ==>> omzet = 600.000 / 0,3 ==>> omzet = 2.000.000 Het meest juiste antwoord is dus Cy-3350break_even_omzet - daarom zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - de break_even_omzet is de omzetgrootte ( in geld ) van een onderneming waarbij geen winst of verlies wordt gemaakt ( = break_even_point ) - de omzet en de kosten ( totale_bedrijfskosten, exploitatiekosten ) zijn dan gelijk aan elkaar, dus: omzet = exploitatiekosten - de exploitatiekosten van het eerste jaar bedragen Euro 1.560.000 , waarbij - de constante_kosten bedragen 0,7 x 1.560.000 = 1.092.000 - de variabele_kosten bedragen 0,3 x 1.560.000 = 468.000 zijnde 8 % van de omzet, zodat - de omzet = 486.000 / 0.08 = 5.850.000 - bij break_even_omzet geldt: bruto_winst = break_even_omzet - inkoopwaarde_van_de_break_even_omzet bruto_winst = 32 % van de break_even_omzet = exploitatiekosten, dus break_even_omzet = exploitatiekosten / 0,32 = 1.560.000 / 0.32 = 4.875.000 Het meest juiste antwoord is dus By-3350 U(5?w11/    - Examen BA / BE 2004 - IVraag39Vraag39AEen startende ondernemer begroot zijn bruto_winstmarge in het eerste jaar op 32 % van de omzet. De verwachte exploitatiekosten van het eerste jaar bedragen Euro 1.560.000,--. Deze exploitatiekosten bestaan voor 70 % uit constante_kosten. De rest van deze kosten is variabel / variabele_kosten en bedraagt 8 % van de omzet. Wat is de break_even_omzet van het eerste jaar ?Euro 4.550.000,-- Euro 4.875.000,-- Euro 5.200.000,--- In de casus is sprake van exploitatiekosten in combinatie met begrote kosten en t ::w*8?}QQQs    - Examen BA / BE 2004 - IVraag41Vraag41BMakelaawU)5?}KIMG    - Examen BA / BE 2004 - IVraag40Vraag40BWelk van onderstaande boekingsfeit(en) heeft een creditering van de grootboekrekening " Te betalen BTW " tot gevolg ? De betaling door een debiteur. De verzending van een factuur.De ontvangst van een creditnota.- In de casus is sprake van boekingsfeit(en) in combinatie met grootboekrekening - daarom zoeken in de theorie bij: grootboek - als de grootboekrekening " Te betalen BTW " ( = een schuld aan de fiscus ) van een onderneming wordt gecrediteerd dan neemt die schuld van die onderneming aan de fiscus toe, en - dat geschiedt als een factuur wordt verstuurd, want - bij het verzenden van de factuur ontstaat de belastingplicht m.b.t. de BTW van de ondernemer aan de fiscus Het meest juiste antwoord is dus By-3350xr o.z. Faeseck stelt een exploitatiebegroting en een liquiditeitsbegroting op voor het tweede kwartaal van 2004. De verwachte courtageopbrengst in het tweede kwartaal bedraagt per maand: April Euro 20.000,-- Mei Euro 35.000,-- Juni Euro 30.000,-- De post Debiteuren met betrekking tot courtage bedraagt eind maart Euro 18.000,--. Met BTW hoeft geen rekening gehouden te worden. Eenvoudigheidshalve wordt rekening gehouden met een debiteurentermijn van n maand. Voor welke bedrag(en) wordt de courtage opgenomen in bovengenoemde begroting(en) ? In de exploitatiebegroting voor Euro 73.000,-- en in de liquiditeitsbegroting voor Euro 85,000,-- In de exploitatiebegroting voor Euro 85.000,-- en in de liquiditeitsbegroting voor Euro 73.000,-- In de exploitatiebegroting voor Euro 103.000,-- en in de liquiditeitsbegroting voor Euro 73.000,--- In de casus is sprake van exploitatiebegroting en liquiditeitsbegroting in combinatie met opbrengst(en en Debiteuren - daarom zoeken in de theorie bij: vermogensbehoefte en vermogensvorm(en) - exploitatiebegroting: - een overzicht van de, in een bepaalde periode, verwachte omzet / opbrengst en kosten / exploitatiekosten ( exclusief BTW ) - en waaruit de verwachte winst voor dat jaar volgt - een exploitatiebegroting heeft de vorm van een winst-_en_verliesrekening - de opbrengst(en) in het tweede kwartaal bedrag(en): 20.000 + 35.000 + 30.000 = 85.000 Euro - liquiditeitsbegroting: - een overzicht van de per periode ( maand / kwartaal / etc. ) te verwachten ontvangst(en)/ uitgave(n) ( inclusief BTW ) - om zodoende te zien of de ontvangst(en) voldoende zijn om de uitgave(n) in een bepaalde periode te kunnen betalen - de ontvangst(en) in het tweede kwartaal bedrag(en) met een debiteurentermijn van n maand: 18.000 + 20.000 + 35.000 = 73.000 Euro Het meest juiste antwoord is dus By-3350 57.000,-- Aan Crediteuren Euro 357.000,-- - In de casus is sprake van exploitatiebegroting en liquiditeitsbegroting in combinatie met opbrengst(en en Debiteuren - daarom zoeken in de theorie bij: vermogensbehoefte en vermogensvorm(en) - de factuur betreft een binnengekomen factuur ten bedrage van Euro 357.000,-- ( inclusief 19 % BTW ) - de hulprekening_eigen_vermogen " genaamd Onderhoudskosten " werd in de afgelopen 5 jaar periodiek zonder BTW gedebiteerd ( kosten ) t.b.v de grootboekrekening " Voorziening Onderhoud " ( eveneens excl. BTW ten bedrage van Euro 300.000,-- ) - bij het inboeken van een ontvangen factuur dienen de grootboekrekening(en) : - Crediteuren ( incl BTW ) te worden gecrediteerd ( schuld aan derde(n) neemt toe ) - Voorziening Onderhoud ( excl. BTW ) te worden gedebiteerd - Te_vorderen_BTW ( rekening_van_bezit ) te worden gedebiteerd met het bedrag van de aan de Crediteuren te betalen BTW Het meest juiste antwoord is dus Cy-3350 ++J+8?=    - Examen BA / BE 2004 - IVraag42Vraag42CEen bedrijfspand krijgt een grondige onderhoudsbeurt ten bedrage van Euro 357.000,-- ( inclusief 19 % BTW ). In verband daarmee is in de afgelopen 5 jaar een voorziening gevormd, die nu wordt gebruikt. Hoe luidt de journaalpost in verband met de factuur van de onderhoudsbeurt ? Onderhoudskosten Euro 357.000.-- Aan Voorziening Onderhoud Euro 300.000,-- Aan Te_vorderen_BTW - 57.000,-- Voorziening Onderhoud Euro 357.000,-- Aan Onderhoudskosten Euro 300.000,-- Aan Te_vorderen_BTW - 57.000.-- Voorziening Onderhoud Euro 300.000,-- Te_vorderen_BTW - yAan Bank Euro 2.000-- - In de casus is sprake van kosten en grootboekrekening in combinatie met hypotheekrente - daarom zoeken in de theorie bij: grootboek - maandelijks wordt door de onderneming Euro 2.000,-- hypotheekrente per bank betaald hetgeen - betekent dat de grootboekrekening / balanspost genaamd Bank met dat bedrag dient te worden gecrediteerd, want - die rekening_van_bezit wordt minder - de maandelijkse kosten worden op de HEV genaamd Exploitatierekening appartement(en) gedebiteerd Het meest juiste antwoord is dus C - Let op: de grootboekrekening Te_betalen_interest is een voorziening die periodiek m.b.t. de permanence kan worden gecrediteerd, en waarbij dan de HEV Exploitatierekening appartement(en) wordt gedebiteerd, zodat - antwoord B geen onzin bevat, maar dat feit wordt in deze vraag niet gevraagd - antwoord A is wel onzin, want kosten dienen op een betreffende HEV te worden gedebiteerd, en een voorziening gecrediteerdy-3350 ;,8?U79    - Examen BA / BE 2004 - IVraag43Vraag43COnderneming Werklust N.V. heeft voor de tijdelijke huisvesting voor personeelsleden enkele appartement(en) in eigendom. Voor de opbrengst(en) en de kosten in verband met deze appartement(en) heeft zij de grootboekrekening Exploitatierekening_appartement(en) in gebruik, Maandelijks wordt door de onderneming Euro 2.000,-- hypotheekrente per bank betaald. Welke journaalpost wordt door Werklust N.V. van de maandelijkse hypotheekrente gemaakt ?Te_betalen_interest Euro 2.000,-- Aan Exploitatierekening appartement(en) Euro 2.000-- Exploitatierekening appartement(en) Euro 2.000,-- Aan Te_betalen_interest Euro 2.000-- Exploitatierekening appartement(en) Euro 2,000-- {~van de woningverhuur. De telling van het standenregister met betrekking tot de huren van Het Paleiskwartier wordt maandelijks bijgehouden. Op 1juni wordt per bank op de hypothecaire_lening afgelost en achteraf rente betaald. Het betreft hier halfjaarlijkse betaling(en). Er wordt maandelijks afgeschreven op de woning(en). Het Paleiskwartier heeft een aantal grootboekrekening(en) in gebruik. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Hoeveel van bovenstaande grootboekrekening(en) zijn resultatenrekening(en) ? 345- In de casus is sprake van woningbouwvereniging en woningverhuur in combinatie met opbrngst(en), kosten en grootboekrekening - daarom zoeken in de theorie bij: grootboek en beheersadministratie woning(en) - de resultatenrekening wordt ook wel winst-_en_verliesrekening genoemd en - is de resultante / het saldo van alle Kosten-_en_opbrengstenrekeningen, zoals: - de bedrag(en) / saldi die voorkomen op de diverse hulprekening_eigen_vermogen, en - die dus de opbrengst(en) en de kosten betreffen - alles met " Te " er in is een balanspost - de kosten / opbrengst(en) betreffen dus de volgende grootboekrekening(en): 1. Brutohuren ( = bruto_huuropbrengst ) 2. Verlies door leegstand ( = leegstand ) 3. Afschrijvingskosten woning(en) 4. Interestkosten Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus hoort bij de vragen 44 tot en met 47 Woningbouwvereniging Het Paleiskwartier verhuurt een aantal woning(en) in het midden van het land. Aan het begin van elke maand int Het Paleiskwartier de huren. De boekhouding van deze woningbouwvereniging geeft aan het eind van elke maand inzicht in de resultaten van de woningverhuur. De telling van het standenregister met betrekking tot de huren van Het Paleiskwartier ziet er op 1 juni 2004 als volgt uit: Standenregister ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Datum Totaal maandhuren Verlies door leegstand ------------- -------------------------------- ------------------------------------- 1 juni 2004 Euro 82.500,-- Euro 4.200,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Op 1juni wordt per bank op de hypothecaire_lening afgelost en achteraf rente betaald. Het betreft hier halfjaarlijkse betaling(en). Er wordt maandelijks afgeschreven op de woning(en). Het Paleiskwartier heeft o.a. de volgende grootboekrekening(en) in gebruik: Bank Brutohuren Woning(en) Verlies door leegstand Afschrijving woning(en) 6 % Hypothecaire_lening Afschrijvingskosten woning(en) Te betalen hypotheekrente Te_innen_huren Interestkosten Hoeveel van bovenstaande grootboekrekening(en) zijn resultatenrekening(en) ? a 3 b 4 c 5 -3350 Xi.6?!#=Kw   - Examen BA / BE 2004 - IVraag45Vraag45BOnderstaande casus hoort bij de vragen 44 tot en met 47 Woningbouwvereniging Het Paleiskwartier verhuurt een aantal woning(en) in het midden van het land. Aan het begin van elke maand int Het Paleiskwartier de huren. De boekhouding van deze woningbouwvereniging geeft aan het e-6?a    - Examen BA / BE 2004 - IVraag44Vraag44BOnderstaande casus hoort bij de vragen 44 tot en met 47 Woningbouwvereniging Het Paleiskwartier verhuurt een aantal woning(en) in het midden van het land. Aan het begin van elke maand int Het Paleiskwartier de huren. De boekhouding van deze woningbouwvereniging geeft aan het eind van elke maand inzicht in de resultaten }ind van elke maand inzicht in de resultaten van de woningverhuur. De telling van het standenregister met betrekking tot de huren van Het Paleiskwartier wordt maandelijks bijgehouden. Op 1juni wordt per bank op de hypothecaire_lening afgelost en achteraf rente betaald. Het betreft hier halfjaarlijkse betaling(en). Er wordt maandelijks afgeschreven op de woning(en). Het Paleiskwartier heeft een aantal grootboekrekening(en) in gebruik. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Welke rekening wordt bij de maandelijkse afschrijving op de woningen gecrediteerd ?Woning(en) Afschrijving woning(en) Afschrijvingskosten woning(en) - In de casus is sprake van woningbouwvereniging en woningverhuur in combinatie met opbrngst(en), kosten en grootboekrekening - daarom zoeken in de theorie bij: grootboek en beheersadministratie woning(en) - kosten worden altijd op de HEV gedebiteerd, dus - de maandelijkse Afschrijvingskosten woning(en) worden maandelijkks gedeniteerd, en - dus valt C af - de balanspost Afschrijving woning(en) wordt ( als tegenrekening van de HEV Afschrijvingskosten woning(en ) gecrediteerd - de balanspost Woning(en) blijft ongewijzigd als er een balanspost Afschrijving woning(en) op de balans aanwezig is, dus - valt A af Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus hoort bij de vragen 44 tot en met 47 Woningbouwvereniging Het Paleiskwartier verhuurt een aantal woning(en) in het midden van het land. Aan het begin van elke maand int Het Paleiskwartier de huren. De boekhouding van deze woningbouwvereniging geeft aan het eind van elke maand inzicht in de resultaten van de woningverhuur. De telling van het standenregister met betrekking tot de huren van Het Paleiskwartier ziet er op 1 juni 2004 als volgt uit: Standenregister ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Datum Totaal maandhuren Verlies door leegstand ------------- -------------------------------- ------------------------------------- 1 juni 2004 Euro 82.500,-- Euro 4.200,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Op 1juni wordt per bank op de hypothecaire_lening afgelost en achteraf rente betaald. Het betreft hier halfjaarlijkse betaling(en). Er wordt maandelijks afgeschreven op de woning(en). Het Paleiskwartier heeft o.a. de volgende grootboekrekening(en) in gebruik: Bank Brutohuren Woning(en) Verlies door leegstand Afschrijving woning(en) 6 % Hypothecaire_lening Afschrijvingskosten woning(en) Te betalen hypotheekrente Te_innen_huren Interestkosten Welke rekening wordt bij de maandelijkse afschrijving op de woningen gecrediteerd ? a Woning(en) b Afschrijving woning(en) c Afschrijvingskosten woning(en) -3350denregister met betrekking tot de huren van Het Paleiskwartier wordt maandelijks bijgehouden. Op 1juni wordt per bank op de hypothecaire_lening afgelost en achteraf rente betaald. Het betreft hier halfjaarlijkse betaling(en). Er wordt maandelijks afgeschreven op de woning(en). Het Paleiskwartier heeft een aantal grootboekrekening(en) in gebruik. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Welke journaalpost wordt vanuit het standenregister voor de maand juni gemaakt ? Brutohuren Euro 78.300,-- Verlies door leegstand - 4.200,-- Aan Te_innen_huren Euro 82.500,-- Te_innen_huren Euro 82.500,-- Aan Verlies door leegstand Euro 4.200,-- Aan Brutohuren - 78.300,-- Te_innen_huren Euro 78.300,-- Verlies door leegstand - 4.200,-- Aan Brutohuren Euro 82.500,-- - In de casus is sprake van woningbouwvereniging en woningverhuur in combinatie met opbrengst, kosten en grootboekrekening - daarom zoeken in de theorie bij: grootboek en beheersadministratie woning(en) - Brutohuren is een HEV waarop maandelijks de maximaal te verwachten huuropbrengst(en) worden gecrediteerd, waarbij - die maximale brutohuuropbrengst in deze opgave maandelijks Euro 82.500,-- bedraagt, en waarbij - maandelijks de tegenrekening ( = een tussenrekening ) Te_innen_huren met die te verwachten huuropbrengst wordt gedebiteerd, tenzij reeds bekend is dat een deel van die huur niet zal worden gend ( bijv. door leegstand ), dan - wordt slechts een deel van de brutohuur op Te_innen_huur gedebiteerd en het niet inbare deel op een betreffende kostenpost / verliespost / HEV gedebiteerd - Steeds als per bank, etc., een huur wordt betaald / is gend, wordt de balanspost Bank gedebiteerd en de balanspost Te_innen_huren ( = nog te innen huren ) gecrediteerd Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus hoort bij de vragen 44 tot en met 47 Woningbouwvereniging Het Paleiskwartier verhuurt een aantal woning(en) in het midden van het land. Aan het begin van elke maand int Het Paleiskwartier de huren. De boekhouding van deze woningbouwvereniging geeft aan het eind van elke maand inzicht in de resultaten van de woningverhuur. De telling van het standenregister met betrekking tot de huren van Het Paleiskwartier ziet er op 1 juni 2004 als volgt uit: Standenregister ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Datum Totaal maandhuren Verlies door leegstand ------------- -------------------------------- ------------------------------------- 1 juni 2004 Euro 82.500,-- Euro 4.200,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Op 1juni wordt per bank op de hypothecaire_lening afgelost en achteraf rente betaald. Het betreft hier halfjaarlijkse betaling(en). Er wordt maandelijks afgeschreven op de woning(en). Het Paleiskwartier heeft o.a. de volgende grootboekrekening(en) in gebruik: Bank Brutohuren Woning(en) Verlies door leegstand Afschrijving woning(en) 6 % Hypothecaire_lening Afschrijvingskosten woning(en) Te betalen hypotheekrente Te_innen_huren Interestkosten Welke journaalpost wordt vanuit het standenregister voor de maand juni gemaakt ? a Brutohuren Euro 78.300,-- Verlies door leegstand - 4.200,-- Aan Te_innen_huren Euro 82.500,-- b Te_innen_huren Euro 82.500,-- Aan Verlies door leegstand Euro 4.200,-- Aan Brutohuren - 78.300,-- c Te_innen_huren Euro 78.300,-- Verlies door leegstand - 4.200,-- Aan Brutohuren Euro 82.500,-- -3350 ((A/9?9- ! S  - Examen BA / BE 2004 - IVraag46Vraag46COnderstaande casus hoort bij de vragen 44 tot en met 47 Woningbouwvereniging Het Paleiskwartier verhuurt een aantal woning(en) in het midden van het land. Aan het begin van elke maand int Het Paleiskwartier de huren. De boekhouding van deze woningbouwvereniging geeft aan het eind van elke maand inzicht in de resultaten van de woningverhuur. De telling van het stanen bij de betaling van de hypotheekrente en de aflossing op de hypothecaire_lening gedebiteerd ? Einde casus.lnterestkosten en Bank lnterestkosten en 6 % Hypothecaire_lening Te betalen hypotheekrente en 6 % Hypothecaire_lening - In de casus is sprake van woningbouwvereniging en woningverhuur in combinatie met opbrengst, kosten en grootboekrekening - daarom zoeken in de theorie bij: grootboek en beheersadministratie woning(en) - de hypotheekrente en de aflossing op de hypothecaire_lening worden halfjaarlijks ( zo ook weer op 1 juni ) per bank betaald, waarbij de rente achteraf wordt betaald - maandelijks wordt vanwege de permanence de maandelijkse kosten van de hypotheekrente op de HEV rekening lnterestkosten gedebiteerd, en - wordt als tegenrekening de balanspost ( = een tussenrekening / voorziening ) Te betalen hypotheekrente gecrediteerd - ieder half jaar worden de rekening(en): - Te betalen hypotheekrente ( = een balanspost / tussen rekening ) gedebiteerd ( rekening_van_schuld wordt kleiner ) - 6 % Hypothecaire_lening ( = een balanspost ) gedebiteerd ( rekening_van_schuld wordt kleiner ) - Bank voor het betreffende bedrag gecrediteerd ( rekening_van_bezit wordt kleiner ) Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus hoort bij de vragen 44 tot en met 47 Woningbouwvereniging Het Paleiskwartier verhuurt een aantal woning(en) in het midden van het land. Aan het begin van elke maand int Het Paleiskwartier de huren. De boekhouding van deze woningbouwvereniging geeft aan het eind van elke maand inzicht in de resultaten van de woningverhuur. De telling van het standenregister met betrekking tot de huren van Het Paleiskwartier ziet er op 1 juni 2004 als volgt uit: Standenregister ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Datum Totaal maandhuren Verlies door leegstand ------------- -------------------------------- ------------------------------------- 1 juni 2004 Euro 82.500,-- Euro 4.200,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Op 1juni wordt per bank op de hypothecaire_lening afgelost en achteraf rente betaald. Het betreft hier halfjaarlijkse betaling(en). Er wordt maandelijks afgeschreven op de woning(en). Het Paleiskwartier heeft o.a. de volgende grootboekrekening(en) in gebruik: Bank Brutohuren Woning(en) Verlies door leegstand Afschrijving woning(en) 6 % Hypothecaire_lening Afschrijvingskosten woning(en) Te betalen hypotheekrente Te_innen_huren Interestkosten Welke rekening(en) worden bij de betaling van de hypotheekrente en de aflossing op de hypothecaire_lening gedebiteerd ? a lnterestkosten en Bank b lnterestkosten en 6 % Hypothecaire_lening c Te betalen hypotheekrente en 6 % Hypothecaire_lening Einde casus.-3350 OO06?;awG e  - Examen BA / BE 2004 - IVraag47Vraag47COnderstaande casus hoort bij de vragen 44 tot en met 47 Woningbouwvereniging Het Paleiskwartier verhuurt een aantal woning(en) in het midden van het land. Aan het begin van elke maand int Het Paleiskwartier de huren. De boekhouding van deze woningbouwvereniging geeft aan het eind van elke maand inzicht in de resultaten van de woningverhuur. De telling van het standenregister met betrekking tot de huren van Het Paleiskwartier wordt maandelijks bijgehouden. Op 1juni wordt per bank op de hypothecaire_lening afgelost en achteraf rente betaald. Het betreft hier halfjaarlijkse betaling(en). Er wordt maandelijks afgeschreven op de woning(en). Het Paleiskwartier heeft een aantal grootboekrekening(en) in gebruik. Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Welke rekening(en) wordin combinatie met winstuitkering - daarom zoeken in de theorie bij: eigen_vermogen en ondernemingsvorm - de vennoten van een v.o.f. hebben ieder een eigen kapitaal ( = eigen_vermogen ) in de v.o.f., waarvan - een deel nog op de balans vermeld kan staan als nog te storten, waarbij - het nog te storten deel veelal niet meedeelt in de winstuitkering - tevens heeft iedere vennoot een priv_rekening op de balans van de v.o.f., welke - tot de HEV wordt gerekend, waarbij - in geval van storting(en) op die HEV priv_rekening, die HEV priv_rekening wordt gecrediteerd, en waarbij - in geval van opname(n) door de priv personen die HEV priv_rekening wordt gedebiteerd - bij het toedelen van de winstuitkering aan Van Dam wordt de HEV priv_rekening van Van Dam gecrediteerd en het winstsaldo van de v.o.f. gedebiteerd, want de winst is een schuld van de v.o.f. aan de oprichter(s) en die schuld wordt kleiner Het meest juiste antwoord is dus Cy-3350 PPX29?'YYYG 7  - Examen BA / BE 2004 - IVraag49Vraag49AMakelaardij Voorgoed heeft op 1 maart 2003 Euro 750,-- per bank betaald voor de verzekeringspremie van het bedrijfspand. Het betreft hier een jaarpremie. In de administratie van de makelaardij komen de volgende grootboekrekening(en) voor: - Verz218?K5GS?    - Examen BA / BE 2004 - IVraag48Vraag48CVennoot Van Dam van de V.o.f. Damstra komt een winstuitkering toe van Euro 40.000,--. Welke journaalpost wordt van dit winstaandeel door de V.o.f. gemaakt ?Priv Van Dam Euro 40,000,-- Aan Eigen_vermogen Van Dam Euro 40.000,-- Eigen_vermogen Van Dam Euro 40,000,-- Aan Winstsaldo Euro 40.000,-- Winstsaldo Euro 40.000,-- Aan Priv Van Dam Euro 40.000,-- - In de casus is sprake van v.o.f. ekeringskosten - Vooruitbetaalde_bedragen. De administratie wordt aan het eind van elke maand bijgewerkt volgens het systeem van permanence. Hoe zien met betrekking tot deze betaalde jaarpremie de resultatenrekening en de balans er op 31 december 2003 uit ? Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "Voor een volledig overzicht van de antwoorden, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "Voor een volledig overzicht van de antwoorden, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "Voor een volledig overzicht van de antwoorden, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "- In de casus is sprake van v.o.f. in combinatie met winstuitkering; zoeken in de theorie bij: eigen_vermogen en ondernemingsvorm - de verzekeringskosten, zijnde 750 / 12 = 62,50 per maand, worden maandelijks 62,50 op de betreffende HEV, en ( de saldi ) op de daaruit opgemaakte resultatenrekening ( = overzicht van de betreffende HEVs ) altijd gedebiteerd ( kosten op een HEV debiteren ) - Vooruitbetaalde_bedragen betreft een balanspost ( = een tussenrekening ) waarop bijvoorbeeld ( middels een betaling per bank ) vooruit te betalen bedrag(en), zoals jaarlijkse verzekeringspremie(s) ( = Euro 750,-- per jaar ), etc., worden vermeld, zodanig dat: - de grootboekrekening Bank op 1 maart 2003 met 750,-- wordt gecrediteerd ( het banksaldo neemt af door de betaling ) - de grootboekrekening Vooruitbetaalde_bedragen op 1 maart 2003 met 750,-- wordt gedebiteerd, en - maandelijks met 62,50 wordt gedebiteerd ( die balanspost Vooruitbetaalde_bedragen neemt door de maandelijkse betaling toe, want in feite betreft het een vordering / afnemerskrediet op de verzekeringsmaatschappij ) - iedere keer ( maand ) als de verzekeringskosten op de betreffende HEV worden gedebiteerd, wordt de tegenrekening Vooruitbetaalde_bedragen gecrediteerd ( de vordering op de verzekeringsmaatschap[pij neemt af ) - op 31 december zijn voor 10 maanden = 625,-- aan verzekeringskosten gesaldeerd en gedebiteerd op de resultatenrekening - op 31 december is nog 750,-- minus 625,-- = 125,-- aan Vooruitbetaalde_bedragen op de debetzijde van de balans aanwezig Het meest juiste antwoord is dus AyCasus Makelaardij Voorgoed heeft op 1 maart 2003 Euro 750,-- per bank betaald voor de verzekeringspremie van het bedrijfspand. Het betreft hier een jaarpremie. In de administratie van de makelaardij komen de volgende grootboekrekening(en) voor: - Verzekeringskosten - Vooruitbetaalde_bedragen. De administratie wordt aan het eind van elke maand bijgewerkt volgens het systeem van permanence. Hoe zien met betrekking tot deze betaalde jaarpremie de resultatenrekening en de balans er op 31 december 2003 uit ? a Resultatenrekening Balans ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ D C D C ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Vooruitbetaalde bedragen 125,-- Verzekeringskosten 625,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ b Resultatenrekening Balans ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ D C D C ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Vooruitbetaalde bedragen 125,-- Verzekeringskosten 625,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ c Resultatenrekening Balans ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ D C D C ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Vooruitbetaalde bedragen 125,-- Verzekeringskosten 625,-- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------3350aar aanleiding van deze betaling ? Voor een volledig overzicht van de casus, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "Voor een volledig overzicht van de antwoorden, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "Voor een volledig overzicht van de antwoorden, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "Voor een volledig overzicht van de antwoorden, zie onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag "- In de casus is sprake van eem handelsonderneming en een bedrijfspand in combinatie met journaalpost - daarom zoeken in de theorie bij: dagboek(en) en journaal; beheersadministratie woning9en) - onder de verwervingskosten van een pand worden begrepen: aankoopsom, overdrachtsbelasting, kosten transportakte inclusief kadastraal_recht, Inschrijvingskosten kadaster, courtagekosten ( = tezamen = 450.000 + 27.000 + 2.356 + 7.925 = 487.281 ), en komen dus allemaal in de grootboekrekening / balanspost gebouw(en) terecht zodat die daarmee moet worden gedebiteerd - de betaalde BTW ten bedrage van 422,37 + 1.505,75 = 1.928,12 kan in vooraftrek worden gebracht, zodat - de balanspost Te_vorderen_BTW moet worden gedebiteerd - het eigenaarsdeel van de ozb over de rest van het jaar ten bedrage van 1.280 wordt op de balanspost Vooruitbetaalde_bedragen gedebiteerd ( en wordt later, steeds maandelijks, met het maandbedrag gecrediteerd waarbij de bijbehorende tegenrekening = HEV ozb-kosten wordt gedebiteerd, maar dat staat natuurlijk niet in deze journaalpost ) - het geheel wordt per bank betaald, dus Bank moet worden gecrediteerd voor 487.281 + 1.928,12 + 1.280 = 490.489,12 - in de antwoorden A en C is te weinig tezamen genomen en te weinig op de grootboekrekening Gebouw(en) geboekt Het meest juiste antwoord is dus ByCasus: Op 1 november 2003 koopt een handelsonderneming een bedrijfspand. De afrekening luidt als volgt: Aankoopsom pand Euro 450.000,-- k.k. Overdrachtsbelasting Euro 27.000,-- Kosten transportakte inclusief kadastraal_recht - 2.223,-- Inschrijvingskosten kadaster - 133,-- BTW 19% - 422,37 - 29.778,37 --------------------------- 479.778,37 Makelaarscourtage Euro 7.925,-- BTW 19% - 1.505,75 - 9.430,75 --------------------------- 489.209,12 Verrekeningskosten ( eigenaarslasten lopende jaar ) - 1.280,-- --------------------------- Per bank te voldoen Euro 490.489,12 Hoe luidt de journaalpost naar aanleiding van deze betaling ? a Gebouw(en) Euro 450.000,-- Overdrachtsbelasting - 27.000,-- Transportkosten - 2.356,-- Courtagekosten - 7.925,-- Te_vorderen_BTW - 1.928,12 Vooruitbetaalde_bedragen - 1.280,-- Aan Bank Euro 490.489,12 b Gebouw(en) Euro 487.281,-- Te_vorderen_BTW - 1.928,12 Vooruitbetaalde_bedragen - 1.280.-- Aan Bank Euro 490.489,12 c Gebouw(en) Euro 477.000,-- Transportkosten - 2.356,-- Courtagekosten - 7.925,-- Te_vorderen_BTW - 1.928,12 Vooruitbetaalde_bedragen - 1.280,-- Aan Bank Euro 490,489,12 Dit is de laatste opgave van dit examen.-3350 p39?[YYY3 G  - Examen BA / BE 2004 - IVraag50Vraag50BOp 1 november 2003 koopt een handelsonderneming een bedrijfspand. De afrekening luidt als volgt: ...................... Hoe luidt de journaalpost n  .Tz8^Bh%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag481%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag492%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag503$?- Examen BA / BE 2005 - IExamen4%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag015%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag026%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag037%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag048%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag059%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag06:%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag07;%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag08<%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag09=%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag10>%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag11?%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag12@%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag13A%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag14B%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag15C%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag16D%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag17E%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag18F%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag19G [["47? u'   - Examen BA / BE 2005 - IExamenExamenPartijen twisten over de vraag of de schade door de niet gemelde, gestage verzakking van het door Ans aan Bea gekochte pand aan Ans is toe te rekenen. De rechter benoemt op verzoek van n van de partij(en) een deskundige. Uit het deskundigenbericht blijkt dat de verzakking de verkoper al bekend had moeten zijn. De rechter ...kan zonodig een aanvullend deskundigenbericht vragenis gehouden de inhoud van het deskundigenbericht te volgenis op verzoek van de andere partij verplicht een aanvullend deskundigenbericht te vragen of een nieuwe deskundige te benoemenKernbegrip: Deskundigenbericht; zoeken in register ==>> Deskundigen in burgerlijke zaken ==>> Rv 194 e.v. In Rv 194-5 is vermeld dat de rechter aan de deskundige het geven van nadere mondelinge of schriftelijke toelichting of aanvulling(en) kan bevelen Dus antwoord Ay3950en besloten_vennootschap. Welk van de onderstaande alternatieven behoort tot de financile_vaste_activa ? Goodwill Lening_u/g aan de directeur_grootaandeelhouder Rekening_courantverhouding met de directeur_grootaandeelhouder - In de casus is sprake van een balanspost in combinatie met financile_vaste_activa - daarom zoeken in de theorie bij: financile_vaste_activa - Financile_vaste_activa: - een balanspost op de balans van een onderneming, bijvoorbeeld een B.V., die kan omvatten: - belegging(en) - uitlening(en) - lening_u/g - is een vorm van effectieve_reserve / materile_reserve / belegde_reserve - belang(en) in andere bedrijven - Goodwill behoort tot de immaterile_vaste_activa van de balans ( kan op worden afgeschreven ) - Rekening_courant behoort tot de vlottende_activa / vlottende_passiva van de balans Het meest juiste antwoord is dus By-3350 B,B_67?1gcYa    - Examen BA / BE 2005 - IVraag02Vraag02BLeverancierskrediet en afnemerskrediet zijn twee kredietvorm(en). Van welke kredietvorm(en) is er sprake bij de balanspost(en) debiteur(en) en crediteur(en) als die voorkomen op de balans van een onderneming ?Bij beide van verstrekt_leverancierskrediet. Bij debiteur(en) van verstrekt_leverancierskrediet en bij crediteur(en) van ontvangen_leverancierskrediet. Bij debiteur(en) van verstrekt_afnemerskrediet en bij crediteur(en) van ontvangen_leverancierskrediet.- In de casus is sprake van een aantal kredietvorm(en), waaronder leverancierskrediet en afnemerskrediet, in combinatie met bepaalde balanspost(en); bovendien is er sprake van I56?Ck 3    - Examen BA / BE 2005 - IVraag01Vraag01BOp de balans van een makelaardij o.z. staat de post financile_vaste_activa. De makelaardij heeft de vorm van everstrekt, of ontvangen krediet 1. als er sprake is van " eerst leveren, dan betalen " is er altijd sprake van een leverancierskrediet 2. als er sprake is van " eerst betalen, dan leveren " is er altijd sprake van een afnemerskrediet 3. men moet redeneren vanuit de positie van die onderneming waarop de balanspost(en) debiteur(en) en crediteur(en) zijn vermeld - de onderneming in deze vraag heeft aan haar debiteur(en) / afnemer(s), volgens het principe " eerst leveren, dan betalen ", dus een leverancierskrediet verstrekt - er is hier ( volgens 3 ) dus sprake van een door de onderneming aan de afnemer / debiteur " verstrekt_leverancierskrediet " - de onderneming heeft tevens van haar crediteur(en) / leverancier(s), wederom volgens het principe " eerst leveren, dan betalen " een leverancierskrediet ontvangen - er is hier ( volgens 3 ) dus sprake van een door de ondernemer van haar leverancier " ontvangen_leverancierskrediet " Het meest juiste antwoord is dus By-3350r(en) gebruikt om het lang_vreemd_vermogen te verminderen - het gaat hier dus om wijzigingen in de vermogenspositie van de onderneming - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Financile_structuur - De liquiditeit van een onderneming kan worden bepaald m.b.v. de current_ratio ( en hier niet m.b.v. de quick_ratio want er is hier geen sprake van voorraad(en) ): vlottende_activa + liquide_middelen Current_ratio = ---------------------------------------------------------------------- kort_vreemd_vermogen - Het debiteurenbestand behoort tot de vlottende_activa; door verkoop van het debiteurenbestand nemen de vlottende_activa af en nemen de liquide_middelen eerst toe ( met hetzelfde bedrag ), waardor de current_ratio eerst nog ongewijzigd blijft - de ontvangst(en) die tot de liquide_middelen behoren worden aangewend om een langlopende schuld weg te werken, waardoor - de som van de vlottende_activa + liquide_middelen zijn verminderd - aan het kort_vreemd_vermogen verandert niets zodat - de current_ratio wordt dus minder en daarmee verslechtert de liquiditeit van de onderneming - de langlopende schuld ( lang_vreemd_vermogen ) is verminderd eigen_vermogen - De solvabiliteit = ----------------------------------- verbetert omdat het lang_vreemd_vermogen en daarmee het totale_vermogen afneemt totale_vermogen Het meest juiste antwoord is dus CyCasus Een handelsonderneming heeft een slechte solvabiliteit en een redelijke liquiditeit. Om de solvabiliteit te verbeteren wordt de gehele debiteurenportefeuille aan een andere maatschappij verkocht en met de daarmee verkregen gelden langlopende schulden afgelost. Welke invloed heeft het onderbrengen van de debiteurenportefeuille en de aflossing in deze situatie op de statische liquiditeit ? a De liquiditeit wordt beter. b De liquiditeit verandert niet. c De liquiditeit wordt slechter. - In de casus is sprake van solvabiliteit in combinatie met liquiditeit - bovendien worden ontvangst(en) m.b.t. debiteur(en) gebruikt om het lang_vreemd_vermogen te verminderen - het gaat hier dus om wijzigingen in de vermogenspositie van de onderneming - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Financile_structuur - De liquiditeit van een onderneming kan worden bepaald m.b.v. de current_ratio ( en hier niet m.b.v. de quick_ratio want er is hier geen sprake van voorraad(en) ): vlottende_activa + liquide_middelen Current_ratio = ---------------------------------------------------------------------- kort_vreemd_vermogen - Het debiteurenbestand behoort tot de vlottende_activa; door verkoop van het debiteurenbestand nemen de vlottende_activa af en nemen de liquide_middelen eerst toe ( met hetzelfde bedrag ), waardor de current_ratio eerst nog ongewijzigd blijft - de ontvangst(en) die tot de liquide_middelen behoren worden aangewend om een langlopende schuld weg te werken, waardoor - de som van de vlottende_activa + liquide_middelen zijn verminderd - aan het kort_vreemd_vermogen verandert niets zodat - de current_ratio wordt dus minder en daarmee verslechtert de liquiditeit van de onderneming - de langlopende schuld ( lang_vreemd_vermogen ) is verminderd eigen_vermogen - De solvabiliteit = ----------------------------------- verbetert omdat het lang_vreemd_vermogen en daarmee het totale_vermogen afneemt totale_vermogen Het meest juiste antwoord is dus C-3350 VV76?EKIA w  - Examen BA / BE 2005 - IVraag03Vraag03CEen handelsonderneming heeft een slechte solvabiliteit en een redelijke liquiditeit. Om de solvabiliteit te verbeteren wordt de gehele debiteurenportefeuille aan een andere maatschappij verkocht en met de daarmee verkregen gelden langlopende schulden afgelost. Welke invloed heeft het onderbrengen van de debiteurenportefeuille en de aflossing in deze situatie op de statische liquiditeit ?De liquiditeit wordt beter. De liquiditeit verandert niet. De liquiditeit wordt slechter.De aanwijzingen m.b.t. het antwoord zijn overzichtelijker op een groter veld weergegeven onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " die verschijnt als u op de knop " Sluiten aanwijzingen " hier rechtsonder hebt geklikt. - In de casus is sprake van solvabiliteit in combinatie met liquiditeit - bovendien worden ontvangst(en) m.b.t. debiteu   s85?CAGIM    - Examen BA / BE 2005 - IVraag04Vraag04AKlaas en Trude Tuinders zijn gehuwd en zijn de enige eigenaren van een makelaarskantoor, waarin beiden als makelaar werkzaam zijn. Zij ontvangen beiden een salaris uit deze makelaardij, waarover inkomstenbelasting moet worden betaald. Over de ondernemingswinst wordt vennootschapsbelasting betaald. Welke ondernemingsvorm heeft deze onderneming ?Een besloten_vennootschap Een vennootschap_onder firma Een commanditaire_vennootschap- In de casus is sprake van een onderneming in combinatie met het betalen van vennootschapsbelasting door die onderneming - Alleen een N.V., of een B.V. betalen vennootschapsbelasting Het meest juiste antwoord is dus Ay-3350 knop " Toon volledige casus / vraag " die verschijnt als u op de knop " Sluiten aanwijzingen " hier rechtsonder hebt geklikt. - In de casus is sprake van grondslag(en) in combinatie met het opstellen van een jaarrekening - het gaat hier dus om de financile_verslaggeving ( het financieel_verslag ) van een onderneming - daarom zoeken in de theorie bij: financile_verslaggeving - Realisatiebeginsel: - winst(en) mogen slechts worden genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd, met dien verstande dat, bijv.: - levering heeft plaatsgevonden en de factuur aan de debiteur is verstuurd, ongeacht - of de betaling is verricht dan wel op een later tijdstip zal plaatsvinden - Bestendigheidsbeginsel / Stelselmatigheid: - wordt ook wel bestendige_gedragslijn genoemd - vereist dat de indeling en werkwijze m.b.t. de balans en de winst-_en_verliesrekening volgens een eenmaal gekozen vorm, jaar op jaar wordt gehandhaafd - de vorm mag alleen op goede grond(en) genoemd in de toelichting, afwijken van die van het voorgaande jaar - Voorzichtigheidsbeginsel: - verliezen en risico$s die hun oorsprong vinden voor het einde van het boekjaar, moeten met betrekking tot het opmaken van de jaarrekening in acht worden genomen, indien zij vr het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden Het meest juiste antwoord is dus ByCasus Bij de waardering van onroerende zaken voor het jaarverslag van een onderneming mag niet van jaar tot jaar het waarderingssysteem worden veranderd. Hoe wordt dit beginsel genoemd ? a Het realisatiebeginsel b Het bestendigheidsbeginsel c Het voorzichtigheidsbeginsel - In de casus is sprake van grondslag(en) in combinatie met het opstellen van een jaarrekening - het gaat hier dus om de financile_verslaggeving ( het financieel_verslag ) van een onderneming - daarom zoeken in de theorie bij: financile_verslaggeving - Realisatiebeginsel: - winst(en) mogen slechts worden genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd, met dien verstande dat, bijv.: - levering heeft plaatsgevonden en de factuur aan de debiteur is verstuurd, ongeacht - of de betaling is verricht dan wel op een later tijdstip zal plaatsvinden - Bestendigheidsbeginsel / Stelselmatigheid: - wordt ook wel bestendige_gedragslijn genoemd - vereist dat de indeling en werkwijze m.b.t. de balans en de winst-_en_verliesrekening volgens een eenmaal gekozen vorm, jaar op jaar wordt gehandhaafd - de vorm mag alleen op goede grond(en) genoemd in de toelichting, afwijken van die van het voorgaande jaar - Voorzichtigheidsbeginsel: - verliezen en risico$s die hun oorsprong vinden voor het einde van het boekjaar, moeten met betrekking tot het opmaken van de jaarrekening in acht worden genomen, indien zij vr het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden Het meest juiste antwoord is dus B-3350 .1.x:5?eWSom    - Examen BA / BE 2005 - IVraag06Vraag06BIn een aantal gevallen moet een onderneming een wettelijke_reserve vormen. In welke situatie bijvoorbeeld ?Bij het uitstellen van een betaling. Bij activering van bepaalde kosten.Bij vermoedelijk faillissement van een debiteur. - In de casus is sprake van een wettelijke_reserve in combinatie met een aantal bedrijfssituatie(s) - Bij het uitstellen van een betaling, bijvoorbeeld omdat de onderneming geen geld ( <96?w;CG#   - Examen BA / BE 2005 - IVraag05Vraag05BBij de waardering van onroerende_zaken voor het jaarverslag van een onderneming mag niet van jaar tot jaar het waarderingssysteem worden veranderd. Hoe wordt dit beginsel genoemd ?Het realisatiebeginsel Het bestendigheidsbeginsel Het voorzichtigheidsbeginsel De aanwijzingen m.b.t. het antwoord zijn overzichtelijker op een groter veld weergegeven onder de rodemeer ) heeft, kan ( helemaal ) geen reserve meer worden gevormd - Bij vermoedelijk faillissement van een debiteur kan een balanspost " Dubieuze_debiteuren " worden aangemaakt - Bij het activeren van bepaalde kosten, zoals bijvoorbeeld bij de herwaardering van gebouw(en), zoals bijvoorbeeld - door herwaardering van een meer / minder waard geworden bedrijfsmiddel ontstaat een vermogenstoename / afname - de rekening_van_bezit " Bedrijfsgebouw " wordt bij toename gedebiteerd ( meer bezit ), bij afname gecrediteerd ( minder bezit ) - de tegenrekening " Herwaarderingsreserve " ( een passiva ) wordt bij waardetoename gecrediteerd voor hetzelfde bedrag - deze tegenrekening geeft bij een waardetoename dus het bedrag aan, dat nodig is om de gestegen waarde te financieren - het is dus geen winst maar dient om het bedrijfsgebouw eventueel te kunnen vervangen Het meest juiste antwoord is dus By-3350et een uit bancair oogpunt te gering eigen_vermogen. Hoe kan dit eigen_vermogen worden vergroot ?Door emissie van nieuwe aandelen.Door overboeking van liquide_middelen naar de reserve(s). Door uitgifte van bonusaandelen ten laste van de agioreserve. - In de casus is sprake van een te gering eigen_vermogen in combinatie met mogelijkheden voor een vergroting van het eigen_vermogen - Bij de overboeking van liquide_middelen naar de reserve(s), bijvoorbeeld naar belegde_reserve(s), verandert het eigen_vermogen niet omdat de omvang van de bezittingen, of van de schuld(en) daardoor niet veranderen - Bij de uitgifte van bonusaandelen ten laste van de agioreserve(s) verandert het eigen_vermogen niet omdat de agioreserve(s), net als de uit te geven bonusaandelen, reeds tot het eigen_vermogen worden gerekend - Bij de emissie van nieuwe aandelen worden nieuwe aandelen uitgegeven en wordt geld binnengehaald waardoor het eigen_vermogen wordt vergroot Het meest juiste antwoord is dus Ay-3350 ^<5?IOiq    - Examen BA / BE 2005 - IVraag08Vraag08BVan een onderneming ziet de gecomprimeerde balans er als volgt uit: ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Balans ( bedragen x 100.000,-- ) ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Vaste_activa 100 Eigen_vermogen 60 ;7?IO     - Examen BA / BE 2005 - IVraag07Vraag07AEen onderneming wordt op een bepaald moment geconfronteerd m Vlottende_activa 50 Lang_vreemd_vermogen 20 Kort_vreemd_vermogen 70 ------------ ---------- 150 150 Op deze onderneming wordt een analyse uitgevoerd op liquiditeit en solvabiliteit. De onderneming neemt genoegen met een debt_ratio van maximaal 0,7. De current_ratio moet minimaal 2 zijn. Wat is de conclusie van de analyse ?Alleen de liquiditeit is goed.Alleen de solvabiliteit is goed. De solvabiliteit en de liquiditeit zijn goed. - In de casus is sprake van een debt_ratio in combinatie met een current_ratio, solvabiliteit en liquiditeit - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur van een onderneming - Solvabiliteit + Debt_ratio = 1 - dus als de debt_ratio < 0,7 moet zijn, moet de solvabiliteit > 0,3 zijn volgens Solvabiliteit + Debt_ratio = 1 eigen_vermogen 60.000 - De solvabiliteit = ----------------------------------- = ------------------------ = 0,40 en voldoet daarmee aan de voorwaarde totale_vermogen 150.000 vlottende_activa + liquide_middelen 50.000 - De liquiditeit in deze opgave = current_ratio = -------------------------------------------------------------- = --------------------- = 0,71 en voldoet niet kort_vreemd_vermogen 70.000 - Alleen de solvabiliteit voldoet aan het gestelde Het meest juiste antwoord is dus By-3350eft eveneens een vordering op de VOF. - In de casus is sprake van een balanspost Priv in combinatie met debet en credit - het gaat hier dus om vordering(en) of schuld(en) van de vennoten m.b.t de vennootschap - Als een vennoot een priv_opname heeft gepleegd ( bijvoorbeeld middels een geldopname uit de kas ) dan wordt de kas gecrediteerd ( rekening_van_bezit neemt af ) en moet de tegenrekening Rekening_priv worden gedebiteerd. - bij een priv_storting werkt het geheel net andersom - Als het saldo Rekening_priv een debet_saldo is dan is er meer opgenomen dan gestort en is er een schuld van de vennoot aan de vennootschap - Als het saldo Rekening_priv een credit_saldo is dan is er meer gestort dan opgenomen en heeft de vennoot een vordering op de vennootschap Het meest juiste antwoord is dus AyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 9 en 10. Vennootschap onder firma " VOF Davobo " heeft aan het einde van het jaar de balans opgesteld. Het winstsaldo moet nog verdeeld worden. Hieronder volgen enkele balanspost(en) per 31 december 2004. Vermogen Vos Euro 64.000,-- Vermogen Bosch Euro 50.000,-- Vermogen Vos nog te storten Euro 23.000,-- Vermogen Bosch nog te storten Euro 21.000,-- Priv Vos Euro 20.200,-- debet Priv Bosch Euro 18.500,-- credit Winstsaldo 2003 Euro 74.000,-- In het vennootschapscontract is het volgende ten aanzien van de jaarlijkse winstverdeling opgenomen: - elke vennoot krijgt een vast bedrag van Euro 25.000,--; - elke vennoot krijgt 6% rentevergoeding over het gestort_vermogen per balansdatum; - een eventueel restant wordt gelijk verdeeld onder de vennoten. Wat geven de bovenstaande saldi van de Priv-rekeningen van Vos en Bosch aan ? a Vos heeft een schuld aan de VOF en Bosch heeft een vordering op de VOF. b Vos heeft een vordering op de VOF en Bosch heeft een schuld aan de VOF. c Vos heeft een vordering op de VOF en Bosch heeft eveneens een vordering op de VOF. -3350 =9?}3S _  - Examen BA / BE 2005 - IVraag09Vraag09AOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 9 en 10. Wat geven de in de casus gegeven saldi van de Priv-rekening(en) van Vos en Bosch aan ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraagVos heeft een schuld aan de VOF en Bosch heeft een vordering op de VOF. Vos heeft een vordering op de VOF en Bosch heeft een schuld aan de VOF. Vos heeft een vordering op de VOF en Bosch het Vos ontvangst net als vennoot Bosch Euro 25.000,- - daarnaast ontvangt Vos nog een vergoeding van 6 % over het gestort_vermogen van Vos ( = 64.000 - 23.000 ), dat is: 0,06 x ( 64.000 - 23.000 ) = 0,06 x 41.000 = 2.460 Euro - Vennoot Bosch ontvangst net als vennoot Vos Euro 25.000,- - daarnaast ontvangt Bosch nog een vergoeding van 6 % over het gestort_vermogen van Bosch ( = 50.000 - 21.000 ), dat is: 0,06 x ( 50.000 - 21.000 ) = 0,06 x 29.000 = 1.740 Euro - Totaal is nu van de winst uitgekeerd: 25.000 + 2.460 + 25.000 + 1.740 = 54.200 Euro - dan is van de winst nog over: 74.000 - 54.200 = 19.800 Euro - dit wordt gelijk verdeeld tussen Vos en Bosch: - dus ieder ontvangt nog de helft van Euro 19.800 = Euro 19.800 / 2 = Euro 9.900 - Vos ontvangt dus in het totaal: 25.000 + 2.460 + 9.900 = 37.360 Euro Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 9 en 10. Vennootschap onder firma " VOF Davobo " heeft aan het einde van het jaar de balans opgesteld. Het winstsaldo moet nog verdeeld worden. Hieronder volgen enkele balanspost(en) per 31 december 2004. Vermogen Vos Euro 64.000,-- Vermogen Bosch Euro 50.000,-- Vermogen Vos nog te storten Euro 23.000,-- Vermogen Bosch nog te storten Euro 21.000,-- Priv Vos Euro 20.200,-- debet Priv Bosch Euro 18.500,-- credit Winstsaldo 2003 Euro 74.000,-- In het vennootschapscontract is het volgende ten aanzien van de jaarlijkse winstverdeling opgenomen: - elke vennoot krijgt een vast bedrag van Euro 25.000,--; - elke vennoot krijgt 6% rentevergoeding over het gestort_vermogen per balansdatum; - een eventueel restant wordt gelijk verdeeld onder de vennoten. Welk bedrag ontvangt Vos dit jaar uit de winst ? a Euro 37.060,-- b Euro 37.360,-- c Euro 37.420,-- Einde casus -3350 j>6?M+++1 [  - Examen BA / BE 2005 - IVraag10Vraag10BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 9 en 10. Welk bedrag ontvangt Vos dit jaar uit de winst ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag Einde casusEuro 37.060,-- Euro 37.360,-- Euro 37.420,-- - In de casus is sprake van een winstverdeling, vermogen en nog_te_storten_vermogen in combinatie met vennootschapscontract - Vennoo= = aandelenvermogen / nominale_waarde per aandeel = 300.000 / 1.000 = 300 stuks Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 11 tot en met 13. De balans van de besloten vennootschap Good to Go BV is aan het einde van het jaar opgesteld. Hieronder zijn enkele balanspost(en) per 31 december 2004 gegeven. ------------------------------------------------------------------------------------------- Aandelenvermogen 300.000,-- Aandelen in portefeuille 87.000,-- Aandeelhouder(s) nog te storten 42.000,-- Winstreserve 12.000,-- Herwaarderingsreserve 9.000,-- ------------------------------------------------------------------------------------------ De nominale_waarde per aandeel Good to Go BV bedraagt Euro 1.000,--. Uit hoeveel aandelen bestaat het maatschappelijk_aandelenvermogen ? a 171 stuks b 213 stuks c 300 stuks -3350 .?6?s!!! w  - Examen BA / BE 2005 - IVraag11Vraag11COnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 11 tot en met 13. De nominale_waarde per aandeel Good to Go BV bedraagt Euro 1.000,--. Uit hoeveel aandelen bestaat het maatschappelijk_aandelenvermogen ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag171 stuks 213 stuks 300 stuks - In de casus is sprake van aandelenvermogen en maatschappelijk_aandelenvermogen in combinatie met nominale_waarde - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Vermogensvorm(en) - Het aandelenvermogen vertegenwoordigt het aantal aandelen van het maatschappelijk_kapitaal x de nominale_waarde per aandeel - het aantal aandelen van het maatschappelijk_kapitaal = 300.000 - 87.000 = 213.000 Euro Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 11 tot en met 13. De balans van de besloten vennootschap Good to Go BV is aan het einde van het jaar opgesteld. Hieronder zijn enkele balanspost(en) per 31 december 2004 gegeven. ------------------------------------------------------------------------------------------- Aandelenvermogen 300.000,-- Aandelen in portefeuille 87.000,-- Aandeelhouder(s) nog te storten 42.000,-- Winstreserve 12.000,-- Herwaarderingsreserve 9.000,-- ------------------------------------------------------------------------------------------ Hoeveel bedraagt het geplaatst_aandelenvermogen van Good to Go BV per 31 december 2004 ? a Euro 171.000,-- b Euro 213.000,- c Euro 300.000,-- -3350 --DA6?/--! I  - Examen BA / BE 2005 - IVraag13Vraag13BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 11 tot en met 13. Hoeveel bedraagt het eigen_vermogen vanu@6?-+-! 7  - Examen BA / BE 2005 - IVraag12Vraag12BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 11 tot en met 13. Hoeveel bedraagt het geplaatst_aandelenvermogen van Good to Go BV per 31 december 2004 ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraagEuro 171.000,-- Euro 213.000,- Euro 300.000,-- - In de casus is sprake van aandelenvermogen en geplaatst_aandelenvermogen ( = het geplaatst_kapitaal ) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Vermogensvorm(en) - Het aandelenvermogen = maatschappelijk_kapitaal - Het geplaatst_aandelenvermogen = geplaatst_kapitaal = maatschappelijk_kapitaal - aandelen_in_portefeuille Good to Go BV per 31 december 2004 ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag Einde casus. Euro 171.000,--- Euro 192.000,-- Euro 234.000,-- - In de casus is sprake van aandelenvermogen en eigen_vermogen - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Vermogensvorm(en) - Het eigen_vermogen = bezittingen - schulden_aan_derden + reserve(s), waarbij - het gestorte deel van het geplaatst_kapitaal ( = gestort_kapitaal ) tot het eigen_vermogen wordt gerekend dus eigen_vermogen = gestort_kapitaal - schulden_aan_derden ( = 0 ) + reserve(s), waarbij: gestort_kapitaal = maatschappelijk_kapitaal - aandelen_in_portefeuille - aandelen_nog_te_storten = 300.000 - 87.000 - 42.000 = 171.000 Euro eigen_vermogen = gestort_kapitaal + winstreserve + herwaarderingsreserve = 171.000 + 12.000 + 9.000 = 192.000 Euro Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 11 tot en met 13. De balans van de besloten vennootschap Good to Go BV is aan het einde van het jaar opgesteld. Hieronder zijn enkele balanspost(en) per 31 december 2004 gegeven. ------------------------------------------------------------------------------------------- Aandelenvermogen 300.000,-- Aandelen in portefeuille 87.000,-- Aandeelhouder(s) nog te storten 42.000,-- Winstreserve 12.000,-- Herwaarderingsreserve 9.000,-- ------------------------------------------------------------------------------------------ Hoeveel bedraagt het eigen_vermogen van Good to Go BV per 31 december 2004 ? a Euro 171.000,--- b Euro 192.000,-- c Euro 234.000,-- Einde casus. -3350er 2004 was Euro 24.200.000,--. Dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003. De nettowinst over 2004 is inmiddels geheel uitgekeerd. Hoe hoog is de nettowinst per aandeel in 2003 ? Euro 0,71 Euro 0,75 Euro 0,80 - In de casus is sprake van een netto_winst per aandeel - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: vermogensvorm(en) - De tussenvragen die hier eerst moeten worden beantwoord zijn: ten 1e. wat is de netto_winst in 2003 ? en ten 2e. hoeveel aandelen waren er in 2003 ? Dan ten 3e de vraag: Hoeveel bedroeg de netto_winst per aandeel in 2003 ? 1. Wat is de netto_winst in 2003 ? - de netto_winst in 2004 was 12 % hoger dan in 2003, dus de netto_winst in 2003 = ( 100 / 112 ) x 1.344.000 = 1.200.000 Euro 2. Hoeveel aandelen waren er in 2003 ? - het aantal aandelen in 2004: ( winst in 2004 / winst per aandeel in 2004 ) = 1.344.000 / 0,80 = 1.680.000 aandelen in 2004 - het aantal aandelen is in 2004 met 5 % gestegen t.o.v. 2003 ( indien de nieuwe aandelen allen a_pari zijn gemitteerd ) - het aantal aandelen in 2003 was dus ( 100 / 105 ) x 1.680.000 = 1.600.000 stuks 3. Hoeveel bedroeg de netto_winst per aandeel in 2003 ? - winst per aandeel in 2003: winst 2003 / aantal aandelen 2003 = 1.200.000 Euro / 1.600.000 aandelen = Euro 0,75 / aandeel Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 14 tot en met 16. Van onderneming Vooruit NV steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 52.500.000,-- en de nettowinst met 12 % tot Euro 1.344.000,--, De nettowinst per aandeel was in 2004 Euro 0,80. Het eigen vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % toegenomen tot een waarde van Euro 5.500.000,--. De nieuwe aandelen delen volledig mee in de winst van 2004. Het totale_vermogen op 31 december 2004 was Euro 24.200.000,--. Dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003. De nettowinst over 2004 is inmiddels geheel uitgekeerd. Hoe hoog is de nettowinst per aandeel in 2003 ? -3350 $B6?###3   - Examen BA / BE 2005 - IVraag14Vraag14BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 14 tot en met 16. Van onderneming Vooruit NV steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 52.500.000,-- en de nettowinst met 12 % tot Euro 1.344.000,--, De nettowinst per aandeel was in 2004 Euro 0,80. Het eigen_vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % toegenomen tot een waarde van Euro 5.500.000,--. De nieuwe aandelen delen volledig mee in de winst van 2004. Het totale_vermogen op 31 decembgen op 31 december 2004 was Euro 24.200.000,--. Dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003. De nettowinst over 2004 is inmiddels geheel uitgekeerd. Hoe hoog is het eigen_vermogen per aandeel Vooruit NV eind 2004 ?Euro 3,27 Euro 4,09Euro 4,40 - In de casus is sprake van een eigen_vermogen per aandeel - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_structuur en vermogensvorm(en) - De tussenvragen die hier eerst moeten worden beantwoord zijn: ten 1e. wat is het eigen_vermogen op 31 december 2004 ? en ten 2e. hoeveel aandelen waren er op 31 december 2004 ? Dan ten 3e de vraag: Hoeveel bedroeg het eigen_vermogen per aandeel op 31 december 2004 ? 1. Wat is het eigen_vermogen op 31 december 2004 ? - het eigen_vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % gestegen tot een waarde van Euro 5.500.000,-- - het eigen_vermogen op 31 december 2004 bedraagt Euro 5.500.000,-- 2. Hoeveel aandelen waren er op 31 december 2004 ? - het aantal aandelen in 2004: ( winst in 2004 / winst per aandeel in 2004 ) = 1.344.000 / 0,80 = 1.680.000 aandelen in 2004 3. Hoeveel bedroeg het eigen_vermogen per aandeel op 31 december 2004 ? - het eigen_vermogen per aandeel op 31 december 2004 was dus: 5.500.000 / 1.680.000 = 3,27 Euro / aandeel Het meest juiste antwoord is dus AyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 14 tot en met 16. Van onderneming Vooruit NV steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 52.500.000,-- en de nettowinst met 12 % tot Euro 1.344.000,--, De nettowinst per aandeel was in 2004 Euro 0,80. Het eigen vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % toegenomen tot een waarde van Euro 5.500.000,--. De nieuwe aandelen delen volledig mee in de winst van 2004. Het totale_vermogen op 31 december 2004 was Euro 24.200.000,--. Dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003. De nettowinst over 2004 is inmiddels geheel uitgekeerd. Hoe hoog is het eigen_vermogen per aandeel Vooruit NV eind 2004 ?-3350 NNtD6?c -  - Examen BA / BE 2005 - IVraag16Vraag16BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 14 tot en met 16. Van onderneming Vooruit NV steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 52.500.000,-- en de nettowinst met 12 % tot Euro 1.344.000,--, De nettowinst per aandeel was in 2004 Euro 0,80. Het eigen vermogen is in 2004 doC6?;#!#Q ;  - Examen BA / BE 2005 - IVraag15Vraag15AOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 14 tot en met 16. Van onderneming Vooruit NV steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 52.500.000,-- en de nettowinst met 12 % tot Euro 1.344.000,--, De nettowinst per aandeel was in 2004 Euro 0,80. Het eigen_vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % toegenomen tot een waarde van Euro 5.500.000,--. De nieuwe aandelen delen volledig mee in de winst van 2004. Het totale_vermoor een emissie met 5 % toegenomen tot een waarde van Euro 5.500.000,--. De nieuwe aandelen delen volledig mee in de winst van 2004. Het totale_vermogen op 31 december 2004 was Euro 24.200.000,--. Dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003. De nettowinst over 2004 is inmiddels geheel uitgekeerd. Welke waarde had de omloopsnelheid van het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen in 2004 ( afgerond op twee decimalen nauwkeurig ) ? Einde casus. 2,17 2,27 2,39De aanwijzingen m.b.t. het antwoord zijn overzichtelijker op een groter veld weergegeven onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " die verschijnt als u op de knop " Sluiten aanwijzingen " hier rechtsonder hebt geklikt. - In de casus is sprake van een omloopsnelheid in relatie tot het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen ( = gemiddeld_totale_vermogen ); daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_structuur omzet exploitatieopbrengst omloopsnelheid = ---------------------------------------------------- = --------------------------------------------------- gemiddeld_totale_vermogen gemiddeld_totale_vermogen - De tussenvragen die hier eerst moeten worden beantwoord zijn: ten 1e. wat is de omzet in 2004 ? en ten 2e. hoeveel is het genvesteerde gemiddeld_totale_vermogen in 2004 ? Dan ten 3e de vraag: Hoeveel bedroeg de omloopsnelheid van het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen in 2004 afgerond op twee decimalen ? 1. Wat is de omzet in 2004 ? - van een N.V. steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 52.500.000,- - in het boekjaar 2004 bedroeg de omzet daarom Euro 52.500.000,- 2. Hoeveel is het genvesteerde gemiddeld_totale_vermogen in 2004 ? - het totale_vermogen op 31 december 2004 bedroeg Euro 24.200.000,- en dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003 - op 31 december 2003 bedroeg het totale_vermogen ( 100 / 110 ) x Euro 24.200.000,- = Euro 22.000.000 - het gemiddeld_totale_vermogen in 2004 = ( 24.200.000 + 22.000.000 ) / 2 = 23.100.000 Euro 3. Hoeveel bedroeg de omloopsnelheid van het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen in 2004 afgerond op twee decimalen ? - de omloopsnelheid = 52.500.000,- / 23.100.000 = 2,27 Het meest juiste antwoord is dus ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 14 tot en met 16. Van onderneming Vooruit NV steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 52.500.000,-- en de nettowinst met 12 % tot Euro 1.344.000,--, De nettowinst per aandeel was in 2004 Euro 0,80. Het eigen vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % toegenomen tot een waarde van Euro 5.500.000,--. De nieuwe aandelen delen volledig mee in de winst van 2004. Het totale_vermogen op 31 december 2004 was Euro 24.200.000,--. Dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003. De nettowinst over 2004 is inmiddels geheel uitgekeerd. Welke waarde had de omloopsnelheid van het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen in 2004 ( afgerond op twee decimalen nauwkeurig ) ? Einde casus. - In de casus is sprake van een omloopsnelheid in relatie tot het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen ( = gemiddeld_totale_vermogen ); daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_structuur omzet exploitatieopbrengst omloopsnelheid = ---------------------------------------------------- = --------------------------------------------------- gemiddeld_totale_vermogen gemiddeld_totale_vermogen - De tussenvragen die hier eerst moeten worden beantwoord zijn: ten 1e. wat is de omzet in 2004 ? en ten 2e. hoeveel is het genvesteerde gemiddeld_totale_vermogen in 2004 ? Dan ten 3e de vraag: Hoeveel bedroeg de omloopsnelheid van het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen in 2004 afgerond op twee decimalen ? 1. Wat is de omzet in 2004 ? - van een N.V. steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 52.500.000,- - in het boekjaar 2004 bedroeg de omzet daarom Euro 52.500.000,- 2. Hoeveel is het genvesteerde gemiddeld_totale_vermogen in 2004 ? - het totale_vermogen op 31 december 2004 bedroeg Euro 24.200.000,- en dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003 - op 31 december 2003 bedroeg het totale_vermogen ( 100 / 110 ) x Euro 24.200.000,- = Euro 22.000.000 - het gemiddeld_totale_vermogen in 2004 = ( 24.200.000 + 22.000.000 ) / 2 = 23.100.000 Euro 3. Hoeveel bedroeg de omloopsnelheid van het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen in 2004 afgerond op twee decimalen ? - de omloopsnelheid = 52.500.000,- / 23.100.000 = 2,27 Het meest juiste antwoord is dus B-3350t het totaal van de Agioreserve en de Algemene_reserve. Op welke wijze is de Agioreserve ontstaan ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag Door een belegging van de inmiddels opgebouwde pensioenvoorziening. Door herwaardering van het gebouw en de inventaris na de oprichting van de B.V. Door inbreng bij oprichting van het eigen_vermogen boven het nominaal_aandelenvermogen. - In de casus is sprake van een agioreserve in combinatie met het ontstaan daarvan - het gaat hier dus om een vorm van vermogen - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Vermogensvorm(en) - Het nominaal_aandelenvermogen is het aantal aandelen van het maatschappelijk_kapitaal x de nominale_waarde per aandeel - als aandelen worden uitgegeven tegen een emissieprijs boven de nominale_waarde per aandeel ( boven_pari ) dan ontstaat er een agioreserve Het meest juiste antwoord is dus CyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 17 tot en met 20. ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Balansen Makelaardij Lingepoort BV ( bedragen x Euro 1.000,-- ) per 31 december ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ 2004 2003 2004 2003 ---------- ---------- ---------- ---------- Gebouw(en) 462 484 Aandelenvermogen 20 20 Inventaris 36 57 Reserve(s) 128 180 Debiteur(en) 108 128 Pensioenvoorziening 135 124 Te vorderen vennootschapsbelasting 28 0 Hypothecaire_lening 330 355 Bank 32 64 Aflossing hypothecaire_lening 25 25 Crediteuren 28 29 ---------- ---------- ---------- ---------- 666 733 666 733 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Het jaar 2004 was voor Lingepoort BV een teleurstellend jaar. Voor het eerst in haar bestaan is er verlies geleden. Voorheen was de BV zeer winstgevend met winst(en) tot Euro 100.000,-- per jaar. De post Reserves op de balans betreft het totaal van de Agioreserve en de Algemene_reserve. Op welke wijze is de Agioreserve ontstaan ? a Door een belegging van de inmiddels opgebouwde pensioenvoorziening. b Door herwaardering van het gebouw en de inventaris na de oprichting van de B.V. c Door inbreng bij oprichting van het eigen_vermogen boven het nominaal_aandelenvermogen. -3350 $c$,F6? -//1M W  - Examen BA / BE 2005 - IVraag18Vraag18Onderstaande casus heeft betrekking op de vragen 17 tot en met 20. Het jaar 2004 was voor Lingepoort BV een teleurstellend jaar. Voor het eerst in haar bestaan is er verlies geleden. Voorheen was de BV zeer winstgevend met winst(en) tot Euro 100.000,-- per jaar. Hoeveel bedraagt het verlies voor belasting over het jaar 2004 ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag Deze vraag is vervallen Euro 52.0ɣE9? -=) [  - Examen BA / BE 2005 - IVraag17Vraag17COnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 17 tot en met 20. Het jaar 2004 was voor Lingepoort BV een teleurstellend jaar. Voor het eerst in haar bestaan is er verlies geleden. Voorheen was de BV zeer winstgevend met winst(en) tot Euro 100.000,-- per jaar. De post Reserve(s) op de balans betref00,-- Euro 80.000,-- Euro 100.000,-- - In de casus is sprake van een verlies_vr_belasting - het gaat hier dus om de resultatenrekening / winst-_en_verliesrekening Deze vraag is vervallenyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 17 tot en met 20. ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Balansen Makelaardij Lingepoort BV ( bedragen x Euro 1.000,-- ) per 31 december ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ 2004 2003 2004 2003 ---------- ---------- ---------- ---------- Gebouw(en) 462 484 Aandelenvermogen 20 20 Inventaris 36 57 Reserve(s) 128 180 Debiteur(en) 108 128 Pensioenvoorziening 135 124 Te vorderen vennootschapsbelasting 28 0 Hypothecaire_lening 330 355 Bank 32 64 Aflossing hypothecaire_lening 25 25 Crediteuren 28 29 ---------- ---------- ---------- ---------- 666 733 666 733 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Het jaar 2004 was voor Lingepoort BV een teleurstellend jaar. Voor het eerst in haar bestaan is er verlies geleden. Voorheen was de BV zeer winstgevend met winst(en) tot Euro 100.000,-- per jaar. Hoeveel bedraagt het verlies vr belasting over het jaar 2004 ? a Euro 52.000,-- b Euro 80.000,-- c Euro 100.000,-- -3350 gebouw is een aantal jaren geleden aangekocht voor Euro 660.000,-- en wordt lineair afgeschreven tot nihil. Op welke datum is het gebouw aangekocht ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag Op 1 januari 1995 Op 1 januari 1996 Op 1 januari 1997 - In de casus is sprake van een aanschafprijs in combinatie met een lineaire_afschrijving - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: afschrijving en afschrijvingskosten / kosten en kostprijs - Op het gebouw wordt lineair afgeschreven, dat wil zeggen: ieder jaar een gelijk bedrag - per jaar wordt afgeschreven op het gebouw: 484.000 - 462.000 = 22.000 Euro - op 31 december 2003 = 1 januari 2004 was de waarde van het gebouw Euro 484.000 - er is tussen de datum van aanschaf en 1 januari 2004 een totaal bedrag van 660.000 - 484.000 = 176.000 Euro afgeschreven - dat is 176.000 / 22.000 = 8 termijn(en). dus het gebouw is 8 jaar eerder aangeschaft en wel op 1 januari 1996 Het meest juiste antwoord is daarom ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 17 tot en met 20. ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Balansen Makelaardij Lingepoort BV ( bedragen x Euro 1.000,-- ) per 31 december ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ 2004 2003 2004 2003 ---------- ---------- ---------- ---------- Gebouw(en) 462 484 Aandelenvermogen 20 20 Inventaris 36 57 Reserve(s) 128 180 Debiteur(en) 108 128 Pensioenvoorziening 135 124 Te vorderen vennootschapsbelasting 28 0 Hypothecaire_lening 330 355 Bank 32 64 Aflossing hypothecaire_lening 25 25 Crediteuren 28 j      #!#$%#'(-*+-5/0123j<789:<A>?DBGJHJRLRQNPTUWXWZb_]b`bjhhfkiklpnqtrqwuqyz~|j 29 ---------- ---------- ---------- ---------- 666 733 666 733 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Het jaar 2004 was voor Lingepoort BV een teleurstellend jaar. Voor het eerst in haar bestaan is er verlies geleden. Voorheen was de BV zeer winstgevend met winst(en) tot Euro 100.000,-- per jaar. Het gebouw is een aantal jaren geleden aangekocht voor Euro 660.000,-- en wordt lineair afgeschreven tot nihil. Op welke datum is het gebouw aangekocht ? a Op 1 januari 1995 b Op 1 januari 1996 c Op 1 januari 1997 -3350 `G6?+111u   - Examen BA / BE 2005 - IVraag19Vraag19BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 17 tot en met 20. Het jaar 2004 was voor Lingepoort BV een teleurstellend jaar. Voor het eerst in haar bestaan is er verlies geleden. Voorheen was de BV zeer winstgevend met winst(en) tot Euro 100.000,-- per jaar. Hetl een kostenpost van Euro 11.000,--. Een daling van het banksaldo met Euro 11 .000,-- en een kostenpost van Euro 11.000,--. - In de casus is sprake van een pensioenvoorziening in combinatie met een eventuele wijziging in banksaldo en eventuele kostenpost(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Voorziening(en) komen in de regel ten laste van het resultaat ( winst-_en_verliesrekening ) en daarmee ten laste van de winst - de Balanspost / grootboekrekening genaamd " Pensioenvoorziening " is in 2004 met Euro 11.000 gecrediteerd, hetgeen - ten laste komt van de grootboekrekening ( HEV ) genaamd " Pensioenvoorzieningskosten " , en - welke HEV " Pensioenvoorzieningskosten " met een bedrag ter grootte van Euro 11.000 wordt gedebiteerd, en waarbij - er dus GEEN geld verschuift van de bank naar de betreffende voorziening Het meest juiste antwoord is daarom ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 17 tot en met 20. ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Balansen Makelaardij Lingepoort BV ( bedragen x Euro 1.000,-- ) per 31 december ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ 2004 2003 2004 2003 ---------- ---------- ---------- ---------- Gebouw(en) 462 484 Aandelenvermogen 20 20 Inventaris 36 57 Reserve(s) 128 180 Debiteur(en) 108 128 Pensioenvoorziening 135 124 Te vorderen vennootschapsbelasting 28 0 Hypothecaire_lening 330 355 Bank 32 64 Aflossing hypothecaire_lening 25 25 Crediteuren 28 29 ---------- ---------- ---------- ---------- 666 733 666 733 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Het jaar 2004 was voor Lingepoort BV een teleurstellend jaar. Voor het eerst in haar bestaan is er verlies geleden. Voorheen was de BV zeer winstgevend met winst(en) tot Euro 100.000,-- per jaar. De pensioenvoorziening is met Euro 11.000,-- toegenomen. Wat was het effect hiervan op het banksaldo en de kosten ? a Een daling van het banksaldo met Euro 11.000,--, maar geen kosten. b Geen daling van het banksaldo, maar wel een kostenpost van Euro 11.000,--. c Een daling van het banksaldo met Euro 11 .000,-- en een kostenpost van Euro 11.000,--. Einde casus. -3350 663H9?#;1 E  - Examen BA / BE 2005 - IVraag20Vraag20BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 17 tot en met 20. Het jaar 2004 was voor Lingepoort BV een teleurstellend jaar. Voor het eerst in haar bestaan is er verlies geleden. Voorheen was de BV zeer winstgevend met winst(en) tot Euro 100.000,-- per jaar. De pensioenvoorziening is met Euro 11.000,-- toegenomen. Wat was het effect hiervan op het banksaldo en de kosten ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag Einde casus. Een daling van het banksaldo met Euro 11.000,--, maar geen kosten. Geen daling van het banksaldo, maar wendement neemt toe. Het reel_rendement neemt toe en het nominaal_rendement neemt af. Het nominaal_rendement neemt toe en het reel_rendement neemt af. - In de casus is sprake van een reel_rendement in combinatie met nominaal_rendement - Het nominaal_rendement neemt door de huurverhoging toe met 4 %, waarbij - het nominaal_rendement geen rekening houdt met de inflatie - Het reel_rendement = nominaal_rendement - inflatie ( percentage ) = 4 - 2 = 2 % - waarbij het nominaal_rendement dus wordt gecorrigeerd voor de inflatie zodat het reel_rendement ontstaat dat lager is dan het nominaal_rendement - zolang de inflatie lager is dan de toename van het nominaal_rendement, neemt het reel_rendement toe ofwel - zolang de toename van het nominaal_rendement groter is dan de inflatie, neemt het reel_rendement toe - In het huidige geval nemen zowel het reel_rendement als het nominaal_rendement toe Het meest juiste antwoord is daarom Ay-3350 :J8?}#M   - Examen BA / BE 2005 - IVraag22Vraag22COnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. Welke van de volgende uitspraken heeft betrekking op een annuteitenhypotheek ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraagDe renteaftrek zal bij deze lening ieder jaar toenemen. Tijdens de looptijd van de lening hoeft de schuldenaaي*I8?O I    - Examen BA / BE 2005 - IVraag21Vraag21AEen verhuurder van een bedrijfsruimte verhoogt de huur met 4 %. De inflatie bedraagt 2 %. Welke uitspraak over het rendement van de verhuurder is nu juist ? Zowel het nominaal_rendement als het reel_rer niets af te lossen. De schuldrest zal bij deze lening in de laatste jaren van de looptijd sterker dalen dan in de eerste jaren van de looptijd. - In de casus is sprake van een annuteitenhypotheek in combinatie met renteaftrek, aflossing, schuldrest en voortschrijden van de looptijd - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Bij een annuteitenhypotheek is de som van rente en aflossing, gedurende de looptijd van de lening, ieder jaar gelijk en wel gelijk aan de zogenoemde annuteit, waarbij bij voortschrijdende looptijd: - de rentelast over de restschuld ieder jaar afneemt en de aflossing van de schuldrest ieder jaar toeneemt, zodat - in het begin relatief meer rente en relatief minder aflossing wordt betaald dan tegen het einde van de looptjd - tegen het einde relatief meer aflossing en relatief minder rente wordt betaald dan aan het begin van de looptijd en dat - sluit antwoorden A en B uit, en ondersteunt antwoord C Het meest juiste antwoord is daarom CyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. De lage rente op de kapitaalmarkt en de hoge rendement(en) op de effectenbeurs zijn mede oorzaak geweest van een grote variteit aan hypotheekvorm(en). Een makelaar maakt ten behoeve van een clint het volgende overzicht: Risico profiel: Laag: - annuteitenhypotheek - levenhypotheek - spaarhypotheek Midden: - gecombineerde spaar-/beleggingshypotheek Hoog: - beleggingshypotheek Uitgaande van bepaalde gegevens en veronderstellingen worden voor de clint de jaarlast(en), fiscale voordelen, etc. berekend: - de voor de woning benodigde hypothecaire lening bedraagt Euro 230.000,--; - de hypotheekrente is 6% per jaar; de spaarrente is 5,5% per jaar; - de rentevastperiode is 10 jaar; - de looptijd van de lening is 30 jaar; - de afsluitdatum van de lening is 1 januari 2002. s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 Annuteitenhypotheek Voor de berekeningen wordt er vanuit gegaan dat de jaarlijkse betaling(en) aan het eind van elk jaar plaatsvinden. Welke van de volgende uitspraken heeft betrekking op een annuteitenhypotheek ? a De renteaftrek zal bij deze lening ieder jaar toenemen. b Tijdens de looptijd van de lening hoeft de schuldenaar niets af te lossen. c De schuldrest zal bij deze lening in de laatste jaren van de looptijd sterker dalen dan in de eerste jaren van de looptijd. -3350709 Euro per jaar - Let op: stel Ann(30\6) is niet gegeven, dan Ann(30\6) = 1 / a(30\6) zodat A = K(n) x ( 1 / a(30\6) ) = K(n) / a(30\6) = 230.000 / 13,7648311515 = 16.709 Euro per jaar Het meest juiste antwoord is daarom ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. De lage rente op de kapitaalmarkt en de hoge rendement(en) op de effectenbeurs zijn mede oorzaak geweest van een grote variteit aan hypotheekvorm(en). Een makelaar maakt ten behoeve van een clint het volgende overzicht: Risico profiel: Laag: - annuteitenhypotheek - levenhypotheek - spaarhypotheek Midden: - gecombineerde spaar-/beleggingshypotheek Hoog: - beleggingshypotheek Uitgaande van bepaalde gegevens en veronderstellingen worden voor de clint de jaarlast(en), fiscale voordelen, etc. berekend: - de voor de woning benodigde hypothecaire_lening bedraagt Euro 230.000,--; - de hypotheekrente is 6% per jaar; de spaarrente is 5,5% per jaar; - de rentevastperiode is 10 jaar; - de looptijd van de lening is 30 jaar; - de afsluitdatum van de lening is 1 januari 2002. s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 Annuteitenhypotheek Voor de berekeningen wordt er vanuit gegaan dat de jaarlijkse betaling(en) aan het eind van elk jaar plaatsvinden. Hoe groot is de jaarlijkse annuteit ( afgerond op hele euro(s) ) ? a Euro 16.512,-- b Euro 16.709,-- c Euro 16.923,-- -3350 ""OK6?g+++u G  - Examen BA / BE 2005 - IVraag23Vraag23BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. Hoe groot is de jaarlijkse annuteit ( afgerond op hele euro(s) ) ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraagEuro 16.512,-- Euro 16.709,-- Euro 16.923,-- - In de casus is sprake van een annuteitenhypotheek in combinatie met de berekening van de annuteit - het gaat hier dus om financile_berekening(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - De annuteit A kan worden berekend middels: A = K(n) x Ann(30\6) = 230.000 x 0,072649 = 16.te in de annuteit van 2010. - In de casus is sprake van een annuteitenhypotheek, alsmede een annuteit, in combinatie met te betalen rente, en renteaftrek m.b.t. box1_ib van de inkomstenbelasting - het gaat hier dus om financile_berekening(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Bij een annuteitenhypotheek is de som van rente + aflossing = de annuteit ieder jaar gelijk, waarbij - het rentebestanddeel ieder jaar minder wordt omdat de schuldrest ieder jaar minder wordt en alleen rente over de schuldrest wordt betaald - het aflossingsbestanddeel wordt ieder jaar groter, want rente + aflossing = annuteit = ieder jaar hetzelfde - voor de inkomstenbelasting mag alleen het daadwerkelijk betaalde rentebestanddeel van de annuteit worden afgetrokken = rentebestanddel m.b.t. de restschuld Het meest juiste antwoord is daarom CyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. De lage rente op de kapitaalmarkt en de hoge rendement(en) op de effectenbeurs zijn mede oorzaak geweest van een grote variteit aan hypotheekvorm(en). Een makelaar maakt ten behoeve van een clint het volgende overzicht: Risico profiel: Laag: - annuteitenhypotheek - levenhypotheek - spaarhypotheek Midden: - gecombineerde spaar-/beleggingshypotheek Hoog: - beleggingshypotheek Uitgaande van bepaalde gegevens en veronderstellingen worden voor de clint de jaarlast(en), fiscale voordelen, etc. berekend: - de voor de woning benodigde hypothecaire lening bedraagt Euro 230.000,--; - de hypotheekrente is 6% per jaar; de spaarrente is 5,5% per jaar; - de rentevastperiode is 10 jaar; - de looptijd van de lening is 30 jaar; - de afsluitdatum van de lening is 1 januari 2002. s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 Annuteitenhypotheek Voor de berekeningen wordt er vanuit gegaan dat de jaarlijkse betaling(en) aan het eind van elk jaar plaatsvinden. Voor de bepaling van het belastbare inkomen voor de inkomstenbelasting zijn er met betrekking tot de annuteitenhypotheek bepaalde aftrekpost(en). Wat mag bij de annuteitenhypotheek in het jaar 2010 in mindering gebracht worden bij de berekening van het belastbare_inkomen in box_1_ib, indien de hypotheek wordt gebruikt als financiering voor de hoofdwoning ? a De annuteit van 2010. b De rente over de hoofdsom. c De rente in de annuteit van 2010. -3350 RRL6?/;CSW e  - Examen BA / BE 2005 - IVraag24Vraag24COnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. Voor de bepaling van het belastbare inkomen voor de inkomstenbelasting zijn er met betrekking tot de annuteitenhypotheek bepaalde aftrekpost(en). Wat mag bij de annuteitenhypotheek in het jaar 2010 in mindering gebracht worden bij de berekening van het belastbare_inkomen in box_1_ib, indien de hypotheek wordt gebruikt als financiering voor de hoofdwoning. Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraagDe annuteit van 2010. De rente over de hoofdsom. De ren ( ofwel = 250.000 / 13,7648311515 ) = 18.162,25 Euro, en dat klopt dus met het gegeven bedrag van Euro 18.162,23 ( binnen de afronding ) - De schuldrest R van een annuteitenhypotheek met een annuteit A die nog een looptijd heeft van n periode(n) en rente p % is: R = A x a(n\p) - de lening was afgesloten op 1 januari 2002 tegen 6 % per jaar; de betalingen worden steeds aan het einde van het jaar verricht - de gevraagde situatie is die op 31 december 2010 om 24:00 uur ofwel die op 1 januari 2011 om 00:00 uur ( dat is hetzelfde ) - op 1 januari 2002 was de looptijd 30 jaar; dan is de looptijd op 1 januari 2011 gerekend, 9 jaar minder en resteert nog 21 jaar - de schuldrest R op 31 december 2010 ofwel die op 1 januari 2011is dan: R = 18.162,23 x a(21\6) = 18.162,23 x 11,764077 = 427.324 Euro 213.662,-- want a(n\p) = ( s(n-1\p) -1) / S(n\p) ==>> a(21\6) = ( s(20\6) -1 ) / S(21\6) = ( 38,99272668 -1 ) / 3,39956360 = 11,1758 Het meest juiste antwoord is daarom B ( een aantal gegevens is niet gegeven in deze opgave )yOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. De lage rente op de kapitaalmarkt en de hoge rendement(en) op de effectenbeurs zijn mede oorzaak geweest van een grote variteit aan hypotheekvorm(en). Een makelaar maakt ten behoeve van een clint het volgende overzicht: Risico profiel: Laag: - annuteitenhypotheek - levenhypotheek - spaarhypotheek Midden: - gecombineerde spaar-/beleggingshypotheek Hoog: - beleggingshypotheek Uitgaande van bepaalde gegevens en veronderstellingen worden voor de clint de jaarlast(en), fiscale voordelen, etc. berekend: - de voor de woning benodigde hypothecaire lening bedraagt Euro 230.000,--; - de hypotheekrente is 6% per jaar; de spaarrente is 5,5% per jaar; - de rentevastperiode is 10 jaar; - de looptijd van de lening is 30 jaar; - de afsluitdatum van de lening is 1 januari 2002. s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 Annuteitenhypotheek Voor de berekeningen wordt er vanuit gegaan dat de jaarlijkse betaling(en) aan het eind van elk jaar plaatsvinden. Uitgaande van een enigszins verhoogde lening van Euro 250.000,-- bedraagt de annuteit Euro 18.162,23. Hoe groot is in die situatie de schuldrest aan het einde van 2010 direct na betaling van de annuteit ( afgerond op hele euro(s) ) ? a Euro 211.482,-- b Euro 213.662,-- c Euro 216.824,-- -3350 ==0M6?;///u )  - Examen BA / BE 2005 - IVraag25Vraag25BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. Uitgaande van een enigszins verhoogde lening van Euro 250.000,-- bedraagt de annuteit Euro 18.162,23. Hoe groot is in die situatie de schuldrest aan het einde van 2010 direct na betaling van de annuteit ( afgerond op hele euro(s) ) ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraagEuro 211.482,-- Euro 213.662,-- Euro 216.824,-- - In de casus is sprake van een annuteitenhypotheek in combinatie met een annuteit en de bepaling van een schuldrest - het gaat hier dus om financile_berekening(en); daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Bij een annuteitenhypotheek ( 30 jaar en 6 % ) bedraagt de annuteit A = hoofdsom x Ann(30\6) ( ofwel = hoofdsom / a(30\6) ) = 250.000 x 0,072649 JJp.Tz8^Bh%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag21I%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag22J%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag23K%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag24L%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag25M%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag26N%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag27O%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag28P%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag29Q%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag30R%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag31S%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag32T%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag33U%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag34V%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag35W%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag36X%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag37Y%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag38Z%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag39[%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag40\%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag41]%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag42^%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag43_%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag44`%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag45ao bij de spaarhypotheek op 31 december 2010 ( afgerond op hele euro(s) ) ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraagEuro 21.600,-- Euro 25.009,-- Euro 27.115,-- - In de casus is sprake van een spaarhypotheek in combinatie met een jaarlijks spaarbedrag en een opgebouwd spaarsaldo - omdat er steeds / periodiek aan het begin van het jaar wordt gestort is er sprake van periodieke_storting_prenumerando_rente - het gaat hier dus om financile_berekening(en) van de eindwaarde bij periodieke_storting(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Op 31 december 2010 hebben in het totaal 9 storting(en) plaatsgevonden - bij een jaarlijks storting van het periodieke spaarbedrag T ter grootte van Euro 2.106 is het opgebouwde spaarsaldo K(9) na 9 storting(en): K(9) = T x s(9\5,5) = 2.106 x 11,875354 = 25.009,-- Euro Het meest juiste antwoord is daarom ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. De lage rente op de kapitaalmarkt en de hoge rendement(en) op de effectenbeurs zijn mede oorzaak geweest van een grote variteit aan hypotheekvorm(en). Een makelaar maakt ten behoeve van een clint het volgende overzicht: Risico profiel: Laag: - annuteitenhypotheek - levenhypotheek - spaarhypotheek Midden: - gecombineerde spaar-/beleggingshypotheek Hoog: - beleggingshypotheek Uitgaande van bepaalde gegevens en veronderstellingen worden voor de clint de jaarlast(en), fiscale voordelen, etc. berekend: - de voor de woning benodigde hypothecaire lening bedraagt Euro 230.000,--; - de hypotheekrente is 6% per jaar; de spaarrente is 5,5% per jaar; - de rentevastperiode is 10 jaar; - de looptijd van de lening is 30 jaar; - de afsluitdatum van de lening is 1 januari 2002. s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 Annuteitenhypotheek Voor de berekeningen wordt er vanuit gegaan dat de jaarlijkse betaling(en) aan het eind van elk jaar plaatsvinden. Spaarhypotheek Bij deze hypotheekvorm wordt jaarlijks een bedrag gestort, juist voldoende om de schuld van Euro 230.000,-- na 30 jaar volledig af te lossen. De storting wordt geacht aan het begin van het jaar plaats te vinden en bedraagt Euro 2.106,-- per jaar, voor de eerste keer per 1 januari 2002. Hoeveel bedraagt het spaarsaldo bij de spaarhypotheek op 31 december 2010 ( afgerond op hele euro(s) ) ? a Euro 21.600,-- b Euro 25.009,-- c Euro 27.115,-- -3350 O8?s[5O   - Examen BA / BE 2005 - IVraag27Vraag27AOnderstkN6?---C y  - Examen BA / BE 2005 - IVraag26Vraag26BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. Spaarhypotheek Bij deze hypotheekvorm wordt jaarlijks een bedrag gestort, juist voldoende om de schuld van Euro 230.000,-- na 30 jaar volledig af te lossen. De storting wordt geacht aan het begin van het jaar plaats te vinden en bedraagt Euro 2.106,-- per jaar, voor de eerste keer per 1 januari 2002. Hoeveel bedraagt het spaarsaldaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. Spaarhypotheek Bij deze hypotheekvorm wordt jaarlijks een bedrag gestort, juist voldoende om de schuld van Euro 230.000,-- na 30 jaar volledig af te lossen. De storting wordt geacht aan het begin van het jaar plaats te vinden en bedraagt Euro 2.106,-- per jaar, voor de eerste keer per 1 januari 2002. Welke bedrag mag bij de spaarhypotheek in het jaar 2010 in mindering gebracht worden bij de berekening van het betastbare inkomen in box1, indien de hypotheek wordt gebruikt als financiering voor de hoofdwoning ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraagUitsluitend de rente over de hoofdsom. De rente over de hoofdsom minus de totale besparing(en) aan het begin van het jaar. De rente over het saldo van de hoofdsom minus de totale besparing(en) aan het eind van het jaar. - In de casus is sprake van een spaarhypotheek in combinatie met renteaftrek m.b.t. box_1_ib ( inkomstenbelasting ) - Bij een spaarhypotheek wordt NIET afgelost gedurende de looptijd - de hoofdsom blijft daardoor onveranderd - er wordt jaarlijks een vast bedrag gespaard en - er wordt jaarlijks een vast bedrag aan rente betaald, want - er moet gedurende de looptijd steeds rente over het gehele bedrag van de hoofdsom worden betaald omdat er niets wordt afgelost - aan het einde van de looptijd wordt de lening met de opbrengst van de periodiek gestorte spaarbedrag(en), in een keer afgelost Het meest juiste antwoord is daarom AyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. De lage rente op de kapitaalmarkt en de hoge rendement(en) op de effectenbeurs zijn mede oorzaak geweest van een grote variteit aan hypotheekvorm(en). Een makelaar maakt ten behoeve van een clint het volgende overzicht: Risico profiel: Laag: - annuteitenhypotheek - levenhypotheek - spaarhypotheek Midden: - gecombineerde spaar-/beleggingshypotheek Hoog: - beleggingshypotheek Uitgaande van bepaalde gegevens en veronderstellingen worden voor de clint de jaarlast(en), fiscale voordelen, etc. berekend: - de voor de woning benodigde hypothecaire lening bedraagt Euro 230.000,--; - de hypotheekrente is 6% per jaar; de spaarrente is 5,5% per jaar; - de rentevastperiode is 10 jaar; - de looptijd van de lening is 30 jaar; - de afsluitdatum van de lening is 1 januari 2002. s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 Annuteitenhypotheek Voor de berekeningen wordt er vanuit gegaan dat de jaarlijkse betaling(en) aan het eind van elk jaar plaatsvinden. Spaarhypotheek Bij deze hypotheekvorm wordt jaarlijks een bedrag gestort, juist voldoende om de schuld van Euro 230.000,-- na 30 jaar volledig af te lossen. De storting wordt geacht aan het begin van het jaar plaats te vinden en bedraagt Euro 2.106,-- per jaar, voor de eerste keer per 1 januari 2002. Welke bedrag mag bij de spaarhypotheek in het jaar 2010 in mindering gebracht worden bij de berekening van het betastbare inkomen in box 1, indien de hypotheek wordt gebruikt als financiering voor de hoofdwoning ? a Uitsluitend de rente over de hoofdsom. b De rente over de hoofdsom minus de totale besparingen aan het begin van het jaar. c De rente over het saldo van de hoofdsom minus de totale besparingen aan het eind van het jaar. -3350et depot moet worden gestort, uitgaande van een rendement van 7% per jaar ( afgerond op Euro 10,-- naar boven ) ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag. Einde casus. Euro 30.220,-- Euro 32.330,-- Euro 34.790,-- - In de casus is sprake van een hypothecaire_lening ter grootte van Euro 230.000 + een extra bedrag ter grootte K(o) om te beleggen en zodoende het totaal aan geleend geld K(totaal) = 230.000 + K(o), af te kunnen lossen aan het eind van de looptijd - het gaat hier dus om financile_berekening(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Het totaal geleende bedrag K(totaal) = 230.000 + K(o) - de hypothecaire_lening + het extra bedrag K(0) tesamen K(totaal), moet worden afgelost op 1 januari 2032 - Het gedeelte K(o) betreft de vorming van een eindkapitaal k(n) op 1 januari 2032 na een nmalige storting K(o) op 1 januari 2002 - dit kapitaal K(o) is dus 30 jaren belegd en groeit in 30 jaar aan tot: K(30) = K(o) x S(30\7) = K(o) x 7,612255 - Na 30 jaar moet K(30) voldoende zijn om het bedrag K(totaal) = 230.000 + K(o) af te lossen, waaruit volgt: K(totaal) = 230.000 + K(o) = K(30) = K(o) x S(30\7) = 7,612255 x K(o) ==>> = 230.000 + K(o) = 7,612255 x K(o) ==>> 230.000 = 6,612255 x K(o) ==>> K(o) = 230.000 / 6,612255 = 34,784 Euro en wordt afgerond op Euro 10 naar boven = 34.790 Euro Het meest juiste antwoord is daarom CyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. De lage rente op de kapitaalmarkt en de hoge rendement(en) op de effectenbeurs zijn mede oorzaak geweest van een grote variteit aan hypotheekvorm(en). Een makelaar maakt ten behoeve van een clint het volgende overzicht: Risico profiel: Laag: - annuteitenhypotheek - levenhypotheek - spaarhypotheek Midden: - gecombineerde spaar-/beleggingshypotheek Hoog: - beleggingshypotheek Uitgaande van bepaalde gegevens en veronderstellingen worden voor de clint de jaarlast(en), fiscale voordelen, etc. berekend: - de voor de woning benodigde hypothecaire lening bedraagt Euro 230.000,--; - de hypotheekrente is 6% per jaar; de spaarrente is 5,5 % per jaar; - de rentevastperiode is 10 jaar; - de looptijd van de lening is 30 jaar; - de afsluitdatum van de lening is 1 januari 2002. s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 Annuteitenhypotheek: voor de berekeningen wordt er vanuit gegaan dat de jaarlijkse betaling(en) aan het eind van elk jaar plaatsvinden. Spaarhypotheek: bij deze hypotheekvorm wordt jaarlijks een bedrag gestort, juist voldoende om de schuld van Euro 230.000,-- na 30 jaar volledig af te lossen. De storting wordt geacht aan het begin van het jaar plaats te vinden en bedraagt Euro 2.106,-- per jaar, voor de eerste keer per 1 januari 2002. Beleggingshypotheek: bij deze hypotheekvorm wordt naast het voor de woning noodzakelijke bedrag van de lening ad Euro 230.000,-- een extra bedrag geleend op de ingangsdatum van de hypotheek. Dit extra geleende bedrag wordt volledig in een effectendepot gestort. Dit bedrag moet juist voldoende zijn om aan het eind de gehele lening (inclusief dat extra geleende bedrag) af te lossen. Hoe groot is het bedrag dat op 1 januari 2002 in het depot moet worden gestort, uitgaande van een rendement van 7% per jaar ( afgerond op Euro 10,-- naar boven ) ? a Euro 30.220,-- b Euro 32.330,-- c Euro 34.790,-- Einde casus. -3350 LP6?S---)   - Examen BA / BE 2005 - IVraag28Vraag28COnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 22 tot en met 28. Beleggingshypotheek Bij deze hypotheekvorm wordt naast het voor de woning noodzakelijke bedrag van de lening ad Euro 230.000,-- een extra bedrag geleend op de ingangsdatum van de hypotheek. Dit extra geleende bedrag wordt volledig in een effectendepot gestort. Dit bedrag moet juist voldoende zijn om aan het eind de gehele lening ( inclusief dat extra geleende bedrag ) af te lossen. Hoe groot is het bedrag dat op 1 januari 2002 in hrake van een break_even_afzet in combinatie met verkoopprijs, constante_kosten en variabele_kosten - de winst bij verkoop van een bepaald aantal eenheden ( dat boven de break_even_afzet ligt ) moet worden berekend - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs Winst = omzet - variabele_kosten - constante_kosten (1) BREAK_EVEN-situatie: invullen van gegevens in (1) geeft: 0 = ( 20.000 eenheden x Euro 120 per eenheid ) - variabele_kosten - 1.000.000 0 = 2.400.000 Euro - variabele_kosten - 1.000.000 => 0 = 1.400.000 - variabele_kosten => variabele_kosten = 1.400.000 ==>> de variabele_kosten per eenheid = 1.400.000 / 20.000 = 70 Euro per eenheid Berekening van de winst: invullen van gegevens in (1) geeft: Winst = ( 25.000 eenheden x Euro 120 per eenheid ) - ( 25.000 x 70 ) - 1.000.000 = 3.000.000 - 1.750.000 - 1.000.000 = 250.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom Ay-3350 uR6? +++M   - Examen BA / BE 2005 - IVraag30Vraag30CVan makelaardij o.z. Bressing zijn de volgende gegevens bekend: - Debiteurensaldo 1 januari 2003: Euro 20.000,-- - Debiteurensaldo 31 december 2003: Euro 25.000,-- - Courtageontvangst(en) in 2003: Euro 265.000,-- - Proportioneel variaQ5?--+    - Examen BA / BE 2005 - IVraag29Vraag29AVan een onderneming is onderstaande gegeven: - de break_even_afzet is 20.000 eenheden; - de verkoopprijs is Euro 120,-- per eenheid; - de constante_kosten zijn Euro 1.000.000,--; - de variabele_kosten zijn proportioneel_variabel ( proportioneel_variabele_kosten ) Bereken de winst bij een afzet van 25.000 eenheden. Euro 250.000,-- Euro 600.000,-- Euro 750.000,--- In de casus is spabele_exploitatiekosten: 40 % van de courtageopbrengst - Constante_exploitatiekosten: Euro 120.000,-- Omzetbelasting wordt buiten beschouwing gelaten. Bereken het bedrijfsresultaat van 2003. Euro 36.000,-- Euro 39.000,-- Euro 42.000,-- De aanwijzingen m.b.t. het antwoord zijn overzichtelijker op een groter veld weergegeven onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " die verschijnt als u op de knop " Sluiten aanwijzingen " hier rechtsonder hebt geklikt. - In de casus is sprake van het berekenen van een bedrijfsresultaat - het gaat hier dus om de resultatenrekening ofwel de winst-_en_verliesrekening - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs winst = omzet - kosten (1) OMZET: 1. Het debiteurensaldo is met Euro 5.000 toegenomen - dit behoort tot de omzet ( de factuur is immers verstuurd naar de afnemer / debiteur ) 2. De daadwerkelijke ontvangst(en) zijn Euro 265.000,-- - dit behoort ook tot de omzet 3. De totale omzet = 5.000 + 265.000,-- = 270.000 Euro KOSTEN: 1. De variabele_kosten ( in dit geval de proportioneel_variabele_kosten ) = 0,40 x Euro 270.000 = 108.000 Euro 2. De constante_kosten = Euro 120.000 3. Totale_kosten = 108.000 + 120.000 = 228.000 Euro WINST: - Invullen van de gegevens in (1) geeft: winst = 270.000 - 228.000 = 42.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom CyCasus Van makelaardij o.z. Bressing zijn de volgende gegevens bekend: - Debiteurensaldo 1 januari 2003: Euro 20.000,-- - Debiteurensaldo 31 december 2003: Euro 25.000,-- - Courtageontvangst(en) in 2003: Euro 265.000,-- - Proportioneel variabele_exploitatiekosten: 40 % van de courtageopbrengst - Constante_exploitatiekosten: Euro 120.000,-- Omzetbelasting wordt buiten beschouwing gelaten. Bereken het bedrijfsresultaat van 2003. - In de casus is sprake van het berekenen van een bedrijfsresultaat - het gaat hier dus om de resultatenrekening ofwel de winst-_en_verliesrekening - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs winst = omzet - kosten (1) OMZET: 1. Het debiteurensaldo is met Euro 5.000 toegenomen - dit behoort tot de omzet ( de factuur is immers verstuurd naar de afnemer / debiteur ) 2. De daadwerkelijke ontvangst(en) zijn Euro 265.000,-- - dit behoort ook tot de omzet 3. De totale omzet = 5.000 + 265.000,-- = 270.000 Euro KOSTEN: 1. De variabele_kosten ( in dit geval de proportioneel_variabele_kosten ) = 0,40 x Euro 270.000 = 108.000 Euro 2. De constante_kosten = Euro 120.000 3. Totale_kosten = 108.000 + 120.000 = 228.000 Euro WINST: - Invullen van de gegevens in (1) geeft: winst = 270.000 - 228.000 = 42.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom C-3350gt volgens de balans Euro 45.000,-- Het meest juiste antwoord is daarom AyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Na enige jaren in loondienst werkzaam te zijn geweest op een makelaarskantoor, besluit Frans van Dijk zich per 1 januari 2005 als zelfstandig makelaar te vestigen. Frans gaat zich uitsluitend richten op bemiddeling bij verkoop van woningen. Hij heeft daartoe een ondernemingsplan gemaakt. De beginbalans van zijn onderneming ziet er als volgt uit: Balans per 1 januari 2005 ( bedragen x Euro 1 ,-- ) ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor 32.000 Eigen_vermogen 45.000 Huurwaarborgsom 10.000 Lening bank 80.000 Inventaris 41.000 Rekening_courant bank 4.000 Personenauto 40.000 Vooruitbetaalde_kosten 5.000 Liquide_middelen 1.000 ------------------ ----------------- 129.000 129.000 De totale constante_exploitatiekosten worden voor 2005 begroot op Euro 210.000,--. De variabele_kosten worden geschat op Euro 500,-- per verkochte woning. Zijn courtageopbrengst schat hij gemiddeld op 1,5 % van de verkoopprijzen van de woning(en). Voor 2005 is de gemiddelde verkoopprijs per woning op Euro 240.000,-- gesteld. Frans denkt in 2005 een aantal van 80 woning(en) te kunnen verkopen. Hoe groot is de intrinsieke_waarde van het makelaarskantoor van Frans op 1 januari 2005 ? a Euro 45.000,-- b Euro 84.000,-- c Euro 129.000,-- -3350 EE,S6?++-o W  - Examen BA / BE 2005 - IVraag31Vraag31AOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Hoe groot is de intrinsieke_waarde van het makelaarskantoor van Frans op 1 januari 2005 ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag.Euro 45.000,-- Euro 84.000,-- Euro 129.000,-- - In de casus is sprake van een intrinsieke_waarde in relatie tot de onderneming - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_structuur - De intrinsieke_waarde van een onderneming is gelijk aan het eigen_vermogen - het eigen_vermogen van de onderneming bedraa + 41.000 + 40.000 + 10.000 ) = 125.000 - 123.000 = 2.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom AyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Na enige jaren in loondienst werkzaam te zijn geweest op een makelaarskantoor, besluit Frans van Dijk zich per 1 januari 2005 als zelfstandig makelaar te vestigen. Frans gaat zich uitsluitend richten op bemiddeling bij verkoop van woningen. Hij heeft daartoe een ondernemingsplan gemaakt. De beginbalans van zijn onderneming ziet er als volgt uit: Balans per 1 januari 2005 ( bedragen x Euro 1 ,-- ) ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor 32.000 Eigen_vermogen 45.000 Huurwaarborgsom 10.000 Lening bank 80.000 Inventaris 41.000 Rekening_courant bank 4.000 Personenauto 40.000 Vooruitbetaalde_kosten 5.000 Liquide_middelen 1.000 ------------------ ----------------- 129.000 129.000 De totale constante_exploitatiekosten worden voor 2005 begroot op Euro 210.000,--. De variabele_kosten worden geschat op Euro 500,-- per verkochte woning. Zijn courtageopbrengst schat hij gemiddeld op 1,5 % van de verkoopprijzen van de woning(en). Voor 2005 is de gemiddelde verkoopprijs per woning op Euro 240.000,-- gesteld. Frans denkt in 2005 een aantal van 80 woning(en) te kunnen verkopen. Hoe groot is het netto werkkapitaal op 1 januari 2005 ? a Euro 2.000,-- b Euro 12.000,-- c Euro 44.000,-- -3350 T6?Q)++Q    - Examen BA / BE 2005 - IVraag32Vraag32AOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Hoe groot is het netto werkkapitaal op 1 januari 2005 ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag.Euro 2.000,-- Euro 12.000,-- Euro 44.000,-- - In de casus is sprake van een balans in combinatie met een werkkapitaal - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_structuur - Het werkkapitaal is als volgt gedefinieerd: werkkapitaal = ( eigen_vermogen + lang_vreemd_vermogen ) - ( vaste_bedrijfsmiddel(en) + niet-omlopende_activa ) - Invullen geeft: = ( 45.000 + 80.000 ) - ( 32.000 van 2005.- In de casus is sprake van verscheidene begroting(en) in combinatie met Vooruitbetaalde_kosten - het gaat hier dus om vermogensbeheersing - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: vermogensbehoefte en vermogensvorm(en) - De balans vertoont aan de debetzijde een balanspost Vooruitbetaalde_kosten - dat is een gelduitgave gedaan in het jaar daarvoor waartegenover nog geen daadwerkelijke kosten stonden - als de kosten daadwerkelijk worden gemaakt wordt de balanspost Vooruitbetaalde_kosten gecrediteerd en - de HEV betreffende de gemaakte kosten gedebiteerd - op de liquiditeitsbegroting van 2004 ( een jaar eerder dan het lopende boekjaar ) staat deze gelduitgave behorende bij Vooruitbetaalde_kosten - op de exploitatiebegroting van 2005 ( het huidige boekjaar ) staat de betreffende kostenpost op de betreffende tegenrekening ( = een HEV ) behorende bij die Vooruitbetaalde_kosten Het meest juiste antwoord is daarom AyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Na enige jaren in loondienst werkzaam te zijn geweest op een makelaarskantoor, besluit Frans van Dijk zich per 1 januari 2005 als zelfstandig makelaar te vestigen. Frans gaat zich uitsluitend richten op bemiddeling bij verkoop van woningen. Hij heeft daartoe een ondernemingsplan gemaakt. De beginbalans van zijn onderneming ziet er als volgt uit: Balans per 1 januari 2005 ( bedragen x Euro 1 ,-- ) ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor 32.000 Eigen_vermogen 45.000 Huurwaarborgsom 10.000 Lening bank 80.000 Inventaris 41.000 Rekening_courant bank 4.000 Personenauto 40.000 Vooruitbetaalde_kosten 5.000 Liquide_middelen 1.000 ------------------ ----------------- 129.000 129.000 De totale constante_exploitatiekosten worden voor 2005 begroot op Euro 210.000,--. De variabele_kosten worden geschat op Euro 500,-- per verkochte woning. Zijn courtageopbrengst schat hij gemiddeld op 1,5 % van de verkoopprijzen van de woning(en). Voor 2005 is de gemiddelde verkoopprijs per woning op Euro 240.000,-- gesteld. Frans denkt in 2005 een aantal van 80 woning(en) te kunnen verkopen. Op welke begroting van 2005 komt het bedrag van de Vooruitbetaalde_kosten ( Euro 5.000,-- ) ook voor ? a De exploitatiebegroting van 2005. b De liquiditeitsbegroting van 2005. c De vermogensbegroting van 2005.-3350 11> ( verkoopprijs per eenheid - variabele_kosten per eenheid ) Totale_constante_kosten 210.000 210.000 = ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- = ---------------------------------------------- = ------------------ = ( 0,015 x verkoopprijs per eenheid - variabele_kosten per eenheid ) ( 0,015 x 240.000 ) - 500 3.100 = 67,74 = 68  eenheden Het meest juiste antwoord is daarom ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Na enige jaren in loondienst werkzaam te zijn geweest op een makelaarskantoor, besluit Frans van Dijk zich per 1 januari 2005 als zelfstandig makelaar te vestigen. Frans gaat zich uitsluitend richten op bemiddeling bij verkoop van woningen. Hij heeft daartoe een ondernemingsplan gemaakt. De beginbalans van zijn onderneming ziet er als volgt uit: Balans per 1 januari 2005 ( bedragen x Euro 1 ,-- ) ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor 32.000 Eigen_vermogen 45.000 Huurwaarborgsom 10.000 Lening bank 80.000 Inventaris 41.000 Rekening_courant bank 4.000 Personenauto 40.000 Vooruitbetaalde_kosten 5.000 Liquide_middelen 1.000 ------------------ ----------------- 129.000 129.000 De totale constante_exploitatiekosten worden voor 2005 begroot op Euro 210.000,--. De variabele_kosten worden geschat op Euro 500,-- per verkochte woning. Zijn courtageopbrengst schat hij gemiddeld op 1,5 % van de verkoopprijzen van de woning(en). Voor 2005 is de gemiddelde verkoopprijs per woning op Euro 240.000,-- gesteld. Frans denkt in 2005 een aantal van 80 woning(en) te kunnen verkopen. Hoeveel woning(en) van gemiddeld 240.000,-- moet Frans minimaal verkopen om in 2005 kostendekkend te zijn ? a 59 b 68 c 75 -3350 Y6?q--- 3  - Examen BA / BE 2005 - IVraag37Vraag37AOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Hoe groot moet de gemiddelde verkoopprijs van de geplande 80 woning(en) zijn om een bedrijfsresultaat te behalen van Euro 50.000,-- ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag.Euro 250.000,-/X6?AW   - Examen BA / BE 2005 - IVraag36Vraag36BOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Hoeveel woning(en) van gemiddeld Euro 240.000,-- moet Frans minimaal verkopen om in 2005 kostendekkend te zijn ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag.59 68 75 - In de casus is sprake van een aantal eenheden dat moet worden verkocht om kostendekkend te zijn - het gaat hier dus om break_even en break_even_afzet; daarom kijken / zoeken in  - Euro 252.000,-- Euro 275.000,-- - In de casus is sprake van een verkoopprijs in combinatie met een te behalen bedrijfsresultaat - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Uitgangspunt is: bedrijfsresultaat = winst_vr_belasting = omzet - exploitatiekosten = Euro 50.000 (1) waarbij: omzet = 0,015 x 80 x Verkoopprijs = 1,2 x Verkoopprijs exploitatiekosten = constante_kosten + variabele_kosten = Euro 210.000 + ( 80 x Euro 500 ) = 210.000 + 40.000 = 250.000 Euro - Invullen in (1) geeft: 1,2 x Verkoopprijs - 250.000 = 50.000 - Nu aan beide kanten 250.000 optellen, dan komt er te staan: 1,2 x Verkoopprijs - 250.000 + 250.000 = 50.000 + 250.000 ofwel 1,2 x Verkoopprijs = 300.000 ==>> Verkoopprijs = 300.000 / 1.2 = 250.000 Het meest juiste antwoord is daarom AyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Na enige jaren in loondienst werkzaam te zijn geweest op een makelaarskantoor, besluit Frans van Dijk zich per 1 januari 2005 als zelfstandig makelaar te vestigen. Frans gaat zich uitsluitend richten op bemiddeling bij verkoop van woningen. Hij heeft daartoe een ondernemingsplan gemaakt. De beginbalans van zijn onderneming ziet er als volgt uit: Balans per 1 januari 2005 ( bedragen x Euro 1 ,-- ) ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor 32.000 Eigen_vermogen 45.000 Huurwaarborgsom 10.000 Lening bank 80.000 Inventaris 41.000 Rekening_courant bank 4.000 Personenauto 40.000 Vooruitbetaalde_kosten 5.000 Liquide_middelen 1.000 ------------------ ----------------- 129.000 129.000 De totale constante_exploitatiekosten worden voor 2005 begroot op Euro 210.000,--. De variabele_kosten worden geschat op Euro 500,-- per verkochte woning. Zijn courtageopbrengst schat hij gemiddeld op 1,5 % van de verkoopprijzen van de woning(en). Voor 2005 is de gemiddelde verkoopprijs per woning op Euro 240.000,-- gesteld. Frans denkt in 2005 een aantal van 80 woning(en) te kunnen verkopen. Hoe groot moet de gemiddelde verkoopprijs van de geplande 80 woning(en) zijn om een bedrijfsresultaat te behalen van Euro 50.000,-- ? a Euro 250.000,-- b Euro 252.000,-- c Euro 275.000,-- -3350agen 31 tot en met 38. Hoe wordt het verschil tussen de 80 woning(en) ( uit vraag 37 ) en het antwoord op vraag 36 genoemd ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag. Einde casus. Break_even_point Veiligheidsmarge Dekkingsbijdrage - In de casus is sprake van een begroot aantal te verkopen eenheden om zodoende een begroot bedrijfsresultaat te realiseren in combinatie met het aantal te verkopen eenheden om break_even te zijn - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Als in een begroting een zodanig aantal te verkopen eenheden tegen een begrote verkoopprijs is gepland om zodoende een bepaald bedrijfsresultaat / winst te realiseren, dan is begroot dat men aan de veilige kant van het break_even_point wenst te opereren - dit verschil tussen te verkopen eenheden met positief bedrijfsresultaat enerzijds, en met bedrijfsresultaat = 0 bij break_even anderzijds, wordt de veiligheidsmarge genoemd Het meest juiste antwoord is daarom ByOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 31 tot en met 38. Na enige jaren in loondienst werkzaam te zijn geweest op een makelaarskantoor, besluit Frans van Dijk zich per 1 januari 2005 als zelfstandig makelaar te vestigen. Frans gaat zich uitsluitend richten op bemiddeling bij verkoop van woningen. Hij heeft daartoe een ondernemingsplan gemaakt. De beginbalans van zijn onderneming ziet er als volgt uit: Balans per 1 januari 2005 ( bedragen x Euro 1 ,-- ) ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor 32.000 Eigen_vermogen 45.000 Huurwaarborgsom 10.000 Lening bank 80.000 Inventaris 41.000 Rekening_courant bank 4.000 Personenauto 40.000 Vooruitbetaalde_kosten 5.000 Liquide_middelen 1.000 ------------------ ----------------- 129.000 129.000 De totale constante_exploitatiekosten worden voor 2005 begroot op Euro 210.000,--. De variabele_kosten worden geschat op Euro 500,-- per verkochte woning. Zijn courtageopbrengst schat hij gemiddeld op 1,5 % van de verkoopprijzen van de woning(en). Voor 2005 is de gemiddelde verkoopprijs per woning op Euro 240.000,-- gesteld. Frans denkt in 2005 een aantal van 80 woning(en) te kunnen verkopen. Hoe wordt het verschil tussen de 80 woning(en) ( uit vraag 37 ) en het antwoord op vraag 36 genoemd ? a Break_even_point b Veiligheidsmarge c Dekkingsbijdrage Einde casus-3350 ob[5?i%AE+    - Examen BA / BE 2005 - IVraag39Vraag39BWelke kosten, behalve de huur, dient een huurder van een bedrijfspand in ieder geval periodiek te betalen ? Rentekosten Onroerende_zaak_belasting Kosten voor groot_onderhoud - In de casus is sprake van periodieke_kosten van een huurder m.b.t. een gehuurd bedrijfspand - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Rentekosten zijn kosten van lening(en) en er is hier geen sprake van lening(en) - De kosten voor groot_onderhoud_gebouw zijn voor rekening van de verhuurder - Het gebruikersdeel van de onroerende_zaak_belasting komt voor rekening van de huurder Het meest juiste antwoord is daarom By-3350~Z6?M///   - Examen BA / BE 2005 - IVraag38Vraag38BOnderstaande casus heeft betrekking op de vre_kosten - die constante_kosten moeten eerst worden terugverdient voordat winst kan worden gemaakt - als de verkoopprijs per eenheid van product hoger is dan de variabele_kosten per eenheid product dan wordt een " subwinst " per eenheid gemaakt die kan worden gebruikt om een ( klein ) deel van de constante_kosten mee te bekostigen / te dekken - als voldoende eenheden worden verkocht zullen de constante_kosten door de " subwinsten " geheel zijn gedekt ( break_even ) - als dan nog meer eenheden worden verkocht , wordt winst gemaakt - de " subwinst " = verkoopprijs - variabele_kosten wordt dekkingsbijdrage genoemd - Het verschil tusen de verkoopprijs en de variabele_kosten per eenheid heet de dekkingsbijdrage per eenheid - de dekkingsbijdrage = verkoopprijs ( excl. BTW ) per eenheid - variabele_kosten per eenheid = Euro 14 - Euro 4 = Euro 10 Het meest juiste antwoord is daarom Cy-3350 yGyC]5?Q/CA}    - Examen BA / BE 2005 - IVraag41Vraag41BDe directeur_grootaandeelhouder van een makelaardij o.z. in de vorm van een besloten_vennootschap ( B.V. ).\5?##!U    - Examen BA / BE 2005 - IVraag40Vraag40CEen onderneming maakt product X. De kostprijs is Euro 9,--. Deze bestaat voor Euro 5,-- uit constante_kosten en Euro 4,-- variabele_kosten. De verkoopprijs bedraagt Euro 14,-- exclusief 19 % BTW. Hoeveel bedraagt de dekkingsbijdrage van n product X ? Euro 5,-- Euro 9,-- Euro 10,--- In de casus is sprake van een product met een bepaalde (kost)prijsstructuur in combinatie met de dekkingsbijdrage - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Ongeacht het aantal vervaardigde en / of verkochte product(en) heeft een onderneming te maken met constant neemt vooruitlopend op zijn nog te ontvangen salaris een bedrag op ten laste van de bankrekening van de B.V. Op welke rekening op de balans van deze B.V. staat dit opgenomen bedrag ?Algemene_reserve Rekening_courant_directeur Vooruit_ontvangen_bedragen- In de casus is sprake van een geldopname ( in dit geval een priv_opname ) door een dga in combinatie met een corresponderende balanspost - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: balans / vermogensbehoefte en vermogensvorm(en) - De algemene_reserve van een B.V. behoort tot het eigen_vermogen van de B.V. en wordt niet belast door priv_opname(n) - Vooruit_ontvangen_bedragen zijn ontvangst(en) verkregen van toekomstige afnemer(s) van product(en) en / of dienst(en) die nog aan die toekomstige afnemer(s) moeten worden geleverd, bijvoorbeeld: vooruitbetaalde huur - De rekening_courant_directeur is een rekening waarop de financile_relatie van de dga met de B.V. kan worden bijgehouden Het meest juiste antwoord is daarom By-3350heorie bij: dagboek(en) en journaal - Er wordt een factuur ontvangen en geboekt ( voordat deze factuur op een later tijdstip wordt betaald ) - de post crediteuren moet dan worden gecrediteerd ( die schuld is groter geworden ) - er moet dan in het journaal een journaalpost met een journaalpostregel " Aan crediteuren " voorkomen - daardoor valt antwoord b af - de journaalpost met een journaalpostregel " Aan crediteuren " moet een bedrag inclusief BTW ( = Euro 4.165,-- ) bevatten - daardoor valt antwoord a af - De grootboekrekening ( HEV ) " Advertentiekosten " moet bij het maken van kosten worden gedebiteerd met een bedrag excl. BTW - daardoor valt antwoord a af - De te betalen BTW moet wel aan de crediteur worden betaald, maar kan worden teruggevorderd van de Belastingdienst, of worden verrekend: er moet dus een debetpost Te_vorderen_BTW voorkomen; daardoor vallen antwoorden a en b af Het meest juiste antwoord is daarom Cy-3350 ^8?g y    - Examen BA / BE 2005 - IVraag42Vraag42CEen makelaardij o.z. ontvangt een nota voor advertentiekosten. Bedrag Euro 3.500,-- exclusief 19% BTW. De nota wordt in de boekhouding verwerkt. Hoe luidt de journaalpost ?Advertentiekosten Euro 4.165,-- Aan Te_betalen_BTW Euro 665,-- Aan Crediteuren - 3.500,--Crediteuren Euro 4.165,-- Aan Te_vorderen_BTW Euro 665,-- Aan Advertentiekosten - 3.500,--Advertentiekosten Euro 3.500,-- Te_vorderen_BTW - 665,-- Aan Crediteuren Euro 4.165,--- In de casus is sprake van een kosten in combinatie met boekhouding en journaalpost - daarom kijken / zoeken in de t,-- 6% Hypothecaire_lening - 6.000,-- Aan Bank Euro 13.200,-- De aanwijzingen m.b.t. het antwoord zijn overzichtelijker op een groter veld weergegeven onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " die verschijnt als u op de knop " Sluiten aanwijzingen " hier rechtsonder hebt geklikt. - In de casus is sprake van een hypothecaire_lening in combinatie met interestkosten en aflossing - bovendien wordt aan het eind van elke maand de interestkosten / rentekosten van de hypothecaire_lening in de administratie verwerkt - het gaat hier dus om permanentie - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: resultaten / dagboek(en) en journaal - Alhoewel de interestkosten eenmaal per half jaar achteraf aan de bank worden overgemaakt, worden de interestkosten iedere maand geboekt, dit - geschied in het kader van de permanence / permanentie om zodoende de grootboekrekening zuiver te houden ( = de kosten over de maanden te verdelen i.p.v. van ze twee keer per jaar alleen in die maand(en) van de betaling(en) te laten drukken ) - per maand wordt de grootboekrekening ( HEV ) genaamd " Interestkosten " gedebiteerd, en de grootboekrekening " Te_betalen_interest ", die is te zien als een voorziening, gecrediteerd om zodoende een gelijkmatige spreiding van de kosten over het jaar te krijgen - twee maal per jaar wordt de bankrekening gecrediteerd en de grootboekrekening " Te_betalen_interest " gedebiteerd ( de schuld is voldaan ) - de aflossing(en) ter grootte van Euro 6.000,-- per half jaar zijn geen kosten, maar betreffen een verandering van het vermogen; - het lang_vreemd_vermogen ( een schuld ) wordt minder - de betreffende grootboekrekening genaamd " 5 % hypothecaire_lening " wordt eens per half jaar gedebiteerd - De interest bedraagt 0,05 x Euro 300.000 = Euro 15.000 per jaar, dus Euro 7.500 per half jaar - antwoord c valt daarom af - De bankrekening moet elk half jaar worden gecrediteerd met Euro 7.500 ( interest ) + Euro 6.000 ( aflossing ) = Euro 13.500 - antwoord c valt daarom af - De voorzieningenpost / voorziening " Te_betalen_interest " moet elk half jaar worden gedebiteerd met Euro 7.500 - antwoorden a en c vallen daarom af - Let op: - in het kader van de permanence worden de interestkosten iedere maand gedebiteerd op de HEV " Interestkosten " en tevens op de grootboekrekening " Te betalen lnterest " gecrediteerd - in het kader van de betalingen ( achteraf ) aan de bank wordt per half jaar de grootboekrekening " Te betalen lnterest " gedebiteerd en de grootboekrekening " Bank " gecrediteerd Het meest juiste antwoord is daarom ByCasus: Een onderneming heeft op 1 januari 2005 een 5 % hypothecaire_lening van Euro 300.000,--. Zij betaalt elk half jaar ( op 1 maart en op 1 september ) achteraf per bank de interest van deze hypothecaire_lening. Ook wordt op die data Euro 6.000,-- afgelost. Aan het eind van elke maand worden de interestkosten van deze hypothecaire_lening in de administratie verwerkt. Welke boeking wordt er op 1 maart 2005 gemaakt ? A lnterest Euro 7.500,-- 6% Hypothecaire_lening - 6.000,-- Aan Bank Euro 13.500,-- B Te betalen lnterest Euro 7.500,-- 6% Hypothecaire_lening - 6.000,-- Aan Bank Euro 13.500,-- C lnterest Euro 7.200,-- 6% Hypothecaire_lening - 6.000,-- Aan Bank Euro 13.200,-- - In de casus is sprake van een hypothecaire_lening in combinatie met interestkosten en aflossing - bovendien wordt aan het eind van elke maand de interestkosten / rentekosten van de hypothecaire_lening in de administratie verwerkt; het gaat hier dus om permanentie; daarom kijken / zoeken in de theorie bij: resultaten / dagboek(en) en journaal - Alhoewel de interestkosten eenmaal per half jaar achteraf aan de bank worden overgemaakt, worden de interestkosten iedere maand geboekt, dit - geschied in het kader van de permanence / permanentie om zodoende de grootboekrekening zuiver te houden ( = de kosten over de maanden te verdelen i.p.v. van ze twee keer per jaar alleen in die maand(en) van de betaling(en) te laten drukken ) - per maand wordt de grootboekrekening ( HEV ) genaamd " Interestkosten " gedebiteerd, en de grootboekrekening " Te_betalen_interest ", die is te zien als een voorziening, gecrediteerd om zodoende een gelijkmatige spreiding van de kosten over het jaar te krijgen - twee maal per jaar wordt de bankrekening gecrediteerd en de grootboekrekening " Te_betalen_interest " gedebiteerd ( de schuld is voldaan ) - de aflossing(en) ter grootte van Euro 6.000,-- per half jaar zijn geen kosten, maar betreffen een verandering van het vermogen; - het lang_vreemd_vermogen ( een schuld ) wordt minder - de betreffende grootboekrekening genaamd " 5 % hypothecaire_lening " wordt eens per half jaar gedebiteerd - De interest bedraagt 0,05 x Euro 300.000 = Euro 15.000 per jaar, dus Euro 7.500 per half jaar - antwoord c valt daarom af - De bankrekening moet elk half jaar worden gecrediteerd met Euro 7.500 ( interest ) + Euro 6.000 ( aflossing ) = Euro 13.500 - antwoord c valt daarom af - De voorzieningenpost / voorziening " Te_betalen_interest " moet elk half jaar worden gedebiteerd met Euro 7.500 - antwoorden a en c vallen daarom af - Let op: - in het kader van de permanence worden de interestkosten iedere maand gedebiteerd op de HEV " Interestkosten " en tevens op de grootboekrekening " Te betalen lnterest " gecrediteerd - in het kader van de betalingen ( achteraf ) aan de bank wordt per half jaar de grootboekrekening " Te betalen lnterest " gedebiteerd en de grootboekrekening " Bank " gecrediteerd Het meest juiste antwoord is daarom B-3350 l_9?Kmme M  - Examen BA / BE 2005 - IVraag43Vraag43BEen onderneming heeft op 1 januari 2005 een 5 % hypothecaire_lening van Euro 300.000,--. Zij betaalt elk half jaar ( op 1 maart en op 1 september ) achteraf per bank de interest van deze hypothecaire_lening. Ook wordt op die data Euro 6.000,-- afgelost. Aan het eind van elke maand worden de interestkosten van deze hypothecaire_lening in de administratie verwerkt. Welke boeking wordt er op 1 maart 2005 gemaakt ?lnterest Euro 7.500,-- 6% Hypothecaire_lening - 6.000,-- Aan Bank Euro 13.500,-- Te betalen lnterest Euro 7.500,-- 6% Hypothecaire_lening - 6.000,-- Aan Bank Euro 13.500,-- lnterest Euro 7.200"entiekosten voor zijn rekening zal nemen. Het totale bedrag van de advertentiekosten was Euro 297,50 inclusief 19 % BTW. Welke journaalpost maakt de makelaar van deze betaling ? Zie voor de antwoordem A, B en C, wegens plaatsgebrek, hieronder Zie voor de antwoordem A, B en C, wegens plaatsgebrek, hieronder Zie voor de antwoordem A, B en C, wegens plaatsgebrek, hieronder - In de casus is sprake van een journaalpost betreffende een betaling van een factuur in combinatie met BTW - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: dagboek(en) en journaal - Het factuurbedrag inclusief BTW bedraagt Euro 297,50 - het factuurbedrag zonder BTW bedraagt Euro 250,-- en de BTW bedraagt 47,50 - De makelaar en de verkoper betalen ieder helft van de kosten, dus ieder betaalt Euro 125,-- - kosten worden altijd op de betreffende HEV geboekt zonder BTW, de makelaar boekt dus Euro 125,-- als advertentiekosten - antwoord A valt daarom af - Het betaalde BTW bedrag ter grootte van Euro 47,50 kan van de Belastingdienst worden teruggevorderd - antwoorden A en C vallen daarom af - op een later tijdstip zal de makelaar aan de verkoper een factuur sturen ter grootte van Euro 125,- + Euro 23,75 ( BTW ) = Euro 148,75 - de makelaar zal de van de verkoper ontvangen BTW aan de Belastingdienst moeten afdragen ( af_te_dragen_BTW ), maar - dat is een andere transactie en valt daardoor buiten deze opgave Het meest juiste antwoord is daarom Bya Advertentiekosten Euro 148,75 Door te berekenen bedragen - 125,-- Te_vorderen_BTW - 23,75 Aan Bank Euro 297,50 b Advertentiekosten Euro 125,-- Door te berekenen bedragen - 125,-- Te_vorderen_BTW - 47,50 Aan Bank Euro 297,50 c Advertentiekosten Euro 125,- Door te berekenen bedragen - 148,75 Te_vorderen_BTW - 23,75 Aan Bank Euro 297,50-3350 _=b9?q7k +  - Examen BA / BE 2005 - IVraag46Vraag46COnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 45 tot en met 47. Welke boekingsregel wordt er gehanteerd bij de maandelijkse boeking van de huur op de grootboekrekening " Vooruit ontvangen huren " ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag.De grootboekrekening wordt gedebiteerd omdat het een opbrengst betreft. De grootboekrekening wordt gecrediteerd omdat het een opbrengst betreft. De grootboekrekening wordt gedebiteer'/a6?333+   - Examen BA / BE 2005 - IVraag45Vraag45AOnderstaa$$`9?k )  - Examen BA / BE 2005 - IVraag44Vraag44BEen makelaar betaalt per bank de factuur voor een advertentie in een plaatselijke krant, waarin de woning van een clint te koop wordt aangeboden. Overeengekomen is, dat de clint de helft van de advert!%nde casus heeft betrekking op de vragen 45 tot en met 47. Hoe groot zal de boekwaarde van de onroerende_zaken van Verhuur BV op 31 december 2004 zijn ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag.Euro 2.395.200,-- Euro 2.403.600,-- Euro 2.412.000,-- - In de casus is sprake van een balans in combinatie met onroerende_zaken / onroerende_zaak en afschrijving(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheersadministratie en resultaten / resultaat - Er wordt afgeschreven met een vast percentage van de aanschafprijs, dus is er sprake van een lineaire_afschrijving - In 5 jaar en 11 maanden = 71 maanden is er Euro 596.400 afgeschreven, dat is Euro 596.400 / 71 = 8.400 Euro per maand - er moeten tot 31 december 2005 nog 1 maand worden afgeschreven, dat is: 8.400 Euro, zodat - het totaal van de afschrijving(en) op 31 december 2005 = 596.400 + 8.400 = 604.800 Euro - zodat de boekwaard&e van de onroerende_zaken van de B.V. op 31 december 2005 bedraagt: 3.000.000 - 604.800 = 2.395.200,-- Euro Het meest juiste antwoord is daarom AyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 45 tot en met 47. Na verwerking van de maand november 2004 ziet de gedeeltelijke balans van " Verhuur BV " er als volgt uit ( bedragen in euro(s) ): ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Gedeeltelijke balans per 1 december 2004 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Onroerende_zaken 3.000.000,-- Voorziening_groot_onderhoud o.z. 160.000,-- Afschrijving onroerende_zaken -/- 596.400,-- Vooruit ontvangen huren 32.000,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verder is nog het volgende gegeven: - de afschrijving op de onroerende_zaken geschiedt met een vast percentage van de aankoopprijs en vindt maandelijks plaats; - de onroerende_zaken zijn op 1 december 2004 precies 5 jaar en 11 maanden eigendom van " Verhuur BV "; - er hebben na deze aankoop geen investering(en), geen desinvestering(en) en geen herwaardering(en) meer plaatsgevonden; - de huur wordt per 3 maanden vooruit op de eerste dag van elk kwartaal per bank ontvangen. Hoe groot zal de boekwaarde van de onroerende_zaken van Verhuur BV op 31 december 2004 zijn ? a Euro 2.395.200,-- b Euro 2.403.600,-- c Euro 2.412.000,-- -3350(d omdat deze rekening van schuld kleiner wordt. - In de casus is sprake van een balanspost in combinatie met onroerende_zaak, huur, opbrengst en rekening_van_schuld - bovendien is er sprake debiteren of crediteren - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheersadministratie en resultaten / resultaat - De maandelijkse boeking(en) staan in relatie tot het handhaven van de permanence - de grootboekrekening " Vooruit_ontvangen_huur " is in feite een rekening_van_schuld, omdat - het ontvangst(en) betreft waarvoor de bijbehorende dienst(en) nog niet zijn geleverd, en daardoor - de daadwerkelijke opbrengst(en) nog niet zijn gerealiseerd ). - de grootboekrekening " Vooruit_ontvangen_huur " wordt dan telkens maandelijks gedebiteerd waardoor deze rekening_van_schuld kleiner wordt, en waarbij - de tegenrekening ( HEV ) " huuropbrengst " maandelijks wordt gecrediteerd, waardoor deze rekening_van_schuld groter wordt He)t meest juiste antwoord is daarom CyOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 45 tot en met 47. Na verwerking van de maand november 2004 ziet de gedeeltelijke balans van " Verhuur BV " er als volgt uit ( bedragen in euro(s) ): ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Gedeeltelijke balans per 1 december 2004 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Onroerende_zaken 3.000.000,-- Voorziening_groot_onderhoud o.z. 160.000,-- Afschrijving onroerende_zaken -/- 596.400,-- Vooruit ontvangen huren 32.000,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verder is nog het volgende gegeven: - de afschrijving op de onroerende_zaken geschiedt met een vast percentage van de aankoopprijs en vindt maandelijks plaats; - de onroerende_zaken zijn op 1 december 2004 precies 5 jaar en 11 maanden eigendom van " Verhuur BV "; - er hebben na deze aankoop geen investering(en), geen desinvestering(en) en geen herwaardering(en) meer plaatsgevonden; - de huur wordt per 3 maanden vooruit op de eerste dag van elk kwartaal per bank ontvangen. Welke boekingsregel wordt er gehanteerd bij de maandelijkse boeking van de huur op de grootboekrekening " Vooruit ontvangen huren " ? a De grootboekrekening wordt gedebiteerd omdat het een opbrengst betreft. b De grootboekrekening wordt gecrediteerd omdat het een opbrengst betreft. c De grootboekrekening wordt gedebiteerd omdat deze rekening_van_schuld kleiner wordt. -3350+. Einde casus. Bank Euro 8.000,-- Aan Voorziening_groot_onderhoud Euro 8.000,-- Voorziening_groot_onderhoud Euro 8.000,-- Aan Bank Euro 8.000,-- Onderhoudskosten Euro 8.000,-- Voorziening_groot_onderhoud Euro 8.000,-- - In de casus is sprake van een dotatie / toevoeging, in combinatie met de Voorziening_groot_onderhoud - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheersadministratie en resultaten / resultaat - Bij een dotatie wordt een bedrag, bestemd voor een voorziening, ten laste van de exploitatierekening ( en daarmee ten laste van het resultaat / de winst ) gebracht - het is in feite een verschuiving van een bedrag van een HEV naar een voorziening ( een rekening_van_schuld ), waarbij - dit geschiedt bijvoorbeeld door het debiteren van de HEV " Onderhoudskosten " , en - het crediteren van de grootboekrekening " Voorziening_groot_onderhoud " Het meest juiste antwoord is daarom CyOndersta,ande casus heeft betrekking op de vragen 45 tot en met 47. Na verwerking van de maand november 2004 ziet de gedeeltelijke balans van " Verhuur BV " er als volgt uit ( bedragen in euro(s) ): ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Gedeeltelijke balans per 1 december 2004 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Onroerende_zaken 3.000.000,-- Voorziening_groot_onderhoud o.z. 160.000,-- Afschrijving onroerende_zaken -/- 596.400,-- Vooruit ontvangen huren 32.000,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verder is nog het volgende gegeven: - de afschrijving op de onroerende_zaken geschiedt met een vast percentage van de aankoopprijs en vindt maandelijks plaats; - de onroerende_zaken zijn op 1 december 2004 precies 5 jaar en 11 maanden eigendom van " Verhuur BV "; - er hebben na deze aankoop geen investering(en), geen desinvestering(en) en geen herwaardering(en) meer plaatsgevonden; - de huur wordt per 3 maanden vooruit op de eerste dag van elk kwartaal per bank ontvangen. Welke journaalpost wordt er gemaakt van een dotatie van Euro 8.000,-- aan de Voorziening_groot_onderhoud ? a Bank Euro 8.000,-- Aan Voorziening_groot_onderhoud Euro 8.000,-- b Voorziening_groot_onderhoud Euro 8.000,-- Aan Bank Euro 8.000,-- c Onderhoudskosten Euro 8.000,-- Voorziening_groot_onderhoud Euro 8.000,-- Einde casus-3350 9d5?_+++    - Examen BA / BE 2005 - IVraag48Vraag48BEen makelaar o.z. heeft maanden geleden een clint een courtagenota verzonden. Het debiteurenbedrag was Euro 7.140,-- ( inclusief 19 % BTW ). De debiteur blijkt nu failliet te zijn verklaard. De schuldeiser(s) krijgen niets uitgekeerd. Hoe groot is daardoor de verliespost voor deze makelaar ?Euro 5.783,40 Euro 6.000,-- Euro 7.140,-- - In de ca.kc9?[))aE   - Examen BA / BE 2005 - IVraag47Vraag47COnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 45 tot en met 47. Welke journaalpost wordt er gemaakt van een dotatie van Euro 8.000,-- aan de Voorziening_groot_onderhoud ? Klik op de knop " Toon volledige casus / vraag " voor een beter overzicht van de casus en vraag*sus is sprake van een factuur in combinatie met BTW, een failliete afnener en een geleden schade - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: algemeen - Op een factuur staat het door een afnemer te betalen totaalbedrag altijd vermeld inclusief de aan de afnemer in rekening gebrachte BTW - de ondernemer die de factuur heeft verstuurd en het bedrag inclusief BTW van de afnemer / debiteur ontvangt, moet de aldus ontvangen BTW aan de Belastingdienst afdragen - als de ondernemer niet door de afnemer, en ook niet door de curator krijgt betaald, hoeft de ondernemer ook niet de niet- ontvangen BTW aan de fiscus af te dragen. - het schadebedrag voor de ondernemer beperkt zich dan tot het bedrag zonder BTW ( = de verwachte omzet / opbrengst ) en die is in dit geval: ( 100 / 119 ) x Euro 7.140,-- = Euro 6.000,-- Het meest juiste antwoord is daarom By-33500op " Toon volledige casus / vraag " De aanwijzingen m.b.t. het antwoord zijn overzichtelijker op een groter veld weergegeven onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " die verschijnt als u op de knop " Sluiten aanwijzingen " hier rechtsonder hebt geklikt. - In de casus is sprake van een per bank ontvangen bedrag in combinatie met de verkoop van een pand - bovendien is op het pand afgeschreven en een boekwinst gemaakt die naar de herinvesteringsreserve gaat - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheersadministratie en bij dagboek(en) en journaal - Op de bankrekening is binnengekomen een bedrag van Euro 17.850.000,-- ( incl. 19 % BTW ); antwoord b valt daarom af - De ontvangen BTW zijnde ( 19 / 119 ) x Euro 17.850.000,-- = Euro 2.850.000 is een schuld aan de Belastingdienst en moet aan de Belastingdienst worden afgedragen - daartoe dient de rekening_van_schuld " Te_betalen_BTW " te worden gecrediteerd voor een bedrag van Euro 2.850.000 1- antwoord b valt daarom af - Bij verkoop van een gebouw dient de post " Afschrijving gebouw(en) " met een bedrag van Euro 3.600.000 te worden gedebiteerd want die betreffende rekening_van_schuld / voorziening dient met dit bedrag te verminderen ( a en c voldoen daaraan ) - de post ( HEV ) " Afschrijvingskosten gebouw(en) " speelt bij de transactie betreffende de verkoop van het pand en de verwerking daarvan in de boekhouding geen enkele rol want op die HEV worden de maandelijkse / jaarlijkse afschrijvingen bijgehouden en dat is destijds al een keer gebeurd en vindt niet plaats bij deze journaalpost - bovendien dienen Afschrijvingskosten op de HEV te worden gedebiteerd en niet te worden gecrediteerd - antwoord c valt daarom af - Antwoord a blijft nu nog over, maar we gaan de verdere posten nog na om te kijken of alles klopt - Bij verkoop moet de post Gebouw(en) worden gecrediteerd voor het bedrag van de aanschafwaarde ( omdat de rekening_van_s2chuld " Afschrijvingen " apart wordt bijgehouden ) zijnde Euro 12.000.000,- - antwoord a klopt hiermee - De boekwinst die naar de herinvesteringsreserve gaat bedraagt ( alles excl. BTW ! ) : verkoopprijs - ( aanschafwaarde - afschrijving ) = 15.000.000 - ( 12.000.000 - 3.600.000 ) = 15.000.000 - 8.400.000 = 6.600.000 Euro - antwoord a klopt hiermee Het meest juiste antwoord is daarom AyCasus: Een beleggingsmaatschappij in onroerende_zaken heeft een van haar kantoorpand(en) per bank verkocht voor Euro 17.850.000,-- inclusief 19 % BTW. Op de oorspronkelijke aankoopprijs van het pand van Euro 12.000.000,-- is tot op het moment van verkoop Euro 3.600.000,-- afgeschreven. De gerealiseerde boekwinst komt ten gunste van de herinvesteringsreserve. Overige kosten dienen buiten beschouwing te worden gelaten. Hoe luidt de journaalpost van deze verkoop ? a Bank Euro 17.850.000,-- Afschrijving gebouw(en) - 3.6003.000,-- Aan Te_betalen_BTW Euro 2.850.000,-- Aan Gebouw(en) - 12.000.000,-- Aan Herinvesteringsreserve - 6.600.000,-- b Bank Euro 15.000.000,-- Af_te_dragen_BTW - 2.850.000,-- Afschrijving gebouw(en) - 3.600.000,-- Aan Gebouw(en) Euro 12.000.000,-- Aan Herinvesteringsreserve - 9.450.000,-- c Bank Euro 17.850.000,-- Afschrijving gebouw(en) - 3.600.000,-- Aan Te_betalen_BTW Euro 2.850.000,-- Aan Afschrijvingskosten gebouw(en) - 3.600.000,-- Aan Gebouw(en) - 8.400.000,-- Aan Herinvesteringsreserve - 6.600.000,-- - In de casus is sprake van een per bank ontvangen bedrag in combinatie met de verkoop van een pand - bovendien is op het pand afgeschreven en een boekwinst gemaakt die naar de herinvesteringsreserve gaat 4 - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheersadministratie en bij dagboek(en) en journaal - Op de bankrekening is binnengekomen een bedrag van Euro 17.850.000,-- ( incl. 19 % BTW ); antwoord b valt daarom af - De ontvangen BTW zijnde ( 19 / 119 ) x Euro 17.850.000,-- = Euro 2.850.000 is een schuld aan de Belastingdienst en moet aan de Belastingdienst worden afgedragen - daartoe dient de rekening_van_schuld " Te_betalen_BTW " te worden gecrediteerd voor een bedrag van Euro 2.850.000 - antwoord b valt daarom af - Bij verkoop van een gebouw dient de post " Afschrijving gebouw(en) " met een bedrag van Euro 3.600.000 te worden gedebiteerd want die betreffende rekening_van_schuld / voorziening dient met dit bedrag te verminderen ( a en c voldoen daaraan ) - de post ( HEV ) " Afschrijvingskosten gebouw(en) " speelt bij de transactie betreffende de verkoop van het pand en de verwerking daarvan in de boekhouding geen enkele rol want op die HEV worden de maandelijkse / jaarlijkse afschrijvingen bijgehouden en dat is destijds al een keer gebeurd en vindt niet plaats bij deze journaalpost - bovendien dienen Afschrijvingskosten op de HEV te worden gedebiteerd en niet te worden gecrediteerd$; antwoord c valt af - Antwoord a blijft nu nog over, maar we gaan de verdere posten nog na om te kijken of alles klopt - Bij verkoop moet de post Gebouw(en) worden gecrediteerd voor het bedrag van de aanschafwaarde ( omdat de rekening_van_schuld " Afschrijvingen " apart wordt bijgehouden ) zijnde Euro 12.000.000,-; antwoord a klopt hiermee - De boekwinst die naar de herinvesteringsreserve gaat bedraagt ( alles excl. BTW ! ) : verkoopprijs - ( aanschafwaarde - afschrijving ) = 15.000.000 - ( 12.000.000 - 3.600.000 ) = 15.000.000 - 8.400.000 = 6.600.000 Euro; antwoord a klopt hiermee Het meest juiste antwoord is daarom A-3350 ppqe9?+  y  - Examen BA / BE 2005 - IVraag49Vraag49AEen beleggingsmaatschappij in onroerende_zaken heeft een van haar kantoorpand(en) per bank verkocht voor Euro 17.850.000,-- inclusief 19 % BTW. Op de oorspronkelijke aankoopprijs van het pand van Euro 12.000.000,-- is tot op het moment van verkoop Euro 3.600.000,-- afgeschreven. De gerealiseerde boekwinst komt ten gunste van de herinvesteringsreserve. Overige kosten dienen buiten beschouwing te worden gelaten. Hoe luidt de journaalpost van deze verkoop ? Voor een overzicht van vraag en antwoorden zie, wegens plaatsgebrek hier, onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Voor een overzicht van vraag en antwoorden zie, wegens plaatsgebrek hier, onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Voor een overzicht van vraag en antwoorden zie, wegens plaatsgebrek hier, onder de rode kn/ "RGx <m%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag47c%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag48d%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag49e%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag50f/U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IExameng0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag01h0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag02i0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag03j0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag04k0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag05l0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag06m0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag07n0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag08o0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag09p0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag10q0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag11r0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag12s0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag13t0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag14u8---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Grootboekrekening Debet Credit ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Te_innen_huur 82.500,-- Hypotheekrente 47.500,-- Verlies door wanbetaling 1.400,-- Onderhoudskosten 7.900,-- Hoe worden bovenstaande grootboekrekening(en) verwerkt op de resultatenrekening en op de eindbalans ( bedragen in euro(s) ) ? Dit was de laatste examenvraagVoor een overzicht van vraag en antwoorden zie, wegens plaatsgebrek hier, onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " Voor een overzicht van vraag en antwoorden zie, wegens plaatsgebrek hier, onder de rode knop " Toon volled9ige casus / vraag " Voor een overzicht van vraag en antwoorden zie, wegens plaatsgebrek hier, onder de rode knop " Toon volledige casus / vraag " - In de casus is sprake van een saldibalans in combinatie met een winst-_en_verliesrekening en een balans - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: resultaten / resultaat - Alleen de daadwerkelijk gerealiseerde opbrengst(en) en kosten komen uiteindelijk op de winst-_en_verliesrekening terecht - hypotheekrente ( rentekosten ), verlies door wanbetaling ( wanbetalingskosten ) en onderhoudskosten zijn exploitatiekosten en komen op de winst-_en_verliesrekening terecht - te_innen_huur is de nog niet gerealiseerde huuropbrengst en is een balanspost, die steeds wordt gedebiteerd als er daadwerkelijk huuropbrengst(en) worden gerealiseerd - de huuropbrengst(en) zelf worden gecrediteerd op de HEV " Huuropbrengst(en) " Het meest juiste antwoord is daarom CyCasus: Op de saldibalans van een woningverhuurorganisati:e komen de volgende grootboekrekening(en) voor ( bedragen in euro(s)): ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Grootboekrekening Debet Credit ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Te_innen_huur 82.500,-- Hypotheekrente 47.500,-- Verlies door wanbetaling 1.400,-- Onderhoudskosten 7.900,-- ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Hoe worden bovenstaande grootboekrekening(en) verwerkt op de resultatenrekening en op de eindbalans ( be;dragen in euro(s) ) ? ------------------------------------------ ---------------------------------- Winst- en verliesrekening Balans ------------------------------------------ ---------------------------------- Debet Credit Debet Credit a Te_innen_huur 82.500,-- Hypotheekrente 47.500,-- Verlies door wanbetaling 1.400,-- Onderhoudskosten 7.900,-- b Te_innen_huur 82.500,-- Hypotheekrente 47.500,-- Verlies door wanbetaling 1.400,-- Onderhoudskosten 7.900,-- c Te_innen_huur 82.500,-- Hypotheekrente 47.500,-- Verlies door wanbetaling 1.400,-- Onderhoudskosten 7.900,-- ------------------------------------------ ---------------------------------- - In de casus is sprake van een saldibalans in combinatie met een winst-_en_verliesrekening en een balans - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: resultaten / resultaat - Alleen de daadwerkelijk gerealiseerde opbrengst(en) en kosten komen uiteindelijk op de winst-_en_verliesrekening terecht - hypotheekrente ( rentekosten ), verlies door wanbetaling ( wanbetalingskosten ) en onderhoudskosten zijn exploitatiekosten en komen op de winst-_en_verliesrekening terecht - te_innen_huur is de nog niet gerealiseerde huuropbrengst en is een balanspost, die steeds wordt gedebiteerd als er daadwerkelijk huuropbrengst(en) worden gerealiseerd - de huuropbrengst(en) zelf worden gecrediteerd op de HEV " Huuropbrengst(en) " Het meest juiste antwoord is daarom C-3350 **Pg6U Ck 3   - Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IExamenExamenOp de balans van een makelaardij o.z. staat de post financile_vaste_activa. De makelaardij heeft de vorm van =`f9?W m [  - Examen BA / BE 2005 - IVraag50Vraag50COp de saldibalans van een woningverhuurorganisatie komen de volgende grootboekrekening(en) voor ( bedragen in euro(s) ): -------------------------7een besloten_vennootschap. Welk van de onderstaande alternatieven behoort tot de financile_vaste_activa ? Goodwill Lening_u/g aan de directeur_grootaandeelhouder Rekening_courantverhouding met de directeur_grootaandeelhouder - In de casus is sprake van een balanspost in combinatie met financile_vaste_activa - daarom zoeken in de theorie bij: financile_vaste_activa - Financile_vaste_activa: - een balanspost op de balans van een onderneming, bijvoorbeeld een B.V., die kan omvatten: - belegging(en) - uitlening(en) - lening_u/g - is een vorm van effectieve_reserve / materile_reserve / belegde_reserve - belang(en) in andere bedrijven - Goodwill behoort tot de immaterile_vaste_activa van de balans ( kan op worden afgeschreven ) - Rekening_courant behoort tot de vlottende_activa / vlottende_passiva van de balans Het meest juiste antwoord is dus By3330?tijl: wordt gekenmerkt door volstrekte abstractie, d.w.z.: abstracte en geometrische vormgeving, waarbij de ontwerp(en) bestaan uit een orthogonale ruimtelijke compositie van vlak(ken) en balk(en) met het gebruik van elementaire, beeldende taalmiddel(en), zoals, onder meer: - primaire kleur(en), gecombineerd met zwart, wit en grijs; de rechte lijn en de rechte hoek ( dus de verticale en de horizontale lijn ) - grote vlak(ken) met veel glas - Functionalisme: wordt gekenmerkt door, onder meer: zakelijke vormgeving die de functionele element(en) van gebouwen benadrukt, waarbij - gebruik wordt gemaakt van nieuwe materialen als gewapend_beton en staal, en waarbij - ook nieuwe bouwmethode(n) zoals montagebouw en standaardisatie worden toegepast, waarbij - het gebruik van overstek(ken) en hoogbouw kenmerkend zijn voor deze stroming - de vervanging van zadeldak(en), schoorsteen en donkere gevel(s) door: wit pleiste@rwerk, glas en metaalconstructie(s) - de bouwwerk(en) stonden weliswaar op de grond, maar stonden, door staal en gewapend_beton constructie(s) verheven, boven het straatniveau - dunne vlak(ken) en platen / plaat met streng repeterend maatsysteem - geen decoratie(s) - constructief_element(en) zijn duidelijk zichtbaar - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord a - HP_Berlage: na zijn studie ging Berlage werken op het bureau van Th. Sanders, waarmee hij zich in 1884 associeerde - samen ontwierpen ze verschillende gebouw(en) in de bouwstijl neorenaissance; ontwikkelde zich via jugendstil naar rationalisme - Rationalisme: kenmerken / uitgangspunt voor de ontwerp(en) zijn de vanuit functionele invalshoek ontworpen plattegrond(en), waarbij - het materiaalgebruik bestaat uit metselwerk, aangevuld met natuursteen, ijzeren constructie_element(en) en betonnen balk(en), en - waarbij de constructie zichtbaar is, en het dragend karakter van bijvoorbeeld muren en bogen wordt benadrukt - regelmaat en eenheid worden belangrijk gevonden - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord b - WM_Dudok: behoorde niet tot een bepaalde stroming maar stond open voor het beste wat de verschillende stroming(en) hem boden, waardoor - de door Dudok ontworpen kubistische bakstenen gebouw(en) NIET bij een stijl of stroming zijn onder te brengen - ontwerp(en), onder meer: - 1921: Dr. Bavinckschool, Hilversum - 1921: Stadsbadhuis, Hilversum - 1925: Minchelersschool, Hilversum - 1926: Fabritiusschool, Hilversum - 1928-1929: Vondelschool, Hilversum - 1930: Valerisschool, Hilversum - 1928-1931: Raadhuis, Hilversum - dit ( 1928-1929: Vondelschool, Hilversum ) ondersteunt antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom c--y---20----p---------bouwex\Dsc04I01.jpg------------------30 zh5U!3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag01Vraag01CWie is de architect van de, op de bij deze vraag behorende afbeelding, getoonde Vondelschool te Hilversum ( bouwjaar 1929 )JJP_OudHP_BerlageWM_Dudok- In de casus is sprake van een architect in combinatie met de Vondelschool te Hilversum ( bouwjaar 1929 ) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: architectuurstroming en / of bouwstijl en / of de betreffende architect - JJP_Oud: architect, die zich na een ontmoeting met Theo van Doesburg bij de architectuurstroming De_Stijl aansloot - later een pionier van de bouwstijl het Nieuwe_Bouwen onder andere door deelname aan de Wiessenhof Siedlung te Stuttgart ( 1927 ) - De_S>Clan in combinatie met architectuuropvatting - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: bouwstijl - Organische_architectuur: een type bouwstijl: circa 1913 - heden - wordt gekenmerkt door: - niet-haakse ( = ongelijk aan 90 ) ruimte(n) en kozijn(en) - natuurlijke orgnsiche vorm(en) en ruimte(n) - dakvorm(en) verwant aan rieten_dak(en) - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord a - Kleinschaligheid: wordt ook wel Structuralisme genoemd, zijnde een type bouwstijl: circa 1955 - 1972 na Chr. - als reactie op het gestandaardiseerde bouwen van het Functionalisme ofwel het Nieuwe_Bouwen - met name Aldo van Eyk vond dat het functionalisme de creativiteit had gedood - kenmerk(en): grote complex(en) moesten worden opgebouwd uit kleine eenheden op een menselijke schaal, zodat - een gebouw ontstaat vanuit een aaneenschakeling van zogenaamde basiseenheden ( structuralisme ), waarbij - het resultaat van deze aaneenschakeling van repeterende vorm(en) geen afgerond gebouw is, maar een struktuur die nog verder in principe in alle richting(en) is uit te breiden - herhaling van patroon / bouwpatroon - dit ondersteunt antwoord b - Postmodernisme: een type bouwstijl: circa 1995 - heden - ontleend vooral element(en) uit de bouwstijl(en) die voorafgingen aan het modernisme - een soort eclecticisme - kenmerken: - allerlei ornament(en), kleur(en) en frivoliteit(en), kortom alles waar de modernist(en) wars van waren - vooral element(en) uit het Nieuwe_Bouwen worden toegepast: neomodernisme, met - als uitzondering Sjoerd Soeters, wiens Circustheater in Zandvoort uitblinkt in uitbundigheid - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20----p---------bouwex\Dsc04I02.jpg------------------30 Ri5UA;g_Y3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag02Vraag02BOp de bij deze vraag behorende afbeelding is een woningbouwplan te Nieuwegein afgebeeeld ( bouwperiode 1976 - 1980 ) van de Nederlandse architect Jan Verhoeven. Kenmerkend zijn de schilderachtige gevelplastiek en het gebruik van traditionele materialen. Tot welke architectuuropvatting / architectuurstroming / architectuur behoort dit ontwerp ?Organische_architectuurKleinschalige_architectuur / kleinschaligheidPostmoderne_architectuur / postmodernisme- In de casus is sprake van een woningbouwpB ggj7UQ A- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag03Vraag03AWat is een nota_van_inlichtingen ?Een aanvulling op het bestek met dezelfde status als het bestekEen lijst met daarop optiemogelijkheden met prijzen exclusief BTWEen vrijblijvende aanbieding ( incl. aannemersvergoeding ) ten behoeve van de stelpost(en)- In de casus is sprake van een nota_van_inlichtingen in combinatie met zaken de voorbereiding voor de bouw betreffende - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: tekening(en) en bestek - Nota_van_inlichtingen: - document dat gedurende de aanbestedingsperiode door de directie aan de bestekhouder(s) wordt toegezonden, telkens - als de bestekhouder(s) ( aanvullende ) vragen over het bestek hebben gesteld - dit ondersteunt antwoord a Het meest juiste antwoord is daarom a --y---20---------------------------------30eding volgens bepaalde Europese richtlijn(en), waarbij - een aantal richtlijn(en) van de Europese_Unie die de Europese overheden / overheid verplicht om overheidsopdracht(en) die een bepaald bedrag te boven gaan uit te schrijven via de procedure van de Europese_aanbesteding, waarbij - deze verplichting geldt voor: - de nationale_overheid ( centrale_overheid ) voor werk(en) groter dan Euro 5.278.000,-- - gemeente(n), provincie(s) en waterschap(pen) ( decentrale_overheid ) voor werk(en) groter dan Euro 5.278.000,-- - instelling(en) die met overheidsgeld gefinancierd worden, zoals universiteit(en) en ziekenhuizen ( speciale sectoren ) voor werk(en) groter dan Euro 5.278.000,-- - dit ondersteunt het meest antwoord a ( want in 2004 lag de grens nog bij Euro 5.000.000,-- ) Het meest juiste antwoord is daarom a--y---20---------------------------------30 UU k6Ui{O+{- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag04Vraag04AWanneer is een Europese_aanbesteding vereist ?Bij overheidsopdracht(en) groter dan Euro 5.000.000,--Bij opdracht(en) waarbij een Europees belang is gemoeid en die groter zijn dan Euro 7.000.000,--Bij opdracht(en) aan bedrijven die in meerdere deelstaten van de Europese_Gemeenschap werkzaam zijn en die groter zijn dan Euro 10.000.000,--- In de casus is sprake van een Europese_aanbesteding in combinatie met aantal mogelijke getalsmatige antwoorden - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: prijsvorming - Europese_aanbesteding: een type aanbestFIetreffende palen zijn dicht op elkaar geheid waardoor er een verdichting van de pakking van het zandpakket / zandkoffer optreedtDe betreffende palen zijn geheid in een zone waarin de draagkrachtige_laag zich hoger bevindt dan bij de overige paallocatie(s) - In de casus is sprake van een heiregister in combinatie met een bepaalde kalenderwaarde - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: fundering / paalfundering / funderingspaal / heien - Heiregister: een type register, waarin voor iedere geheide heipaal, de voortgang van het heien middels kalenderen wordt gevolgd, en waarbij - de waargenomen kalenderwaarde(n) in het heiregister worden geregistreerd - Kalenderwaarde: het aantal slagen met een heiblok dat nodig is om een heipaal een vooraf bepaalde afstand te laten zakken, waarbij - tegenwoordig geldt: het aantal slagen dat nodig is om een heipaal 25 cm te laten zakken, waarbij geldt: - des te meer slagen nodig zijn om de bepaalde afstand / bepaalde zakking ( = 25 cm ) te overbruggen, hoe hoger de kalenderwaarde, dus - een hogere kalenderwaarde betekent een hogere weerstand / betere draagkracht van de ondergrond - tegenwoordig wordt een kalenderwaarde van 30 slagen per 25 cm zakking aangehouden, om een goede draagkracht van de heipaal te waarborgen - antwoord a leidt tot een lagere kalenderwaarde, want met water verzadigde grond heeft nauwelijks draagkracht, en er wordt in de vraag verder niets gezegd over waar de draagkrachtige_laag zich al of niet zou bevinden - antwoord b zou leiden tot hogere kalenderwaarde(n), want een verdichting geeft altijd meer draagkracht; dus NIET antwoord b - antwoord c zegt niets over hoe diep de palen zijn geslagen, een hoger liggende draagkrachtige_laag zou tot een hogere kalenderwaarde hebben kunnen leiden en NIET tot een lagere; dus NIET antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom a--y---20---------------------------------30   l8U k%- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag05Vraag05AIn een heiregister staat bij een aantal palen / heipaal een lagere kalenderwaarde aangegeven dan bij de overige palen van het project. Wat is hiervoor de meest voor de hand liggende reden ?De betreffende palen zijn geheid in een zone waar de bovenliggende lagen bestaan uit met water verzadigde grondDe bHEm5UI5797- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag06Vraag06BBij een aansluiting van een kap op een spouwmuur dienen maatregelen te worden getroffen om de optredende spatkracht(en) op te vangen. Wat is een spatkracht ?Een opwaartse krachtEen zijwaartse krachtEen neerwaartse kracht- InK de casus is sprake van een spatkracht - Spatkracht: een horizontale kracht die de oplegging(en) van bogen / boog en koepel(s) uit elkaar doet wijken als die verticaal worden belast door een last, of door het eigengewicht van de boog / koepel ) - een gevolg van de manier waarop kracht(en), die op de constructie werken, in de richting van de oplegging of fundering, worden opgenomen / afgevoerd - kracht met sterke zijdelingse / horizontale_component, die - als die horizontale_component van de spatkracht NIET juist wordt afgevoerd, of NIET juist wordt opgenomen / gecompenseerd, - de betreffende muren / muur en gevel(s) uit elkaar kunnen worden gedrukt - kunnen worden opgevangen, afgevoerd, of gecompenseerd door toepassing van: - steunberen / steunbeer tegen de muren / muur, of gevel(s) - trekstang(en) tussen de muren, of gevel(s) Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20---------------------------------30Mmet bijbehorende afmeting(en) in relatie tot een steens_muur - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: baksteen / steens_muur - Waalformaat: benaming voor een metselsteenformaat / baksteenformaat met de afmeting 210 x 100 x 50 mm, waarbij - de strek = 210 mm - de kop = 100 mm - de hoogte / dikte = 50 mm - veelal wordt als stootvoeg een maat van 10 mm aangehouden - veelal wordt als lintvoeg een maat van 12,5 mm aangehouden - Steens_muur: een type muur , die een hele_steen / strek dik is, of 2 x een halve_steen + 1 voeg dik is, - en daarmee ca. 210 mm dik is bij waalformaat baksteen ( dit ondersteunt antwoord b ) - kan voorkomen bij, onder meer: - buitenmuur / gevelmuur / gevel van oudere woning(en) van vr 1925 toen men nog geen spouwmuur toepaste - tuinmuur - scheidingsmuur - scheidende_muur - kan worden herkend als er kop(pen) in het metselwerk van de muur zichtbaar zijn, omdat - de kop(pen) horen bij die stenen die dwars op de lengterichting van de muur zijn gemetseld - bij een steens_muur kunnen de volgende metselverband(en) worden toegepast: - metselverband dat uitsluitend bij een steens_muur kan worden toegepast - koppenverband ofwel patijtsverband - metselverband dat bij een steens_muur, of bij eeen dikke_muur kan worden toegepast - kruisverband - staandverband - noorsverband ofwel kettingverband - vlaamsverband - zie ook: - halfsteens_muur - steens_muur - anderhalfsteens_muur - tweesteens_muur - 2_x_halfsteens_muur - dikke_muur - klampmuur - spouwmuur - dragende_muur ofwel draagmuur - scheidende_muur Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20---------------------------------30P08BWelke functie heeft het, op de bij deze vraag behorende afbeelding, getoonde detail ?Een koudebrug_onderbrekingEen horizontale dilatatie om de vervorming(en) van het metselwerk op te vangenEen constructief spouwanker welke ten behoeve van een overschrijding van de maximaal toelaatbare spouwbreedte dient te worden toegepast- In de casus is sprake van een getoond detail in de vorm van een stalen_latei en een kitvoeg met rugvulling, in combinatie met mogelijke alternatieven als betekenis; daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kitvoeg / rugvulling / koudebrug_onderbreking / dilatatie / spouwanker UITLEG: - Stalen_latei: een type latei zijnde een stalen verstevigingsbalk die: 1. een opening kan overbruggen, door (on)zichtbare oplegging van de latei op steunpunt(en) aan weerszijde(n) van de betreffende opening, en zodoende de gevel boven die opening kan dragen 2. aan een binnenspouwblad kan zijn verankerd, en zodoende een deel van eeen toegepast / ingelaten om zodoende ongewenst transport van warmte / koude door die constructie te verhinderen, en - om zodoende een ongewenste koudebrug in een gebouw / bouwwerk te voorkomen - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord a - Spouwanker: een vorm van een anker dat in een lintvoeg van beide spouwblad(en) wordt gemetseld, zodanig dat - het spouwanker het buitenspouwblad ( = buitenmuur ) en het binnenspouwblad ( = binnenmuur ) met elkaar verbindt, en - zodoende de spouw overspant, om zodoende de gehele spouwmuur een grotere ( onderlinge ) stabiliteit te verschaffen, waarbij - voor gelijmde muren special platte lijm_spouwanker(s) bestaan - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20----p---------bouwex\Dsc04I08.jpg------------------30Qn buitenspouwblad / metselwerkgevel kan dragen, die - daarbij ( enigszins ) kan doorzakken en dus moet worden gescheiden van onderliggend metselwek middels een dilatatievoeg - Kitvoeg: een voeg / scheidende_voeg die met kit is gevuld om binnendringen van vuil te voorkomen, en die veelal wordt toegepast als dilatatievoeg - Dilatatievoeg: wordt soms ook wel kitvoeg genoemd zijnde een horizontale, of een verticale dilatatie in de vorm van een voeg, gevuld met kit, of gevuld met een folie bij lijmblok(ken) - een type scheidende_voeg met een breedte van minimaal 10 mm - verticale voeg in metselwerk zodat de betreffende bouwdelen zich onafhankelijk van elkaar kunnen zetten ( zetting ), waarbij - verandering(en) in de maatvoering(en) van de bouwdelen / bouwdeel ( door bijv. uitzetten ( thermische_uitzetting ) / inkrimpen / doorzakken / etc. ) kunnen worden opgevangen - DilataOtie: een verwijding / onderbreking m.b.t. bouwdelen / bouwdeel dat kan worden toegepast als / in / bij, onder meer: dilatatievoeg, waarbij - verandering(en) in de maatvoering(en) van de bouwdelen / bouwdeel ( door bijv. uitzetten ( thermische_uitzetting ) / inkrimpen / doorzakken / etc. ) worden opgevangen - Rugvulling: een vulling die kan bestaan uit compressieband ofwel foamkoord met een diameter van ca. 15 mm, die - in een voeg / spleet / etc. ( bijv. een dilatatievoeg met een breedte van ca. 10 - 15 mm breed ) als rugvulling kan worden aangebracht, om - zodoende een daar bovenop aangebrachte laag materiaal in de vorm van een kit ( bijv. thiokolkit, of siliconenkit ) te ondersteunen - deze combinatie van aspect(en) ondersteunen antwoord b - Koudebrug_onderbreking: een bouwdeel / bouwelement dat een lage warmtegeleidingscofficint ( lambda_waarde ) heeft, en - in een constructie kan word |n5U %%%- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag07Vraag07BWelke dikte heeft een in waalformaat uitgevoerde steens_muur ?Circa 200 mmCirca 210 mmCirca 220 mm- In de casus is sprake van een waalformaat in combinatie Lo7U7A)u3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag08VraagN U;qKA    3 - Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag09Vraag09AIn een bestekomschrijving / bestek staat bij het hoofdstuk $ Natuur- en kunststeen $ een natuurstenen speklaag omschreven. Wat wordt hiermee bedoeld ?Een horizontale laag natuursteen in het metselwerkEen natuurstenen rand welke als versiering rondom tegelwerk wordt gelegdEen laag mortel met elastische eigenschappen welke bij het leggen van natuurstenen vloer(en) op een houten ondergrond wordt gebruikt om scheur(en) te voorkomen- In de casus is sprake van een speklaag in combinatie met metselwerk - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: speklaag - Speklaag: - horizontale lagen steen / natuursteen in het metselwerk van een gevel - kan voorkomen bij de Renaissance_bouwstijl / Renaissance, en ook wel bij andere bouwstijqp7U;qKA3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag09Vraag0| ^gq4UY%'7k3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag10Vraag10A0}r8UsO ee3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag11Vraag11BDe bij deze vraag behorende afbeelding geeft een doorsnede van een toekomstig bouwterrein voor een grootschalig woningbouwproject weer. Er is verticale_drainage toegepast en een zandophoping aangebracht. Wat is het doel van deze maatregelen ?Er bevindt zich vervuild grondwater in de grond welke op dezeUV manier wordt gezuiverd en afgevoerdHet terrein bereikt door de ophoging en de drainage eerder de vereiste zetting en kan hierdoor eerder in gebruik worden genomenHet terrein wordt op deze manier gegaliseerd en eventueel aanwezig oppervlaktewater in de vorm van voormalige plas(sen), sloten / sloot e.d. wordt op deze manier afgevoerd- In de casus is sprake van een drainage in combinatie met een zandophoping ofwel zandpakket ofwel zandkoffer - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: grondwerk / drainage / ontwatering - Drainage: een vorm van ontwatering m.b.t. het afvoeren van overtollig water / grondwater van een terrein / gebied / bouwgrond - kan worden onderscheiden in: - horizontale_drainage - verticale_drainage - Verticale_drainage: - een vorm van drainage / ontwatering, die kan worden toegepast als zich een waterafsluitende_laag in de grond bevindt die het omlaagstromen van het grondwater verhindert, waarbij dit kan worden verbeterd door verticale_drainage aan te brengen middels: - met zand gevulde zandkolom(men) - kunststof_drain(s) waardoor het grondwater sneller door de waterafsluitende_laag wegstroomt, waarbij - dit proces nog kan worden versneld door een zandpakket op de bovenlaag te storten, waardoor - die bovenlaag wordt samengedrukt en de grond sneller ontwatert, en waardoor - een snellere zetting van de bouwgrond wordt verkregen, en de grond eerder beschikbaar is voor de verdere bouwactiviteit(en) - dit ondersteunt antwoord b - Deze methode is NIET geschikt voor het zuiveren en afvoeren van grondwater - dit ondersteunt NIET antwoord a - Deze methode ie NIET geschikt voor het verwijderen van oppervlaktewater - dit ondersteunt NIET antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20----p---------bouwex\Dsc04I11.jpg------------------30 \\ps5UGM9=w3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag12Vraag12CWelk verbindingsprincipe is op de bij deze vraag behorende afbeelding m.b.t. de aansluiting van de voetplaat van een stalen_kolom op de fundering toegepast ?Rolverbinding, of glijverbindingMomentvaste_verbindingScharnierende_verbinding- In de casus is sprake van een type verbinding - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: verbinding - Glijverbinding: een type verbinding, zijnde een verbinding tussXt5U#EGgc3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag13Vraag13BWelk type kozijn is op de bij dezZYen een spie_eind en een mof_eind van een buis, waarbij - om het spie_eind eerst een platte rubberen ring is gelegd, die tijdens het naar binnnen schuiven / glijden van het spie_eind in het mof_eind, enigszins vervormd, en zodoende voor een deugdelijke afdichting zorgt - is een alternatief voor een zogenoemde rolverbinding - Rolverbinding: een type verbinding zijnde een verbinding tussen een spie_eind en een mof_eind van een buis, waarbij - om het spie_eind eerst een ronde rubberen ring is gelegd, die tijdens het naar binnen schuiven van het spie_eind in het mof_eind, enigszins mee naar binnen rolt en vervormd, en zodoende voor een deugdelijke afdichting zorgt - is een alternatief voor een zogenoemde glijverbinding - hier is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord a - Momentvaste_verbinding: een type verbinding tussen twee, of meer onderdelen, waarbij de verbinding tussen de onderdelen wordt gevormd door 2 x 2 bevestigingspunt(en), die NIET allen op n lijn liggen, maar over twee rij(en) ( met ieder twee bevestigingspunt(en) ) verdeeld, waardoor - het ene onderdeel, in tegenstelling tot een zogenoemde scharnierende_verbinding NIET meer om de bevestigingspunt(en) kan scharnieren, en dus momentvast is - hier is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord b - Scharnierende_verbinding: een type verbinding tussen twee, of meer onderdelen, waarbij - de verbinding tussen de twee onderdelen wordt gevormd door twee bevestigingspunt(en) = bijvoorbeeld 1 x 2 bout(en) op n rij, waardoor - het ene onderdeel, om de denkbeeldige as tussen de 2 bevestigingspunt(en), nog ( enigszins ) kan / zou kunnen scharnieren - dit ondersteunt antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom c--y---20----p---------bouwex\Dsc04I12.jpg------------------30[e vraag behorende afbeelding weergegeven ?Een kunststof inmetselkozijnEen kunststof renovatiekozijnEen kunststof_kozijn op een houten stelkozijn- In de casus is sprake van een kunststof_kozijn in combinatie met een ander kozijn - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kozijn - Op de tekening zijn te zien: een oorspronkelijk inbouwkozijn / inmetselkozijn + een kunststof_kozijn + een naar binnendraaiend kunststof_raam - Inmetselkozijn: een type kozijn dat tijdens het metselen van de spouwmuur wordt aangebracht - kan worden onderscheiden in: een inbouwkozijn ( dit wordt veelal direct met de term inmetselkozijn bedoeld ): - een kozijn dat middels kloostersponning(en) met de spouwlat is verbonden, en middels kozijnanker(s) met het binnenspouwblad is verbonden - in deze vraag is geen sprake van een kunststof inmetselkozijn, dus bovenstaande ondersteunt NIET antwoord a - Renovatiekozijn: - een type kozijn, dat bij een renovatie van een gebouw kan worden aangebracht, waarbij het oorspronkelijke inbouwkozijn / inmetselkozijn zodanig wordt vermaakt, dat het een soort stelkozijn wordt, waarin het renovatiekozijn kan worden aangebracht - dit ondersteunt antwoord b - Stelkozijn: - een type kozijn dat tijdens de ruwbouw / bouw van de spouwmuur in die spouwmuur wordt aangebracht / ingemetseld, en aan het binnenspouwblad wordt verankerd, en is een gentegreerd geheel van kozijn en spouwlat, zodat geen aparte spouwlat meer zichtbaar is - in een stelkozijn kan later ( na het opmetselen van de spouwmuur, etc. ), tijdens: de afbouw, een montagekozijn, of tijdens: een renovatie, een renovatiekozijn worden aangebracht - dit ondersteunt antwoord a - in deze vraag is geen sprake van een oorspronkelijk stelkozijn, dus bovenstaande ondersteunt NIET antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20----p---------bouwex\Dsc04I13.jpg------------------30 xxu5U!!%3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag14Vraag14AWaar bevindt zich, in de bij deze vraag behorende afbeelding, het weergegeven detail ( links ) in het weergegeven aanzicht ( rechts ) ?Locatie ILocatie IILocatie III- In de casus is sprake van een schuifpui - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: pui / schuifpui - in de afbeelding is te zien dat alleen onderdeel II kan bewegen, en wel naar links achter onderdeel I, en - dat onderdeel III vast is - In de afbeelding zijn geen delen aangegeven die naar rechts kunnen schuiven, dus achter III bevindt zich geen rails - Het detail, waarin is te zien dat het betreffende onderdeel is vastgelijmd, komt dus overeen met Iocatie I - dit ondersteunt antwoord a Het meest juiste antwoord is daarom a --y---20----p---------bouwex\Dsc04I14.jpg------------------30_aag behorende afbeelding, weergegeven ?SteekspantDriescharnier_spantVerbeterd_hollands_spant- In de casus is sprake van een spant in combinatie met keuze uit een aantal alternatieven - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kap(pen), dak(en) en dakbedekking(en) - Steekspant: een type dakspant / spant, dat bestaat uit 2 spantbenen / spantbeen, die - direct op de zolderbalklaag ofwel kapbalk ( bedoeld als trekbalk ) rusten en daaraan zijn bevestigd, waarbij - de zolderbalk ofwel kapbalk op de muren / muur / buitenmuren / buitenmuur is opgelegd - rust dus NIET middels de muurplaat op de muur, maar rust middels de oplegging van de zolderbalklaag op de muur - daar is in de afbeelding bij deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord a - Driescharnier_spant: wordt ook wel kniespant genoemd zijnde een type dakspant / spant, waarbij - het spantbeen een aantal knik(ken) / knie(en) bevat, zodat het een enigszinsN HET HOLLANDS SPANT: - Hollands_spant: een type steekspant / dakspant dat is opgebouwd uit, onder meer, de vogende onderdelen: - spantbeen makelaar / makelaar_van_een_spant - trekplaat - waarbij de spantbenen op de zolderbalklaag rusten, en waarbij - de trekplaten zich ter weerszijde(n) van de spantbenen en de makelaar_van_een_spant bevinden, en daaraan zijn bevestigd, zodat een constructie in de vorm van een stijve_driehoek wordt verkregen, waar - men op zolder toch nog onderdoor kan lopen, en NIET op de zoldervloer wordt gehinderd door een extra trekbalk - waarbij de makelaar_van_een_spant dient om doorbeuging van de spantbenen tegen te gaan - waarbij de trekplaat dient om uitwijking van de spantbenen en daardoor ongewenst optredende spatkracht(en) tegen te gaan Het meest juiste antwoord is daarom c--y---20----p---------bouwex\Dsc04I15.jpg------------------30^ gebogen vorm verkrijgt, waardoor - op bijvoorbeeld een zolder, meer loopruimte wordt verkregen - daar is in de afbeelding bij deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord b - Verbeterd_hollands_spant: een type Hollands_spant / dakspant / spant, waarbij - tevens kreupele_stijl(en) en blokkelen / blokkeel worden toegepast, en waarbij - de spantbenen / spantbeen NIET meer alleen op de zolderbalklaag rust , maar voornamelijk op de muurplaten / muurplaat van de buitenmuur rusten, en- nog slechts gedeeltelijk op de zolderbalklaag rust, en waarbij - de zolderbalklaag zich niet meer ter hoogte van de muurplaat bevindt, maar is verlaagd, waardoor - de hoofdruimte op zolder nog toeneemt, en waarbij het gedeelte van de buitenmuur dat boven de zolderbalklaag uitsteekt, een borstwering wordt genoemd - dit ondersteunt antwoord c HIERONDER OOK NOG EVEa hierbij de aantrede van weltrede / bordes buiten beschouwing laten )10 aantrede(n) en 11 optrede(n)12 aantrede(n) en 13 optrede(n)13 aantrede(n) en 13 optrede(n)- In de casus is sprake van een trap in combinatie met aantrede(n) en optrede(n) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: trap - Opmerking: de weltrede van het bordes wordt in deze vraag NIET meegerekend - in de afbeelding telt men tussen begane_grond en bordes een aantal van 12 aantrede(n) - Aantrede: een aspect / kenmerk van een trede van een trap / traptrede zijnde de horizontale maat / afmeting van een trede - gerekend vanaf voorkant van een trede tot aan voorkant van de bovenliggende trede, en gemeten ter plekke van de looplijn, ofwel - de horizontale maat / afmeting van het tredevlak, gemeten op de looplijn en loodrecht op de voorkant van het tredevlak tot aan de verticale_projectie / projectie van de voorkant van de bovenliggende trede op het betreffende tredevlak - de minimummaat volgens Bouwbesluit 2002 is 22 cm ( was voorheen 18,5 cm ) - het overstek van een aantrede heet een wel - als de weltrede NIET wordt meegerekend, geldt: een trap heeft n aantrede(n) en ( n + 1 ) optrede(n) - dit ondersteunt antwoord b - Optrede - een aspect / kenmerk van een trede van een trap / traptrede - de afstand van de bovenkant van een trede / tredevlak tot de bovenkant van de volgende trede / tredevlak, ofwel - de verticale maat / afmeting tussen een tredevlak en het daarboven liggende tredevlak, ofwel - de verticale, loodrecht gemeten, hoogtemaat tussen de bovenzijde(n) van 2 opeenvolgende tredevlak(ken), ofwel - mag volgens het Bouwbesluit 2002 maximaal 18,5 cm zijn ( was voorheen 21 cm ) - als de weltrede NIET wordt meegerekend, geldt: een trap heeft n aantrede(n) en ( n + 1 ) optrede(n) - dit ondersteunt antwoord b Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20----p---------bouwex\Dsc04I16.jpg------------------30 &v5U%!3=C3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag15Vraag15CWelk type spant is, op de bij deze vr]]w5UKKK?3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag16Vraag16BOp de bij deze vraag behorende afbeelding is een trap met bordes weergegeven. De trap verbindt de begane_grond / begane_grondverdieping met de eerste_verdieping. Hoeveel aantrede(n) en optrede(n) bevinden zich vanaf de begane_grond tot op het bordes ? (`]x5Uqo}E3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag17Vraag17cCWat is een aansluitleiding bij gasinstallatie(s) ?De leiding vanaf de gasmeter tot een aansluitpuntDe leiding die vanaf de hoofdmeter loopt tot de gasmeterDe leiding die de binnenleiding verbindt met een verbruikstoestel- In de casus is sprake van een aansluitleiding in combinatie met een gasinstallatie - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: technische_installatie / gasinstallatie - Aansluitleiding als onderdeel van de gasinstallatie: een type gasleiding - verbindt de binnenleiding met de aansluitpunt(en) t.b.v. de aansluiting(en) met de ( individuele ) verbruikstoestel(len), waaronder - open_verbruikstoestel(len) - gesloten_verbruikstoestel(len) waarbij als de te overbruggen afstand minder bedraagt dan 600mm, een gasslang mag worden gebruikt - dit ondersteunt antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom c--y---20--------------bouwex\Dsc04I16.jpg------------------30 %VK}Ew0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag16w0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag17x0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag18y0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag19z0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag20{0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag21|0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag22}0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag23~0U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag241U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag251U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag261U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag271U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag281U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag291U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag30,M- Examen Capita Selecta 2009 - IExamen-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag01-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag02atie met een aantal gekleurde electriciteitsdraden - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: - technische_installatie / electriciteitsinstallatie / electriciteitsysteem / electriciteitsleiding / electriciteitskabel / electriciteitsdraad - Bruine_draad: - wordt ook wel de fasedraad genoemd - een type electriciteitsdraad, waar de spanning opstaat - dit ondersteunt antwoord a - Zwarte_draad: - wordt ook wel de schakeldraad genoemd - een type electriciteitsdraad, die van de schakelaar naar het lichtpunt / electrisch_verbruikstoestel leidt - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord b - Blauwe_draad: - wordt ook wel de nuldraad genoemd - een type electriciteitsdraad, waar een spanning van 0 Volt opstaat - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom a--y---20--------------bouwex\Dsc04I16.jpg------------------30gerk: een type pleisterwerk, waarbij de wand(en) en / of plafond(s) met gips worden afgewerkt, gemengd met heel fijn zand, waardoor - een soort wolk_effect ontstaat, met de dikte van de laag die varieert van 3 tot 5 mm - het pleisterwerk met een schuurblok in een draaiende beweging tijdens het verharden wordt bewerkt, waardoor een bepaalde oppervlaktestructuur wordt bereikt - kan rechstreeks op een raaplaag, of op glad beton worden aangebracht - is als eindafwerking bedoeld - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord a - Wit_pleisterwerk: wordt ook wel glad_pleisterwerk genoemd en is een type pleisterwerk met witte_pleister als eindafwerking, waarbij - de wand(en) en / of plafond(s) zeer glad worden afgepleisterd, en waarbij - het eventueel doorschijnen van de raaplaag kan worden tegengegaan door 2 lagen wit_pleisterwerk ( nat_op_nat ) aan te brengen - kan eventueel ( bij uitzondering ) nog worden voorzien van een gewenste kleur muurverf, of behang, maar - m.b.t. behang wordt veelal het zogenoemd blauw_pleisterwerk als onderlaag / tussenlaag en GEEN wit_pleisterwerk - wordt veelal bij restauratie en renovatie toegepast en is als eindafwerking bedoeld - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord b - Blauw_pleisterwerk: wordt ook wel boeren_pleisterwerk genoemd en is een vorm van pleisterwerk - het resultaat van bepleisteren met blauwe_pleister bestaande uit kalk en gips, en bestaat uit een zeer dunne laag, met - een doorschijnend karakter, en met een grijsblauwe tint - is geen eindafwerking, maar een voorbewerking zijnde een afwerklaag op een muur die dienst doet als ondergrond voor bijvoorbeeld behang - dit ondersteunt antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom c--y---20--------------bouwex\Dsc04I16.jpg------------------30 sWsUz5UY!-1I3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag19Vraag19CWelke afwerklaag wordt er in het algemeen aangebracht op een wand welke behangklaar wordt opgeleverd ?SchuurwerkWit_pleisterwerkBlauw_pleisterwerk- In de casus is sprake van een afwerklaag / afwerklaag_muren_en_wanden in combinatie met het later aanbrengen van behang - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: afwerking(en) / afbouw_en_afwerking - Schuurwfy5U)+++ 3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag18Vraag18AIn een in verbouw zijnde woning steken uit een electraleiding / electriciteitsleiding in de wand, vier draden: een zwarte, een blauwe, een geel-groene en een bruine. Welke van deze draden is de fasedraad ?De bruine_draadDe zwarte_draadDe blauwe_draad- In de casus is sprake van een electriciteitsleiding in combinejch kan voordoen bij vloeistof(fen) die zich in een toestand als bij een sifon ( = zwanenhals ) bevinden, en - waarbij de luchtdruk aan n zijde van de sifon vermindert of wegvalt, waardoor de vloeistof in de sifon, door de hogere luchtdruk aan de andere zijde van de sifon, in de richting van de lagere luchtdruk wordt gestuwd en verplaatst, en waardoor - de vloeistof geheel uit de sifon kan verdwijnen, zodat de lucht aan weerszijde(n) van de sifon met elkaar in verbinding komt te staan, en - waardoor de stankafsluitende werking / stankafsluiter van de sifon NIET meer deugdelijk functioneert - kan worden voorkomen door een antivide / beluchter in de sifon, of in de betreffende leiding naar / van de sifon, toe te passen - dit ondersteunt antwoord a - Antivide: wordt ook wel een beluchter genoemd en wordt toegepast om hevelwerking bij stankafsluiter(s) / sifon(s) / etc., en bij kranen te voorkomen, zodat geen hevelwerking kan ontstaan, en geen stank door de stankafsluiter kan komen, en - geen vuil_water in de waterleiding kan terugstromen - een antivide ofwel beluchter opent zich bij onderdruk in een afvoerleiding en sluit zich weer als die onderdruk is opgeheven - bevat een soort klep die ervoor zorgt dat, als de luchtdruk in de afvoerbuis daalt, lucht van buitenaf door de antivide / beluchter wordt aangezogen, de afvoerbuis in, zodat door de beluchter geen lucht ( rioollucht ) in het gebouw kan komen - dit ondersteunt antwoord a - antwoord b: een nieuwe sifon monteren helpt NIET als de hevelwerking NIET is opgeheven, tenzij de nieuwe sifon een antivide bevat ( = antwoord a ) - antwoord c: een zeer kortstondige oplossing; helpt NIET blijvend als de hevelwering NIET wordt verholpen Het meest juiste antwoord is daarom a--y---20--------------bouwex\Dsc04I16.jpg------------------30 3{5UG7?WI3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag20Vraag20ADe afvoer van een wastafel is voorzien van een sifon. Door hevelwerking is er regelmatig stankoverlast. Hoe kan de hevelwerking definitief worden opgelost ?Een antivide monterenEen nieuwe sifon monterenAf en toe even de kraan laten stromen- In de casus is sprake van een wastafel met sifon in combinatie met hevelwerking en stankoverlast - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: waterinstallatie - Hevelwerking: het verplaatsen / transporteren / verwijderen van vloeistof(fen) door luchtdrukverschil(len) en / of vloeistofdrukverschil(len) - een mechanisme dat zii|5U3!#%[3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag21Vraag21lmCOp de bij deze vraag behorende afbeelding is een hoofdverdeelinrichting van de electrische_installatie weergegeven, zoals deze is opgesteld in een meterkast. Waar bevindt of bevinden zich de hoofdzekering(en) ?Locatie ILocatie IILocatie III- In de casus is sprake van een hoofdverdeelinrichting van een electrische_installatie in combinatie met de positie van de hoofdzekering(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: electrische_installatie - Hoofdverdeelinrichting: een onderdeel van de schakel-_en_verdeelinrichting / electrische_installatie in een gebouw / woning, zijnde - een inrichting die een aantal verdeelkast(en) aanstuurt, en kan als volgt worden onderscheiden: - bij grotere electrische_installatie(s) met meerdere verdeelkast(en): - is n van de verdeelkast(en) tevens hoofdverdeelinrichting - is er een aparte hoofdverdeelinrichting die een aantal verdeelkast(en) aanstuurt - dit geeft nog geen uitsluitsel m.b.t. het juiste antwoord - Hoofdzekering: een onderdeel van de schakel-_en_verdeelinrichting / electrische_installatie in een gebouw / woning - bevindt / bevinden zich in de aansluitkast die zich tussen de aanvoerkabel_nutsbedrijf en de electriciteitsmeter bevindt, en - die aansluitkast is eigendom van het nutsbedrijf en is daarom verzegeld - is locatie III op de afbeelding; dit ondersteunt antwoord c - Aansluitkast: - een onderdeel van de schakel-_en_verdeelinrichting / electrische_installatie in een gebouw / woning - bevindt zich tussen de aanvoerkabel_nutsbedrijf en de electriciteitsmeter, en bevat de hoofdzekering(en) - is eigendom van het nutsbedrijf en is daarom verzegeld - is locatie III op de afbeelding; dit ondersteunt antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom c--y---20----p---------bouwex\Dsc04I21.jpg------------------30og22BIn een stedenbouwkundig ontwerp wordt gesproken over een wadi. Wat wordt hiermee bedoeld ?een waterdistributiesysteem voor het transport van regenwater naar nabij gelegen oppervlaktewatereen open greppel met ondergrondse grindkoffer waarin het regenwater zich kan verzamelen en in de bodem kan infiltrereneen waterdistributiesysteem voor het transport van grijs_water van een grijs_waterbekken naar de verschillende huisaansluiting(en)- In de casus is sprake van een wadi in combinatie met aantal mogelijke alternatieve betekenissen - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: wadi - Wadi: een voorziening ( in Nederland ) voor de infiltratie van regenwater, waarbij - een wadi een laagte is waarin het regenwater zich kan verzamelen en in de bodem kan infiltreren, en waarbij - een wadi meestal is beplant met gras of biezen, en waarbij een wadi verdroging van de bodem helpt tegen te gaan, en - een buffer vormt bij overvloedige regenval, en bijdraagt aan de zuivering van het water - staat meestal droog, alleen na een regenbui staat er water in - de bodemlaag van de wadi bestaat uit een laag grind en een buis / drainagebuis / drain, die bij hoge grondwaterstand(en) een aanvullende drainerende functie heeft - een wadi bestaat uit meerdere lagen, waarbij de toplaag van de wadi ( mulden ) een zuiverende werking heeft - na infiltratie door de toplaag komt het water in een ondergrondse infiltratievoorziening zoals een grindkoffer, en - vanuit deze grindkoffer infiltreert het water verder de bodem in, en waarbij - tussen de toplaag en de ondergrondse infiltratievoorziening zich ook een directe verbinding bevindt, de zogenoemde slokop, die functioneert als een overstort - dit ondersteunt antwoord b Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20--------------bouwex\Dsc04I21.jpg------------------30 `F}8UAOyc3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag22Vraan~7UEy93- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag23Vraag23ABij platte daken / plat_dak vertonen loodslab(ben) tegen het opgaande metselwerk, dikwijls op regelmatige afstand(en) verticale scheur(en), waardoor inwatering kan optreden. Hoe had dit probleen voorkomen kunnen worden ?Kortere loodslab(ben) aanbrengen met een ruime overlapLangere loodslab(ben) toepassen en de slab(ben) onderling solderenDe loodslab(ben) dieper in het metselwerk bevestigen met voldoende cementspeciedekking- In de casus is sprake van loodslab(ben) in combinatie met het optreden van scheur(en) daarin - daarom kijken / zoeken in0~ Ys55U'!#W3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag26Vraag26AWelk van de, in de bij deze vraag behorende afbeelding getoonde, rioleringsschema($s) in bovenaanzicht geeft het juiste leidingverloop weer ?Schema ISchema IISchema III- In de casus is sprake van een riolerx5Us1)3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag24Vraag24BHet transport van waterdamp door een constructie, onder invloed van een verschil in waterdampconcentratie aan weerszijde(n) van die constructie, vindt plaats door middel vr8U'--3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag25Vraau5U'!#W     3 - Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag26Vraag26AWelk van de, in de bij deze vraag behorende afbeelding getoonde, rioleringsschema($s) in bovenaanzicht geeft het juiste leidingverloop weer ?Schema ISchema IISchema III- Ixtan .....adhesiediffusiecapillaire_werking- In de casus is sprake van een transport van waterdamp door een constructie in combinatie met een concentratiegradint - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: bouwfysica - Adhesie: de onderlinge aantrekkingskracht tussen ongelijke moleculen zonder dat er sprake is van een chemische binding - is afgeleid van het Latijnse woord adhaesio wat aanhechting betekent - wanneer de adhesieve_kracht / adhesie tussen de moleculen en een capillair, groter is dan de cohesieve_kracht / cohesie ( = aantrekkingskracht tussen gelijke moleculen in de vloeistof ) zal in een capillair de vloeistofspiegel ( = meniscus ) hol zijn en de vloeistof langs de wand van het capillair omhoog worden getrokken - wanneer de adhesieve_kracht / adhesie kleiner is dan de cohesieve_kracht / cohesie ( = aantrekkingskracht tussen gelijke moleculen ), zal in een capillair de meniscus bol zijn en de vloeistof langs de wand van het capillairn vloeistof, terwijl - dit eveneens het geval is voor een vloeistof vergeleken met een vaste_stof - dit ondersteunt antwoord b - Capillaire_werking: - het optrekken / opstijgen van water door de porie(n) van een poreus materiaal, bijvoorbeeld: - het optrekken / opstijgen van water door de capillaire porie(en) in bomen ( tot maximaal ca. 120 m ) - het optrekken / opstijgen van water in een muur gemaakt van ( poreuze ) baksteen, waardoor - die muur op grotere hoogte nat kan worden door optrekkend grondwater, hetgeen - kan worden tegengegaan door het toepassen van een cementraam of tras in een gevel, zijnde - metselwerk van hardgebakken en langgebakken baksteen die weinig water opnemen / doorlaten - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20--------------bouwex\Dsc04I21.jpg------------------30s omlaag worden gedrukt - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord a - Diffusie: - het passieve transport van een stof ( vaste_stof, vloeistof, damp, gas, etc. ) langs een concentratiegradint van die stof als gevolg van een verschil in concentratie van die stof in een ruimte, waarbij - de snelheid van diffusie in belangrijke mate wordt bepaald door het verschil in concentratie, en de aggregatietoestand, waarbij - hoe groter het concentratieverschil en hoe korter de afstand is tussen plaatsen van hoge en plaatsen van lage concentratie, - hoe groter de concentratiegradint en hoe groter de diffusiesnelheid ( = evenredig met deze gradint ), en waarbij - een andere belangrijke factor die de difussiesnelheid bepaalt, de aggregatietoestand van de stoffen is, waarbij - in gas de diffusie vele grootteorde(n) sneller gaat dan in eewg25CEen woning, gebouwd aan het eind van de 19e eeuw, heeft een gemetselde steens_muur als voorgevel. In 2000 is de voorgevel bekleed door aan de buitenzijde met in cementspecie gezette dubbelhardgebakken_tegel(s) aan te brengen. Aan de binnenzijde is gipsvezelplaat op houten regel(s), waartussen steenwol als isolatie, aangebracht. Een half jaar later ontstaat schimmelvorming op de gipsvezelplaat. Wat is de meest waarschijnlijke ooorzaak ? De gevel is nu zowel aan de buitenzijde als aan de binnenzijde dampdoorlatendDe gevel aan de buitenzijde is nu dampdoorlatend en aan de binnenzijde dampdichtDe gevel aan de buitenzijde is nu dampdicht en aan de binnenzijde dampdoorlatend- In de casus is sprake van een een aantal soort(en) bouwmateriaal in combinatie met dampdoorlatend, dampdicht, en schimmelvorming - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: bouwfysica - Dampdoorlatend: - hier wordt in de regel een constructie, bouwdeel, materiaal, folie, etc., mee bedoeld, dat - d - is dus naast dampremmend weliswaar ook ( vloeibaar ) waterkerend, maar - dient NIET te worden verward met zogenoemde waterkerende_folie dat WEL damp doorlaat ! - dampremmende materialen dienen daartoe altijd aan de warme binnenzijde van een constructie te worden aangenbracht - voorbeeld(en): - dampremmende_folie - EPDM_folie - De dubbelhardgebakken_tegel(s) aan de ( koude ) buitenzijde van de voorgevel zijn waterkerend en dampremmend, en dus NIET dampdoorlatend - dit ondersteunt NIET antwoord a, en ook NIET antwoord b, maar WEL antwoord c - De gipsvezelplaat en de steenwol als isolatie aan de warme binnenzijde van de voorgevel zijn dampdoorlatend, en dus NIET dampremmend - dit ondersteunt NIET antwoord b, maar WEL antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom c--y---20--------------bouwex\Dsc04I21.jpg------------------30vamp / waterdamp ( = water in de gastoestand, of in de damptoestand ) doorlaat, maar vloeibaar water tegenhoudt, waarbij - het materiaal dus WEL ( damp(en) ) ademt / doorlaat, maar GEEN vloeistof(fen) doorlaat, en - is dus WEL waterkerend, maar NIET vochtkerend / vochtwerend ! - dampdoorlatende materialen dienen daartoe altijd aan de koude buitenzijde van een constructie te worden aangenbracht - voorbeeld(en): - dampdoorlatende_folie ofwel waterkerende_folie - polypropyleen_vlies - Dampdicht / Dampremmend: - wordt ook wel dampdicht ofwel dampwerend ofwel vochtkerend genoemd - hier wordt in de regel een constructie, bouwdeel, materiaal, folie, etc., mee bedoeld, dat - damp / waterdamp ( = water in de gastoestand, of in de damptoestand ) tegenhoudt, en vloeibaar water tegenhoudt, waarbij - het materiaal dus NIET ( damp(en) ) ademt / doorlaat, en ook GEEN geen vloeistof(fen) doorlaat, en ingsschema in combinatie met een juist leidingverloop - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: riolering - De hoek waaronder een aansluitleiding op de grondleiding van de binnenriolering moet worden aangesloten, dient ca 45 bedragen, en - wel zodanig dat de stroomrichting van het afvalwater dat uit de aansluitleiding komt, ongeveer dezelfde richting heeft als de stroomrichting in de grondleiding - in Schema I is dat het geval bij alle aansluiting(en) - dit ondersteunt antwoord a - in Schema($s) II en III zijn er aansluiting(en) die onder een hoek van 135 op de grondleiding ofwel afvoerverzamelleiding aansluiten, - waardoor de stroomrichting in de aansluitleiding nagenoeg tegengesteld is aan die in de grondleiding ofwel afvoerverzamelleiding - dit ondersteunt NIET de antwoorden b en c Het meest juiste antwoord is daarom a--y---20----p---------bouwex\Dsc04I26.jpg------------------30 V5U537}3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag27Vraag27BVan welk soort onderhoud is er sprake bij onderhoud op basis van levensduurverwachting en restant levensduur van materialen en onderdelen, aan de hand van een daartoe ingestelde inspectie ?Inspectief_onderhoudPlanmatig_onderhoudFunctioneel_onderhoud- In de casus is sprake van een soort onderhoud uit te voeren op basis van levensduurverwachting en restant levensduur van materialen en onderdelen, aan de hand van een daartoe ingestelde inspectie - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheer en onderhoud - Inspectief_onderhoud: een vorm van onderhoud om inzicht te verkrijgen in het conditieverloop vaz{n een systeeem / technisch_systeem, om - zodoende tijdig de noodzaak van onderhoud te signaleren en uit te voeren, waarbij - door tijdig in te grijpen voordat een storing plaatsvindt, inspectief onderhoud een goed middel is voor het beheersen van onderhoud, waardoor de betrouw-baarheid en beschikbaarheid van een technisch systeem toeneemt, en - het juiste pro-actief onderhoud op het juiste moment wordt uitgevoerd, waarbij de kosten van inspectie(s) vooraf zijn bekend, en waarbij - na de inspectie de kosten van de benodigde reparatie(s) kunnen worden gecalculeerd - hier is geen sprake van levensduurverwachting, dit ondersteunt NIET antwoord a - Planmatig_onderhoud: - een vorm van onderhoud, waarbij het interval tussen twee onderhoudsmoment(en) groter is dan n jaar - onderhoud dat van te voren kan worden voorspeld, omdat bijv. de levensduur van de betreffende component(en) / element(en) bekend zijn - kan worden onderscheiden in, onder meer; - preventief_onderhoud - correctief_onderhoud - dit ondersteunt antwoord b - Functioneel_onderhoud: een vorm van onderhoud, waarbij - wordt gezorgd dat de prestatie / kwaliteit van bepaalde functie(s) in overeenstemming wordt gebracht / worden aangepast met / aan geldende / gewijzigde : - regelgeving - maatschappelijke_opvatting(en) - organisatievorm(en) - kan worden onderscheiden in, onder meer:vorm(en) - onderhoud van procedure(s) en opleiding(en) - functioneel onderhoud van applicatie(s) - beheer van gegevensdefinitie(s) - het blijven werken van verkeerslicht(en) - daar is in deze vraag geen sprake van, dit ondersteunt NIET antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20--------------bouwex\Dsc04I26.jpg------------------30}atuurverschil van 1 CDe hoeveelheid warmte die door een m2 van een laag materiaal stroomt en afhankelijk is van de warmteweerstand van die laag en het temperatuurverschil over die laag- In de casus is sprake van een warmtedoorgangscofficint in combinatie met een keuze uit een aantal alternatieve betekenissen - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: bouwfysica - Warmtedoorgangscofficint: - wordt wel de U_waarde ( afgekort tot U ) van een materiaal genoemd - wordt uitgedrukt in W / m2.K ( Watts per vierkante meter en per graad temperatuurverschil T2 - T1 ), en - is de reciproke_waarde van de warmteweerstand Rm ofwel R_waarde ( dus U = 1 / R_waarde opfwel U / Rm ), en - is de hoeveelheid energie die per seconde per m2 en per graad temperatuurverschil tussen binnen en buiten ( T2 - T1 ), door dat materiaal wordt doorgelaten, ofwel - het thermisch vermogen in Watt ( W ), per m2, per K temperatuurverschil over het materiaal, dat wordt doorgelaten, waarbij geldt: - hoe lager de warmtedoorgangscofficint, des te minder energie er wordt doorgelaten / weglekt, en dus hoe hoger de warmteweerstand ofwel isolatiewaarde ( = hoe hoger de isolatiewaarde, des te minder het warmtelek ) - uit de warmtedoorgangscofficint U kan ook nog de warmtestroomdichtheid q worden bepaald middels: q = U ( T2 - T1 ) in W / m2 waarbij ( T2 - T1 ) het temperatuurverschil over het materiaal is, waarbij geldt, als T2 - T1 = 1 dan is: q = U ofwel U = q, dus - de warmtedoorgangscofficint is de warmtestroomdichtheid voor een constructie bij een temperatuurverschil ( T2 - T1 ) van 1 C over die constructie - dit ondersteunt antwoord a - antwoord b geeft de lambda weer, maar dat wordt NIET gevraagd Het meest juiste antwoord is daarom a--y---20--------------bouwex\Dsc04I26.jpg------------------30 j7UsQ!S3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag28Vraag28AWat verstaat men onder warmtedoorgangscofficint ?De grootte van de warmtestroomdichtheid door een constructie bij een temperatuurverschil van 1 CDe hoeveelheid warmte die per m2 oppervlakte stroomt door een materiaal met een dikte van een meter, bij een temper| - de afsluitende element(en) zoals gevel(s) / pui(en), compleet met afgehangen ramen / raam en deur(en) in de fabriek worden vervaardigd - in de afbeelding is GEEN sprake van betonnen, gestorte wand(en) en vloer(en), dit ondersteunt NIET antwoord a - Betonskeletbouw: een vorm van skeletbouw - geschikt voor het maken van lichte constructie(s) met een grote stijfheid, als men veel glas in het gebouw wenst aan te brengen - kan worden toegepast in, onder meer: - utiliteitsbouw - industriebouw - kan worden vervaardigd door de constructief_element(en), zoals: - de kolom(men), balk(en) / ligger(s) en vloer(en) van het betonskelet, tijdens de bouw in_het_werk ( integraal ) te storten of - de kolom(men), balk(en) / ligger(s) en vloer(en) van het betonskelet, van prefab_element(en) te vervaardigen waarbij - in een latere fase, prefab_element(en) waaronder trap(pen) en kozijn(en) later in_het_werk worden gesteld ( stellen ) - in de afbeelding is WEL sprake van prefab kolom(men), balk(en) / ligger(s) en vloer(en), dit ondersteunt antwoord b - Elementenbouw: wordt ook wel systeembouw ofwel montagebouw genoemd - een type bouwmethode, waarbij tijdens de bouw op een bouwplaats, in de fabriek geprefabriceerde element(en) / bouwdeel / bouwdelen, waaronder: - vloer(en) - wand(en) - dak(en) etc. - zonder voorafgaand skelet, direct aan elkaar worden gemonteerd / met elkaar worden verbonden, en waarbij de element(en) / bouwdelen veelal met een kraan op de bouwplaats op hun plaats worden gebracht om te kunnen worden gemonteerd - in de afbeelding is GEEN sprake van prefab wand(en) die direct aan vloer(en) worden bevestigd, etc., dit ondersteunt dus NIET antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom b--y---20----p---------bouwex\Dsc04I29.jpg------------------30 vv"5Uqkms3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag30Vraag30 5U!!'3- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag29Vraag29BOp de bij deze vraag behorende afbeelding is een aansluiting kolom / ligger / vloer weergegeven. Wleke bouwmethode wordt hier gehanteerd ?GietbouwSkeletbouwElementenbouw- In de casus is sprake van een aansluiting kolom / ligger / vloer in combinatie met eeen aantal bouwmethode(n) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: constructieve_opbouw en bouwmethode(n) - Gietbouw: een bouwmethode waarbij, tijdens de bouw / in_het_werk, op een bouwplaats, de constructief_element(en) zoals: - wand(en) - vloer(en) - van het bouwwerk van beton ( integraal ) worden gestort m.b.v. standaardbekisting / bekisting, en waarbij AIn een ruimte wordt een lange nagalmtijd geconstateerd. Welke maatregel ligt in dit kader het meest voor de hand ?Het aanbrengen van geluidsabsorberend_materiaalHet aanbrengen van geluidsreflecterend_materiaalHet aanbrengen van de materiaal met een grote massa- In de casus is sprake van een nagalmtijd in combinatie met een aantal alternatieven voor mogelijke bestrijding daarvan - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: geluid / bouwfysica - Nagalmtijd: - is de tijd waarin het geluidsniveau ( de nagalm ) met 60 dB afneemt, na het uitschakelen van de geluidsbron - is afhankelijk van de frequentie van de geluidstrilling - een korte nagalmtijd gaat meestal samen met een prettige ruimteakoestiek / akoestiek, en - een ( te ) lange nagalmtijd levert meestal een situatie op waarbij het minder prettig verblijven of werken is in de betreffende gebruiksruimte / ruimte - een te lange nagalmtijd kan vermoeidheidsverschijnselen, concentratieverlies en een verstoord orintatievermogen veroorzaken - alsmede een slechte spraakverstaanbaarheid, waardoor mens(en) de neiging krijgen om steeds harder te gaan spreken - kan worden verkort door toepassing van geluidsabsorberend_materiaal / geluidsabsorptiemateriaal - Nagalm: - het verschijnsel, dat het geluid van een geluidsbron, na het uitschakelen van die geluidsbron, nog hoorbaar blijft, waarbij - een karakteristieke periode hiervoor, de nagalmtijd wordt genoemd - kan worden verminderd ( = verbeterd ) middels het toepassen van geluidsabsorberend_materiaal / geluidsabsorptiemateriaal - dit ondersteunt antwoord a, waarbij antwoord b de situatie juist zou verslechteren, en bij antwoord c weet men niet of het materiaal absorbeert of reflecteerd, dus antwoord c wordt ook NIET ondersteund Het meest juiste antwoord is daarom a--y---20----p---------bouwex\Dsc04I29.jpg------------------30 YY#8M ==w%   - Examen Capita Selecta 2009 - IExamenExamenWelke van de onderstaande bewering(en) met betrekking tot het publiekrecht is juist ? Het publiekrecht was van oudsher rechtersrecht, maar is inmiddels volledig gecodificeerdHet publiekrecht is in belangrijke mate gecodificeerd, maar wordt daarnaast ook beheerst door ongeschreven beginselenAlle beginsel(en) van het publiekrecht zijn inmiddels volledig gecodificeerdZowel het privaatrecht als het publiekrecht bevatten gecodificeerde en ongeschreven rechtsregel(s) Gecodificeerde rechtsregel(s) zijn de in de wet(ten) opgenomen, geschreven rechtsregel(s) ( = codificatie / codificeren ) Een voorbeeld van ongeschreven_recht ofwel gewoonterecht in het publiekrecht is, bijvoorbeeld: - het aftreden van een minister na het aannemen van een motie van wantrouwen in de Tweede_Kamer Het meest juiste antwoord is dus By2640t mee eens. Kan de verhuurder met redelijke kans van succes deze huurprijswijziging toch bewerkstelligen ? De huurprijswijziging kan slechts worden doorgevoerd indien een volle periode van vijf jaar is verstreken, dus op zijn vroegst na ommekomst van 15 jaar Aangezien de verhuurder heeft verzuimd een bepaling in de huurovereenkomst op te nemen omtrent de aanpassing van de huurprijs, kan deze nooit zonder de instemming van de huurder worden gewijzigd Een huurprijswijziging kan worden doorgevoerd indien minimaal vijf jaar zijn verstreken na het aangaan van de huurovereenkomstHet betreft hier de huurverhoging van middenstandsbedrijfsruimte bij een huurcontract voor onbepaalde_tijd, dus kijken in BW 7:290 - 309 Zoeken in register naar Huurprijs bedrijfsruimte ==>>BW 7:303 In BW 7:303-1-b is vermeld dat huurprijswijziging ( m.b.t. huur voor onbepaalde_tijd ) kan worden gevorderd 5 jaar nadat de prijs voor het laatst is bepaald Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40 8M%= '- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag01Vraag01CEen zogeheten middenstandsbedrijfsruimte die voor publiek toegankelijk is, is 13 jaar geleden voor onbepaalde_tijd verhuurd. In die periode heeft nooit een nadere huurprijsvaststelling plaatsgevonden en hieromtrent is ook geen bepaling in de huurovereenkomst opgenomen. De verhuurder wil desondanks toch thans een huurprijswijziging doorvoeren en deze aanpassen aan het huurpeil ter plaatse De huurder is het hier nie hh8M)7%/- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag02Vraag02ABetonnen rioolbuizen komen voor in rond- en eivormig profiel Wat is het voordeel van een eivormig profiel ten opzichte van een rond profiel ?Een eivormig profiel geeft bij een geringe wateraanvoer toch voldoende stroomsnelheidIn een eivormig profiel behoeft geen wapening te worden toegepast Een eivormig geprofileerde buis is gemakkelijker in de grond aan te brengenEen eivormig rioolbuis moet ook van wapening worden voorzien; dus NIET antwoord B Een eivormig geprofileerde buis is NIET gemakkelijker in de grond aan te brengen; dus NIET antwoord C Omdat een eivormig riool van onderen smaller is dan een ronde rioolbuis komt het water hoger te staan bij hetzelfde aangevoerde volume en zal het daardoor sneller doorstromen Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40Wat is het onderscheid tussen de geldmarkt en de kapitaalmarkt ?De ( resterende ) looptijd van de verhandelde titel(s), namelijk tot en met twee jaar respectievelijk langer dan twee jaarDe omvang van de verhandelde product(en), te weten kredietsom(men) onder en boven EUR 1.000.000,--De verschillende als vrager(s) opererende marktpartij(en), te weten de overheid respectievelijk het particuliere bedrijfsleven- Geldmarkt: - vormt tezamen met de kapitaalmarkt een onderdeel van de financile_markt ofwel vermogensmarkt - abstracte_markt voor financile_transactie(s) betreffende vermogenstitel(s) met een looptijd korter dan 2 jaar - Kapitaalmarkt: - vormt tezamen met de geldmarkt een onderdeel van de financile_markt ofwel vermogensmarkt - abstracte_markt voor financile_transactie(s) betreffende vermogenstitel(s) met een looptijd langer dan 2 jaar Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40port ) Een dalend begrotingstekort van het RijkEen stijgende bezettingsgraad in het bedrijfsleven- Ruilvoet: - economisch begrip ter aanduiding van de hoeveelheid van een goed die in het ruilproces opweegt tegen n eenheid van een ander goed - de waarde van een goed uitgedrukt in een ander goed - Bedrijfsdrukte: - wordt ook wel de bezetting van een onderneming genoemd - de mate van benutten van de beschikbare bedrijfscapaciteit die, onder meer, omvat: - beschikbare productiecapaciteit van de aanwezige machine(s) - beschikbaar personeel - andere noodzakelijke, beschikbare bedrijfsmiddelen - Als er een begrotingstekort van het Rijk optreedt, met het Rijk lenen om het tekort te financieren en neemt de vraag naar geld op de kapitaalmarkt toe hetgeen de prijs ( = kapitaalmarktrente ) opdrijft ( = hogere rente ) Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40 / /H 8M ))O- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag06Vraag06Ba 8M3!C_i- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag05Vraag05CBij een aanvraag van een hypothecaire_geldlening met Nationale_hypotheek_garantie ( NHG ) is er sprake van een zogenaamde toetsrente Wat is juist ?Indien de hypotheekrente wordt vastgelegd voor 10 jaar, is de toetsrente gelijk aan de geoffreerde hypotheez 6MS]qm- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag04Vraag04BDe kapitaalmarktrente weerspiegelt in welke mate de marktpartij(en) willen sparen en lenen voor de lange_termijn. Welke van de volgende factor(en) veroorzaakt een neerwaartse druk op de kapitaalmarktrente ( ceteris_paribus ) ?Een dalende ruilvoet ( prijspeil export / prijspeil im( 8M Q - Examen Capita Selecta 2009 - IVraag03Vraag03Akrente met als minimum de rente welke op dat moment geldt voor een rentevastperiode van 5 jaar Indien de hypotheekrente 5 jaar of korter vast staat geldt een toetsrente van minimaal 5 % Indien de hypotheekrente langer vast staat dan 5 jaar, geldt de geoffreerde hypotheekrente als toetsrente- Toetsrente: - een type hypotheekrente / rente - betreft een ( fictieve ) minimumpercentage rente waar hypotheekverstrekker(s) vanuit gaan bij het bepalen van de maximale hypotheeksom - voorkomt dat consument(en) die geld willen lenen, een te hoge hypotheek verkrijgen en daardoor in de problemen komen als de hypotheekrente op korte_termijn stijgt - geldt voor alle hypotheek_offerte(s) met een rentevastperiode korter dan 10 jaar ( dus NIET antwoord B ) - voor aanbieding(en) met een rentevastperiode van 10 jaar of langer wordt getoetst op het werkelijke tarief ( dus NIET antwoord A ) Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40  N|4bHv-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag04-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag05-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag06-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag07-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag08-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag09-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag10-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag11-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag12-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag13-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag14-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag15-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag16-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag17-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag18-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag19-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag20-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag21-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag22Wanneer treedt condensatie op bij een ruit van een gevelraam ?Als de buitentemperatuur hoger is dan de binnentemperatuur Als de ruitemperatuur lager is dan de dauwpuntstemperatuur van de binnenlucht Als de ruittemperatuur hoger is dan de dauwpuntstemperatuur van de binnenlucht- Dauwpuntstemperatuur: - is de temperatuur tot welke een luchthoeveelheid, met een gegeven temperatuur en relatieve_vochtigheid, bij gelijk blijvende druk moet worden afgekoeld tot waterdampverzadiging ( = 100 % relatieve_ vochtigheid ) optreedt - bij nog lagere temperatuur treedt condensatie op Het meest juiste antwoord is dus B Als de buitentemperatuur hoger is dan de binnentemperatuur dan wordt het raam NIET kouder dan de binnentemperatuur en treedt geen condensatie op ( dus NIET antwoord A ) Als de ruittemperatuur hoger is dan de dauwpuntstemperatuur van de binnenlucht treedt natuurlijk ook geen condensatie op ( dus NIET antwoord C )--y---26---------------------------------40   o 5M}-7#Y3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag07Vraag07AWaar wordt de onderstaande tegel toegepast ? Druk op de knop " Toon Image " om de betreffende afbeelding te kunnen zienOp traptrede(n) Op badkamervloer(en) Op wand(en)Het betreft een tegel met een aantal anti-slip gleuven aan n zijde, en - die worden NIET op wand(en) of vloer(en) gelegd Het meest juiste antwoord is dus A--y---26----p---------capsel\Dsc09I07.jpg------------------40 S6MU]/'3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag08Vraag08AWelke kosten worden door Stichting_Waarborgfonds_Eigen_Woningen ( z.g. NHG ) niet vergoed aan de geldgever indien bij executoriale_verkoop met verlies is verkocht ?De boeterente voor vervroegde aflossing Achterstallige bedrag(en) verschuldigd aan de Vereniging_van_eigenaars Makelaarscourtage- De boeterente is een vergoeding die moet worden betaald als er in n keer / per jaar meer wordt afgelost dan is overeengekomen in de hypotheekakte, hetgeen - bij executoriale_verkoop het geval is ( want de resterende opbrengst van de executoriale_verkoop gaat naar de geldverstrekker ), maar - daar is de NHG niet voor bedoeld Het meest juiste antwoord is dus A--y---26--------------capsel\Dsc09I07.jpg------------------40) ) en brengt de prijzen definitief omlaag Prijsstijging niet uitgesloten, prijs moet op winstgevend niveau blijven Prijzen stabiel op relatief laag niveau- Rijpheidsfase - afzet, omzet en winst langzamer toenemen dan in de groeifase - opkomende concurrentie - er moet extra aandacht worden gegeven aan het merk, service en productverbetering - er zijn reden(en) ( toenemende concurrentie, etc. ) om de prijs te verlagen - Verzadigingsfase ofwel volwassenheidsfase ofwel Maturity - de groei van omzet en winst nemen af - herhalingsaankopen - steeds meer concurrent(en) met me_too_product(en) Het is NIET zeker of een situatie als antwoord A zal optreden, dus NIET antwoord A In deze fase geen prijsstijging; dus NIET antwoord B Het meest juiste antwoord is dus C--y---26--------------capsel\Dsc09I07.jpg------------------40 q 5M 7?EK3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag10Vraag10BAls makelaar Gerets voor zijn nieuwe sms-dienst snel merkbekendheid wil opbouwen, welke prijsstrategie dient hij dan te kiezen ?Afroomprijsstrategie Penetratieprijsstrategie Diversificatieprijsstrategie- Afroomprijsstrategie: - de strategie om een nieuw product initieel tegen een zeer hoge p7MS_[U3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag09Vraag09CDe meest succesvolle product(en) doorlopen een aantal fase(n) in een product_levenscyclus : Introductie-Groei-Rijpheid-Verzadiging-Neergang . Welk kenmerk ten aanzien van het prijsbeleid behoort tot de Verzadigingsfase ?Concurrentie leidt tot promotionele actie(s) ( prijskorting(enrijs in de markt te zetten, waarna de prijs stap voor stap wordt verlaagd, en waarbij zodoende de andere prijssegment(en) van boven naar beneden worden afgeroomd - geeft weliswaar een relatief lagere omzet, maar wel in combinatie met een hogere winst - door de hoge prijs worden concurrent(en) snel aangetrokken - dit is hier NIET het geval; dus NIET antwoord A - Penetratieprijsstrategie: - de strategie om een nieuw product initieel tegen een lage prijs in de markt te zetten, om zodoende snel een grote omzet en een groot marktaandeel te verkrijgen - geeft een relatief hoge omzet, in combinatie met een hogere winst - door de lage prijs worden concurrent(en) NIET snel aangetrokken - dat is wat hier wordt getracht te bereiken; dit ondersteund antwoord B Diversificatieprijsstrategie: er wordt hier NIET in product(en) gediversifieerd; dus NIET antwoord C Het meest juiste antwoord is dus B--y---26--------------capsel\Dsc09I07.jpg------------------40an van de gemiddelde inflatie van de laatste 10 jaar Naast het begrip nominale_rente speelt het begrip rele_rente een grote rol bij de analyse. Waarmee wordt de nominale_rente gecorrigeerd om tot de rele_rente te komen ? Het inflatiecijferDe rentemarge van de bank(en)De rente op de staatslening(en)- Nominale_rente: 1. een rentepercentage dat NIET is gecorrigeerd m.b.t. de inflatie 2. een rente die NIET op jaarbasis achteraf, maar op bijv. maandbasis ( achteraf ) wordt berekend - Rele_rente: 1. de rente die WEL is gecorrigeerd mb.t. de inflatie, waarbij - de NIET voor inflatie gecorrigeerde rente de nominale_rente wordt genoemd 2. de effectieve_rente ofwel werkelijke_rente die op jaarbasis is verschuldigd, waarbij - de rente die NIET op jaarbasis, maar bijvoorbeeld op maandbasis wordt berekend de nominale_rente wordt genoemd Het meest juiste antwoord is dus A--y---26--------------capsel\Dsc09I07.jpg------------------40 77=5M1GK13- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag11Vraag11AIn een artikel in het blad Vastgoed van juli / augustus wordt door een tweetal makelaar(s) een analyse gemaakt van een groot woonwerkproject in Amsterdam. De variabele(n) die gebruikt worden bij de analyse van vastgoedproject(en) zijn onder andere inflatiepercentage, huurprijsontwikkeling, nominale_rente en rele_rente. De inflatie bedroeg over een periode van 24 jaar gemiddeld 3.9 % per jaar. Opvallend is het verschil tussen de gemiddelde inflatie van de eerste 14 jaar en de laatste 10 jaar. De eerste 14 jaar bedroeg de gemiddelde inflatie 5% per jaar. Voor de komende reeks van jaren wordt uitgega 7MCEoGE3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag12Vraag12CHet op onderstaande afbeelding weergegeven metalen vat is middels een leiding aangesloten op de cv_installatie. Wat is de functie van dit vat ? Druk op de knop " Toon Image " om de betreffende afbeelding te kunnen zienHet verzorgen van voldoende druk zodat het water door de gehele cv_installatie wordt gevoerdHet opslaan van een hoeveelheid verwarmd tapwaterHet opvangen van volumevermeerdering(en) bij het uitzetten van het water in de cv leiding(en)- Op de afbeelding is een zogenoemd expansievat afgebeeld, dat dient om de uitzetting van verwarmd water op te vangen. Het meest juiste antwoord is dus C--y---26----p---------capsel\Dsc09I12.jpg------------------40 Y5M9%%# 3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag13Vraag13CBinnen welke eigendomsmarge moet een huis bestemd voor eigen_bewoning, door samenwonende(n) worden aangekocht, om bij verdeling van de onroerende_zaak, een vrijstelling van overdrachtsbelasting te kunnen genieten ?55 % - 45 % 70 % - 30 % 60 % - 40 %- In register kijken bij: Overdrachtsbelasting, vrijstelling ==>> V2 Wbr 15 - in Wbr 15-1-g is vermeld dat de grenzen liggen tussen 40 % en 60 % Het meest juiste antwoord is dus C--y---26--------------capsel\Dsc09I12.jpg------------------40 PP$5M;3'' 3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag14Vraag14BWelke informatie wordt verkregen bij een grondonderzoek door middel van een sondering ?Grondsamenstelling Drukvastheid Waterspanning- Sondering: - een methode om het draagvermogen / draagkracht / draagkrachtigheid van de grond / bodem / bouwgrond te bepalen - het meten van de weerstand die wordt ondervonden bij0p> BW 6:219 - Optiebeding: - een beding waarbij n der partij(en) zich verbindt om, indien de wederpartij dit wenst, met haar een bepaalde overeenkomst te sluiten, geldt als een onherroepelijk_aanbod ( BW 6:219-3 ) - een optiebeding / koopoptie is een aanbod / akte die een koopovereenkomst wordt bij aanvaarding daarvan door de wederpartij ( BW 6:219-3 ) - Onherroepelijk_aanbod: - een aanbod kan worden herroepen ( = herroepelijk_aanbod ), tenzij het een termijn voor de aanvaarding inhoudt, of de onherroepelijkheid op een andere wijze volgt ..... ( BW 6:219-1 ), dus - een aanbod met een termijn voor aanvaarding is een onherroepelijk_aanbod - herroeping kan slechts geschieden: zolang het aanbod niet is aanvaard, en evenmin een mededeling van aanvaarding is verzonden ( BW 6:219-2 ) Het meest juiste antwoord is dus C--y---26--------------capsel\Dsc09I12.jpg------------------40 $$P5MWGG}=3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag15Vraag15COp 1 september verzendt de makelaar/verkoper aan de makelaar / koper een aanbod van een woonhuis, geldig tot 6 september. De makelaar / koper wil, nadat hij heeft overlegd met zijn clint het akkoord op 4 september verzenden, zodat de acceptatie op 5 september door de makelaar / verkoper wordt ontvangen. Tussentijds bedenkt verkoper zich, hij gaat in overleg met zijn makelaar en besloten wordt het aanbod aan de koper te herroepen. Heeft verkoper of diens makelaar nog de mogelijkheid het aanbod te herroepen en zo ja, op welke datum uiterlijk ?Ja, uiterlijk tot 4 septemberJa, uiterlijk tot 5 septemberNee, het aanbod is immers tot 6 september onherroepelijk- Een aanbod met daarin een termijn / een tijdsbepaling voor de aanvaarding van dat aanbod heet een koopoptie - De term koopoptie / optiebeding is NIET in het register te vinden, en moet anderszins worden geweten ==>ft in het vaststellen van zijn eigen verkoopprijs - er zijn zoveel concurrent(en) dat een individuele aanbieder daar geen rekening meer mee kan houden en zich, vanwege de betreffende afwijkende producteigenschap(pen) van zijn eigen product, als een monopolist gaat gedragen - het gaat bij deze markt vorm om een heterogeen_product ( gelijksoortige maar niet-identieke product(en) ), waarbij - de productheterogeniteit kan worden verkregen door productverbetering, betere service, gunstiger ligging, etc., waardoor - iedere aanbieder op een eigen deelmarkt opereert en daar als prijszetter optreedt, waarbij - de deelmarkt(en) in nauwe verbinding met elkaar staan en een aanbieder afzet kan verliezen door concurrentie Het meest juiste antwoord is dus B--y---26--------------capsel\Dsc09I12.jpg------------------40 PP$8M !##M3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag16Vraag16BWelke combinatie wordt aangetroffen op een huizenmarkt die kan worden getypeerd als een markt van monopolistische_concurrentie ?Homogeen_product, transparante_markt, veel vrager(s) en veel aanbieder(s) Heterogeen_product, transparante_markt, veel vrager(s) en veel aanbieder(s)Homogeen_product, transparante_markt, veel vrager(s) en weinig aanbieder(s)- Monopolistische_concurrentie: - een marktvorm met veel vrager(s) en waarbij een groot aantal aanbieder(s) ieder een verschillend maar gelijksoortig product aanbiedt en elke aanbieder een beperkte vrijheid heejjj    !#&$*'(.+,2/044j8;9;<?AADFIKKNNRPRUUUj\^a_abadhee de hypotheekgever ( de huiseigenaar ) zich tegenover de bank verbindt zijn onroerende_zaak niet of niet verder ten behoeve van derde(n) te zullen belasten - de vrije_waarde van het huis blijft zo voor de bank en de andere schuldeiser(s) gereserveerd 2. positieve_negatieve_hypotheekverklaring - een negatieve_hypotheekverklaring met als extra bepaling dat de schuldenaar op eerste aanvraag van de schuldeiser ten gunste van hem een hypotheek zal vestigen op het registergoed Het meest juiste antwoord is dus B - zuivering na executoriale_verkoop / parate_executie - door de levering ingevolge een executoriale_verkoop en de voldoening van de koopprijs gaan alle op het goed rustende hypotheken teniet en vervallen de ingeschreven beslag(en), alsook de beperkt_recht(en) die NIET tegen de verkoper ingeroepen kunnen worden ( BW 3:273-1 )--y---26--------------capsel\Dsc09I12.jpg------------------40 v`8M'S3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag19Vraag19Bi5MCymeC3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag18Vraag18BWat kan i~5MOcO_3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag17Vraag17BEen schuldenaar verklaart dat hij zijn onroerende_zaak niet zal belasten of vervreemden zonder toestemming van de schuldeiser. Hieraan is toegevoegd de verplichting van de schuldenaar om ( op eerste aanvraag ) van de schuldeiser een hypotheek te zijnen gunste op de onroerende_zaak te vestigen. Hoe noemt men deze verklaring ?Een verklaring van niet zuiveringEen positieve_negatieve_hypotheekverklaringEen negatieve_hypotheekverklaring- Hypotheekverklaring: 1. negatieve_hypotheekverklaring - een verklaring waarmn juridische zin worden gesteld met betrekking tot een opdracht aan een makelaar ?Deze mag nooit vertegenwoordigingsbevoegdheid inhoudenDeze kan vertegenwoordigingsbevoegdheid inhoudenDeze houdt vertegenwoordigingsbevoegdheid in- Vertegenwoordigingsbevoegdheid; - het recht om iets om iemand te vertegenwoordigen - het recht van een vertegenwoordiger om rechtshandeling(en) uit naam van een vertegenwoordigde te plegen - de vertegenwoordiger ( = de vertegenwoordigende_partij / de vertegenwoordigende ) vertegenwoordigt de vertegenwoordigde partij - de vertegenwoordiger kan de vertegenwoordigde partij binden ( = verplichting(en) uit naam van de vertegenwoordigde aangaan ) - vertegenwoordigingsbevoegdheid kan worden verkregen middels, onder meer: - statuten ( van een rechtspersoon ) - volmacht - lastgeving Het meest juiste antwoord is dus B--y---26--------------capsel\Dsc09I12.jpg------------------40Wat wordt ton aanzien van bouwmaterialen verstaan onder duurzaam_bouwen ?Het uitsluitend toepassen van milieuvriendelijke materialenHet toepassen van materialen die herbruikbaar, duurzaam en onderhoudsarm zijnHet uitsluitend toepassen van materialen die een lange levensduur hebben- Duurzaam_bouwen: - het ontwikkelen en beheren van een gebouwde omgeving met respect voor mens en milieu, waardoor - het een onderdeel van de kwaliteit van deze omgeving is - een vorm van bouwen waarbij onherstelbaar aansnijden van natuurlijk kapitaal tijdens of na de bouw NIET of zo min mogelijk wordt toegepast - een vorm van bouwen waarbij de natuurlijke hulpbron(nen) tijdens of na de bouw zo min mogelijk worden uitgeput Antwoord A en C betreffen alleen de situatie tijdens de bouw, maar NIET de situatie na de bouw Antwoord B betreft de situatie tijdens de bouw EN de situatie na de bouw Het meest juiste antwoord is dus B--y---26--------------capsel\Dsc09I12.jpg------------------40 WW%5ME?3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag20Vraag20CWelke grondsoort is niet geschikt voor het toepassen van een bronbemaling voor een bouwput ?Zand Grind Klei- Bij bronbemaling worden buizen / pijp(en) ( verticaal ) in de grond gebracht en waardoor water wordt opgezogen, om - zodoende een bouwput droog te malen, waarbij - het water uit de bouwput naar de ingang van de buis onder de bouwput moet kunnen stromen, en - daarvoor is een waterdoorlatende_laag nodig - Klei is NIET waterdoorlatend Het meest juiste antwoord is dus C--y---26--------------capsel\Dsc09I12.jpg------------------40 de rechte hoek ( dus de verticale en de horizontale lijn ); grote vlak(ken) met veel glas - Functionalisme: een type bouwstijl: circa 1920 - 1970 na Chr.; ook wel Nieuwe_Zakelijkheid ofwel Nieuwe_Bouwen genoemd - wordt gekenmerkt door, onder meer: zakelijke vormgeving die de functionele element(en) van gebouwen benadrukt, waarbij - gebruik wordt gemaakt van nieuwe materialen als gewapend_beton en staal, en waarbij - ook nieuwe bouwmethode(n) zoals montagebouw en standaardisatie worden toegepast, waarbij - het gebruik van overstek(ken) en hoogbouw kenmerkend zijn voor deze stroming - Structuralisme: wordt ook wel Kleinschaligheid genoemd; een type bouwstijl: circa 1955 - 1972 na Chr.j; Aldo_van_Eyk - een bouwwerk dat nog verder in principe in alle richting(en) is uit te breiden / herhaling van patroon / bouwpatroon Het meest juiste antwoord is dus A--y---26----p---------capsel\Dsc09I21.jpg------------------40 EE/5ME;)3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag21Vraag21AHet huis op de onderstaande afbeelding is ontworpen door de architect Gerrit_Rietveld en vertoont de kenmerk(en) van de architectuurstroming ... Druk op de knop " Toon Image " om de betreffende afbeelding te kunnen zienDe_Stijl De Nieuwe_Zakelijkheid Structuralisme- De_Stijl: een type bouwstijl: circa 1917 - 1931 na Chr. ; leden waren Theo van Doesburg, Piet Mondriaan, Bart van der Leck, Gerrit Rietveld, Georges Vantongerloo en J.J.P. Oud / JJP_Oud - wordt gekenmerkt door volstrekte abstractie, d.w.z.: abstracte en geometrische vormgeving, waarbij de ontwerp(en) bestaan uit een orthogonale ruimtelijke compositie van vlak(ken) en balk(en) met het gebruik van elementaire, beeldende taalmiddel(en), zoals, onder meer: primaire kleuren, gecombineerd met zwart, wit en grijs; de rechte lijn en n5MYui!3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag22Vraag22CWat wordt bedoeld met een rooilijn ? De lijn van waaruit alle hoogtematen worden afgeleidDe lijn waarlangs het bouwraam wordt geplaatstDe uiterste lijn waarlangs de gevel(s) mogen worden gebouwd- Rooilijn / Gevelrooilijn: - een lijn, aangegeven in een bestemmingsplan, of in een bouwverordening, of in een ander bouwkundig voorschrift, die - aangeeft tot waar een gevel mag worden geplaatst - kan worden onderscheiden in, onder meer: - voorgevelrooilijn - achtergevelrooilijn - zijgevelrooilijn Het meest juiste antwoord is dus C--y---26--------------capsel\Dsc09I21.jpg------------------40 ++Q5MQ!{3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag23Vraag23ABenaming houtsoort ... Druk op de knop " Toon Image " om de betreffende afbeelding te kunnen zienred_cedar iroko redwood- red_cedar ofwel western_red_cedar: - betreft een lichtroze naaldhoutsoort - iroko: - heeft is een lichtbruine kleur, en - versgeschaafd is het mildste Irokohout soms zelfs goudgeel, maar - door zonlicht ( UV ) wordt al het Iroko na verloop van jaren chokoladebruin - lijkt een beetje op Teak - redwood: - betreft een roodbruine naaldhoutsoort Het meest juiste antwoord is dus A--y---26----p---------capsel\Dsc09I23.jpg------------------40s - GIW / Garantie_Instituut_Woningbouw ( GIW ) - betreft een stichting die in 1969 is opgericht - heeft een garantie- en waarborgregeling ontwikkeld die de kwaliteitseisen van nieuwbouwwoning(en) bewaakt - biedt bescherming / waarborg(en) aan de koper, waarbij - het huis correct en tijdig wordt afgebouwd - zonder verdere financile uitgaven ( voor de koper ) - als er bij de bouwer / verkoper problemen optreden Zowel de verkrijger(s) van de afzonderlijke appartementsrechten als de Vereniging_van_eigenaars verkrijgen het certificaat anders zouden bepaalde gedeelte(n) ( bijvoorbeeld de appartement(en) en / of de gemeenschappelijke_ruimte(n) ) van de betreffende onroerende_zaak) NIET onder de garantieregeling vallen. Iedere appartementseigenaar is mede-eigenaar van het geheel d.m.v. het lidmaatschap van de Vereniging_van_eigenaars Het meest juiste antwoord is dus B--y---26--------------capsel\Dsc09I23.jpg------------------40 ii&5M iACS3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag25Vraag25BOp 1 maart van enig jaar wordt een koopovereenkomst voor een woonhuis gesloten In de overeenkomst wordt een clausule opgenomen die bepaalt dat de overeenkomst geen verdere gevolg(en) za! hebben indien de koper uiterlijk 1 april van dat jaar geen passende financiering kan krijgen. Van welke voorwaarde is hier sprake ?Een exoY7MeM_3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag24Vraag24BEen aannemer is voornemens een appartementencomplex te realiseren. Deze appartementen wil hij verkopen met GIW-garantie Wie krijgt / krijgen een GIW-waarborgcertiflcaat ?Uitsluitend de verkrijger(s) van de afzonderlijke appartementsrechtenZowel de verkrijger(s) van de afzonderlijke appartementsrechten als de Vereniging_van_eigenaars Uitsluitend de Vereniging_van_eigenaarneratievoorwaarde / exoneratie_clausuleEen ontbindende_voorwaardeEen opschortende_voorwaarde- Exoneratie_clausule - een beding / clausule in een overeenkomst waarmee een deel van het burgerlijk_recht kan worden uitgesloten - kan dus NIET voorkomen m.b.t. artikel(en) van het burgerlijk_recht welke van dwingend_recht zijn - Ontbindende_voorwaarde: - een voorwaarde waardoor bijvoorbeeld een overeenkomst kan worden ontbonden - doet de verbintenis met het plaatsvinden der gebeurtenis vervallen ( BW 6:22 ) - een voorwaarde is ontbindend als de voorwaarde in negatieve zin is geformuleerd - Opschortende_voorwaarde: - een voorwaarde waardoor pas na het vervullen van die voorwaarde, bijvoorbeeld, een overeenkomst, of een verbintenis voortvloeiende uit een overeenkomst van kracht wordt - een voorwaarde is opschortend als de voorwaarde in positieve zin is geformuleerd Het meest juiste antwoord is dus B--y---26--------------capsel\Dsc09I23.jpg------------------40gemeen gebruikt wordt voor schade aan beton - schade die ontstaat doordat de in het beton aanwezige wapening begint te roesten, waarbij - het roest uitzet en aldus het beton doet barsten, waarbij - dit proces zeer nadelig is voor de sterkte van het beton en aldus voor de gehele betonconstructie - Grindnest: - een niet_homogene verdeling / ophoping van grind in beton - indien beton NIET goed / homogeen is gemengd, of tijdens het storten NIET goed of onregelmatig ( middels trillen ) is verdicht, kan grind zich op een plek te veel ophopen, waardoor een goede hechting tussen het cement en grind wordt verhinderd, waarbij - ongebonden grind als zodanig in het beton voorkomt, en waarbij - een dergelijke ophoping van ongebonden grind, een grindnest wordt genoemd - kan door een slechte afdichting, corrosie aan de wapening veroorzaken Het meest juiste antwoord is dus C--y---26----p---------capsel\Dsc09I26.jpg------------------40 `` 5M'%3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag26Vraag26CVan welke betonschade is op onderstaande afbeelding sprake ? Druk op de knop " Toon Image " om de betreffende afbeelding te kunnen zienCorrosie Betonrot Een grindnest- Corrosie: betreft in het algemeen het vormen van metaaloxide(s) door inwerking van zuurstof of vocht - Betonrot: - een term die al  N|4bHv-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag24-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag25-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag26-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag27-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag28-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag29-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag30-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag31-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag32-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag33-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag34-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag35-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag36-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag37-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag38-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag39-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag40 66F!7MG}53- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag27Vraag27APartij(en) spreken af een huurovereenkomst van woonruimte voor de bepaalde duur van een jaar. De verhuurder zegt niet op. Na het verstrijken van dit jaar ...wordt de huurovereenkomst verlengd voor onbepaalde_tijd wordt de huurovereenkomst verlengd voor de duur van een jaar is de huurovereenkomst geindigd, immers door het verstrijken van de bepaalde duur eindigt de huurovereenkomst van rechtswege- zoeken in register naar verlenging van de huurovereenkomst ==>> niets te vinden - dan kijken in algemeen gedeelte van huur - in BW 7:230 is vermeld dat als een huurovereenkomst voor bepaalde_tijd NIET tijdig wordt opgezegd en de huurder het gehuurde met goedvinden van de verhuurder blijft gebruiken, de huurovereenkomst voor onbepaalde_tijd wordt verlengd Het meest juiste antwoord is dus A--y---26--------------capsel\Dsc09I26.jpg------------------40ominale_rente Indien de betaalde rente op een bankkrediet lager is dan de ontvangen rente op een deposito- Omgekeerde_rentestructuur: een type rentestructuur, waarbij de geldmarktrente hoger is dan de kapitaalmarktrente - normaal gesproken is de geldmarktrente lager dan de kapitaalmarktrente, immers - een lange_termijn lening ( kapitaalslening ) brengt voor de crediteur ( = geldschieter ) meer onzekerheid mee dan een ( korte_termijn ) geldlening, want op de lange_termijn kan het rentepeil stijgen, of kan de inflatie toenemen, waarbij - de wat hogere rente op langlopende lening(en) dus een vergoeding voor dit risico is Het meest juiste antwoord is dus A - Rele_rente: de rente die is gecorrigeerd mb.t. de inflatie, waarbij - de NIET voor inflatie gecorrigeerde rente, de nominale_rente wordt genoemd Antwoord C komt nooit voor anders zou iedereen slapend rijk worden--y---26--------------capsel\Dsc09I26.jpg------------------40 @#5MW'#!=3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag29Vraag29COp onderstaande afbeelding is schematisch een onderdorpel en bovendorpel van een kozijn met een K"7MwC93- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag28Vraag28AIn het begin van de jaren negentig kende Nederland een omgekeerde_rentestructuur Wanneer is sprake van een omgekeerde_rentestructuur ?Indien de geldmarktrente hoger is dan de kapitaalmarktrente Indien de rele_rente hoger is dan de nraam weergegeven. Wat voor soort raam is hier toegepast ? Druk op de knop " Toon Image " om de betreffende afbeelding te kunnen zienDraaivalraam Uitzetraam Tuimelraam- Draaivalraam: een type raam, dat naar keuze: 1. als een draairaam, naar binnen kan worden opengezet of 2. als een valraam naar binnen kan open vallen - Uitzetraam: een type raam, dat - middels een raamuitzetter-combi, aan de onderzijde kan worden uitgezet ( = naar buiten toe kan worden opengezet ) - Tuimelraam: - een type raam, dat middels een tuimelraamspeun, als het ware - kan draaien om een ( denkbeeldige ) horizontale as ter hoogte van het midden van de kozijnstijl(en), waarbij - het tuimelraam bijna binnenste buiten kan worden gekeerd, en waarbij - het raam in iedere te bereiken stand zelfremmend kan worden (vast)gezet Het meest juiste antwoord is dus C--y---26----p---------capsel\Dsc09I29.jpg------------------40(en) op zich, die al of niet dwingend of semi_dwingend van aard zijn, maar wetsartikel(en) kunnen dat wel zijn - dus A is onjuist - op grond van BW 7:282 zijn de artikel(en) BW 7:272 t / m 7:281 van semi_dwingend_recht ( in de kantlijn staat echter dwingend_recht ) B - als de overeenkomst tussen verhuurder en huurder eindigt, ontstaat er automatisch een huurovereenkomst tussen verhuurder en onderhuurder voor het betreffende deel van de woning ( BW 7:269-1 ), waarbij - de verhuurder kan binnen 6 maanden bij de rechter beindiging van de huur met de onderhuurder ( = nu huurder ) vorderen op n van de grond(en) van ( BW 7:269-2 ) - dus B is onjuist C - de echtgenoot / geregistreerd_partner is van rechtswege medehuurder ..... zolang woonruimte is hoofdverblijf ..... ( BW 7:266-1 ) Het meest juiste antwoord is dus C--y---26--------------capsel\Dsc09I29.jpg------------------40 //p5$8MA[?'a3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag30Vraag30CWelk van de onderstaande stelling(en) met betrekking tot de huur_van_woonruimte is juist ?De grond(en) van toewijzing van een huurbeindigingsvordering ( 7:274 BW ) zijn semi_dwingend van aard Door beindiging van de hoofdhuurovereenkomst eindigt altijd ook de onderhuurovereenkomstDe geregistreerd_partner van de huurder is van rechtswege medehuurder, zolang de woonruimte de geregistreerd_partner tot hoofdverblijf strektA - het zijn NIET de toewijzingsgrond%5M)%%o3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag31Vraag31BDe veilige makelaars voldoen aan de eis(en) van het Politiekeurmerk_veilig_wonen Makelaar Van Rhoon: Prettig wonen heeft namelijk alles te maken met een gevoel van veiligheid. Dat maak je hiermee expliciet. Bij de keuze voor de strategie hebben drie pijlers centraal gestaan: - betrouwbaarheid - zekerheid - veiligheid Makelaar Van Rhoon wist dat hij dit niet zonder partner(s) zou redden. Hij werd lid van de NVM om een betrouwbare uitstraling te waarborgen, hij sloot zich aan bij de Stichting Zeker Wonen voor de extra zekerheid die hij klant(en) daarmee biedt. En last but not least ging Van Rhoon in zee met het Politiekeurmerk_veilig_wonen zodat hij ook een huis met een veiligheidsgarantie kan verkopen Mooi meegenomen is dat dit keurmerk net aan de vooravond van een landelijke campagne stond om het keurmerk te promoten Als makelaar Van Rhoon de samenwerking van zijn kantoor met het Politiekeurmerk wil benadrukken en daarbij de kennis en attitudes van zijn doelgroep blijvend wil benvloeden, welk soort reclame is dan het meest zinvol ?HandelsreclameThemareclameActiereclame- Handelsreclame: wordt ook wel trade_advertising genoemd - is gericht op de tussenhandel ofwel intermediair(s), waaronder: agent(en), grossier(s), detaillist(en), etc., om - zodoende hen te bewegen product(en) in hun assortiment op te nemen - daar is hier geen sprake van; dus NIET A - Themareclame: deze promotie_instrument(en) vooral worden ingezet om de kennis en de affectie van de doelgroep positief te benvloeden, om zodoende een lange_termijn_effect te bewerkstelligen, waarbij wordt getracht het product te verkopen op zijn eigen merites, waarbij de productvoordelen niet alleen functioneel hoeven te zijn, maar ook symbolisch van aard kunnen zijn, zoals, onder meer: " Mitsubishi, de gestaalde perfectie " - ondersteunt antwoord B - Actiereclame: - een meer tactische dan strategische vorm van reclame, waarbij een tijdelijke actie als reclameonderwerp is gekozen, waaronder: - prijskorting - ( tijdelijk ) sparen voor een cadeauartikel - dat is hier NIET aan de orde; dus NIET C Het meest juiste antwoord is dus B--y---26--------------capsel\Dsc09I29.jpg------------------40b wil zijn woning verkopen, maar hij wil in geen geval dat de koper gebruik kan maken van de 3 dag(en) bedenktijd Wat is juridisch juist ?Dit is alleen mogelijk indien de koper in de koopovereenkomst afstand doet van de bedenktijdDit is onder geen enkele omstandigheid mogelijkDit is alleen mogelijk indien de verkoper ten overstaan van een notaris via een openbare veiling verkoopt- Bedenktijd: betreft de consumentenkoop_van_onroerende_zaak - de bedenktijd is hierbij 3 dagen - voor een berekening van de preziese termijn van 3 dagen, zie de Algemene_Termijnenwet - in BW 7:2--5 is vermeld dat de bedenktijd ( BW 7:2-2 ) NIET geld bij huurkoop en koop op een openbare veiling - dus NIET A en NIET B, maar wel C Het meest juiste antwoord is dus C Verder nog: in BW 7:2-5 is vermeld dat huurkoop ook kan; dus NIET alleen middels een veiling; tast antwoord C enigszins aan--y---26--------------capsel\Dsc09I29.jpg------------------40 m7&7M%Ek_53- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag32Vraag32CA'6MWOU3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag33Vraag33BWelke van de onderstaande zaken valt buiten de GIW_garantie ?Beschadiging(en) van aanrechtblad(en)Voorzieningen buiten het huis, zoals bestrating, los van het huis staande tuinmuren en dergelijkeDe isolerende werking van dubbelglas- GIW_garantie: - zie: Garantie_Instituut_Woningbouw - voorziening(en) buiten het huis welke door derde(n) worden verricht, vallen NIET onder de garantieregeling - A en B betreffen zaken die binnen de woning vallen Het meest juiste antwoord is dus B--y---26--------------capsel\Dsc09I29.jpg------------------40e uit een uitgehard mengsel van bimskorrel(s), cement en water - een poreuze lichtgewicht kunststeen; wordt gebruikt voor niet-dragende scheidingswand(en); heeft warmte-isolerende eigenschap(pen) - wordt gebruikt voor binnenmuur en wordt veelal gelijmd en NIET gemetseld; dus NIET A - Cellenbeton: wordt ook wel gasbeton genoemd - een type bouwmateriaal / een type beton, dat zeer veel gesloten cellen ( gevuld met een gas ) bevat - heeft een betrekkelijk lage warmtegeleidingscofficient ( lambda_waarde ) van 0,2 W / m.K , zodat - het als isolatiemateriaal kan worden toegepast - heeft gladde zijkant(en); dus NIET B - Betonsteen: een type metselsteen; een steen / metselsteen vervaardigd van beton - heeft een ruwe oppervlaktestructuur - kan aan bepaalde zijde(n) zijn gecoat / geschilderd, om zodoende de betonsteen een fraaier uiterlijk te geven Het meest juiste antwoord is dus C--y---26----p---------capsel\Dsc09I34.jpg------------------40en type beton, waarmee in ( speciale ) fabriek(en) / werkplaats(en), en dus NIET op de bouwplaats / NIET in het werk, beton_element(en) / betonnen bouwelement(en) / prefab_element(en) worden vervaardigd, welke later op de bouwplaats kunnen worden verwerkt / gemonteerd, waardoor snel kan worden gebouwd - Gietbeton: een type beton, welke kan worden gegoten en welke kan worden toegepast bij, onder meer: 1. ter verkrijging van gladde en naadloze vloeroppervlak(ken) ( al of niet vermengd met kunststof toeslag ) 2. gietbouw m.b.t. van bekisting in de woningbouw - Het betreffende bouwwerk is NIET op de bouwplaats opgetrokken m.b.v. uitgewassen_beton of gietbeton want dan is bekisting vereist en dat is voor een zodanig gebouw te duur, waarbij - zelfs als uitgewassen_beton of gietbeton zou zijn gebruikt, er bij dit gebouw sprake moet zijn van een prefab_beton uitvoering Het meest juiste antwoord is dus B--y---26----p---------capsel\Dsc09I35.jpg------------------40 ``l)5M!1'?3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag35Vraag35BOp welke wijze is de gevel van onderstaand gebouw uitgevoerd ? Druk op de knop " Toon Image " om de betreffende afbeelding te kunnen zienUitgewassen_beton Prefab_beton Gietbeton- Uitgewassen_beton: een type beton, waarbij nadat het is gestort aan het betonoppervlak een vertrager wordt toegevoegd, zodat het oppervlak trager uithardt dan de kern, zodat als de kern is uitgehard aan het oppervlak het nog niet-uitgeharde beton kan worden weggespoeld , zodat een ruw oppervlak achterblijft - Prefab_beton: e(5ME#I!e3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag34Vraag34CBenaming steen ? Druk op de knop " Toon Image " om de betreffende afbeelding te kunnen zienDrijfsteen Cellenbetonsteen / cellenbetonBetonsteen- Drijfsteen: een type kunststeen, bestaande_functie veelal is opgebouwd uit ( verticale ) kolom(men), ( horizontale ) ligger(s) / balk(en) en / of ( schuine ) spant(en) - Stapelbouw: een bouwmethode waarbij met de hand steen / stenen / metselsteen / metselstenen en / of andere bouwdeel / bouwdelen op elkaar worden gestapeld en, al of NIET, met elkaar kunnen worden verbonden middels, onder meer: - metselen - timmeren - lijmen - andere verbindingstechniek(en) - Elementenbouw: wordt ook wel systeembouw ofwel montagebouw genoemd; een type bouwmethode, waarbij - tijdens de bouw op een bouwplaats, in een fabriek geprefabriceerde prefab_element(en) / bouwdeel / bouwdelen, waaronder - vloer(en) - wand(en) - dak(en) etc. - zonder voorafgaand skelet, direct aan elkaar worden gemonteerd / met elkaar worden verbonden Het meest juiste antwoord is dus A--y---26--------------capsel\Dsc09I35.jpg------------------40 i,5Maii3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag38Vraag38BWelke drie kleur(en) installatiedraad worden bij een moderne elektrische huisinstallatie in een geaarde wandcontactdoos aangesloten ?Brui+5M'+3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag37Vraag37AOp Z*5M##'13- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag36Vraag36ATot welke bouwmethode behoort de bouw van een hal waarvan de draagconstructie bestaat uit stalen kolom(men), spant(en) en balk(en) ?Skeletbouw Stapelbouw Elementenbouw- Skeletbouw: een bouwmethode waarbij de dragende_functie / constructieve_functie, en de afsluitende / bekledende functie van elkaar zijn gescheiden, waarbij - de dragende_functie / constructievonderstaand detail is een dakrandbeindiging weergegeven. Wat is de benaming van het met een vraagteken aangegeven onderdeel ? Druk op de knop " Toon Image " om de betreffende afbeelding te kunnen zienKraallat Mastiekschroot Boeideel- Kraallat: een type lat, voorzien van een halfrond profiel, welke kan worden toegepast als: afwerking - Mastiekschroot: een lat met een driehoekige doorsnede, welke - in een rechte hoek gevormd door twee haaks ( = 90 ) op elkaat staande plank(en) kan worden gelegd, om - zodoende die rechte hoek zodanig op te vullen, dat een schuine / geleidelijke overgang tussen de haakse delen ontstaat - Boeiboord: wordt ook wel boeideel genoemd - een houten verticale dakrandafwerking - een verticale plank / deel ter afwerking van een dakrand of dakgoot Het meest juiste antwoord is dus A--y---26----p---------capsel\Dsc09I37.jpg------------------40ne_draad, blauwe_draad en zwarte_draadGroen-gele_draad, bruine_draad en blauwe_draadGroen-gele_draad, blauwe_draad en zwarte_draad- Het betreft hier electriciteitsdraad / electrische_leiding(en) van een electrische_installatie - kan worden onderscheiden in: - Bruine_draad: wordt ook wel de fasedraad genoemd - een type electriciteitsdraad, waar de spanning opstaat - Blauwe_draad: wordt ook wel de nuldraad genoemd - een type electriciteitsdraad, waar een spanning van 0 Volt opstaat - Zwarte_draad: wordt ook wel de schakeldraad genoemd - een type electriciteitsdraad, die van de schakelaar naar het lichtpunt / electrisch_verbruikstoestel leidt - Groen-gele_draad: wordt ook wel de aardedraad ofwel beschermingsdraad genoemd - een type electriciteitsdraad, die met de aarding / aarde / randaarde / aardpotentiaal / nulpotentiaal is verbonden - zie verder beschermingsleiding Het meest juiste antwoord is dus B--y---26--------------capsel\Dsc09I37.jpg------------------40 !!:.5MIuqwM3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag40Vraag40BDe l-6M3Q?KG3- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag39Vraag39AMakelaar de Vries begint een eigen onderneming in de woningmakelaardij Voor zijn bedrijf, koopt hij een aantal computer(s) en kantoormeubel(en) Tot welke categorie goederen worden deze gekochte zaken gerekend ?Beide tot de investeringsgoederen De computers tot de investeringsgoederen, de kantoormeubel(en) tot de consumptiegoederen Beide tot de consumptiegoederen- Investeringsgoederen: - worden ook wel kapitaalgoederen ofwel industrile_goederen genoemd - productiemiddel(en) die langer dan 1 jaar meegaan ) - Consumptiegoederen: - goederen die door een consument worden gekocht ( = consumptie ) en worden gebruikt ter bevrediging van zijn behoefte(n) Het meest juiste antwoord is dus A--y---26--------------capsel\Dsc09I37.jpg------------------40marktvorm waarin een onderneming zich bevindt is bepalend voor de wijze van concurreren. Welk kenmerk is typerend voor de marktvorm volledige_mededinging ?Er zijn veel aanbieder(s) en een heterogeen_product Er zijn veel aanbieder(s) en een homogeen_product Er zijn weinig aanbieder(s) en een heterogeen_product- Volledige_mededinging: - de marktvorm waarbij veel aanbieder(s) hetzelfde product ( = homogeen_product ) aanbieden en waarbij geen van de individuele aanbieder(s) vrij is een eigen prijs te bepalen Het meest juiste antwoord is dus B - Homogeen_product: - een type product waarbij de afzonderlijke producteenheden geheel aan elkaar gelijk zijn - Heterogeen_product: - een type product waarbij de vrager(s) menen dat de afzonderlijke producteenheden zoals geleverd door verschillende leverancier(s), of van verschillende merk(en) zijn, NIET aan elkaar gelijk zijn--y---26--------------capsel\Dsc09I37.jpg------------------40e Dijkema zijn gehuwd en zijn tevens de enige eigenaren van een makelaarskantoor. Zij zijn beiden hoofdelijk_aansprakelijk voor alle schuld(en) van de onderneming. Welke ondernemingsvorm heeft deze onderneming ? Een besloten_vennootschap Een vennootschap_onder_firma Een commanditaire_vennootschap - In de casus is sprake van een hoofdelijk_aansprakelijk in combinatie met ondernemingsvorm - daarom zoeken in de theorie bij: ondernemingsvorm - Bij een B.V. zijn de eigenaren / aandeelhouder(s) / bestuurder(s) niet hoofdelijk_aansprakelijk voor de schuld(en) van de B.V. , maar de B.V. zelf is aansprakelijk, behoudens bij onbehoorlijk bestuur van de bestuurder(s) - Bij een C.V. is een van de echtgenoten de commandiet en die commandiet is slechts aansprakelijk tot de hoogte van het door hem / haar ingebrachte vermogen - Bij een VOF zijn beide vennoten hoofdelijk_aansprakelijk ( WvK 18 ) Het meest juiste antwoord is dus By2655 */5A SAGK/   - Examen Economie 2005 - IExamenExamenKees en Hild ii06A5a}{    - Examen Economie 2005 - IVraag01Vraag01ADe economische_orde van een land kan door een aantal ( lokale ) omstandigheden worden benvloedt of bepaald. Welke van de volgende alternatieven kunnen m.b.t. de economische_orde van een land medebepalend zijn ?Juridische_bepaling(en) m.b.t. de eigendomAanwezigheid van natuurlijke_hulpbron(nen) ( de natuur )Aantal inwoner(s) van een land m.b.t. de omvang van de thuismarkt- In de casus is sprake van ( lokale ) omstandigheden in combinatie met de economische_orde - het gaat hier dus om regelgeving - Er is sprake van een economische_orde als de rechtsbetrekking(en), waaronder de eigendom, etc., tussen de betreffende marktpartij(en), ( wettelijk ) zijn geregeld en kunnen worden gehandhaafd en ( eventueel via de rechter ) kunnen worden afgedwongen Het meest juiste antwoord is daarom A y-3655rde product(en) voorstelt. Bij welke afzet door deze aanbieder is er sprake van een situatie van winst noch verlies ofwel break_even voor deze aanbieder ?Q = 25Q = 20Q = 15- In de casus is sprake van een vaste verkoopprijs in combinatie met een uitdrukking betreffende de totale_kostenfunctie - bovendien is er sprake van een situatie van winst noch verlies; het gaat hier dus om de bepaling van het break_even_point - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: break_even - Het break_even_point ligt bij gemiddelde_opbrengst = gemiddelde_totale_kosten ofwel GO = GTK van het product, waarbij - de gemiddelde_opbrengst = vaste verkoopprijs P = 90 per eenheid product, en - de gemiddelde_totale_kosten per eenheid product = TK / Q ofwel ( 50 Q + 800 ) / Q, zodat - voor GO = GTK kan worden ingevuld: 90 = ( 50 Q + 800 ) / Q ==>> 90 Q = 50 Q + 800 ==>> 40 Q = 800 ==>> Q = 20 Het meest juiste antwoord is daarom b - Een alternatieve methode is het gebruik van de volgende formule m.b.t. de bepaling van het break_even_point ( BEP ): constante_kosten per eenheid product 800 800 BEP = ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- = --------------------------- = ------------ = 20 verkoopprijs per eenheid product - variabele_kosten per eenheid product 90 - 50 40 Het meest juiste antwoord is daarom b - Nog een alternatieve methode is: totale_opbrengst = totale_kosten, waarbij - totale_opbrengst is aantal verkochte eenheden Q x verkoopprijs P = Q x P = 90 Q - totale_kosten is 50 Q + 800 totale_opbrengst = totale_kosten = 90 Q = 50 Q + 800 ==> 40 Q = 800 ==> Q = 20 Het meest juiste antwoord is daarom by-3655 l25AO+++    - Examen Economie 2005 - IVraag03Vraag03CEen projectontwikkelaar koopt grond m.b.t.de realisatie van nieuwbouw woning(en). Hij bouwt een aantal woning(en) op kavel(s) van elk 490 m2 groŒ_15AW    - Examen Economie 2005 - IVraag02Vraag02BEen aanbieder brengt een product op de markt tegen een voor hen vaste prijs / verkoopprijs P = 90 en waarbij de totale_kosten TK voor de aanbieder m.b.t. dit product kunnen worden weergegeven middels de functie TK = 50 Q + 800 waarbij Q het aantal geproduceeot. De kosten voor de verwerving van de grond bedragen Euro 100,-- / m2, en voor het bouwrijp maken van de kavel(s) Euro 30,-- / m2, en de kosten voor de bouw van de woning(en) bedragen Euro 310.000,-- per woning. Indien de verkoopprijs van de woning(en) Euro 405.000,-- per stuk bedraagt, wat is dan de winst per verkocht woning ?Euro 90.000,--Euro 45.000,--Euro 31.300,--- In de casus is sprake van een projectontwikkelaar en van kosten in combinatie met het bouwen van woning(en) - bovendien is de verkoopprijs bekend - het gaat hier dus om de bepaling van de winst - Totale_kosten per woning inclusief alle grondkosten bedragen: 310.000 + 490 m2 x ( 100 / m2 + 30 / m2 ) = 310.000 + 490 m2 x 130 / m2 = 310.000 + 63.700 = 373.700 Euro per woning - de opbrengst per woning bedraagt 405.000,-- Euro, zodat - de winst = opbrengst - kosten = 405.000 - 373.700 = 31.300 Euro per woning Het meest juiste antwoord is daarom c y-3655ning bedragen Euro 63.700,--. Echter de grondkosten m.b.t. de grondquote betreffen de residuele_grondwaarde, zijnde: de verkoopprijs van de o.z. minus de bouwkosten van die o.z. - de verkoopprijs bedraagt Euro 405.000,-- ; de totale_kosten m.b.t. de bouw bedragen Euro 310.000,-- , zodat - de residuele_grondwaarde = 405.000 - 310.000 = 95.000 - de grondquote is de verhouding tussen de totale_kosten betreffende de grond ( = residuele_grondwaarde in dit geval ) en de totale_kosten betreffende de bouw ofwel in formulevorm residuele_grondwaarde 95.000 grondquote = ---------------------------------------------------------------- = ---------------------- = 0,2346 = 0,23 totale_kosten betreffende de bouw 405.000 Het meest juiste antwoord is daarom c y-3655 35A_    - Examen Economie 2005 - IVraag04Vraag04CEen projectontwikkelaar koopt grond m.b.t.de realisatie van nieuwbouw_woning(en). Hij bouwt een aantal woning(en) op kavel(s) van elk 490 m2 groot. De kosten voor de verwerving van de grond bedragen Euro 100,-- / m2, en voor het bouwrijp maken van de kavel(s) Euro 30,-- / m2, en de kosten voor de bouw van de woning(en) bedragen Euro 310.000,-- per woning. Indien de verkoopprijs van de woning(en) Euro 405.000,-- per stuk bedraagt, wat is dan de grondquote per verkochte woning ( afgerond op 2 decimalen ) ?0,380,320,23- In de casus is sprake van kosten m.b.t. de grond in combinatie met de kosten van het bouwen van woning(en) daarop en de grondquote - De totale_kosten m.b.t. de grond per wois sprake van een daling van de omzet in combinatie met een daling van de prijzen en een daling van het volume - De daling van de omzet van 4,8 % is het gevolg van de daling van de prijzen van 1,2 % en de daling van het volume ofwel afzet, dus - de daling van de prijzen van 1,2 % zou een omzet van 100 % - 1,2 % = 98,8 % t.o.v. een jaar eerder hebben opgeleverd - de omzet bedroeg echter 100 % - 4,8 % = 95,2 % t.o.v. een jaar eerder, zodat - de omzetdaling als gevolg van de volumeverkleining = 100 % - ( 95,2 % / 98,8 % ) x 100 % = 100 % - 96,36 % = 3,64 % ofwel: omzet = afzet x prijs ofwel: afzet = omzet / prijs - de nieuwe omzet = 0,952 x oude omzet - de nieuwe prijs = 0,982 x oude prijs - de nieuwe afzet = 0,952 / 0,988 x oude afzet = 0,9636 x oude afzet = 96,36 % van de oude afzet = 100 % - 96,36 % = 3,64 % minder afzet Het meest juiste antwoord is daarom by-3655 45A    - Examen Economie 2005 - IVraag05Vraag05BIn de maand februari 2003 behaalde de detailhandel in Nederland een omzet die 4,8 % lager was in vergelijking met de omzet in de maand februari 2002. Dat kwam gedeeltelijk omdat de prijzen met 1,2 % waren gedaald, maar ook omdat het volume ( = het aantal verkochte artikel(en) ofwel afzet ) m.b.t. de verkopen was gedaald. Met hoeveel % was het volume gedaald in de betreffende periode ?4,44 %3,64 %3,60 %- In de casus ls de waarde van n van de twee variabele(n) bekend is en kan worden ingevuld, kan de waarde van de andere variabele worden berekend - bij een prijs van 15 hoort na invullen van de waarde van de variabele P in de prijs-afzet_vergelijking, een afzet Q ( in eenheden product ) ter grootte van: 15 = - 1,5 Q + 30 ==>> - 15 = - 1,5 Q ==>> 1,5 Q = 15 ==>> Q = 15 / 1,5 = 10 eenheden, zodat - de bijbehorende omzet bedraagt: 10 x 15 = 150 - middels invullen van de totale_kosten_vergelijking TK met de zojuist bepaalde waarde van Q ( = 10 ), kunnen de bijbehorende totale_kosten worden bepaald, namelijk: TK = 10 x Q + 15 = 10 x 10 + 15 = 100 + 15 = 115, zodat nu de winst kan worden bepaald middels: - de winst = omzet - totale_kosten = 150 - 115 = 45 Het meest juiste antwoord is daarom by-3655  55AM    - Examen Economie 2005 - IVraag06Vraag06BEen monopolist ( een ondernemer met een monopolie in de betreffende markt ) kent een prijs-afzet_vergelijking gelijk aan: P = - 1,5 Q + 30 en een totale_kosten_vergelijking TK gelijk aan TK = 10 Q + 15 . De monopolist brengt zijn product tegen een prijs van 15 op de markt . Hoe hoog is de winst van de monopolist onder deze omstandigheden ?2545105- In de casus is sprake van een prijs_afzet_vergelijking in combinatie met totale_kosten_vergelijking en een gezette prijs, waarbij - wordt gevraagd naar de totale winst van de monopolist; het gaat hier dus om het oplossen van een vergelijking - De prijs-afzet_vergelijking kent twee variabele(n) namelijk P en Q - a 0X Hp8`'A- Examen Economie 2005 - IVraag01'A- Examen Economie 2005 - IVraag02'A- Examen Economie 2005 - IVraag03'A- Examen Economie 2005 - IVraag04'A- Examen Economie 2005 - IVraag05'A- Examen Economie 2005 - IVraag06'A- Examen Economie 2005 - IVraag07'A- Examen Economie 2005 - IVraag08'A- Examen Economie 2005 - IVraag09'A- Examen Economie 2005 - IVraag10'A- Examen Economie 2005 - IVraag11'A- Examen Economie 2005 - IVraag12'A- Examen Economie 2005 - IVraag13'A- Examen Economie 2005 - IVraag14'A- Examen Economie 2005 - IVraag15'A- Examen Economie 2005 - IVraag16'A- Examen Economie 2005 - IVraag17'A- Examen Economie 2005 - IVraag18'A- Examen Economie 2005 - IVraag19'A- Examen Economie 2005 - IVraag20'A- Examen Economie 2005 - IVraag21 de P stijgt- In de casus is sprake van een prijselasticiteit in combinatie met een verandering van de prijs - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Het aanbod en de vraag / elasticiteit / prijselasticiteit - De prijselasticiteit ( E ) geeft aan: - de relatieve_verandering in het aantal eenheden gevraagd of verkocht product als gevolg van een relatieve_verandering in de prijs van dat product, ofwel in formulevorm: relatieve_verandering in eenheden verkocht of gevraagd product E = ------------------------------------------------------------------------------------------------------------- relatieve_verandering in de prijs van dat product waarbij relatieve_verandering = ( nieuwe waarde - oude waarde ) / oude waarde waarbij het in de regel zo zal zijn dat als de prijs stijgt, de afzet daalt, en dat betekent dat E altijd negatief is Het meest juiste antwoord is daarom by-3655 66>65AQSQa    - Examen Economie 2005 - IVraag07Vraag07BVoor een bepaald product van een ondernemer geldt in de markt een monopolie met een prijselasticiteit van - 1,66667. Wat betekent dit voor de totale omzet / opbrengst ( TO ) voor die ondernemer m.b.t. dat product als hij de prijs ( P ) van dat product wijzigt ?De TO wordt kleiner als de P daaltDe TO wordt kleiner als de P stijgtDe TO wordt groter als ||78A])57    - Examen Economie 2005 - IVraag08Vraag08CDe afzet van product(en) kan worden benvloed middels het hanteren van het instrument prijsdiscriminatie. Welke van de onderstaande alternatieven komt daarmee overeen ?een bepaald product verkopen aan verschillende afnemer(s) tegen dezelfde prijsverschillende product(en) verkopen aan verschillende afnemer(s) tegen dezelfde prijseen bepaald product verkopen aan verschillende afnemer(s) tegen verschillende prijzen- In de casus is sprake van prijsdiscriminatie - Prijsdiscriminatie is het verkopen van eenzelfde product aan verschillende afnemer(s) tegen verschillende prijzen, zoals: - een flesje of blikje frisdrank kost bij een benzinestation, of op het strand, of in een schouwburg, meer dan in een winkel, of in een supermarkt Het meest juiste antwoord is daarom c y-3655 ``398AAU7S9    - Examen Economie 2005 - IVraag10Vraag10BEen bepaalde ondernemer streeft naar een maximale winst m.b.t. een product waarvoor eeх]85A7###    - Examen Economie 2005 - IVraag09Vraag09AEen monopolistische aanbieder kan de prijs en daarmee de afzet en omzet van zijn product benvloeden. De monopolist wordt hierdoor getypeerd als een:PrijszetterPrijsleiderPrijsvolger- In de casus is sprake van een ondernemer die de prijs en daarmee zijn afzet kan benvloeden - Een ondernemer / aanbieder die de prijs kan bepalen zonder rekening te hoeven houden met andere aanbieder(s) is een prijszetter - geen prijsleider of prijsvolger, want er zijn bij een monopolie ( = enige aanbieder ) geen anderen die zijn prijs kunnen volgen, dus valt er ook niets te leiden Het meest juiste antwoord is daarom a y-3655n regime geldt dat overeenkomt met dat van de proportioneel_variabele_kosten ( PVK ). Bij een bepaalde afzet geldt tevens de situatie dat de totale_opbrengst ofwel totale_omzet ( TO ) groter is dan de totale_kosten ( TK ). Tot welk punt kan deze aanbieder zijn productie uitbreiden en zijn winst daarbij steeds vergroten ?tot aan het punt dat de gemiddelde_totale_kosten ( GTK ) hoger worden dan de marginale_kosten ( MK )tot aan het punt van een volledige benutting / bezetting van zijn productiecapaciteittot aan het punt dat de gemiddelde_variabele_kosten hoger worden dan de gemiddelde_constante_kosten- In de casus is sprake van een streven naar maximale_winst in combinatie met een regime van proportioneel_variabele_kosten - Antwoord a valt af, want de onderverdeling van de kosten zijn bij deze vraag niet van belang zolang geldt: TO > TK - Antwoord c valt af, want de onderverdeling van de kosten zijn bij deze vraag niet van belang zolang geldt: TO > TK Het meest juiste antwoord is daarom b y-3655ter grootte van 6 % van de totale_opbrengst / totale_omzet. De totale_omzet in dat jaar bedraagt Euro 350.000.000,-- . Hoeveel bedragen de constante_kosten van die onderneming in dat jaar ?Euro 262.500.000Euro 278.250.000Euro 282.500.000- In de casus is sprake van constante_kosten in combinatie met totale_kosten en een totale_omzet - bovendien is er sprake van een verlies uitgedrukt in % van de totale_omzet - het gaat hier om het berekenen van de constante_kosten - De totale_omzet in dat betreffende jaar bedraagt Euro 350.000.000,-- , zodat - het verlies ter grootte van 6 % van de totale_omzet gelijk wordt aan 0,06 x 350.000.000 = 21.000.000 , waardoor - de totale_kosten in dat jaar uitkomen op: totale_kosten = totale_omzet + verlies = 350.000.000 + 21.000.000 = 371.000.000, waarvan - de constante_kosten 75 % bedragen zijnde: 0,75 x 371.000.000 = 278.250.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom by-3655 W<6A=   - Examen Economie 2005 - IVraag13Vraag13CIn de tabel staan de relatieve_verandering(en) op jaarbasis van de loonsom / loon per werknemer en de relatieve_verandering(en) op jaarbؠ;6A]U   - Examen Economie 2005 - IVraag12Vraag12CIn de taԉl:5A -///    - Examen Economie 2005 - IVraag11Vraag11Bij een bedrijf maken in een bepaald jaar de constante_kosten 75 % uit van de totale_kosten waardoor die onderneming in dat jaar een verlies lijdt bel staan de relatieve_verandering(en) op jaarbasis van de loonsom / loon per werknemer en de relatieve_verandering(en) op jaarbasis van de arbeidsproductiviteit per werknemer. ------------------- --------------- --------------------------------- Tijdstip Loonsom Arbeidsproductiviteit ------------------- --------------- --------------------------------- 01-01-2000 7 1 01-07-2000 6,5 1 - - - - - - - - - - - - - - - - - ------------------- ---------------  --------------------------------- Druk op de rode knop rechtsonder voor het tonen van de gehele CASUS Wat is de relatieve_verandering van de loonkosten per eenheid product, gemeten over het gehele jaar 2003 ?8 %7 %6 %- In de casus is sprake van een relatieve_verandering op jaarbasis van de loonsom in combinatie met relatieve_verandering op jaarbasis van de arbeidsproductiviteit - bovendien wordt de relatieve_verandering van de loonkosten per eenheid product, gemeten over het gehele jaar 2003 gevraagd - De ontwikkelingen gemeten over een geheel ( afgelopen ) jaar zijn de relatieve_verandering(en) op jaarbasis zoals gegeven op 31 december van dat jaar ofwel die op 1 januari van het volgend jaar, dus - over het gehele jaar 2003 was de loonstijging 8 % ( = situatie op 01-01-2004 ) en de stijging van de arbeidsproductiviteit gelijk aan 2 % ( = situatie op 01-01-2004 ), zodat - de stijging van de loonkosten per eenheid product over het jaar 2003 gelijk is aan 8 % - 2 % = 6 % Het meest juiste antwoord is daarom c yCASUS In de tabel staan de relatieve_verandering(en) op jaarbasis van de loonsom / loon per werknemer en de relatieve_verandering(en) op jaarbasis van de arbeidsproductiviteit per werknemer. ------------------- --------------- --------------------------------- Tijdstip Loonsom Arbeidsproductiviteit ------------------- --------------- --------------------------------- 01-01-2000 7 1 01-07-2000 6,5 1 01-01-2001 6 4 01-07-2001 7 4 01-01-2002 8 4 01-07-2002 8 4 01-01-2003 8 0 01-07-2003 8 1 01-01-2004 8 2 ------------------- --------------- --------------------------------- Wat is de relatieve_verandering van de loonkosten per eenheid product, gemeten over het gehele jaar 2003 ?-3655asis van de arbeidsproductiviteit per werknemer. ------------------- --------------- --------------------------------- Tijdstip Loonsom Arbeidsproductiviteit ------------------- --------------- --------------------------------- 01-01-2000 7 1 01-07-2000 6,5 1 - - - - - - - - - - - - - - - - - ------------------- --------------- --------------------------------- Druk op de rode knop rechtsonder voor het tonen van de gehele CASUS In welk jaar waren de ontwikkelingen het meest gunstig voor de betreffende ondernemer(s) ?200320012000- In de casus is sprake van een relatieve_verandering op jaarbasis van de loonsom in combinatie met relatieve_verandering op jaarbasis van de arbeidsproductiviteit - bovendien wordt gevraagd in welk jaar de ontwikkelingen het meest gunstig voor de betreffende ondernemer(s) waren - De ontwikkelingen zijn het meest gunstig als in een jaar de loonsom het minst stijgt en de arbeidsproductiviteit het meest stijgt - gemeten over een geheel ( afgelopen ) jaar zijn de relatieve_verandering(en) op jaarbasis de getal(len) zoals gegeven op 31 december van dat jaar ofwel die op 1 januari van het volgend jaar, - de meest gunstige getalsverhouding is die op 01-01-2001, want - over het gehele jaar 2000 was de loonstijging 3 % ( = situatie op 01-01-2001 ) en de stijging van de arbeidsproductiviteit gelijk aan 2 % ( = situatie op 01-01-2001 ), zodat  - de stijging van de loonkosten per eenheid product over het jaar 200 gelijk is aan $ slechts $ 3 % - 2 % = 1 % Het meest juiste antwoord is daarom cyCASUS In de tabel staan de relatieve_verandering(en) op jaarbasis van de loonsom / loon per werknemer en de relatieve_verandering(en) op jaarbasis van de arbeidsproductiviteit per werknemer. ------------------- --------------- --------------------------------- Tijdstip Loonsom Arbeidsproductiviteit ------------------- --------------- --------------------------------- 01-01-2000 7 1 01-07-2000 6,5 1 01-01-2001 6 4 01-07-2001 7 4 01-01-2002 8 4 01-07-2002 8 4 01-01-2003 8 0 01-07-2003 8 1 01-01-2004 8 2 ------------------- --------------- --------------------------------- Wat is de relatieve_verandering van de loonkosten per eenheid product, gemeten over het gehele jaar 2003 ?-3655 rest 40 ------------ ------------------------------ Totaal 100 Van welke marktvorm is in deze bedrijfstak sprake ?OligopolieMonopolistische_concurrentieVolkomen_concurrentie- Er is sprake van winkel(s), dus het gaat om aanbieder(s) van heterogeen_product(en), daarom - valt volkomen_concurrentie af, want dat handelt over een situatie met veel aanbieder(s) m.b.t. homogeen_product(en) - Zowel heterogeen_oligopolie ( een vorm van oligopolie ) als monopolistische_concurrentie hebben betrekking op heterogeen_product(en), maar de vraag blijft of 24 aanbieder(s) nu tot weinig of veel aanbieder(s) moet worden gerekend, want: - veel aanbieders levert het antwoord monopolistische_concurrentie op, en - weinig aanbieder(s) levert het antwoord oligopolie ( in de vorm van heterogeen_oligopolie ) op Het meest juiste antwoord is daarom a of b ( beide antwoorden worden goed gerekend ) y-3655 &=5AM!E7S    - Examen Economie 2005 - IVraag14Vraag14A / BOnderstaande tabel geeft voor 24 winkel(s) hun respectievelijke marktaandeel in % weer ------------ ------------------------------ Winkel Marktaandeel ( % ) A 20 B 16 C 12 D 12  35 ------------ ------------------------------ Totaal 100 Welke waarde heeft de betreffende concentratiegraad ( Cn_ratio ) m.b.t. deze situatie ?C4 = 65C2 = 65C1 = 35- In de casus is sprake van een verdeling van marktaandeel in combinatie met een daarbij behorende concentratiegraad - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: markt en marktvorm(en) / concurrentie_intensiteit ofwel concentratiegraad - De concurrentie_intensiteit ofwel concentratiegraad is de mate waarin de marktaandelen over de verschilllende medeaanbieder(s) is verdeeld - veelgebruikte indicator(en) zijn de C4_index en de C3_index die de som van de marktaandelen van de grootste 4 respectievelijk de grootste 3 aanbieder(s) weergeven - Berekening leert dat de C1_index ( zo die zou bestaan ) gelijk is aan 22, de C2_index = 40, de C3_index = 54 en de C4_index = 65 Het meest juiste antwoord is daarom a y-3655 3>5Am    - Examen Economie 2005 - IVraag15Vraag15AOnderstaande tabel geeft voor 24 winkel(s) hun respectievelijke marktaandeel in % weer Winkel Marktaandeel ( % ) ------------ ------------------------------ A 22 B 18 C 14 D 11 rest in n van de aanbieder(s) de prijs verlaagt in combinatie met een totale verassing bij de ander - In het geval van een prisoner$s_dilemma ( komt voor bij een oligopolie ) doen beiden NIETS aan de prijs, want - als de ene partij de prijs verlaagt dan volgt de ander ook met een prijsdaling en dat is schadelijk voor beiden, dus beiden doen niets, echter - daar is hier geen sprake van, want n partij verlaagt de prijs wel en is het dus GEEN prisoner$s_dilemma - Bij goederen ( van hetzelfde type ) die ( door een aanbieder ) voor verschillende prijzen ( aan verschillende afnemer(s) op verschillende verkooppunt(en) ) kunnen worden verkocht, is sprake van prijsdiscriminatie, en daar is hier ook geen sprake van - Bij volledige marktkennis had de concurrentie de prijsverlaging kunnen verwachten / zien aankomen, echter - de concurrentie zag de prijsverlaging niet aankomen, dus onvolledige marktkennis bij de concurrentie Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655 I?7Ae-g    - Examen Economie 2005 - IVraag16Vraag16CEen aanbieder verlaagt plotseling de verkoopprijs / prijs van zijn product(en) waardoor de concurrentie wordt overvallen. Van welk markt_aspect is in deze situatie sprake ?Kenmerk van homogeen_product(en) die voor verschillende prijzen aan verschillende groep(en) afnemer(s) kunnen worden verkochtHet gedrag volgens de principe(s) van het Prisoner$s_dilemma / prisoners_dilemmaOnvolledige marktkennis bij de concurrent(en)- In de casus is sprake van een situatie van oligopolie / duopolie waarnen van de gehele CASUS Welk resultaat is volgens het prisoner$s_dilemma het meest waarschijnlijk ( ceteris_paribus ) ?Kenmerk van homogeen_product(en) die voor verschillende prijzen aan verschillende groep(en) afnemer(s) kunnen worden verkochtHet gedrag volgens de principe(s) van het Prisoner$s_dilemma / prisoners_dilemmaOnvolledige marktkennis bij de concurrent(en)- In de casus is sprake van een vijftal aanbieder(s) die de markt beheersen in combinatie met een voorgenomen prijsverhoging - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: de markt en de marktvorm(en) - Als 5 ( = weinig ) aanbieder(s) de markt beheersen m.b.t. een bepaald product, is er sprake van oligopolie en zelfs van een homogeen_oligopolie - zoals kan voorkomen bij verzekeringsmaatschappij(en) waarbij de prijs moet worden gezien als premie, waarbij - in geval van oligopolie het veelal onverstandig is voor een aanbieder, om de prijs te verhogen vanwege de geknikte_vraagcurve, zodat - de situatie van oligopolie leidt tot prijsstarheid, zodat - in vele gevallen niemand iets aan de prijs / verkoopprijs doet / durft te doen ( prisoners_dilemma ) Het meest juiste antwoord is daarom byCASUS Vijf aanbieder(s) beheersen / overheersen nagenoeg geheel een bepaald marktsegment met een bepaald product. De aanbieder(s) spreken onderling mondeling af de prijzen voor hun product(en) gelijktijdig met 10 % te verhogen, waarbij blijkt dat de vraag naar die product(en) volkomen inelastisch is. Vraagverschuiving(en) van de ene aanbieder naar de andere aanbieder zijn wel mogelijk. Naleving van de mondelinge afspraak is niet afdwingbaar. De mogelijke gedraging(en) van n van de aanbieder(s) genaamd A is weergegeven in onderstaande tabel in samenhang met de gedraging(en) van de andere aanbieder(s) en de daaruit voortvloeiende situatie(s) ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Aanbieder A Andere aanbieder(s) ------------------------------- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- ------------------------------- ------------------------------------------------------------ ----------------------------------------------------------------- wijzigen de prijs niet verhogen de prijs ------------------------------- ------------------------------------------------------------ ----------------------------------------------------------------- ------------------------------- ------------------------------------------------------------ ----------------------------------------------------------------- wijzigt de prijs Situatie 1: winst van alle Situatie 2: winst van A stijgt, niet aanbieder(s) blijft constant winst van de anderen daalt ------------------------------- ------------------------------------------------------------ ----------------------------------------------------------------- ------------------------------- ------------------------------------------------------------ ----------------------------------------------------------------- verhoogt de prijs Situatie 3: winst van A daalt Situatie 4: winst van alle winst van de anderen stijgt aanbieder(s) stijgt ------------------------------- ------------------------------------------------------------ ----------------------------------------------------------------- ------------------------------- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Welk resultaat is volgens het prisoner$s_dilemma het meest waarschijnlijk ( ceteris_paribus ) ?-3655 @8A-gE 9  - Examen Economie 2005 - IVraag17Vraag17BVijf aanbieder(s) beheersen / overheersen nagenoeg geheel een bepaald marktsegment met een bepaald product. De aanbieder(s) spreken onderling mondeling af de prijzen voor hun product(en) gelijktijdig met 10 % te verhogen, waarbij blijkt dat de vraag naar die product(en) volkomen inelastisch is. Vraagverschuiving(en) van de ene aanbieder naar de andere aanbieder zijn wel mogelijk. Naleving van de mondelinge afspraak is niet afdwingbaar. De mogelijke gedraging(en) van n van de aanbieder(s) genaamd A is weergegeven in onderstaande tabel in samenhang met de gedraging(en) van de andere aanbieder(s) en de daaruit voortvloeiende situatie(s) ............... Druk op de rode knop rechtsonder voor het toinatie met een toenemend verschill tussen vraag en aanbod - Bij de varkenscyclus is sprake van een situatie, waarbij - aanbieder(s) worden aangetrokken door de hoge prijzen die op een bepaald moment voor een bepaald product worden betaald, en - die aanbieder(s) in een reactie daarop, de productie / het aanbod gaan opvoeren, zodat - na verloop van tijd een overschot m.b.t. dat bepaalde product onstaat, waardoor - de prijzen weer gaan dalen, en de productie weer wordt ingekrompen, waardoor - wederom na verloop van tijd weer tekort(en) onstaan, waardoor de prijzen weer stijgen, etc., etc., en - de volgende cyclus weer begint, etc. - Een varkenscyclus wordt dus altijd geleid door een verandering van de prijs in de markt, gevolgd door een ( vertraagde ) reactie daarop van het aanbod door de producent(en) Het meest juiste antwoord is daarom by-3655 $$IB5A_7EMc    - Examen Economie 2005 - IVraag19Vraag19ADe vraag van producent(en) tijdens een conjunctuurcyclus kan worden onderscheiden in een vroegcyclische_reactie{A7A yc    - Examen Economie 2005 - IVraag18Vraag18BOp een deelmarkt is sprake van een varkenscyclus waardoor de verschillen tussen vraag en aanbod alleen maar groter worden. Door welke omstandigheden wordt een varkenscyclus gekenmerkt ?de vraag komt later op gang als reactie op een actueel aanbodhet aanbod komt later op gang als reactie op een actuele vraaghet aanbod loopt alvast vooruit op een verwachte vraag- In de casus is sprake van een varkenscyclus in comb en in een laatcyclische_reactie. Welk type producent(en) vertoont een m.b.t. dit onderwerp een vroegcyclische_reactie ?grondstoffenproducentgebouwenproducent / aannemermachineproducent / machinebouwer- In de casus is sprake van een conjunctuurcyclus in combinatie met het tijdstip van reactie van producent(en) m.b.t. bepaalde fase(n) van die cyclus - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: economische_kringloop / conjunctuur - Bij de omslagpunt(en) van conjunctuur ( het onderste_keerpunt en het bovenste_keerpunt ) nemen de besteding(en) toe ( onderste_keerpunt ) of af ( bovenste_keerpunt ), waarbij - die besteding(en) kunnen bestaan uit consumptieve_besteding(en) en / of uit investering(en), waarbij - in beide gevallen de producent van grondstof(fen) als eerste een effect zal merken en zal ( moeten ) reageren, omdat - voor ( alle ) andere product(en) en halffabrikaat(en), grondstof(fen) nodig zijn Het meest juiste antwoord is daarom a y-3655lding " uitgave(n) / ontvangst(en) in dit jaar in prijzen van dit jaar " , zoals hieronder is weergegeven ( bedragen in miljarden Euro(s) ) 2003 in prijzen 2003 2004 in prijzen 2003 2004 in prijzen 2004 ---------------------------------------------------------------------- --------------------------------- --------------------------------- -------------------------------- Netto_binnenlands_product ( marktprijzen ) 380 390 396 Afschrijving(en) 73 76 78 Bruto_binnenlands_product ( marktprijzen ) 453 466  474 ------------------------------------------------------------------- --------------------------------- --------------------------------- -------------------------------- Op welke mutatie heeft de verandering van 453 naar 466 van het bruto_binnenlands_product tegen marktprijzen betrekking ?De prijsmutatie van dit jaar t.o.v. het voorgaande jaarDe volumemutatie van dit jaar t.o.v. het voorgaande jaarDe waardemutatie van dit jaar t.o.v. het voorgaande jaar- In de casus is sprake van een netto_binnenlands_product in combinatie met mutatie(s) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: economische_kringloop / geld- en goederenstromen - de uitdrukking " 2003 in prijzen 2003 " betekent: afzet in aantal / stuks product(en) verkocht in 2003 x de verkoopprijs per stuk in 2003 = omzet van dat product in 2003 - de uitdrukking " 2004 in prijzen 2003 " betekent: afzet in aantal / stuks product(en) verkocht in 2004 x de verkoopprijs per stuk in 2003 = omzet van dat product in 2004 gecorrigeerd naar de prijzen van 2003 - als nu " 2004 in prijzen 2003 " groter is dan " 2003 in prijzen 2003 " dan betekent dit dat in 2004 meer stuks ( = meer volume ) is afgezet in vergelijking met 2003, en - dan is hier dus sprake van de volumemutatie ( mutatie in de afzet ) - als de toegenomen afzet in 2004 nu wordt vermenigvuldigd met de marktprijzen in 2004 dan resulteert dat in " 2004 in prijzen 2004 " , waarbij - de vergelijking van " 2004 in prijzen 2004 " met " 2004 in prijzen 2003 " de prijsmutatie ( = mutatie in de prijs ) inhoudt, maar daar gaat deze vraag niet over ) ( de vergelijking van " 2004 in prijzen 2004 " met " 2003 in prijzen 2003 " geeft de waardemutatie ( = mutatie in de afzet x mutatie in de prijs ) weer, maar daar gaat deze vraag eveneens niet over ) Het meest juiste antwoord is daarom by-3655 ::D5Agso}1    - Examen Economie 2005 - IVraag21Vraag21AEen onderCC5A={}}M    - Examen Economie 2005 - IVraag20Vraag20BDe omvang van geldstromen is afhankelijk van de invloed van bijbehorende prijsontwikkeling(en). De omvang van die geldstromen kan dan worden gecorrigeerd m.b.t. die prijsontwikkeling. De dusdanig gecorrrigeerde geldstromen heben dan de vermeneming / bedrijf is actief op een deelmarkt / markt met veel aanbieder(s), waarbij de grootste 4 aanbieder(s) van de betreffende product(en) een gezamenlijk marktaandeel hebben van slechts 8 %. Om de concurrentiepositie van het bedrijf te verbeteren, pleegt het bedrijf een overname van een soortgelijk bedrijf, dat ongeveer even groot is als het bedrijf zelf, zodat schaalvoordeel / schaalvoordelen ontstaan. Welke gevolgen heeft deze overname voor de concentratiegraad van de bedrijfstak en voor het bedrijfsoptimum van het betreffende bedrijf ?De concentratiegraad en het bedrijfsoptimum stijgenDe concentratiegraad en het bedrijfsoptimum dalenDe concentratiegraad stijgt en het bedrijfsoptimum daalt- In de casus is sprake van een marktaandeelvergroting in combinatie met een concentratiegraad - bovendien gaat het om een verbetering van de concurrentiepositie - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: markt en marktvorm(en) / concurrentie - De concentratiegraad ofwel concurrentie_intensiteit is de som van het marktaandeel / marktaandelen van een aantal aanbieder(s), waaronder de: C4_index en de C3_index ) - bij een overname daalt het aantal aanbieder(s) en blijft het daarbij behorende gezamenlijke marktaandeel gelijk ofwel de grootste aanbieder(s) hebben nu een groter marktaandeel ( want 1 bedrijf is overgenomen en dus verdwenen ), en - dat betekent dat de concentratiegraad is toegenomen, waardoor - het antwoord waarbij " De concentratiegraad en het bedrijfsoptimum dalen " afvalt - Het bedrijfsoptimum is de productie Q ( in eenheden ) waarbij de gemiddelde_totale_kosten ( GTK ) het laagst is - door schaalvoordelen ( lagere totale_kosten / kosten bij grotere aantal(len) geproduceerd product ), verschuift de GTK naar hogere Q-waarde(n), zodat het bedrijfsoptimum ( in termen van Q ) stijgt Het meest juiste antwoord is daarom ay-3655rire wordt lagerDe toetredingsbarrire verandert nietDe toetredingsbarrire wordt hoger- In de casus is sprake van een verbeterde productvariant in combinatie met de daarmee samenhangende toetredingsbarrire van de betreffende deelmarkt - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: markt en marktvorm(en) / concurrentie - Er is sprake van een markt met veel aanbieder(s) die verschillende maar gelijksoortige product(en) / heterogeen_product op de markt brengen, dus - er is sprake van monopolistische_concurrentie, waarbij - nieuwe toetreder(s) zich van de concurrentie / concurrent, kunnen onderscheiden met een nieuwe heterogeen_product, veelal in de vorm van een verbeterde versie van een bestaand product - Door de introductie van een verbeterde versie van het product / productvariant door het betreffende bedrijf wordt het moeilijker voor een potentile toetreder om zich daarvan nogmaals te onderscheiden Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655 zzzE5A+QWQI    - Examen Economie 2005 - IVraag22Vraag22CEen onderneming / bedrijf is actief op een deelmarkt / markt met veel aanbieder(s), waarbij de grootste 4 aanbieder(s) van de betreffende product(en) een gezamenlijk marktaandeel hebben van slechts 8 %. Om de concurrentiepositie van het bedrijf te verbeteren, pleegt het bedrijf een overname van een soortgelijk bedrijf, dat ongeveer even groot is als het bedrijf zelf, zodat schaalvoordeel / schaalvoordelen ontstaan. Het nieuwe bedrijf slaagt er in een verbeterde versie van een productvariant te ontwikkelen en op de betreffende deelmarkt te brengen, waardoor de productheterogeniteit in deze deelmarkt toeneemt. Welke van onderstaande alternatieven is juist met betrekking tot de toetredingsbarrire als gevog van de toename van de productheterogeniteit in deze bedrijfstak ? De toetredingsbardrijf een overname van een soortgelijk bedrijf, dat ongeveer even groot is als het bedrijf zelf, zodat schaalvoordeel / schaalvoordelen ontstaan. De markt m.b.t. de product(en) van de nieuwe onderneming blijkt een groeimarkt en door schaalvoordeel blijkt er tevens weinig concurrentie m.b.t. de prijs / prijsconcurrentie. Hoe wordt een dergelijke markt genoemd ? Verkopersmarkt ofwel sellers_marketKopersmarkt ofwel buyers_market ofwel afnemersmarktConsumentenmarkt ofwel consumer_market- In de casus is sprake van een groeimarkt in combinatie met een geringe mate van prijsconcurrentie - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: markt en marktvorm / concurrentie - Bij een groeimarkt en weinig prijsconcurrentie hoeft een aanbieder zich niet bovenmatig in te spannen om zijn product(en) af te zetten, en - dan is er sprake van een verkopersmarkt, waarbij - de inspanning(en) merendeels aan de zijde van de koper / afnemer liggen Het meest juiste antwoord is daarom a y-3655  ,H5AKe}w-    - Examen Economie 2005 - IVraag25Vraag25CEen onderneming / bedrijf is actief op een deelmarkt / markt met veel aanbieder(s), waarbij de grootste 4 aanbieder(s) van de betreffende product(en) een gezamenlijk marktaandeel hebben van slechts 8 %. Om de cmG5AWAAG3    - Examen Economie 2005 - IVraag24Vraag24BEen onderneming / bedrikF5A SsY#    - Examen Economie 2005 - IVraag23Vraag23AEen onderneming / bedrijf is actief op een deelmarkt / markt met veel aanbieder(s), waarbij de grootste 4 aanbieder(s) van de betreffende product(en) een gezamenlijk marktaandeel hebben van slechts 8 %. Om de concurrentiepositie van het bedrijf te verbeteren, pleegt het bejf is actief op een deelmarkt / markt met veel aanbieder(s), waarbij de grootste 4 aanbieder(s) van de betreffende product(en) een gezamenlijk marktaandeel hebben van slechts 8 %. Om de concurrentiepositie van het bedrijf te verbeteren, pleegt het bedrijf een overname van een soortgelijk bedrijf, dat ongeveer even groot is als het bedrijf zelf, zodat schaalvoordeel / schaalvoordelen ontstaan. Het bedrijf heeft te maken met zowel constante_kosten ( TK ) als proportioneel_variabele_kosten ( PVK ). Welke van onderstaande alternatieven geeft de juiste productiefunctie / kostenfunctie m.b.t. de totale_kosten ( TK ) van het betreffende bedrijf weer ?TK = 35 q2 + 3 miljoenTK = 750 q + 4 miljoenTK = 1850 / q + 5 miljoen- In de casus is sprake van proportioneel_variabele_kosten in combinatie met een kostenfunctie - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: aanbod en de vraag / marginale_analyse - De totale_kosten ( TK ) bevatten constante_kosten en de variabele_kosten, waarbij: TK = constante_kosten + variabele_kosten - De constante_kosten / totale_constante_kosten ( TCK ) worden uitgedrukt in een vast bedrag - De proportioneel_variabele_kosten ( PVK ) zijn de variabele_kosten ( VK ) die recht-evenredig toenemen met de geproduceerde hoeveelheid q, dus - waarbij de gemiddelde_variabele_kosten ( GVK ) per producteenheid, zijnde GVK = VK / q, een constante is die onafhankelijk is van q, waardoor - de totale_variabele_kosten ( TVK ) kunnen worden bepaald middels een deeluitdrukking GVK x q, waarbij GVK een getal is - Hieruit volgt dat de totale_kosten ( TK ) kunnen worden uitgedrukt als: TK = totale_variabele_kosten + totale_constante_kosten = ( getal 1 x q ) + getal 2 - De uitdrukking TK = 35 q2 + 3 miljoen zou aanleiding geven tot progressief_variabele_kosten - De uitdrukking TK = 1850 / q + 5 miljoen zou aanleiding geven tot degressief_variabele_kosten Het meest juiste antwoord is daarom by-3655oncurrentiepositie van het bedrijf te verbeteren, pleegt het bedrijf een overname van een soortgelijk bedrijf, dat ongeveer even groot is als het bedrijf zelf, zodat schaalvoordeel / schaalvoordelen ontstaan. Het bedrijf besluit om de productiecapaciteit te vergroten middels een uitbreiding van de kapitaalgoederenvoorraad / kapitaalgoederen Bij welke van de onderstaande alternatieven is de productieomvang optimaal ofwel wordt het bedrijfsoptimum bereikt ?Als de marginale_kosten ( MK ) minimaal zijnAls de gemiddelde_constante_kosten ( GCK ) minimaal zijnAls de gemiddelde_totale_kosten ( GTK ) minimaal zijn- In de casus is sprake van een uitbreiding van de voorraad betreffende de kapitaalgoederen in combinatie met het bereiken van het bedrijfsoptimum - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: markt en marktvorm / monopolistische_concurrentie - Het bedrijfsoptimum wordt bereikt als de gemiddelde_totale_kosten het laagst ( minimaal ) zijn Het meest juiste antwoord is daarom c y-3655 = 182 - totale overheidsuitgave(n) ( O ) = 218 - totale export ( E ) = 556 - totale import ( M ) = 512 - Welk van onderstaande alternatieven geeft het beste het totale bedrag van de besparing(en) en de belasting(en) ( S + B ) weer ?444400356- In de casus is sprake van een staat van middel(en) en besteding(en) in combinatie met het totale bedrag van de besparing(en) / sparen en de belasting(en) zijnde ( S + B ) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: economische_kringloop / open_economie - De macro_economische_vergelijking kan worden geschreven als: Y = C + S + B = C + I + O + ( E - M ) = BBP - waaruit volgt dat: S + B = I + O + ( E - M ) - zodat invullen geeft: S + B = 181 + 218 + ( 556 - 512 ) = 444 Het meest juiste antwoord is daarom ay-3655 I5AS    - Examen Economie 2005 - IVraag26Vraag26ADe volgende gegeven(s) m.b.t. een bepaald jaar en m.b.t. een bepaald land zijn bekend geworden middels publicatie van de zogenoemde " staat van middel(en) en besteding(en) " van dat land , die jaarlijks wordt gepubliceerd en die, onder meer, een beeld geeft van de omvang van het nationale_product en van de omvang van de besteding(en) in dat land: - totale gezinsconsumptie ( C ) = 446 - totale netto_investering(en) ( I ) atieven is juist m.b.t. de daar genoemde verbanden tussen de diverse vorm(en) van investering ?vervangingsinvestering(en) = bruto_investering(en) - uitbreidingsinvestering(en) - voorraadinvestering(en)bruto_investering(en) = netto_investering + voorraadinvesteringnetto_investering(en) = vervangingsinvestering + uitbreidingsinvestering- In de casus is sprake van investering(en) in combinatie met de eventueel daarbijbehorende type(n) investering(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: economische_kringloop / inkomensbesteding per sector - de investering(en) zijn als volgt gedefinieerd: - netto_investering(en) = uitbreidingsinvestering + voorraadinvestering - bruto_investering(en) = netto_investering + vervangingsinvestering - uit bovenstaande valt af te leiden dat: - de antwoorden b en c niet juist zijn - uit b en c het juiste antwoord a kan worden afgeleid Het meest juiste antwoord is daarom a y-3655 3J8Awm%=    - Examen Economie 2005 - IVraag27Vraag27ADe volgende gegeven(s) m.b.t. een bepaald jaar zijn bekend geworden middels publicatie van de zogenoemde " staat van middel(en) en besteding(en) " , die jaarlijks wordt gepubliceerd en die, onder meer, een beeld geeft van de omvang van het nationale_product en van de omvang van de besteding(en): - totale gezinsconsumptie ( C ) = 223 - totale netto_investering(en) ( I ) = 91 - totale overheidsuitgave(n) ( O ) = 109 - totale export ( E ) = 278 - totale import ( M ) = 256 In het overzicht zijn de verschillende investering(en) niet naar type opgesplitst weergegeven. Welke van onderstaande alternhet feit welke deelrekening(en) samen met de handelsbalans ofwel goederenrekening tot de lopende_rekening kan worden gerekend ?InkomensoverdrachtenrekeningDienstenverkeerrekening ofwel dienstenrekeningOnzichtbaar_verkeerrekening / Onzichtbare_rekening- In de casus is sprake van een lopende_rekening in combinatie met een aantal deelrekening(en) daarvan - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: overheid en internationale_handel / betalingsbalans / hoofdrekening & deelrekening(en) - De lopende_rekening bestaat uit 4 deelrekening(en te weten: - goederenrekening ofwel handelsbalans - dienstenrekening - inkomensrekening - Inkomensoverdrachtenrekening / secundaire_inkomen(s), waarbij: - de goederenrekening tot het zichtbare verkeer wordt gerekend - dienstenrekening + inkomensrekening + Inkomensoverdrachtenrekening tot het onzichtbare verkeer worden gerekend Het meest juiste antwoord is daarom c yCASUS De volgende gegeven(s) m.b.t. een bepaald jaar zijn bekend geworden middels publicatie van de zogenoemde " staat van middel(en) en besteding(en) " , die jaarlijks wordt gepubliceerd en die, onder meer, een beeld geeft van de omvang van het nationale_product en van de omvang van de besteding(en): - totale gezinsconsumptie ( C ) = 223 - totale netto_investering(en) ( I ) = 91 - totale overheidsuitgave(n) ( O ) = 109 - totale export ( E ) = 278 - totale import ( M ) = 256 Uit de gegevens van het overzicht blijkt, onder meer, dat de lopende_rekening een overschot van 22 te zien geeft. Een van de deelrekening(en) van de lopende_rekening is de handelsbalans ofwel goederenrekening die de rekening(en) m.b.t. het goederenverkeer weergeeft. Welke van onderstaande alternatieven is juist met betrekking tot het feit welke deelrekening(en) samen met de handelsbalans ofwel goederenrekening tot de lopende_rekening kan worden gerekend ?-3655 OO!K6A#EiqO 5  - Examen Economie 2005 - IVraag28Vraag28CDe volgende gegeven(s) m.b.t. een bepaald jaar zijn bekend geworden middels publicatie van de zogenoemde " staat van middel(en) en besteding(en) " , die jaarlijks wordt gepubliceerd en die, onder meer, een beeld geeft van de omvang van het nationale_product en van de omvang van de besteding(en): - totale gezinsconsumptie ( C ) = 223 - totale netto_investering(en) ( I ) = 91 - ................. Voor een overzicht van de complete vraag, druk op de rode knop rechtsonder Welke van onderstaande alternatieven is juist met betrekking tot  0X Hp8`'A- Examen Economie 2005 - IVraag23'A- Examen Economie 2005 - IVraag24'A- Examen Economie 2005 - IVraag25'A- Examen Economie 2005 - IVraag26'A- Examen Economie 2005 - IVraag27'A- Examen Economie 2005 - IVraag28'A- Examen Economie 2005 - IVraag29'A- Examen Economie 2005 - IVraag30'A- Examen Economie 2005 - IVraag31'A- Examen Economie 2005 - IVraag32'A- Examen Economie 2005 - IVraag33'A- Examen Economie 2005 - IVraag34'A- Examen Economie 2005 - IVraag35'A- Examen Economie 2005 - IVraag36'A- Examen Economie 2005 - IVraag37'A- Examen Economie 2005 - IVraag38'A- Examen Economie 2005 - IVraag39'A- Examen Economie 2005 - IVraag40'A- Examen Economie 2005 - IVraag41'A- Examen Economie 2005 - IVraag42'A- Examen Economie 2005 - IVraag43'A- Examen Economie 2005 - IVraag44ct " gebruikt. - Welk element wordt in het ene geval wel en in het andere geval niet meegerekend ?Saldo van uit het buitenland ontvangen primaire_inkomen(s)Uitgave(n) in het kader van de ontwikkelingshulpOmvang van de informele_economie- In de casus is sprake van " nationale_product " en " binnenlands_product " in combinatie met de vraag wat het verschil daartussen is - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: economische_kringloop / proces van inkomensverdeling - De volgende definitie geldt m.b.t. het verschil tussen uitdrukking(en) die de termen " nationaal " en " binnenlands " bevatten: bruto_nationale_product ( BNP ) = bruto_nationale_inkomen ( BNI ) = bruto_binnenlands_product (BBP ) - saldo_primaire_inkomens_uit_het_buitenland ofwel BNP = BNI = BBP - saldo_primaire_inkomens_uit_het_buitenland Het meest juiste antwoord is daarom a y-3655  L6A1mM    - Examen Economie 2005 - IVraag29Vraag29ADe volgende gegeven(s) m.b.t. een bepaald jaar zijn bekend geworden middels publicatie van de zogenoemde " staat van middel(en) en besteding(en) " , die jaarlijks wordt gepubliceerd en die, onder meer, een beeld geeft van de omvang van het nationale_product en van de omvang van de besteding(en): - totale gezinsconsumptie ( C ) = 223 - totale netto_investering(en) ( I ) = 91 - totale overheidsuitgave(n) ( O ) = 109 - totale export ( E ) = 278 - totale import ( M ) = 256 - In de macro_economie worden de begrippen " nationale_product " en " binnenlands_produatie met een buitenlandse valuta / vreemde_valuta - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: - geld- en bankwezen / wisselkoers en deviezen - overheid en de internationale_handel / wisselkoers(en) - De waarde van de Euro is gestegen t.o.v. die bepaalde buitenlandse valuta / munt, dus - is de Euro meer in trek gekomen, wordt dus meer geapprecieerd, terwijl - die buitenkandse valuta minder in trek is gekomen en dus wordt gedrepricieerd, terwijl - revaluatie een officile verhoging is, die door een regering van een land , of door de betreffende monetaire_autoriteit(en), wordt doorgevoerd m.b.t. de waarde ( de pariteit ofwel spilkoers ) van de betreffende munteenheid ten opzichte van de voor dat land vreemde_valuta ( en daarvan is in deze vraag geen sprake ) - Hier is dus sprake van appreciatie Het meest juiste antwoord is daarom by-3655 ||/N5AA)%)    - Examen Economie 2005 - IVraag31Vraag31BOver een  M5A#!##    - Examen Economie 2005 - IVraag30Vraag30BDe waarde van de Euro is in de loop van een bepaalde periode gestegen ten opzicht van de waarde van een bepaalde buitenlandse valuta, zodat in de wisselmarkt de betreffende wisselkoers / zwevende_wisselkoers zicht aanpaste. Hoe wordt de wijziging van de waarde van de Euro t.o.v. die bepaalde buitenlandse valuta ook wel genoemd ?RevaluatieAppreciatieDepreciatie- In de casus is sprake van een waardestijging van de Euro in combinbepaalde periode blijkt voor een bepaald land de invoerprijs sterker te zijn gedaald dan de uitvoerprijs. Wat is het effect van deze verandering op de externe_ruilvoet van dat land ? De externe_ruilvoet .....verandert nietverbeterdverslechterd- In de casus is sprake van een invoerprijs en een uitvoerprijs in combinatie met externe_ruilvoet - Als voor een land over een bepaalde periode de invoerprijs sterker daalt dan de uitvoerprijs betekent dit dat, m.b.t. een bepaald bedrag aan valuta van dat land, er na die periode meer ingevoerd ( verkregen ) kan worden voor dat bedrag in vergelijking met de periode daarvoor, zodat: - de valuta meer waard is geworden t.o.v. het buitenland i.v.m. voorheen en: - de ruilverhouding / ruilvoet dus gunstiger is geworden ( je krijgt meer dan je hoeft te geven in vergelijking met voorheen ), zodat - de externe_ruilvoet is verbeterd Het meest juiste antwoord is daarom by-3655nde alternatieven is juist m.b.t. de toegevoegde_waarde door dit bedrijf in het betreffende jaar ? 2.250.0002.300.0003.450.000- In de casus is sprake van een omzet in combinatie met ingekochte zaken / zaak en dienst(en) en toegevoegde_waarde - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: economische_kringloop / productie & inkomensvorming / toegevoegde_waarde - De toegevoegde waarde ( middels productie / productieproces ) is gedefinieerd als: toegevoegde_waarde = verkoopwaarde - inkoopwaarde waarbij: - verkoopwaarde = opbrengst ofwel omzet - inkoopwaarde = inkoop van zaken zoals energie, grondstof(fen), hulpstof(fen), halffabrikaat en materiaal, alsmede de inkoop van geleverde dienst(en) ( want die zijn ook ingekocht ) - Invullen geeft: toegevoegde_waarde = verkoopwaarde - inkoopwaarde = 4.000.000 - 1.400.000 - 300.000 = 2.300.000 Het meest juiste antwoord is daarom by-3655 1O5A{    - Examen Economie 2005 - IVraag32Vraag32BVan een bedrijf zijn over een bepaald jaar de volgende gegevens ( bedrag(en) in Euro($s) ) bekend: - omzet 4.000.000 - inkoop van energie, grondstof(fen) en materiaal 1.400.000 - betaald voor geleverde dienst(en) 300.000 - loonkosten / loon 1.750.000 Welke van de onderstaaaalmarkt(en) en aanbieder op de Nederlandse kapitaalmarktAanbieder op de buitenlandse kapitaalmarkt(en) en vrager op de Nederlandse kapitaalmarkt- In de casus is sprake van buitenlandse beleggingsfonds(en) in combinatie met belegging(en) in Nederland - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: overheid en de internationale handel / lopende_rekening en de kapitaalrekening - Het kapitaal dat de buitenlandse beleggingsfonds(en) bezitten komt van de betreffende buitenlandse ingezetene(n) en betreft dus buitenlands kapitaal dat op de betreffende buitenlandse kapitaalmarkt is vergaard / opgevraagd, en - daarmee is het buitenlandse beleggingsfonds een vrager op de betreffende buitenlandse kapitaalmarkt - Het buitenlandse kapitaal wordt op de Nederlandse markt genvesteerd / aangeboden m.b.t. investering(en) in gebouw(en), en - daarmee zijn de buitenlandse beleggingsfonds(en) aanbieder(s) op de Nederlandse kapitaalmarkt / markt Het meest juiste antwoord is daarom a y-3655 CC1P8AA=C=W    - Examen Economie 2005 - IVraag33Vraag33AOp de middellange_termijn zullen buitenlandse beleggingsfonds(en), waarin voornamelijk ingezetene(n) van het betreffende buitenland deelnemen, in Nederland weer in gebouw(en) / onroerende_zaak, zonder huurder(s) maar wel met huurgarantie(s) / huur, gaan beleggen. Welke van onderstaande alternatieven is van toepassing m.b.t. de rol die die buitenlandse beleggingsfonds(en) op de betreffende buitenlandse kapitaalmarkt(en) en op de Nederlandse kapitaalmarkt zullen spelen ?Vrager op de buitenlandse kapitaalmarkt(en) en aanbieder op de Nederlandse kapitaalmarktAanbieder op de buitenlandse kapitrecte_belegging ?meer kennis grotere schaalvoordeel(len) van een gespecialiseerd managementapparaatdirecte zeggenschap over de belegginggrotere omvang en grotere liquiditeit van de directe markt- Direct beleggen is een vorm van beleggen die NIET middels tussenkomst van een andere partij / marktpartij / tussenhandel in de vorm van, onder meer, een beleggingsfonds plaatsvindt, maar - WEL een vorm waarbij de belegger direct een aandeel in de eindbelegging heeft ( = directe_belegging ), en - waarbij wel kan worden gebruikt gemaakt van een tussenpersoon of bemiddelaar of makelaar, maar - dus NIET van bijvoorbeeld een beleggingsfonds ( = indirecte_belegging ), en - daarom valt antwoord a af want dat antwoord duidt op de aanwezigheid van een tussenpersoon in de vorm van een beleggingsfonds - De liquiditeit van de markt doet in dit geval niet ter zake en daarom valt antwoord c af Het meest juiste antwoord is daarom b y-3655 33lR5Am    - Examen Economie 2005 - IVraag35Vraag35BM.b.t. een economie van ee AQ7Ay1Wu    - Examen Economie 2005 - IVraag34Vraag34BM.b.t. onder meer onroerende_zaak kunnen belegger(s) direct of indirect beleggen, middels directe_belegging(en), of indirecte_belegging(en). Welke van onderstaande alternatieven zijn van toepassing m.b.t. de voordelen van een di  n land uit de Eurozone zijn de navolgende gegeven(s) ( in miljarden Euro($s) ) per ultimo van een bepaald jaar bekend geworden: - bankbiljet(ten) in omloop 78,0 - munt(en) in omloop 7,4 - chartale kas(sen) / chartaal_geld in de kas(sen) van de geldscheppende_instelling(en) 10,2 - girale deposito($s) / giraal_geld in handen van het publiek 501,4 - deposito($s) met een looptijd tot en met 2 jaar in handen van het publiek 781,6 - schuldbewijzen met een looptijd tot en met 2 jaar in handen van het publiek 71,4 - Hoeveel bedraagt de binnenlandse_liquiditeitenmassa ( M3 ) per ultimo va n het betreffende land in miljarden Euro(s) ?1.354,41.429,61.439,8- In de casus is sprake van een aantal geldhoeveelheden in combinatie met de binnenlandse_liquiditeitenmassa ( M3 ) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: geld- en bankwezen / binnenlandse_liquiditeitenmassa / primaire_liquiditeiten / secundaire_liquiditeiten - De hoofdregel luidt: binnenlandse_liquiditeitenmassa = M3 = primaire_liquiditeiten + secundaire_liquiditeiten = M1 + M2 , waarbij - tot M1 worden gerekend: 1. munt(en) en bankbiljet(ten) voor zover in handen van het publiek, en - dit is dus gelijk aan het totaal ( door de centrale_bank(en) ), etc. ) in omloop gebrachte bedrag aan geld MINUS - dat deel van het totaal in omloop gebrachte geld dat in de ( chartale ) kas(sen) van de banken zit ! 2. direct_opeisbaar_tegoed(en) ofwel direct_opeisbare_vordering(en) ofwel near_money, bij de geldscheppende_instelling(en), voor zover in handen van het publiek - tot M2 worden gerekend: - vordering(en) waaronder termijndeposito($s) met een looptijd van 2 jaar of minder op de geldscheppende_instelling(en), voor zover in handen van het publiek, waarbij - NIET tot de M1 en de M2 worden gerekend: - chartaal_geld in handen van de geldscheppende_instelling(en) zoals primaire_bank(en), centrale_bank(en) en de staat, en - die dus niet in het bezit zijn van het publiek, zoals de kasreserve(s) bij algemene_bank(en), behoren niet tot de M1 - deposito($s) bij bank(en) met een looptijd langer dan 2 jaar worden NIET tot de M2 gerekend - Invullen geeft: M1 = 78,0 + 7,4 + 501,4 - 10,2 = 576,6 M2 = 781,6 + 71,4 = 853,0 M3 = 576,6 + 853,0 = 1.429,6 Het meest juiste antwoord is daarom by-3655tale_geldhoeveelheid ofwel geldcirculatie ofwel primaire_liquiditeiten ofwel M1 bestaat uit: - munt(en) en bankbiljet(ten) voor zover in handen van het publiek - direct_opeisbaar_tegoed(en) ofwel direct_opeisbare_vordering(en), bij de geldscheppende_instelling(en), voor zover in handen van het publiek, waaronder: - rekening_courant - Tot M2 wordt, onder meer, gerekend: - vordering(en) met een looptijd van 2 jaar of minder op de geldscheppende_instelling(en), voor zover in handen van het publiek ofwel near_money, waaronder: - termijndeposito(s) - Door geld van een rekening_courant over te maken ( = de transactie ) naar een termijndeposito wordt geld aan M1 ofwel aan de maatschappelijke_geldhoeveelheid ter grootte van Euro 20.000,-- onttrokken en toegevoegd aan M2, waarbij - de latere rente niet tot de transactie als zodanig wordt gerekend Het meest juiste antwoord is daarom ay-3655 %%3T5A3'#G    - Examen Economie 2005 - IVraag37Vraag37AEen onder`S5Am%%%]    - Examen Economie 2005 - IVraag36Vraag36AEen ondernemer doet een overboeking ( = transactie ) ter grootte van Euro 20.000,-- van zijn rekening_courant naar een termijndeposito met een looptijd van 3 maand(en) en een rente van 4,2 % op jaarbasis. Welke van onderstaande alternatieven is juist met betrekking tot de bijbehorende afname van de maatschappelijke_geldhoeveelheid als gevolg van deze transactie ?20.000 Euro20.210 Euro20.840 Euro- In de casus is sprake van een rekening_courant en een termijndeposito in combinatie met maatschappelijke_geldhoeveelheid - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: geld- en bankwezen / binnenlandse_liquiditeitenmassa / primaire_liquiditeiten / secundaire_liquiditeiten - De maatschappelijke_geldhoeveelheid ofwel geldhoeveelheid ofwel tonemer doet een overboeking ( = transactie ) van zijn rekening_courant naar een termijndeposito met een looptijd van 3 maand(en) en een rente van 4,2 % op jaarbasis. Hoe wordt zo$n overboeking genoemd ?TransformatieSubstitutieWederzijdse_schuldaanvaarding- In de casus is sprake van een transactie van een rekening_courant naar een termijndeposito in combinatie met substitutie, transformatie, wederzijdse_schuldaanvaarding - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: geld- en bankwezen / binnenlandse_liquiditeitenmassa / primaire_liquiditeiten / secundaire_liquiditeiten - Een transactie waarbij geld overgaat van een rekening_courant, die wordt gerekend tot de primaire_liquiditeiten ( M1 ), naar een termijndeposito, die wordt gerekend tot de secundaire_liquiditeiten ( M2 ), wordt tot de geldvernietiging ofwel negatieve_geldschepping gerekend, waarbij - geldvernietiging ofwel negatieve_geldschepping is: het onttrekken van geld aan de maatschappelijke_geldhoeveelheid ( M1 ), en - dat ook wel transformatie ofwel negatieve_geldschepping wordt genoemd - Bij substitutie ( bijv. van chartaal_geld naar giraal_geld ) blijft het geld binnen M1 en blijft de maatschappelijke_geldhoeveelheid ( M1 ) dus constant, maar - daar is in deze vraag GEEN sprake van - Wederzijdse_schuldaanvaarding - een vorm van materile_geldschepping - in de vorm van een direct_opeisbare_verplichting, waarbij - de bank zich verplicht aan haar aangegane verplichting ( = schuld ) te voldoen = het krediet aan de klant ( = debiteur ) ter beschikking te stellen, en - waarbij de klant ( = debiteur ) zich verplicht tot terugbetaling van de schuld als de krediettermijn is verstreken, of als het krediet wordt opgezegd, maar - daar is in deze vraag eveneens GEEN sprake van Het meest juiste antwoord is daarom ay-3655ene_bank heeft Euro 20 miljoen aan liquide_middelen. Het verplichte minimale liquiditeitspercentage bedraagt 20. De bank heeft Euro 92 miljoen aan direct_opeisbaar_tegoed(en) van rekeninghouder(s). Hoeveel extra krediet kan die bank nog verstrekken door middel van wederzijdse_schuldaanvaarding ?Euro 1,6 miljoenEuro 14,4 miljoenEuro 8,0 miljoen- In de casus is sprake van liquide_middelen in combinatie met een liquiditeitspercentage - bovendien is er sprake van direct_opeisbaar_tegoed(en) ofwel direct_opeisbare_vordering(en) van rekeninghouder(s), en van extra krediet dat die bank nog kan verstrekken door middel van wederzijdse_schuldaanvaarding - het gaat hier dus ook om dekkingspercentage - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: geld- en bankwezen / wederzijdse_schuldaanvaarding - Als een algemene_bank ofwel een primaire_bank ofwel een handelsbank, die kan optreden als geldscheppende_instelling, een liquiditeitspercentage ofwel een dekkingspercentage van minimaal 20 % moet aanhouden, dan - mag deze bank maximaal 100% / 20 % = 5 maal het bedrag aan liquide_middelen ( = chartaal_geld in kas ) aan direct_opeisbaar_tegoed(en) + krediet(en) in de vorm van giraal_krediet(en) bijv. rekening_courant_krediet, hebben uitstaan, waarbij - als de bank dus Euro 20 miljoen aan chartaal_geld in kas heeft, het maximale bedrag aan direct_opeisbaar_tegoed(en) + krediet(en) in de vorm van giraal_krediet(en) gelijk aan maximaal Euro 100 miljoen mag zijn - De direct_opeisbaar_tegoed(en) bedragen reeds Euro 92 miljoen. zodat - maximaal Euro 100 miljoen - Euro 92 miljoen = maximaal nog Euro 8,0 miljoen aan extra krediet ( een direct_opeisbare_verplichting door de rekeninghouder ) door middel van wederzijdse_schuldaanvaarding door de bank kan worden verleend Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655 xW5A!OO5u    - Examen Economie 2005 - IVraag40Vraag40CRekeninghV5A7KeMM    - Examen Economie 2005 - IVraag39Vraag39CRekeninghouder(s) bij algemene_bank(en) maken middels girale_betaling(en) / giraal_geld allerlei bedrag(en) over naar de rekening(en) / banktegoed(en) / bankrekening(en) van rekeninghouder(s) bij dezelfde bank en / of van rekeninghouder(s) bij andere primaire_bank(en). Op een gegeven moment hebben de rekeninghouder(s) bij bank A per saldo Euro 1 miljoen aan girale tegoed(en) van rekeninghouder(s) van bank B ontvangen. Het tegoed bij de centrale bank wordt tot de liquide_middelen van de handelsbank(en) gerekend. Wat is het effect van het saldo dU5Ay937    - Examen Economie 2005 - IVraag38Vraag38CEen algeme overschrijving(en) / transactie(s) / banktransactie(s) op de liquiditeit van bank A ( ceteris_paribus ) ?De liquiditeit van bank A daaltDe liquiditeit van bank A blijft onveranderdDe liquiditeit van bank A stijgt- In de casus is sprake van een saldo aan girale tegoed(en) in combinatie met de liquiditeit van de betreffende bank - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: geld- en bankwezen / binnenlandse_liquiditeitenmassa - Door het saldo van aan girale tegoed(en) verandert NIET de maatschappelijke_geldhoeveelheid ofwel de nationale_geldhoeveelheid( M1 ), want er wordt geen geld geschapen of vernietigd, het giraal_geld wordt alleen verschoven van de ene bank naar de andere, waarbij - de financile_capaciteit van bank A om tijdig aan de zijn financile_verplichting(en) m.b.t. het kort_vreemd_vermogen te voldoen ( dit is een definitie van de liquiditeit ), stijgt, en - daarmee stijgt de liquiditeit van bank A Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655ouder A heeft bij een bank B een positief saldo ter groote van Euro 8.000,-- m.b.t. zijn rekening_courant / rekening_courant_krediet en A besluit om Euro 2.000,-- middels een overschrijving over te boeken van zijn rekening_courant_krediet naar zijn spaarrekening in de vorm van een termijndeposito met een vastzettingsperiode ofwel looptijd van 3 jaar bij diezelfde bank A. Welke van onderstaande alternatieven is correct betreffende de situatie als gevolg van deze transactie m.b.t de maatschappelijke_geldhoeveelheid ( M1 ) en de binnenlandse_liquiditeitenmassa ( M3 ) ?M1 daalt en M3 blijft onveranderdM1 blijft onveranderd en M3 daaltM3 daalt en M1 daalt- In de casus is sprake van een rekening_courant / rekening_courant_krediet in combinatie met een overschrijving van een deel van het positieve saldo daarvan naar een deposito / termijndeposito - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: geld- en bankwezen / geldschepping en geldvernietiging - Het saldo op een rekening_courant / rekening_courant_krediet is een vorm van een direct_opeisbaar_tegoed en behoort tot M1 - Een deposito ofwel een depositorekening ofwel een termijndeposito met een looptijd ofwel een termijn, ofwel een depositotermijn van langer dan 2 jaar, behoort NIET tot de primaire_liquiditeiten ( M1 ) en ook NIET tot de quasi_money ofwel near_money ofwel secundaire_liquiditeiten ( M2 ) - Bij eeen overschrijving van een rekening_courant naar termijndeposito met een looptijd ofwel depositotermijn van 3 jaar ( = langer dan 2 jaar ) wordt geld aan M1 ontrokken waardoor M1 minder wordt, terwijl - het aan de geldhoeveelheid M1 ontrokken bedrag NIET middels transformatie aan M2 wordt toegevoegd vanwege een depositotermijn van langer dan 2 jaar - Aangezien M3 = M1 + M2, waarbij - in dit geval M1 afneemt en M2 gelijk blijft, nemen zowel M1 als M3 af Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655k biedt kans(en) op extra rendement / rentabiliteit in vergelijking met een belegging in effecten ?De betrekkelijk geringe kosten per transactieHet relatief snel bereiken van een optimale spreiding in een vastgoedportefeuilleDe onvolledige informatie en de marktimperfectie(s)- In de casus is sprake van belegging(en) m.b.t. onroerende_zaak in combinatie met kans(en) op extra rendement in vergelijking met een belegging in effecten - De transactiekosten m.b.t. transactie(s) in vastgoed zullen niet beslissend / significant lager zijn dan die bij effecten, dus - valt antwoord a af - M.b.t. effecten ( aandelen, obligatie(s), etc. ) kan even snel een optimale spreiding in de portefeuille worden bereikt, dus - valt antwoord b af - Markt(en) die in het algemeen weinig transparant zijn en imperfectie(s) vertonen m.b.t. het onderwerp van belang, kunnen voor die partij(en) / marktpartij(en) die daarin wel inzicht hebben, extra voordelen opleveren Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655  Y5Aga!?g    - Examen Economie 2005 - IVraag42Vraag42BEen drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn >X6Ag/sQ    - Examen Economie 2005 - IVraag41Vraag41CInstitutionele_belegger(s) kunnen bijvoorbeeld in de markt voor onroerende_zaak, directe_belegging(en), of indirecte_belegging(en) doen, met de bijbehorende voordelen en nadelen. Welk kenmerk van de markt m.b.t. onroerende_zaain een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschapppelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken. Met welke van de onderstaande alternatieven beginnen marketinggerichte onderneming(en) het marketingplanningproces / marketingproces ?Ondernemingsmissie ofwel mission_statementAfnemer(s)Marketingdoelstelling(en)- In de casus is sprake van een nieuwe contractuele_samenwerkingsvorm m.b.t. een nieuwe marketinggerichte onderneming - in combinatie met een marketingplanningproces - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: marketing / marketingproces - Het marketingplanningproces ofwel marketingplanning ofwel marketingproces begint en eindigt bij de consument ofwel afnemer(s) Het meest juiste antwoord is daarom b y-3655rketingdoelstelling ?in het jaar 2005 de omzet te verhogen en de winst te optimaliserenhet marktaandeel in de deelmarkt agrarische makelaardij in de periode 2004 - 2006 uitbreiden tot 65 %marktleider in de betreffende bedrijfstak / marktsegment te worden- In de casus is sprake van een nieuwe contractuele_samenwerkingsvorm m.b.t. een nieuwe marketinggerichte onderneming(en) alsmede van een marketingdoelstelling - in combinatie met een juiste formulering m.b.t. die marketingdoelstelling - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: marketingconcept, marketingproces, marketingplanning en marketingstrategie / marketingdoelstelling - Marketingdoelstelling(en) zijn (altijd) scherp en getalsmatig gedefinieerd ( kwantitatief ), waarbij - het resultaat ook meetbaar moet zijn en moet kunnen worden vergeleken met de gestelde doel(en) - Strategische_doelstelling(en) zijn veelal vager en breder ( kwantitatiever ) geformuleerd Het meest juiste antwoord is daarom b y-3655 OO%Z8AGW}    - Examen Economie 2005 - IVraag43Vraag43BEen drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschappelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken. Een onderneming kan middels een marketingplan een aantal marketingdoelstelling(en) formuleren. Welke van de onderstaande alternatieven is een juist geformuleerde ma{lx} "',16;@EJOTY^chmrw|l "(.4:@LFrRX^djpv|q     +6GJMNUZaf!l$q'u(v*z+|,./0234678:<=>?ABDFGHJKLMOPRSTUV W Y[]^ _#b-d5e?nfflrx~ &,28>DJPV\bhntz "(.4:@FLX^djpv|RBDEHIJKLNOP RTWYZ![#\&]*^._2`4b8c;e?fAhDiFjGkIlKnNpRrUuXvZw\x^ya|f}hlnpsx{   !"%#'(*,-./0123468Ă9ǂ:ɂ;Qʂ@̂CӂEւG؂IڂK܂L݂N߂OPQRTUVWYZ[]^`bcdfhj ngelegenheid / woonruimte, beschikbaar zal komen. Hoe zullen de in het betreffende gebied opererende makelaar(s) deze ontwikkeling in hun marketingplanning opnemen ? Zij zullen dit opnemen als een .....Strategische_optieBedreigingKans- In de casus is sprake van een nieuwe contractuele_samenwerkingsvorm m.b.t. een nieuwe marketinggerichte onderneming(en) alsmede van een wijziging van gemeentelijke regelgeving - in combinatie met toenemende woongelegenheid in de agrarische gebied(en) van die gemeente - bovendien is er sprake van: hoe dit op te nemen in een marketingplanning - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: marketingconcept, marketingproces, marketingplanning en marketingstrategie / strategisch_planningproces - Wijziging in regelgeving waardoor een versoepeling optreedt in bijvoorbeeld de gebruiksmogelijkheden van bepaalde zaken, hetgeen - kan leiden tot een situatie waarin meer personen / klant(en) / afnemer(s) belangstelling voor die bepaalde zaken zullen hebben, zodat - de kans(en) voor onderneming(en) die daaraan gerelateerde ( commercile ) activiteit(en) hebben, zullen toenemen, zodat - makelaar(s) in dat gebied m.b.t. hun marketingplanning, hun SWOT_analyse zullen moeten aanpassen m.b.t. de - kans(en) voor bemiddeling m.b.t. woonruimte, omdat - die kans(en) voor de betreffende makelaar(s) in dat gebied zullen toenemen - Kans(en) en bedreiging(en) voor een onderneming zijn het gevolg van verandering(en) buiten de onderneming ( de externe_factor(en) ), terwijl - de sterkte(n) en de zwakte(n) van een onderneming voortvloeien uit interne_factor(en); zie daartoe ook de SWOT_analyse - Een versoepeling leidt in dit geval NIET tot een bedreiging - Het is ook geen strategische_optie, want de makelaar(s) zijn al in het gebied actief, daarom - is het hoogstens een tactische_optie Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655 ''I[5A 1!    - Examen Economie 2005 - IVraag44Vraag44CEen drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschapppelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken. De gemeentelijke overheid ter plaatse heeft besloten de regelgeving met betrekking tot het wonen in het agrarische gebied van de gemeente te versoepelen zodat daar, voor grotere groep(en) mensen, meer woo punt(en) en kans(en) voor de hand ?Terugtrekken en verdere, nieuwe samenwerking zoekenUitbuiten en groeienVerdedigen en concurreren m.b.v. de sterke punt(en)- In de casus is sprake van een strategische_optie in combinatie met een aantal alternatieven die uit een SWOT_Analyse kunnen voortvloeien - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: marketingconcept, marketingproces, marketingplanning en marketingstrategie / strategisch_planningproces - UIt de SWOT_analyse, zijnde een onderdeel / bestanddeel van het strategisch_planningproces, volgt een overzicht van de sterke_punt(en) ofwel Strenghts alsmede van de zwakke_punt(en) ofwel Weaknesses van de nieuwe samenwerkingsvorm, waarbij - de versoepeling juist nieuwe kans(en) biedt voor de nieuwe samenwerkingsvorm met hun sterkte(n), zodat - terugtrekken, of verdedigen ( iets dat men zou kunnen doen in een situatie van bedreiging ) hier NIET aan de orde is Het meest juiste antwoord is daarom b y-3655 `\5Aas5s=    - Examen Economie 2005 - IVraag45Vraag45BEen drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschappelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken. De gemeentelijke overheid ter plaatse heeft besloten de regelgeving met betrekking tot het wonen in het agrarische gebied van de gemeente te versoepelen zodat daar, voor grotere groep(en) mensen, meer woongelegenheid / woonruimte, beschikbaar zal komen. Welke strategische_optie ligt voor de nieuwe samenwerkingsvorm m.b.t. het combineren van sterke"%baar zal komen. Door het delen en benutten van de door de deelnemende makelaar(s) gemeenschapppelijk, in de nieuwe samenwerkingsvorm, ingebrachte kennis en ervaring, kunnen nieuwe dienst(en) worden geleverd en nieuwe markt(en) worden betreden. Tevens werden door de samenwerking, het aantal concurrent(en) verminderd en het ( gezamenlijke ) marktaandeel verhoogd. Welke van de onderstaande alternatieven is juist m.b.t. de hierboven geschetste ontwikkeling, in term(en) van de product_markt_matrix ofwel groeimatrix ofwel product_markt_matrix van Ansoff ?ProductontwikkelingMarktpenetratieDiversificatie- In de casus is sprake van nieuwe dienst(en) en nieuwe markt(en) in combinatie met de groeimatrix van Ansoff - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: marketingconcept, marketingproces, marketingplanning en marketingstrategie / strategische_alternatieven / groeistrategie - De groeimatrix ofwel product_markt_matrix van Ansoff, die de product_markt_combinatie(s) ( ook wel afgekort tot PMC ) beschrijft - handelt over een product, of een groep product(en), of dienst(en), in combinatie met de markt(en), of marktsegment(en) waarop die product(en), of dienst(en) worden afgezet - waarbij het fenomeen van de introductie van de combinatie van nieuwe product(en) / dienst(en) en nieuwe markt(en), waarvan in dit geval sprake is, in de groeimatrix van Ansoff is aangeduid als " Diversificatie " - M.b.t. de product_markt_combinatie(s) ofwel de groeimatrix van Ansoff, komen naats de hier geldende $ Diversificatie $ ook nog de volgende fenomenen voor, namelijk: - Productontwikkeling, zijnde nieuwe_product(en) in bestaande_markt(en), en in deze opgave niet van toepassing - Marktpenetratie, zijnde bestaande_product(en) in bestaande_markt(en), en in deze opgave niet van toepassing - Marktontwikkeling, zijnde bestaande_product(en) in nieuwe_markt(en), en in deze opgave niet van toepassing Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655 i]5A 3+)7    - Examen Economie 2005 - IVraag46Vraag46CEen drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschapppelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken. De gemeentelijke overheid ter plaatse heeft besloten de regelgeving met betrekking tot het wonen in het agrarische gebied van de gemeente te versoepelen zodat daar, voor grotere groep(en) mensen, meer woongelegenheid / woonruimte, beschik$( hun gemeenschapppelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken. De gemeentelijke overheid ter plaatse heeft besloten de regelgeving met betrekking tot het wonen in het agrarische gebied van de gemeente te versoepelen zodat daar, voor grotere groep(en) mensen, meer woongelegenheid / woonruimte, beschikbaar zal komen. Druk op de rode knop rechtsonder om de volledige CASUS te tonen Welke van onderstaande alternatieven is juist m.b.t. het te hanteren productbeleid voor de samenwerking in de introductiefase ?zo spoedig mogelijk verliesgevende nieuwe dienst(en) afstotenin het begin een beperkt aantal basisdienst(en) aanbiedenzoveel mogelijk nieuwe dienst(en) op de markt brengen, om de klant te kunnen laten kiezen- In de casus is sprake van nieuwe dienst(en) en nieuwe markt(en) in combinatie met het te hanteren productbeleid - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: productbeleid - )Omdat hier sprake is van nieuwe dienst(en) en nieuwe markt(en) is er tevens sprake van een verhoogd risico, omdat - beide nieuwe fenomenen ( nieuwe dienst(en) en nieuwe markt(en) ) voor de nieuwe samenwerkingvorm in mindere of meerdere mate onbekend terrein zijn, waarbij - tevens de eisen en wens(en) van de potentile_gebruiker(s) / afnemer(s) / klant(en) nog niet bekend zijn, zodat - het onder die omstandigheden het beste is om voorzichtig te beginnen, en - zodoende met een beperkt aantal nieuwe dienst(en) aan te vangen Het meest juiste antwoord is daarom b yCASUS Een drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschapppelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken. De gemeentelijke overheid ter plaatse heeft besloten de regelgeving met betrekking tot het wonen in het agrarische gebied van de gemeente te versoepelen zodat daar, voor grotere groep(en) mensen, meer woongelegenheid / woonruimte, beschikbaar zal komen. Door het delen en benutten van de door de deelnemende makelaar(s) gemeenschapppelijk, in de nieuwe samenwerkingsvorm, ingebrachte kennis en ervaring, kunnen nieuwe dienst(en) worden geleverd en nieuwe markt(en) worden betreden. Tevens werden door de samenwerking, het aantal concurrent(en) verminderd en het ( gezamenlijke ) marktaandeel verhoogd. De nieuwe samenwerkingsvorm heeft nu de keuze uit een aantal productvariant(en) m.b.t. nieuwe dienst(en) die zij op de markt kan zetten, waarbij echter nog onvoldoende in kaart was gebracht welke wens(en) de klant nu precies heeft. Welke van onderstaande alternatieven is juist m.b.t. het te hanteren productbeleid voor de samenwerking in de introductiefase ?-3655 P^8Aa?y   - Examen Economie 2005 - IVraag47Vraag47BEen drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende',groeifase van de betreffende ( nieuwe ) dienst(en) ?merkvoorkeurmerktrouwmarktpenetratie- In de casus is sprake van een in de omgeving ( gewaardeerd ) merk in combinatie met de nieuwe samenwerkingsvorm - bovendien is er de vraag op welke aspect(en) de nieuwe samenwerking de nadruk moet leggen in relatie tot de groeifase van de betreffende ( nieuwe ) dienst(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: marketing van dienst(en) / communicatiebeleid - Aangezien de nieuwe samenwerkingsvorm nog betrekkelijk nieuw is, kan nog GEEN sprake zijn van merktrouw, want merktrouw veronderstelt een langere aanwezigheid van een ( gewaardeerd ) merk in de markt - Marktpenetratie is een situatie die overeenkomt met de ( verdere ) introductie ( al of niet door een nieuwe firma ) van een bestaand_product in een bestaande_markt, en - daar is hier geen sprake van, want - in dit geval gaat het om nieuwe product(en) / dienst(en) en nieuwe markt(en) - Middels communicatie- / dienstenmarketing / promotiebeleid / promotiemix ofwel communicatiemix / promotie_instrument dienen de aspect(en): " netwerkorganisatie met knowhow, partner(s) in " groen en rood ", en allround advies " bij de doelgroep(en) onder de aandacht te worden gebracht zodat merkvoorkeur ontstaat Het meest juiste antwoord is daarom ayCASUS Een drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschapppelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken. De gemeentelijke overheid ter plaatse heeft besloten de regelgeving met betrekking tot het wonen in het agrarische gebied van de gemeente te versoepelen zodat daar, voor grotere groep(en) mensen, meer woongelegenheid / woonruimte, beschikbaar zal komen. Door het delen en benutten van de door de deelnemende makelaar(s) gemeenschapppelijk, in de nieuwe samenwerkingsvorm, ingebrachte kennis en ervaring, kunnen nieuwe dienst(en) worden geleverd en nieuwe markt(en) worden betreden. Tevens werden door de samenwerking, het aantal concurrent(en) verminderd en het ( gezamenlijke ) marktaandeel verhoogd. De nieuwe samenwerkingsvorm heeft nu de keuze uit een aantal productvariant(en) m.b.t. nieuwe dienst(en) die zij op de markt kan zetten, waarbij echter nog onvoldoende in kaart was gebracht welke wens(en) de klant nu precies heeft. Een positioneringsonderzoek m.b.t. de nieuwe samenwerkingsvorm laat zien dat deze al snel een merk in de omgeving is geworden dat staat voor een netwerkorganisatie met knowhow, partner(s) in " groen en rood ", en allround advies. Welke van onderstaande alternatieven is juist m.b.t. de vraag op welk aspect de samenwerking de nadruk moet leggen in relatie tot de groeifase van de betreffende ( nieuwe ) dienst(en) ?-3655 [_6A%+} I  - Examen Economie 2005 - IVraag48Vraag48AEen drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschapppelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken ......................... Druk op de rode knop rechtsonder om de volledige CASUS te tonen Welke van onderstaande alternatieven is juist m.b.t. de vraag op welk aspect de samenwerking de nadruk moet leggen in relatie tot de +0ek dat het beste uitgevoerd zou kunnen worden m.b.t. tot deze vraag ?kwantitatief motivatieonderzoek via een schriftelijke enqutedesk_research vanuit bestaand onderzoekkwalitatief motivatieonderzoek- In de casus is sprake van een onderzoek na een jaar, in term(en) van motieven, denkwijze en onderbewustzijn van het individu, in combinatie met de positionering van de samenwerkingsvorm in de markt - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: primair_marktonderzoek ( field_research ); secundair_marktonderzoek - Bij kwantitatief_onderzoek zijn de cijfer(s) en getal(len) centraal gesteld, met kental(len) betreffende: hoeveel; wanneer; waar ? - Bij kwalitatief_onderzoek staan de motieven en denkwijze(n) ( = waarom; hoe ? ) centraal en niet de getal(len) - Bij desk_research ofwel secundair_marktonderzoek handelt het vaak niet om recente informatie betreffende een betrekkelijk recente klantenkring uit de eigen omgeving ( omdat die wellicht niet beschikbaar is ), maar ( veelal ) om ( geda1teerde ) gegevens uit andere omgeving(en) of grotere regio(s) Het meest juiste antwoord is daarom c yCASUS Een drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschappelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken. De gemeentelijke overheid ter plaatse heeft besloten de regelgeving met betrekking tot het wonen in het agrarische gebied van de gemeente te versoepelen zodat daar, voor grotere groep(en) mensen, meer woongelegenheid / woonruimte, beschikbaar zal komen. Door het delen en benutten van de door de deelnemende makelaar(s) gemeenschappelijk, in de nieuwe samenwerkingsvorm, ingebrachte kennis en ervaring, kunnen nieuwe dienst(en) worden geleverd en nieuwe markt(en) worden betreden. Tevens werden door de samenwerking, het aantal concurrent(en) verminderd en het ( gezamenlijke ) marktaandeel verhoogd. De nieuwe samenwerkingsvorm heeft nu de keuze uit een aantal productvariant(en) m.b.t. nieuwe dienst(en) die zij op de markt kan zetten, waarbij echter nog onvoldoende in kaart was gebracht welke wens(en) de klant nu precies heeft. Een positioneringsonderzoek m.b.t. de nieuwe samenwerkingsvorm laat zien dat deze al snel een merk in de omgeving is geworden dat staat voor een netwerkorganisatie met knowhow, partner(s) in " groen en rood ", en allround advies. Na een jaar wil de nieuwe samenwerkingsvorm inzicht krijgen of de betreffende ( destijds gunstige ) positionering in de lokale markt nog steeds geldig is, in term(en) van motieven, denkwijze en onderbewustzijn van het individu m.b.t. de ( bestaande ) klant(en) uit de doelgroep. Welke van onderstaande alternatieven is juist m.b.t. het type onderzoek dat het beste uitgevoerd zou kunnen worden m.b.t. tot deze vraag ?-3655 PP`7A'[IO   - Examen Economie 2005 - IVraag49Vraag49CEen drietal makelaar(s), die allen werkzaam zijn in een bepaald gebied, met ieder met hun eigen specialisme, respectievelijk: woning(en); recreatie_onderneming(en) en agrarische object(en), besluiten tot een contractuele_samenwerkingsvorm, om zodoende hun gemeenschapppelijk ingebrachte kennis beter te kunnen benutten, en om zodoende tot betere bedrijfsprestatie(s) te kunnen komen. Zij gaan gezamenlijk plannen maken ......................... Druk op de rode knop rechtsonder om de volledige CASUS te tonen Welke van onderstaande alternatieven is juist m.b.t. het type onderzo/rijf produceert, of gaat produceren, bepaalt het marktsegment waarin dat bedrijf eventueel kan opereren, waarbij - het bedrijf zijn positie /positionering in dat marktsegment m.b.t. de door hun geproduceerde product(en) kan gaan bepalen / aanpassen middels 1. specifieke ( al of niet nog aan te passen, of nog te ontwikkelen ) nieuwe eigenschap(pen) van het product, leidend tot productdifferentiatie / productvariant(en) 2. de prijsstelling van de product(en) in verhouding met de prijzen van de concurrent(en) / concurrentiegeorinteerde_prijsstelling - Na marktsegmentering kan eerst ook nog prijssegmentering optreden, - waarbij de producent binnen een gekozen deelmarkt, een prijssegment selecteerd, en - zich dan binnen een gekozen prijssegment gaat positioneren m.b.t. de ( overige ) eigenschap(pen) van zijn product(en) - Dus eerst segmentering en dan positionering Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655 uHb6AeS    - Examen Economie 2005 - IVraag51Vraag51AWelke di5a7AO}     - Examen Economie 2005 - IVraag50Vraag50CWelke van onderstaande alternatieven is juist m.b.t. de begrippen segmentering en positionering ?Segmentering en positionering vinden gelijktijdig plaatsPositionering geschiedt eerst, waarna segmentering plaatsvindtSegmentering geschiedt eerst, waarna positionering plaatsvindt- In de casus is sprake van segmentering en positionering in combinatie met het al of niet gelijktijdig plaatsvinden daarvan - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: productbeleid, prijsbeleid, plaatsbeleid, concurrentie - Het type product dat een bed3stributievorm(en), m.b.t. een voor een onderneming te kiezen en toe te passen distributiestrategie, kunnen worden onderscheiden ?Intensieve_distributie, selectieve_distributie en exclusieve_distributieGewogen_distributie en numerieke_distributieMarktbereik en distributiespreiding- In de casus is sprake van een distributievorm in combinatie met een door een onderneming te kiezen distributiestrategie - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: distributie_beleid ofwel plaatsbeleid - M.b.t. de distributie van de goederen over de potentile verkooppunt(en) / distributiepunt(en) kan de producent kiezen uit een aantal distributievorm(en), en wel: - Intensieve_distributie, selectieve_distributie of exclusieve_distributie - De begrippen " gewogen_distributie " en " numerieke_distributie " zijn begrippen die meer in de statistiek thuishoren en niet in de plaatsmix ofwel distributiemix m.b.t. de marketing Het meest juiste antwoord is daarom a y-3655 ;c+YDs'A- Examen Economie 2005 - IVraag46'A- Examen Economie 2005 - IVraag47'A- Examen Economie 2005 - IVraag48'A- Examen Economie 2005 - IVraag49'A- Examen Economie 2005 - IVraag50'A- Examen Economie 2005 - IVraag51'A- Examen Economie 2005 - IVraag52'A- Examen Economie 2005 - IVraag53'A- Examen Economie 2005 - IVraag54'A- Examen Economie 2005 - IVraag55-O- Examen Makelaardijleer 2006 - IExamen.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag01.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag02.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag03.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag04.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag05.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag06.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag07.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag08.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag09de theorie bij: Gedrag van de consument / psychologische invloeden / de attitude - Het conatieve_aspect heeft betrekking op het gedragsaspect van de potentile_gebruiker, waarbij - men een bepaald gedrag / actie en wel met name het koopgedrag van de potentile_gebruiker wil benvloeden, en - dat wordt het beste bereikt met een actiereclame, want - actiereclame is er met name gericht op de directe benvloeding van het gedrag van de consument en gericht op het stimuleren van aankopen / aankoop / koop / koop_intentie - Themareclame is met name bedoeld om de kennis omtrent een product, of een dienst te vergroten en de affectie van de doelsgroep positief te benvloeden, en - NIET zozeer om direct het koopgedrag te benvloeden - Institutionele_reclame is niet gericht op een product of een dienst, maar op een onderneming / instelling / organisatie, en - behelst dus meer de corporate_advertising Het meest juiste antwoord is daarom by-3655 Wc5A7%%9m    - Examen Economie 2005 - IVraag52Vraag52BEen bedrijf wil een eenmalige advertentie in een streekblad plaatsen en zodoende met name het conatieve_aspect m.b.t. de te verlenen dienst benadrukken ofwel een conatief_doel m.b.t. de potentile_afnemer(s) / potentile_gebruiker(s) bereiken. Welke van de onderstaande alternatieven is het meest effectief m.b.t. de gewenste doelstelling ?ThemareclameActiereclameInstitutionele_reclame- In de casus is sprake van een advertentie in combinatie met het conatieve_aspect - daarom kijken / zoeken in 7:. De vrouw stapt naar een makelaar om haar licht op te steken m.b.t. de beschikbaarheid en betaalbaarheid van wat ruimere woning(en) in de koopsector. Welke van onderstaande alternatieven is juist m.b.t. het type behoefte waarop de motivatie van de vrouw is gericht volgens de motivatietheorie van Maslow ? Behoefte aan veiligheid en zekerheidBehoefte aan erkenning en respectSociale_behoefte- In de casus is sprake van een behoefte / motivatie in combinatie met de behoefte_hirarchie_van_Maslow - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: gedrag van de consument / motivatie - De behoefte aan veiligheid en zekerheid is het tweede niveau in het schema van de behoefte_hirarchie_van_Maslow, maar - het gezin heeft al een huis en het gezin is dit niveau dus reeds ontstegen - De behoefte aan erkenning en respect betreft het derde niveau in het schema fase, waarin de man / de vrouw / het gezin wil trachten zich boven de anderen van de groep uit te werken en erkenning / respect / status te verkrijgen, maar - ook al zouden ze een groter, eigen huis ( gaan ) bezitten, dan zijn ze nog pas op het niveau van de omgeving aangeland en stijgen ze er nog niet boven uit wat het aspect woning betreft, dus erkenning en respect is nog niet aan de rode - erkenning en respect komen pas aan de orde als de man zijn studie af heeft en de begeerde baan met aanzien heeft verworven en de familie een nog groter huis of villa dan de omgeving of de groep heeft verkregen - De sociale_behoefte ( waaronder: gezelligheid, bij een groep willen horen, zich thuis voelen ) waar ook het gezinsgeluk ofwel het vermijden van het ongelukkig zijn met de huidige woonsituatie / gezinssituatie onder valt, lijkt het meest van toepassing in deze situatie, want - door het verwerven van en groter huis krijgen ze het gezelliger en voelen ze zich meer thuis en horen ze bij de groep die ook een groter huis heeft Het meest juiste antwoord is daarom cy-3655 ae5As#?;+    - Examen Economie 2005 - IVraag54Vraag54BEen gezin woont met hun 4 kinderen in een ( krappe ) flat, waarbij het jongste kind bij de ouder(s) op de kamer slaapt. De man volgt een deeltijdstudie om hogerop te komen en de vrouw verdient $s-avonds iets bij. De vrouw voelt zich ietwat ongelukkig met de huidige wen Hilde Dijkema zijn gehuwd en zijn tevens de enige eigenaren van een makelaarskantoor. Zij zijn beiden hoofdelijk_aansprakelijk voor alle schuld(en) van de onderneming. Welke ondernemingsvorm heeft deze onderneming ? Een besloten_vennootschap Een vennootschap_onder_firma Een commanditaire_vennootschap - In de casus is sprake van een hoofdelijk_aansprakelijk in combinatie met ondernemingsvorm - daarom zoeken in de theorie bij: ondernemingsvorm - Bij een B.V. zijn de eigenaren / aandeelhouder(s) / bestuurder(s) niet hoofdelijk_aansprakelijk voor de schuld(en) van de B.V. , maar de B.V. zelf is aansprakelijk, behoudens bij onbehoorlijk bestuur van de bestuurder(s) - Bij een C.V. is een van de echtgenoten de commandiet en die commandiet is slechts aansprakelijk tot de hoogte van het door hem / haar ingebrachte vermogen - Bij een VOF zijn beide vennoten hoofdelijk_aansprakelijk ( WvK 18 ) Het meest juiste antwoord is dus By3655   xh5O+U]k    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag01Vraag01BIs het toegestaan dat een makelaar-verkoper bij een koop- / verkooptransactie met een natuurlijk_persoon, niet zijnde iemand die handelt in de uitoefening van beroep of bedrijf, in de Algemene_Voorwaarden een beding hanteert dat voorkomt op de zogenoemde zwarte_lijst ? NeeJa, mB1g5O SAGK/   - Examen Makelaardijleer 2006 - IExamenExamenKees @aar dit beding is vernietigbaarJa, maar uitsluitend bij beperkt gebruik- In de casus is sprake van Algemene_Voorwaarden in combinatie met een beding en een overeenkomst, dus BW 6 is hier van toepassing - bovendien doet de term zwarte_lijst vermoeden dat een beding van de zwarte_lijst wellicht onredelijk_bezwarend is - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " Algemene_Voorwaarden, onredelijk bezwarende bedingen " - er wordt dan verwezen naar BW 6:236 ev - de artikelen over de Algemene_Voorwaarden zelf beginnen bij BW 6:231 ev ( in afdeling 3 van BW 6 ) - De zogenoemde zwarte_lijst is te vinden in BW 6:236 en bevat een aantal beding(en) die in Algemene_Voorwaarden kunnen voorkomen, maar welke door de wetgever als onredelijk_bezwarend worden beschouwd - In BW 6:233 is vermeld dat een beding in de Algemene_Voorwaarden van een overeenkomst dat onredelijk_bezwarend is, vernietigbaar is Het meest juiste antwoord is daarom By-3655rkoop ) als er niet meer wordt betaald door de hypotheekgever ( = de onroerende_zaak bezitter die een hypothecaire_lening heeft verkregen van de geldschieter met de onroerende_zaak als hypotheek = zekerheidstelling ) - De hypotheeknemer ( de geldgever ) ontvangt de grosse van de hypotheekakte van de notaris en gaat die grosse gebruiken als de hypotheeknemer in verzuim is ( dus niet meer betaalt / kan betalen / wil betalen ) - hypotheeknemer kan gedwongen verkopen ( parate_executie / executoriale_verkoop ) zonder tussenkomst van rechter, want - een grosse is een bij de wet als executoriale_titel aangewezen stuk ( zoals vonnis ), met aanhef "In naam des konings, etc." - grosse(n) kunnen niet ten uitvoer worden gelegd dan na betekening aan de partij tegen wie de executie zich richt ( Rv 430-3 ) - de deurwaarder betekent ( = overhandigt een afschrift van de grosse ) aan de partij tegen wie de executie zich richt Het meest juiste antwoord is daarom By-3655 cci8O3-    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag02Vraag02BBij welk van onderstaande alternatieven is er sprake van een grosse ? Bij een executoriale_titel ten behoeve van de hypotheekgeverBij een executoriale_titel ten behoeve van de hypotheeknemerBij een zakelijk uittreksel van een hypotheekakte ten behoeve van de hypotheeknemer- In de casus is sprake van een grosse in combinatie met executoriale_titel - een grosse is een afschrift van een notarile_akte ( = authentieke_akte ) met een executoriale_titel m.b.t. uit die akte blijkende vorderingsrecht(en) van de ene partij op de andere partij - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " grosse "; er wordt dan verwezen naar I.3 Rv art. 430 en VI.4 art. 50 - De hypotheeknemer ( = de geldschieter; de bank, etc. ) heeft er een belang bij om te kunnen executeren ( gedwongen_veCtieve_verplichting in combinatie met een verkrijger van een onroerende_zaak - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij kwalitatieve_verplichting(en) - er wordt dan verwezen naar BW 6:252 - In BW 6:252-1 is vermeld onder meer dat: " Bij een overeenkomst kan worden bedongen dat de verplichting van een der partij(en) om iets te dulden of niet te doen ten aanzien van een aan haar toebehorend registergoed , zal overgaan op degenen die het goed onder bijzondere_titel zullen verkrijgen, en dat medegebonden zullen zijn degenen die van de rechthebbende een recht van gebruik van dat goed zullen verkrijgen. " - een kwalitatieve_verplichting moet worden aangegaan bij notarile_akte en moet worden ingeschreven in de openbare_registers ( BW 6:252-2 ) - kwalitatieve_rechten hoeven, in tegenstelling tot kwalitatieve_verplichting(en) niet te worden ingeschreven in de openbare_registers Het meest juiste antwoord is daarom By-3655 oj8O 9CsG    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag03Vraag03BBij een koopovereenkomst betreffende een woonhuis kan een kwalitatieve_verplichting worden bedongen. Welke van onderstaande beweringen ten aanzien van een kwalitatieve_verplichting is juist ?Het betreft een verplichting van de opvolgende verkrijger om iets te dulden of te doenHet betreft een verplichting van de opvolgende verkrijger om iets te dulden of niet te doenHet betreft een verplichting die, om tot stand te komen, niet hoeft te worden ingeschreven in de openbare_registers- In de casus is sprake van een kwalitaE  \k5Omgkwm    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag04Vraag04BOp welke wijze wordt bij een onderhandse_verkoop van een onroerende_zaak de betaling van de koopsom gekwiteerd ?Door middel van een afschrift van de koopakteDoor middel van een passage in de leveringsakteDoor middel van de nota van afrekening van de notaris- In de casus is sprake van kwitering in combinatie met onderhandse_verkoop van een onroerende_zaak - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Kwitering van de koopsom van een onroerende_zaak geschiedt middels een passage in de leveringsakte ( = transportakte ) - de leveringsakte is een notarile_akte, een authentieke_akte - Indien de kwitering niet is opgenomen als een passage in de leveringsakte, dan aparte notarile_akte daartoe ( = kwiteringsakte ) Het meest juiste antwoord is daarom By-3655 notaris in combinatie met transportakte - bovendien is hier sprake van een familierelatie tussen een aantal betrokkene(n) bij het uitvoeren van de transactie van levering - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij notarisambt in relatie tot de bevoegdheid en de uitoefening van het notarisambt - er wordt dan verwezen naar de VI.4 Wet op het Notarisambt ( VI.4 Wna ) art. 2 ev, art. 16 ev - bij de uitoefening van het notarisambt in Titel III van de Wna is het volgende te vinden: - Art. 19-1 Wna zegt: " De notaris mag geen akte verlijden waarin hijzelf, zijn echtgenoot of een bloed- of aanverwant tot en met de derde_graad hetzij in persoon of door een vertegenwoordiger, als partij optreedt. Evenmin mag de notaris een akte ....... " - het is dus niet toegestaan - de plaats waarin de akte wordt verleden is vrij te kiezen en verder niet van belang bij deze vraag Het meest juiste antwoord is Ay-3655 ??5l6O9G7    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag05Vraag05AU verkoopt een huis dat is gelegen in Groningen. De koper vraagt of zijn dochter, die notaris is in Maastricht, de akte van levering mag verlijden. Wat dient u de koper te antwoorden ? Dit is niet toegestaanDit is zonder meer toegestaanDit is uitsluitend toegestaan na toestemming van de Kamer_van_Toezicht- In de casus is sprake van eenH gaat hier dus om de eigendomsoverdracht bij onteigening en dat kan pas in de fase na vaststelling van de schadeloosstelling en verder - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij onteigening, schadeloosstelling - er wordt dan verwezen naar Onteigeningswet_(_OW_) art. 55 ev - dus verder zoeken in de kantlijn naar: " inschrijving_vonnis " - OW 59-3 bepaalt dat: " In geval van onteigening van een onroerende_zaak gaat door inschrijving van het vonnis de eigendom op de onteigenaar over, vrij van alle met betrekking tot de onroerende_zaak bestaande lasten en recht(en). ....... . Aldus waardeloos geworden inschrijving(en) van hypotheken en beslag(en) worden ambtshalve doorgehaald .......( dus geen aparte akte_van_waardeloosheid nodig ) ..... . Alleen erfdienstbaarheid / erfdienstbaarheden kunnen op de zaak gevestigd blijven. Zij dienen daartoe in het vonnis te worden opgenomen; .... " Het meest juiste antwoord is Ay-3655 66Ln7O%9     - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag07Vraag07CLOm6OaYo3+    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag06Vraag06AWorden bij het inschrijven van een vonnis tot onteigening in de openbare_registers ook de hypothecaire_inschrijving(en) en eventueel ingeschreven beslag(en) doorgehaald ?Ja, deze worden ambtshalve doorgehaaldDit is afhankelijk van het in het vonnis bepaaldeNee, in het Koninklijk_Besluit met betrekking tot onteigening wordt dit uitgesloten- In de casus is sprake van een inschrijving in de openbare_registers in combinatie met rechterlijk_vonnis_tot_onteigening en doorhaling - hetJWie is bevoegd een akte_van_levering ter inschrijving van een registergoed te doen inschrijven in de daartoe bestemde openbare_registers ? Uitsluitend de notarisUitsluitend de notaris en de verkrijger van het registergoedDe notaris, de vervreemder of de verkrijger van het registergoed- In de casus is sprake van een inschrijving van een registergoed in de openbare_registers bij het kadaster - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen ingang te vinden - het gaat hier om verlies en verkrijging van goederen - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: Levering onroerende_zaken - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 3:89, waar is vermeld: - ..... Zowel de verkrijger als de vervreemder kan de akte doen inschrijven ( BW 3:89-1 ) - echter, de notaris kan dit ook doen na een in de akte opgenomen volmacht van de vervreemder en de verkrijger Het meest juiste antwoord is dus Cy-3655er ingevolge artikel 3:20 BW is geweigerd, is ingeschreven in register 4, deel 10237 en nummer 1- In de casus is sprake van een kadastraal_bericht en een inschrijving van leveringsakte betreffende een registergoed - bovendien worden hier een Register, Deel, Nummer genoemd - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Leveringsakte(n) worden in Register 4 ( = Hypotheken_nr_4 = een openbaar_register ) van het kadaster ingeschreven - elk Register bevat een aantal doorgenummerde Delen ( hier dus Deel 10245 ) - elk Deel bevat maximaal ongeveer 200 Nummers ( de individuele akte(n) ); hier dus Nummer 1 - Hypotheekakte(n) worden in Register 3 van het kadaster ingeschreven - Door de bewaarder geweigerde_akte(n) worden in Register 4D ( = Hypotheken_nr_4D = Register van voorlopige_aantekening ) van het kadaster ingeschreven Het meest juiste antwoord is dus Ay-3655 nnp8Oem    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag09Vraag09AIn welke situatie is na inschrijving bij het Kadaster, de koopsom van een woning niet in de akte opgenomen ?Als het een verkrijging uit verklaring_van_erfrecht betreftAls het een woning betreft die door de voormalige huurder is gekochtAls de economische_eigendom en de juridische_eigendomOvo8OQWo9    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag08Vraag08AOp het kadastraal_bericht komt onder andere de aantekening voor: " Recht ontleend aan: 4 10237/1 ". Wat houdt dit in ? De akte_van_levering van een onroerende_zaak is ingeschreven in register 4, deel 10237 en nummer 1De akte_van_levering van de voorgaande eigenaar is ingeschreven in register 4, deel 10237 en nummer 1De voorlopige_aantekening(en) van stukken waarvan de inschrijving door de bewaardM van de woning op verschillende tijdstippen zijn overgegaan- In de casus is sprake van een koopsom van een woning en een inschrijving van een akte_van_levering - bovendien is de koopsom van de woning NIET in de akte genoemd - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Onroerende_zaken kunnen worden verkregen door koop of anderszins - bij koop wordt de koopprijs op de transportakte vermeld i.v.m. de betaling van de overdrachtsbelasting, etc. - anderszins kan een onroerende_zaak zonder betaling worden verkregen middels erfrecht of door vermenging ( van de gemeenschap bij huwelijk, etc. ), of bij boedelscheiding ( verdeling van de boedel na echtscheiding ) - bij een verkrijging middels erfrecht moet de onroerende_zaak wel worden getaxeerd i.v.m. eventuele betaling van successierecht(en), etc. Het meest juiste antwoord is dus A y-3655Qlening mag als eigenwoningschuld worden gekwalificeerd en welk gedeelte mag in box 3 van het vermogen worden afgetrokken ? ( geen rekening houden met kosten van vervreemding en aankoop ) De eigenwoningschuld wordt Euro 50.000,--, het restant ad Euro 300.000,-- gaat naar box 3De eigenwoningschuld wordt Euro 140.756,--, het restant ad Euro 209.244,-- gaat naar box 3De eigenwoningschuld wordt Euro 259.244,--, het restant ad Euro 90.756,-- gaat naar box 3- In de casus is sprake van een eigenwoningschuld - de rente van die eigenwoningschuld mag in box 1 worden afgetrokken, waarbij - de eigenwoningschuld in de nieuwe situatie moet worden bepaald, en waarbij - het restant van de totale schuld in box 3 in mindering mag worden gebracht - Volgens de regel: nieuwe_eigenwoningschuld = nieuwe_schuld - eigenwoningreserve, waarbij eigenwoningreserve = vervreemdingssaldo - oude_eigenwoningschuld = 300.000 - 90.756 = 209.244 Euro nieuwe_eigenwoningschuld = nieuwe_schuld - eigenwoningreserve = 350.000 - 209.244 = 140.756 ( gaat naar box 1 ) - het restant van de nieuwe_schuld = 350.000 - 140.756 bedraagt 209.244 Euro ( = in deze opgave eigenwoningreserve ) - kan in mindering worden gebracht op het vermogen in box 3 - De oude_eigenwoningschuld ter grootte van Euro 90.756,- had een maximale looptijd m.b.t. de renteaftrek tot 1 januari 2031 ( = 30 jaar na 1 januari 2001 ), daarom: - een deel van de nieuwe_eigenwoningschuld, ter grootte van: - de oude eigen_woningschuld van Euro 90.756,- blijft de looptijd tot 1 januari 2031 m.b.t, de renteaftrek in box 1 - het nieuwe gedeelte van de nieuwe_eigenwoningschuld, ter grootte van nieuwe_eigenwoningschuld - oude_eigenwoningschuld = 140.756 - 90.756 = 50.000 Euro geldt de maximale termijn voor de renteaftrek in box 1 tot 1 juli 2035 ( = 30 jaar na 1 juli 2005 Het meest juiste antwoord is dus B y-3655 $$hr7O%I}K    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag11Vraag11CEen koper van een woonhuis heeft gebruik gemaakt van het recht om tijdens de bedenktijd in het kader van de Wet_KOZ de koop te ontbinSXq8Ou?A?a    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag10Vraag10BDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Fiscaliteit Een echtpaar heeft in augustus 1993 een nieuwbouwwoning gekocht en ter financiering daarvan een hypothecaire_lening van Euro 90.756,-- afgesloten. Het betreft een aflossingsvrije_hypotheek. In juni 2005 koopt het echtpaar een grotere woning voor Euro 425.000,-- v.o.n., De opbrengst van de in dezelfde maand verkochte oude woning bedraagt Euro 300.000,--. De hypotheek wordt volledig afgelost. Ter financiering van de nieuwe woning wordt een nieuwe hypothecaire_lening van Euro 350.000,-- afgesloten. Welk gedeelte van de nieuwe hypothecaire_Pden. Na 2 maanden wordt opnieuw met deze koper een overeenkomst gesloten met betrekking tot hetzelfde woonhuis, echter tegen een lagere koopprijs. Heeft de koper opnieuw een bedenktijd van 3 dagen ?Ja, mits dit in de overeenkomst schriftelijk is vastgelegdJa, het betreft immers een geheel nieuwe overeenkomst en er kan geen afstand van worden gedaanNee, de bedenktijd kan slechts eenmaal worden gehanteerd- In de casus is sprake van een bedenktijd in het kader van de Wet_KOZ - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - De Wet_KOZ heeft relatie met BW 7:2 en handelt over de consumentenkoop van onroerende_zaken - in BW 7:2-2 is vermeld dat binnen 6 maanden, na een eerdere overeenkomst tussen dezelfde partij(en) en met betrekking tot dezelfde zaak, bij een nieuwe overeenkomst geen nieuw recht op de bedenktijd van 3 dagen ontstaat Het meest juiste antwoord is dus C y-3655 kind(eren) aan de heer Jager een niet aan een termijn gebonden kooprecht voor een koopprijs van Euro 150.000,--. Enige jaren later na het overlijden van mevrouw Bakker, wenst de heer Jager gebruik te maken van zijn kooprecht. Het huis is inmiddels Euro 350.000,-- waard geworden. Kan de heer Jager met succes een beroep doen op zijn kooprecht ? Ja, mits hij bereid is de minimale prijs van Euro 350.000,-- te betalenJa, omdat rechtsopvolger(s) onder algemene titel zijn gehouden aan de overeenkomst(en) van hun rechtsvoorganger(s)Nee- In de casus is sprake van een gemeenschap - bovendien is er sprake van beschikkingsbevoegdheid want er worden recht(en) vergeven aan anderen - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij gemeenschap, beschikkingsbevoegdheid - er wordt dan verwezen naar BW 3:175 en 3:190 - in BW 3:190 is dan vermeld dat voor dergelijke zaken toestemming van de overige deelgenoten nodig is Het meest juiste antwoord is dus C y-3655 qu8O1##7g    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag14Vraag14BWelke van de volgende bewering(en) ten aanzien van Algemene_Voorwaarden is juist ?Algemene_Voorwaarden zijn steeds van toepassing wanneer deze zijn gedeponeerd bij de Kamer_van_KooWct5O%ACM;    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag13Vraag13CWiVs7OqI    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag12Vraag12CMevrouw Bakker en haar 2 meerderjarige kind(eren) zijn na het overlijden van de heer Bakker, gezamenlijk eigenaar van een woonhuis. Dit huis wordt na het overlijden door mevrouw Bakker en de kind(eren) verhuurd aan de heer Jager. Mevrouw Bakker geeft kort daarna buiten medeweten van haarTe is / zijn hoofdelijk_aansprakelijk bij verkoop van een appartementsrecht voor de betaling van ( achterstallige ) bijdrage(n) van het lopende en voorafgaande boekjaar aan de Vereniging_van_eigenaars ? Uitsluitend de verkrijger Uitsluitend de vervreemder De verkrijger en de vervreemder - In de casus is sprake van een achterstallige betaling(en) aan de Vereniging_van_eigenaren, in verband met appartementsrecht(en) - bovendien is er sprake van een overgang van de eigendom van het betreffende appartementsrecht - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: $ appartementsrechten, overgang $ - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 5:122 - In BW 5:122-3 is vermeld dat: " Voor de ter zake van het verkregene verschuldigde bijdragen die in het lopende of het voorgaande boekjaar opeisbaar zijn geworden of nog zullen worden, zijn de verkrijger en de vroegere appartementseigenaar hoofdelijk_aansprakelijk " Het meest juiste antwoord is dus C y-3655phandel en bij de griffie van een gerechtAlgemene_Voorwaarden zijn van toepassing indien deze voor of bij het sluiten van de overeenkomst aan de wederpartij ter hand worden gesteldEen wederpartij is niet aan Algemene_Voorwaarden gebonden als de gebruiker begreep of moest begrijpen dat de wederpartij de inhoud daarvan niet kende- In de casus is sprake van Algemene_Voorwaarden en van de geldigheid / gebondenheid daarvan - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij " Algemene_voorwaarden, gebondenheid " - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 6:232 ev - BW 6:232 ontkracht echter antwoord c want de wederpartij is wel gebonden indien ... - verder kijken in de kantlijn; er is daar vermeld bij BW 6:234: " mogelijkheid kennisneming " - in BW 6:234-1-a is vermeld: " hetzij de Algemene_Voorwaarden voor of bij het sluiten van de overeenkomst aan de wederpartij ter hand heeft gesteld " Het meest juiste antwoord is dus B y-3655 ,v4OMIUY    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag15Vraag15AWaar staan de letters GIW voor ?Garantie_Instituut_Woningbouw Garantie_Instituut_Waarborgregeling Garantie_Instituut_Woningfinanciering - In de casus is sprake van de afkorting GIW - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - GIW is de afkorting voor Garantie_Instituut_Woningbouw Het meest juiste antwoord is dus A y-3655 ?n*YDs.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag11.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag12.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag13.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag14.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag15.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag16.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag17.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag18.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag19.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag20.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag21.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag22.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag23.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag24.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag25.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag26.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag27.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag28 vw5Oo+35U    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag16Vraag16CVoor de koopsubsidie in het kader van de Wet_bevordering_eigenwoningbezit gelden eis(en) aan de hypotheekvorm(en). Welke van onderstaande hypotheekvorm(en) is niet toegestaan ?Spaarhypotheek Lineaire_hypotheek Beleggingshypotheek - In de casus is sprake van een koopsubsidie en hypotheekvorm(en) - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Er moet een relatief zekere ( = laag risico ) hypotheekvorm worden gekozen - een beleggingshypotheek kent daarvoor teveel risico(s) Het meest juiste antwoord is dus C y-3655elen over de prijs en overige verkoopvoorwaarde(n). Aan Peter deelt zij mee, dat Euro 175.000,-- de uiterste prijs is die zij wil betalen. De verkoper en Peter komen een prijs van Euro 178.500,-- overeen. Wat is het gevolg van deze overeenkomst ? Elise is niet gebonden aan deze overeenkomstElise is Euro 178.500,-- verschuldigd aan de verkoperElise is Euro 175.000,-- verschuldigd aan de verkoper, Peter Euro 3.500,--- In de casus is sprake van het verschijnsel volmacht - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: $ volmacht, definitie, etc. $ - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 3:60 ev - BW 3:60 meldt: " Volmacht is de bevoegdheid die een volmachtgever verleent aan een ander, de gevolmachtigde, om in zijn naam rechtshandeling(en) te verrichten " - de hogere prijs die B met de verkoper is overeengekomen is dus gedaan in naam van A - A zit dus aan de overeenkomst tussen B en de verkoper vast Het meest juiste antwoord is dus B y-3655 4x6O#ew!1    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag17Vraag17BElise uit Duitsland, wordt door haar werkgever overgeplaatst naar Nederland. Zij wil een woning kopen. Aan de verkoper laat zij weten dat haar Nederlandse vriend Peter opdracht heeft om namens haar te onderhand[t onder de verplichting(en) van de verkoper en daarmee onder de algemene_bepaling(en) bij koop - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij koop: er wordt dan verwezen naar I.1 BW 7:1 - in de kantlijn verder zoeken naar conformiteit - In BW 7:17-1 is m.b.t. conformiteit vermeld: " De afgeleverde zaak moet aan de overeenkomst beantwoorden " - in BW 7:17-2 wordt verder ingegaan op, onder meer, : " Een zaak beantwoordt niet aan de overeenkomst indien zij, mede gelet op de aard van de zaak en de mededeling(en) die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen heeft die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten " - de mededeling(en) van de verkoper ten tijde van de verkoop zijn dus wel degelijk van belang m.b.t. de conformiteit van de zaak - in BW 7:21 zijn de mogelijkheden vermeld wat kan gebeuren bij non-conformiteit Het meest juiste antwoord is dus C y-3655 YYy7OQ9e/    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag18Vraag18CEen koper en verkoper sluiten een koopovereenkomst met betrekking tot een onroerende_zaak. In de overeenkomst is de volgende bepaling opgenomen: " Verkoper is niet bekend met enige verontreiniging welke in de weg staat aan het voorgenomen gebruik" Enige jaren nadien blijkt dat de bodem zwaar verontreinigd is en dat de verkoper dat ook heeft geweten. Kan de koper de verkoper met kans op succes aanspreken ? Nee, de verkoper heeft alle aansprakelijkheid uitgeslotenJa, de bepaling is krachteloos in alle gevallen waarin de bodem zwaar verontreinigd isJa, de bepaling is krachteloos wanneer de verkoper kennis van de verontreiniging had en deze heeft verzwegen- In de casus is sprake van een voorgenomen gebruik en dat duidt op een ter zake noodzakelijke conformiteit van de betreffende zaak, en - dat val]`kking tot bodemverontreiniging is juist ?Met betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging heeft de verkoper van het registergoed een informatieplicht en de koper een onderzoeksplichtMet betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging heeft de verkoper van het registergoed geen informatieplicht. Voor koper geldt een onderzoeksplichtMet betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging heeft de verkoper van het registergoed een informatieplicht. Voor koper geldt nooit een onderzoeksplicht- In de casus is sprake van koop / verkoop van een onroerende_zaak en van bodemverontreiniging - het verzwijgen van bodemverontreiniging door de verkoper kan invloed hebben op de conformiteit m.b.t. de betreffende zaak - bodemverontreiniging kan de koper later voor problemen stellen ( wellicht verplichte bodemsanering ) die hij niet had verwacht - als de koper dit geweten zou hebben dan had hij het pand wellicht niet aangeschaft - het melden van, onder meer, bodemverontreiniging valt onder de verplichting(en) van de verkoper en daarmee onder de algemene_bepaling(en) bij koop: daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij koop - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 7:1 - in de kantlijn verder zoeken naar conformiteit - In BW 7:17-1 is met betrekking tot conformiteit vermeld: " De afgeleverde zaak moet aan de overeenkomst beantwoorden " - in BW 7:17-2 wordt verder ingegaan op, onder meer, : " Een zaak beantwoordt niet aan de overeenkomst indien zij, mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen heeft die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten " - de mededelingen van de verkoper ten tijde van de verkoop zijn wel degelijk van belang m.b.t. de conformiteit van de zaak - in BW 7:21 zijn de mogelijkheden vermeld wat kan gebeuren bij non-conformiteit Het meest juiste antwoord is dus Ay-3655 M a|5O---    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag21Vraag21BDed0{8Oe%iQ    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag20Vraag20CDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Fiscaliteit Een onroerendgoed-exploitant heeft op 1 januari 2003 een nieuw gebouw gekocht en verhuurt dit aan een verzekeringsmaatschappb#z8Oe=KUi    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag19Vraag19AWelke uitspraak over informatieplicht en onderzoeksplicht met betre_cij. De verhuur vindt vrijgesteld van BTW plaats. Het gebouw kostte Euro 2.000.000,-- ( excl. 19 % BTW ). Per 1 juli 2005 zegt de verzekeringsmaatschappij de huur op. Het gebouw wordt per die datum verhuurd aan een accountantskantoor. Welke uitspraak is juist met betrekking tot de omzetbelasting ?De exploitant heeft recht op volledige aftrek van de bij aankoop van het gebouw verschuldigde omzetbelastingHet recht op aftrek, van de bij aankoop van het gebouw verschuldigde omzetbelasting, kan de exploitant pas 10 jaar na ingebruikname vorderenAls voor de verhuur aan het accountantskantoor gebruik wordt gemaakt van de optie voor belaste_verhuur, kan in 2005 de exploitant een deel van de omzetbelasting terugvorderen- In de casus is sprake van een bedrijfsmatig verhuurd pand - bovendien is er sprake van al of niet met BTW_belaste_verhuur - het gaat hier dus om huur, vrijstelling_van_BTW, opteren voor belaste verhuur, en de herzieningstermijn - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij Omzetbelasting ( = BTW ) - er wordt dan verwezen naar V.5 Wet_op_de_omzetbelasting_(_Wob_) - bij Wob art. 11 is sprake van vrijgestelde prestatie(s), waaronder de verhuur van onroerende_zaak ( Wob 11-1-b ), m.u.v.: - als in het te verhuren pand voor minstens 90 % aan met BTW_belaste_prestatie(s) worden verricht en voor met BTW_belaste_verhuur bij de inspecteur is geopteerd ( Wob 11-1-b-5 ), want dan kan BTW_belast worden verhuurd, en - kan de exploitant de aan de aannemer betaalde BTW gedeeltelijk terugvorderen en wel voor de resterende periode van de 10 jaar na de betaling aan de aannemer, dat belast wordt verhuurd, dat is: - 10 jaar - 2,5 jaar ( de niet belaste verhuur aan de bank ) = 7,5 jaar BTW_belaste_verhuur aan het accountantskantoor = ( 7,5 / 10 ) x 100 % = 75 % van de betaalde 19 % van Euro 2.000.000 = 380.000 betaalde BTW = 285.000 Euro Het meest juiste antwoord is dus Cy-3655eze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Fiscaliteit De heer en mevrouw Van Vliet kopen een nieuwe woning voor Euro 238.000,-- ( incl. BTW ). Deze wordt op 1 maart 2005 door de aannemer opgeleverd. Door financile problemen zien de heer en mevrouw Van Vliet zich genoodzaakt om deze woning te verkopen. Zij kunnen de woning voor Euro 250.000,-- verkopen aan Yvonne van Zijl. Op 31 mei 2005 wordt de woning geleverd. Over welk bedrag zal overdrachtsbelasting aan Yvonne worden berekend ?Euro 12.000,-- Euro 50.000,-- Euro 250.000,-- - In de casus is sprake van overdrachtsbelasting - bovendien is er sprake van een levering van dezelfde zaak binnen 6 maanden na een vorige levering - het gaat hier dus om overdrachtsbelasting en dat is een belasting van rechtsverkeer - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij Wet_op_belastingen_van_rechtsverkeer_(_Wbr_) - er wordt dan verwezen naar V.2 Wet_op_belastingen_van_rechtsverkeer - in de kantlijn verder zoeken naar: " kort op elkaar volgende verkrijging(en) " - In Wbr 13-1 is vermeld dat: bij een verkrijging binnen 6 maanden na een vorige verkrijging van dezelfde goederen de waarde waarover belasting is verschuldigd wordt verminderd met het bedrag waarover ter zake van de vorige verkrijging was verschuldigd - het bedrag waarover ter zake van de vorige verkrijging was verschuldigd, was Euro 200.000,- ( k.k., dus zonder BTW ! ) - het huidige verkoopbedrag is: Euro 250.000 - het huidige bedrag waarover moet worden betaald na de vermindering met het vorige bedrag waarover is betaald is: Euro 250.000 - Euro 200.000 = Euro 50.000 - de overdrachtsbelasting zelf bedraag dus 6 % = 0,06 x 50.000 = Euro 3.000 ( wordt niet gevraagd ) Het meest juiste antwoord is dus By-3655 SS)}5O{IIiG    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag22Vraag22CDe voorzieningenrechter van de rechtbank kan bepalen dat de executoriale_verkoop van een met hypotheek bezwaarde onroerende_zaak niet openbaar, maar onderhands zal geschieden. Wie heeft het recht een verzoek hiertoe bij de rechtbank in te dienen ?Uitsluitend de hypotheekgever Uitsluitend de hypotheeknemer Zowel de hypotheekgever als de hypotheeknemer - In de casus is sprake van een executoriale_verkoop van een met hypotheek bezwaarde zaak - het gaat hier dus om een parate_executie - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij parate_executie - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 3:268 - In BW 3:268-2 is vermeld dat zowel de hypotheekhouder ( = hypotheeknemer ) als de hypotheekgever zo$n verzoek kunnen indienen - zie ook: I.3 Rv art. 548 Het meest juiste antwoord is dus C y-3655de wettenbundel bij: huur van woonruimte - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 7:232 en naar Huurovereenkomst Woonruimte - bij Huurovereenkomst Woonruimte is ook onderhuur vermeld en wordt verwezen naar BW 7:221, 278 - in beide artikelen is niets vermeld over hoofdelijke_aansprakelijkheid van de onderhuurder ( dus stelling 1 is onjuist ) - bij Huurovereenkomst Woonruimte is ook vermeld " medehuur $ en $ voortzetting van de huur " en wordt verwezen naar BW 7:266 - in BW 7:266-2 is vermeld dat de huurder en de medehuurder hoofdelijk_aansprakelijk zijn ( niet de onderhuurder ) - in BW 7:266-3 is vermeld dat de medehuurder huurder wordt bij beindiging van de huurovereenkomst ten aanzien van de huurder - dus stelling 2 is juist Het meest juiste antwoord is dus C y-3655 /F/ 7Ow=    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag24Vraag24CCarla huurt een kantoorruimte van Jan. De huurovereenkomst is aangegaan voor een periode van n jaar. Is op grond van de huurwetgeving een dergelijke overeenkomst recj.~5O-Ycc{    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag23Vraag23CBeoordeel de juistheid van onderstaande stellingen met betrekking tot huur van woonruimte. I De onderhuurder is met de huurder hoofdelijk_aansprakelijk voor verplichting(en) uit de huurovereenkomst. II De medehuurder wordt van rechtswege huurder indien de huurovereenkomst ten aanzien van de huurder eindigt. Wat is juist ? De stellingen I en II zijn beide juistStelling I is juist, stelling II is onjuistStelling I is onjuist, stelling II is juist- In de casus is sprake van huur van woonruimte, huurder, onderhuurder en medehuurder - daarom zoeken in de index van ghlnpsqstss{yj{{jjjj:::j : :::::::::::j::$:&:::(:*-::::0::3khtsgeldig ? Nee, deze gaat van rechtswege over in een overeenkomst voor drie jaarNee, deze gaat van rechtswege over in een overeenkomst voor vijf jaarJa, deze is rechtsgeldig- In de casus is sprake van huur van een kantoorpand voor een periode van 1 jaar - zo$n huur valt onder huur_van_overige_bedrijfsruimte ( en dus niet onder middenstandsbedrijfsruimte of onder woonruimte ) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij huur van overige_bedrijfsruimte - die ingang is er niet, wel van bedrijfsruimte - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 7:290 , maar dat is middenstandsbedrijfsruimte - in de index van de wettenbundel is voor overige_bedrijfsruimte geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - m.b.t. de huur_van_overige_bedrijfsruimte moet gekeken worden in BW 7:230a - daarin is niets vermeld over eventuele huurperiode(n) Het meest juiste antwoord is dus C y-3655enbundel bij $ huur_van_woonruimte $ - er wordt dan verwezen naar I.1 BW7:232 - in de kantlijn verder zoeken naar " gebrek(en) of herstelling(en) " - Bij BW 7:240 gaat het over kleine_herstellingen die door de huurder moeten worden gedaan - daar gaat het hierbij dus niet om, dus verder kijken in de kantlijn leidt tot BW 7:241 dat over gebrek(en) gaat, en - waarin is vermeld dat: daarvan kan niet ten nadele van de huurder worden afgeweken - Bij BW 7:217 in het algemene gedeelte over huur gaat het over kleine_herstelling(en) die door de huurder moeten worden gedaan, echter - in de tweede volzin is vermeld dat: " ... tenzij deze nodig zijn geworden door het tekortschieten van de verhuurder in de nakoming van zijn verplichting tot het verhelpen van gebreken. " - In BW 7:242-1 is vermeld dat met betrekking tot BW 7:217 niet ten nadele van de huurder kan worden afgeweken Het meest juiste antwoord is dus Cy-3655 W8O[;[    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag25Vraag25CEen huurder huurt een slecht onderhouden woning die diverse gebrek(en) vertoont, In de huurovereenkomst wordt overeengekomen dat de verhuurder niet aansprakelijk is voor het slechte onderhoud. In ruil daarvoor bedingt de huurder een lagere huurprijs. Na enkele maanden ontvangt de verhuurder een brief van de huurder waarin deze verhuurder sommeert het achterstallig_onderhoud, dat normaliter voor rekening van de verhuurder komt, te herstellen. Is de verhuurder verplicht dit te doen ?Nee, want de huurder heeft de gebrek(en) geaccepteerd in ruil voor een lagere huurprijsNee, tenzij het grote bouwkundige gebrek_n betreft waardoor gevaar ontstaat ( bijvoorbeeld instorting )Ja, want van de gebrekenregeling kan bij woning(en) niet worden afgeweken- In de casus is sprake van huur van woonruimte, gebrek(en) en de gebrekenregeling - daarom zoeken in de index van de wettkanneer wordt vermoed dat het voorstel van verhuurder redelijk is ?Wanneer minimaal 10 winkelier(s) hebben ingestemd ( 50% ) Wanneer minimaal 14 winkelier(s) hebben ingestemd ( 70% ) Wanneer minimaal 18 winkelier(s) hebben ingestemd ( 90% ) - In de casus is sprake van een complex van winkelpanden en van renovatie - het gaat hier dus om dringende werkzaamheden - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: huur, renovatie of dringende werkzaamheden - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Kijken in het algemene gedeelte van huur dat begint bij BW 7:201 - in de kantlijn zoeken naar: dringende werkzaamheden - in BW 7:220-3 is vermeld dat bij 10 of meer woning(en) of bedrijfsruimte(n), 70 % van de huurder(s) moet instemmen zodat zijn voorstel daartoe dan wordt vermoed redelijk te zijn Het meest juiste antwoord is dus B y-3655 )8O    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag26Vraag26BEen belegger verhuurt een verouderd winkelcentrum en wil de winkel(s) renoveren. Het betreft in totaal 20 verschillende huurder(s) ( winkelier(s) ). Een aantal winkelier(s) weigert medewerking. Wmrcommissie - daarom eerst zoeken in de index van de wettenbundel bij huurprijs woonruimte - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 7:246: in de kantlijn verder zoeken naar: " Verhoging huurprijs " - In BW 7:248-1 is vermeld dat de huurprijs mag worden verhoogd middels een beding ( een clausule ) - in BW 7:248-2 vermeld dat de huurprijsverhoging niet boven een door Onze Minister vastgesteld percentage mag zijn, en dat is vaak de prijsindex, dus - huurverhoging via een indexeringsclausule mag, en daarom is bewering I juist - in de kantlijn verder zoeken naar: " huurcommissie, etc. " - In BW 7:249 is vermeld dat de huurder binnen 6 maanden de huurprijs mag laten toetsen door de huurcommissie - bewering II is daarom ook juist Het meest juiste antwoord is dus Ay-3655 V5O9Ycc?    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag27Vraag27AHieronder volgen twee stellingen met betrekking tot de huur en verhuur van woonruimte. I. Het is toegestaan om een indexeringsclausule in een huurovereenkomst op te nemen. II. Als de verhuurder van een reeds eerder verhuurde woning met een nieuwe huurder een huurovereenkomst aangaat, heeft de nieuwe huurder altijd het recht om tot uiterlijk 6 maanden na de ingangsdatum de huurprijs te laten toetsen door de huurcommissie. Wat is juist ? De stellingen I en II zijn beide juistStelling I is juist, stelling II is onjuistStelling I is onjuist, stelling II is juist- In de casus is sprake van huur van woonruimte en van huurverhoging ( via een indexeringsclausule ) - bovendien is er sprake van toetsen van huur bij de huuoranwezig is die c.q. is aangesloten op de voorziening voor afvoer van afvalwater en fecalin en voorzien is van een kraan die is aangesloten op de drinkwatervoorziening. Wat zal de huurcommissie bij de beoordeling van de redelijkheid van de in rekening te brengen huurprijs als redelijke huurprijs vermelden ? Een huurprijs van 20% van de maximale huurprijsgrens Een huurprijs van 30% van de maximale huurprijsgrens Een huurprijs van 40% van de maximale huurprijsgrens - In de casus is sprake van een huurprijs en huurcommissie; bovendien is er sprake van ontbrekende voorzieningen - het gaat hier dus om vermindering van huurprijs in verband met ontbrekende voorzieningen ( gebrek(en) ) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " huurprijs woonruimte " - er wordt dan verwezen naar BW 7:246 ev; in de kantlijn verder zoeken naar: vermindering huurprijs i.v.m. gebrek(en) - in BW 7:257-2 is vermeld dat de huurder zich kan wenden tot de huurcommissie voor een uitspraak overeenkomstig de in art. 16-2 van de uitvoeringswet huurprijzen bedoelde AMvB, dus - BW 7:257-2 verwijst naar I.6 art. 16-2 ( = Uitvoeringswet_huurprijzen_woonruimte art. 16-2 ) - vandaar wordt verwezen naar I.6 art. 12-2 ( = Uitvoeringswet_huurprijzen_woonruimte art. 12-2 ) - in I.6 art 12-2 wordt naar een AMvB verwezen, dat is: I.7 Besluit_huurprijzen_woonruimte, daarom kijken in: - I.7 art. 6-1 waar wordt verwezen naar Bijlage II van dat Besluit waar de betreffende gebrek(en) staan vermeld - In Bijlage II-1-categorie A-5.a. is het gebrek vermeld waar het in deze casus om gaat - In I.7 art. 6-1-a is het percentage vermeld van de huurprijs ten opzichte van de van de maximale huurprijsgrens, en dat is 20 % Het meest juiste antwoord is dus Ay-3655 ~17O9i    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag31Vraag31BDoor wie worden de voorzitter, respectievelijk de leden van de Huurcommissie benoemd ?Zowel de voorzitter als de leden door de KroonDe voorzitter door de Kroon en de leden door de minister van VROMDe voorziw16OW]q    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag30Vraag30AUvi8O!c    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag29Vraag29t5OGwwwE    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag28Vraag28AIn een zelfstandige_woonruimte bevindt zich niet een aparte badruimte ( als bedoeld in paragraaf 4.8.2 van het Bouwbesluit 2003 ) waarin een bad, douche of wastafel aquCEen appartement / woonappartement is verhuurd voor een all-in huur / all_in_prijs van Euro 980,-- per maand, zonder dat er een splitsing is aangebracht tussen huurprijs en servicekosten. Gesteld dat de huurder zich wendt tot de Huurcommissie en dat deze van oordeel is, dat partij(en) slechts de hoogte van de prijs zijn overeengekomen en niet die van de huurprijs, op welk niveau zal de Huurcommissie dan in ieder geval de hoogte van de huurprijs bepalen ?De Huurcommissie zal deze bepalen op 55% van de tussen partij(en) overeengekomen all-in huur / all_in_prijsDe Huurcommissie zal deze bepalen op 80% van de geldende redelijke huurprijs, behorende bij de kwaliteit van de woonruimteDe Huurcommissie zal deze bepalen op 55%, van de geldende maximaal redelijke huurprijs behorende bij de kwaliteit van de woonruimte- In de casus is sprake van een huurprijs en prijs: daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " Huurprijs woonruimte " - er wordt dan verwezen naar I.1 BW 7:246 ev: in de kantlijn verder zoeken naar: " huurprijs en servicekosten " - In BW 7:258 is iets vermeld over vaststelling / vaststellen van de huurprijs en servicekosten door de huurcommissie - er wordt in BW 7:258 verwezen naar I.6 Uitvoeringswet_huurprijzen_woonruimte, dus daar kijken - in I.6 Uitvoeringswet_huurprijzen_woonruimte art. 17-1 is de vaststelling van de huurprijs vermeld, voor de twee gevallen: - de huurder het heeft gevraagd, dan: - de huurprijs wordt bepaald op 55 % van de geldende maximale redelijke huurprijs, behorende bij de kwaliteit van de woonruimte - de verhuurder het heeft gevraagd, dan: - de huurprijs wordt bepaald op 80 % van de overeengekomen prijs - We hebben hier te maken met de huurder Het meest juiste antwoord is dus Cy-3655it welke twee element(en) bestaat de bescherming van de huurder bij huur en verhuur van woonruimte ?Huurbescherming en huurprijsbescherming Huurprijsbescherming en huuropzeggingsbescherming Ontruimingsbescherming van de huurder en huuropzeggingsbescherming - Huuropzeggingsbescherming: - er is in de wet geen sprake van algemene bescherming tegen de opzegging m.b.t. huur_van_woonruimte, maar - er zijn regel(s) die de opzeggingsgrond(en) beperken tot bepaalde geval(len) - deze aspect(en) zijn in de wet dusdanig geregeld - Ontruimingsbescherming: - er is in de wet geen sprake van algemene bescherming tegen de ontruiming m.b.t. huur_van_woonruimte, maar - er zijn regel(s) die de ontruimingsgrond(en) beperken tot bepaalde geval(len) - deze aspect(en) zijn in de wet dusdanig geregeld - Er is wel sprake van huurprijsbescherming en huurbescherming Het meest juiste antwoord is dus A y-3655tter door de minister van VROM en de leden door de Kroon- In de casus is sprake van een huurcommissie; bovendien is er sprake van een voorzitter en van leden - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: $ Huurcommissie $ - er wordt dan verwezen naar: I.1 BW 7:238 - daar wordt verwezen naar: I.6 art. 21 van de Uitvoeringswet_huurprijzen_woonruimte, omtrent - samenstelling, etc., van de huurcommissie - verder kijken in de kantlijn - In art. 23 is vermeld dat de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter op voordracht van Onze Minister bij Koninklijk_Besluit wordt benoemd - dus de voorzitter wordt door de Kroon wordt benoemd - In art. 24 is vermeld dat Onze Minister de leden benoemd, schorst en ontslaat - Onze Minister is hier de minister van VROM volgens I.6 art. 1-1-b - dus de leden worden door de minister benoemd Het meest juiste antwoord is dus B y-3655 >>>5O%/Eq]    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag32Vraag32AWie vertegenwoordigt volgens de wet de Vereniging_van_eigenaars ( VvE ) in en buiten rechte, indien daarover geen nadere afspraken bestaan ?De bestuurder(s) Ieder lid van de vereniging Uitsluitend de voorzitter van de ledenvergadering - In de casus is sprake van een Vereniging_van_eigenaars, bestuurder(s) en de vertegenwoordiger daarvan - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " Vereniging_van_eigenaren " of " Vereniging_van_appartementseigenaren " - er wordt dan verwezen naar: I.1 BW 5:124 - in de kantlijn verder zoeken naar: bestuur - In BW 5:131-1 is vermeld dat ieder der bestuurder(s) de vereniging vertegenwoordigt tenzij anders is bepaald - deze vertegenwoordiging volgt overigens ook nog uit I.1 BW 2:45-1 Het meest juiste antwoord is dus A y-3655zkering met eenzelfde looptijd. Deze kapitaalverzekering keert op 1 maart 2005 een bedrag uit van Euro 120.000,--. De kapitaalverzekering voldoet aan alle voorwaarde(n) die de Wet_inkomstenbelasting_(_Wib_) 2001 stelt om te worden aangemerkt als kapitaalverzekering_eigen_woning in Box 1. Er hebben geen eerdere uitkering(en) aan Mark Verwilgen plaatsgevonden, die zijn aangemerkt als uitkering(en) kapitaalverzekering_eigen_woning. Is deze uitkering van de kapitaalverzekering geheel belastingvrij en zo nee, welk deel niet ? Ja, de uitkering is volledig belastingvrij omdat deze lager is dan het wettelijke maximum van Euro 139.500,--Nee, het verschil tussen de uitkering van de kapitaalverzekering en de aflossing van de openstaande hypothecaire_schuld, te weten Euro 30.000,--, is niet belastingvrijNee, het rentebestanddeel in het verschil tussen de uitkering van de kapitaalverzekering en de aflossing van de openstaande hypothecaire_schuld, te weten het rentebestanddeel in Euro 30.000,--, is niet belastingvrij- In de casus is sprake van een kapitaalverzekering, eigen_woning in combinatie met box 1 - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek, etc. ) - daarom zoeken in Afdeling 3 van de Wet_inkomstenbelasting_(_Wib_) want dat gaat over werk_en_woning en box_1_ib - het deel over de eigen_woning begint bij art. 3.110 Wib - verder zoeken in de kantlijn - In V.1 Wib art. 3.116-1 wordt de kapitaalverzekering in relatie tot de eigen_woning genoemd - nog verder in kantlijn kijken - Uit V.1 Wib art. 3.118-1-a kan worden begrepen dat alleen de rente in het deel dat is bedoeld voor de aflossing van de eigenwoningschuld is vrijgesteld van belasting - de rente in het deel dat is NIET bedoeld voor de aflossing van de eigenwoningschuld is dus NIET vrijgesteld van belasting Het meest juiste antwoord is dus C y-3655 gB 5O !+5a    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag35Vraag35ACe~* 5O[EEE    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag34Vraag34BIn} 8Og[;{    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag33Vraag33CDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Fiscaliteit Mark Verwilgen lost op 1 maart 2005 zijn hypotheek af. Deze hypotheek had een looptijd van 25 jaar. De openstaande schuld bedraagt Euro 90.000,--. Het gaat om een hypotheek met een daaraan gekoppelde kapitaalverzey TT?n*YDs.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag30.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag31.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag32.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag33.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag34 .O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag35 .O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag36 .O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag37 .O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag38 .O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag39.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag40.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag41.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag42.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag43.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag44.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag45.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag46.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag47.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag48.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag49 een hypotheekakte is opgenomen dat deze naast tot zekerheid tot betaling van een of meer bepaalde vordering(en), tevens strekt tot zekerheid voor de betaling van de rente die krachtens de wet verschuldigd is. Wat houdt dit in ?Zekerheid voor 1 jaar rente Zekerheid voor 3 jaar rente Zekerheid voor 4 jaar rente - In de casus is sprake van een hypotheekakte en rente - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " hypotheek " - er wordt dan verwezen naar: I.1 BW 3:227 ev, BW 3:260 ev - bij BW 3:227 beginnen de algemene_bepaling(en) en pand - dus verder kijken - bij BW 3:260 ( = Afdeling 4 ) begint recht_van_hypotheek - in de kantlijn verder zoeken naar: " hypotheek_voor_rente " - In BW 3:263-1 is vermeld: " ....... tevens tot zekerheid voor 3 jaren rente die .......... " Het meest juiste antwoord is dus B y-3655es heeft ter zake van een aan Bea verstrekte geldlening een zekerheidsrecht bedongen op een aan Bea toebehorende vordering tot levering van een huis. Hoe wordt dit zekerheidsrecht genoemd ?Pandrecht RetributierechtRecht_van_hypotheek - In de casus is sprake van een zekerheidsrecht, een vordering en een onroerende_zaak - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: zekerheidsrecht, vordering of onroerende_zaak - zekerheidsrecht of onroerende_zaak brengt ons niet verder - vordering wel - er wordt dan verwezen naar: I.1 BW 3:239 en BW 3:246 - Zekerheidsrecht(en) op vordering(en) zijn dus pandrecht(en) / recht_van_pand - het kan geen recht_van_hypotheek zijn want in de casus is geen sprake van een hypotheek op een onroerende_zaak - voor retentierecht ( wat het juiste antwoord ook niet is ), zie: BW 3:120 ev en BW 3:290 ev Het meest juiste antwoord is dus A y-3655bij het ondertekenen van de hypotheekakte bij onderhandse_akte laten vertegenwoordigen door een gevolmachtigde- In de casus is sprake van een hypotheekgever, erfpachter, beschikkingsbevoegd, onderhandse_akte - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe relevante ingang te vinden, behalve - dat voor de betreffende volmacht een authentieke_akte nodig is ( zei: BW 3:260-3 ), en - dus geen onderhandse_akte toegestaan - dit ondergraaft antwoord C - dat hypotheek bij erfpacht is toegestaan ( kan zonder toestemming van de eigenaar indien niet anders bepaald ( BW 5:91-1 ) - dus toegestaan aan een beperkt_gerechtigde - dit ondergraaft antwoord A - de verdere benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Als de hypotheekgever niet beschikkingsbevoegd is, heeft de hypotheeknemer niets aan de zekerheidstelling Het meest juiste antwoord is dus B y-3655 GZG 5O ;?g!    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag38Vraag38CDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Financin Welke standaard hypotheekvorm zal men prefereren indien men voor de gehele looptijd van de lening gebruik wenst te maken van de maximale aftrek voor de inkomstenbelasting ?Een lineaire_hypotheek Een annuteitenhypotheek Ek 5O)7?    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag37Vraag37BBij het be 8O5     - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag36Vraag36BWelke van de onderstaande beweringen met betrekking tot de hypotheekgever is juist ?De hypotheekgever kan geen beperkt_gerechtigde zijn, zoals een erfpachterDe hypotheekgever moet beschikkingsbevoegd zijn op het moment dat de hypotheekakte in de openbare_registers wordt ingeschrevenDe hypotheekgever kan zich palen van de waarde bij nieuwbouwwoning(en) voor een hypothecaire_geldlening met Nationale_hypotheek_garantie, geldt als waarde de koopaanneemsom. Deze waarde kan worden vermeerderd ( voor zover niet begrepen in de koopaanneemsom ) met de kosten van ...bodemonderzoekarchitectenhonorariumafsluitprovisie geldgever- In de casus is sprake van Nationale_hypotheek_garantie in combinatie met koopaanneemsom - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - De kosten van een noodzakelijk bodemonderzoek in verband met mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging in het geval van een nieuwbouwwoning zijn al in een eerder stadium gemaakt en in de grondprijs verrekend en komen hier dus niet aan de orde - De afsluitprovisie van de betreffende hypothecaire_lening heeft NIET van doen met de waarde van de woning en is hier dus niet aan de orde Het meest juiste antwoord is dus B y-3655en hypotheek met een gemengde_verzekering - In de casus is sprake van een hypotheekvorm en van maximale aftrek m.b.t. de inkomstenbelasting - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - De hoogste aftrek ( van de rente ) met betrekking tot de inkomstenbelasting wordt verkregen als de te betalen rente gedurende de looptijd zo groot mogelijk is - dat komt voor als er gedurende de ( gehele ) looptijd NIET wordt afgelost op de geldlening en de schuld daardoor gedurende de ( gehele ) looptijd zo groot mogelijk blijft - dat is het geval bij een aflossingsvrije_hypotheek, waarbij dus alleen de rente op de lening wordt betaald en niet wordt afgelost - een hypotheek met een gemengde_verzekering ( bijv. spaarhyptheek ) is een hypotheekvorm waarbij NIET wordt afgelost Het meest juiste antwoord is dus C y-3655e uit een risicopremie en een spaarpremie. Welk rentepercentage vergoedt de hypotheeknemer gewoonlijk over de spaarpremie ?Een percentage dat gelijk is aan de wettelijke_renteEen percentage dat gelijk is aan de overeengekomen hypotheekrenteEen percentage dat 1 % lager is dan de overeengekomen hypotheekrente- In de casus is sprake van een spaarhypotheek en een rentepercentage over de spaarpremie - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Bij een spaarhypotheek wordt het vergoedingsrentepercentage over het spaardeel gelijk genomen aan het rentepercentage dat is verschuldigd over de restant hoofdsom ( de hypothecaire_lening ) - bij wijziging van de rentestand worden zodanige aanpassing(en) gemaakt waardoor de spaarhypotheek ( ook wel verbeterde_levenhypotheek genoemd ) het minst gevoelig is voor renteschommeling(en) Het meest juiste antwoord is dus b y-3655 k5O--9    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag40Vraag40B+CDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Fiscaliteit Voor welk jaar / welke jaren geldt de waardering in het kader van de Wet_Woz met als peildatum 1 januari 2005 ?2005 t / m 2006 2007 t / m 2008 2007 - In de casus is sprake van waardering van onroerende_zaken in het kader van de Wet_Woz; peildatum en tijdvak - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden, daarom - voorin de wettenbundel zoeken bij de opsomming van de wetten op blz. XI / Xt7O )u    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag39Vraag39Deze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Financin Bij een zogenoemde spaarhypotheek wordt premie betaald, bestaandII : Wet_waardering_onroerende_zaken V.7 - Omdat het hier om een waardebepaling op de waardepeildatum gaat, kijken naar Hoofdstuk III over " De Waardebepaling " , dat is V.7 Woz art. 16 ev; dan verder zoeken in de kantlijn naar : " Waardepeildatum " - In art. 18-2 is vermeld dat de waardepeildatum twee jaar voor de aanvang van het tijdvak ligt waarvoor de waarde is vastgesteld - nu de periode van het tijdvak opzoeken waarvoor de waarde is vastgesteld: verder kijken in kantlijn naar Waardevaststelling - In art 22-2 is vermeld dat het tijdvak geld voor twee achtereenvolgende jaren - Dus al met al: geldig voor een tijdvak van twee jaren dat begint twee jaren na de waardepeildatum HET ANTWOORD WAS EERST VOLGENS DE DESTIJDS GELDENDE WETGEVING ANTWOORD B, MAAR IN JANUARI 2007 IS ER EEN NIEUWE WAARDERINGSINSTRUCTIE VAN DE WAARDERINGSKAMER GEKOMEN ( ZIE DAARTOE WWW.WAARDERINGSKAMER.NL ) WAARIN DE NIEUWE REGELING STAAT EN DIE TOT ANTWOORD C LEIDT. Het meest juiste antwoord is dus b + cy-3655omenDe marktprijs is een prijs die bij een transactie tot stand is gekomen en de marktwaarde is de waarde die bij een taxatie bepaald wordt- In de casus is sprake van een marktwaarde en een marktprijs - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - De marktwaarde van een zaak betreft de schatting van een ( toekomstige ) waarde m.b.t. die zaak,en - betreft de omstandigheid wat een bepaalde zaak kan opbrengen of kan gaan kosten, en - wordt middels een taxatie bepaald en - wel met een bepaald doel, zoals: - herbouwwaarde, of huurwaarde, of vervangingswaarde, of verkoopwaarde_in_vrije_staat ( economische_waarde / waarde_in_het_economisch_verkeer ), etc. - De marktprijs van een zaak is het bedrag dat ( in het verleden ) daadwerkelijk is ontvangen bij een transactie Het meest juiste antwoord is dus C y-3655 +}5OY---    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag43Vraag43CDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Fiscaliteit Van een bedrijfshal is het volgende gegeven: - de bouwkosten bedragene6O{a{[    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag42Vraag42BDI8O-]oc    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag41Vraag41CDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Taxaties Wat is het onderscheid tussen de marktprijs en de marktwaarde ?Er is geen onderscheid, beide begrippen hebben betrekking op de waarde die bij een taxatie bepaald wordtEr is geen onderscheid, beide begrippen hebben betrekking op de prijs die bij een transactie tot stand is gekeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Fiscaliteit Voor welke van de volgende belasting(en) is, daar waar het de waardegrondslag van de eigen_woning betreft, de ingevolge de Wet_Woz vastgestelde waarde maatgevend ?De overdrachtsbelasting en omzetbelasting De inkomstenbelasting en onroerende_zaak_belasting(en) De onroerende_zaak_belasting(en) en overdrachtsbelasting - In de casus is sprake van een waardegrondslag, waardevaststelling en Wet_Woz; in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden; de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Eerst kijken bij V.7 Wet_waardering_onroerende_zaken_(_Woz_) - In art. 1 is vermeld dat het Rijk, de gemeente(n) en de waterschap(pen) de afnemer(s) zijn van de waardevaststelling in het kader van de Woz ten behoeve van door hen te heffen belasting(en) - De gemeente(n) heffen onroerende_zaak_belasting gebaseerd op de waardevaststelling Woz volgens II.2 Gemw 220a ev - Het Rijk heft inkomstenbelasting - het eigenwoningforfait in box_1_ib is gebaseerd op de waardevaststelling in het kader van de Woz volgens V.1 Wet_inkomstenbelasting_(_Wib_) art. 3.112-2 - het vermogensrendement in box_3_ib is gebaseerd op de waardevaststelling in het kader van de Woz volgens V.1 Wet_inkomstenbelasting_(_Wib_) art. 5.20 - De overdrachtsbelasting m.b.t. eigen_woning is gebaseerd op de marktprijs ( economisch_verkeer ) die bij transactie is betaald, indien die hoger is dan de door taxatie vastgestelde marktwaarde, volgens V.2 Wet_op_belastingen_van_rechtsverkeer_(_Wbr_) art 9-1 waarin is vermeld: " .... De waarde is tenminste gelijk aan die van de tegenprestatie. " - de tegenprestatie is de prijs die voor de woning is betaald en NIET een waardevaststelling middels een taxatie Het meest juiste antwoord is dus B y-3655 Euro 750.000,-- per waardepeildatum 1 januari 2003 - het pand is op 1 januari 1985 gereedgekomen en in gebruik genomen - de technische_levensduur is 20 jaar met een restwaarde van 15% - de grondwaarde bedraagt per waardepeildatum Euro 100.000,-- Bereken op basis van bovenstaande gegevens de gecorrigeerde_vervangingswaarde van dit object voor belastingjaar 2005 Euro 176.250,-- Euro 212.500,-- Euro 276.250,-- - In de casus is sprake van een gecorrigeerde_vervangingswaarde - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Hieronder volgt de berekening voor de gecorrigeerde_vervangingswaarde 1. Gecorrigeerde_vervangingswaarde = vervangingswaarde - afschrijving(en) 2. Waarde voor de belasting(en) is de waarde op de peildatum 2 jaar eerder, dus - de waarde voor het belastingjaar 2005 is de waardevaststelling op 1 januari 2005 en die is gebaseerd op de waardebepaling op de peildatum van 1 januari 2003 3. De waarde op 1 januari 2003 was: Euro 750.000 - afschrijving(en) tot op dat moment 4. De maximale afschrijving over 20 jaar bedraagt 85 % van 750.000 = 0,85 x 750.000 = 637.500 , waarbij - de restwaarde = 15 % van 750.000 = 0,15 x 1.500.000 = 112.500 5. De afschrijving per jaar bedraagt: 637.500 / 20 jaar = 31.875 per jaar 6. Op 1 januari 2003 is er over 18 jaar afgeschreven en dat is: 18 x 31.875 = 573.750 7. De waarde op 1 januari 2003 is dan: 750.000 ( vervangingswaarde ) - 573.750 ( afschrijving over 18 jaar ) = 176.250 8. De waarde van de grond er bij tellen, dus totale gecorrigeerde_vervangingswaarde op : 176.250+ 100.000 = 276.250 Euro Het meest juiste antwoord is dus C Let op: Nu ( jaar 2008 ) ligt de waardepeildatum nog maar 1 jaar voor het begin van het kalenderjaar waarvoor de waarde wordt vastgsteld ( Wbr 18-2 ) en ook het geldende tijdvak bedraagt nog maar 1 jaar ( Wbr 22-2 )y-3655te verzamelen voor het taxeren van een recht_van_erfpacht ?De canon, de leveringsakte, de erfpachtvoorwaarde(n)De gemeentelijke grondnota, het kadastraal_bericht, de leveringsakte De leveringsakte, de erfpachtvoorwaarde(n), de gemeentelijke grondnota- In de casus is sprake van een taxatie in combinatie met erfpacht - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Grondnota(s) zijn veelal beleidstukken van de overheid en spelen bij deze taxatie geen rol - Erfpacht hoeft niet altijd betrekking te hebben op gemeentegrond, kan ook bij particulier - Voor een taxatie moet de taxateur, onder meer, informatie hebben over: - aan wie is het recht geleverd / wie is de rechthebbende ? Dus de leveringsakte - wat zijn de daarbij betrokken kosten ? Dus de canon - wat zijn de eventuele beperking(en) / uitsluiting(en) ? Dus de voorwaarde(n) Het meest juiste antwoord is dus A y-3655 __37Owak    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag45Vraag45ADeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Taxaties V7Oiu    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag44Vraag44ADeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Taxaties Welke gegevens dient een taxateur  De eigenaar van een te taxeren kantoorpand is niet in het bezit van een meetcertificaat. Aangezien het een klein kantoorpand betreft, besluit de makelaar zelf het aantal m2 VVO ( = verhuurbaar_vloeroppervlak ) in te meten op basis van de NEN 2580. Welke m2 maken geen deel uit van het VVO ?Lift(en), trap(pen), installatieoppervlak Gemeenschappelijke_ruimte(n), installatieoppervlak, lift(en) Vensterbank(en), statische bouwdelen, installatieoppervlak - In de casus is sprake van een verhuurbaar_vloeroppervlak - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Het bruto_vloeroppervlak is het geheel dat er aan oppervlakte is gebouwd - een gedeelte hiervan is als niet-verhuurbaar aangemerkt, zoals trappen in trappenhuizen Het verhuurbaar_vloeroppervlak wordt aangemerkt als het gedeelte van het oppervlak dat in de verhuur kan worden betrokken Het meest juiste antwoord is dus A y-3655 JJ25O3WYa    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag46Vraag46ADeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Taxaties Bij taxatie(s) in het kader van de Wet_Woz wordt een referentiestelsel opgesteld. Waar wordt de kapitalisatiefactor van afgeleid ?Direct uit beschikbare transactie(s) Uit vergelijkbare netto_huurwaarde(n) Uit vergelijkbare kapitalisatiefactor(en) - In de casus is sprake van taxatie(s) in combinatie met referentie(s) en kapitalisatiefactor(en) - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Bij taxatie(s) in het kader van de Wet_Woz wordt een referentiestelsel opgezet betreffende vergelijkbare transactie(s) - met behulp van een bijbehorende kapitalisatiefactor wordt dan de waarde bepaald Het meest juiste antwoord is dus A y-3655n een waardebepaling van een onroerende_zaak in het kader van de Wet_Woz in combinatie met een Rijksmonument: daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij Wet_waardering_onroerende_zaken_(_Woz_) en Monument - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Daarom eerst kijken bij: Wet_waardering_onroerende_zaken_(_Woz_) - er wordt dan verwezen naar: V.7 Wet_waardering_onroerende_zaken ( Woz ) - kijken in Hoofdstuk III omtrent de waardebepaling - in de kantlijn verder zoeken naar: waardebegrip - In Woz art 17-2 is de definitie van de waarde_in_het_economisch_verkeer gegeven - In Woz art 17-3 is vermeld dat NIET-woningen en NIET-monumenten NIET volgens lid 2 ( = de economische_waarde ) worden gewaardeerd, dus - monument(en) worden wel gewaardeerd volgens de waarde_in_het_economisch_verkeer Het meest juiste antwoord is dus By-3655 NNe8OoSgm    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag48Vraag48CD56OQQS1-    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag47Vraag47BDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Taxaties Welke waarde dient in het kader van de Wet_Woz te worden bepaald van onroerende_zaken die zijn ingeschreven in een van de ingevolge de Monumentenwet 1988 vastgestelde register(s) van beschermd_monument(en) ?De gecorrigeerde_vervangingswaardeDe waarde_in_het_economisch_verkeerDe gecorrigeerde_vervangingswaarde, indien deze hoger is dan de economische_waarde- In de casus is sprake vaeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Taxaties Bij de bepaling van het NAR rekent de taxateur voor de bepaling van de netto_opbrengst(en) met de afschrijving(en) die eventueel noodzakelijk zijn wegens het verouderen van de installatie(s). Waarom is dit juist of onjuist ?Dit is juist. De afschrijving(en) verminderen de waarde, dus moet met een lagere NAR worden gewerktDit is onjuist. De afschrijving(en) zijn wel lasten en worden in mindering gebracht op de bruto_huuropbrengstDit is onjuist. De afschrijving(en) worden niet tot de exploitatielasten gerekend. In het NAR_percentage is de veroudering al verwerkt- In de casus is sprake van een netto_aanvangsrendement in combinatie met afschrijving - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Afschrijving(en) worden niet tot de jaarlijkse exploitatiekosten gerekend Het meest juiste antwoord is dus C y-3655erkoopwaarde_vrij_van_huur_en_gebruik van het complex bepalen, uitgaande van de huidige rechtsvorm en na splitsing van het complex in appartementsrechten. Wat is juist ? I. De taxatiewaarde(n) kunnen niet van elkaar verschillen, omdat er alleen sprake is van een wijziging van de juridische situatie van het complex II. De onderhandse_verkoopwaarde van een complex na splitsing in appartementsrechten kan hoger zijn dan hetzelfde complex in eigendom van een coperatieve_flatexploitatieverenigingDe stellingen I en II zijn beide juist. Stelling I is juist, stelling II is onjuist. Stelling II is onjuist, stelling II is juist. - In de casus is sprake van een complex en coperatieve_flatexploitatievereniging en / of appartementsrecht(en) en taxatie - het gaat hier dus om een vergelijking van de taxatiewaarde(n) voor en na de splitsing - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden; de benodigde kennis van elders komen ( leerboek ) - Bij appartementsrecht(en) na de splitsing, hebben individuele eigenaren van de appartementsrecht(en) ( = een beperkt_recht ) meer recht(en) en vrijheden in vergelijking met de coperatieve_flatexploitatievereniging van voor de splitsing - Bij een coperatieve_flatexploitatievereniging: - is het complex eigendom van de vereniging, en heeft ieder lid ( slechts ) een gebruiksrecht, en - dat gebruiksrecht is geen absoluut_recht, maar een relatief_recht / een persoonlijk_recht - is er ( veelal ) slechts 1 hypotheeknemer ( bank )waar ieder lid van de vereniging zich bij aan moet sluiten - Bij een in appartementsrecht(en) gesplitst complex: - heeft iedere eigenaar een aandeel in de eigendom van het gehele gebouw ( BW 5:106-4 ) - heeft iedere eigenaar een absoluut_recht, en geen relatief_recht / persoonlijk_recht - kan iedere eigenaar zijn eigen hypotheeknemer ( bank ) bepalen, naast nog een aantal andere zaken Het meest juiste antwoord is dus Cy-3655 y_yV5O}%%%+    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag50Vraag50BDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Taxaties Vastgoed BV koopt een winkelwoonhuis voor Euro 1.000.000,-- k.k.. Zij verlangt een bruto_aanvangsrendement van 10 % op de totale_investering. Het woonhuis is verhuurd voor Euro 1.000,-- per maand. De winkel heeft een oppervlakte van 250 m2 VVO. De bijkomende kosten bedragen totaal Euro 20.005O{]gie    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag49Vraag49CDeze vraag is mede van belang m.b.t., onder meer, de module(s): FFT-Taxaties De leden van een coperatieve_flatexploitatievereniging zijn voornemens de vereniging te ontbinden en haar complex te laten splitsen in appartementsrechten. De vereniging vraagt u het complex te taxeren. U moet de onderhandse_v0,--. Behalve de overdrachtsbelasting zijn geen verdere kosten verschuldigd. De jaarlijkse_lasten inclusief het onderhoud zijn Euro 10.000,--. BTW kan buiten beschouwing blijven. Wat is de huurwaarde per m2 winkelruimte ( afgerond op hele Euro(s) ) ?Euro 360,-- Euro 384,-- Euro 388,-- Bij bruto_aanvangsrendement spelen de jaarlijkse exploitatiekosten geen rol ! bruto_huuropbrengst bruto_huuropbrengst ( winkel ) + bruto_huuropbrengst ( woonhuis ) R = ---------------------------------- = 0,10 = -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- totale_investering koopprijs_k.k., + 6 % overdrachtsbelasting + bijkomende eenmalige_kosten bruto_huuropbrengst bruto_huuropbrengst ( winkel ) + 12.000 bruto_huuropbrengst winkel + 12.000 R = ---------------------------------- = 0,10 = ----------------------------------------------------------------------------- = --------------------------------------------------------------- totale_investering koopprijs_k.k., + 0,06 x koopprijs_k.k., + 20.000 1,06 x 1.000.000 + 20.000 ==>> 0,10 x ( 1,06 x koopprijs(k.k.) + 20.000 ) = huuropbrengst_winkel + 12.000 0,10 x (1.060.000 + 20.000 ) = huuropbrengst_winkel + 12.000 0,10 x 1.080.000 = huuropbrengst_winkel + 12.000 108.000 = huuropbrengst_winkel + 12.000 huuropbrengst_winkel = 96.000 250 m2 = 96.000 huurprijs per m2 = 96.000 / 250 = 384 / m2 Het meest juiste antwoord is dus By-3655e index van de wettenbundel bij: Pacht ( want dat is de enige ingang ) - er wordt dan verwezen naar: pacht ( BW 7:311 e.v. ) - Reguliere_pacht: een vorm van pacht m.b.t. een hoeve of- los land van meer dan 1 ha, en - waarop de (standaard)regels van toepassing zijn volgens Pw art. 12 - Teeltpacht, zijnde de 1-jarige_teelt(en) of 2-jarige_teelt(en) voor de duur van onderscheidenlijk 1 of 2 jaar ( Pw 70f-1 / BW 7:396-1 ) - de 1-jarige_teeltpacht wordt ook wel eenjarige_pacht genoemd - nmalige_pacht van los_land zijnde de eenmalige pacht voor een periode: - korter dan 6 jaar ( BW 7:397-1-b ), of langer dan 6 jaar ( BW 7:397-2-b ) - Hectarepacht, zijnde de pacht van los_land kleiner dan 1 ha ( Pw 58; BW 7:395 ) - Het gaat hier om los_land van meer dan 1 ha dus is geen hectarepacht ( Pw 58; BW 7:395 van toepassing ), dus - alle vormen van pacht zijn dus toegestaan voor los_land van meer dan 1 ha ( zie: Pw 12, 70-f-1 ) Het meest juiste antwoord is dus Cy-3655 MJMq5Om9Kmo    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag52Vraag52AVerpachter en pachter gaan een schriftelijke overeenkomst aan tot beindiging op termijn van de pachtovereenkomst. Moet deze overeenkomst worde*5O9ISk    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag51Vraag51CWelke pachtvorm(en) kent de pacht als het gaat over los_land met een oppervlakte van meer dan 1 ha ? Let op: sinds 1 jauari 2007 geldt Pachtwet niet meer en - is per die datum vervangen door de betreffende rechtsregel(s) zoals opgenomen in BW 7:311 t / m 7:399Reguliere_pacht en teeltpacht Reguliere_pacht en eenjarige_pacht Reguliere_pacht, teeltpacht en eenjarige_pacht - In de casus is sprake van teeltpacht en eenjarige_pacht en reguliere_pacht in combinatie met de Pachtwet - bovendien gaat het om los_land van meer dan 1 ha - daarom zoeken in dn goedgekeurd en zo ja, door welke instantie ? Let op: sinds 1 jauari 2007 geldt Pachtwet niet meer en - is per die datum vervangen door de betreffende rechtsregel(s) zoals opgenomen in BW 7:311 t / m 7:399Ja, door de GrondkamerJa, door de Centrale GrondkamerNeen, deze overeenkomst behoeft geen goedkeuring- In de casus is sprake van een pachtovereenkomst en beindiging in combinatie met goedkeuring - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Daarom beginnen bij de Pacht - er zijn een aantal artikelen die op de pachtovereenkomst betrekking hebben, zoals: - Pw art 2-1 : " .... overeenkomst tot ....... en die tot beindiging van een pachtovereenkomst ...... " - in Pw art 2-2 is vermeld dat die goedkeuring behoeven van de grondkamer - zie ook: Pw art. 5-7 en Pw art. 8-2 en Pw art. 10 Het meest juiste antwoord is dus A y-3655temmingsplan te worden herzien. Wie stelt dit herziene bestemmingsplan vast ? Let op: Sinds 1 juli 2008 geldt de Wet_op_de_ruimtelijke_ordening_(_Wro_) niet meer en - is per 1 juli 2008 vervangen door de Wet_ruimtelijke_ordening_(_Wro_)De gemeenteraad Gedeputeerde_Staten Het college_van_burgemeester_en_wethouders - In de casus is sprake van een wijziging / herziening van een bestemmingsplan in combinatie met het vaststellen daarvan - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bestemmingsplan - er wordt dan verwezen naar: III.16 Wet_ruimtelijke_ordening_(_Wro_) art. 3.1 - In Wro 3.1 is vermeld dat de gemeenteraad het bestemmingsplan vaststelt - in Wro xxx is weliswaar vermeld dat B&W bestemmingsplan(nen) binnen bepaalde grenzen kunnen wijzigen, maar dat kan alleen als de gemeenteraad die bevoegdheid aan B&W hebben overgedragen en daar is in de vraagstelling niets over gezegd Het meest juiste antwoord is dus A y-3655 XX5O -5cS    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag53Vraag53AVoor de bouw van een winkel / woonhuiscomplex dient het bes =lHt$P|.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag51.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag52.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag53.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag54.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag55+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag01+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag02 +I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag03!+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag04"+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag05#+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag06$+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag07%+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag08&+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag09'+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag10(+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag11)+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag12*+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag13++I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag14,+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag15- yy8O51S    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag54Vraag54CWelke categorie(en) van bouwwerk(en) kennen we binnen het systeem van de Woningwet ?Meldingsplichtige, regulier_bouwvergunningplichtige en vergunningvrijeVergunningvrije, bouwvergunningplichtige en regulier_meldingsplichtigeLicht_bouwvergunningplichtige, regulier_bouwvergunningplichtige en vergunningvrije- In de casus is sprake van een bouwvergunning in combinatie met bouwwerk(en) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bouwvergunning - er wordt dan verwezen naar: III.19 Woningwet ( Wonw ) art. 40 ev - In Wonw 43 en Wonw 44 worden een aantal type(n) bouwvergunning(en) met betrekking tot bouwwerk(en) genoemd - De meldingsplichtige bouwwerk(en) bestaan niet meer / komen niet meer in de wet voor Het meest juiste antwoord is dus C y-3655igenaar Ab is voornemens zijn woonhuis + ondergrond te verkopen en deelt dit mee aan gemeente Boswijk in het kader van de Wet_voorkeursrecht_gemeenten_(_Wvgem_). De gemeente laat na enkele weken weten belangstelling te hebben tot aankoop. Waar kan de verkoper rechtens geen gebruik van maken ?De gemeente mededelen dat hij van de verkoop afzietOnderhandeling(en) starten met de gemeente over de prijsDe rechtbank vragen om het voorkeursrecht van de gemeente te vernietigen- In de casus is sprake van de Wet_voorkeursrecht_gemeenten_(_Wvgem_) in combinatie met het verkopen van een woonhuis - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: Wet_voorkeursrecht_gemeenten_(_Wvgem_) - er wordt dan verwezen naar: III.19 Wet_voorkeursrecht_gemeenten ( Wvgem ) art.10 - Er is in de Wvgem geen artikel te vinden dat een rechter het voorkeursrecht van de gemeente kan vernietigen Het meest juiste antwoord is dus C y-3655 *6O[s}U    - Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag55Vraag55CE 33I7Iks#%- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag01Vraag01cWelke van onderstaande beweringen met betrekking tot aanvullend_recht is juist ? Aanvullend_recht is recht ...waarvan men niet, tenzij schriftelijk, mag afwijkenwaarvan men niet, ook niet met onderling goedvinden, mag afwijkendat van toepassing is voor zover partij(en) niet anders zijn overeengekomenIn register geen ingang te vinden, dus in de theorie kijken. Als in een overeenkomst tussen partij(en) een aspect niet is geregeld dan vult de wet ( bijvoorbeeld de rechtsregel(s) van het BW ) het ontbrekende van rechtswege ( = automatisch ) aan; dit heet aanvullend_recht. Partij(en) mogen afwijken van het aanvullend_recht; dit afwijken wordt regelend_recht genoemd, waarbij - het regelend_recht niet in strijd mag zijn met een dwingende wetsbepaling, of met de goede_zeden, of met de openbare_orde Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 = 5I%'#- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag02Vraag02aEen eenzijdige_rechtshandeling verricht door een handelingsonbekwame persoon en niet gericht tot een of meer bepaalde personen, is ...nietigrechtsgeldigvernietigbaarKernbegrip: Rechtshandeling en onbekwaam; zoeken in register==>> Rechtshandeling onbekwaamheid ==>> BW 3:32 In BW 3:32-2 is vermeld dat een eenzijdige_rechtshandeling van een onbekwame, die niet tot een of meer bepaalde personen is gericht, nietig is Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 00L!8I i_Y- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag03Vraag03aJan en Toos zijn buiten gemeenschap van goederen gehuwd, maar wonen niet samen. Zonder medeweten van Toos koopt Jan een DVD-speler op afbetaling. Welke van onderstaande beweringen is juist ? Toos kan de vernietiging van de rechtshandeling bewerkstelligenOmdat Toos er Jan geen gemeenschappelijke_huishouding voeren, is Toos niet aansprakelijk voor deze verbintenisOmdat er geen sprake is van gemeenschap_van_goederen hoeft Toos geen toestemming voor de aankoop te gevenKernbegrip: Toestemming en echtgenoot; zoeken in register==>> Toestemming, vereiste - van echtgenoot .... ==>> BW 1:88 In BW 1:88-1-d is vermeld dat bij koop_op_afbetaling de toestemming van de andere echtgenoot nodig is. In BW 1:89 -1 is vermeld dat de andere echtgenoot de vernietigbaarheid van een dergelijke rechtshandeling kan inroepen Dus antwoord A--y---39---------------------------------60g c.q. medewerking nodig om de rechtshandeling onaantastbaar te doen zijn, en zo ja, van wie ? Zij heeft toestemming nodig van de kantonrechterZij heeft medewerking nodig van ArnoldZij heeft geen machtiging c.q. medewerking nodigKernbegrip: Curatele; zoeken in register==>> Curatele ==>> BW 1:378 e.v. In BW 1:381-2 is vermeld dat de onder_curatele_gestelde handelingsonbekwaam is Arnold moet toestemming geven als de echtelijke_woning wordt verkocht, maar hij kan dat niet. De curator mag wellicht die toestemming in zijn plaats niet geven wegens belangenverstrengeling Eigenlijk is daar zo niets over te vinden Kernbegrip: Echtelijke_woning; zoeken in register==>> niets te vinden; dan theorie ==>> gezinsbeschermende_bepaling(en) ==>> BW 1:88 In BW 1:88-6 is vermeld dat indien de andere echtgenoot zijn wil niet kan verklaren, de beslissing van de rechtbank kan worden ingeroepen, dus - dan toestemming / machtiging van de kantonrechter nodig. Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 &"5I]mYmc- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag04Vraag04aArnold staat onder curatele wegens een geestelijke_stoornis. Zijn vrouw Bella is curator. Bella wil de, aan haar in priv toebehorende en door hen samen bewoonde, woning verkopen. Heeft zij toestemmin ''U#8Iq  3- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag05Vraag05cOom Jan lijdt aan de ziekte van Alzheimer. Zijn vermogen is onder bewind gesteld. Hij bezit een aantal registergoederen. Wat is juist met betrekking tot deze registergoederen ? De registergoederen worden ten name gesteld van de bewindvoerderDe onderhandse_verkoop van deze registergoederen is niet mogelijkHet bewind over de registergoederen en de benoeming van de bewindvoerder dienen te worden ingeschreven in de openbare_registersKernbegrip: Bewind; zoeken in register==>> Bewindvoerder over goederen meerderjarige ==>> BW 1:435 e.v. Verder kijken in de kantlijn tot Verplichting(en) bewindvoerder. In BW 1:436-3 is vermeld dat indien tot het bewind registergoederen behoren, de bewindvoerder verplicht is de desbetreffende rechterlijke beschikking(en) en zijn benoeming in de openbare_registers te doen inschrijven Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 cc;%6ISeAo3- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag07Vraag07cAlex*$7I%s7=k- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag06Vraag06bDe algehele_gemeenschap_van_goederen wordt van rechtswege ontbonden door ...afstand van de gemeenschap door een der echtgenoteninschrijving van de beschikking waarbij de scheiding_van_tafel_en_bed is uitgesprokeninschrijving van de beschikking waarbij een der echtgenoten onder curatele wordt gesteldKernbegrip: Gemeenschap van goederen en ontbinding; zoeken in register==>> Gemeenschap, ontbinding ==>> BW 1:99 e.v. In BW 1:99-1-b is vermeld dat de gemeenschap van rechtswege wordt ontbonden door scheiding_van_tafel_en_bed In BW 1:169-2 is vermeld dat de scheiding_van_tafel_en_bed van kracht wordt na inschrijving in het huwelijksgoederenregister Dus antwoord B--y---39---------------------------------60 en Mimi zijn gehuwd op huwelijkse_voorwaarden inhoudende uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen. Alex woont van maandag tot en met vrijdag in een huis in Groningen en Mimi in een huis in Leiden. In het weekend wonen ze samen in een huis in Wassenaar. De woning(en) zijn alle drie eigendom van Alex. Alex is van mening dat Mimi net zo goed in Wassenaar kan gaan wonen en besluit daarom de woning in Leiden te verkopen. Moet Mimi toestemming verlenen voor de verkoop ? Nee, want het is niet de echtelijke_woning Nee, want het is het huis van Alex en ze zijn gehuwd op de genoemde huwelijkse_voorwaardenJa, want de woning wordt alleen door Mimi bewoondKernbegrip: Echtgenoten en handelingsbevoegdheid; zoeken in register==>> Echtgenoten, handelingsbevoegdheid ==>> BW 1:88 In BW 1:881-a is vermeld dat toestemming van de andere echtgenoot nodig bij vervreemding van de door de andere echtgenoot bewoonde woning Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 is ongehuwd en heeft geen kind(eren). Op het moment dat zij overlijdt zijn haar beide ouder(s) en haar drie broer(s) nog in leven. Karla heeft geen testament gemaakt. Haar vermogen bedraagt Euro 12.000,--. Hoeveel ontvangt haar jongste broer ? Euro 2.000,-- Euro 2.400,-- Niets, alles gaat naar de ouder(s)Geen testament / uiterste_wil, dan erfopvolging_bij_versterf Kernbegrip: Erfopvolging_bij_versterf; zoeken in register==>> erfopvolging_bij_versterf ==>> BW 4:9 e.v. In BW 4:10 is vermeld dat de ouder(s) en de broer(s) erven In BW 4:11-1 is gesteld dat ze voor gelijke delen erven In BW 4:11-3 is gesteld dat iedere ouder minstens een kwart krijgt De nalatenschap bedraagt Euro 12.000,-- Volgens BW 4:11-1 krijgt ieder 1/5 X 12.000 = 2.400 euro Volgens BW 4:11-3 krijgt iedere ouder minstens 12.000 / 4 = 3.000 euro Dus 12.000 - ( 2x 3.000 ) = 6.000 euro over vor de broer(s) Iedere broer krijgt dan 6.000 / 3 = 2.000 euro Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 GGF'7IY!]G- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag09Vraag09cPaul, een weduwnaar met drie kinderen, heeft bij testament aan zijn vriendin Rosa een caravan gelegateerd. Tijdens zijn leven verkoopt Paul de caravan aan zijn zoon Simon. Rosa vordert na het overlijden, van Paul de caravan van Simon. Wat is rechtens juist? Simon moet de caravan afgeven aan RosaPaul kon de caravan niet verkopen, daar deze bij testament was gelegateerdDe caravan maakt geen deel meer uit van de nalatenschap, de vordering tot afgifte zal geen succes hebbenKernbegrip: Legaat; zoeken in register==>> Legaat, vervallen - van een goed ... ==>> BW 4:49 e.v. De caravan maakt geen deel meer uit van de nalatenschap, de vordering tot afgifte zal geen succes hebben Dus antwoord C--y---39---------------------------------60Q&5I++Q- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag08Vraag08aKarla ((6IKU)?m- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag10Vraag10bEen legataris is iemand die ...recht heeft op een wettelijk_erfdeelvan de erflater krachtens testament een bepaald vermogensbestanddeel verkrijgtdoor de erflater als erfgenaam voor een evenredig gedeelte van de nalatenschap is benoemdKernbegrip: Legaat; zoeken in register ==>> Legaat ==>> BW 4:117 e.v. In BW 4:117-1 is vermeld dat een legaat een uiterste_wilsbeschikking is waarin de erflater aan een of meer personen een vorderingsrecht toekent Een vorderingsrecht is een gedeelte van een positief saldo ( = een bepaald vermogensbestanddeel ) en bevat geen schuld(en) Dus antwoord B Bij de antwoorden A en C is sprake van erfgenamen; bij B van een legataris--y---39---------------------------------60 z)7Ic %- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag11Vraag11cWie heeft toestemming van de kantonrechter nodig om een rechtsgeldige, uiterste_wilsbeschikking te maken ? Piet, indien hij minderjarig is doch ouder is dan l6 jaarJan, indien hij onder curatele is gesteld wegens drankmisbruikAlbert, indien hij onder curatele is gesteld wegens een geestelijke_stoornisKernbegrip: Uiterste_wilsbeschikking; zoeken in register ==>> Uiterste_wilsbeschikking, bekwaamheid tot maken ==>> BW 4:55 e.v. In BW 4:55-2 is vermeld dat hij die wegens een geestelijke_stoornis onder curatele staat slechts met toestemming van de kantonrechter een uiterste_wilsbeschikking kan maken Dus antwoord C--y---39---------------------------------60*5IA?uK- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag12Vraag12bAd geeft aan zijn vrouw Bea, met wie hij buiten gemeenschap_van_goederen is gehuwd, een algehele_volmacht / algemene_volmacht om hem in alle opzichten te vertegenwoordigen in daden van beheer en beschikking over zijn vermogen, zulks met de macht van substitutie. Enkele jaren later wordt Ad in een psychiatrisch ziekenhuis opgenomen. Er wordt geen curator of bewindvoerder benoemd. Enkele jaren daarna overlijdt Ad, terwijl Bea nog in leven is. Op welk moment eindigt in bovenstaande situatie de volmacht ? Bij het overlijden van BeaBij het overlijden van AdBij de opname van Ad in het psychiatrisch ziekenhuisKernbegrip: Volmacht; zoeken in register ==>> Volmacht, einde ==>> BW 3:72 en 3:73 In BW 3:72-a is vermeld dat de volmacht eindigt met de dood van de volmachtgever, of van de gevolmachtigde Bea, de gevolmachtigde leeft nog, maar de volmacht eindigt door de ddod van Ad. Dus antwoord B--y---39---------------------------------60directeur(en). In welk geval is Vastgoed B.V. aan de door Pot aangegane transactie gebonden ? Indien Piloot afging op de door Pot gewekte schijnIndien Vastgoed B.V. door de overeenkomst gebaat isIndien achteraf de transactie door een der directeur(en) wordt bekrachtigdKernbegrip: Vertegenwoordigingsbevoegdheid; zoeken in register ==>> Vertegenwoordigingsbevoegdheid bestuurder(s) b.v. ==>> BW 2:240 In BW 2:240-4 is vermeld dat ook aan anderen dan bestuurder(s), vertegenwoordigingsbevoegdheid bij statuten kunnen worden toegekend Pot is buiten zijn boekje gegaan en heet in feite voor eigen_rekening gehandeld; hij is in feite aansprakelijk voor de ontstane verbintenis(sen) / schuld(en) tenzij convalescentie ( BW 3:58 ) wordt toegepast Kernbegrip: Bekrachtiging en rechtshandeling; zoeken in register ==>> Bekrachtiging van rechtshandeling(en) ==>> BW 3:58 - het achteraf goedkeuren van een niet rechtsgeldige rechtshandeling ( = convalescentie ) Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 "["-,8I =- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag14Vraag14aWelke van de onderstaande uitspraken met betrekking tot vertegenwoordiging, volmacht of bemiddelingsovereenkomst(en) is juist ? Een volmacht is de bevoegdheid die een volmachtgever verleent aan een ander +6I?qs!- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag13Vraag13cDe statuten van Vastgoed B.V. bepalen dat de vennootschap in en buiten_rechte vertegenwoordigd kan worden door procuratiehouder ( niet bestuurder ) Pot. Deze bevoegdheid, die op de voorgeschreven wijze(n) is gepubliceerd, is in zoverre beperkt dat Pot voor transactie(s) die een bedrag van Euro 50.000,-- te boven gaan, voorafgaande toestemming behoeft van n der bestuurder(s) ( directeur(en) ) van Vastgoed B.V. Op een dag gaat Pot een overeenkomst aan met de heer Piloot voor een bedrag van Euro 100.000,-- zonder de vereiste toestemming en zonder medeweten van de om in zijn naam rechtshandeling(en) te verrichtenDe bemiddelingsovereenkomst is een bijzonder type van de overeenkomst van opdracht waarbij de opdrachtgever de overeenkomst niet voortijdig kan opzeggenWanneer een verkoper een makelaar opdracht geeft voor hem te bemiddelen bij de verkoop van een onroerende_zaak, houdt dt tevens in dat de verkoper de makelaar de bevoegdheid verleent hem te vertegenwoordigen tijdens de onderhandeling(en) met potentile koper(s)Kernbegrip: Volmacht; zoeken in register ==>> Volmacht, definitie ==>> BW 3:60 In BW 3:60-1 is vermeld dat: een volmacht is de bevoegdheid die een volmachtgever verleent aan een ander. de gevolmachtigde, om in zijn naam rechtshandeling(en) te verrichten Dit ondersteunt antwoord A Een overeeenkomst kan worden ontbonden, na bijvoorbeeld niet-nakoming van de schuldenaar Dit ondergraaft antwoord B Opdracht_tot_bemiddeling = bemiddelingsovereenkomst is geen volmacht Dit ondergraaft antwoord C Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 oo -6IKEy!- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag15Vraag15bHuizer laat een antieke kast repareren door Van de Ark, zelfstandig gevestigd meubelrestaurateur. Als de reparatie is verricht, haalt Huizer de kast op. Van de Ark zegt de factuur later die week te zullen toesturen. Huizer is niet van zins de factuur te betalen. Nog diezelfde week wordt het faillissement van Huizer uitgesproken. Van de Ark heeft ...een retentierecht op de kasteen bevoorrechte_vordering op de netto-executieopbrengst van de kasteen bevoorrechte_vordering_op_alle_goederen van HuizerKernbegrip: Voorrecht; zoeken in register ==>> Voorrechten op bepaalde goederen ==>> BW 3:280 en BW 3:283 e.v. In BW 3:284-1 is vermeld dat als er kosten tot behoud van een goed zijn gemaakt, de betreffende vordering bevoorrecht is Zie ook BW 3:285 Dus antwoord B--y---39---------------------------------60 :.6IS5A9- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag16Vraag16cEigenaar A, over wiens erf de takken van de bomen van zijn buurman B overhangen, mag die takken ...nooit zelf afsnijdenzonder meer zelf afsnijdenafsnijden, indien de buurman op zijn eerste aanmaning heeft geweigerd dat zelf te doenKernbegrip: Erf; zoeken in register ==>> Erf, beplanting(en) ==>> BW 5:42 en 5:44 ) In BW 5:44-1 is vermeld dat overhangende takken na aanmaning mogen worden weggenomen en behouden Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 {/5I''5 - Examen Privaatrecht 2005 - IVraag17Vraag17aPiet verkoopt aan Klaas eikenhouten tafel(s). Tevens verhuurt Piet aan Klaas een bedrijfsruimte. Als zekerheid voor de betaling van de huurpenning(en) behoudt Piet zich de eigendom voor van de afgeleverde tafel(s). Wat geldt voor dit eigendomsvoorbehoud ? Het is nietigHet is geldigHet is vernietigbaarKernbegrip: Eigendomsvoorbehoud; zoeken in register ==>> Eigendomsvoorbehoud ==>> BW 3:92 In BW 3:92-2 is vermeld dat zulks alleen maar mag in geval van de levering van zaken of m.b.t. verrichten van werkzaamheden, en dus niet in geval van huur want dan wordt ze voor ongeschreven gehouden ( = nietig ) Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 n04ImMek{- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag18Vraag18cOp welke wijze kan een retentierecht eindigen ? Als de schuldenaar failliet gaatAls de zaak in de macht van de retentor komtAls de zaak in de macht van de schuldenaar komtKernbegrip: Retentierecht; zoeken in register ==>> Retentierecht ==>> BW 3:20-3 en BW 3:290 e.v. Van BW 3:20-3 worden we niet veel wijzer terzake, dus bij BW 3:290 verder in de kantlijn kijken In BW 3:294 is vermeld dat het retentierecht eindigt als de zaak in de macht van de schuldenaar komt Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 @lHt$P|+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag17/+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag180+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag191+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag202+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag213+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag224+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag235+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag246+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag257+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag268+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag279+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag28:+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag29;+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag30<+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag31=+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag32>+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag33?+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag34@+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag35A+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag36B 8I1 [    - Examen Privaatrecht 2005 - IVraag19Vraag19aAns en Bas, ongehuwd samenwonend en Corrie en Dirk, gehuwd buiten gemeenschap_van_goederen, kopen op 1 mei 2004 gezamenlijk een woning om in te gaan wonen. Noch bij de levering, noch later wordt iets bijzonders geregeld met betrekking tot ieders deelgerechtigheid. Op 1 april 2005 besluiten Corrie en Dirk echtscheiding aan te vragen. Corrie ( zuster van Bas ) wil in de woning blijven wonen. Wat geldt juridisch ten aanzien van het aandeel van Dirk in de woning ? Dirk kan in beginsel dit aandeel overdragen aan wie hij wilDirk dient dit aandeel zonder meer over te dragen aan CorrieDirk dient dit aandeel aan te bieden aan zijn mede-deelgenotenKernbegrip: Gemeenschap; zoeken in register ==>> Gemeenschap, beschikkingsbevoegdheid over aandeel ==>> BW 3:175 en 3:190 e.v.~18I1 [- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag19Vraag19aAn0hgenaar van de auto geworden; hij moet de auto in eigendom overdragen aan de oorspronkelijke eigenaar ArieArie is nog steeds eigenaar van de auto maar Bastiaan hoeft hem die pas terug te geven, wanneer Arie de door Bastiaan aan de monteur betaalde koopprijs aan Bastiaan heeft vergoedKernbegrip: Verkrijging_van_goederen en verlies_van_goederen; zoeken in register ==>> Verkrijging_van_goederen ==>> BW 3:80 e.v. In BW 3:80-2 is vermeld dat men goederen onder bijzondere_titel middels onder meer overdracht kan verkrijgen In BW 3:84-1 is vermeld dat voor overdracht van een goed het volgende is vereist: levering; geldige_titel en beschikkingsbevoegdheid - de monteur was niet beschikkingsbevoegd In BW 3:86-1 is vermeld dat de overdracht van een goed door een niet-beschikkingsbevoegde aan een verkrijger te_goeder_trouw geldig is - Bastiaan is echter niet_te_goeder_trouw staat in de vraagstelling vermeld, dus Bastiaan is geen eigenaar geworden Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 PP$28Ia#{qy- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag20Vraag20aArie geeft zijn auto ter reparatie af aan garage Xerxes. De monteur van de garage verkoopt en levert zonder daartoe gerechtigd te zijn de auto aan Bastiaan, die niet_te_goeder_trouw is. Welke van de navolgende uitspraken is juist ? Arie is nog steeds eigenaar van de auto en kan deze onmiddellijk opvorderenBastiaan is ei 5IoGY[    - Examen Privaatrecht 2005 - IVraag21Vraag21aVerberne koopt een auto op afbetaling van garage Stolk. De auto wordt twee dagen na het aangaan van de koopovereenkomst afgeleverd. Wanneer wordt hij eigenaar van de auto ? Bij de aflevering van de autoBij de betaling van de laatste termijnBij het aangaan van de koopovereenkomstKernbegrip: Afbetaling; zoeken in register ==>> Afbetaling, koop en verkoop op - ==>> BW 7A:1576 e.v. Uit BW 7A:1576-1 jo. BW 7A:1576h-1 valt af te leiden dat bij koop op afbetaling de eigendom van de zaak overgaat door de enkele aflevering van de zaak, want in BW 7A:1576h-1 is expliciet gesteld dat bij huurkoop de eigendom van de zaak NIET overgaat door de enkele aflevering van de zaak terwijl bij koop_op_afbetaling ( BW 7A:1576-1 ) zulks NIET expliciet is gesteh35IoGY[ - Examen Privaatrecht 2005 - IVraag21Vraag21aVerbe0ianbiedenDe eigendomsoverdracht kan niet meer bewerkstelligd worden. De notaris kan de afschrift(en) niet meer bij het kadaster ter inschrijving aanbieden, daar de verkoper is overledenKernbegrip: Onroerende_zaken en levering; zoeken in register ==>> Onroerende_zaken, levering ==>> BW 3:89 In BW 3:89-1 is vermeld dat levering geschied bij notarile_akte + inschrijving in kadaster De levering is onderdeel van de overdracht, want voor overdracht van onroerende_zaak is nodig ( BW 3:84-1 ): - levering + inschrijving in kadaster - geldige_titel - beschikkingsbevoegdheid van de vervreemder De leveringsakte is door de verkoper getekend In BW 3:89-1 is vermeld dat zowel de vervreemder als de verkrijger de kate kan doen inschrijven, dus - de verkrijger kan dat nog steeds doen na overlijden van de verkoper, de - verkoper is daarvoor niet nodig - overigens doet gewoonlijk de notaris bij volmacht de akte inschrijven Dus antwoord B--y---39---------------------------------60 248I ;m?- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag22Vraag22bAlbert tekent bij de notaris de akte_van_levering van zijn villa die hij heeft verkocht. Na het tekenen, doch voordat de notaris de afschrift(en) naar het kadaster heeft verzonden, overlijdt Albert. Welke van de onderstaande veronderstelling(en) is juist ? De erfgenamen van Albert moeten alsnog meewerken aan de leveringDe eigendomsoverdracht kan toch bewerkstelligd worden. De notaris kan ( de afschriften van ) de akte gewoon bij het kadaster ter inschrijving a  66IkCGUCc- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag24Vraag24bCasus behorend bij de vragen 24 en 25. Ad heeft aan Barend zijn .57Ik- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag23Vraag23bIn welk van onderstaande gevallen is sprake van vermenging ? De garagehouder zet een nieuw wiel aan een autoEen wever weeft garen(s) van twee klant(en) tot n tapijtEen kunstenaar stelt van roestig schroot n kunstwerk samenKernbegrip: Vermenging; zoeken in register ==>> Vermenging ==>> BW 5:15 In BW 5:15 is vermeld dat vermenging optreedt als onroerende_zaken die aan verschillende eigenaar(s) toebehoren tot n zaak worden verenigd; dit ondersteund antwoord B Antwoord A is natrekking volgens BW 5:14 Antwoord C is zaaksvorming volgens BW 5:16, tenzij - het schroot hem niet toebehoorde EN hij het kunstwerk NIET voor zichzelf vervaardigde Dus antwoord B--y---39---------------------------------60woning verkocht. Aangezien de levering pas een half jaar later zal plaatsvinden, gaat Ad ermee akkoord dat Barend de bij de woning behorende carport reeds nu verbouwt tot garage. Aldus geschiedt. Het blijkt echter dat Barend zijn financiering niet rond krijgt en de koopsom voor de woning niet kan betalen. Barend beroept zich vervolgens op de ontbindende_voorwaarde ten aanzien van de financiering in de koopovereenkomst. Wat is de juridische positie van Ad ten aanzien van de garage ? Hij is houder van de garageHij is eigenaar van de garageHij is alleen bezitter van de garageKernbegrip: Natrekking; zoeken in register ==>> Natrekking ==>> BW 5:14 Dit artikel slaat echter op roerende_zaken ( BW 5:4 t /m/ 5:19 ) Verder kijken tot bij onroerende_zaken ( BW 5:20 e.v. ) In BW 5:20-e is vermeld dat - de eigendom van de grond omvat, onder meer, voor zover de wet niet anders bepaalt ( BW 5:20 ): - gebouw(en) en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd ( BW 5:20e ) - hetzij rechtreeks hetzij door vereniging met andere gebouw(en) en werk(en) - voor zover ze geen onderdeel zijn van eens anders onroerende_zaak De wijziging van de carport in een garage heeft tot gevolg dat door natrekking de eigenaar van de grond, eigenaar van de garage wordt Ad is nog steeds eigenaar van de grond, want er heeft nog geen levering en / of overdracht aan Barend plaatsgevonden, dus - is Ad eigenaar van de garage Dus antwoord B--yCasus behorend bij de vragen 24 en 25. Ad heeft aan Barend zijn woning verkocht. Aangezien de levering pas een half jaar later zal plaatsvinden, gaat Ad ermee akkoord dat Barend de bij de woning behorende carport reeds nu verbouwt tot garage. Aldus geschiedt. Het blijkt echter dat Barend zijn financiering niet rond krijgt en de koopsom voor de woning niet kan betalen. Barend beroept zich vervolgens op de ontbindende_voorwaarde ten aanzien van de financiering in de koopovereenkomst. --39---------------------------------60 ten aanzien van de financiering in de koopovereenkomst. Op welke mogelijke grond zou Barend een financile vergoeding van Ad kunnen vorderen ? Einde casusWegens zaakwaarnemingWegens aanneming_van_werkWegens onverschuldigde_betalingKernbegrip: Zaakwaarneming; zoeken in register ==>> Zaakwaarneming, omschrijving ==>> BW 6:198 - het zich willens en wetens en op redelijke grond inlaten met de behartiging van eens anders belang, zonder de bevoegdheid daartoe aan een rechtshandeling of een elders in de wet geregelde rechtsverhouding te ontlenen ( BW 6:198 ) - dat is hier niet aande orde en ondergraaft antwoord A Kernbegrip: Aanneming_van_werk; zoeken in register ==>> Aanneming_van_werk ==>> BW 7:750 e.v. - is de overeenkomst waarbij de ene partij, de aannemer, zich jegens de andere_partij, de opdrachtgever, verbindt om buiten dienstbetrekking een werk van stoffelijke aard tot stand te brengen en op te leveren, tegen een door de opdrachtgever te betalen prijs in geld ( BW 7:750 ) - er is hier geen sparake van opdracht van Ad aan Barend en ondergraaft antwoord B Kernbegrip: Onverschuldigde_betaling; zoeken in register ==>> Onverschuldigde_betaling, zonder rechtsgrond ==>> BW 6:203 e.v. Verder kijken in de kantlijn Anderssoortige_prestatie(s) BW 6:210 In BW 6:210-2 is vermeld dat als de prestatie niet ongedaan kan worden gemaakt, de ontvanger, als hij is verrijkt, een vergoeding is verschuldigd Dus antwoord C--yCasus behorend bij de vragen 24 en 25. Ad heeft aan Barend zijn woning verkocht. Aangezien de levering pas een half jaar later zal plaatsvinden, gaat Ad ermee akkoord dat Barend de bij de woning behorende carport reeds nu verbouwt tot garage. Aldus geschiedt. Het blijkt echter dat Barend zijn financiering niet rond krijgt en de koopsom voor de woning niet kan betalen. Barend beroept zich vervolgens op de ontbindende_voorwaarde ten aanzien van de financiering in de koopovereenkomst. --39---------------------------------60 O]3]J86Isy ?- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag26Vraag26cDe gemeente X geeft aan Ab een perceel grond in erfpacht uit. Enige tijd later geeft Ab aan dat hij graag d” 76I37?Kuc- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag25Vraag25cCasus behorend bij de vragen 24 en 25. Ad heeft aan Barend zijn woning verkocht. Aangezien de levering pas een half jaar later zal plaatsvinden, gaat Ad ermee akkoord dat Barend de bij de woning behorende carport reeds nu verbouwt tot garage. Aldus geschiedt. Het blijkt echter dat Barend zijn financiering niet rond krijgt en de koopsom voor de woning niet kan betalen. Barend beroept zich vervolgens op de ontbindende_voorwaarde6Isy ?    - Examen Privaatrecht 2005 - IVraag26Vraag26cDe gemeente X geeft aan Ab een perceel grond in erfpacht uit. Enige tie volle_eigendom van het perceel wil verkrijgen. Hoe kan dit worden bereikt ? De gemeente doet afstand van het recht_van_erfpachtDe gemeente verklaart het recht_van_erfpacht vervallenDe gemeente levert de eigendom belast met het recht_van_erfpachtKernbegrip: Erfpacht; zoeken in register ==>> Erfpacht ==>> BW 5:85 De gemeente X is de eigenaar van de grond, en er is een recht_van_erfpacht gevestigd ten name van Ab De gemeente kan geen afstand doen; hoogstens Ab kan afstand doen van dit beperkt_recht middels bijvoorbeeld overdracht ( BW 3:83 e.v. ) De gemeente kan dit recht niet zo ( BW 3: maar vervallen verklaren ( BW 3:86-2 ) - zie verder ook Beperkt_recht, tenietgaan van - ( BW 3:81-2 ) - kan dus niet door de gemeente vervallen worden verklaard in dit geval De gemeente kan de eigendom van de grond overdragen aan Ab, waardoor - middels vermenging, het beperkt_recht tenietgaat ( BW 3:81-2-e ) en Ab de volle_eigendom verkrijgt Dus antwoord C--y---39---------------------------------60g van het met haar afgesproken salaris. Heeft zij hier recht op ? Ja, Bastiaan moet gedurende 104 weken tenminste 70% van haar loon uitbetalenJa, Bastiaan moet gedurende 104 weken tenminste 70% van het voor haar geldende wettelijk minimumloon uitbetalenNee, Bastiaan behoeft slechts gedurende 6 weken tenminste 70% van haar loon uitbetalenKernbegrip: Arbeidsovereenkomst; zoeken in register ==>> Arbeidsovereenkomst, doorbetaling van loon bij ziekte ==>> BW 7:629 Arbeidsovereenkomst hoeft niet per se schriftelijk, maar - moet wel schriftelijk zijn in geval van tussentijdse_opzegging ( BW 7:6267-3 ), etc. In BW 7:629-1 is vermeld dat: - 104 weken recht op 70 % van het naar tijdruimte vastgesteld loon, waarbij - de eerste 52 weken minimaal recht op het minimumloon In BW 7:629-2 is vermeld dat dit slecht gedurende 6 weken hoeft indien minder dan 4 dagen per week wordt gewerkt ten behoeve van het huishouden van de opdrachtgever Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 @98IS%k9- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag27Vraag27cCarla werkt sinds 1 januari 2004 twee dagen per week bij Bastiaan thuis. Ze verricht huishoudelijke werkzaamheden. De afspraken omtrent salaris, werktijd(en) en vakantiedagen zijn summier schriftelijk vastgelegd. Over doorbetaling bij ziekte is niet gesproken. Op 14 januari 2005 keert Carla met een gebroken been terug van haar vakantie in Spanje en meldt zich ziek. Met enige regelmaat informeert Bastiaan naar Carlas welzijn. Hij betaalt haar salaris door. Als Bastiaan op 25 april 2005 aan Carla vraagt wanneer zij haar werkzaamheden denkt te hervatten, antwoordt zij dat dit nog wel drie maanden kan duren. Bastiaan meldt daarop dat hij vanaf 1 mei 2005 Carla haar salaris niet meer zal doorbetalen. Carla eist echter doorbetalin van Euro 950,--. De fiets zal door Maas worden afgesteld en op 22 maart 2005 worden bezorgd. Op 11 maart 2005 gaat het magazijn van Maas door overmacht teniet. Ook de door Piet gekochte fiets gaat verloren. Wat is juridisch juist ? Piet moet de koopsom betalen, het risico ging op 1 maart 2005 op hem over Piet kan vernietiging van de koopovereenkomst vorderen en de schade op zijn verzekeraar verhalenPiet kan de koopovereenkomst zelf ontbinden en is dan geen betaling van de koopsom verschuldigdKernbegrip: Nakoming van verbintenis(sen); zoeken in register ==>> Nakoming van verbintenis(sen), tekortkoming in - ==>> BW 6:74 In BW 6:74-1 is vermeld dat de schuldenaar schadevergoeding moet betalen tenzij de tekortkoming hem niet is toe te rekenen Kernbegrip: Ontbinding en overeenkomst; zoeken in register ==>> Ontbinding van overeenkomst(en) ==>> BW 6:265 In BW 6:265-1 is vermeld dat de wederpartij bij niet-nakoming door de schuldenaar bevoegd is te ontbinden Kernbegrip: Nakoming van verbintenis(sen); zoeken in register ==>> Nakoming van verbintenis(sen), opschortingsrechten - ==>> BW 6:52 In BW 6:52-1 is vermeld dat de schuldenaar mag opschorten indien ..... In BW 6:54-2 is vermeld dat geen recht van opschorting bestaat indien de nakoming blijvend onmogelijk is ... - er wordt in BW 6:54-2 verwezen naar BW 6:264, waarin weer verder wordt verwezen naar BW 6:262 en 6:263, waarbij - in BW 6:263-1 is vermeld dat de partij die het eerst moet presteren, nakoming kan opschorten als de wederpartij niet zal nakomen ( = onzekerheidsexceptie = BW 6:263 ) Dus antwoord C--yDe vragen 28 en 29 vormen een casus. Piet koopt bij Maas op 1 maart 2005 een overjarige racefiets met 20 versnellingen, merk Antilope, voor de zeer aantrekkelijke prijs van Euro 950,--. De fiets zal door Maas worden afgesteld en op 22 maart 2005 worden bezorgd. Op 11 maart 2005 gaat het magazijn van Maas door overmacht teniet. Ook de door Piet gekochte fiets gaat verloren.--39---------------------------------60  :9I;OKK- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag28Vraag28cDe vragen 28 en 29 vormen een casus. Piet koopt bij Maas op 1 maart 2005 een overjarige racefiets met 20 versnellingen, merk Antilope, voor de zeer aantrekkelijke prijseide fiets(en) is te gering Ja, deze fiets bezit dezelfde eigenschap(pen) als de AntilopeNee, het is een andere zaak dan overeengekomenHet betreft hier een specieszaak Kernbegrip: Koop, beantwoording aan de overeenkomst; zoeken in register ==>> Koop, beantwoording afgeleverde zaak aan overeenkomst ==>> BW 7:17 Kernbegrip: Conformiteit; zoeken in register ==>> Niets te vinden, dus uit theorie ==>> BW 7:17 In BW 6:17-3 is vermeld dat als een andere zaak is gelevedr dan is overeengekomen, de zaak niet aan de overeenkomst beantwoord en er dus sprake van niet-nakoming is. Dus antwoord C--yDe vragen 28 en 29 vormen een casus. Piet koopt bij Maas op 1 maart 2005 een overjarige racefiets met 20 versnellingen, merk Antilope, voor de zeer aantrekkelijke prijs van Euro 950,--. De fiets zal door Maas worden afgesteld en op 22 maart 2005 worden bezorgd. Op 11 maart 2005 gaat het magazijn van Maas door overmacht teniet. Ook de door Piet gekochte fiets gaat verloren.--39---------------------------------60 55?;7Ii'- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag29Vraag29cDe vragen 28 en 29 vormen een casus. Piet koopt bij Maas op 1 maart 2005 een overjarige racefiets met 20 versnellingen, merk Antilope, voor de zeer aantrekkelijke prijs van Euro 950,--. De fiets zal door Maas worden afgesteld en op 22 maart 2005 worden bezorgd. Op 11 maart 2005 gaat het magazijn van Maas door overmacht teniet. Ook de door Piet gekochte fiets gaat verloren. Maas gaat op zoek naar een oplossing. Op 14 maart 2005 weet hij een gelijkwaardige racefiets van het merk Germaan te bemachtigen. Ondanks het feit dat deze fiets uit de collectie 2005 is, en dus duurder dan de door Piet gekochte Antilope, biedt Maas Piet de fiets aan voor dezelfde prijs. Piet is echter sinds jaar en dag een Antilope-fietser en weigert de hem aangeboden Germaan-fiets. Moet Piet de Germaan-fiets accepteren als vervanging ? Einde casus.Ja, de afwijking tussen b h|<8Ic1M- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag30Vraag30aKaψR=7I-#G- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag31Vraag31aCha˃>5I/MKwg- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag32Vraag32cBij een zogenoemd derdenbeding, geldt ten aanzien van de prestatie dat deze ... alleen uit een geven kan bestaanalleen uit een doen kan bestaan uit een geven, een doen of een niet-doen kan bestaanKernbegrip: Derdenbeding; zoeken in register ==>> Derdenbeding ==>> BW 6:253 e.v. In BW 6:253 is niets vermeld omtrent een geven, een doen of een niet-doen Dus antwoord C--y---39---------------------------------60-?7IAquM- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag33Vraag33cDe ͉ @7IG]}- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag34Vraag34aDe vragen 33 en 34 vormen een casus. Kareuffeur Erik, in dienst van De Keukenspecialist B.V., parkeert de auto van de zaak niet op het naastgelegen openbare lege parkeerterrein, maar op de stoep van de woning van de klant waar hij in opdracht van zijn werkgeefster de gekochte keuken moet afleveren en installeren. Hij realiseert zich dat hij kans loopt op een parkeerbon. De Keukenspecialist B.V. ontvangt inderdaad de bekeuring. Kan de werkgeefster deze bekeuring op Erik verhalen ? Zo ja, waarom ? Ja, omdat de bekeuring een gevolg is van zijn opzet / bewuste roekeloosheidJa, omdat een werknemer die bij de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst schade aan zijn werkgever toebrengt altijd aansprakelijk isNee Kernbegrip: Aansprakelijkheid en werknemer; zoeken in register ==>> Aansprakelijkheid voor ondergeschikte(n) ==>> BW 6:170 e.v. In BW 6:170-3 is vermeld dat de ondergeschikte niet in de schadevergoeding behoeft bij te dragen, tenzij bij opzet of bewuste roekeloosheid Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 ZC7IE/gQ+- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag37Vraag37aEen importeur verkoopt en levert vijf nieuwe auto(s) aan garagebedrijf Handel B.V. Tijdens een technische controle blijkenхB5Ic7Ea- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag36Vraag36cIs een overeenkomst die tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en die bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten, nietig dan wel vernietigbaar ? Te allen tijde nietigTe allen tijde vernietigbaarVernietigbaar onder bepaalde voorwaarde(n)Kernbegrip: Dwaling; zoeken in register ==>> Dwaling, vernietigbare_overeenkomst i.v.m. - ==>> BW 6:228 In BW 6:228-1 is de tekst vermeld die in de vraagstelling voorkomt In BW 6:228-1-a t / m -c zijn een aantal voorwaarde(n) gegeven Dus antwoord C--y---39---------------------------------60jA7IY ;C- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag35Vraag35cAb en Bas vragen 33 en 34 vormen een casus. Karel verkoopt zijn woning voor een bedrag van Euro 150.000,-- aan Joke. Voor de levering krijgen Karel en Joke onenigheid. Karel bedenkt zich en verkoopt de woning aan Gerard voor een bedrag van Euro 165.000,--. Wat is rechtens juist ? Karel is slechts jegens Joke tot levering gehoudenKarel is slechts jegens Gerard tot levering gehoudenKarel is zowel jegens Joke als jegens Gerard tot levering gehoudenKernbegrip: Koop en verplichting; zoeken in register ==>> Koop, verplichting van de verkoper ==>> BW 7:9 e.v. In BW 7:9-1 is vermeld dat de verkoper de zaak in eigendom moet overdragen / afleveren / leveren Dus antwoord C--yDe vragen 33 en 34 vormen een casus. Karel verkoopt zijn woning voor een bedrag van Euro 150.000,-- aan Joke. Voor de levering krijgen Karel en Joke onenigheid. Karel bedenkt zich en verkoopt de woning aan Gerard voor een bedrag van Euro 165.000,--. --39---------------------------------60l verkoopt zijn woning voor een bedrag van Euro 150.000,-- aan Joke. Voor de levering krijgen Karel en Joke onenigheid. Karel bedenkt zich en verkoopt de woning aan Gerard voor een bedrag van Euro 165.000,--. Zowel Joke als Gerard vorderen van Karel levering. Wat is rechtens juist ? Einde casus.Joke heeft het oudste recht en gaat voorJoke gaat voor mits zij dezelfde prijs als Karel betaaltKarel gaat voor omdat hij de hoogste prijs is overeengekomenKernbegrip: Koop en verplichting; zoeken in register ==>> Koop, verplichting van de verkoper ==>> BW 7:9 e.v. In BW 7:9-1 is vermeld dat de verkoper de zaak in eigendom moet overdragen / afleveren / leveren Degene met het oudste recht gaat voor. Dus antwoord A--yDe vragen 33 en 34 vormen een casus. Karel verkoopt zijn woning voor een bedrag van Euro 150.000,-- aan Joke. Voor de levering krijgen Karel en Joke onenigheid. Karel bedenkt zich en verkoopt de woning aan Gerard voor een bedrag van Euro 165.000,--. --39---------------------------------60relsen ontvangt ongevraagd een boek van een bekende schrijver. In het begeleidende schrijven staat dat dit een unieke kans is om literatuur aan te schaffen voor de lage prijs van Euro 15,--. Mocht Karelsen het boek niet binnen 14 dagen hebben geretourneerd, dan wordt hij geacht het te hebben aanvaard voor de gevraagde prijs. Wat is in deze juridisch juist ? Karelsen hoeft noch het boek te retourneren, noch de koopsom te betalenWil Karelsen het boek niet behouden, dan moet hij deze binnen 14 dagen retournerenReageert Karelsen niet binnen 14 dagen, dan wordt hij geacht het aanbod te hebben aanvaard en is de koopovereenkomst tot stand gekomen Kernbegrip: Koop en ongevraagd toezenden; zoeken in register ==>> Koop, ongevraagd toezenden van een zaak ==>> BW 7:7 In BW 7:1-1 is vermeld dat bij ongevraagde toezending ....., de zaak mag worden behouden Dus antwoord A--y---39---------------------------------60sluiten als particulier(en) een koopovereenkomst met betrekking tot een appartementsrecht te Amsterdam. Bas, de koper, beroept zich na enkele weken op een ontbindende_voorwaarde terzake van financiering. Ab stelt dat partij(en) dit niet schriftelijk zijn overeengekomen. Bas stelt dat na het sluiten van de overeenkomst partij(en) mondeling een dergelijke, overigens ook gebruikelijke voorwaarde zijn overeengekomen. Wat is rechtens juist ? Ab zal de ontbinding moeten accepterenBas zal moeten bewijzen dat een nadere overeenkomst is geslotenBas kan geen beroep doen op deze voorwaarde nu deze niet schriftelijk is overeengekomenKernbegrip: Koop en registergoed; zoeken in register ==>> Koop van een registergoed ==>> BW 7:3 In BW 7:2-1 is vermeld is dat de koop van een tot bewoning bestemde onroerende_zaak schriftelijk moet worden aangegaan In BW 7:2-3 is vermeld dat dit tevens geldt voor appartementsrecht(en) Dus antwoord C De vraag is later vervallen verklaard--y---39---------------------------------60 de auto(s) een gering defect aan het navigatiesysteem te hebben. Het garagebedrijf vordert aflevering van vijf nieuwe auto(s) ter vervanging alsmede schadeloosstelling. De importeur verklaart zich bereid uitsluitend het defect aan het navigatiesysteem van de auto(s) met bekwame spoed te herstellen en eventueel opgelopen schade te vergoeden. Moet het garagebedrijf het aanbod van de importeur rechtens accepteren ? Ja, zonder meer Nee, omdat het aanbod van de importeur in strijd is met de desbetreffende bepaling(en) inzake consumentenkoopNee, omdat de importeur op voorstel van de benadeelde partij slechts de keuze heeft tussen vervanging van de afgeleverde auto(s) of ontbinding van de overeenkomstKernbegrip: Koop; zoeken in register ==>> Koop, rechten koper ==>> BW 7:21 Kernbegrip: Koop en beperking; zoeken in register ==>> Koop, opheffing last of beperking ==>> BW 7:20 In BW 7:21-1-b is vermeld is vermeld dat de verkoper de zaak moet herstellen Dus antwoord A--y---39---------------------------------60zaak over. Vanaf die datum betalen Anton, Bernard, Cees en Dirk de huur niet meer, maar ook Gerard betaalt geen huur. Wat is in deze situatie juist ? Ferdinand behoeft Gerard onder geen beding te accepteren als huurder en hij kan Anton, Bernard, Cees en Dirk ieder aanspreken voor maximaal Euro 5.000,--Ferdinand behoeft Gerard niet zonder meer te accepteren als huurder en hij kan Anton, Bernard, Cees of Dirk ieder aanspreken voor het gehele bedragFerdinand heeft geen keus en hij moet Gerard als huurder accepteren in plaats van Anton, Bernard, Cees en Dirk en hij kan alleen Gerard aanspreken voor de achterstallige_huurKernbegrip: Huur en bedrijfsruimte; zoeken in register ==>> Huur van bedrijfsruimte ==>> BW 7:290 e.v. Verder kijken in de kantlijn tot Indeplaatsstelling ( BW 7:307 ) In BW 7:307 is vermeld dat ( als de verhuurder niet instemt ) de rechter beslist - dit ondergraaft antwoord C Hoofdelijk_aansprakelijk is ieder voor het geheel Dus antwoord B--y---39---------------------------------60 ThTE8Ie_?- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag39Vraag39aEen huurder van een woning heeft in 1995 met schriftelijke toestemming van de verhuurder een saunacabine " aard- en nagelvast " in de huurwoning geplaatst. Bij het einԍ D8I?3iM- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag38Vraag38bAnton, Bernard, Cees en Dirk huren gezamenlijk van Ferdinand een bedrijfsruimte als omschreven in art. 7: 290 lid 2 BW om daarin een cafbedrijf te exploiteren. De huurprijs bedraagt Euro 20.000,-- per jaar bij vooruitbetaling te voldoen. Overeengekomen is dat ieder der huurder(s) hoofdelijk_aansprakelijk zal zijn voor de huursom. Wanneer Anton, Bernard, Cees en Dirk onenigheid krijgen en het cafbedrijf willen verkopen en uit het pand willen vertrekken, zoeken en vinden zij een koper voor hun cafbedrijf. Deze koper, Gerard, neemt per 1 januari de de van de huurovereenkomst inspecteert de eigenaar / verhuurder de huurwoning. Hij constateert dat de huurder bij zijn vertrek de woning keurig en in originele staat heeft achtergelaten. De saunacabine heeft de hrder echter meegenomen. Wat is rechtens juist ? De saunacabine is door de huurder aangebracht en mag bij het einde van de huur door hem worden meegenomenDe saunacabine is destijds met toestemming van de verhuurder geplaatst. Wegnemen mag dan ook alleen met toestemming van de verhuurder. De saunacabine is door natrekking onderdeel van de woning uit gaan maken en is eigendom van de verhuurder geworden. De huurder had hem moeten laten staanKernbegrip: Huur en huurder en huurovereenkomst; zoeken in register ==>> Huur, verplichtingen van de huurder ==>> BW 7:212 e.v. Verder kijken in de kantlijn tot Ongedaanmaking verandering(en) ( BW 7:216 ) In BW 7:216 is vermeld dat de huurder tot de ontruiming bevoegd is verandering(en) ongedaan te maken Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 @lHt$P|+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag38D+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag39E+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag40F+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag41G+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag42H+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag43I+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag44J+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag45K+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag46L+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag47M+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag48N+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag49O+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag50P+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag51Q+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag52R+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag53S+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag54T+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag55U+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag56V+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag57W 776G7Iq- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag41Vraag41cEen׆VF7I{EEI- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag40Vraag40aWat is een verbintenis onder opschortende_voorwaarde ? Een verbintenis waarbij het ontstaan afhankelijk is van een toekomstige_onzekere_gebeurtenisEen verbintenis waarbij het tenietgaan afhankelijk is van een toekomstige_zekere_gebeurtenisEen verbintenis waarbij het tenietgaan afhankelijk is van een toekomstige_onzekere_gebeurtenisKernbegrip: Opschortende_voorwaarde; zoeken in register ==>> Opschortende_voorwaarde ==>> BW 6:22 In BW 6:22 is vermeld dat een opschortende voorwaarde de werking ( = het ontstaan ) van de verbintenis eerst met het plaatsvinden van de gebeurtenis doet aanvangen In BW 6:21 is vermeld dat met de gebeurtenis, een toekomstige_onzekere_gebeurtenis wordt bedoeld Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 pachter heeft een hoeve gepacht voor een periode van 12 jaar. Hij heeft tijdens de pacht een groot aantal verbetering(en) aan het gepachte aangebracht. Aangezien hij de pachtperiode niet wil verlengen, zal hij zijn vordering tot vergoeding van de verbetering(en) bij de verpachter moeten instellen ...tenminste 1 maand vr het einde van de pachtovereenkomsttenminste 2 maanden vr het einde van de pachtovereenkomsttenminste 3 maanden vr het einde van de pachtovereenkomstKernbegrip: Pacht; zoeken in register ==>> Pacht ==>> Pachtwet ( Pw ) of BW 7:311 e.v. Geen verder ingang in het register te vinden, dus bladeren In Pw 31-4 is vermeld dat de vordering ten minste 3 maanden voor het einde van de pacht moet zijn ingediend Let op: dat was in 2005 Nu ( 2008 e.v. ) is in BW 7:350-5 vermeld dat de vordering niet later dan 3 maanden NA het einde van de pachtovereenkomst kan worden ingesteld Dus ( destijds ) antwoord C--y---39---------------------------------60 I5I?)+QI- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag43Vraag43cEveline Evers en Frieda Folmer zijn beherende vennoten ( beherend_vennoot ) van de commanditaire_vennootschap ( C.V. ) Evers & Folmer. Geert Gerards is commanditair ل8H4Iw!a!- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag42Vraag42bKan een aandeel_op_naam in een N.V. worden verpand ? Ja, steedsJa, maar de statuten kunnen anders bepalenNee, nooitKernbegrip: Pand; zoeken in register ==>> Pandrecht aandelen n.v. en b.v. ==>> BW 2:85, 2:89 ( N.V. ) en 2:194 e.v., 2:198 ( B.V. ) Geen verder ingang in het register te vinden, dus bladeren In BW2:89-1 is vermeld dat een aandeel_op_naam kan worden verpand, voor de statuten niet naders bepalen Dus antwoord B--y---39---------------------------------60met een inbreng van Euro 30.000,-. De C.V. heeft tot doel de in- en verkoop van kruiden. De gegevens van de C.V. zijn op de voorgeschreven wijze gepubliceerd. Op 1 november 2003 koopt Gerards namens de C.V. voor Euro 50.000,-- een partij kruiden van Cache B.V. Deze transactie van Gerards levert de C.V. Euro 15.000,-- winst op. Betaling aan Cache B.V. blijft echter uit. Wie is / zijn aansprakelijk voor de schuld aan Cache B.V. ? Alleen de C.V.Alleen Gerards De C.V., Evers, Folmer en Gerards Kernbegrip: Commanditaire_vennootschap; zoeken in register ==>> Commanditaire_vennootschap ==>> WvK 19 e.v. Geen verder ingang in het register te vinden, dus bladeren In WvK 21 is vermeld dat als de commandiet beheersdaden pleegt ( = WvK 20-1 en -2 ) overtreedt, hij hoofdelijk_aansprakelijk is voor allle schuld(en) van de vennootschap Gerards wordt dus hoofdelijk_aansprakelijk naast de andere vennoten die reeds hoofdelijk_aansprakelijk zijn volgend Wvk 18 Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 EEHJ6I=e]- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag44Vraag44cWat wordt verstaan onder het maatschappelijk_kapitaal van een N.V. ? Het vermogen van de N.V.Het door de aandeelhouder(s) gestorte bedragHet nominaal_bedrag van alle, al of niet uitgegeven, aandelen van de N.V.Kernbegrip: Maatschappelijk_kapitaal en N.V.; zoeken in register ==>> Maatschappelijk_kapitaal en N.V. ==>> BW 2:64, 67, 78, 99 124 In BW 2:67-1 is vermeld dat het maatschappelijk_kapitaal in de statuten is vermeld Dus antwoord C--y---39---------------------------------60K6Iqi +- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag45Vraag45cWat is een verschil tussen de B.V. en de v.o.f. ? De v.o.f. is een rechtspersoon en de B.V. nietDe B.V. moet in het Handelsregister worden ingeschreven en de v.o.f. nietEen vennoot in een v.o.f. staat met zijn priv-vermogen in voor de schuld(en) van de v.o.f., een aandeelhouder van een B.V. nietKernbegrip: Vennootschap_onder_firma; zoeken in register ==>> Vennootschap_onder_firma ==>> WvK 16 e.v. Kernbegrip: B.V.; zoeken in register ==>> Besloten_vennootschap ==>> BW 2:175 Antwoord A: een v.o.f. is geen rechtspersoon en een B.V. wel, ondergraaft antwoord A Antwoord B: beide(n) moeten in het handelsregister worden ingeschreven - v.o.f. WvK 29 - B.V. BW 2:180-1 Antwoord C: - bij de v.o.f. is iedere vennoot hoofdelijk_aansprakelijk ( WvK 18 ) - bij de B.V. is iedere bestuurder NIET hoofdelijk_aansprakelijk, tenzij ..... ( BW 2:248 ) Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 5I9+EI5    - Examen Privaatrecht 2005 - IVraag46Vraag46bDe makelaar(s) Arends en Berends besluiten gezamenlijk een makelaarskantoor te beginnen. Daartoe sluiten zij op 1 januari 2003 een samenwerkingsovereenkomst. Daarbij spreken zij af dat zij hun arbeid zullen inbrengen en voor hun activiteit(en) een gemeenschappelijke_naam zullen gebruiken. Op grond van deze gegeven(s) kan worden vastgesteld dat de beoogde samenwerking zal plaatsvinden in de vorm van ...een maatschap een vennootschap_onder_firmaeen commanditaire_vennootschapKernbegrip: Maatschap; zoeken in register ==>> Maatschap ==>> BW 7A:1655 e.v. Kernbegrip: Vennootschap_onder_firma ==>> Vennootschap_onder_firma ==>> WvK 16 e.v. Kernbegrip: Commanditaire_vennootschap ==>> Commanditaire_vennootschap ==>> WvK 19 e.v. In WvK 16 is vermeld dat de vennootschap_onderL5I9+EI5- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag46Vraag46bDe ma0j KM7I 5e- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag47Vraag47aWat is de geldigheidsduur van een verklaring_van_geen_bezwaar van de Minister_van_Justitie bij de oprichting van een B.V. ? Drie maanden, met de mogelijkheid van verlenging van drie maandenZes maanden, met de mogelijkheid van verlenging van zes maandenDrie maanden maximaaKernbegrip: Verklaring_van_geen_bezwaar bij B.V.; zoeken in register ==>> Verklaring van geen bezwaar bij B.V. ==>> BW 2:179, 2:235 In BW 175-3 is vermeld dat de maximale geldigheidsduur 3 maanden is met een mogelijkheid tot verlenging met 3 maanden ( BW 2:179 jo. BW 2:175-2, -3 ) Dus antwoord A--y---39---------------------------------60N5I7)7Ka- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag48Vraag48cDe minderjarige(n) Janet en Pascale zijn respectievelijk voorzitter en secretaris van de stichting Ponyland. In de statuten van de stichting staat dat de voorzitter en de secretaris gezamenlijk bevoegd zijn de stichting in en buiten rechte te vertegenwoordigen en dat het bestuur onder meer bevoegd is registergoederen te verwerven. In hun hoedanigheid van bestuursleden van de stichting kopen zij een stuk land met daarop een stallencomplex om daar bejaarde pony(s) te huisvesten. Wat geldt ten aanzien van deze rechtshandeling ? Deze is nietigDeze is vernietigbaarDeze is zondermeer rechtsgeldigKernbegrip: Vertegenwoordigingsbevoegdheid en stichting; zoeken in register ==>> Vertegenwoordigingsbevoegdheid bestuur stichting ==>> BW 2:292 In BW 2:292 is vermeld dat het bestuur de stichting vertegenwoordigt; de minderjargheid van de bestuursleden staat daaraan niet in de weg Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 |O5I/cmo1- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag49Vraag49aPiet is huurder van een bedrijfsruimte. Op 1 mei 2005 gaat Piet failliet. Wat betekent dat feit voor de na 1 mei 2005 te betalen huursom(men) ? Deze zijn vanaf 1 mei 2005 boedelschuld(en)Deze zijn vanaf 1 mei 2005 preferente_schuld(en)Deze zijn vanaf 1 mei 2005 concurrente_schuld(en)Kernbegrip: Huur en faillissement; zoeken in register ==>> Huurovereenkomst in faillissement ==>> Fw 39 In Fw 39 is vermeld dat van de dag der faillietverklaring ad is de huurprijs boedelschuld Dus antwoord A--y---39---------------------------------60n verbintenis(sen) van voor het faillissementNee, Jan is door het faillissement beschikkingsonbevoegd gewordenKernbegrip: Faillissement en beschikkingsonbevoegd; zoeken in register ==>> Faillietverklaring, gevolgen ==>> Fw 20 e.v. Verder kijken in de kantlijn tot bij Verlies beschikking en beheer ( Fw 23 ) In Fw 23 is vermeld dat van de dag der faillietverklaring af (die dag daaronder begrepen ) de schuldenaar de beschikkingsbevoegdheid over zijn tot het faillissement behorend vermogen verliest Dus antwoord C--yDe vragen 50 t / m 52 vormen een casus. Jan, die in financile problemen zit en zijn huis moet verkopen is in onderhandeling met een makelaar namens een koper. Jan heeft haast en biedt het huis aan voor een prijs die ruim Euro 20.000,-- beneden de prijs van vergelijkbare pand(en) ligt. Partij(en) bereiken overeenstemming over een bedrag van Euro 200.000,--. Het transport wordt vastgesteld op 31 maart 2005. Op diezelfde dag wordt Jan failliet verklaard. --39---------------------------------60   kP9I='/;'- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag50Vraag50cDe vragen 50 t / m 52 vormen een casus. Jan, die in financile problemen zit en zijn huis moet verkopen is in onderhandeling met een makelaar namens een koper. Jan heeft haast en biedt het huis aan voor een prijs die ruim Euro 20.000,-- beneden de prijs van vergelijkbare pand(en) ligt. Partij(en) bereiken overeenstemming over een bedrag van Euro 200.000,--. Het transport wordt vastgesteld op 31 maart 2005. Op diezelfde dag wordt Jan failliet verklaard. Kan de levering doorgang vinden? Zo ja, waarom. Zo nee, waarom niet ? Ja, omdat de levering op dezelfde dag als de faillietverklaring plaatsvindt Ja, de curator is steeds gebonden aarip: Actio_Pauliana; zoeken in register ==>> Actio_Pauliana ==>> BW 3:45 In artikel kijken of er een verwijzing is naar Fw In BW 3:45-5 is een verwijzing naar Fw 42 In Fw 42-1 is vermeld dat de curator een dergelijke rechtshandeling buitengerechtelijk kan vernietigen, waarbij BW 3:50-2 niet van toepassing is - in BW 3:50-2 is vermeld zo een buitengerechtelijke_vernietiging van een betreffende rechtshandeling slecht kan plaatsvinden als alle partij(en) in de vernietiging berusten Dus antwoord A--yDe vragen 50 t / m 52 vormen een casus. Jan, die in financile problemen zit en zijn huis moet verkopen is in onderhandeling met een makelaar namens een koper. Jan heeft haast en biedt het huis aan voor een prijs die ruim Euro 20.000,-- beneden de prijs van vergelijkbare pand(en) ligt. Partij(en) bereiken overeenstemming over een bedrag van Euro 200.000,--. Het transport wordt vastgesteld op 31 maart 2005. Op diezelfde dag wordt Jan failliet verklaard. --39---------------------------------60 XQ7ISqgk%'- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag51Vraag51aDe vragen 50 t / m 52 vormen een casus. Jan, die in financile problemen zit en zijn huis moet verkopen is in onderhandeling met een makelaar namens een koper. Jan heeft haast en biedt het huis aan voor een prijs die ruim Euro 20.000,-- beneden de prijs van vergelijkbare pand(en) ligt. Partij(en) bereiken overeenstemming over een bedrag van Euro 200.000,--. Het transport wordt vastgesteld op 31 maart 2005. Op diezelfde dag wordt Jan failliet verklaard. Gesteld nu dat de levering twee maanden voor het faillissement heeft plaatsgevonden. Kan de curator, die er achter komt dat het huis voor een te lage prijs is verkocht, daartegen juridische_actie ondernemen ? Ja, de curator kan de koopovereenkomst vernietigenJa, mits de curator de wetenschap van benadeling door de koper en door Jan van diens crediteuren kan aantonenNee, want Jan was op dat moment te_goeder_trouwKernbege betalenDe crediteuren kunnen hun vordering(en) opnieuw trachten te verhalen op JanKernbegrip: Faillissement; zoeken in register ==>> Faillissement, opheffing wegens gebrek aan actief ==>> Fw 16 Helpt ons niet echt verder Verder kijken in de wet tot na de vereffening van de boedel en het opstellen van de uitdelingslijst(en) in het geval er geen akkoord is In Fw 195 is vermeld dat de vordering(en) van de schuldeiser(s) herleven als er geen akkoord is bereikt en als er nog schuld(en) over zijn Dus antwoord C--yDe vragen 50 t / m 52 vormen een casus. Jan, die in financile problemen zit en zijn huis moet verkopen is in onderhandeling met een makelaar namens een koper. Jan heeft haast en biedt het huis aan voor een prijs die ruim Euro 20.000,-- beneden de prijs van vergelijkbare pand(en) ligt. Partij(en) bereiken overeenstemming over een bedrag van Euro 200.000,--. Het transport wordt vastgesteld op 31 maart 2005. Op diezelfde dag wordt Jan failliet verklaard. --39---------------------------------60 ZZR9I#o'- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag52Vraag52cDe vragen 50 t / m 52 vormen een casus. Jan, die in financile problemen zit en zijn huis moet verkopen is in onderhandeling met een makelaar namens een koper. Jan heeft haast en biedt het huis aan voor een prijs die ruim Euro 20.000,-- beneden de prijs van vergelijkbare pand(en) ligt. Partij(en) bereiken overeenstemming over een bedrag van Euro 200.000,--. Het transport wordt vastgesteld op 31 maart 2005. Op diezelfde dag wordt Jan failliet verklaard. Gesteld nu dat het faillissement van Jan wegens de toestand van de boedel wordt opgeheven en geen enkele crediteur een uitkering heeft ontvangen. Wat is de rechtspositie van deze crediteuren na het faillissement van Jan ? Einde casus Hun vordering(en) zijn door het faillissement teniet gegaanEr is sprake van een natuurlijke_verbintenis van Jan om alsnog t Peter is door de rechtbank in staat van faillissement verklaard. Mr. 0 is tot curator benoemd. Een van de crediteuren van Peter, Jurgen, deelt de curator mee en maakt aannemelijk dat hij een tractor aan Peter heeft geleverd onder eigendomsvoorbehoud. Wat zal de curator doen ? Deze zal tot afgifte van de tractor moeten overgaanDeze zal Jurgen verwijzen naar de verificatievergaderingDeze zal tot afgifte van de tractor moeten overgaan, waartegenover Peter de koopprijs aan de boedel zal moeten voldoenKernbegrip: Faillissement en eigendomsvoorbehoud; zoeken in register ==>> niets te vinden; dus thoerie De eigendom van de tractor is niet overgegaan op Peter De tractor behoort dus niet tot het failliete vermogen van Peter, maar - behoort tot het vermogen van Jurgen De tractor valt niet in het faillissement Jurgen kan de tractor van de curator terugvorderen Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 T5I/9Qe- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag54Vraag54cWie kan ter verificatievergadering een vordering betwisten ? Alleen de curatorAlleen een schuldeiserDe curator en / of een schuldeiserKernbegrip: Schuldvordering en verificatievergadering en betwisten; zoeken in register ==>> Schuldvordering, verificatie van - bij faillissement ==>> Fw 108 e.v. Kernbegrip: Betwiste vordering faillissement; zoeken in register ==>> Betwiste vordering(en) bij faillissement ==>> Fw 112 e.v. In Fw 112 is vermeld dat de curator vordering(en) kan betwisten Verder kijken In Fw 119-1 is vermeld dat schuldeiser(s) vordering(en) kunnen betwisten In Fw 122a-5 is vermeld dat de mede-schuldeiser(s) vordering(en) kunnen betwisten In Fw 126-1 is vermeld dat ook de gefailleerde, vordering(en) kan betwisten Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 S6IAs}y- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag53Vraag53aBoer hhU8I!3 M- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag55Vraag55cAls bij een faillissement sprake is van een akkoord, houdt dit in dat ...50% van de gekwalificeerde van stemgerechtigde crediteuren moet toestemmeninstemming van alle gekwalificeerde van stemgerechtigde crediteuren noodzakelijk iseen gekwalificeerde meerderheid van stemgerechtigde crediteuren, met een bepaald bedrag aan schuldvorderingen, moet toestemmenKernbegrip: Faillissement en akkoord; zoeken in register ==>> niets gevonden Kernbegrip: Akkoord en faillissement; zoeken in register ==>> Akkoord en faillissement ==>> Fw 138 e.v. Verder kijken in de kantlijn tot Vereiste meerderheid In Fw 145 is vermeld dat een gewone meerderheid van schuldeiser(s) is vereist die samen meer dan de helft van de concurrente_schuldvordering(en) vertegenwoordigen Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 RV7ImqE- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag56Vraag56aEen gehomologeerd_akkoord krachtens de Wet_schuldsanering_natuurlijke_personen ( WSNP ) is verbindend voor ... alle crediteuren ten aanzien waarvan de WSNP werktuitsluitend de crediteuren met het recht van parate_executieuitsluitend die crediteuren die in de WSNP hun vordering hebben ingediendKernbegrip: Schuldsanering en akkoord; zoeken in register ==>> Schuldsaneringsregeling, ontwerp van akkoord ==>> Fw 329 e.v. Verder kijken in de kantlijn tot Einde schuldsaneringsregeling In Fw 340-1 is vermeld dat het gehomologeerd akkoord verbindend is voor alle schuldeiser(s) ......, onverschillig of zij in de schuldsaneringsregeling zijn opgekomen ( = hun vordering(en) hebben ingediend ) Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 yyW5I;Ci1- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag57Vraag57cWaar kan een betekening van een dagvaarding in persoon geschieden ? Alleen in de woonplaatsAlleen in de verblijfplaatsOveral waar de deurwaarder de persoon aantreftKernbegrip: Betekening en dagvaarding; zoeken in register ==>> Dagvaarding ==>> Rv 111 e.v. In Rv 11-2 wordt verwezen naar Rv 45 Verder kijken in de kantlijn bij Rv 45 tot Achterlaten afschrift exploot In Rv 46-1 is vermeld dat de deurwaarde het exploot bij een aantal personen en op een aantal plaatsen kan achterlaten Dus antwoord C--y---39---------------------------------60 SS:X4Iggw{]- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag58Vraag58aDe voorzieningenrechter is de rechter die ...in een spoedeisende zaak een beslissing neemtop verzoek van partij(en) de echtscheiding uitspreektop vordering van een partij de echtscheiding uitspreektKernbegrip: Voorzieningenrechter; zoeken in register ==>> Voorzieningenrechter ==>> Rv 254 e.v., RO 50, 63 In Rv 254-1 is vermeld dat de voorzieningenrechter in spoedeisende zaken bevoegd is een voorziening te geven Dus antwoord A--y---39---------------------------------60Y6IQa- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag59Vraag59bAb produceert een akte waarin Bas verklaart dat hij Ab een optie tot koop van zijn motor verleent voor een bedrag van Euro 3.000,--. Op het moment dat Ab van zijn optie gebruik wil maken stelt Bas zich op het standpunt dat hij niet aan de optie gebonden is omdat partij(en) later een koopsom van Euro 6.000,-- zijn overeengekomen. Ab betwist die latere afspraak. Wat is rechtens juist ? Ab kan geen beroep op de akte doenBas zal de nadere afspraak moeten bewijzenBas zal niet worden toegelaten tot bewijslevering omdat de akte meer bewijskracht heeft dan een eventuele nadere mondelinge afspraakKernbegrip: Bewijs; zoeken in register ==>> Bewijsrecht, algemene bepaling(en) ==>> Rv 149 e.v. Verder kijken in de kantlijn tot Wie stelt, moet bewijzen In Rv 150 is vermeld dat degene die zich beroept op de rechtsgevolg(en) van door haar gestelde feit(en), de bewijslast van die feit(en) draagt Dus antwoord B--y---39---------------------------------60 ,,PZ7Iu'- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag60Vraag60aPartijen twisten over de vraag of de schade door de niet gemelde, gestage verzakking van het door Ans aan Bea gekochte pand aan Ans is toe te rekenen. De rechter benoemt op verzoek van n van de partij(en) een deskundige. Uit het deskundigenbericht blijkt dat de verzakking de verkoper al bekend had moeten zijn. De rechter ...kan zonodig een aanvullend deskundigenbericht vragenis gehouden de inhoud van het deskundigenbericht te volgenis op verzoek van de andere partij verplicht een aanvullend deskundigenbericht te vragen of een nieuwe deskundige te benoemenKernbegrip: Deskundigenbericht; zoeken in register ==>> Deskundigen in burgerlijke zaken ==>> Rv 194 e.v. In Rv 194-5 is vermeld dat de rechter aan de deskundige het geven van nadere mondelinge of schriftelijke toelichting of aanvulling(en) kan bevelen Dus antwoord A--y---39---------------------------------60 33_>kLy+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag59Y+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag60Z+K- Examen Privaatrecht 2005 - IIExamen[,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag01\,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag02],K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag03^,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag04_,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag05`,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag06a,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag07b,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag08c,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag09d,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag10e,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag11f,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag12g,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag13h b[7K    - Examen Privaatrecht 2005 - IIExamenExamen Welke uitspraak met betrekking tot een wet in formele zin is juist? Een wet in formele zin kan nooit materieel recht inhouden. Een wet in formele zin kan ook een wet in materile zin zijn. Een wet in formele zin kan nooit een wet in materile zin zijn.y39 Lp]8K     - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag02Vraag02b Welke uitspra0\5K11;    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag01Vraag01bVolgens het Burgerlijk_Wetboek mag een proeftijd in een arbeidsovereenkomst maximaal twee maanden duren. Deze regel behoort tot ...Het gewoonterecht.Het dwingend_rechtHet semi_dwingend_rechtZoeken in register bij: " Arbeidsovereenkomst, proeftijd " . Er wordt dan verwezen naar: BW 7:652 De arbeidsovereenkomst ( BW 7:610 - 686 ) is een bijzondere_overeenkomst. In BW 7:652-7 is vermeld dat: elk beding waarbij de proeftijd op langer dan 2 maanden wordt gezet is nietig Er staat niet dat er niet ten nadele van deze regel kan worden afgeweken: dus dwingend_recht Dus antwoord By-3960ak met betrekking tot een wet_in_formele_zin is juist ? Een wet_in_formele_zin kan nooit materieel_recht inhouden. Een wet_in_formele_zin kan ook een wet_in_materile_zin zijn. Een wet_in_formele_zin kan nooit een wet_in_materile_zin zijn.Een wet_in_formele_zin is: - ingediend door de regering - voor advies naar de Raad_van_State gestuurd - goedgekeurd door de Tweede_Kamer en de Eerste_Kamer - ondertekend door de koning - bekendgemaakt / gepubliceerd in het staatsblad Materieel_recht = inhoudelijke rechtsregel(s) die voor een ieder gelden en telkens weer kunnen worden toegepast Een materile_wet bevat materieel_recht De meeste wetten in formele zin zijn ook wet_in_materile_zin, behalve wet(ten) zoals, onder meer: - huwelijksgoedkeuringswet m.b.t. Willem Alexander en Maxima - regentenwet Emma - een begrotingswet - want dezen bevatten geen algemeen geldende regel(s), maar gelden slechts voor bepaalde personen / gevallen, etc. Dus antwoord By-3960 ''U^8K{KYU    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag03Vraag03c Bea, 17 jaar oud, koopt van het geld dat zij op zaterdag in de supermarkt heeft verdiend een mobiele telefoon van Euro 75,-. Bea heeft hiervoor geen toestemming gevraagd aan haar wettelijke_vertegenwoordiger(s). Deze rechtshandeling is ... nietig omdat Bea hiervoor de toestemming van haar wettelijke_vertegenwoordiger(s) nodig heeft. vernietigbaar omdat Bea hiervoor de toestemming van haar wettelijke_vertegenwoordiger(s) nodig heeft. geldig omdat Bea hiervoor de toestemming van haar wettelijke_vertegenwoordiger(s) niet nodig heeft.Minderjarige(n) zijn handelingsonbekwaam: zie register: Handelingsbekwaamheid minderjarigen ==>> BW 1:234-3 Zie ook BW 3:32-2 waarin is vermeld: vernietigbaar; DUS niet nietig, dus A valt af BW 1:234-3 ; dit soort aankopen is voor die leeftijd en omstandigheden gebruikelijk in het maatschappelijk_verkeer Dus antwoord C y-3960echter.Minderjarige(n) zijn handelingsonbekwaam / handlichting: zie register Register: Handelingsbekwaamheid minderjarigen ==>> BW 1:234-3 - BW 1:234-1 zegt " toestemming wettelijke vertegenwoordiger zoor zover de wet niet anders bepaalt " - dus NIET antwoord B Handlichting BW 1:235-3 niet voor registergoederen Gezag over minderjarigen / bewind van de ouders: BW 1:245-4; BW 1:253k ( schakelbepaling ) - BW 1:345-1a machtiging kantonrechter nodig Dus antwoord C Handlichting: register; BW 1:235-3 Ouderlijk_gezag: register; BW 1:245 e.v. BW 1:245-4 jo. BW 1:253k jo. BW 1:345--1a ; handlichting geldt alleen voor handelingen m.b.t. het bedrijf van Sjaak. Het bedrijfspand behoort tot het vermogen van Sjaak ; ouder(s) voeren het bewind over het vermogen van minderjarige(n) en dus ook m.b.t. het vermogen van Sjaak ; m.b.t. de beschikking over het vermogen van Sjaak ( tenzij het geld of een gewone beheersdaad betreft ) hebben de ouder(s) toestemming van de kantonrechter nodig.y-3960 vv1`7K7    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag05Vraag05c D_6Ka)m)k    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag04Vraag04c Sjaak heeft vanaf zijn twaalfde jaar websites ontworpen. Dit was een zodanig succes dat Sjaak op zijn zestiende een eigen bedrijf is begonnen. Zijn ouders hebben als aanmoediging voor hem een bedrijfspand gekocht en op zijn naam laten zetten. De kantonrechter heeft Sjaak handlichting verleend. Het bedrijfspand is nu na een jaar al te klein en Sjaak heeft de makelaar opdracht gegeven dit voor hem te verkopen. De makelaar heeft als koper gevonden Shop BV, vertegenwoordigd door de directeur Job. Wie moeten de koopovereenkomst tekenen ? Job en Sjaak. Job en Sjaak met toestemming van zijn ouder(s). Job en namens Sjaak zijn ouders met machtiging van de bevoegde kantonriana en Piet zijn in algehele_gemeenschap_van_goederen gehuwd. Hun relatie loopt spaak en na verloop van tijd wordt bij beschikking de scheiding_van_tafel_en_bed uitgesproken en in de register(s) van de burgerlijke_stand ingeschreven. Zij willen overgaan tot verdeling van de gemeenschap. Wat is in deze situatie rechtens juist ? Verdeling is niet mogelijk want het huwelijk bestaat nog. Verdeling is niet mogelijk want de gemeenschap is niet ontbonden. Verdeling is mogelijk, want de gemeenschap is ontbonden.Register: Scheiding_van_tafel_en_bed ==>> BW 1:169 Komt tot stand door inschrijving in het huwelijksgoederenregister BW 1:173-1 Ontbinding gemeenschap BW 1:99-1b bij scheiding_van_tafel_en_bed Verdeling gemeenschap BW 1:99-2 Gelijk aandeel BW 1:100-1 Dus antwoord C BW 1:99-1b jo. BW 1:173 ; bij scheiding_van_tafel_en_bed en en inschrijving in huwelijksgoederenregister ( binnen 6 maanden na beschikking ) is de gemeenschap ontbonden.y-3960ert en Ina gaan trouwen. Bert heeft voor Euro 10.000,- schulden; Ina heeft een positief banksaldo van Euro 10.000,--. Ze wensen te gaan huwen in algehele_gemeenschap_van_goederen. Wat is de vermogensrechtelijke consequentie gezien het positieve respectievelijk negatieve vermogen van beiden ? De gemeenschap omvat zowel de schuld als het banksaldo. Ina is niet aansprakelijk voor de schulden van Bert van vr het huwelijk en derhalve vloeien hun vermogens van rechtswege niet samen. Bert en Ina kunnen alleen huwen in algehele_gemeenschap_van_goederen na voorafgaande toestemming van de rechtbank, opdat eventueel schuldeiser(s) van Bert niet benadeeld kunnen worden.Register: Gemeenschap van goederen, wettelijk ==>> BW 1:93 In de vraag geen sprake van huwelijkse_voorwaarden Bevat alle tegenwoordige en toekomstige goederen BW 1:94-1 EN alle schulden BW 1:94-2 Dus antwoord A BW:94-1, -2 ; de gemeenschap omvat alle goederen en schulden van de echtgenoten.y-3960 \\)b8Kg'=s}    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag07Vraag07a Ab is directeur en enig aandeelhouder van een BV met beperkte aansprakelijkheid. Hij is gehuwd op huwelijkse_voorwaarden met Bia. De B.V. heeft geld nodig en krijgt een lening van de bank waartegAa7Ki}!a    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag06Vraag06a Benover Ab zekerheid dient te geven in de vorm van een tweede hypotheek op zijn, tot de aan hem in priv toebehorende echtelijke_woning. Wat is rechtens juist ? Bia moet toestemming verlenen voor het aangaan van de hypotheekovereenkomst. Ab behoeft geen toestemming van Bia, want zij zijn onder huwelijkse_voorwaarden gehuwd. Ab behoeft geen toestemming van Bia, want de hypotheek wordt verleend in de uitoefening van een beroep of bedrijf.Bezwaren van echtelijke_woning Register: geen directe ingang gevonden, dus theorie Gezinsbeschermende_bepaling(en) ==>> BW 1:88-1-a BW 1:88-c en BW 1:88-5 zijn niet van toepassing want die gaan over, onder meer, ZICH tot zekerheid stellen voor een schuld van een derde en niet over een bezwaring van de echtelijke_woning Dus antwoord A BW 1:88-1a ; toestemming nodig van echtgenoot voor bezwaren van de echtelijke_woning. Het betreft hier niet de normale bedrijfsvoering m.b.t. de b.v. want dan had de bank geen zekerheid middels de echtelijke_woning gevraagd.y-3960 ?c6KQ7;W% 9  - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag08Vraag08c Bram, weduwnaar zonder kinderen, bezit een antieke Friese staartklok. Hij weet dat zijn vriend Klaas deze klok ook bewondert. Na zijn overlijden wil Bram deze klok aan Klaas nalaten. Hoe kan hij dit juridisch regelen ? Slechts bij codicil. Slechts bij testament. Naar keuze bij codicil of testament.Uiterste_wil, vorm: zie register ==> BW 4:93 BW 4:94 Testament BW 4:97 onderhandse_akte = codicil - BW 4:97-a-2 bepaalde tot de inboedel behorende zaken Dus antwoord C BW 4:94 ; BW 4:97-a2yCasus bij de vragen 8 en 9 Bram, weduwnaar zonder kinderen, bezit een antieke Friese staartklok. Hij weet dat zijn vriend Klaas deze klok ook bewondert. Na zijn overlijden wil Bram deze klok aan Klaas nalaten. -3960 **Rd6KY7;WC 9  - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag09Vraag09b Bram, weduwnaar zonder kinderen, bezit een antieke Friese staartklok. Hij weet dat zijn vriend Klaas deze klok ook bewondert. Na zijn overlijden wil Bram deze klok aan Klaas nalaten. Bram wil tevens zijn vriend Klaas als zijn executeur aanwijzen. Hoe kan hij dit juridisch regelen ? Slechts bij codicil. Slechts bij testament. Naar keuze bij codicil of testament.Executeur benoeming: Register ==>> BW 4:142 - alleen bij uiterste_wil - testament BW 4:94 - codicil BW 4:97, maar hier wordt executeur NIET genoemd; dus niet bij codicil Dus antwoord B BW 4:142 ; aanwijzing van executeur kan alleen bij testament en niet bij codicilyCasus bij de vragen 8 en 9 Bram, weduwnaar zonder kinderen, bezit een antieke Friese staartklok. Hij weet dat zijn vriend Klaas deze klok ook bewondert. Na zijn overlijden wil Bram deze klok aan Klaas nalaten. -3960 >>f8K7)GY    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag11Vraag11a Oe5K#)-}    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag10Vraag10a Cobus heeft in zijn testament aan zijn vriendin Marian 25 % van het saldo van zijn nalatenschap vermaakt. Wat voor making is dit ? Een legaat Een schenking Een erfstellingLegaat: zie register ==>> BW 4:117 en 4:125 BW 4:117-1 geldvordering Een schenking is het gevolg van een meerzijdige_rechtshandeling Is tevens een eenzijdige_overeenkomst met een eenzijdige verplichting / verbintenis; dus NIET B Erfstelling is een aanwijzing bij testament van personen als erfgenamen; dus NIET C Dus antwoord A Het gaat om een nalatenschap, dus geen schenking. Saldo is nalatenschap minus de schulden. Erfstelling omvat nalatenschap ( dus inclusief schulden ). Er wordt hier een vorderingsrecht toegekend, dus dit saldo valt onder legaat.y-3960Bob was gehuwd in algehele_gemeenschap_van_goederen met Cara in voor beiden tweede echt. Op 12 januari 2003 had hij in zijn testament de wettelijke_verdeling van artikel 4:13 BW van toepassing verklaard en, naast zijn twee kind(eren) uit zijn eerste huwelijk, ook Jasper, het kind van Cora uit haar eerste huwelijk als zijn erfgenaam benoemd. Op het moment van zijn overlijden in 2005 blijkt dat zijn huwelijk met Cora voor zijn overlijden door echtscheiding is ontbonden. Wat geldt nu juridisch ten aanzien van Jasper? Als Bob zijn testament niet heeft gewijzigd, blijft Jasper erfgenaam van Bob. Jasper kon nooit in de wettelijke_verdeling worden betrokken omdat hij geen kind is van Bob. De erfstelling ten behoeve van Jasper vervalt door de ontbinding van het huwelijk tussen Cora en Bob.Erfstelling: zie register ==>> BW 4:1 - betreft de aanwijzing van erfgenamen - kan iedere persoon zijn Dus antwoord A y-3960en pand voor de vereniging. Wie is bij deze vereniging op grond van de wet ( dus zonder statutaire regelingen ) bevoegd te besluiten tot het aangaan van de overeenkomst tot verkoop van dit pand? Uitsluitend Alkerna Uitsluitend het bestuur Uitsluitend de algemene_ledenvergaderingVereniging(en) en bestuur, register: Vertegenwoordiging bestuurder(s) vereniging ==>> BW 2:45 - BW 45-1 het bestuur - BW 2:45-3 bevoegdheid die aan bestuurder toekomt is onbeperkt en onvoorwaardelijk Dus kijken bij bevoegdheden in kantlijn: BW 2:44-2 slechts indien dit uit de statuten voortvloeit m.b.t. . Registergoederen - maar er is geen statutaire regeling terzake, dan BW 2:40 - algemene_vergadering heeft alle bevoegdheden Dus antwoord C BW 2:44-2 ; Het bestuur kan zonder een statutair gegeven bevoegdheid geen overeenkomst(en) ter verkrijging van registergoederen aangaan. De algemene_vergadering komt alle bevoegdheden toe die niet bij statuut aan bestuur zijn gegeven ( BW 2:40 ).y-3960 ah5K5=IW    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag13Vraag13b In zg5KU5=_=    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag12Vraag12c Alkerna, voorzitter van de drie bestuursleden tellende, bij notarile akte opgerichte, vereniging Golf Links, benadert makelaar X over de aankoop van ede statuten van de B.V. Eurobouw is bepaald dat de bestuurders A, B en C slechts bevoegd zijn rechtshandeling(en) te verrichten, indien n van de overige bestuurder(s) meetekent. Deze beperking van de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de bestuurder(s) is op de voorgeschreven wijze gepubliceerd. A gaat een overeenkomst aan met CarRent zonder de statutair vereiste handtekening van B of C. Kan BV Eurobouw of CarRent zich met succes beroepen op de beperking van de vertegenwoordigingsbevoegdheid van A? Uitsluitend CarRent Uitsluitend BV Eurobouw Zowel BV Eurobouw als CarRentVertegenwoordigingsbevoegdheid bestuurder B.V.: register ==>> BW 2:240 - beperking van de vertegenwoordigingsbevoegdheid tot meerdere bestuurder(s) samen BW 2:240-2 - inroepen van de beperking kan slechts geschieden door de B.V. zelf BW 2:240:3 Dus antwoord B BW 2:240:2 ; beperking van bevoegdheden bestuursleden Volgens BW 2:240-3 kan slecht de vennootschap zelf zich hierop tegenover derde(n) beroepeny-3960 6j6K%?O7o    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag15Vraag15b El~i8K/    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag14Vraag14a Hans heeft aan Bert zijn woning verkocht waarin zich een ingemetselde kluis bevindt. Met betrekking tot deze kluis geldt dat deze door natrekking onderdeel uitmaakt van de onroerende_zaak. afzonderlijk in de akte van levering moet worden opgenomen. door zaaksvorming onderdeel uit is gaan maken van de onroerende_zaak.Natrekking: register ==>> BW 5:3 Geen zaaksvorming want dat betreft een nieuwe zaak uit een of meerdere roerende_zaken Bij natrekking wordt gesproken over bestanddelen; zie BW 3:4 - kluis is door natrekking deel van de hoofdzaak Dus antwoord A BW 3:4 , de kluis is een bestanddeel van de woning geworden ; BW 5:3 , natrekkingy-3960s heeft haar motor ter reparatie bij garage " Harley " gebracht. Nadat de motor is gerepareerd, maar nog voordat hij is opgehaald is de motor door Els verkocht aan Karel en is het kenteken op diens naam gezet. Geen van beiden wil de reparatiekosten betalen. Tegen wie kan door de garage het retentierecht worden ingeroepen ? Uitsluitend tegen Karel. Zowel tegen Els als tegen Karel. Tegen niemand, immers door de wisseling van eigenaar is het retentierecht vervallen.Retentierecht: register ==>> BW 3:120-3; BW 3:290; BW 6:57 - BW 3:120-3 heeft betrekking op opschorten - BW 3:290 heeft betrekking op opschorten Verder kijken bij BW 3:291 m.b.t. derde(n) - dus ook retentierecht tegen inmiddels geworden eigenaar BW 3:291-1 - retentierecht volgt de zaak Dus antwoord B BW 3:120-3, -4 ; BW 3:290 ; BW 3:291-1 ; het retentierecht volgt de zaak en kan ook tegen derde(n) ingeroepen worden die later een recht op de zaak hebben verkregen.y-3960 **Rk5K5###u    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag16Vraag16a Nicolai is eigenaar van een villa. Hij overlijdt op 1 maart en laat na als enig erfgenaam zijn nicht Lia, die de erfenis op 1 april aanvaardt. De verklaring_van_erfrecht wordt op 5 april afgegeven en ingeschreven. Op welk moment is Lia eigenaar van de villa geworden ? Op 1 maart Op 1 april Op 5 aprilErfopvolging, erfgenamen van rechtswege: Register ==>> BW 4:182 - BW 4:182-1 zegt: op moment van overlijden gaat de eigendom over Dus antwoord A BW 4:182 , op het moment van overlijden van de erflater worden de erfgenamen eigenaar ; door weigering van de nalatenschap wordt de eigendom teruggeveny-3960 Cl6KGIe q    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag17Vraag17a Welk van de navolgende rechtsfeit(en) kan een verkrijging onder algemene_titel opleveren ? Het aangaan van een huwelijk. De levering krachtens een koopovereenkomst. De eigendomsverkrijging door middel van verkrijgende verjaring.Titel: register ==>> BW 3:80-2, 3:80-3 - BW 3:80-2 algemene_titel: erfopvolging, boedelmenging, fusie - betreft alle goederen en alle schulden - door huwelijk kan boedelmenging optreden - BW 3:80-3 bijzondere_titel: overdracht, verjaring, onteigening - betreft bepaalde zaken en NIET het gehele vermogen Dus antwoord A BW 3:80 , verkrijging onder algemene_titel door erfopvolging, boedelmenging of fusie. Via huwelijk kan boedelmenging optreden.y-3960 VV&m7KWy/3    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag18Vraag18c Zwanie verkoopt aan Jos een appartementsrecht in een grachtenpand voor Euro 995.000,-. Nog voor de overdracht heeft plaatsgevonden verkoopt Jos het appartementsrecht aan Wim voor Euro 1.295.000,--. Wat is rechtens juist ? De koopovereenkomst tussen Jos en Wim is niet geldig. Jos was beschikkingsbevoegd tijdens het sluiten van de koopovereenkomst met Wim. Jos was beschikkingsonbevoegd tijdens het sluiten van de koopovereenkomst met Wim.Register: niets te vinden Koopovereenkomst is geldig; misschien kunnen verbintenis(sen) niet worden nagekomen; dan wanprestatie; dan ontbinding en schadevergoeding Jos was nog geen eigenaar dus beschikkingsonbevoegd Jos was niet de eigenaar want de eigendom was nog niet van Zwanie aan Jos overgedragen. De koopovereenkomst is wel geldig. Jos kan alleen ( nog ) niet leveren.y-3960vrouw Jansen koopt op een veiling een zilveren bestek. Helaas, dit bestek blijkt van Ysbrand te zijn gestolen. Wat is juist ? Ysbrand kan zijn bestek niet revindiceren onder mevrouw Jansen. Ysbrand kan zijn bestek te allen tijde revindiceren onder mevrouw Jansen. Ysbrand kan zijn bestek binnen drie jaar na de diefstal revindiceren onder mevrouw Jansen.Revindicatie: register ==>> BW 5:2 maar daar worden we niet wijzer van Verkrijging en verlies van goederen: register ==>> BW 3:80 maar daar worden we ook niet wijzer van Beschikkingsonbevoegdheid: register ==>> BW 3:86, 3:88 Volgens BW 3:86-3-a kan binnen 3 jaar worden gerevindiceerd want de zaak is via een veiling gekocht en NIET via een winkel Dus antwoord C BW 3:86-3 , Revindicatie van een zaak ( geen geld, of toonderpapier of orderpapier betreffende ) binnen 3 jaar indien de zaak is gestolen en de nieuwe eigenaar de zaak NIET heeft gekocht in een winkel / speciaalzaak ; hier is sprake van zaak ( bestek ) via veiling, dus WEL revindicatiey-3960  \p5K-GQum    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag21Vraag21a Een pand is gesplitst in twee appartementsrechten. Andr is eigenaar van n appartementsrecht en koopt en verkrijgt het andere appartementsrecht in eigendom. Wat gebeurt er met de appartementsrechten ? Deze blijven gewoon bestaan. Deze gaan door vermenging teniet. Deze worden samengevoegd tot n appartementsrecht.Andr is eigenaar van twee appartementsrechten geworden, en - kan die appartement(en) bijvoorbeeld apart gaan verhuren aan twee verschillende huurder(s) Dus antwoord A y-3960o5K []{Y    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag20Vraag20a Anten8K !C-    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag19Vraag19c Me 0]>kLy,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag15j,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag16k,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag17l,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag18m,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag19n,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag20o,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag21p,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag22q,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag23r,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag24s,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag25t,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag26u,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag27v,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag28w,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag29x,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag30y,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag31z,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag32{,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag33|on geeft een antieke lamp ter reparatie aan Otto, reparateur en verkoper van antiek en curiosa. Otto verkoopt en levert, door feitelijke overgave, per abuis de bewuste lamp aan de nietsvermoedende Bert. Anton treft heel toevallig, drie maanden later, de lamp bij Bert aan. Direct eist hij de lamp terug. Bert denkt er niet over de lamp aan Anton af te geven. Wat is juist ? Bert is eigenaar geworden van de lamp. Anton is eigenaar gebleven van de lamp. Bert kan pas na drie jaar eigenaar worden van de lamp.Beschikkingsonbevoegdheid: register ==>> BW 3:86, 3:88 Otto verkoopt en levert aan Bert waarbij - Bert te_goeder_trouw is want de levering gaat NIET om niet en - Bert heeft er niet van geweten dat Otto beschikkingsonbevoegd was, dus - toepassing van BW 3:86-1 Dus antwoord A De lamp is niet gestolen; geen revindicatie; Bert is eigenaar. Anton kan bij Otto om schadevergoeding vragen.y-3960ng kan weliswaar worden overgedragen aan bank B, maar het recht van hypotheek blijft rusten bij bank A.Er is sprake van een vordering_op_naam: register ==>> BW 3:94 Volgens BW 3:94-1 kan de vordering worden overgedragen middels een akte, bijvoorbeeld een akte van cessie ( Cessie: register; BW 3:94 ), of een authentieke_akte of geregistreerde_onderhandse_akte - zie hiertoe ook BW 3:83 dat zegt dat vordering(en) kunnen worden overgedragen - volgens BW 3:94-3 kunnen middels een authentieke_akte of geregistreerde_onderhandse_akte vordering(en) worden overgedragen zonder mededeling daarvan aan de betreffende personen - als de schuld bij bank A vervalt, vervalt daar ook het recht van hypotheek, want geen schuld, dan ook geen recht van hypotheek Dus antwoord A BW 3:94 , overdracht van rechten via akte van cessie ; indien middels authentieke_akte of geregistreerde_akte dan hoeft de partij waartegen de rechten uitgeoefend kunnen worden niet genformeerd te wordeny-3960 Y]Yxr7K-YI    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag23Vraag23c Is de erfpachter of opstalIer zonder toestemming van de grondeigenaar zonder meer gerechtigd zijn recht te splitsen in appartementsrechten ? De erf q6KKm?%    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag22Vraag22a Bank A heeft een met hypotheek verzekerde vordering op Ed. Bank A wil deze vordering overdragen aan bank B. Ten aanzien van deze overdracht geldt dat deze kan plaatsvinden door het opmaken van een akte. alleen kan plaatsvinden als X met de overdracht instemt. niet rechtsgeldig kan plaatsvinden; de vorderi pachter niet, de opstalIer wel. Zowel de erfpachter als de opstalIer is hiertoe gerechtigd. Noch de erfpachter, noch de opstalIer is hiertoe gerechtigd.Erfpacht: register ==>> BW 5:85 hiervan worden we niet wijzer Erfpacht, splitsing in appartementsrechten: register; BW 5:115; hiervan worden we niet wijzer Opstal: register; BW 3:3, 5:101 hiervan worden we niet wijzer Opstal, splitsing in appartementsrechten: register; BW 5:115; hiervan worden we niet wijzer Appartementsrechten, opstal: register; BW 5:115; hiervan worden we niet wijzer Appartementsrechten, erfpacht: register; BW 5:115; hiervan worden we niet wijzer Appartementsrechten, splitsing: register; BW 5:106 Volgens BW 5:106-7 zijn erfpachter of opstaller slechts bevoegd tot splitsing na toestemming van de grondeigenaar - zie ook: BW 5:91-2 - zie ook: BW 5:104-2; schakelbepaling m.b.t. 5:91 Dus antwoord C BW 5:106-7 , voor splitsing in appartementsrechten door erfpachter of opstalIer is toestemming van de eigenaar nodigy-3960 Ts7KYSAOW    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag24Vraag24a Anton en Jan zijn eigenaar van twee aan elkaar grenzende erven. De perenboom die zich op het erf van Anton bevindt groeit over de erfafscheiding heen en regelmatig vallen er peren van de boom op het erf van Jan. Jan houdt die peren zelf, tot grote ergernis van Anton. Welke aanspraak heeft Anton jegens Jan met betrekking tot de afgevallen peren ? Anton heeft geen enkele aanspraak. Anton blijft eigenaar van die peren en hij kan deze als zijn eigendom van Jan opvorderen. Jan wordt eigenaar van die peren, maar Anton heeft een aanspraak op schadevergoeding jegens Jan.Vruchten, afvallende: register ==>> BW 5:45 - zegt dat de vruchten toekomen aan degene op wiens erf ze vallen Dus antwoord A BW 5 :45 , afvallende vruchteny-3960 22Jt5K{WmkY    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag25Vraag25c Hier volgen twee stellingen met betrekking tot mandeligheid en erfdienstbaarheid. I. Mandeligheid kan alleen van rechtswege ontstaan. II. Erfdienstbaarheid kan alleen op grond van vestiging of door verjaring ontstaan. Wat is juist? Stelling I en II zijn beide juist. Stelling I is juist en stelling II is onjuist. Stelling I is onjuist en stelling II is juist.Mandeligheid, ontstaan: register ==>> BW 5:60 - kan ontstaan bij notarile_akte ( BW 5:60 ) of van rechtswege ( BW 5:62 ), dus niet alleen van rechtswege en daarmee is I onjuist Erfdienstbaarheid, ontstaan: register; BW 5:72 - kan volgens BW 5:72 ontstaan door vestiging en verjaring, en daarmee is II juist Dus antwoord C BW 5:60 , ontstaan mandeligheid ( van rechtswege of via vestiging ) ; BW 5:72 , ontstaan erfdienstbaarheid ( via vestiging of verjaring )y-3960lberts komt op 15 april 2005 thuis en ziet dat de heg van zijn voortuin fraai is geknipt. De " dader " is onbekend. Op 18 april 2005 ontvangt hij van een hoveniersbedrijf een schrijven waarin staat dat het bedrijf er van uitgaat dat de heg naar zijn tevredenheid is geknipt en dat zij graag binnen 14 dagen betaling van de bijgesloten rekening wensen. Wat is rechtens juist met betrekking tot de betalingsverplichting ? Alberts is niet gehouden tot betaling. Als Alberts niet binnen 14 dagen op de brief reageert, moet hij de rekening voldoen. Alberts is door het onderhoud van zijn heg verrijkt, dus ontstaat een betalingsverplichting.Ongevraagd toezenden: register ==>> niets te vinden BW 7:7 Alberts heeft geen rechtshandeling terzake gepleegd; geen aanbod gedaan of wil geuit Er is geen overeenkomst tot stand gekomen en dus zijn er geen verbintenis(sen) / verplichting(en) voor Alberts Dus antwoord A y-3960 }v6K{i#O    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag27Vraag27c Wat is juist omtrent herroeping van een derdenbeding ? Een derdenbeding kan nimmer worden herroepen. Een derdenbeding kan slechts met instemming van de derde worden herroepen. Een derdenbeding kan in principe worden herroepen zolang het nog niet door de derde is aanvaard.Derdenbeding: register ==>> BW 6:253 - volgens BW 6:253-2 kan een derdenbeding tot de aanvaarding daarvan, worden herroepen, dus A en B zijn onjuist Dus antwoord C BW 6:253-2, -3 , derdenbeding kan worden herroepen voordat het is aanvaardy-3960u7Km[7G3    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag26Vraag26a Ad. Beiden ontvangen terzelfder tijd een exemplaar van de getekende koopakte. Op vrijdag 10 juli laat de door Jaap gekozen notaris de koopakte inschrijven bij het kadaster. Vanaf welk tijdstip is hier sprake van een geldige koopovereenkomst ? Vanaf 6 juli Vanaf 7 juli Vanaf 10 juliKoop van een tot woning bestemde onroerende_zaak: register ==>> BW 7:2 - BW 7:2-1 zegt dat de koop schriftelijk moet worden aangegaan Dus antwoord B BW 7:2-1, -2 , Koopovereenkomst voor woning door particulier moet schriftelijk en is geldig indien getekend door koper en verkopery De vragen 28 en 29 vormen een casus. Bart komt op maandag 6 juli tot overeenstemming met Jaap omtrent de verkoop van Barts woning. Jaap wil daar zelf gaan wonen. Deze overeenstemming wordt op dinsdag 7 juli vastgelegd en door Bart en Jaap ondertekend. Beiden ontvangen terzelfder tijd een exemplaar van de getekende koopakte. Op vrijdag 10 juli laat de door Jaap gekozen notaris de koopakte inschrijven bij het kadaster.-3960 6x6Kaa u  - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag29Vraag29a Op 10 juli deelt Jaap aan Bart schriftelijk mee dat hij spijt heeft van zijn aankoop 8w6K-)')Q s  - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag28Vraag28b Bart komt op maandag 6 juli tot overeenstemming met Jaap omtrent de verkoop van Barts woning. Jaap wil daar zelf gaan wonen. Deze overeenstemming wordt op dinsdag 7 juli vastgelegd en door Bart en Jaap ondertekenen dat hij de koopovereenkomst ontbindt. Kan Jaap de koopovereenkomst rechtsgeldig ontbinden ? Einde casus Ja. Nee, dit had hij voor 9 juli moeten doen. Nee, door de ondertekening heeft Jaap zichzelf gebonden.Koop van een tot woning bestemde onroerende_zaak: register ==>> BW 7:2 Volgens BW 7:2-2 heeft Jaap 3 dagen bedenktijd ingaande 8 juli om 00:00 uur en eindigend op 10 juli om 24:00 uur en kan zonder opgave van reden(en) ontbinden Dus antwoord A BW 7:2-2 , 3 dagen bedenktijd na beider ondertekening en overhandiging aan de koper van afschrift van de koopaktey De vragen 28 en 29 vormen een casus. Bart komt op maandag 6 juli tot overeenstemming met Jaap omtrent de verkoop van Barts woning. Jaap wil daar zelf gaan wonen. Deze overeenstemming wordt op dinsdag 7 juli vastgelegd en door Bart en Jaap ondertekend. Beiden ontvangen terzelfder tijd een exemplaar van de getekende koopakte. Op vrijdag 10 juli laat de door Jaap gekozen notaris de koopakte inschrijven bij het kadaster.-3960 dat hij als huurder het recht heeft zonwering aan te brengen in de kleur die hij wenst. Wiens standpunt is juist ? Het standpunt van Jansen is juist omdat de zonwering een verandering betreft die op eenvoudige wijze ongedaan kan worden gemaakt. Het standpunt van de corporatie is juist omdat zij aan de buitenzijde van de woning aangebrachte veranderingen/voorzieningen aan regels mag onderwerpen. Het standpunt van Jansen is juist omdat niet ten nadele van de huurder kan worden afgeweken van de bevoegdheid van de huurder om wijzigingen aan te brengen aan zijn woning.Huur_van_woonruimte: register ==>> BW 7:232 Zelfredzaamheid / zelfwerkzaamheid huurder in algemene deel van Huur; BW 7:215 - BW 7:215 zegt dat niet ten nadele van de huurder kan worden afgeweken tenzij het de buitenzijde van de gehuurde woonruimte betreft Dus antwoord B BW 6:215-6 , aan de buitenzijde van een gehuurde woning mogen zonder toestemming van de verhuurder geen veranderingen worden aangebrachty-3960 Gy8KIEme    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag30Vraag30b Per 1 oktober 2005 huurt Jansen een woning van woningcorporatie " Ons Genoegen " . In de huurovereenkomst heeft de corporatie opgenomen dat het de huurder niet is toegestaan aan de buitenzijde van de woning een andere kleur zonwering dan in de voorgeschreven kleur oranje aan te brengen. Jansen houdt niet van de kleur oranje en laat begin november een groene zonneluifel aan de gevel bevestigen. De corporatie vordert van Jansen het weghalen van deze zonwering. Jansen stelt OO-z5K++IgC    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag31Vraag31c Bertus, weduwnaar, overlijdt op 14 maart 2005, met achterlating van zijn enig kind Koos. Bertus woonde al 10 jaar samen met Truus in een aan hem toebehorende woning. Na zijn overlijden blijkt hij in zijn testament zijn hele vermogen aan Truus te hebben nagelaten om haar verzorgd achter te laten. Juridisch gezien is dit ... een schenking. een onverschuldigde_betaling. het voldoen aan een natuurlijke_verbintenis.Register geeft geen ingang BW 7:3-2-b m.b.t. een dringende_morele_verplichting Dus antwoord C BW 6:3-2b , natuurlijke verbintenis = dringende_morele_verplichting , rechtens niet afdwingbaar ; een schenking is een overeenkomst om niet, er is hier geen sprake van een overeenkomst maar van een nalatenschap ; onverschuldigde betaling = betaling / prestatie zonder rechtsgrond en daar is heir geen sprake vany-3960esloten zou worden. Plots blijkt ook projectontwikkelaar Zadelman belangstelling voor het terrein te hebben. Zadelman doet een bod dat Van Bemmelen in n klap uit alle financile zorgen haalt. Deze breekt de onderhandelingen met Mans af en sluit een overeenkomst af met Zadelman. Kan Mans met kans op succes vorderen dat Van Semmelen de onderhandelingen met hem hervat ? Nee, onderhandeling(en) kunnen nimmer een stadium bereiken waarin een vordering tot dooronderhandelen toewijsbaar is. Nee, de contractsvrijheid brengt met zich dat partijen niet gehouden zijn eenmaal begonnen onderhandelingen zonder meer voort te zetten. Ja, onderhandelingen kunnen een stadium bereiken waarin een vordering tot dooronderhandelen toewijsbaar is.Onderhandeling(en) kunnen een fase bereiken waarin geen sprake meer is van vrijblijvendheid, maar waar een schadevergoeding kan worden gevorderd Dus antwoord C In een vergevorderd stadium moet worden dooronderhandeld of anders schadevergoeding worden betaald y-3960 R|6K))-/c    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag33Vraag33a Smissen is eigenaar van een tennishal. Hij verhuurt deze aan Deutz, eigenaar van Tennisschool " Deuce " . Deutz heeft met toestemming van Smissen een elektronisch scorebord met stevige bouten aan een van de zijmuren van de hal verankerd. {8KM{'e    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag32Vraag32c Van Semmelen, eigenaar van een jachthaven met botenloodsen en steigers, onderhandelt met projectontwikkelaar Mans over de verkoop van zijn terrein binnen afzienbare tijd. De onderhandelingen zijn in een vergevorderd stadium. Zo had Mans al een uitgebreide haalbaarheidsstudie naar de mogelijke ontwikkeling van een woonwijk laten verrichten. Hij verkeerde in de veronderstelling dat binnenkort het contract gOp een avond valt een onderdeel van het scorebord naar beneden. Timmers, die op dat moment tennisles volgt, loopt hierdoor schade op aan zijn linkerbeen. Wie is / zijn aansprakelijk voor de schade van Timmers ? Alleen Deutz. Alleen Smissen. Smissen als eigenaar van de tennishal en Deutz als eigenaar van de tennisschool.Onrechtmatige daad: register ==>> BW 6:169; brengt ons niet verder Aansprakelijkheid voor gebrekkige zaken: register ==>> BW 6:173 - zie verder BW 6:174 m.b.t. opstal ( = gebouw, werken volgens BW 6:174-4 ) volgens welke de bezitter aansprakelijk is, echter - verder kijken naar BW 6:181-1 dat zegt dat in geval van de uitoefening van een bedrijf degene die dit bedrijf uitoefent aansprakelijk is Dis antwoord A BW 6:173, BW 6:174 , BW 6:181-2 , onrechtmatige_daad m.b.t. uitoefening bedrijf ( BW 6:181-2 ) ; in eerste instantie is de eigenaar aansprakelijk; echter niet bij verhuur aan ondernemer, dan is ondernemer aansprakelijk ( BW 6:181-2 )y-3960verplicht om binnen de afgesproken twee maanden alsnog een ander paard te leveren. De eigenaar is tekort geschoten in de nakoming van verbintenis en is direct van rechtswege in verzuim. De eigenaar is van zijn verplichting tot levering ontslagen, maar mevrouw Ter Veld is wel bevoegd om de koopovereenkomst te ontbinden.Nakoming van verbintenis(sen), tekortkoming in: register ==>> BW 6:74 Blikseminslag: overmacht BW 6:75 en kan dus NIET aan de eigenaar worden toegerekend, en - volgens BW 6:81 is de eigenaar dan niet in verzuim dus kan B ook niet Een beroemd renpaard, het betreft dus een specieszaak die niet door een ander kan worden vervangen, dus A kan niet Ontbinding van overeenkomsten: register; BW 6:265, volgens welke de overeenkomst kan worden ontbonden Ontbinding van overeenkomst(en), schadevergoeding: register; BW 6:277 waarvan lid 2 zegt dat geen schadevergoeding hoeft te worden betaald bij overmacht Dus antwoord C Overmacht, de niet-nakoming is de eigenaar niet aan te rekeneny-3960 |~8KK_5i    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag35Vraag35c Petra koopt een nieuwe printer. Korte tijd na de aankoop ontstaan tot driemaal toe dezelfde gebrek(en) aan de printer, waardoor deze telkens onbruikbaar is. De winkelier slaagt er niet in de printer te repareren en hij verklaart zich bereid aan Petra een nieuwe machine te lee}8KsQ[!s    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag34Vraag34c Mevrouw Ter Veld heeft bij een manege het beroemde renpaard " Speedy Gonzales " gekocht. Volgens afspraak zal het paard over twee maanden worden geleverd. De koopprijs zal bij de aflevering worden betaald. Twee weken, nadat de koopovereenkomst is gesloten, wordt " Speedy Gonzales " door de bliksem getroffen en overlijdt ter plaatse. Wat is rechtens juist ? De eigenaar is veren tegen inlevering van de oude machine en tegen betaling van een meerprijs. Petra neemt hiermede geen genoegen. Welke vordering kan zij jegens de winkelier instellen en op grond waarvan? Uitsluitend ontbinding van de overeenkomst op grond van wanprestatie. Uitsluitend herstel van de afgeleverde zaak op grond van toerekenbare niet nakoming van de overeenkomst. Vervanging van de afgeleverde zaak omdat deze niet aan de overeenkomst beantwoordt.Niet-nakomen van verplichting: register ==>> niets Verplichting(en) van de verkoper: register ==>> niets Dan kijken bij koop BW 7 Verplichting(en) van de verkoper BW 7:21-1-b zegt herstel mits de verkoper hieraan redelijkerwijs kan voldoen, maar dat kan hij niet, dan - BW 7:21-3 vervanging waarbij BW 7:21-2 zegt dat de kosten niet voor rekening van de koper kunnen komen A en B kunnen eveneens niet vanwege de toevoeging " uitsluitend " Dus antwoord C BW 7:21-2 , koop en ruil ; conformiteit; niet-nakoming van verplichtingen van de verkopery-3960 q5KC#){G    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag36Vraag36a Aad ( werkgever ) wil met Bas een arbeidsovereenkomst sluiten voor een periode van zes maanden. De werkgever wil in het contract een proeftijd opnemen. Er geldt geen CAO. Wat is de maximaal toelaatbare proeftijd ? Een maand. Twee maanden. Er kan in deze situatie geen proeftijd worden bepaald.Proeftijd bij arbeidsovereenkomst: register ==>> BW 7:652 - BW 7:652-4-a zegt een maand proeftijd bij een arbeidsovereenkomst van korter dan 2 jaar Dus antwoord A BW 7:652-4a , proeftijd bij arbeidsovereenkomsty-3960 5K_mkO    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag37Vraag37a Hieronder volgen twee stellingen met betrekking tot borgtocht. I. De borgtocht kan tegenover de particuliere_borg slechts worden bewezen door een door hem ondertekend geschrift. II. Indien vaststaat dat de particuliere_borg de verbintenis van de hoofdschuldenaar geheel of gedeeltelijk is nagekomen, kan de borgtocht door alle middelen worden bewezen. Wat is juist? De stellingen I en II zijn beide juist. Stelling I is juist en stelling II is onjuist. Stelling I is onjuist en stelling II is juist.Borgtocht, bewijs: register ==>> BW 7:859 Volgens BW 7:859-1 is I juist Volgens BW 7:859-2 is II eveneens juist Dus antwoord A BW 7:859 , borgtocht, bewijsy-3960 00|6K1w-    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag39Vraag39b In]5Kc-auC    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag38Vraag38a Dries Baas koopt het perceel Marktweg 123 in Delft. In dat pand wil hij een caf vestigen. Hij vraagt daar vergunning voor. Van de bevoegde instantie kreeg hij destijds te horen dat hij bedoelde vergunning waarschijnlijk wel zou krijgen. Helaas, zulks blijkt niet het geval. Dries is zeer teleurgesteld. Over de koopovereenkomst heeft hij zo zijn eigen gedachten. Wat is juist met betrekking tot de koopovereenkomst ? Deze is geldig. Deze is nietig, er is sprake van dwaling. Deze is vernietigbaar, er is sprake van misleiding.Het al of niet verkrijgen van een vergunning van de overheid staat los van de koopovereenkomst als daar geen beding over is opgenomen Dus antwoord A Het al of niet verkrijgen van de vergunning staat los van de koop.y-3960a werkt als secretaresse bij makelaar Bert. Zij zijn een bruto maandsalaris overeengekomen van Euro 2.000,-. Omdat Ina door ziekte een maand lang niet op haar werk is verschenen, betaalt Bert haar aan het einde van de maand niets uit. Met betrekking tot doorbetaling bij ziekte zijn zij niets overeengekomen en er is geen CAO van toepassing. Coulancehalve betaalt Bert haar alsnog het minimumloon van ca. Euro 1.200,- bruto per maand. Wat is juist ? Bert moet Ina$ s volledige maandsalaris doorbetalen. Bert moet Ina minimaal 70% van haar salaris doorbetalen. Met het betalen van het minimumloon heeft Bert aan zijn verplichtingen voldaan.Ziekte, doorbetaling van loon bij: register ==>> BW 6:107a, 6:197; BW 7:629 BW 7:629-1 zegt dat de eerste 104 weken 70 % van het loon moet worden doorbetaald, zijnde Euro 1400,-- per maand Dus antwoord B BW 7:629-1 , ziekte , doorbetaling van loon bijy-3960 0]>kLy,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag35~,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag36,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag37,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag38,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag39,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag40,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag41,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag42,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag43,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag44,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag45,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag46,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag47,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag48,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag49,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag50,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag51,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag52,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag53 7KyIIM    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag40Vraag40c Wat is een verbintenis onder ontbindende_voorwaarde ? Een verbintenis waarbij het ontstaan afhankelijk is van een toekomstige onzekere gebeurtenis. Een verbintenis waarbij het tenietgaan afhankelijk is van een toekomstige zekere gebeurtenis. Een verbintenis waarbij het tenietgaan afhankelijk is van een toekomstige onzekere gebeurtenis.Ontbindende_voorwaarde: register ==>> BW 6:22 BW 6:22 zegt dat een ontbindende_voorwaarde de verbintenis met het plaatsvinden der gebeurtenis doet vervallen, waarbij - BW 6:21 zegt dat het toekomstige onzekere gebeurtenis moet zijn Dus antwoord C BW 6:21, 22 , ontbindende_voorwaarde , voorwaardelijke_verbintenisy-3960 GG58Ki1%    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag41Vraag41b Anton, werkgever, vraagt een ontslagvergunning aan voor Bert. Ondanks verweer van Bert krijgt Anton de vergunning. Vervolgens ontslaat hij Bert met inachtneming van de toepasselijke opzegtermijn. Bert is het niet eens met het ontslag. Kan hij nog iets ondernemen en zo ja, bij welke instantie ? Ja, bij de rechtbank in beroep gaan tegen de de afgifte van de ontslagvergunning. Ja, een procedure bij de rechtbank, sectie kanton, beginnen met als grondslag dat de dienstbetrekking kennelijk onredelijk is beindigd. Nee, want Anton heeft met inachtneming van de voor beindiging van de arbeidsovereenkomst geldende bepalingen gehandeld.Arbeidsovereenkomst, ontslag: register ==>> BW 7:678 Verder kijken in de kantlijn naar kennelijke onredelijke beindiging: BW 7:681 Dus antwoord B BW 7:681 , kennelijk onredelijke beindigingy-3960ister. De vennoten van de v.o.f. zijn hoofdelijk verbonden voor de verbintenis(sen) van de vennootschap; de maten van de maatschap niet.Maatschap, aansprakelijkheid vennoten: register ==>> BW 7A:1679 - vennoten maatschap zijn niet hoofdelijk aansprakelijk BW 7A:1679 - BW 7A:1683-4 zegt dat maatschap wordt ontbonden bij faillissement vennoot; maatschap zelf kan niet failliet - dus A kan niet Vennootschap onder firma: register; Wvk 16; verder lezen in kantlijn: hoofdelijke aansprakelijkheid: Wvk 18 - elke vennoot van de firma is hoofdelijk verbonden Vennootschap onder firma, faillissement: register; Fw 4-3 - vennootschap onder firma kan failliet tezamen met de vennoten v.o.f. moet niet altijd worden ingeschreven volgens WvK 29 - zijn wel verplicht dat ( ooit ) te doen WvK 22 Dus antwoord C Maatschap kan niet failliet want er is geen afgezonderd vermogen ; bij geen inschrijving bestaan ze beide wel ; de maten zijn aansprakelijk voor een evenredig deely-3960 [[N7Kg-]    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag43Vraag43a Wanneer zal de rechtbank op verzoek van een belanghebbende of op vordering van het Openbaar_ministerie een stichting ontbinden ? Indien het doel van de stichting is bereikt. Indien de stichting niet bij notarile_akte is opgericht. Indien het bestuur de stichting niet in het handelsregister heeft ingeschreven.Ontbinding stichting: register ==>> BW 2:301 Volgens BW 301-1-b zegt: als het doel der stichting is bereikt Dus antwoord A BW 2:301 , ontbinding van een stichtingy-3960G7KA{Ci    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag42Vraag42c Welke van onderstaande beweringen met betrekking tot de v.o.f. en de maatschap is juist ? Zowel de v.o.f. als de maatschap kunnen failliet gaan. Zowel de v.o.f. als de maatschap moeten altijd worden ingeschreven in het Handelsreg#n/bestuurders van Rockvast B.V. heeft begin 2005 een overeenkomst gesloten met Distritrans NV om die vennootschap aan een lening te helpen tegen 8% per jaar. De Rockvast-directeur is daarmee buiten zijn boekje gegaan daar de doelomschrijving van Rockvast BV is het exploiteren van bedrijfsvastgoed en niets meer of anders dan dat. Wat is nu juist ? Alleen Rockvast BV kan de nietigheid van de overeenkomst inroepen vanwege de doeloverschrijding . Rockvast BV kan nimmer een beroep doen op de nietigheid van de overeenkomst nu de vennootschap door deze lening is gebaat. Distritrans NV kan een beroep doen op de doeloverschrijding door de Rockvast directeur en de nietigheid van de overeenkomst inroepen.Doeloverschrijding rechtspersoon: register ==>> BW 2:7 - alleen de rechtspersoon kan de vernietiging inroepen wegens doeloverschrijding Dus antwoord A BW 2:7 , BW 2:240-3 , bevoegdheids- / doeloverschrijding kan alleen door de bevoegdheids- / doeloverschrijdende b.v. worden ingeroepeny-3960 |A5K37I+    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag45Vraag45c Wat is minimaal vereist voor de totstandkoming van een maatschap ? Een notarile_akte Een onderhandse_akte Een mondelinge_overeenkomst Maatschap: register ==>> BW 7A:1655 - maatschap is eene overeenkomst .... - geen vormvereiste genoemd Dus antwoord C BW 7a:1661 , de maatschap begint vanaf het ogenblik der overeenkomsty-3960x8K Q]    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag44Vraag44a Een van de directeure% ##Y 6K ?ig    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag46Vraag46c Wat wordt verstaan onder het geplaatst_kapitaal van een N.V. ? Het vermogen van de N.V. Het door de aandeelhouder(s) gestorte bedrag.Het nominaal_bedrag van alle uitgegeven aandelen van de N.V.Geplaatst_kapitaal: register ==>> BW 2:67-3 en -4 en -5; BW 2:69-2-b en -c Geplaatst_kapitaal = nominaal_bedrag van de verkochte / uitgegeven aandelen Schema: - maatschappelijk_kapitaal - geplaatst_kapitaal ( minimaal 20 % van maatschappelijk_kapitaal ) - gestort_kapitaal ( minimaal 25 % van geplaatst_kapitaal ) - nog te storten / nog op te vragen kapitaal / opgevraagd_kapitaal Dus antwoord C y-3960 (h 5KisqS    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag48Vraag48a Welke va)T 6K/os;I    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag47Vraag47a Welke van onderstaande beweringen kan worden aangemerkt als een wezenlijk verschil tussen de B.V. met beperkte aansprakelijkheid en de N.V. ? De mogelijkheid om aandeelbewijzen uit te geven. De mogelijkheid van een structuurregime te hebben.De bevoegdheidsverdeling tussen bestuur en de algemene_vergadering_van_aandeelhouders .Aandelen BV: register ==>> BW 2:175 - BW 2:175-1 zegt dat bij de BV geen aandelenbewijzen worden uitgegeven - bij BV alleen aandelen_op_naam / niet vrij overdraagbaar Dus antwoord A BW 2:175-1 , een b.v. kan alleen aandelen_op_naam uitgeven en geen aandeelbewijzeny-3960n de onderstaande alternatieven kan worden aangemerkt als een wezenlijk verschil tussen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (BV) en de naamloze vennootschap ( N.V. ) ? De hoogte van het wettelijk minimum_kapitaal. De omvang van de publicatieplicht van jaarstukken.De vertegenwoordigingsbevoegdheid van het bestuur.Minimum_kapitaal B.V.: register ==>> BW 2:178, 2:185 - minimum_kapitaal wordt bij AMvB vastgesteld ( bedraagt nu Euro 18.000,-- ) Minimum_kapitaal N.V.: register; BW 2:67, 2:74 - minimum_kapitaal bedraagt Euro 45.000,-- Publicatieplicht: register; BW 2:394 ; is in het algemene deel rechtspersonen - dus niet antwoord B Vertegenwoordigingsbevoegdheid bestuurders B.V.: register; BW 2:240 - gelijk aan die van N.V. - dus niet antwoord C Vertegenwoordigingsbevoegdheid bestuurders N.V.: register; BW 2:130 - gelijk aan die van B.V. - dus niet antwoord C Dus antwoord A BW 2:67-2, -3 voor N.V. , en BW 2:178-2 voor B.V.y-3960 NN4 6KCWmI    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag50Vraag50a De statuten van de N.V. HOPS bepalen dat de N.V. in en buiten rechte door de heren Van Dijk en Braams, beiden bestuurder van de N.V., wordt vertegenwoordigd. Hun bevoegdheid is echter in zoverre beperkt dat s+n 5Ky]]+m    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag49Vraag49b Een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid kan ... wl erfgenaam zijn maar geen legataris. wl legataris zijn maar geen erfgenaam.zowel erfgenaam zijn als legataris maar alleen geen registergoederen verwerven.Vereniging: register ==>> BW 2:26 Verder kijken in kantlijn naar beperkte_rechtsbevoegdheid - BW 2:30-1 zegt in dat geval: geen registergoederen en geen erfgenaam Dus antwoord B BW 2:30-1 , een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid kan geen erfgenaam zijn; een legataris is geen erfgenaamy-3960tatutair is vastgelegd dat ieder van de bestuurder(s) voor transactie(s) met derde(n), die een bedrag van Euro 50.000,-- te boven gaan, de goedkeuring vereist is van de algemene_vergadering_van_aandeelhouders. Deze bevoegdheidsbeperking is, voor zover vereist, gepubliceerd in het handelsregister. Op een dergelijke beperking van de vertegenwoordigingsbevoegdheid kan door de vennootschap tegenover derde(n) ... geen beroep worden gedaan. met succes een beroep worden gedaan. alleen met succes een beroep worden gedaan voor transactie(s) die het bedrag van Euro 50.000,--, te boven gaan.Vertegenwoordigingsbevoegdheid bestuurder(s) N.V.: register ==>> BW 2:130 - BW 2:130-3 zegt dat de bevoegdheid tot vertegenwoordiging onbeperkt en onvoorwaardelijk is, voor zover uit de wet niets anders voortvloeit, dus de beperking van Euro 50.000,-- is nietig Dus antwoord A BW 2:107, 107a , een dergelijke goedkeuring valt niet onder de bevoegdheid van de algemene aandeelhoudersvergaderingy-3960dini is eigenaar van een eenmanszaak die failliet wordt verklaard. Wat is juridisch de positie van Zindini na het vonnis van faillietverklaring ? Hij is handelingsonbevoegd. Hij is handelingsonbekwaam. Hij is beschikkingsonbevoegd en inningsonbevoegd .Faillietverklaring, gevolg(en): register ==>> Fw 20 Verder kijken in kantlijn tot Verlies beschikking en beheer - Fw 23 zegt: de schuldenaar verliest de beschikking . De failliet blijft handelingsbekwaam voor zaken niet zijn vermogen betreffende Dus antwoord C Fw 21, de failliet is beschikkingsonbevoegd m.b.t. zijn vermogen; de curator int de betaling(en).; Fw 20 Verder kijken in kantlijn tot Verlies beschikking en beheer - Fw 23 zegt: de schuldenaar verliest de beschikking . De failliet blijft handelingsbekwaam voor zaken niet zijn vermogen betreffende Dus antwoord C Fw 21, de failliet is beschikkingsonbevoegd m.b.t. zijn vermogen; de curator int de betaling(en).y-3960 tt6Kmw    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag52Vraag52A Andr wordt in staat van faillissement verklaard. Hij heeft een aantal vordering(en) op Jan die op zijn beurt een aantal vordering(en) op Andr heeft. Jan schrijft aan de curator van Andr dat hij zijn vordering(en) op Andr verrekent met een aantal van de openstaande vordering(en) van Andr op hem. Is de curator in principe aan deze verrekening gebonden ? Ja. Ja, doch met toestemming van de rechter_commissaris. Nee, verrekening kan tijdens faillissement niet worden ingeroepen.Verrekening: register, Verrekening, vereisten ==>> BW 6:127 ev Dus antwoord A Fw 53 ev , schuldvordering(en) van schuldeiser en schuldenaar kunnen met elkaar worden verrekend door de curatory-3960*5K=EEs    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag51Vraag51c Zin, V7K7ig    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag53Vraag53b De curator stelt aan de rechter_commissaris voor de rechtbank te verzoeken het faillissement " wegens de toestand van de boedel " op te heffen. In welk geval spreekt de rechtbank een dergelijke opheffing uit ? Indien de curator alle vordering(en) betwist. Indien de boedelkosten / boedelschuld(en) de activa overtreffen. Indien de rechter_commissaris alle vordering(en) betwist.Faillissement; opheffing wegens gebrek aan actief: register ==>> Fw 16 - Fw 16-1 opheffing van faillissement als faillissementskosten en overige boedelschuld(en) de baten ( = activa ) overtreffen Dus antwoord B Fw 16 , opheffing van het faillissement als er niet voldoende baten zijn om de faillissementskosten en de overige boedelschuld(en) te voldoeny-3960 cc8K5/9=A    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag54Vraag54b Jan en Marie zijn in gemeenschap_van_ goederen gehuwd. Marie heeft in priv een woonhuis van haar ouder(s) gerfd. Jan gaat failliet. Wat is het gevolg van dit faillissement voor het priv-bezit van Marie ? Het priv-bezit valt onder de gemeenschap, maar blijft buiten het faillissement. Het priv-bezit valt in de failliete_boedel, doch kan door Marie worden teruggenomen. Het priv-bezit valt in de failliete_boedel en kan niet door Marie worden teruggenomen.Faillissement, bepaling(en) t.a.v. goederen van echtgenoot: register ==>> Fw 61 - Fw 61-1 zegt dat de echtgenoot de goederen die niet in de huwelijksgemeenschap vallen kan terugnemen ( uit de failliete_boedel ) Dus antwoord B Fw 61-1 ; de erfenis is priv en is daarmee buiten de gemeenschap gevallen en kan worden teruggenomeny-3960 {8K Mu    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag56Vraag56c Tot het aannemen van een akkoord in het kader van de Wet schuldsanering_natuurlijke_personen is vereist de toestemming van ... 2 / 3 van de ter vergader1g6KeyG    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag55Vraag55c Als de vennoten van een v.o.f. failliet zijn verklaard, maar de v.o.f. als zodanig niet, heeft de curator de beschikking over ... alleen de privvermogen(s) van de vennoten. alleen het afgescheiden_vermogen van de vennootschap. zowel het afgescheiden_vermogen van de vennootschap als de privvermogen(s) van de vennoten.Aansprakelijkheid vennoten van v.o.f.: register ==>> WvK 18 - alle vennoten hoofdelijk_verbonden, dus ook hun betreffende aandelen in het afgescheiden_vermogen van de v.o.f. Dis antwoord C De v.o.f. behoort ook tot het vermogen van de vennoten, er is geen onderscheid in vermogen, hoofdelijk aansprakelijky-3960ing verschenen erkende en voorwaardelijk toegelaten crediteuren welke tezamen ten minste de helft van het totale bedrag van hun vordering(en) vertegenwoordigen. 2 / 3 van ter vergadering verschenen erkende en voorwaardelijk toegelaten crediteuren van vordering(en) waaraan voorrecht is verbonden, alsmede van dergelijke concurrente_crediteur(en) welke tezamen ten minste de helft van het totale bedrag van hun vordering(en) vertegenwoordigen. De gewone meerderheid van de ter vergadering verschenen erkende en voorwaardelijk toegelaten crediteuren van vordering(en) waaraan voorrecht is verbonden, alsmede van dergelijke concurrente_crediteur(en), welke tezamen ten minste de helft van het totale bedrag van hun vordering(en) vertegenwoordigen.Schuldsaneringsregeling, ontwerp van akkoord: register ==>> Fw 329 Verder kijken in volgende artikelen - Fw 332-3 zegt dat een gewone meerderheid van ... voldoende is Dus antwoord C Fw 332-3 , gewone meerderheid bij failliet en schuldsaneringy-3960 h5Kqs}C    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag57Vraag57b Een schuldenaar is in staat van faillissement verklaard. Op de aanvraag tot faillietverklaring is hij niet gehoord, terwijl hij wel in Nederland was. Welk rechtsmiddel kan hij na de dag van de uitspraak aanwenden en gedurende welke periode is dit mogelijk ? Hij heeft gedurende 8 dagen het recht_van_verzet. Hij heeft gedurende 14 dagen het recht_van_verzet. Hij heeft gedurende 8 dagen het recht van hoger_beroep.Faillietverklaring, rechtsmiddel(en) tegen vonnis(sen) van: register ==>> Fw 8 - Fw 8-2 zegt dat als hij niet is gehoord en in Nederland was hij gedurende 14 dagen recht_van_verzet heeft Dus antwoord B Fw 8-2y-3960 99'6K+ec1    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag59Vraag59a Ad4T5K)%Uu    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag58Vraag58b Als men in een civiele_procedure daartoe op wettige wijze is opgeroepen, is men dan verplicht om als getuige een verklaring af te leggen ? Ja, altijd. Ja, tenzij men zich kan verschonen. Nee, tenzij men bloedverwant in de eerste_graad is.Getuige(n) in burgerlijke_zaken: register ==>> Rv 163 Verder kijken in de kantlijn tot Getuigplicht - Rv 165-2 zegt dat men zich kan verschonen / verschoning Dus antwoord B Rv 165-2 , getuigen verplicht in civiele zaak tenzij verschoningy-3960 en Bea zijn gehuwd in algehele gemeenschap van goederen. De gemeenschap omvat ondermeer de echtelijke_woning, waarvan Ad al voor het huwelijk eigenaar was. Bea verzoekt echtscheiding. Zij vreest dat Ad de woning, die nog op zijn naam staat, zal verkopen. Kan Bea beslag op de woning laten leggen om verkoop te voorkomen ? Ja, omdat de woning in de gemeenschap valt. Nee, omdat de woning op naam staat van Ad. Nee, de echtscheiding is nog niet uitgesproken en ingeschreven in de register(s).Conservatoir_beslag op goederen der huwelijksgemeenschap: register ==>> BW 1:110; Rv 820a BW 1:110 zegt dat de echtgenoot maatregelen kan nemen volgens de artikelen van Rv Rv 820a bestaat niet, daarom ervoor en erna kijken - Rv 768-1 ev zeggen dat conservatoir_beslag door de echtgenoot mogelijk is Dus antwoord A BW 1:110 , opheffing van de huwelijksgemeenschap en beslag ; Rv 768-3 , conservatoir_beslag op de goederen van een gemeenschapy-3960 >kHt$P|,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag55,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag56,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag57,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag58,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag59,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag60+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag01+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag02+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag03+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag04+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag05+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag06+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag07+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag08+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag09+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag10+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag11+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag12+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag13+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag14::::=::::::::DG::H:L:Lk::PS:::::::[:::_:_b:b:f::gkm::::pp::::::::|:|:k::::::::::::::::k::::::::::::::k:::::::::EEEEkEEEEEEEEEEEEkEEEEEEEEEEEEE m6KC C    - Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag60Vraag60a Is er voor het leggen van conservatoir_beslag verlof vereist van de voorzieningenrechter ? Altijd. Uitsluitend als het beslag op een roerende_zaak wordt gelegd. Nooit.Conservatoir_beslag, algemeen: register ==>> Rv 700 ev - Rv 700-1 zegt dat voor conservatoir_beslag verlof is vereist van de voorzieningenrechter, waarbij - is vereist, betekent: altijd Dus antwoord Ay-3960 `5I[9Wc- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag01Vraag01cDe regel(s) die bepalen of een geschil bij de sector_kanton_van_de_rechtbank dan wel bij een andere sector van de rechtbank aanhangig gemaakt moet worden, staan in ...het Burgerlijk_Wetboekde Wet_op_de_rechterlijke_organisatiehet Wetboek_van_burgerlijke_rechtsvorderingKantonzaken: register; Rv 93 - Rv 93-1 zaken betreffende vordering(en) met een beloop van ten hoogste Euro 5.000,-- - de Wet_op_de_rechterlijke_organisatie_(_Ro_) regelt alleen de structuur en de organisatie van de rechtspraak, maar niet welke zaken de kantonrechter al of niet behandeld Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 8IKY- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag02Vraag02cIn het recht wordt onderscheid gemaakt tussen privaatrecht en publiekrecht. Welk van onderstaande alternatieven met betrekking tot privaatrecht is juist ? Het privaatrecht kan nooit betrekking hebben op de overheidHet privaatrecht regelt uitsluitend de verhoudingen tussen de burgers en de overheidsorganen onderlingHet privaatrecht regelt onder andere de onderlinge verhoudingen tussen de burgers en/of de privaatrechtelijke organisatiesEen overheidsorgaan kan ook privaatrechtelijke_rechtshandeling uitvoeren, zoals het aanschaffen van een PC, of kantoormeubilair, etc.; dus niet A. B is geheel onjuist. Dus antwoord C. --y---36---------------------------------55rTflrx~ &,28>DPJV\hb`ntzZT "(.4:@FLRX^djpv|nCU1O+lmp r s tvxyz|~!"$&' ( * -./023789;=>?@AB D#C!G%H'L*J(0t,P.T0S/V2W3X4Y5[6\7]8_:b<d=f>mBg@oDpGsHtIuJvKwLxMyNzP|R~STUVWYZ\^_abcefghikpqrstuwxyz{}Äń 8IU!     - Examen Privaatrecht 2006 - IVraag03Vraag03cJos is gehuwd met Mia onder huwelijkse_voorwaarden, inhoudende de algehele uitsluiting van gemeenschap_van_goederen. Na het overlijden van zijn ouders erft Jos het ouderlijk huis en Jos en Mia gaan daarin wonen. Enige jaren later raken ze in een langdurige echtscheidingsprocedure verwikkeld. Mia woont nog in het huis maar Jos wil het alvast verkopen. Kan Jos dit zonder meer doen ? Ja, de toestemming van Mia is niet nodig omdat Jos het huis destijds heeft verkregen uit een erfenisJa, de toestemming van Mia is niet nodig omdat het echtpaar op huwelijksvoorwaarden is gehuwd en het huis tot het vermogen van Jos behoortNee, voor deze overeenkomst behoeft Jos de toestemming van MiaEchtgenoten, handelingsbevoegdheid: register; BW 1:88 - BW 1:88-1-a .... Echtgenoo~8IU! - Examen Privaatrecht 2006 - IVraag03Vraag03cJo0quwelijk te treden. Omdat Janet van plan is op korte termijn een eigen bedrijf te starten, dringt Kees aan op het maken van huwelijkse_voorwaarden. Janet zegt dat dit niet zon haast heeft en dat het altijd nog kan. Wat is rechtens juist ? Het maken van huwelijkse_voorwaarden is niet mogelijk tijdens het huwelijkHet maken van huwelijkse_voorwaarden is altijd onderworpen aan de goedkeuring van de rechtbankHet maken van huwelijkse_voorwaarden kan zowel voorafgaand aan het huwelijk als tijdens het huwelijk plaatsvindenHuwelijkse voorwaarden: register; BW 1:93, 1:97, 1:114 - BW 1:114 zegt dat huwelijkse_voorwaarden zowel vr als tijdens het huwelijk kunnen worden gemaakt; dus antwoord A is niet juist en C is wel juist - BW 1:119 zegt dat huwelijkse_voorwaarden gemaakt tijdens het huwelijk de goedkeuring van de rechter behoeven, middels een verzoekschrift met ontwerp notarile_akte; dus antwoord B is niet juist Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 ss8I-!Io- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag04Vraag04cJanet en Kees besluiten in het h< 7Iq7S    - Examen Privaatrecht 2006 - IVraag05Vraag05bDe wettelijke vertegenwoordiger van een minderjarige heeft machtiging of goedkeuring van de kantonrechter nodig voor ... het toestemmen in het huwelijk van de minderjarigehet als eiser voor de minderjarige voeren van een civiele procedurehet aanvaarden van een legaat - waaraan geen last is verbonden - voor de minderjarigeMinderjarigen, gezag over: register; BW 1:245 Verder bladeren in kantlijn tot Toepasselijke bepalingen BW 1:253k - verder kijken bij BW 1:342 ev - BW 1:345 - BW 1:349-1 zegt dat ouder / voogd toestemming van de kantonrechter nodig heeft, dus antwoord B is juist Huwelijk van minderjarigen: register; BW 1:35, 1:47, 1:53 - BW 1:35-1 toestemming ouders nodig - BW 1:36 bij weigering v7Iq7S- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag05Vraag05bDe 0r   o6Im- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag06Vraag06bKatja, 16 jaar, heeft een recreatiewoning gerfd. Haar ouders willen deze woning verkopen. Is dit juridisch mogelijk ? NeeJa, na verkregen machtiging van de kantonrechterJa, na verkregen machtiging van de rechtbank sector civielMinderjarigen, bewind over vermogen van: register; BW 1:245, 1:253i ev - BW 1:253k jo. BW 1:345 Dus antwoord B --y---36---------------------------------55 R6I19e7C- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag07Vraag07bArjen en Bea zijn gehuwd. Zij zijn beiden eerder gehuwd geweest en hebben elk een kind uit hun eerder huwelijk, Alice van 22 en Jaap van 23. Gedurende zijn huwelijk met Bea is Arjen onderhoudsplichtig voor ...alleen zijn eigen kindde ouders van Bea, indien zij behoeftig zijnzowel zijn eigen kind, als het kind van Bea mits deze kinderen tot zijn gezin behorenKinderen, verzorging en opvoeding: register; BW 1:82, 1:84, 1:245, 1:392, 1:404 - BW 1:82 zegt: de tot het gezin behorende minderjarige kinderen, dus antwoorden A en C vallen af - BW 1:392-1 zegt dat ouders en kinderen onderhoudsplichtig zijn - volgens BW 1:392-2 vallen behoeftige ouders daar onder Dus antwoord B--y---36---------------------------------55 ++Q7IAK- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag08Vraag08aBen en Bia komen tijdens hun huwelijksreis bij een auto-ongeluk om het leven. Er kan niet worden vastgesteld wie van hen de eerstoverledene is. Er is een testament gemaakt. De nalatenschap bedraagt 300.000,--. De nabestaanden zijn: Bias zoon Joris, de twee ouders van Ben, de moeder en de zus van Bia. Wie erft / erven ? Joris erft Euro 300.000,--De ouders van Ben erven elk Euro 75.000,-- , Joris erft Euro 1 50.000,--De ouders van Ben erven elk Euro 75.000,-- ,Joris en de moeder van Bia erven elk Euro 75.000,--Er is een testament, maar er wordt geen melding gemaakt van de eventueel in het testament benoemde erfgenamen, dus geen erfopvolging bij erfstelling, maar erfopvolging bij versterf Erfopvolging bij versterf: register; BW 4:9 ev - BW 4:10-1-a bepaalt dat Joris enig erfgenaam is en alles erft Dus antwoord A --y---36---------------------------------55 5I+++G    - Examen Privaatrecht 2006 - IVraag09Vraag09aBella en Frans zijn in gemeenschap_van_goederen getrouwd. Uit dit huwelijk zijn twee kinderen geboren. Bella overlijdt zonder testament te hebben nagelaten. Het gemeenschappelijke vermogen bedraagt 180.000,--. Ieder kind van de erflater heeft van rechtswege een niet-opeisbare_geldvordering / niet-opeisbare_vordering van ...Euro 30.000,--Euro 45.000,--Euro 60.000,--De nalatenschap is de helft van het gemeenschappelijk vermogen, dus Euro 90.000,-- Erfopvolging bij versterf: register; BW 4:9 ev - BW 4:10-1-a bepaalt dat Frans en de twee kinderen erfgenaam zijn - BW 4:11 bepaalt dat ieder in gelijke delen erven, dus ieder 1/3 - BW 4:13-2 bepaalt dat Frans van rechtswege de goederen van de nalatenschap krijgt _ 5I+++G- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag09Vraag09aBella0s  !5I3-9=g- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag10Vraag10bWelke van de volgende personen kunnen nooit recht op een legitieme_portie hebben ? Kleinkind(eren) Broer(s) en zuster(s) Geadopteerde kind(eren) Legitieme portie: register; BW 4:63 - BW 4:63-2 zegt dat legitimaris(sen) kunne zijn de kinderen van de erflater en de plaatsvervuller(s) Daarvan, dus kind(eren), geadopteerde kinderen, kleinkinderen, etc. Dus antwoord B --y---36---------------------------------55 W=WZ#5Iw%- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag12Vraag12bDe statuten van Vastgoed BV bepalen dat de vennootschap in en buiten rechte vertegenwoordigd kan worden door procuratiehoudeE?"7I)G- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag11Vraag11cWat is juist met betrekking tot het aanvaarden of verwerpen van een erfenis ? De aanvaarding kan op grond van dwaling worden vernietigdDe aanvaarding kan uitsluitend onder voorrecht van boedelbeschrijvingDe keuze kan alleen onvoorwaardelijk en zonder tijdsbepaling geschiedenNalatenschap, aanvaarding: register; BW 4:190 ev - BW 4:190-1 zegt dat aanvaarding zuiver kan geschieden of onder voorrecht van Boedelbeschrijving, dus antwoord B valt af - BW 4:190-3 zegt " keuze alleen onvoorwaardelijk en zonder tijdsbepaling " Dus antwoord C --y---36---------------------------------55r Pot ( niet-bestuurder ). Deze bevoegdheid, die op de voorgeschreven wijzen is gepubliceerd, is in die zin beperkt dat Pot voor transactie(s) die een bedrag van Euro 50.000,-- te boven gaan, voorafgaande toestemming behoeft van een der bestuurder(s) ( directeur(en) ) van Vastgoed BV. Op een dag gaat Pot een overeenkomst aan met de heer Piloot voor een bedrag van Euro 100.000,-- zonder de vereiste goedkeuring daarvoor te hebben verkregen en zonder medeweten van de directeur(en). Is Vastgoed BV gehouden tot nakoming ?JaNeeUitsluitend indien zij door de overeenkomst is gebaatVertegenwoordigingsbevoegdheid BV: register; BW 2:240 - BW 2:240:4 zegt dat ook anderen de bevoegdheid tot vertegenwoordigen kunnen hebben - Pot is geen bestuurder en heeft dus GEEN onbeperkte en onvoorwaardelijke vertegenwoordigingsbevoegdheid - BW 2:240:3 zegt dat de beperking van bevoegdheid slechts door de vennootschap kan worden Ingeroepen Dus antwoord B --y---36---------------------------------55e wordt een recht van vruchtgebruik met betrekking tot een woonhuis gevestigd ? Door middel van bezitsverschaffing, namelijk door middel van afgifte van de huissleutel(s)Door middel van een notarile_akte van vestiging, gevolgd door inschrijving daarvan in de openbare_registersDoor middel van een akte_van_cessie van het vruchtgebruik, gevolgd door inschrijving daarvan in de openbare_registersRecht van vruchtgebruik is een beperkt recht Vruchtgebruik, ontstaan: register; BW 3:202 - vruchtgebruik ontstaat door vestiging of verjaring Let op: schakelbepaling BW 3:98 dat zegt dat regelingen omtrent de overdracht van een goed eveneens van toepassing zijn op de vestiging van een beperkt recht op een zodanig goed - BW 3:89 zegt dat voor overdracht van onroerende zaak een notarile_akte en inschrijving in de openbare_registers noodzakelijk is Daarom: BW 3:202 jo. 3:98 jo. 3:89 Dus antwoord B --y---36---------------------------------55 Z%6IaGWW- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag14Vraag14bVader Henk is eigenaar van een bungalow. Hij overlijdt en laat na als enig erfgenamen dochter Anja en zoon Piet. Deze verdelen de nalatenschap en Anja krijgt de woning toebedeeld. Op welk moment wordt Anja eigenaar van de bungalow ? Zodra de akte is ingeschrevenOp het moment van overlijden van HenkZodra de notaris de verklaring_van_erfrecht heeft afgegevenErfopvolging, erfgenaam van rechtswege: register; BW 4:182 - BW 4:182-1 zegt dat met het overlijden van de erflater de erfgenamen van rechtswege opvolgen, dus op het moment van overlijden van Henk Dus antwoord B --y---36---------------------------------550$8I1Aew3- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag13Vraag13bHoF KKS'8I/5E- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag16Vraag16aOp 1 oktober 2004 verkoopt Dam op de voorgeschreven wijze zijn woonhuis aan De Vries, te leveren op 1 december 2005. Kort voor 1 december laat Dam aan De Vries weten dat hij niet mee zal werken aan de levering omdat hij spijt heeft van de verIR&7Io! - Examen Privaatrecht 2006 - IVraag15Vraag15aWanneer is er geen sprake van verkrijging onder algemene_titel ? Bij omzetting van een stichting in een verenigingBij een juridische fusie tussen een stichting en een naamloze_vennootschapBij een huwelijk dat wordt gesloten in algehele_gemeenschap_van_goederenTitel, verkrijging van goederen onder algemene: register; BW 3:80-2 - BW 3:80-2 zegt: verkrijging door erfopvolging, boedelmenging, fusie, splitsing; zoals bij B en C Dus antwoord A --y---36---------------------------------55koop. Nu geldt dat ...De Vries zonder tussenkomst van de rechter geen eigenaar kan worden van de woningDe Vries op 1 december 2005 eigenaar van de woning kan worden indien de notaris de koopovereenkomst van 1 oktober 2004 in de notarile_akte opneemt en die akte doet inschrijven in de daartoe bestemde register(s)De Vries op 1 oktober 2004 eigenaar van de woning is geworden omdat de koopovereenkomst, mits de drie dagen termijn in acht is genomen, daartoe voldoende isWeigering van de overdracht is niet nakoming van een verplichting en daarmee wanprestatie - nakoming afdwingen via rechter, nadat de verkoper is gemaand bij de notaris te verschijnen voor ondertekenen van de transportakte - bij niet verschijnen maakt de notaris een akte_van_non_comparitie op, waarmee de koper een vordering bij de rechter kan instellen, waarna de uitspraak van de rechter met de transportakte kan worden ingeschreven Dus antwoord A --y---36---------------------------------55 q(7IUWE- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag17Vraag17aJoost (18 jaar) heeft een scooter. De scooter wordt gestolen door Daan (20 jaar), die de scooter voor een rele prijs overdraagt aan Jan (19 jaar) die niets weet van de diefstal. Enige dagen later ziet Joost Jan met de scooter en vordert deze als zijn eigendom op. Welke uitspraak is juist ? Joost kan de scooter als zijn eigendom opvorderen van JanJan is eigenaar geworden van de scooter omdat hij te goeder trouw isJan is eigenaar geworden van de scooter omdat hij een rele prijs heeft betaald en te goeder trouw isVerlies van goederen: register; BW 3:80 ev Verder kijken in de kantlijn: BW 3:86-3 - binnen 3 jaar revindiceren - Jan is weliswaar eigenaar geworden naast Joost, maar Joost kan revindiceren Dus antwoord A --y---36---------------------------------55t een onbetwiste rekening van meer dan 6 jaar geleden. Bart stelt zich op het standpunt dat de vordering is verjaard. Harry dagvaardt Bart. Wat is juist ? Bart is gehouden en kan in rechte gedwongen worden de rekening alsnog te betalenDe vordering is verjaard. Bart behoeft niets te doen als hij wordt gedagvaard; de rechter zal ambtshalve de vordering van Harry afwijzenBart zal zich in rechte op de verjaring moeten beroepen, daar de rechter de vordering anders kan toewijzenVerjaring van rechtsvorderingen: register; BW 3:306 ev - BW 3:307-1 zegt dat vorderingen m.b.t. tot een geven of een doen na 5 jaar verjaren - de verjaring is niet gestuit, dus Bart is niet gehouden te betalen; daarmee valt antwoord A af Verjaring van rechtsvordering(en): geen ambtshalve toepassing: register; BW 3:322 - BW 3:322 zegt dat de rechter niet ambtshalve de verjaring mag toepassen, dus - Bart zal zich op de verjaring moeten beroepen Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 m)8I]-as- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag18Vraag18cHarry neemt zijn administratie door en ontdekt dat een rekening aan Bart voor verricht metselwerk, door Bart nog niet is voldaan. Het betrefK*6IIo- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag19Vraag19aAlbeMrt heeft het recht van erfpacht van een perceel grond, dat in eigendom toebehoort aan de gemeente. Op het recht van erfpacht is een hypotheekrecht gevestigd. Het recht van erfpacht wordt door de rechtbank vervallen verklaard wegens wanbetaling van de canon. Wat is juist met betrekking tot het hypotheekrecht ? Het hypotheekrecht gaat tenietHet hypotheekrecht gaat over op de volle_eigendomHet hypotheekrecht rust nog op een gedeelte van de volle_eigendomAfhankelijk recht: register; BW 3:7, 3:82 - kan niet zonder het andere recht waaraan het is verbonden, bestaan - het recht van erfpacht gaat teniet - recht van erfpacht en recht van hypotheek zijn beperkt_recht(en) Beperkt recht, tenietgaan: register; BW 3:81-2 - BW 3:81-2-a zegt dat beperkt_recht(en) teniet gaan door het tenietgaan van het recht waaruit het beperkt_recht is afgeleid Dus antwoord A --y---36---------------------------------55 @lHt$P|+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag16+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag17+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag18+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag19+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag20+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag21+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag22+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag23+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag24+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag25+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag26+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag27+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag28+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag29+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag30+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag31+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag32+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag33+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag34+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag35 ZZ"+5II5CK_- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag20Vraag20aWelk van de volgende zakelijk_recht(en) kan de natrekkingsregel van art. 5:20 BW doorbreken ? Het recht_van_opstalHet recht_van_vruchtgebruikHet recht van erfdienstbaarheidNatrekking: register; BW 5:3, 5:14 - hier worden we niet veel wijzer Opstal, definitie: register; BW 5:101 - BW 5:101-1 regelt het recht om in, op of boven een onroerende_zaak van een ander een ander, gebouw(en), etc., in eigendom te hebben of te verkrijgen - vruchtgebruik en erfdienstbaarheid hebben dat niet Dus antwoord A --y---36---------------------------------55 TT9-6IU3?7- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag22Vraag22bDe eigenaar, op wiens erf de wortels van de bomen van zijn buurman doorschieten, mag die wortels ...nooit zelf afhakkenzonder meer zelf afhakkenafhakken, indien de buurman op zijn eerste aanmaning heeft geweigerd dat zelf te doenErf, beplantingen: register; BW 5:42 Verder kijken in de kantlijn tot " Doorschietende wortels " - BW 5:44-2 zegt dat men doorschietende wortels mag weghakken en toe-eigenen Dus antwoord B --y---36---------------------------------55U.8Ii[#a- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag23Vraag23cScQhilder Sjaak, in dienst van Schildersbedrijf Johi BV, wil snel naar huis. Hij verzuimt aan het eind van de middag de fles natronloog af te sluiten en op te bergen in de schuur van het huis waar hij aan het werk is. In de avond komt Han, de zoon van de opdrachtgever, thuis. Hij ziet de fles natronloog niet staan, schopt de fles om en loopt daarbij schade op aan zijn kleding. Is Johi BV aansprakelijk voor de schade van Han ? Nee, omdat er sprake is van bewuste roekeloosheid van Sjaak is Johi BV niet aansprakelijk als werkgeverNee, Johi BV is niet aansprakelijk omdat haar niet te verwijten valt dat zij de gedraging van de werknemer niet heeft beletJa, Johi BV is als werkgever in beginsel aansprakelijk voor de fouten van zijn ondergeschikten die in verband staan met de dienstbetrekkingAansprakelijkheid voor ondergeschikten: register; BW 6:170, 6:171 - BW 6:170-1 zegt dat degene bij wie de werknemer is dienst is, aansprakelijk is Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 de regel zelf niet kent en het te ver gaat hem terzake een onderzoeksplicht op te leggenExecutoriale_verkoop kan plaatsvinden bij het uitoefenen van het recht van pand of hypotheek wanneer de schuldenaar niet meer betaalt. Bij onroerende zaak is sprake van recht_van_hypotheek, parate_executie en executoriale_verkoop Hypotheek, parate_executie: register; BW 3:268 - van het artikel zelf worden we niet veel wijzer, maar kijk naar verwijzing naar BW 7:19 dat, onder meer, over de overeenkomst van koop en ruil gaat - BW 7:19-1 zegt dat de koper er zich niet op het gebrek kan beroepen als de verkoper niet van het gebrek wist - BW 7:19-2 zegt dat de koper zich niet op het gebrek kan beroepen als de koper wist dat er ingevolge BW 3:268 wordt verkocht - In deze vraag is niet duidelijk of ingevolge BW 3:268 wordt verkocht, dus de koper kan zich er op beroepen als de verkoper van het gebrek wist Dus antwoord B --y---36---------------------------------55 V/8Ik;SY{- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag24Vraag24bPiet koopt een pand aan op een executoriale_verkoop. Na enige tijd merkt hij dat in de binnenmuren vocht optrekt. Hij spreekt de verkoper Kees aan, wegens het feit dat de zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt. Wat is rechtens juist ? De verkoper is op grond van de regels van bescherming van derde(n) altijd aansprakelijkDe verkoper is alleen aansprakelijk als Piet kan bewijzen dat verkoper Kees wist van de vochtoptrekDe verkoper is nooit aansprakelijk omdat de executerende verkoper de zaak inR PP,05Ia7EaA- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag25Vraag25cIs een overeenkomst die tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en die bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten, nietig dan wel vernietigbaar ?Te allen tijde nietigTe allen tijde vernietigbaarSlechts vernietigbaar in bepaalde gevallenDwaling, vernietigbaarheid overeenkomst i.v.m.: register; BW 6:228 - BW 6:228-1 zegt dat een overeenkomst die onder invloed van dwaling tot stand is gekomen vernietigbaar is .. indien aan een van de voorwaarde(n) a, b of c van BW 6:228-1 is voldaan Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 L18I1Ks9- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag26Vraag26aHans huurt een etagewoning van verhuurder Victor. Welke van de volgende rechten heeft Hans als huurder ten opzichte van Victor ? Bij het einde van de huur heeft Hans, onder bepaalde voorwaarden, het recht om al het door hem aangebrach0u hh26I+IO - Examen Privaatrecht 2006 - IVraag27Vraag27cIn welk geval is een koopovereenkomst ten tijde van het sluiten ervan nietig ? Indien de verkoper failliet isIndien de verkoper minderjarig isIndien de koopovereenkomst in strijd is met de goede_zedenEen koopovereenkomst is een vorm van bijzondere overeenkomst en daarmee een vorm van overeenkomst, en - een overeenkomst kan het gevolg zijn van een meerzijdige rechtshandeling Rechtshandeling, nietigheid: register; BW 3:32, 3:34, 3:40 - BW 3:32-2 zegt dat een rechtshandeling van een onbekwame ( bijv. een minderjarige ) vernietigbaar is, dus vervalt antwoord B en vervalt ook A ( failliete verkoper is wel beschikkingsonbevoegd ) - BW 3:40-1 zegt dat een rechtshandeling die in strijd is met de goede_zeden, nietig is Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 7I c    - Examen Privaatrecht 2006 - IVraag28Vraag28aAlbert wenst zijn riante landhuis voor Euro 420.000,-- te verkopen. Bernard heeft belangstelling. Albert maakt een typefout en stuurt per e-mail aan Bernard het volgende: De vraagprijs voor mijn huis is Euro 400.000,--. Gaarne binnen 8 dagen antwoord. Bernard beantwoordt de e-mail binnen drie dagen en deelt mee met het aanbod van Albert akkoord te gaan. Wat is rechtens juist ? Er is een overeenkomst tot stand gekomen voor Euro 400.000,--. Er is een overeenkomst tot stand gekomen voor Euro 420.000,--. Er is geen overeenkomst tot stand gekomen. Het sturen van de email door A is een rechtshandeling van A Rechtshandeling, wilsverklaring: register; BW 3:33 Verder kijken in de kantlijn tot " Vertrouwensleer " - BW 3:35 zegt dat als B begrepen heeft dat x37I c- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag28Vraag28aAlb0v 11K47I=kKqU- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag29Vraag29bHoe kan bij consumentenkoop door de verkoper het recht van reclame worden uitgeoefend ? Door ontbinding van de overeenkomst te vorderenDoor terugvordering van de verkochte zaak in een tot de koper gerichte schriftelijke verklaringDoor terugvordering van de verkochte zaak van de koper door middel van een mondelinge of schriftelijke verklaring Reclamerecht, terugvordering roerende zaak: register; BW 7:39 - BW 39-1 zegt dat de zaak kan worden teruggevorderd door een schriftelijke verklaring waarmee tevens de overeenkomst wordt ontbonden Dus antwoord B --y---36---------------------------------55 VV&56I?ig/3- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag30Vraag30cWanneer ontstaat met betrekking tot een appartementsrecht een Vereniging van Eigenaars ? Bij de ondertekening van de akte_van_splitsingZodra er meer dan n appartementseigenaar isOp het moment van inschrijving van de akte_van_splitsing in de openbare_registersVereniging_van_appartementseigenaars / Vereniging_van_eigenaars: register; BW 5:124 ev - BW 5:124 ev beschrijft de werking van de VvE, maar die is dan al opgericht, dus in de voorafgaande artikel(en) kijken - BW 5:112-1-e zegt dat het reglement de oprichting van de VvE moet inhouden - BW 5:111-d zegt dat de akte_van_splitsing, een reglement moet inhouden - BW 5:109-1 zegt dat de splitsing moet geschieden middels notarile akte en inschrijving in de openbare_registers Dus antwoord C --y---36---------------------------------55l kan geen ontbinding maar wel schadevergoeding vragenOvermacht ==>> Overmacht bij verbintenissen: register; BW 6:75 Verder kijken in de kantlijn tot " Schadevergoeding bij overmacht " - BW 6:78 zegt geen schadevergoeding tenzij schuldenaar een voordeel heeft genoten in de zin van ongerechtvaardigde verrijking Ontbinding van overeenkomsten: register; BW 6:265 ev - BW 6:265 zegt dat bij niet-nakoming / tekortkoming, een recht op ontbinding bestaat - verder kijken in kantlijn tot " Ontbinding en schadevergoeding " - BW 6:277-1 zegt dat de partij aan wie de tekortkoming kan worden toegerekend schadevergoeding moet betalen omdat geen nakoming maar ontbinding plaatsvindt - BW 6:277-2 zegt dat indien tekortkoming niet aan de schuldenaar is te wijten het vorige lid toepassing vindt binnen de grenzen van artikel BW 6:78 ( geen schadevergoeding ) Dus antwoord B --y---36---------------------------------55 67I_}C- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag31Vraag31bKrachtens een ruilovereenkomst moet Paul aan Chantal bepaalde zaken afgeven. Ten gevolge van een omstandigheid die Paul niet kan worden toegerekend, kan hij niet aan zijn verplichtingen voldoen. Chantal heeft nadeel, maar Paul heeft geen voordeel. Welke van de onderstaande stellingen is juist ? Chantal kan zowel ontbinding als schadevergoeding vragenChantal kan wel ontbinding maar geen schadevergoeding vragenChantaZ ]]78I%w- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag32Vraag32aEen verbintenis onder opschortende_voorwaarde is een verbintenis waarbij ...het ontstaan afhankelijk is van een toekomstige onzekere gebeurtenishet tenietgaan afhankelijk is van een toekomstige zekere gebeurtenishet tenietgaan afhankelijk is van een toekomstige onzekere gebeurtenisVerbintenissen, voorwaardelijke: register; BW 6:21 ev - verder kijken in kantlijn tot " Opschortende en ontbindende voorwaarden " ; BW 6:22 Voorwaarde, opschortende: register; BW 3:91, maar is hier niet van toepassing Voorwaarde, opschortende: register; BW 6:22 dat zegt dat de werking van de verbintenis eerst met het plaatsvinden der gebeurtenis aanvangt, en waar BW 6:21 zegt dat de gebeurtenis een toekomstige onzekere gebeurtenis moet zijn, dus BW 6:22 jo. BW 6:21 Dus antwoord A --y---36---------------------------------55 x85IMo- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag33Vraag33bNa hoeveel jaar verjaart bij consumentenkoop de rechtsvordering tot betaling van de koopprijs ? Een jaarTwee jaarVijf jaarVerjaring van rechtsvordering(en): register; BW 3:306 - verder lezen in kantlijn tot Nakoming - BW 3:307 zegt dat m.b.t. nakoming van een verbintenis uit overeenkomst tot een geven of een doen, de verjaring 5 jaar is - Let op: zie verwijzing naar BW 7:28 aan het einde van het artikel - dus, kijken bij BW 7:28 dat zegt verjaring na 2 jaar Consumentenkoop, verjaring vordering tot betaling: register; BW 7:28 - verjaring na 2 jaar Dus antwoord B --y---36---------------------------------55taling van de derde week? Zo nee, waarom niet ? Nee, omdat nog sprake is van de wettelijk verplichte proeftijdNee, bij vakantiewerk mag de werkgever te allen tijde opzeggenJa, aangezien een arbeidsduur van drie weken was overeengekomenArbeidsovereenkomst, met minderjarige: register; BW 7:612 - BW 7:612, arbeidsovereenkomst is geldig zolang de wettelijke_vertegenwoordiger van een minderjarige onder de 16 jaar, niet binnen 4 weken vernietiging heeft ingeroepen Arbeidsovereenkomst, opzegging: register; BW 7:667 - BW 7:667-3 zegt dat alleen tussentijds kan worden opgezegd indien dit schriftelijk is overeengekomen Dus antwoord C --yCASUS: Piet, 15 jaar oud, is voor drie weken voor een vakantiebaan bij buurtsuper Bas aangenomen, zonder medeweten van zijn ouders die van niets weten en beiden werken. Na 2 weken zegt Bas, eigenaar van de buurtsuper, tegen Piet dat hij de derde week niet meer hoeft te komen omdat er geen werk meer voor hem is.--36---------------------------------55  k:8I_KI_- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag35Vraag35cDe vragen 34 en 35 vormen een casus. Piet, 15 jaar oud, is voor drie weken voor een vakantiebaan bij buurtsuper Bas aangenomen, zonder medeweten van zijn ouders die van niets weten en beiden werken. Na 2 weken zegt Bas, eigenaar van de buurtsuper, tegen Piet dat hij de derde week niet meer hoeft te komen omdat er geen werk meer voor hem is. Wat is juist met betrekking tot deze arbeid`k99I i- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag34Vraag34cDe vragen 34 en 35 vormen een casus. Piet, 15 jaar oud, is voor drie weken voor een vakantiebaan bij buurtsuper Bas aangenomen, zonder medeweten van zijn ouders die van niets weten en beiden werken. Na 2 weken zegt Bas, eigenaar van de buurtsuper, tegen Piet dat hij de derde week niet meer hoeft te komen omdat er geen werk meer voor hem is. Heeft Piet in deze situatie recht op doorbe^sovereenkomst ? Einde casusDeze is zondermeer rechtsgeldigDeze is niet rechtsgeldig immers Piet is minderjarig. Werkgever Bas kan hierop een beroep doenDeze is rechtsgeldig, doch vernietigbaar indien de ouders van Piet een beroep doen op zijn onbekwaamheid Rechthandeling, vernietigbaarheid: register; BW 3:32, 3:34, 3:44 - BW 3:32-2 zegt dat een rechtshandeling van een onbekwame vernietigbaar is Arbeidsovereenkomst, met minderjarige: register; BW 7:612 - BW 7:612-2 zegt dat wettelijke_vertegenwoordiger van minderjarige jonger dan 16 jaar de vernietigbaarheid van de arbeidsovereenkomst kunnen inroepen Dus antwoord C --yCASUS: Piet, 15 jaar oud, is voor drie weken voor een vakantiebaan bij buurtsuper Bas aangenomen, zonder medeweten van zijn ouders die van niets weten en beiden werken. Na 2 weken zegt Bas, eigenaar van de buurtsuper, tegen Piet dat hij de derde week niet meer hoeft te komen omdat er geen werk meer voor hem is. Einde casus--36---------------------------------55s met ingang van 1 februari 2005 in dienst voor onbepaalde_tijd. Met wederzijds goedvinden is vooraf een proeftijd van drie maanden afgesproken. Op 15 maart 2005 beindigt Jansen met onmiddellijke ingang de dienstbetrekking met Klaas. Welke bewering is juist ? De overeengekomen proeftijd is nietig. Klaas is vanaf 1 februari 2005 voor onbepaalde_tijd in dienst. De overeengekomen proeftijd is rechtsgeldig. Jansen kon zonder opzegging de dienstbetrekking met Klaas doen eindigenDe overeengekomen proeftijd wordt van rechtswege omgezet in een wel geldige proeftijd. Daardoor kon Jansen zonder opzegging de dienstbetrekking met Klaas doen eindigenArbeidsovereenkomst, proeftijd: register; BW 7:652 - BW 7:652-3 zegt dat bij een overeenkomst voor onbepaalde_tijd een proeftijd van maximaal twee maanden geldt - BW 7:652-7 zegt dat een beding met proeftijd langer dan twee maanden nietig is; dus er is geen proeftijd overeengekomen Dus antwoord A --y---36---------------------------------55 q^<8IC 5wc- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag37Vraag37bAxel woont in een van Boris gehuurd appartement. Bij aanvang van deze huur hebben Axel en Boris een en ander op papier gezet. Deze schriftelijke overeenkomst bevat slechts de volgende twee regels: " Axel moet aan Boris een huurprijs van Euro 1.000,-- per maand betalen " en " de huur loopt per 1 april 2006 af " . Welke van de onderstaande beweringen met betrekking tot de huurovec;8I]Yu[!- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag36Vraag36aMakelaarskantoor Jansen neemt Klaaareenkomst is rechtens juist ? Deze eindigt na ommekomst van die bepaalde tijd van rechtswege.Deze moet, net als een huurovereenkomst voor onbepaalde_tijd, altijd opgezegd wordenDeze moet worden opgezegd, tenzij er een beding in de huurovereenkomst is opgenomen dat deze zonder opzegging eindigtHuurovereenkomst woonruimte, opzegging; BW 7:271 ev - BW 7:271-1 zegt dat bij huur aangegaan voor bepaalde_tijd de huur niet van rechtswege eindigt maar moet worden opgezegd - BW 7:271-2 zegt dat huurder en verhuurder dat kunnen doen, tegen de betaaldag - BW 7:271-3 zegt dat de opzegging middels exploot of aangetekende_brief moet gaan - BW 7:271-4 zegt dat op straffe van nietigheid, de limitatieve gronden van BW 7:274-1 moeten worden genoemd - BW 7:271-5 zegt dat bepaalde opzegtermijn(en) in acht moeten worden genomen - BW 7:271-7 zegt dat een beding dat de huur zonder opzegging doet eindigen, nietig is Dus antwoord B --y---36---------------------------------55 =4I_'}- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag38Vraag38bEen stichting kan niet bestaan zonder ...ledenstatutencontribuantenStichting: register; BW 2:285 - BW 2:285-1 zegt dat een stichting geen leden kent, dus antwoord A valt af - BW 2:286-1 zegt dat de stichting moet worden opgericht bij notarile akte - BW 2:286-3 zegt " de akte bevat de statuten van de stichting ", dus statuten moet bevatten Dus antwoord B --y---36---------------------------------55t nakoming van de koopovereenkomstDe leverancier kan alleen Jansen met succes aanspreken tot nakoming van de koopovereenkomst Vertegenwoordigingsbevoegdheid, bestuurders BV: register BW 2:240 - BW 2:240-4 zegt dat ook aan anderen dan bestuurder(s) de bevoegdheid tot vertegenwoordiging kan worden gegeven Aansprakelijkheid bestuurder(s) en commissaris(sen) B.V. : register; BW 2:180, BW 2:248 - BW 2:180-2 zegt dat vr eerste inschrijving in het handelsregister de bestuurder(s) naast de vennootschap hoofdelijk_aansprakelijk zijn Zie ook: BW 2:203-1 dat zegt dat bestuurder De Vries de rechtshandeling van Jansen had kunnen bekrachtigen, maar dit dus weigert en zodoende de vennootschap niet is gebonden Uit de opgave blijkt niet dat Jansen is gemachtigd en zo ja dat niemand dat kan weten want er is geen inschrijving en inzage in handelsregister en De Vries heeft geweigerd de rechtshandeling van Jansen te bekrachtigen Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 vv~>8I3Q!E3- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag39Vraag39cNamens een B.V. in oprichting bestelt oprichter Jansen een machine. Na de oprichting van de BV, maar vr de inschrijving ervan in het handelsregister wordt de bestelde machine bij de BV afgeleverd. De enige bestuurder De Vries is niet op de hoogte van de bestelling en weigert de machine in ontvangst te nemen en de koopsom te betalen. Welke van de onderstaande bewering(en) is in dit verband juist ? De leverancier van de machine kan de BV met succes aanspreken tot nakoming van de koopovereenkomstDe leverancier kan niemand aanspreken toe ?6I c})- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag40Vraag40aWanneer zal de rechtbank op verzoek van een belanghebbende of op vordering van het Openbaar_ministerie een stichting ontbinden? Indien het doel van de stichting is bereiktIndien de stichting niet bij notarile_akte is opgerichtIndien het bestuur de stichting niet in het handelsregister heeft ingeschrevenStichting: register; BW 2:285 ev Ontbinding stichting: register; BW 2:301 ev - BW 2:301-b zegt dat de rechtbank op verzoek de stichting kan ontbinden als het doel is bereikt Dus antwoord A --y---36---------------------------------55[@8Is'yC- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag41Vraag41aEehn van de directeur(en) / bestuurder(s) van Palts B.V. heeft begin 2004 een overeenkomst gesloten met Haut N.V. om aan die NV een geldlening te verstrekken tegen 8% rente per jaar. De Palts-directeur is daarmee buiten zijn boekje gegaan; immers de doelomschrijving van Palts BV is het exploiteren van bedrijfsvastgoed en niets meer of anders dan dat. Wat is nu juist ? Alleen Palts BV kan de overeenkomst vernietigen vanwege de doeloverschrijdingPalts BV kan nimmer een beroep doen op de nietigheid van de overeenkomst nu de vennootschap door deze lening is gebaatHaut NV kan een beroep doen op de doeloverschrijding door de Palts-directeur en de nietigheid van de overeenkomst inroepenDoeloverschrijding rechtspersoon: register; BW 2:7 - BW 7:2 zegt dat de rechtshandeling van de Palts-directeur vernietigbaar is vanwege doeloverschrijding en dat alleen de rechtspersoon een beroep op deze grond tot vernietigbaarheid kan doen Dus antwoord A --y---36---------------------------------55 @lHt$P|+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag37+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag38+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag39+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag40+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag41+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag42+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag43+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag44+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag45+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag46+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag47+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag48+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag49+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag50+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag51+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag52+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag53+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag54+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag55 /YIu n>V%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag23W%?- Examen BA / BE 2004 - IVraag470%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag20H%?- Examen BA / BE 2005 - IVraag46bd-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag0360U- Examen Bouwkunde Algemeen 2004 - IVraag15v-M- Examen Capita Selecta 2009 - IVraag23&A- Examen Economie 2005 - IExamen'A- Examen Economie 2005 - IVraag22'A- Examen Economie 2005 - IVraag456.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag10Y.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag29+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag16.|.O- Examen Makelaardijleer 2006 - IVraag50+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag58X+I- Examen Privaatrecht 2005 - IVraag37C,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag14i,K- Examen Privaatrecht 2005 - IIVraag34}4"S|K =nN+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag365+I- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag15i,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag01,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag21,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag42-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag07 -M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag27 ,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag13J-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag485k,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag53r/,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag33^+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag10+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag31+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag52,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag10,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag30,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag50 +K- Examen Publiekrecht 2004 - IIExamendraagt bij de oprichting Euro 200.000; het gestorte kapitaal Euro 45.000. Welk rechtsgevolg verbindt de wet aan deze feit(en) ? Vastgoed BV kan niet worden ingeschreven in het handelsregisterGeen, want Vastgoed BV voldoet aan de wettelijke_eis(en) voor wat betreft haar kapitaal De bestuurder(s) van Vastgoed BV zijn hoofdelijk aansprakelijk voor elke tijdens hun bestuur verrichte rechtshandeling waardoor de BV wordt gebondenInschrijving BV in handelsregister: register; BW 2:180 - BW 2:180-2-b zegt dat de bestuurder(s) hoofdelijk_aansprakelijk zijn voordat het gestorte deel van het kapitaal ( gestort_kapitaal ) tenminste het minimum_kapitaal bedraagt, en - BW 2:180-2-b zegt dat het gestorte deel minsten 25 % van het geplaatst_kapitaal moet zijn Het geplaatst_kapitaal bedraagt Euro 200.000,-- - dus het gestorte deel moet minimaal Euro 50.000,-- bedragen, en dat is dus niet het geval, dus antwoord B valt af Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 ** A8Im =5Q- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag42Vraag42cHet geplaatste kapitaal van Vastgoed B.V. bel9B6IMk 9- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag43Vraag43cDe N.V. " JoHay " is een structuurvennootschap. Welk orgaan van de N.V. " JoHay " is bevoegd tot vaststelling van de jaarrekening ? Het bestuur van de NV " JoHay "De raad_van_commissarissen van de NV " JoHay "De algemene_vergadering_van_aandeelhouders van de NV " JoHay "Jaarrekening NV: register; BW 2:101 - BW 2:101-3 zegt dat de algemene_vergadering_van_aandeelhouders de jaarrekening vaststelt Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 ??5C5IK[my- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag44Vraag44aEen faillissement kan eindigen door opheffing wegens de toestand van de boedel, of door de totstandkoming van een akkoord hetzij door het verbindend worden van de slotuitdelingslijst. In welk van de onderstaande gevallen zal de gefailleerde daarna gewoonlijk zijn bedrijf voortzetten ? Bij de totstandkoming van een akkoord. Bij opheffing weg0w qq D7I g%- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag45Vraag45cWelk besluit is nodig om tot ontbinding van een B.V. te komen ? Een daartoe strekkend besluit van het bestuurEen daartoe strekkend besluit van de raad_van_commissarissenEen daartoe strekkend besluit van de algemene_vergadering_van_aandeelhoudersOntbinding BV: register; BW 2:185, betreft ontbinding door de rechter, hier niet van toepassing Ontbinding rechtspersoon: register; BW 2:19 - BW 2:19-1-a zegt dat ontbinding kan via besluit van de algemene_vergadering_van_aandeelhouders Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 cAc$G8IEGU+]- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag48Vraag48aDer]F8I''- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag47Vraag47cPeq;E6I ks#- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag46Vraag46cWelk van onderstaande beweringen met betrekking tot de uitgifte van aandelen bij de naamloze_vennootschap ( N.V. ) is juist ? De NV mag uitsluitend aandelen_op_naam uitgevenDe NV mag uitsluitend aandelen_aan_toonder uitgevenDe NV mag zowel aandelen_op_naam als aandelen_aan_toonder uitgevenAandelen NV: register; BW 2:64, 2:67, 2:79 Bij BW 2:79 verder lezen in de kantlijn tot " aandelen_op_naam " - BW 2:79-1 zegt dat de statuten bepalen of aandelen_op_naam of aandelen_aan_toonder luiden - BW 2:79-2 zegt dat beide kunnen Dus antwoord C --y---36---------------------------------55ter wordt failliet verklaard. Wat is het gevolg voor zijn rechtspositie ? Hij wordt handelingsonbevoegd tenzij de boedel wordt gebaatHij wordt handelingsonbekwaam tenzij de boedel wordt gebaatHij wordt beschikkingsonbevoegd tenzij de boedel wordt gebaatHandelingsonbevoegdheid: register; BW 3:43, betreft rechters etc., m.b.t. bepaalde rechtshandelingen, hier niet van toepassing, dus antwoord A vervalt Handelingsonbekwaamheid: register; BW 3:32 - iedereen is handelingsbekwaam, voor zover de wet niet anders bepaalt Beschikkingsonbevoegdheid: register; BW 3:86, 3:88; indien geen eigenaar; hier niet van toepassing Faillietverklaring, gevolgen: register; Fw 20 Verder lezen in de kantlijn tot Verlies beschikking en . - Fw 23 zegt dat de schuldenaar van rechtswege de beschikking verliest - Fw 24 zegt dat de boedel niet aansprakelijk is voor verbintenissen van de schuldenaar tenzij de boedel daardoor is gebaat Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 curator in het faillissement van Quist, eigenaar van een winkel in huishoudelijke artikelen, is voornemens de winkel voorlopig open te houden en het personeel door te betalen. Is de boedel aansprakelijk voor het salaris van het personeel over de periode na de faillietverklaring ?Ja, het salaris van het personeel is een boedelschuld en dient bij voorrang te worden voldaanNee, voor verbintenissen die na de faillietverklaring ontstaan zijn, is de boedel niet aansprakelijkNee, na de faillietverklaring is het salaris van het personeel een concurrente vordering die op de verificatievergadering moet worden ingediendBoedelschuld: register; Fw 25, Fw 228 - maar deze brengen ons niet veel verder Faillissement, arbeidsrechtelijke verhouding(en): register; Fw 40 - in Fw 40-1 is vermeld dat het salaris en de daarmee samenhangende premiebetaling(en) tot de boedelschuld behoren - dus antwoord A --y---36---------------------------------55 hH5I ')+s- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag49Vraag49cWie of welke instantie kan sursance_van_betaling aanvragen ? De rechtbank Een crediteur De schuldenaar Sursance van betaling: register; FW 214 ev - Fw 214-1 zegt dat de schuldenaar dat kan doen Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 6I5Ig5=Cw- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag50Vraag50cWelke van onderstaande schulden is op grond van de wet een boedelschuld in de zin van de Faillissementswet ? Een belastingschuld Een hypothecaire_schuld Het salaris van de curator Boedelschuld is een schuld die eerst/ met voorrang uit de boedel moet worden betaald Salaris van de curator in het faillissement: register; FW 71 - zie verwijzing naar Fw 16-2 waarin is vermeld dat de faillissementskosten en het salaris van de curator bij voorrang uit de boedel worden voldaan Hypothecaire schuld valt buiten de boedel; separatisten: hebben voorrang boven alles, dus antwoord A vervalt Belastingschuld is preferent; geen voorrang; geen boedelschuld Dus antwoord C --y---36---------------------------------55  J6I'Ay7- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag51Vraag51cOp welke wijze kan een pandhouder in een faillissement zijn verhaal zoeken ? Uitsluitend via de curatorUitsluitend met toestemming van de rechter_commissarisHij kan zijn vordering op de gebruikelijke wijze verhalen, ongeacht het faillissementRecht van pand: register; BW 3:227 - zie verwijzingen einde artikel en dan zoeken naar verwijzing naar Fw - Fw 57 Pand, parate executie, of verkoop: register; BW 3:248 - zie verwijzingen einde artikel en dan zoeken naar verwijzing naar Fw - Fw 57 Fw 57 zegt dat pand- en hypotheekhouder(s) hun recht kunnen uitoefenen alsof er geen faillissement was Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 2K5Ii#S- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag52Vraag52bJan stelt zich op het standpunt dat Piet hem slechte kwaliteit aardappelen heeft geleverd die hij dan ook niet wenst te betalen. Piet begint een civiele procedure waarin hij Euro 50.000,-- van Jan vordert. Jan betwist in die procedure dat de aardappels van de overeengekomen kwaliteit waren. Wie moet bewijzen dat de aardappels van de afgesproken kwaliteit waren ? Jan Piet De rechter Bewijsrecht, algemene bepalingen: register; Rv 149 Verder kijken in de kantlijn tot " Wie stelt moet bewijzen " , Rv 150 - Jan moet bewijzen dat de aardappels van onvoldoende kwaliteit waren - Piet moet bewijzen dat de aardappels van voldoende kwaliteit waren Dus antwoord B --y---36---------------------------------55 hhL6IWkIYi- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag53Vraag53bWat wordt bedoeld met bewijsrisico ? Dat de bewijslast op een van de partij(en) rustDat de partij op wie de bewijslast rust en die niet slaagt in het bewijs de procedure verliestDat de partij(en) moeten instaan voor de juistheid van de door hun getuige(n) afgelegde verklaring(en)Bewijsrecht, algemene_bepaling(en): register; Rv 149 Verder kijken in de kantlijn tot " Wie stelt moet bewijzen " , Rv 150 - bewijsrisico is het risico dat degene die stelt, er niet in slaagt het bewijs te leveren Dus antwoord B --y---36---------------------------------55 __M6IsU{- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag54Vraag54cAls bij een executoriaal_beslag op een onroerende zaak een derde beweert eigenaar van de zaak te zijn, kan deze ...zich niet tegen de verkoop verzettenzich zowel ervoor als daarna tegen de verkoop verzettenzich tot op het tijdstip van de verkoop daartegen verzettenExecutoriaal_beslag op onroerende_zaken: register; Rv 502 ev Verder kijken in de kantlijn tot " Verzet tegen verkoop " - Rv 538 zegt dat degene die een recht op de zaak heeft zich tot op het tijdstip van de verkoop kan verzetten Dus antwoord C --y---36---------------------------------55 N5IU79c- Examen Privaatrecht 2006 - IVraag55Vraag55bIn een procedure tussen Henk en Kees erkent Kees dat hij Henk een klap heeft gegeven, waardoor Henk aan een oog blind is geworden. De rechter weet echter uit eigen wetenschap dat niet Kees maar een zekere Jan de fatale klap heeft uitgedeeld. Henk vordert schadevergoeding. De rechter zal ...de vordering afwijzende vordering toewijzenHenk nader bewijs opdragen van de toedrachtBewijsrecht , algemene_bepaling(en): register; Rv 149 - Rv 149-1 zegt dat de rechter zich moet baseren op feit(en) die in het geding aan hem ter kennis zijn gekomen, tenzij die feit(en) algemeen bekend zijn ( Rv 149-2 ) Dus antwoord B--y---36---------------------------------55 vgP5KwEI'    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag02Vraag02bWelke van onderstaande personen zijn rechtsbevoegd ? Slechts natuurlijke personenNatuurlijke- en rechtspersonenNatuurlijke personen, voor zover zij niet handelingsonbekwaam zijnRechtbevoegd = deelnemen aan het rechtsverkeer BW 1-1 allen die zich in Nederland bevinden ( natuurlijke_persoon ) BW 2:5 een rechtspersoon staat ...... met een natuurlijk_persoon gelijk Antwoord B y-3655O5K#'+    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag01Vraag01cIn het Burgerlijk_Wetboek staan voornamelijk regel(s) van ...procesrechtformeel_rechtmaterieel_rechtProcesrecht: onder meer Wetboek_van_strafvordering Formeel_recht: onder meer Wetboek_van_burgerlijke_rechtsvordering Materieel_recht: onder meer Burgerlijk_Wetboek Dus antwoord C y-3655aarden opmaken. Het huwelijk loopt weer mis en de echtscheiding wordt wederom uitgesproken en ingeschreven. Nu wenst Alf de woning te verkopen. Wie is / zijn beschikkingsbevoegd met betrekking tot de woning ? Alf zonder meer Alf en Birgitte tezamen Alf met toestemming van Birgitte Echtscheiding: register; BW 1:149 ev Verder kijken in de kantlijn tot " Rechtsgevolg(en) tweede huwelijk ..... ", BW 1:166 - herleving van alle gevolgen van het huwelijk van rechtswege alsof er geen scheiding was geweest - het huis blijft van Alf en daarom is en blijft Alf beschikkingsbevoegd, ook - al zou het kunnen zijn dat hij voor bepaalde rechtshandeling(en) de toestemming van de andere echtgenoot nodig zou kunnen hebben, maar daar is in deze opgave niet duidelijk sprake van - Birgitte zou er na de scheiding nog 6 maanden in mogen blijven wonen ( volgens BW 1:165 ), maar daar is in deze opgave niet duidelijk sprake van Daarom antwoord Ay -3655 %R8KU#'K   - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag04Vraag04cS}OQ5K-=O?   - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag03Vraag03aAlf en Birgitte zijn gehuwd onder het maken van huwelijkse_voorwaarden, inhoudende de algehele uitsluiting van gemeenschap van goederen. Het huwelijk wordt ontbonden door echtscheiding. Alf had vr zijn huwelijk een woning in eigendom, waarin hij na de echtscheiding is blijven wonen. En jaar later hertrouwen Alf en Birgitte. Ze laten niet opnieuw huwelijkse_voorw{ven, 21 jaar oud, is wegens verkwisting onder curatele gesteld. Hij koopt zonder toestemming van zijn curator een dure digitale camera van het geld dat hij met zijn baan als postbode verdiend heeft. Deze rechtshandeling is ...nietig omdat Sven hiervoor de toestemming van zijn curator nodig heeftgeldig omdat Sven hiervoor de toestemming van zijn curator niet nodig heeftvernietigbaar omdat Sven hiervoor de toestemming van zijn curator nodig heeftCuratele, handelingsonbekwaamheid .... : register; BW 1:381 - BW 1:381-2 de onder curatele gestelde is onbekwaam rechtshandeling(en) te verrichten - BW 1:381-3 de onder curatele gestelde is bekwaam rechtshandeling(en) te verrichten met toestemming van de curator ( in deze opgave heeft hij geen toestemming van de curator ) Handelingsonbekwaamheid: register; BW 3:32 - BW 3:32-2 een rechtshandeling van een onbekwame is vernietigbaar Dus antwoord C y -3655 S6Ka}   - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag05Vraag05bJoke en Bas zijn gehuwd in algehele_gemeenschap_van_goederen. Voor welke rechtshandeling heeft Joke toestemming van Bas nodig ? De aankoop van een zeilboot voor het gezinDe verkoop van de breedbeeld-tv uit de echtelijke_woningDe aankoop op afbetaling van een zonnebank voor haar schoonheidssalonRechtshandelingen, toestemming van echtgenoot: register; BW 1:88 - BW 1:88-1-a toestemming andere echtgenoot nodig voor verkoop van zaken uit de echtelijke_woning, dus dat ondersteund antwoord B - BW 1:88-1-c geen toestemming nodig indien koop op afbetaling t.b.v. de normale uitoefening van beroep of bedrijf, dus antwoord C vervalt Dus antwoord B y -3655 0]>kLy,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag02,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag03,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag04,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag05,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag06,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag07,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag08,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag09,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag10,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag11,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag12,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag13,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag14,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag15,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag16,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag17,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag18,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag19,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag20 {T6K a{s   - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag06Vraag06bAns is gescheiden van tafel en bed van Barend, zonder dat verdeling van de goederengemeenschap heeft plaatsgevonden. Zij waren in gemeenschap_van_goederen gehuwd. Ans is in de voormalige echtelijke_woning blijven wonen en wil deze nu verkopen en leveren aan Cornelis. Welke van de onderstaande bewering(en) is juist ? Barend kan achteraf de levering goedkeurenAns heeft voor levering de medewerking nodig van BarendAns kan leveren zonder goedkeuring of medewerking van BarendOndanks scheiding_van_tafel_en_bed zijn Ans en Barend nog steeds echtgenoten, dus Rechtshandeling)en), toestemming van echtgenoot: register; BW 1:88 - BW 1:88-1-a toestemming andere_echtgenoot nodig voor vervreemding van de echtelijke_woning, dus dat ondersteund antwoord B Dus antwoord B y -3655 kLy,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag22,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag23,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag24,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag25,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag26,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag27,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag28,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag29,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag30,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag31,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag32,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag33,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag34,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag35,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag36,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag37,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag38,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag39,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag40,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag41it kan zowel ontbinding als schadevergoeding tot de hoogte van het bedrag van het voordeel vragenEr moeten 3 zaken worden bekeken: 1. overmacht, 2. schadevergoeding en 3. ontbinding Ad 1 ) Overmacht Als de niet nakoming Frits niet kan worden toegerekend, is er sprake van overmacht Overmacht bij verbintenissen: register; BW 6:75 Ad 2 ) Schadevergoeding bij overmacht Verder kijken in de kantlijn tot " Schadevergoeding bij overmacht " , BW 6:78 dat zegt dat de schuldeiser recht heeft op de regels betreffende ongerechtvaardigde_verrijking van de schuldenaar Ongerechtvaardigde_verrijking: register; BW 6:212, zegt dat - hij de ander diens schade moet vergoeden tot het bedrag van zijn verrijking Schadevergoeding, bij ontbinding van overeenkomst(en): register; BW 6:277 ( zei onder ad 3 ) Ad 3 ) Ontbinding van overeenkomst(en), schadevergoeding: register; BW 6:277 - BW 6:277-2 zegt dat schadevergoeding bij overmacht slechts van toepassing is binnen de grenzen van BW 6:78 Dus antwoord C y-3655 si8K#W7    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag27Vraag27cKrachtens een ruilovereenkomst moet Frits aan Gerrit bepaalde zaken afgeven. Tengevolge van een omstandigheid die Frits niet kan worden toegerekend, kan hij niet aan zijn verplichting(en) voldoen. Gerrit heeft nadeel en Frits heeft voordeel. Wat is rechtens juist ? Gerrit kan wel ontbinding maar geen schadevergoeding vragenGerrit kan geen ontbinding maar wel volledige schadeloosstelling vragenGerrn stuk voor stuk nagaan: ad a ) pacht van los land voor 4 jaar - Pachtovereenkomst, duur: register; Pw 12 dat zegt dat wettelijke duur voor los_land 6 jaar bedraagt, dus - hier is sprake van Pachtovereenkomst, bijzondere kortdurende: register; Pw 70f ev - Pachtovereenkomst, bijzondere kortdurende: register; Pw 70f ev, betreffende - Pw 70f-5-b regelt pacht voor los land langer dan 1 jaar maar korter dan 12 jaar, echter zie: - Pw 70f-5 dat zegt dat onder meer Pw 56a 56i niet van toepassing zijn, dus antwoord A vervalt ad b ) pacht van hoeve voor 8 jaar - Pachtovereenkomst, duur: register; Pw 12 dat zegt dat wettelijke duur voor hoeve 12 jaar bedraagt - Pw 56a-4 ( voorkeursrecht ) zegt: de wettelijke duur, of korter + 6 jaar verlenging = 14 jaar, maar - daar is hier geen sprake van, dus antwoord B valt af ad c ) pachtovereenkomst, duur: register; Pw 12 dat zegt dat wettelijke duur voor hoeve 12 jaar bedraagt Dus antwoord C y-3655 AA|k8K]W    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag29Vraag29bVerpachter verkoopt en lev+j8K!#%'/    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag28Vraag28cIn welke van de navolgende gevallen heeft de pachter een voorkeursrecht ? Als het pachtcontract van los land voor een periode van 4 jaar is aangegaanAls het pachtcontract van een hoeve voor een periode van 8 jaar is aangegaanAls het pachtcontract van een hoeve voor een periode van 12 jaar is aangegaanVoorkeursrecht van de pachter t.a.v. vervreemding van het verpachte: register; Pw 56a ev Scrollen indien nodig ==>> Pachtovereenkomst, voorkeursrecht: register; Pw 56a ev - Pw 56a-d zegt dat het voorkeursrecht geldt bij een pacht die is aangegaan voor de wettelijke duur, of voor een kortere duur en daarna voor 6 jaar is verlengd en zo nodig is goedgekeurd. Daarom gevalleert een stuk grond aan een derde, daarbij de rechten van de pachter volledig negerend. Kan de pachter schadevergoeding eisen en zo ja, wat ? Ja, de helft van de tussen partijen geldende jaarlijkse pachtprijsJa, de tussen partijen geldende jaarlijkse pachtprijs met een minimum van Euro 113,45; onverlet het recht op volledige schadevergoedingNee, aangezien de pachter niet direct schade heeft geledenPachtovereenkomst, voorkeursrecht: register; Pw 56a ev Verder kijken in de kantlijn tot Schadevergoeding - Pw 56h-1-a zegt dat de verpachter de pachter schadeloos moet stellen als de verpachter het verpachte vervreemdt zonder eerst de pachter in de gelegenheid te geven het aan te bieden recht te verkrijgen, waarbij - Pw 56h-1 zegt dat de schadevergoeding de tussen partij(en) geldende jaarlijkse pachtprijs met een minimum van Euro 113,45 bedraagt, en - Pw 56h-3 zegt dat het recht op volledige schadevergoeding onverlet blijft Dus antwoord B y-3655tie, die zij meteen af rekent. Zij spreekt af dat de combinatie een week later bij haar wordt thuisbezorgd en genstalleerd. Na installatie verlangt de installateur Euro 30,-- bezorg- en installatiekosten onder verwijzing naar de Algemene_Voorwaarden van de witgoedwinkel. Wat is rechtens juist ? Astrid moet deze bezorgkosten voldoen, deze zijn immers redelijk en gebruikelijk in de brancheAstrid moet deze bezorgkosten voldoen. Er is weliswaar sprake van een consumentenkoop, maar van artikel 7:13 BW mag worden afgewekenAstrid hoeft deze bezorgkosten niet te voldoen. Van artikel 7:13 BW mag weliswaar worden afgeweken, maar indien dit bij Algemene_Voorwaarden gebeurt, is dat onredelijk_bezwarendConsumentenkoop, kosten: register; BW 7:13 BW 7:13 zegt dat de bijkomende kosten voor vervoer en / of installatie bij het sluiten van de overeenkomst afzonderlijk moeten zijn opgegeven en / of berekend, en - dat is hier niet gebeurd, dus kunnen daarvoor geen kosten meer worden berekend Dus antwoord C y-3655 4Yj4pp8KqOY-    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag34Vraag34cELo8K]U)    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag33Vraag33cWouter, restaurateur, sluit met Joke een arbeidsovereenkomst voor de duur van drie jaar. Daarbij komen zij schriftelijk een proeftijd van drie maanden overeen. Na twee weken blijkt Joke absoluut niet In het team te passen. Wouter beslmn8KG51a5    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag32Vraag32aJ_m8KA-)?Q    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag31Vraag31bWelke uitspraak met betrekking tot de bevoegdheid van de verhuurder of huurder is juist ? De bevoegdheid van de huurder om een del8KSIo    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag30Vraag30cAstrid koopt bij een witgoedwinkel een was / droogcombinael van zijn hoofdverblijf onder te verhuren is van dwingend_recht zodat de huurder bevoegd is dit te doenDe bevoegdheid van de huurder om een deel van zijn hoofdverblijf onder te verhuren is van regelend_recht zodat de verhuurder dit kan verbiedenDe bevoegdheid van de verhuurder om de huurder te verbieden een deel van zijn hoofdverblijf onder te verhuren geldt alleen voor onzelfstandige_woonruimteHuurovereenkomst woonruimte, onderhuur: register; BW 7:221, 7:244, 7:278 - BW 7:221 ( dit is het algemene gedeelte van de overeenkomst tot huur ) bepaalt dat er mag worden onderverhuurd tenzij de verhuurder redelijke bezwaren daartegen heeft, daarom - kijken in de verwijzingen aan het eind van het artikel, en daar staat BW 7:244 ( en dat betreft de huur van woonruimte ) - BW 7:244 zegt dat de huurder van woonruimte niet bevoegd is het gehuurde geheel of gedeeltelijk te verhuren, maar - dat de huurder van een zelfstandige woonruimte die daar zijn hoofdverblijf heeft wel bevoegd is een deel daarvan te verhuren. Let op BW 7:244 is van regelend_recht ( zie BW 7: 242 ) ad a ) in dit antwoord is niet vermeld of het hoofdverblijf van de huurder een zelfstandige_woonruimte betreft, dus mag er niet zonder toestemming van de verhuurder worden onderverhuurd, dus antwoord A valt af, want de huuder is niet bevoegd ad b ) in dit antwoord is eveneens niet vermeld of het hoofdverblijf van de huurder een zelfstandige_woonruimte betreft, dus kan de verhuurder toestemming geven of weigeren als het hoofdverblijf van de huurder een niet-zelfstandige_woonruimte betreft ad c ) - als de huurder zijn hoofdverblijf in een onzelfstandig deel van een zelfstandige_woonruimte zou hebben, kan de verhuurder hem verbieden onder te verhuren op grond van BW 7:221 - als de huurder zijn hoofdverblijf in een zelfstandige woonruimte zou hebben, kan de verhuurder hem ook verbieden onder te verhuren op grond van BW 7:221 Dus antwoord By-3655os en verhuurder Bob sluiten een huurovereenkomst voor een eengezinswoning voor de periode van twee jaar, eindigend op 2 januari 2006. Op 2 december 2005 belt Bob Jos op met de mededeling dat zij, conform de afspraak, op 2 januari 2006 de woning moet hebben verlaten. Wat is juist ? Jos hoeft de woning niet te verlaten aangezien de huur niet rechtsgeldig is opgezegdJos moet de woning verlaten aangezien Bob haar de huur rechtsgeldig heeft opgezegdJos moet de woning verlaten. De huurovereenkomst is voor bepaalde tijd aangegaan en eindigt van rechtswegeHuurovereenkomst woonruimte, opzegging: register; BW 7:271 - BW 7:271-1 zegt dat de huur niet eindigt enkel door het verloop van de tijd, maar - moet worden opgezegd bij exploot of aangetekende_brief ( BW 7:271-3 ), en - met de vermelding op straffe van nietigheid van de grond van opzegging Dus antwoord A y-3655uit het dienstverband te beindigen. Wat is rechtens juist ? Deze opzegging is rechtsgeldig maar heeft een uitgestelde werkingDeze opzegging is rechtsgeldig aangezien Joke nog in haar proeftijd zit. Wouter kan de overeenkomst met onmiddellijke ingang opzeggenDeze opzegging is niet rechtsgeldig. Joke kan zich beroepen op de nietigheid van het proeftijdbedingArbeidsovereenkomst, proeftijd: register; BW 7:652 - BW 7:652-7 zegt dat een proeftijd van langer dan 2 maanden nietig is; er is dus feitelijk geen sprake van een proeftijd in deze opgave Arbeidsovereenkomst, beindiging: register; BW 7:667 - BW 7:767-3 zegt dat een overeenkomst voor bepaalde_tijd slecht tussentijds kan worden opgezegd als dit schriftelijk is overeengekomen - verder kijken in de kantlijn tot " Opzegging ....... termijn ", BW 7:672 - BW 7:672-2-a zegt dat de opzegtermijn voor een arbeidsovereenkomst die korter dan 5 jaar heeft geduurd 1 maand bedraagt Dus antwoord C y-3655en werknemer die het voor hem geldende minimumloon verdient en die door ziekte niet kan werken heeft recht op ...doorbetaling van 70 % van zijn loon voor maximaal 104 wekendoorbetaling van 70 % van zijn loon, doch uitsluitend indien zijn werkgever hiervoor is verzekerddoorbetaling van 100% van zijn loon voor maximaal 52 weken en daarna 70% van zijn laatstverdiende loonArbeidsovereenkomst, doorbetaling van loon bij ziekte: register; BW 7:629 - BW 7:629-1 zegt dat bij ziekte het loon moet worden doorbetaald voor ten minste 104 weken en voor ten minste 70 % van het loonbedrag ( zolang het een gesteld maximum bedrag niet overschrijdt ), en waarvan de eerste 52 weken tenminste het minimumloon. - Nu verdient de werknemer het minimumloon, zodat hij de eerste 52 weken het minimumloon ( = 100 % ) krijgt en de tweede 52 weken, 70 % daarvan Dus antwoord C y-3655asens zijn rekening hebben doen bijschrijven. Klaasens is niet blij met de overname en keurt deze niet goed. Dan gaat hij nog liever zelf de snackbar exploiteren. Het huurcontract laat onder(ver)huur niet toe. Wat is in deze juist ? Klaasens kan Klok aanspreken op zijn verplichting(en) uit het met hem gesloten huurcontract en ontbinding vorderen bij de rechtbank sector_kantonKlaasens heeft zijn recht verspeeld daar hij meer dan driemaal de maandhuur van Jos en Bas heeft geaccepteerd; hij zal hen dan moeten dulden in de plaats van KlokKlaasens moet de ontbinding van de huurovereenkomst met Klok aan hem aanzeggen waarna hij het hierop van rechtswege ontstane onderhuurcontract met Jos en Bas kan opzeggen wegens eigen gebruikBW 7:221 zegt dat onderhuur / onderverhuur is toegestaan tenzij de verhuurder dit heeft verboden, en dat is bij deze vraag het geval, zodat - de huurder zich niet als een goed huurder heeft gedragen - ontbinding van het huurcontract wegens wanprestatie Dus antwoord A y-3655 lq8Ku/Q A    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag35Vraag35aJos en Bas nemen samen de exploitatie van snackbar Het Hoekje over van Jan Klok. De onderneming is gevestigd in een huurpand. De verhuurder Klaasens weet niets van deze overname. Hij ontdekt dit eerst als Jos en Bas al vier maanden de maandhuur uit eigen naam op Kla 44Hr5KWmy'    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag36Vraag36cWanneer is sprake van subrogatie ? Wanneer een nieuwe rechtsregel een oude vervangtWanneer een recht ondergeschikt is aan een hoger rechtWanneer een derde in de rechten treedt van de ( oorspronkelijke ) schuldeiserSubrogatie = indeplaatstreding van een ander door een betaling Subrogatie: register; BW 6:12, 6:150 ev - BW 6:12 zegt dat als een hoofdelijk verbonden schuldenaar de schuld aan de schuldeiser voldoet, hij schuldeiser wordt t.o.v. zijn voormalige medeschuldenaren voor het teveel dat hij heeft betaald met betrekking tot zijn eigen voormalige schuld Dus antwoord C y-3655t te zullen leveren. Karels meent dat het handelen van zowel Diederiks als Venema laakbaar is. Waarop dient Karels (die de woonboot op korte termijn voor zijn gezin nodig heeft) zijn vordering te baseren, als hij Venema aanspreekt ?Op grond van bedrogOp grond van misbruik van omstandighedenOp grond van toerekenbare tekortkoming ( wanprestatie ) en / of onrechtmatige daadNakoming van verbintenis(sen), tekortkoming in: register; BW 6:74 - niet-nakomen van een verbintenis die aan Venema toerekenbaar is - Karels kan schadevergoeding vorderen Dus antwoord C yCASUS: Verkoper Venema heeft een woonboot verkocht aan koper Karels en een leveringsdatum afgesproken. Een derde, Diederiks, hoort daarvan en doet snel een bod op de woonboot; dit bod is aanzienlijk hoger dan de met Karels overeengekomen verkoopprijs. Venema gaat op Diederiks bod in en levert hem de woonboot. Hij deelt Karels mee niet te zullen leveren. Karels meent dat het handelen van zowel Diederiks als Venema laakbaar is. -3655 as7Ke3]1' m  - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag37Vraag37cBij onderstaande casus behoren de vragen 37 en 38. Verkoper Venema heeft een woonboot verkocht aan koper Karels en een leveringsdatum afgesproken. Een derde, Diederiks, hoort daarvan en doet snel een bod op de woonboot; dit bod is aanzienlijk hoger dan de met Karels overeengekomen verkoopprijs. Venema gaat op Diederiks bod in en levert hem de woonboot. Hij deelt Karels mee nief geen onjuiste mededeling gedaan, dus antwoord A valt af ad c ) Diederiks en Karels hadden geen verbintenis, dus antwoord C valt af Onrechtmatige daad: register; BW 6:162 - BW 6:162-2 zegt dat tot een onrechtmatige_daad valt te rekenen: - een inbreuk op een recht ( in dit geval inbreuk op het recht van levering van de woonboot door Venema aan Karels) - een doen of laten in strijd met de ongeschreven regel(s) van de maatschappelijke_opvatting / maatschappelijk_verkeer - Diederiks heeft ervan geweten Dus antwoord B yCASUS: Verkoper Venema heeft een woonboot verkocht aan koper Karels en een leveringsdatum afgesproken. Een derde, Diederiks, hoort daarvan en doet snel een bod op de woonboot; dit bod is aanzienlijk hoger dan de met Karels overeengekomen verkoopprijs. Venema gaat op Diederiks bod in en levert hem de woonboot. Hij deelt Karels mee niet te zullen leveren. Karels meent dat het handelen van zowel Diederiks als Venema laakbaar is. -3655 OO%t6K3K{K m  - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag38Vraag38bBij onderstaande casus behoren de vragen 37 en 38. Verkoper Venema heeft een woonboot verkocht aan koper Karels en een leveringsdatum afgesproken. Een derde, Diederiks, hoort daarvan en doet snel een bod op de woonboot; dit bod is aanzienlijk hoger dan de met Karels overeengekomen verkoopprijs. Venema gaat op Diederiks bod in en levert hem de woonboot. Hij deelt Karels mee niet te zullen leveren. Karels meent dat het handelen van zowel Diederiks als Venema laakbaar is. Waarop dient Karels ( die de woonboot op korte termijn voor zijn gezin nodig heeft ) zijn vordering te baseren, als hij Diederiks aanspreekt ? Einde casus.Op grond van bedrogOp grond van onrechtmatige_daadOp grond van toerekenbare tekortkoming ( wanprestatie )ad a ) van bedrog ( BW 3:44-3 ) ia hier geen sprake want Diederiks geeft aan Karels voora u6K7Ui?i    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag39Vraag39aHoe kan het bestuur van een stichting toch een statutenwijziging bewerkstelligen, indien de statuten niet bepalen dat deze gewijzigd kunnen worden ? Met een beschikking van de rechtbankMet een unaniem besluit van alle bestuursledenMet het deponeren van de notarile_akte van de gewijzigde statuten in het handelsregisterStatutenwijziging stichting, register: BW 2:293 ev - BW 2:293 zegt dat statuten alleen door de organen van de stichting kunnen worden gewijzigd als in de statuten daartoe een mogelijkheid is geopend, en dat is hier niet zo - BW 2:194-1 zegt dat als doe mogelijkheid er niet is, de rechtbank op verzoek de statuten kan wijzigen Dus antwoord A y-3655 w8KA9Ume    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag41Vraag41aPiet wil zijn volgestorte aandelen in B.V. Stormpolder overdragen aan zijn zoon Klaas. Deze overdracht kan volgens de wet met succes plaatsvinden door ...het opmaken van een notarile_akHv7KM9I    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag40Vraag40cWat is verplicht voor een rechtsgeldige oprichting van een B.V. ? Uitsluitend een authentieke_akteUitsluitend een authentieke_akte en inschrijving in het HandelsregisterEen authentieke_akte plus een verklaring_van_geen_bezwaar van de Minister_van_JustitieOprichting B.0.V: register; BW 2:175 - BW 2:175-2 zegt dat de vennootschap wordt opgericht bij notarile_akte waarbij een verklaring_van_geen_bezwaar van Onze minister van justitie nodig is Dus antwoord C y-3655te van levering en betekening van die akte aan de B.V.het opmaken van een notarile_akte van levering en aantekening daarvan in het aandeelhoudersregisterhet overdragen van de aandeelhoudersbewijzen door afgifte aan Klaas met betekening van deze overdracht aan de BVAandelen BV: register; BW 2:175, 2:178, 2:190 Verder kijken in kantlijn na BW 2:190 tot " Uitgifte en levering ... " - BW 2:196 zegt dat een levering van aandelen een notarile akte nodig is - BW 2:196a-1 zegt dat die akte aan de vennootschap moet worden betekend - er wordt in BW 2:196a-1 gezegd dat ook inschrijving in het aandelenregister erkenning inhoud, maar in de praktijk kan nagenoeg geen inschrijving plaatsvinden zonder betekening omdat de vennootschap er dan geen kennis van draagt en na een eventuele erkenning zonder betekening de betreffende benodigde notarile stukken in elk geval moeten worden nagezonden / betekend ( BW 2:196a-2 ) Dus antwoord A y-3655 kx5Kk%aE    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag42Vraag42aDe statuten van en bij notarile_akte opgerichte vereniging bevatten geen bepaling(en) omtrent de vertegenwoordigingsbevoegdheid. Het bestuur van de vereniging bestaat uit drie personen. Wie is bevoegd de vereniging te vertegenwoordigen ? Het bestuur Het bestuur en ieder van de bestuursleden De algemene_ledenvergaderingVertegenwoordigingsbevoegdheid bestuurder(s) vereniging: register; BW 2:45 - BW 2:45-1 zegt dat het bestuur de vereniging vertegenwoordigd - BW 2:45-2 zegt dat de statuten aan een of meer bestuurder(s) vertegenwoordigingsbevoegdheid kan toekennen, maar daar is hier geen sprake van Dus antwoord A y-3655 bij afdeling 5 betreffende het bestuur en de toezicht op het bestuur bij een NV ( BW 2:129 ) Verder kijken in de kantlijn tot " Raad_van_commissarissen ... " , BW 2:140 dat zegt dat bij de statuten kan worden bepaald dat er een RvC zal zijn, dus antwoord A vervalt ad b ) beiden zijn geheel aansprakelijk voor hun schulden, dus antwoord B vervalt ad c ) kijken bij afdeling 2 Aandelen van de NV ( BW 2:79 ev) - verder kijken in kantlijn tot " Beperking overdracht ....... aandelen_op_naam " BW2:87 dat zegt dat bij de statuten de overdraagbaarheid van aandelen_kan_worden beperkt - kijken bij afdeling 2 Aandelen van de BV ( BW 2:190 ev) - verder kijken in kantlijn tot " Beperking bij overdracht ... " BW2:195 dat in lid 1 en 2 zegt dat bij de statuten de overdraagbaarheid van aandelen binnen de familiekring kan worden beperkt ( BW2:195-1 ) en dat een blokkeringsregeling moet worden opgenomen ( BW2:195-2 ) Dus antwoord Cy-3655   jy8K_!cU    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag43Vraag43cWelke van onderstaande beweringen met betrekking tot een verschil tussen een B.V. en een N.V. is juist ? Alleen een N.V. heeft een verplichte Raad_van_commissarissenDe NV is geheel, de BV is slechts beperkt aansprakelijk voor haar schuldenDe statuten van een N.V. kunnen, die van de B.V. moeten bepalen dat de aandelen niet vrij overdraagbaar zinad a ) De NV is geregeld in BW 2:64 ev; kijken z5K%53AE    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag44Vraag44bDe BV Vastgoed koopt op 1 april 2006 een winkelpand en tekent een koopakte, waarbij de BV Vastgoed wordt vertegenwoordigd door haar enige directeur / bestuurder Pieters. De levering dient op 1 september 2006 plaats te vinden. Op 1 mei 2006 is Pieters afgetreden als directeur/bestuurder en opgevolgd door Jansen. De inschrijving in het Handelsregister wordt ook gewijzigd. Wie moet(en) namens de BV Vastgoed op 1 september 2006 de akte_van_levering tekenen ? Uitsluitend Pieters Uitsluitend Jansen Pieters en Jansen tezamen Vertegenwoordigingsbevoegdheid bestuurders BV: register; BW 2:240 - BW 2:240-1 zegt dat het bestuur de vennootschap vertegenwoordigd Dus antwoord B y-3655 Q{5Ke/;uM    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag45Vraag45bAns is eigenaar van 40 aandelen in B.V. Liftup. Ans is tevens enig directeur van de BV Liftup. Zij verkoopt en levert 21 aandelen aan Bea. Verder wijzigt er niets. Wie is bevoegd de BV Liftup in en buiten rechte te vertegenwoordigen ? Ans en Bea samen Ans als enig directeur Bea als eigenaar van de meerderheid van de aandelen Vertegenwoordigingsbevoegdheid bestuurder(s) B.V.: register; BW 2:240 - BW 2:240-1 zegt dat het bestuur de vennootschap vertegenwoordigd Dus antwoord B y-3655 r}8K]Y O  - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag47Vraag47cDe vragen 47 t / m 49 vormen een casus. Hans i |6Kcu}    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag46Vraag46aX huurt van Y B.V. een kantoorruimte. In de huurovereenkomst is een periode van 5 jaar overeengekomen. Twee jaar na het sluiten van de overeenkomst gaat verhuurder Y B.V. failliet. Wat is het gevolg hiervan voor de huurovereenkomst ? De huurovereenkomst wordt door de curator voortgezetDe huurovereenkomst kan door X terstond worden beindigdDe huurovereenkomst kan door de curator terstond worden beindigdDoor de huur door de te laten lopen worden er inkomsten gegenereerd De huur kan door beiden niet terstond worden opgezegd Antwoord A y-3655 *W 8eHv,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag43,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag44,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag45,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag46,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag47,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag48,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag49,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag50,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag51,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag52,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag53,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag54,K- Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag55-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag01-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag02-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag03-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag04 -M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag05 -M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag06 s in staat van faillissement verklaard. Met hulp van zijn vader is hij in staat zijn crediteuren een akkoord aan te bieden, hieruit bestaand dat hij zijn concurrente_crediteur(en) 10% van hun vordering(en) voldoet. Stelt de faillissementswet eisen aan de inhoud van een dergelijk akkoord ? Zo ja, welke ? Ja, een akkoord kan alleen inhouden betaling aan de concurrente_schuldeiser(s) van een zeker percentage van hun vorderingJa, een akkoord kan slechts inhouden betaling aan de concurrente_schuldeiser(s) van een zeker percentage van hun vordering of gehele betaling van de vordering(en) beneden een bepaald bedrag en gedeeltelijke betaling van de vordering(en) boven dat bedragNeeAkkoord bij faillissement: register; Fw 138 dat geen melding maakt van voorwaarde(n) Dus antwoord C yCASUS: Hans is in staat van faillissement verklaard. Met hulp van zijn vader is hij in staat zijn crediteuren een akkoord aan te bieden, hieruit bestaand dat hij zijn concurrente crediteuren 10% van hun vorderingen voldoet. -3655 bieden, hieruit bestaand dat hij zijn concurrente_crediteur(en) 10% van hun vordering(en) voldoet. Het hiervoor genoemde akkoord wordt aangenomen en gehomologeerd. Voor wie is dit akkoord verbindend ? Voor alle crediteuren, met of zonder voorrangVoor alle geen voorrang hebbende crediteuren, doch alleen als zij in het faillissement zijn opgekomenVoor alle geen voorrang hebbende crediteuren, onverschillig of zij al dan niet in het faillissement zijn opgekomen, onverschillig of zij voor of tegen hebben gestemdAkkoord bij faillissement: register; Fw 138 Verder kijken in de kantlijn tot " Verbindendheid akkoord ", Fw 161 dat zegt: verbindend voor alle geen voorrang hebbende schuldeiser(s), ongeacht of ze al dan niet in het faillissement zijn opgekomen Dus antwoord C yCASUS: Hans is in staat van faillissement verklaard. Met hulp van zijn vader is hij in staat zijn crediteur(en) een akkoord aan te bieden, hieruit bestaand dat hij zijn concurrente_crediteur(en) 10% van hun vordering(en) voldoet. -3655 q8K ?k ? S  - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag49Vraag49De vragen 47 t / m 49 vormen een casus. Hans is in staat van faillissement verklaard. Met hulp van zijn vader is hij in staat zijn crediteur~8KwgWW [  - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag48Vraag48cDe vragen 47 t / m 49 vormen een casus. Hans is in staat van faillissement verklaard. Met hulp van zijn vader is hij in staat zijn crediteuren een akkoord aan teen een akkoord aan te bieden, hieruit bestaand dat hij zijn concurrente crediteuren 10% van hun vorderingen voldoet. Stel dat Hans het akkoord ten opzichte van Jan, een der concurrente schuldeisers, niet nakomt. Jan kan dan ontbinding van het akkoord vorderen. Welke van onderstaande beweringen is dan juist? Einde casus De ontbinding werkt alleen ten opzichte van JanDe ontbinding werkt ten opzichte van alle betrokken crediteurenDe ontbinding kan alleen door Jan gevorderd worden als hij aantoont dat Hans eveneens jegens een andere crediteur in gebreke blijftVerder kijken in de kantlijn tot Ontbinding van akkoord , Fw 165 - Fw 165 -1 zegt dat elke schuldeiser ontbinding kan vorderen - Fw 167-1 zegt dat het faillissement weer wordt heropend Dus antwoord B yCASUS: Hans is in staat van faillissement verklaard. Met hulp van zijn vader is hij in staat zijn crediteuren een akkoord aan te bieden, hieruit bestaand dat hij zijn concurrente_crediteur(en) 10% van hun vorderingen voldoet. -3655 \\ 6K +Ik#-    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag50Vraag50De Faillissementswet voorziet in de volgende maatregelen: faillissement, schuldsanering en sursance_van_betaling. Welke maatregel(en) kan / kunnen uitsluitend door de schuldenaar zelf worden aangevraagd ? Uitsluitend de schuldsanering De schuldsanering en de sursance_van_betaling Zowel de schuldsanering als de sursance_van_betaling en het faillissement Vervallen Faillissement kan worden aangevraagd door ( Fw 1 ): - de schuldenaar ( Fw 1-1 ) - de schuldeiser ( Fw 1-1 ) - openbaar ministerie ( Fw 1-2 ) Sursance_van_betaling kan worden aangevraagd door ( Fw 214-1 ): - door de schuldenaar bij de rechtbank ( Fw 214-1 ) Schuldsanering kan worden aangevraagd door ( Fw 284 ): - door de schuldenaar ( Fw 284-1 ) - door B&W ( Fw 284-4 ) bij de rechtbank Geen enkel antwoord goed y-3655 ,6Ku;    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag51Vraag51aJohn is huurder van een bedrijfsruimte. Op 1 mei 2006 gaat John failliet. Wat betekent dat feit voor de lopende huurovereenkomst ? De huursommen zijn vanaf 1 mei 2006 boedelschuld(en)De huursommen zijn vanaf 1 mei 2006 preferente_schuld(en)De huursommen zijn vanaf 1 mei 2006 concurrente_schuld(en)Huurovereenkomsten in faillissement: register; Fw 39 Fw 39 zegt dat van de dag der faillietverklaring af de huur een boedelschuld is Dus antwoord A y-3655 kunnen worden ingeleid Verzoekschriftprocedure in eerste aanleg: register; Rv 261 - Rv 261-2 zegt dat met een verzoekschrift een zaak ( procedure ) kan worden ingeleid Dus zowel met een dagvaarding als een verzoekschrift kunnen procedure(s) worden ingeleid, dus vervalt antwoord A ad b ) Dagvaarding in burgerlijke zaken: register; Rv 111 - Rv 111 zegt dat dagvaarding geschiedt bij exploot ==>> exploot; register; Rv 45 - Rv 45-1 zegt dat exploten door een deurwaarder worden afgehandeld, dus antwoord b wordt hierdoor ondersteund Verzoekschriftprocedure, oproeping: register; Rv 271 - Rv 271 zegt dat bij een verzoekschrift de belanghebbende(n) worden opgeroepen bij gewone brief tenzij de rechter anders beslist, dus antwoord b wordt hierdoor ondersteund ad c ) Verzoekschriftprocedure, verloop: register; Rv 278 - Rv 278-3 zegt dat een verzoekschrift bij de kantonrechter niet door een procureur hoeft te worden ondertekend, dus C valt af Dus antwoord By-3655 =8K++;S    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag52Vraag52bEen belangrijk verschil tussen een dagvaarding en een verzoekschrift is dat ...met een dagvaarding een procedure wordt begonnen en met een verzoekschrift nieteen dagvaarding altijd door een deurwaarder wordt uitgereikt en een verzoekschrift nieteen verzoekschrift door een advocaat of gemachtigde moet worden ondertekend en een dagvaarding nietad a ) Dagvaardingsprocedure in burgerlijke zaken: register; Rv 78 ev - Rv 78-2 zegt dat zaken ( procedures ) bij dagvaardingaarder; hierdoor vervalt antwoord A Conservatoir_beslag, algemeen: register; Rv 700 dat zegt dat voor het leggen van conservatoir_beslag verlof is vereist van de voorzieningenrechter ==>> Verder kijken in de kantlijn tot " Overeenkomstige toepassing ", Rv 702, waarbij Rv 701-1 zegt dat een - conservatoir_beslag wordt gelegd volgens dezelfde voorschriften als die gelden voor executoriaal beslag ad b ) Rv 701-1 zegt dat een conservatoir_beslag wordt gelegd volgens dezelfde voorschrift(en) als die gelden voor executoriaal_beslag, hierdoor vervalt antwoord B ad c ) Conservatoir_beslag, algemeen: register; Rv 700 dat zegt dat voor het leggen van conservatoir_beslag verlof is vereist van de voorzieningenrechter Executoriaal_beslag: register; Rv 435 kan, zonder tussenkomst van de rechter, worden gelegd op basis van de grosse(n) van authentieke_akte(n), onder executoriale_titel, die zijn voorzien van het opschrift " In naam des Konings " ( Rv 430 ) Dit ondersteund antwoord C Dus antwoord Cy-3655 ++I8KWUw;    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag53Vraag53cWat is een verschil tussen conservatoir_beslag en executoriaal_beslag ? Conservatoir_beslag moet gelegd worden door een deurwaarder, executoriaal_beslag door de beslagleggerBij executoriaal_beslag mag de beslaglegger de goederen tot zich nemen, bij conservatoir_beslag nietExecutoriaal_beslag kan zonder verlof van de voorzieningenrechter worden gelegd, conservatoir_beslag in beginsel nietad a ) Executoriaal_beslag: register; Rv 435 kan, zonder tussenkomst van de rechter, worden gelegd op basis van de grosse(n) van authentieke_akte(n), onder executoriale_titel, die zijn voorzien van het opschrift " In naam des Konings " ( Rv 430 ) - ingeval onroerende zaak, zie ook Rv 725 dat verwijst naar Rv 711 ( roerende_zaken ) Verder kijken in de kantlijn tot " Voorgeschreven vormen ", Rv 440 - Rv 440-1 zegt dat het beslag wordt gelegd bij exploot van de deurwenzij de wet anders bepaalt, is de waardering van het bewijs overgelaten aan het oordeel van de rechter. Dit kan ondermeer inhouden dat ...de inhoud van het bewijsmiddel dwingend bewijskracht heeft. partij(en) in beginsel vrij zijn zogenaamde bewijsovereenkomst(en) te sluitende verklaring van n getuige, geen partijgetuige, voldoende voor het bewijs kan zijnad a ) Bewijsrecht, algemene bepalingen: register; Rv 149 - Rv 149-1 zegt dat de wet voorschrijft wat dwingend_bewijs is, en dus niet de rechter, hiermee vervalt antwoord A ad b ) Bewijsrecht, algemene bepalingen: register; Rv 149 Verder kijken in de kantlijn tot " Bewijsovereenkomst ", Rv 153 - Rv 153 zegt dat bewijsovereenkomst mogelijk is, behalve als de rechtsgevolg(en) niet ter vrije bepaling van de partij(en) staan - hiermee vervalt antwoord B ad c ) Getuige in burgerlijke_zaken: register; Rv 163 dat zegt dat een getuigenverklaring als bewijs kan dienen Dus antwoord C y-3655 "6M%wK    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag01Vraag01cWelke van de onderstaande uitspraken over een wet_in_formele_zin is juist ? Een wet_in_formele_zin houdt altijd formeel_recht in Een wet_in_formele_zin kan nooit materieel_recht inhoudenEen wet_in_formele_zin kan ook een wet_in_materile_zin zijnEen wet_in_formele_zin is een wet die de ‡}8Ks=    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag55Vraag55bHD8K''7g    - Examen Privaatrecht 2006 - IIVraag54Vraag54cToe wordt rechtsgeldig beslag gelegd op een registergoed ? Door betekening van het deurwaardersexploot / exploot aan de schuldeiserDoor inschrijving van het deurwaardersexploot / exploot in de openbare_register(s) en betekening aan de schuldenaarDoor het uitbrengen van het beslagexploot aan de griffie van de rechtbank van het arrondissement waarin het registergoed is gelegenExecutoriaal beslag op onroerende_zaken: register; Rv 502 ev - Rv 502 zegt dat beslag moet worden voorafgegaan door een betekening aan de schuldenaar van het exploot van een deurwaarder - Verder lezen in de kantlijn tot " Inschrijving en betekening ", Rv 505 - Rv 505-1 zegt dat het proces_verbaal_van_inbeslagneming in de betreffende openbare_register(s) moet zijn ingeschreven en een afschrift daarvan aan de schuldenaar betekend op straffe van nietigheid van het beslag Dus antwoord B y-3655volgende procedure heeft doorlopen: - besproken in de Regering - advies gevraagd aan de Raad_van_State - aangenomen door de Staten_Generaal ( Tweede_Kamer en Eerste_Kamer ) - ondertekend door de verantwoordelijke minister(s) en door de Koning - publicatie in het Staatsblad - Formeel_recht bevat de procedurele_regel(s) ( procesrecht ) - betreft de regel(s) waarin de wijze van handhaven van de (materile) normen is beschreven - regelt de procedure(s) / vorm m.b.t. het recht - Een wet_in_materile_zin bevat materieel_recht zijnde inhoudelijke rechtsregel(s) / regelgeving die voor iedereen en voor meer dan n bepaalde situatie gelden; het gaat hierbij dus om algemeen_verbindende_voorschrift(en) - Een wet_in_formele_zin kan een wet_in_materile_zin zijn, maar hoeft dat niet altijd te zijn - een begrotingswet of de huwelijkswet van Willem-Alexander en Maxima is een formele_wet maar geen materile_wet Dus antwoord Cy-3655 x7M{yC    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag02Vraag02aIn welke situatie is het mogelijk dat de Minister_van_Justitie dispensatie verleent tot het aangaan van een huwelijk ? Indien de betrokkene(n) broer en zus zijn door adoptieIndien de betrokkene(n) neef en nicht in de derde_graad zijnIndien de betrokkene(n) al een geregistreerd_partnerschap zijn aangegaanKernbegrip: dispensatie; zoeken in register ==>> Dispensatie bij huwelijksbeletsel; BW 1:31, 1:41 In BW 1:41-2 is vermeld dat dispensatie kan worden verleend aan hen die broer en zus door adoptie zijn Dus antwoord Ay-36550 jaar niet verrekend. Inmiddels heeft Joost een groot makelaarskantoor opgebouwd en veel onroerend_goed in zijn bezit. Thea wil scheiden. Wat is rechtens juist ? Thea kan alsnog verrekening vorderenThea is voor de helft eigenaar geworden van de goederen van JoostThea heeft geen recht meer op verrekening aangezien de termijn daarvoor is verlopenKernbegrip: Verrekenbeding; zoeken in register ==>> Verrekenbeding(en), periodieke- ; BW 1:141 - zie ook nog Huwelijkse_voorwaarden, verrekenbeding: register ==>> BW 1:132 e.v. In BW 1:141 is vermeld dat als er niet is afgerekend over de in het beding genoemde periode, de verplchting tot verrekening blijft bestaan ( BW 1:141-1 ), waarbij - bij het einde van het huwelijk het aanwezige vermogen wordt vermoed te zijn gevormd uit hetgeen verrekend had moeten worden ( BW 1:141-3 ) Er kan dus later altijd nog wortden verrekend. Let op: het beding moet wel zijn opgenomen in de huwelijkse_voorwaarden, anders geldt BW 1:141-1 niet Dus antwoord Ay-3655 JJ*7MgU3?    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag03Vraag03aJoost en Thea zijn 20 jaar geleden onder het maken van huwelijkse_voorwaarden getrouwd. Hun huwelijksvoorwaarden bevatten de bepaling dat na afloop van ieder kalenderjaar hun beider inkomsten voorzover deze niet zijn opgegaan in het huishouden door beide partij(en) worden verdeeld en ieder aldus de helft verkrijgt van de overgespaarde of niet verteerde inkomsten. In de huwelijksvoorwaarden is tevens bepaald dat een vordering tot verrekening slechts gedurende 6 maanden na het verstrijken van het desbetreffende jaar kan worden geldend gemaakt. Joost en Thea hebben de afgelopen 2rd de schuld te betalen. Wat is rechtens juist ? De bank kan zich slechts voor de helft van de openstaande schuld op Truus verhalen Beide echtgenoten zijn hoofdelijk_aansprakelijk; de bank kan zich dus voor het geheel op Truus verhalenDe bank kan de schuld slechts op Jan verhalen en moet deze ter verificatie in het faillissement van Jan indienenKernbegrip: huwelijkse_gemeenschap; zoeken in register ==>> huwelijkse_gemeenschap, verhaalbaarheid ... ; BW 1:95 - zie ook nog Wettelijke_gemeenschap_van_goederen: BW 1:93 - zie ook nog Aansprakelijkheid voor de gemeenschapsschulden na ontbinding ....: BW 1:102 In BW 1:93-2 is vermeld dat de gemeenschap wat haar last(en) betreft alle schuld(en) van ieder der echtgenoten omvat, dus - de schuld van Jan valt in de gemeenschap - na de echtscheiding is de gemeenschap ontbonden ( BW 1:99 ) In BW 102 is gesteld dat na de ontbinding van de gemeenschap ieder voor de helft van de schulden der gemeenschap aansprakelijk is Dus antwoord Ay-3655 99| 7M?m-c%    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag05Vraag05bDe gezinsbeschermende_bepalingen van de artikelen 1:81 e.v. BW zijn van toepassing op ...echtgenoten die van tafel en bed gescheiden zijnechtgenoten van wie de echtscheidingsbeschikking is uitgesproken door de rechterechtgenoten van wie de echtscheidingsbeschikking is ingeschreven Ȍ3 8M5[m?    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag04Vraag04aJan en Truus zijn getrouwd zonder het maken van huwelijkse_voorwaarden. Truus verzoekt echtscheiding en de rechter spreekt de echtscheiding uit. De rechterlijke_uitspraak wordt op 20 april in de daartoe bestemde register(s) ingeschreven. Jan heeft uit de tijd van zijn huwelijk met Truus nog een schuld bij de bank openstaan. Truus kent deze schuld niet. Jan is op 26 april van dat jaar failliet verklaard en Truus wordt op 1 mei door de bank verzocht en gesommeein de register(s) van de Burgerlijke_standKernbegrip: gezinsbeschermende_bepalingen; zoeken in register ==>> niets te vinden, maar uit de theorie en de vraagstelling ==>> BW 1:81 e.v. - gezinsbeschermende_bepalingen zijn van toepassing op echtgenoten, dus - wanneer is er ( nog steeds ) sprake van echtgenoot ? - dat is bij A en B, en niet bij C, want - Kernbegrip Echtscheiding; zoeken in register ==>> Echtscheiding BW 1:150 e.v. - de echtscheiding komt tot stand door inschrijving van de beschikking in de register(s) de burgerlijke_stand ( BW 1:163-1 ) - na inschrijving dus geen echtgenoot meer en geen BW 1:81 e.v. meer van toepassing; antwoord c valt af - bij antwoord b is volgens BW 1:163-1 nog steeds sprake van echtgenoot; antwoord b wordt ondersteund door BW 1:163-1 Verder: volgens BW 1:92a is titel 6 van BW 1niet van toepassing op van tafel en bed gescheiden echtgenoten; dus antwoord a valt af Dus antwoord By-3655zijn toestemming heeft gegevenKernbegrip: Hoofdelijk_aansprakelijk en echtgenoot; zoeken in register ==>> geen directe ingang Hoofdelijk_aansprakelijk = ieder is aansprakelijk voor het geheel - zie ook nog Rechten en verplichtingen van echtgenoten ==>> BW 1:81 - verder kijken in de kantlijn tot Aansprakelijkheid voor huishoudelijke schuld(en) ( BW 1:85 ) In BW 1:85 is vermeld dat de ene echtgenoot naast de andere voor het geheel aansprakelijk is, zodat uit BW 1:85 jo.. BW 6:6-2 volgt dat ze beide hoofdelijk_aansprakelijk voor die schuld(en) zijn - dit artikel ondersteunt antwoorden a en b Voor alle andere schuld(en) dan die genoemd onder BW 1:85 ( ogeacht of er wel of niet sprake is van een huwelijk in gemeenschap_van_ goederen ) is de andere echtgenoot NIET hoofdelijk_aansprakelijk, maar dergelijke schuld(en) zijn wel verhaalbaar op de ( eventuele ) gemeenschap_van_goederen volgens BW 1:95 Bij koop_op_afbetaling dus geen hoofdelijke_aansprakelijkheid Dus antwoord Cy-3655 fjfx 8Mw/OS    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag07Vraag07cEchtgenoten kunnen staande huwelijk onder bepaalde condities huwelijkse_voorwaarden maken. Zo kan het zich voordoen dat zij besluiten hun huwelijkse_voorwaarden inhoudende uitsluiting van iedere gemeenschap_van_goederen om te zetten in de algehele_gemeenschap_van_goederen. Wat kan daarvoor een reden zijn ? De gezamenlijke kinderen van bovengenoemde echtelieden erfrechtelijk te benadelenDe verhaalsmogeˋ 7M' =    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag06Vraag06cVoor welke verplichting(en) zijn echtgenoten niet hoofdelijk_aansprakelijk ? De betaling van de werkster die door de man is aangenomenDe betaling van de kinderoppas die door de vrouw is aangenomenDe koop_op_afbetaling zoals bedoeld in art. 1:88 lid 1-d BW waarvoor de niet handelende echtgenoot lijkheden voor de zakelijke crediteuren van de echtgenoot / ondernemer te beperkenDe meewerkende partner te laten delen in de winst(en) die zijn opgebouwd door de andere echtgenoot, die een onderneming uitoefentDe huwelijkse_voorwaarden inhoudende uitsluiting van iedere gemeenschap_van_goederen wordt omgezet de algehele_gemeenschap_van_goederen Als beide ouder(s) op een bepaald moment zijn overleden en er geen testament is, worden de kinderen niet erfrechtelijk benadeelt, maar er zijn wel situatie(s) denkbaar dat benadeling kan optreden, maar niet in zijn algemeenheid, dus antwoord a valt af Als een privschuld van vr de algehele_gemeenschap_van_goederen thans in de gemeenschap is gevallen, worden de schuldeiser(s) niet benadeelt, want die schuld(en) kunnen op de gemeenschap worden verhaalt ( BW 1:95 ), de verhaalsmogelijkheden nemen zelfs toe, dus antwoord b valt af Als de winst(en) in de gemeenschap vallen, profiteert de partner daar van ( ook al werkt die partner niet mee ! ) Dus antwoord Cy-3655ncien en Hans zijn in gemeenschap_van_goederen getrouwd. Uit dit huwelijk zijn twee kind(eren) geboren. Hans overlijdt zonder testament te hebben nagelaten. Het gemeenschappelijke vermogen bedraagt Euro 180.000,--. Ieder kind van de erf later heeft van rechtswege recht op een geldvordering van ...Euro 30.000,--Euro 45.000,--. Euro 60.000,--. Geen testament, dan wettelijke_verdeling van de nalatenschap ( BW 4:13 ) Het gemeenschappelijke vermogen bedraagt Euro 180.000,-- waarvan de helft aan Hans toebehoorde, zodat diens nalatenschap Euro 90.000,-- bedraagt Het parentele_stelsel is hierop van toepassing ( BW 4:10 ), waarbij - echtgenoot die niet is gescheiden_van_tafel_en_bed ( scheiding_van_tafel_en_bed ) en kinderen van de erflater ( BW 4:10-1-a ) in gelijke delen erven ( BW 4:11 ) De vrouw en de kinderen erven ieder een kindsdeel dus ieder ( Euro 90.000,-- / 3 ) = Euro 30.000,-- Dus antwoord Ay-3655 y5MU]    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag09Vraag09bDiederik wil nagaan of zijn overleden oom Bastiaan een testament heeft gemaakt. Is dit mogelijk, en zo ja, op welke wijze ? Ja, doch uitsluitend via een notarisJa, via het Centraal_testamentenregisterNeeCentraal_testamentenregister: register; geen ingang te vinden In BW 4:106 wordt het Centraal_testamentenregister wel genoemd Een particulier kan bij het Centraal_testamentenregister navraag doen of iemand een testament heeft, maar niet de inhoud van het testament opvragen, dat laatste moet via een notaris Dus antwoord By-3655 5Mi)--    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag08Vraag08aFrap: executeur; zoeken in register ==>> BW 4:142-1 De benoeming van een executeur kan bij uiterste_wilsbeschikking ( opgenomen in een uiterste_wil ) door de erflater worden benoemd ( BW 4:142-1 ), waarbij - de executeu het beheerr voert over een nalatenschap - iemand kan executeur worden door aanvaarding van zijn benoeming na het overlijden van de erflater ( BW 4:143-1 ) De erfgenamen hebben met de benoeming dus niets van doen en kunnen op de aanvaarding van de benoeming geen invloed doen gelden ( BW 4:143-1 ), dus - moeten ze de benoeming accepteren Dus antwoord AyCASUS Chris, gescheiden, heeft twee kinderen: Ab en Babette, beiden gehuwd in algehele_gemeenschap_van_goederen. Chris heeft op 1 maart 2003 een testament opgemaakt waarin ( uitsluitend ) is opgenomen: 1. herroeping van de eerder gemaakte uiterste_wilsbeschikking(en) 2. de benoeming van Ab en Babette tot zijn enige erfgenamen 3. de benoeming van een derde, Gijs, tot executeur. Chris overlijdt 10 december 2005. -3655 !!S7ME? Y  - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag10Vraag10aDe vragen 10 t / m 12 vormen een casus. Chris, gescheiden, heeft twee kinderen: Ab en Babette, beiden gehuwd in algehele_gemeenschap_van_goederen. Chris heeft op 1 maart 2003 een testament opgemaakt waarin ( uitsluitend ) is opgenomen: 1. herroeping van de eerder gemaakte uiterste_wilsbeschikking(en) 2. de benoeming van Ab en Babette tot zijn enige erfgenamen 3. de benoeming van een derde, Gijs, tot executeur. Chris overlijdt 10 december 2005. Moeten Ab en Babette de benoeming van Gijs accepteren ? JaSlechts voor dat gedeelte van Chris zijn nalatenschap dat hun legitieme_portie te boven gaatNeeKernbegriemd wordenJa, hij kan uitsluitend met toestemming van de bewindvoerder worden benoemdNeeKernbegrip: Executeur; zoeken in register ==>> Executeur(s), uitsluiting ...... BW 4:143-2 - de volgende personen kunnen GEEN executeur worden ( BW 4:143-2 ): - zij die handelingsonbekwaam zijn / handelingsonbekwamen - zij die met n of meer goederen onder bewind zijn gesteld - zij die in staat_van_faillissement / faillissement verkeren, of - ten aanzien van wie de schuldsanering_natuurlijke_personen van toepassing is verklaard Dus antwoord AyCASUS Chris, gescheiden, heeft twee kinderen: Ab en Babette, beiden gehuwd in algehele_gemeenschap_van_goederen. Chris heeft op 1 maart 2003 een testament opgemaakt waarin ( uitsluitend ) is opgenomen: 1. herroeping van de eerder gemaakte uiterste_wilsbeschikking(en) 2. de benoeming van Ab en Babette tot zijn enige erfgenamen 3. de benoeming van een derde, Gijs, tot executeur. Chris overlijdt 10 december 2005.-3655 7M'e# W  - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag11Vraag11aDe vragen 10 t / m 12 vormen een casus. Chris, gescheiden, heeft twee kinderen: Ab en Babette, beiden gehuwd in algehele_gemeenschap_van_goederen. Chris heeft op 1 maart 2003 een testament opgemaakt waarin ( uitsluitend ) is opgenomen: 1. herroeping van de eerder gemaakte uiterste_wilsbeschikking(en) 2. de benoeming van Ab en Babette tot zijn enige erfgenamen 3. de benoeming van een derde, Gijs, tot executeur. Chris overlijdt 10 december 2005. Stel dat blijkt dat vanaf 1 december 2005 op Gijs de schuldsaneringsregeling_natuurlijke_personen van toepassing is. Heeft dit gevolgen voor zijn benoeming tot executeur en zo ja, waarom ? Ja, hij kan niet rechtsgeldig beno  N|4bHv-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag08 -M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag09-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag10-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag11-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag12-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag13-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag14-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag15-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag16-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag17-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag18-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag19-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag20-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag21-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag22-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag23-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag24-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag25-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag26..... BW 1:93 - brengt ons niet verder Ab krijgt de helft van de nalatenschap en aangezien Ab in gemeenschap_van_goederen is gehuwd, valt zijn deel van de nalatenschap in de huwelijksgemeenschap van Ab en zijn vrouw Coby, waarvan - Ab bezig is te scheiden, maar nog niet is gescheiden, dus - als de nalatenschap in de gemeenschap is gevallen, en - Ab van Coby is gescheiden en de gemeenschap wordt ontbonden en verdeeld, dan - krijgt Coby alsnog de helft van de gemeenschap en dus tevens de helft van de nalatenschap Dus antwoord CyCASUS Chris, gescheiden, heeft twee kinderen: Ab en Babette, beiden gehuwd in algehele_gemeenschap_van_goederen. Chris heeft op 1 maart 2003 een testament opgemaakt waarin ( uitsluitend ) is opgenomen: 1. herroeping van de eerder gemaakte uiterste_wilsbeschikking(en) 2. de benoeming van Ab en Babette tot zijn enige erfgenamen 3. de benoeming van een derde, Gijs, tot executeur. Chris overlijdt 10 december 2005.-3655 GG-7M}Q +s W  - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag12Vraag12cDe vragen 10 t / m 12 vormen een casus. Chris, gescheiden, heeft twee kinderen: Ab en Babette, beiden gehuwd in algehele_gemeenschap_van_goederen. Chris heeft op 1 maart 2003 een testament opgemaakt waarin ( uitsluitend ) is opgenomen: 1. herroeping van de eerder gemaakte uiterste_wilsbeschikking(en) 2. de benoeming van Ab en Babette tot zijn enige erfgenamen 3. de benoeming van een derde, Gijs, tot executeur. Chris overlijdt 10 december 2005. Tijdens de afwikkeling van Chris zijn nalatenschap blijkt dat Ab bezig is te scheiden van zijn vrouw Coby. Heeft Coby rechten op een deel van Chris zijn nalatenschap ? Nee, want zij is geen bloedverwantNee, want Chris heeft Ab en Babette tot zijn enige erven benoemdJa, op de helftKernbegrip: Algehele_gemeenschap_van_goederen; zoeken in register ==>> Gemeenschap_van_goederen . ^7MyAQ{    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag15Vraag15aWׇb5MY=C[}    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag14Vraag14bMakքr6M YS9]    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag13Vraag13cWaardoor wordt een vernietigbare rechtshandeling vernietigd ? Alleen door een rechterlijke uitspraakAlleen door een deurwaardersexplootHetzij door een buitengerechtelijke_verklaring, hetzij door een rechterlijke_uitspraakKernbegrip(pen): Rechtshandeling en vernietiging; zoeken in register ==>> Rechtshandeling, wijze van vernietiging ...... BW 3:49 Een vernietigbare rechtshandeling wordt vernietigd hetzij door een buitengerechteljike_verklaring, hetzij door een rechterlijke_uitspraak ( BW 3:49 ) Dus antwoord Cy-3655elaar Alberts sluit een overeenkomst met de heer Berends met betrekking tot de verkoop van diens huis op de gebruikelijke voorwaarde(n). Op deze overeenkomst zijn specifiek de bepaling(en) van toepassing met betrekking tot ...lastgeving in eigen naamde bemiddelingsovereenkomstlastgeving in naam van de opdrachtgeverDe gebruikelijke voorwaarde(n) in de vraagstelling hebben betrekking op de bemiddelingsovereenkomst ( BW 7:425 ), want de makelaar is als tussenpersoon dan alleen werkzaam bij het tot stand brengen van een overeenkomst tussen twee partij(en) ( zijnde in dit geval de verkoper en de koper ) Er is geen sprake van een opdracht van de verkoper tot het plegen van een rechtshandeling door de makelaar in naam van de verkoper, of in eigen naam, en voor rekening van de verkoper, dus geen lastgeving ( BW 7:414-1, -2 ); hiermee vervallen antwoorden a en c Dus antwoord By-3655at houdt rechtsverkrijging onder algemene_titel in ? De rechten en verplichting(en) van de voorganger gaan van rechtswege over op de verkrijgerDe rechten en verplichting(en) van de voorganger gaan eerst na de overdracht over op de verkrijgerDe rechten van de voorganger gaan van rechtswege over op de verkrijger, de verplichting(en) eerst na overdracht daarvanKernbegrip(pen): Rechtsverkrijging, of Verkrijging; zoeken in register ==>> Verkrijging van goederen ...... BW 3:80 e.v. - helpt ons nog niet echt verder Een verkrijging onder algemene_titel betreft een verkrijging van het gehele vermogen, dus - alle goederen ( = alle rechten ) en alle schuld(en) ( = alle verplichtingen ) uit een vermogen tegelijkertijd, dus - NIET eerst de rechten vr de overdracht en dan de verplichting(en) na de overdracht, maar alles tegelijkertijd Voorbeelden: boedelmenging bij huwelijk, erfenis en fusie - er is geen aparte overdracht nodig bij dit soort verkrijging(en) Dus antwoord Ay-3655   r5MYU[C    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag16Vraag16BJanet koopt een videocamera op afbetaling bij een postorderbedrijf. Op welk moment wordt zij eigenaar van de videocamera ? Bij de betaling van de laatste termijnBij de aflevering van de videocameraBij het aangaan van de koopovereenkomstKernbegrip(pen): Koop_op_afbetaling, of Afbetaling, koop ...; zoeken in register ==>> Afbetaling, koop en verkoop BW 7A:1576 e.v. Nadat de aflevering en de betaling van de eerste termijn heeft plaatsgevonden, wordt de rest van de koopprijs in nog minstens 2 termijn(en) betaald ... ( BW 7A:1576 ) De koper wordt eigenaar bij de aflevering van de zaak ( en de betaling van de eerste termijn ) Dus antwoord By-3655 qq 4M{53k7    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag17Vraag17cAfstand van een vorderingsrecht is juridisch gezien ...altijd een schenkingnooit een schenkingafhankelijk van de omstandigheden een schenkingKernbegrip(pen): Schenking; zoeken in register ==>> Schenking: BW 7:175 e.v. Bij een schenking moet de begiftigde worden verrijkt ten koste van het vermogen van de schenker ( BW 7:175-1 ) Een vordering hoeft niet altijd met een vermogen samen te hangen Als A bij zijn buurman B het gras zou maaien en de buurman B zegt dat het niet meer hoeft, doet buurman B daarmee afstand van zijn vorderingsrecht, maar B wordt daar niet door verrijkt, en is daarmee geen schenking Als C tegen D zegt dat D een nog openstaande rekening ( = geldvordering van B op D ) niet meer hoeft te betalen, is dit een verrijking van D, en is dan wel een schenking Dus antwoord Cy-3655at zijn vereisten voor een rechtsgeldige overdracht van een beperkt_recht op een goed ? Uitsluitend een geldige_titel en beschikkingsbevoegdheidUitsluitend beschikkingsbevoegdheid en een leveringshandelingEen geldige_titel, beschikkingsbevoegdheid en een leveringshandelingKernbegrip(pen): Beperkt_recht; zoeken in register ==>> Beperkt_recht(en), overdraagbaarheid: BW 3:83 Verder kijken in de kantlijn tot Beperkt_recht(en), vestiging, overdracht en afstand ( BW 3:98 = schakelbepaling ), waarin - is gesteld dat voor de overdracht van een beperkt_recht op een goed hetzelfde van toepassing is / is vereist als voor de overdracht van een zodanig goed Kernbegrip(pen): Overdracht; zoeken in register ==>> Overdracht, vereisten: BW 3:84, waarin - is vermeld dat voor de overdracht ( van een goed en dus ook van een beperkt_recht op dat goed ) is vereist: 1. levering krachtens geldige_titel ( BW 3:84-1 ) 2. beschikkingbevoegdheid ( BW 3:84-1 ) Dus antwoord Cy-3655 ^7M?}M    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag18Vraag18cW ii5M'gi    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag19Vraag19bWelk van de onderstaande rechten behoort tot de persoonlijk_recht(en) ? Het pandrechtHet recht op levering van een onroerende_zaakHet recht_van_vruchtgebruik voor bepaalde_tijdEen persoonlijk_recht ( = een vorderingsrecht ) is een recht van de ene persoon op de prestatie van een andere persoon Kernbegrip(pen): Pand; zoeken in register ==>> Pand: BW 3:227 Het recht_van_pand is een beperkt_recht ( BW 3:227 ), zijnde het recht van een persoon op een zaak Kernbegrip(pen): Vruchtgebruik; zoeken in register ==>> Vruchtgebruik: BW 3:201 Het recht_van_vruchtgebruik is een zakelijk_recht en een genotsrecht, zijnde het recht van een persoon op een zaak Het recht van levering ( bijv. van een onroerende_zaak ) is een vorderingsrecht tot levering van de ene persoon op een andere persoon Dus antwoord By-3655voor. Hij neemt echter de 5 meter extra in gebruik alsof hij eigenaar is. Hij ploegt, zaait en oogst jaar in jaar uit op deze strook. In de register(s) staat de buurman als eigenaar van de strook grond te boek. Wat is de positie van Alfred en wordt hij ooit eigenaar van deze grond ? Alfred is slechts houder van deze grond en wordt nooit eigenaar Alfred is bezitter te_goeder_trouw van deze grond en wordt na 10 jaar eigenaarAlfred is bezitter niet te_goeder_trouw van deze grond doch wordt na 20 jaar eigenaarIemand kan als bezitter te_kwader_trouw door verkrijgende_verjaring eigenaar van een zaak worden Kernbegrip(pen): verkrijgende_verjaring; zoeken in register ==>> Verjaring, verkrijgende: BW 3:99 In de kantlijn is sprake van een extinctieve_verjaring Kernbegrip(pen): extinctieve_verjaring; zoeken in register ==>> Extinctieve_verjaring: BW 3:306, waarin - is vermeld dat de verjaringstermijn van een rechtsvordering ( bijv. van de eigenaar op de grond ) 20 jaar bedraagt Dus antwoord Cy-3655 !!S8M+)7s    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag20Vraag20cAlfred weet dat de grens van zijn akker niet vlak langs de bomenrij loopt. De grens loopt officieel een meter er 8MO E    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag21Vraag21cHet recht van parate_executie met betrekking tot een registergoed houdt in de bevoegdheid van ...een notaris om in het openbaar een registergoed te verkopende rechter om een vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklareneen schuldeiser om een registergoed van een schuldenaar te ( doen ) verkopen zonder voorafgaand de rechter in te schakelenKernbegrip(pen): Parate_executie; zoeken in register ==>> Parate_executie: BW 3:248 ( pand ) en BW 3:268 ( hypotheek ), waarin is vermeld dat de houder het goed mag verkopen in het openbaar en ten overstaan van een notaris ( BW 3:268-1 ) ( zonder tussenkomst van de rechter want de rechter wordt in die artikel(en) niet genoemd ) Dus antwoord Cy-3655 //M5M=;Kac    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag22Vraag22bVan een gebouw dat in appartementsrechten is gesplitst, dient het dak te worden vervangen. Op n van de appartementsrechten is een vruchtgebruik gevestigd. Wie is met betrekking tot dit appartementsrecht aansprakelijk voor het aandeel in de kosten van vervanging van het dak ? Uitsluitend de eigenaarUitsluitend de vruchtgebruiker De eigenaar en de vruchtgebruiker tezamen Kernbegrip(pen): Appartementsrechten en vruchtgebruik; zoeken in register ==>> Appartementsrechten en vruchtgebruik: BW 5:123, waarin - is vermeld dat de vruchtgebruiker aansprakelijk is voor .... ( BW 5:123-1 ) Dus antwoord By-3655 vraag is sprake van een gebrek ( door slijtage ) aan een ladder Kernbegrip(pen): Aansprakelijkheid en gebrek; zoeken in register ==>> Aansprakelijkheid voor gebrekkige zaken: BW 6:173 waarin - is vermeld dat de bezitter van de zaak aansprakelijk is .... ( BW 6:173-1 ), waarbij - schildersbedrijf X de bezitter ( middellijk_bezitter ) is en schildersbedrijf Y de houder ( onmiddellijk_houder ) Uit de vraag blijkt dat schildersbedrijf Y de trap kennelijk in de uitoefening van zijn bedrijf heeft gebruikt Kernbegrip(pen): Aansprakelijkheid en uitoefening van bedrijf; zoeken in register ==>> Aansprakelijkheid en uitoefening van bedrijf: BW 6:181, waarin - is vermeld dat in een zodanig geval degene die het bedrijf uitoefent ( = schildersbedrijf Y ) aansprakelijk is ( grip(pen): Aansprakelijkheid en uitoefening van bedrijf; zoeken in register ==>> Aansprakelijkheid en uitoefening van bedrijf: BW 6:181-1 ) Let op: BW 6:181-1 is dus een uitzondering op BW 6:173-1 Dus antwoord Ay-3655 =='5MYcg    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag25Vraag25aHie05Mcgky    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag24Vraag24bWat is een voorbeeld van het voldoen aan een natuurlijke_verbintenis ? Het voldoen aan een alimentatieverplichtingHet alsnog voldoen van een verjaarde rekeningHet verrichten van een onverschuldigde_betaling 6M}kk)    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag23Vraag23aSchildersbedrijf X verhuurt haar trapladder aan schildersbedrijf Y. Als gevolg van slijtage van de rubberen omhulsels van de poten van de ladder schuift deze weg en veroorzaakt schade aan de auto van Jan. Wie dient Jan aansprakelijk te stellen ? Alleen schildersbedrijf Y voor de gehele schadeAlleen schildersbedrijf X voor de gehele schadeZowel schildersbedrijf X als schildersbedrijf Y, ieder voor 100% van de schadeIn dezeKernbegrip(pen): Natuurlijke_verbintenis; zoeken in register ==>> Natuurlijke_verbintenis: BW 6:3, waarin - is vermeld dat een natuurlijke_verbintenis een rechtens niet-afdwingbare verbintenis is ( BW 6:3-1 ), en die bestaat - wanneer de wet aan een verbintenis de afdwingbaarheid onthoud ( BW 6:3-2-a ) - nakoming van een dwingende_morele_verplichting ( BW 6:3-2-b ) Er moet dus wel sprake van een verplichting / verbintenis zijn. Een alimentatieverplichting is een afdwingbare verbintenis; dus antwoord a vervalt De rechtsvordering tot het betalen van een rekening verjaart na 5 jaar ( BW 3:307 ), waarna de verplichting een natuurlijke_verbintenis wordt; ondersteund antwoord B Onverschuldigde_betaling: degene die een ander zonder rechtsgrond een goed heeft gegeven, is gerechtigd dit van de ontvanger als onverschuldigd betaald terug te vorderen ( BW 6:203-1 ), er bestond geen verplichting tot het doen van een onverschuldigde_betaling, dus antwoord C vervalt Dus antwoord By-3655ronder volgen twee stellingen met betrekking tot de ontbindende_voorwaarde I Bij de ontbindende_voorwaarde bestaat de verbintenis ook in de periode voor de vervulling van de voorwaarde II BIJ de ontbindende_voorwaarde kan reeds voor de vervulling van de voorwaarde nakoming worden gevorderd Wat is juist ? De stellingen 1 en II zijn beide juistStelling 1 is juist, stelling II is onjuistStelling 1 is onjuist en stelling II is juistKernbegrip(pen): Ontbindende_voorwaarde; zoeken in register ==>> Ontbindende_voorwaarde: BW 6:22, waarin - is vermeld dat ..... een ontbindende_voorwaarde ..... doet de verbintenis met het plaatsvinden der gebeurtenis vervallen ( BW 6:22 ), dus de verbintenis bestond al voor de gebeurtenis; dit ondersteunt stelling 1 In BW 6:38 is vermeld dat indien geen tijd voor de nakoming van een verbintenis is bepaald, terstond nakoming kan worden gevorderd; dit ondersteunt stelling II Dus antwoord Ay-3655 tot n van twee of meer verschillende prestatie(s), ter keuze van hemzelf, van de schuldenaar of van een derdeWanneer de schuldenaar verplicht is tot n van twee verschillende prestatie(s), waarbij n der prestatie(s) een primair en de andere een subsidiair karakter heeft, ter keuze van hemzelf, van de schuldenaar of van een derdeKernbegrip(pen): Alternatieve_verbintenis; zoeken in register ==>> Alternatieve_verbintenis(sen): BW 6:17 e.v., waarin - is vermeld dat een verbintenis alternatief is wanneer de schuldenaar verplicht is tot n van twee of meer verschillende prestatie(s), ter keuze van hemzelf, van de schuldenaar of van een derde ( BW 6:17-1 ) Dit is de tekst van antwoord B Dus antwoord B Echter , in BW 6:17-2 is vermeld dat de keuze aan de schuldenaar is, tenzij ..... ; maar in de vraagstelling is niets gezegd omtrent de omstandigheden dat de keuze ook aan anderen zou zijn toebedeeld, daarom is antwoord B, zonder meer, niet helemaal goed De vraag is later vervallen verklaardy-3655 p!7MmSQ1    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag28Vraag28aAlbert en Bea \ 7MGM-A    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag27Vraag27cAnton, een jongen van 12 jaar, gooit op een avond een bloempot van een balkon. Een auto wordt geraakt en er ontstaat aanzienlijke schade. Wat geldt er ter aanzien van de aansprakelijkheid van Anton voor deze gedraging ? Anton is voor 100% aansprakel 7M}+3MY    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag26Vraag26bWanneer is er sprake van een alternatieve_verbintenis ? Wanneer de schuldenaar zich slechts door n bepaalde prestatie kan bevrijden Wanneer de schuldenaar verplicht isijkAnton is niet aansprakelijk omdat deze gedraging hem niet te verwijten isAnton is niet aansprakelijk omdat deze gedraging hem niet kan worden toegerekendKernbegrip(pen): Aansprakelijkheid; zoeken in register ==>> Aansprakelijkheid voor kinderen: BW 6:169 en BW 6:183 e.v., waarin - is vermeld dat een dergelijke gedraging, die hem als hij 14 jaar of ouder zou zijn als een onrechtmatige)daad kan worden toegerekend, maar die, nu hij een minderjarige jonger dan 14 jaar is, NIET kan worden toegerekend en zijn wettelijke_vertegenwoordiger(s) daarom aansprakelijk zijn ( BW 6:169-1 ) Ook nog Kernbegrip(pen): Onrechtmatige_daad; zoeken in register ==>> Onrechtmatige_daad, kinderen: BW 6:164, waarin - is vermeld dat een gedraging van een kind jonger dan 14 jaar hem NIET als onrechtmatige_daad kan worden aangerekend; dit ondersteunt ook antwoord C Dus antwoord C Verder nog, de betekenis van de uitdrukking(en): verwijten = het is zijn schuld toerekenen = het komt voor zijn risico / rekeningy-3655wonen samen in een huis waarvan de eigendom ten name van Albert is gesteld. Beiden zijn hoofdelijk_schuldenaar voor de hypothecaire_geldlening. Wat betekent de verbreking van de samenwoning voor de aansprakelijkheid van Bea ? Bea blijft hoofdelijk_aansprakelijkBea kan niet langer aansprakelijk gesteld worden door de bankDe bank kan Bea pas aanspreken nadat in een procedure is vastgesteld dat Albert niet heeft betaaldHoofdelijk_schuldenaar vloeit voort uit een hoofdelijke_verbintenis Kernbegrip(pen): Hoofdelijke_verbintenis; zoeken in register ==>> Hoofdelijke_verbintenis: BW 6:6 Verder kijken bij BW 6:7 waarin is vermeld dat bij hoofdelijke_verbondenheid, de schuldeiser tegenover ieder van hen een recht op nakoming voor het geheel heeft ( BW 6:7-1 ), waarbij - dus bij ieder van hen nakoming voor het geheel kan vorderen De verbreking van de samenwoning doet er niet toe. Evenmin doet het feit er toe dat het huis op naam van Albert staat. Bea blijft hoofdelijk_aansprakelijk. Dus antwoord Ay-3655komtEen door een makelaar aan een partij gericht aanbod bindt de opdrachtgever van de makelaar uitsluitend als dat bij het aanbod wordt vermeldEen door een makelaar aan een partij gericht aanbod bindt zijn opdrachtgever, indien hij daarmee binnen de grenzen van de aan hem gegeven volmacht blijftEen advertentie in een krant betreffende een woning is ( slechts ) een uitnodiging tot onderhandeling, meer niet, en leidt niet van rechtswege na aanvaarding daarvan tot een overeenkomst, want - de verkoper moet rekening kunnen houden met de persoon van de koper, zoals zijn financile_gegoedheid, bedoeling(en), etc. - Let op: dit geldt alleen bij een woning en is niet algemeen geldig Antwoorden A en B vallen af. Zie ook Kernbegrip(pen): Volmacht; zoeken in register ==>> Volmacht, definitie: BW 6:6, waarin is velmeld: - de bevoegdheid die een volmachtgever verleent aan de een ander, de gevolmachtigde, om in zijn naam rechtshandeling(en) te verrichten ( BW 3:60-1 ) Dus antwoord Cy-3655 0%7MQ!=7    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag32Vraag32bAns heeft op 1 februari 2003 van Ba$$5MuCCGs    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag31Vraag31cBarends biedt in een advertentie in de krant van 19 februari 2006 zi>#8Mk?UE    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag30Vraag30cTon en Henk sluiten een koopovereenkomst met betrekking tot een perceel grond. In de koopovJ"8Ma#?)    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag29Vraag29cEen overeenkomst komt tot stand door aanbod en aanvaarding. Welke van onderstaande beweringen is juist ? Een openbare aanbieding in een advertentie of raamadvertentie is een aanbod zodat de overeenkomst door aanvaarding tot stand ereenkomst worden met betrekking tot het perceel alleen de volgende kadastrale gegeven(s) vermeld: " een perceel grond, kadastraal bekend gemeente Humborg, sectie A, groot 101 m2 " . Nadat de grond geleverd is, blijkt het perceel 99,5 m2 te zijn en dus kleiner dan de opgegeven 101 m2. Wat is rechtens juist ? Het geleverde perceel is ...voldoende in overeenstemming met de gesloten koopovereenkomst omdat de afwijking van de overeengekomen oppervlakte minder dan 5% bedraagtniet in overeenstemming met de gesloten koopovereenkomst. Er is sprake van non-conformiteit van het gekochte perceel en de koper kan zich hierop beroepenin overeenstemming met de gesloten koopovereenkomst, de vermelding van de oppervlakte is als aanduiding bedoeld, de afwijking komt derhalve voor risico van de koperKernbegrip(pen): Conformiteit; zoeken in register ==>> Conformiteit: niet te vinden, maar uit theorie BW 7:17 In BW 7:17-6 is vermeld dat de opgegeven oppervlakte van de grond slechts een aanduiding is Dus antwoord Cy-3655jn bedrijfspand te koop aan voor Euro 350.000,--. Cozijn reageert direct telefonisch en maakt een afspraak om het pand de volgende dag te bezichtigen. Direct na de bezichtiging biedt Cozijn aan het pand te kopen voor Euro 325.000,--. In de hoop op een nog beter bod vraagt en krijgt Barends een week bedenktijd. Hoe moet het aanbod van Cozijn worden gekwalificeerd ? Als een vrijblijvend_aanbodAls een herroepelijk_aanbodAls een onherroepelijk_aanbodKernbegrip(pen): Aanbod; zoeken in register ==>> Aanbod, herroeping en vrijblijvend: BW 6:219 Ook nog: Kernbegrip(pen): Aanvaarding aanbod; zoeken in register ==>> Aanvaarding aanbod: BW 6:217 e.v. Het aanbod van Barends aan Cozijn wordt door Cozijn afwijkend aanvaard en geldt daarmee als een nieuw aanbod van de zijde van Cozijn aan Barends en waarmee het oorspronkelijke aanbod van Barends is verworpen ( BW 6:225-1 ) Het nieuwe aanbod van Cozijn aan Barends bevat een termijn voor aanvaarding en is daarmee onherroepelijk ( BW 6:219-1 ) Dus antwoord Cy-3655 hh N|4bHv-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag28!-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag29"-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag30#-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag31$-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag32%-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag33&-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag34'-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag35(-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag36)-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag37*-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag38+-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag39,-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag40--M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag41.-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag42/-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag430-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag441-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag452-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag463-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag474s een perceel tuingrond gekocht. Zij heeft zich rechtsgeldig jegens Bas verplicht op deze grond geen woning(en) te bouwen en deze verplichting ook op te leggen aan haar rechtsopvolger(s) onder bijzondere_titel. Op 15 januari 2006 wordt de bestemming van dit perceel en de omliggende percelen gewijzigd in woningbouw. Blijft Ans aan haar verplichting tot het niet-bouwen gebonden ? Ja, altijdJa, tenzij de rechter op verzoek van Ans de gevolgen van de overeenkomst wijzigt. Dit kan de rechter pas 10 jaar na het sluiten van de overeenkomst doenNee, Bas maakt misbruik van de omstandigheden als hij Ans aan haar verplichting houdtKernbegrip(pen): Overeenkomst en wijziging; zoeken in register ==>> Overeenkomst, onvoorziene omstandigheden, wijziging: BW 6:258 e.v. In BW 6:259-1 is gesteld dat de rechter een overeenkomst na 10 jaar kan wijzigen als voortduren daarvan: - in strijdt is met het algemeen belang ( BW 6:259-1-a ) - de schuldeiser geen belang meer heeft ( BW 6:259-1-a ) Dus antwoord By-3655 ZZ"&5M)''=}    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag33Vraag33bVerpachter Jan wenst verbetering(en) aan het door hem verpachte aan te brengen Pachter Dorus geeft hiervoor geen toestemming. Bij welke instantie kan Jan, met kans op succes, om een machtiging verzoeken ? De pachtkamerDe grondkamerDe voorzieningenrechter Kernbegrip(pen): Pachtovereenkomst en rechten van de pachter; zoeken in register ==>> Pachtovereenkomst, rechten en verplichtingen ..... : Pachtwet 20 e.v. In Pachtwet 30--3 is gesteld dat als de pachter of verpachter toestemming weigert, de wederpartij aan de grondkamer machtiging kan vragen Dus antwoord By-3655 y'5MO/1[U    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag34Vraag34cOp welke wijze worden de regel(s) vastgesteld ten aanzien van de hoogst toelaatbare pachtprijs ? Via de PrijzenwetVia de Grondkamer Via een Algemene_Maatregel_van_Bestuur Kernbegrip(pen): Pachtprijs; zoeken in register ==>> Pachtprijs ..... : Pachtwet 13 e.v. In Pachtwet 19-1 is gesteld dat een herziening van de pachtprijs van rechtswege geschied volgens de regel)s) van artikel 3 In Pachtwet 3-1 is gesteld dat de hoogst toelaatbare pachtprijs wordt vastgesteld bij Algemene_Maatregel_van_Bestuur / AMvB Dus antwoord Cy-3655 GG5(8M7K/    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag35Vraag35cCornelis biedt in een advertentie in de krant van 19 maart zijn pand te koop aan voor Euro 350.000,--. David reageert direct telefonisch en maakt een afspraak om het pand de volgende dag te bezichtigen. Direct na de bezichtiging biedt David aan het pand te kopen voor de prijs van Euro 350.000,--. Cornelis weigert het pand aan David te verkopen. Kan David met succes Cornelis in rechte aanspreken tot levering van zijn huis? Zo ja, waarom ? Ja, want door de vraagprijs te aanvaarden, is er sprake van een onherroepelijk_aanbodJa, want er is sprake van een schriftelijk aanbod, dat binnen een redelijke termijn is aanvaardNee, want er is sprake van een uitnodiging tot het aangaan van onderhandeling(en)Een advertentie is ( slechts ) een uitnodiging tot beginne van de onderhandeling, en verplicht de verkoper nog tot niets Dus antwoord Cy-3655 ]*5Me9a]K    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag37Vraag37cAlbert sluit met softwarebedrijf XY een arbeidsovereenkomst voor de duur van 15 maanden als computerprogrammeur. Deze overeenkoms&)6MIISQ    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag36Vraag36cIn welk geval is een koopovereenkomst ten tijde van het tekenen van die overeenkomst nietig ? Indien de verkoper failliet isIndien de verkoper minderjarig is. Indien de koopovereenkomst in strijd is met de goede_zedenKernbegrip(pen): Nietigheid; zoeken in register ==>> Nietigheid van rechtshandeling(en) : BW 3:32 en BW 3:39 e.v. In BW 3:40-1 is vermeld dat een rechtshandeling die in strijd is met de goede_zeden nietig is Dus antwoord Cy-3655t eindigt op 1 december 2004. Op 15 december 2004 gaat Albert gedurende twee maanden op reis. Na de reis wordt Albert door XY benaderd. Zij hebben een nieuwe opdracht binnengekregen en bieden Albert een vergelijkbare overeenkomst aan voor de duur van 16 maanden, beginnend op 20 februari 2005. Na verloop van deze 16 maanden blijkt de opdracht nog niet voltooid te zijn, waardoor XY op 20 augustus 2006 de arbeidsovereenkomst met Albert voor 3 maanden verlengt. Deze arbeidsovereenkomst ...eindigt van rechtswegegeldt als aangegaan voor een bepaalde_tijdgeldt als aangegaan voor onbepaalde_tijdKernbegrip(pen): Arbeidsovereenkomst; zoeken in register ==>> Arbeidsovereenkomst, voortgezette : BW 7:667 e.v. In BW 7:668a is vermeld dat een arbeidsovereenkomst aangegaan voor een bepaalde_tijd en deel uitmakend van een keten van arbeidsovereenkomst(en( tussen dezelfde partij(en), overgaat in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde_tijd indien: - de totale duur inclusief de periode(n) tussen de arbeidsovereenkomst(en) 36 maanden overschrijdt en de tussenliggende periode(n) ieder steeds niet langer dan 3 maanden hebben geduurd, of - meer dan 3 arbeidsovereenkomst(en) zijn aangegaan waarbij de tussenliggende periode(n) steeds niet langer hebben geduurd dan 3 maanden De totale periode inclusief tussenliggende periode(n) bedraagt: - daartoe de aanvang van de eerste arbeidsperiode en het einde van de laatste arbeidsperiode uitrekenen - aanvang eerste arbeidsperiode = 1-12-2004 - 15 maanden = 01-09-2003, en - einde laatste arbeidsperiode = 20-11-2006, waarbij - de tussenliggende periode(n) bedroegen: 01-12-2004 tot 20-02-2005 is korter dan 3 maanden en van 20-06-2006 tot 20 -08-2006 is korter dan 3 maanden - de totale periode is langer dan 36 maanden, dus is sprake van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde_tijd op de grond van ( BW7: 668a-1-a ) Dus antwoord Cy-3655. Op 28 februari laat Karel aan Victor weten in financile problemen te zijn geraakt. Er is een erg kleine kans, zo stelt hij, dat hij desondanks drie maanden na de levering de koopsom toch nog kan voldoen. Wat is in dezen nu juist ?Victor hoeft niet te leveren daar Karel op 1 maart niet zal betalenVictor heeft een opschortingrecht en hoeft niet te leveren op 1 maartVictor is verplicht te leveren daar conform de afspraak bij de levering op 1 maart de koopsom nog niet opeisbaar isKernbegrip(pen): Opschortingsrecht; zoeken in register ==>> Opschortingsrecht: BW 6:52 e.v. en BW 6:262 e.v. Zie ook: Kernbegrip(pen): Onzekerheidsexceptie; zoeken in register ==>> Onzekerheidsexceptie: BW 6:263 e.v. BW 6:52 e.v brengt ons nog niet veel verder. In BW 6:263 is gesteld dat als nakoming ( = hier de levering op 1 maart door Victor ) kan worden opgeschort als goede gronden aanwezig zijn om te vrezen dat de wederpartij haar verplichting(en) ( = het niet betalen door Karel ) niet zal nakomen Dus antwoord By-3655 11Z-8M_     - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag40Vraag40AWelke van onderstaande beweringen met betrekking tot een verschil tussen een B.V. en een N.V. is juist ? Bij de N.V. zi,8MgUO    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag39Vraag39bHet geplaatst_kapitaal van de B.V. " Molton Hotel " bedraagt bij de oprichting Euro 200.000,-- , het gestort_kapitaal Euro 40.000,--. Welk rechtsgevolg verbindt de wet aan deze feit(en) ? De B.V. " Molton Hotel " kan op verzoek van het Openbaar_Ministerie of iedere belanghebbende worden ontbondenDe bestuu;+8Ms/    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag38Vraag38bKoper Karel komt tot overeenstemming met verkoper Victor over de verkoop van Victor zijn woning. Ze spreken af dat op 1 maart de woning zal worden overgedragen aan Karel en dat Karel eerst 3 maanden later zal betalenrder(s) van de B.V. " Molton Hotel " zijn hoofdelijk_aansprakelijk voor elke tijdens hun bestuur verrichte rechtshandeling waardoor de B.V. wordt verbondenGeen enkel rechtsgevolg. De B.V. " Molton Hotel " voldoet aan de in de wet gestelde eis(en) voor wat betreft haar kapitaalKernbegrip(pen): Geplaatst_kapitaal; zoeken in register ==>> Geplaatst_kapitaal b.v.: BW 2:178 e.v. Zie ook: Kernbegrip(pen): Gestort_kapitaal ; zoeken in register ==>> Gestort_kapitaal b.v.: BW 2:178 en 2:191 e.v. Volgens BW 2:191 noet minstens 25 % van het geplaatst_kapitaal zijn gestort, dus 0,25 x 200.000 = 50.000, en - dat is niet het geval - het minimum_kapitaal van Euro 18.000,-- is wel gestort Zie ook: Kernbegrip(pen): Aansprakelijkheid; zoeken in register ==>> Aansprakelijkheid bestuurder(s) en .... b.v.: BW 2:180 e.v. In BW 2:180-2-c is gesteld dat de bestuurder(s), naast de B.V., hoofdelijk_aansprakelijk zijn indien minder dan 1/4 van het geplaatst_kapitaal is gestort Dus antwoord By-3655jn aandelen_aan_toonder mogelijk, bij de B.V. nietBij de N.V. is een Raad_van_commissarissen verplicht, bij de B.V. nietDe aandelen van een N.V. moeten door meer dan n aandeelhouder gehouden worden, bij de B.V. kan dat n aandeelhouder zijnKernbegrip(pen): Aandelen en b.v.; zoeken in register ==>> Aandelen b.v.: BW 2:175 e.v. In BW 2:175 -1 is gesteld dat aandelenbewijzen ( = aandeel aan toonder ) bij een B.V. niet zijn toegestaan In BW 2:164 -1 is NIET gesteld dat aandelenbewijzen ( = aandeel aan toonder ) bij een N.V. niet zijn toegestaan - dit ondersteunt antwoord A Zie ook: Kernbegrip(pen): Naamloze_vennootschap en Raad_van_commissarissen; zoeken in register ==>> Naamloze_vennootschap, Raad_van_commissarissen: BW 2:140 e.v. In BW 2:140-1 is gesteld dat een RvC KAN worden ingesteld; is dus niet verplicht; antwoord B vervalt Aandelen van een N.V. kunnen allen in handen van 1 persoon zijn want er is geen wetsartikel te vinden dat zulks verbiedt; antwoord C vervalt Dus antwoord Ay-3655 B.4Mo;Kk    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag41Vraag41aHet rste bestuur van een B.V. wordt benoemd ...bij akte van oprichtingdoor de raad_van_commissarissendoor de algemene_vergadering_van_aandeelhoudersKernbegrip(pen): Bestuur en b.v.; zoeken in register ==>> Bestuur b.v. en toezicht op het ... : BW 2:239 e.v. Verder kijken in de kantlijn tot Benoeming van Bestuurder(s) bij BW 2:242 In BW 2:242-1 is vermeld dat de benoeming van de bestuurder(s) voor de eerste maal geschied bij de akte_van_oprichting Dus antwoord Ay-3655  /5M1gk    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag42Vraag42bZijn bestuurder(s) bevoegd de statuten van een stichting te wijzigen ? Ja, te allen tijdeSlechts indien de statuten wijziging toelatenAlleen na verkregen machtiging van de rechtbankKernbegrip(pen): Statuten, stichting en wijziging; zoeken in register ==>> Statutenwijziging stichting: BW 2:293 e.v. In BW 2:293 is vermeld dat de statuten slechts kunnen worden gewijzigd indien de statuten de mogelijkheid daartoe openen Dus antwoord By-3655 c06My5_{)    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag43Vraag43cHet gevolg van het niet inschrijven van een B.V. in het handelsregister door de bestuurder(s) van deze B.V. is dat ...de B.V. niet bestaatde B.V. door de rechtbank wordt ontbondenbestuurder(s) naast de B.V. hoofdelijk_aansprakelijk zijn voor alle rechtshandeling(en) waardoor de B.V. wordt gebondenKernbegrip(pen): Inschrijving, b.v. en handelsregister; zoeken in register ==>> Inschrijving b.v. in handelsregister: BW 2:180 Zie ook: Kernbegrip(pen): Aansprakelijkheid, bestuurder(s) en B.V.; zoeken in register ==>> Aansprakelijkheid bestuurder(s) B.V.: BW 2:180 e.v. In BW 2:180-2-a is vermeld dat de bestuurder(s) hoofdelijk_aansprakelijk zijn in het tijdvak voordat de akte_van_oprichting, etc., is ingeschreven in het handelsregister Dus antwoord Cy-3655even wijze zijn niet volgestorte aandelen in een B.V. over aan zijn broer Ben. Het bestuur van de B.V. ontslaat Arjan op de voorgeschreven wijze van zijn verplichting tot volstorting. Op 1 maart 2006 gaat de B.V. failliet. Wie kan de curator tot volstorting aanspreken ? Alleen BenZowel Arjan als Ben, ieder voor de helftZowel Arjan als Ben, ieder voor het geheelKernbegrip(pen): Aansprakelijkheid en aandeelhouder(s); zoeken in register ==>> Aansprakelijkheid aandeelhouder(s) b.v.: BW 2:199 In BW 2:199-1 is vermeld dat de aandeelhouder die door het bestuur op de voorgeschreven wijze is ontslagen van zijn verplichting tot volstorting, binnen het daaropvolgende jaar nietemin hoofdelijk_aansprakelijk blijft voor ( bijv. door een curator ) uitgeschreven storting(en). Hoofdelijk_aansprakelijk = ieder voot het geheel. Dus naast de huidige aandeelhouder Ben, is ook Arjan aansprakelijk, want de B.V. gaat binnen het jaar na ontslag van de verplichting tot volstorting door Arjan, failliet. Dus antwoord Cy-3655 VhV25M{3_a    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag45Vraag45bIn de statuten van een B.V. is niets bepaald omtrent de vertegenwoordigingsbevoegdheid. Het bestuur van de B.V. bestaat uit 3 personen. Wie is bevoegd de B.V. te vertegenwoordigen ? Slechts het bestuurHet bestuur en ieder van de bestuursledenDe algemene_vergadering_van_aandeelhoudersKernbegrip(pen): Vertegenwoordigingsbevoegdheid, bestuur en B.V.; zoeken in register ==>> Vertegenwoordigingsbevoegdheid, bestuurder(s) b.v.: BW 2:240 In BW 2:240-1 is vermeld dat het bestuur de vennootschap vertegenwoordigt. Dan verder kijken in volgende lid. In BW 2:240-2 is vermeld dat de bevoegdheid tot vertegenwoordiging aan iedere bestuurder toekomt, tenzij ..... Dus antwoord By-3655 15M!]a    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag44Vraag44cArjan draagt op 1 juni 2005 op de voorgeschr nn38M !+    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag46Vraag46aIn de statuten van een stichting is niets geregeld over de ontbinding van de stichting. Deze stichting kan worden ontbonden door ...een besluit van het bestuur of een beschikking van de rechtbankeen besluit van het bestuur of een beschikking van het Openbaar_Ministerieeen beschikking van het Openbaar_Ministerie of een beschikking van de rechtbankKernbegrip(pen): Ontbinding en stichting; zoeken in register ==>> Ontbinding stichting: BW 2:240 In BW 2:240-1 is vermeld dat de rechter een stichting kan ontbinden op verzoek van een belanghebbende of van het Openbaar_Ministerie Zie ok: Kernbegrip(pen): Ontbinding en rechtspersoon; zoeken in register ==>> Ontbinding rechtspersoon: BW 2:19 e.v. In BW 2:19-1-a is vermeld dat het bestuur ook kan besluiten de stichting te ontbinden Dus antwoord Ay-3655Ans heeft een door de curator en Piet betwiste vordering in het faillissement van Piet ingediend. Tijdens de verificatievergadering blijkt dat ook de rechter_commissaris partij(en) niet kan verenigen. Dan geldt dat ... de vordering van Ans definitief niet wordt erkend in het faillissementde curator zelfstandig beslist of de vordering al dan niet definitief wordt erkend in het faillissementde rechter_commissaris de partij(en) verwijst naar een zitting van de rechtbank voor zover het geschil niet reeds aanhangig isKernbegrip(pen): Verificatievergadering en faillissement; zoeken in register ==>> Verificatie der schuldvordering(en) bij faillissement: Fw 108 Verder kijken in de kantlijn tot Renvooiprocedure In Fw 108 is vermeld dat de de rechter_commissaris de partij(en) verwijst naar een zitting van de rechtbank voor zover het geschil niet reeds aanhangig is ... Dus antwoord Cy-3655 R55M )3=o    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag48Vraag48aWie of welke instantie kan sursance_van_betaling aanvragen ? De schuldenaarDe belastingdienst Een of meer crediteuren Kernbegrip(pen): Sursance_van_betaling; zoeken in register ==>> Sursance_van_betaling: Fw 214 Verder kijken in de kantlijn tot Renvooiprocedure In Fw 214 is vermeld dat de schuldenaar sursance_van_betaling kan aanvragen. Dus antwoord Ay-3655f48ME[ q    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag47Vraag47c DD865M'#!99    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag49Vraag49aEen akkoord in een faillissement wordt aangeboden aan de crediteuren door ...de faillietde curatorde rechter_commissarisKernbegrip(pen): Akkoord en faillissement; zoeken in register ==>> Akkoord bij faillissement: Fw 138 In Fw 138 is vermeld dat de gefailleerde ( = de failliet ) bevoegd is een akkoord aan te bieden. Dus antwoord Ay-3655 b75MOMUkU    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag50Vraag50cTegen de uitspraak tot de toepassing van de schuldsaneringsregeling kan door schuldeiser(s) ... alleen verzet worden aangetekendalleen hoger_beroep worden ingesteldgeen enkel gewoon rechtsmiddel worden ingesteldKernbegrip(pen): Schuldsaneringsregeling; zoeken in register ==>> Schuldsaneringsregeling van natuurlijk_persoon: Fw 284 e.v. Verder kijken in de kantlijn tot Rechtsmiddel(en) In Fw 292 is vermeld dat de schuldeiser(s) geen verzet, hoger_beroep of cassatie kunnen instellen. Dus antwoord Cy-3655EEkE E E EEEE0xEE E%$!#E%)&(.-*,Ek.0y413E;:689E;?<>DC@BEJIFHEONKMETSPRE0zXUWE^]Z\EEEEaEEfEEiEikiEEEEEqEsEuywEyy}E}EEEkEEEEEEEEEEEEkEEEEEEEEEEEEEEEkEEEEEEEEEEE kk85Mi_gyg    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag51Vraag51bIn welk geval spreekt de rechtbank een opheffing van een faillissement wegens de toestand van de boedel uit ? Als de curator alle vordering(en) betwistAls de boedelschuld(en) de activa overtreffen Als de rechter_commissaris alle vordering(en) betwistKernbegrip(pen): Faillissement en opheffing; zoeken in register ==>> Faillissement, opheffing wegens gebrek aan actief: Fw 16 In Fw 16 is vermeld dat de rechtbank het faillissement kan opheffen wegens gebrek aan baten ( = bezitting(en) minus de schuld(en) ofwel activa minus passiva ) Dus antwoord By-3655 TT(95MwUku    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag52Vraag52aDe curator kan op grond van de artikelen 42 t / m 48 van de Faillissementswet, rechtshandeling(en) die vr het faillissement zijn verricht, vernietigen indien aan de in de wet gestelde voorwaarde(n) is voldaan. En van die voorwaarde(n) is ...dat de schuldeiser(s) zijn benadeelddat het een meerzijdige_rechtshandeling betreftdat er opzet tot benadeling van de schuldeiser(s) isIn Fw 42 is vermeld dat de curator iedere rechtshandeling waarvan de schuldenaar wist of behoorde te weten dat daarmee de schuldeiser(s) zouden worden benadeeld, buitengerechtelijk kan vernietigen. De zinsnede " ..... of behoorde te weten ..... " duidt erop dat opzet niet aanwezig hoeft te zijn. Ook in Fw 43 is NIET bepaald dat dat opzet aanwezig zou moeten zijn als voorwaarde tot vernietiging van de betreffende rechtshandeling. Dus antwoord Ay-3655 vv.\>kLy-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag496-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag507-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag518-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag529-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag53:-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag54;-M- Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag55<+K- Examen Publiekrecht 2000 - IIExamen=,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag01>,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag02?,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag03@,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag04A,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag05B,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag06C,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag07D,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag08E,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag09F,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag10G,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag11H,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag12I W (W_=3K  - Examen Publiekrecht 2000 - IIExamenExameny<8MI==uQ    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag55Vraag55a l;6MG}ky    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag54Vraag54cWat is juist met betrekking tot de waardering van het getuigenbewijs ? Dit is altijd dwingend_bewijsDit is altijd aan het oordeel van de re\:5ME---Y    - Examen Privaatrecht 2006 - IIIVraag53Vraag53cArbitrage is beperkt tot ...het privaatrechthet publiekrechtgeschil(len) waarvan de rechtsgevolg(en) ter vrije bepaling van partij(en) staanKernbegrip(pen): Arbitrage; zoeken in register ==>> Arbitrage: Rv 1020 In Rv 1020-3 is vermeld dat arbitrage NIET mag gaan over geschil(len) waarvan de rechtsgevolg(en) NIET ter vrije bepaling van partij(en) staan Dus antwoord Cy-3655chter overgelatenDit is aan het oordeel van de rechter overgelaten, tenzij het een partijgetuige betreft die de bewijslast heeftKernbegrip(pen): Bewijs; zoeken in register ==>> Bewijsrechts, algemene bepalingen: Rv 149 e.v. In Rv 152-2 is vermeld dat de waardering van het bewijs aan de rechter is overgelaten, tenzij de wet anders bepaalt Echter, verder kijken in de kantlijn tot Partijgetuige bij Rv 164 In Rv 164-2 is vermeld dat: - indien een partij als getuige is gehoord, kan haar verklaring omtrent door haar te bewijzen feit(en) geen bewijs in haar voordeel kan opleveren, tenzij de verklaring strekt ter ondersteuning van onvolledig bewijs, waarbij - in dit geval, in het gedeelte van de bovenstaande zin dat tussen de komma(s) staat, de waardering van het bewijs dus NIET aan de rechter is overgelaten, maar GEEN bewijs in het voordeel van de partijgetuige kan opleveren, tenzij de verklaring van de partijgetuige strekt ter ondersteuning van onvolledig bewijs Dus antwoord Cy-3655Welke van onderstaande bewering(en) met betrekking tot arbitrage en bindend_advies is juist ? De uitspraak in een arbitrage is een vonnis en de uitspraak in een bindend_advies niet Zowel de uitspraak in een arbitrage als de uitspraak in een bindend_advies is een vonnisDe wettelijke regeling van arbitrage en bindend_advies zijn opgenomen in het Wetboek_van_burgerlijke_rechtsvorderingKernbegrip(pen): Arbitrage en vonnis; zoeken in register ==>> Arbitraal_vonnis: Rv 1049 e.v. Dus de uitspraak in een arbitrage is een vonnis; ondersteund antwoorden A en B Een bindend_advies is geen vonnis, maar slecht een advies, dat wel bindend is - kan door een geschillencommissie worden uitgesproken; hiermee vervalt antwoord B Bindend_advies is niet opgenomen in het Wetboek_van_burgerlijke_rechtsvordering ( zie de inhoudsopgave vr in de wettenbundel, pagina XV ( editie 2007 / 2008 ); hiermee vervalt antwoord C Dus antwoord Ay-3655r de Eerste_Kamer. In art. 88 van de Grondwet is geregeld dat: - de wet regelt de bekendmaking en de inwerkingtreding van de wetten. Zij treden niet inwerking voordat zij zijn bekendgemaakt. - met de betreffende wet wordt de Bekendmakingswet bedoeld, waarin: - in artikel 3 van die wet is vermeld dat een wet wordt bekendgemaakt door plaatsing in het Staatsblad - in artikel 6 van die wet is vermeld dat het tijdstip waarop een wet in werking treedt wordt bekendgemaakt op dezelfde wijze als waarop die regeling zelf is bekendgemaakt, waarbij als zo een aanduiding daaromtrent ontbreekt - de wet in werking treedt met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de datum van bekendmaking - boven aan iedere formele_wet is te zien dat er wordt gepubliceerd in het Staatsblad ( Stb ) Dus antwoord A. --y-- Door aanneming van de wet door de Eerste_Kamer en de Tweede_Kamer.36---------------------------------60 ?6K KggqM- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag02Vraag02c De gemeenteraad besluit tot de aankoop van een huis teneinde daarin de nieuwe burgemeester van de gemeente te kunnen huisvesten. Hoe wordt het raadsbesluit juridisch gekwalifice >5Kkmqq- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag01Vraag01a Hoe treedt een wet_in_formele_zin in werking ? Door publicatie van de wet in het Staatsblad. Door publicatie van de wet in de Staatscourant. Door aanneming van de wet doo erd ? Als een feitelijke_handeling Als een privaatrechtelijke_rechtshandeling Als een publiekrechtelijke_rechtshandeling De gemeenteraad is een bestuursorgaan / een publiekrechtelijk_orgaan - en is onderdeel van een gemeente, zijnde een publiekrechtelijk_lichaam / een publiekrechtelijke_rechtspersoon. Een besluit van de gemeenteraad is daarom een publiekrechtelijke_rechtshandeling ( Awb 1:3-1 ), waarbij - een publiekrechtelijke_rechtshandeling altijd eenzijdig is De feitelijke aankoop van het huis door de gemeente d.m.v. een koopovereenkomst tussen de gemeente als koper en de verkoper, is een meerzijdige privaatrechtelijke_rechtshandeling. Een besluit is altijd een eenzijdige_privaatrechtelijke, of een eenzijdige publiekrechtelijke_rechtshandeling, afhankelijk wie het besluit neemt ( private persoon, of een publieke rechtspersoon ) Dus antwoord C.--y-- Noch als een privaatrechtelijke_rechtshandeling noch als een privaatrechtelijke_rechtshandeling36---------------------------------60 QQ}N5KCEEYk- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag17Vraag17bd Wat moet gebeuren met een aa0;M:Ko!AW17- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag16Vraag16bdZie CASUS onderaan Uw clint, de firma Zwart Meubelen, heeft een zeer verontruste meneer Santers op bezoek gehad. De heer Santers is eigenaar van een in het centrum der gemeente gelegen meubelzaak. Zijn verontrusting houdt verband met het krantenbericht dat uw clint in een fabriekshal ( 5.000 m2 ), gelegen in het gebied C, een meubelzaak heeft gevestigd. De heer Santers zegt dat hij zich tot de burgemeester zal wenden met het verzoek om tegen de vestiging op te tred*o5KCEEY  k - Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag17Vraag17bd Wa0 0]>kLy,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag14K,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag15L,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag16M,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag17N,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag18O,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag19P,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag20Q,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag21R,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag22S,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag23T,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag24U,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag25V,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag26W,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag27X,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag28Y,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag29Z,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag30[,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag31\,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag32]nvraag voor bouwvergunning voor het bouwen van een fabriek, tevens zijnde een inrichting als bedoeld in de Wet_milieubeheer, als de milieuvergunning is geweigerd ? Voor het overige voldoet de aanvraag aan alle wettelijk_vereiste(n). Op deze vraag zijn meerdere juiste antwoorden mogelijk. De bouwaanvraag intrekken. De bouwvergunning verlenen. De bouwvergunning weigeren.Er is zowel een bouwvergunning als een milieuvergunning nodig ( Wmb 8.5-2 ), waarbij zolang de milieuvergunning niet is verleend, de aanvraag om bouwvergunning op grond van Wonw 52-1 moet worden aangehouden. Dit ondersteund antwoord D. Op grond van Wonw 52-1-b-1 kan ook nog worden gesteld dat de bouwvergunning zal worden verleend, ook al is de milieuvergunning geweigerd. Dit ondersteund tevens antwoord B. Verder nog: een verleende milieuvergunning treedt niet in werking voordat de betreffende bouwvergunning is verleend ( Wmb 20.8 ) --y-- Aanhouden van de aanvraag voor bouwvergunning.36---------------------------------603tementen te bouwen. Een aantal personen - onder wie enkele buurtbewoners - hebben dit flatgebouw bezet. De gemeente besluit echter tot ontruiming van het gebouw. De straat wordt afgezet en door de politie ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare orde. Ook de heer Jansen wordt door de politie hardhandig uit de straat verwijderd. Deze stuurt een protestbrief aan de gemeenteraad van Adelstad. De heer Jansen wil met betrekking tot het optreden ook een klacht indienen. Voor het gebied waarin het pand zich bevindt geldt een stadsvernieuwingsplan, waarin is bepaald dat het gebied is bestemd voor woondoeleinden en dat de bouwwerken in het gebied voor modernisering in aanmerking komen ( een verbeteringsgebied ). Voordat met de bouw van de woningen een aanvang kan worden gemaakt, dienen het flatgebouwen en het kantoorgebouw te worden gesloopt. Op het moment van het optreden van de gemeente is nog geen bouwvergunning voor de bouw van luxe koopwoningen en koopappartementen aangeveze bouwaanvraag helemaal vergeten wordt. De aanvraag is wel naar de welstandscommissie gezonden. Deze heeft dit bouwplan inmiddels ook al goedgekeurd. De projectontwikkelaar dient na overleg met het gemeentebestuur en in overleg met de Inspecteur Ruimtelijke Ordening een nieuwe bouwaanvraag in. Het nieuwe bouwplan bestaat deels uit goedkope huurappartementen en deels uit luxe koopappartementen, maar past niet in het geldende stadsvernieuwingsplan. Nadat deze bouwaanvraag is ingediend wordt een deel van de grond doorverkocht aan een toegelaten instelling, die voor het deel goedkope huurappartementen een nieuwe ingrijpend gewijzigde bouwaanvraag indient. Dit bouwplan past wel in het stadsvernieuwingsplan.- Alleen de wethouder Volkshuisvesting aan de raad omdat alle maatregelen dienden voor ontruiming van het pand in het belang van de volkshuisvesting36---------------------------------604raagd. Op verzoek van de gemeenteraad vindt een maand na het optreden van de gemeente in de raadsvergadering een debat plaats over de totale kwestie. Een deel van de gemeenteraad is van mening dat ter plaatse goedkope huurwoningen gebouwd moeten worden, zoals ook in het uitvoeringsschema behorende bij het stadsvernieuwingsplan is bepaald. In het betreffende debat in de raad stelt een fractie voor, om de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich te trekken. Een ander deel van de raad stelt voor om de gronden in het belang van de volkshuisvesting te onteigenen ten behoeve van de bouw van huurwoningen. Tijdens de raadsvergadering blijkt dat het flatgebouw inmiddels is gesloopt. Alle fracties zijn van mening dat er opgetreden moet worden doch de wethouder vraagt zich af of dit nu nog kan of zin heeft. Ook blijkt inmiddels een bouwvergumring te zijn aangevraagd, die aan alle eisen voldoet. De burgemeester maakt in de loop van het debat nog bekend, dat hij een verteg2enwoordiger van het ministerie van VROM op bezoek heeft gehad, die hem heeft verteld dat de minister persoonlijk van mening is, dat er van luxe koopappartementen geen sprake kan zijn. Gelet op de schaarste aan kantoorgebouwen, moet in ieder geval - volgens de minister - het kantoorgebouw blijven staan en gerenoveerd worden. De wethouder milieu, die zich nu pas in het debat mengt, deelt de raad nog mede, dat het kantoorgebouw waarschijnlijk vroeger is verwarmd met oliestook en dat zijn ambtenaren vermoeden dat er onder of naast het kantoorgebouw nog een olietank in de grond zit, waarvan niet zeker is of die heeft gelekt. Na de raadsvergadering blijkt de heer Jansen de gronden inmiddels te hebben verkocht aan een projectontwikkelaar met uitzondering van een perceel, met de bedoeling daarop een makelaarskantoor te bouwen. De architect van de heer Jansen dient daarvoor direct een complete bouwaanvraag in. De gemeente is zo druk bezig met het overleg met de projectontwikkelaar, dat d :Kq-e !9 - Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag18Vraag18b Zie CASUS onderaan Wie is nu - aan wie - verantwoording schuldig voor het optreden van de politie ? ( circa regel 7 van de casus ) Burgemeester en wethouder(s) van Adelstad aan de raad omdat het hier bestuurlijk optreden van de gemeente betreft Alleen de burgemeester aan de raad omdat de ontruiming van de straat geschiedde in het kader van de handhaving van de openbare_orde Alleen de burgemeester aan de minister van Binnenlandse_Zaken en deze vervolgens aan de Tweede_Kamer omdat het hier politieoptreden betreftDe straat ( een openbare_ruimte ) is door de politie afgezet en ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare_orde en de handhaving van de openbare_orde valt onder de verantwoordelijkheid van de burgemeester. Dus antwoord B.yCasus behomO:Kq-e!9- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag18Vraag180y8ie CASUS onderaan Is voor de sloop van het flatgebouw en het kantorencomplex naast een eventuele vergunning op grond van de bouwverordening een sloopvergunning nodig ? ( circa regel 13 van de casus ) Zo ja, waarom wel en zo neen, waarom niet? Ja, op grond van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing. Ja, doch alleen als dat uitdrukkelijk in het stadsvernieuwingsplan wordt bepaald. Neen, want een sloopvergunning is alleen vereist indien een leefmilieuverordening dat bepaalt.De Wet_op_de_stads-_en_dorpsvernieuwing is per 1-7-2008 vervallen zodat deze vraag thans NIET meer kan worden beantwoord In WSDV 36 was vermeld dat, in het gebied dat is begrepen in een stadsvernieuwingsplan, het is verboden te slopen zonder vergunning. Het is dus niet nodig om dat nog eens afzonderlijk te vermelden in het stadsvernieuwingsplan. Destijds antwoord A.--yCasus behorende bij de vragen 18 t/m 26 ADELSTAD In de gemeente Adelstad is door de heer Jansen een oud - reeds jaren leegstaand - flatgebouw en aangrouwaanvraag in. De gemeente is zo druk bezig met het overleg met de projectontwikkelaar, dat deze bouwaanvraag helemaal vergeten wordt. De aanvraag is wel naar de welstandscommissie gezonden. Deze heeft dit bouwplan inmiddels ook al goedgekeurd. De projectontwikkelaar dient na overleg met het gemeentebestuur en in overleg met de Inspecteur Ruimtelijke Ordening een nieuwe bouwaanvraag in. Het nieuwe bouwplan bestaat deels uit goedkope huurappartementen en deels uit luxe koopappartementen, maar past niet in het geldende stadsvernieuwingsplan. Nadat deze bouwaanvraag is ingediend wordt een deel van de grond doorverkocht aan een toegelaten instelling, die voor het deel goedkope huurappartementen een nieuwe ingrijpend gewijzigde bouwaanvraag indient. Dit bouwplan past wel in het stadsvernieuwingsplan.- Neen, omdat het hier de sloop van een flatgebouw betreft ten behoeve van de bouw van woning(en), hetgeen de bedoeling van het stadsvernieuwingsplan is.36---------------------------------609enzend daaraan een kantoorcomplex aangekocht, met het doel daar luxe koopwoningen en koopappartementen te bouwen. Een aantal personen - onder wie enkele buurtbewoners - hebben dit flatgebouw bezet. De gemeente besluit echter tot ontruiming van het gebouw. De straat wordt afgezet en door de politie ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare orde. Ook de heer Jansen wordt door de politie hardhandig uit de straat verwijderd. Deze stuurt een protestbrief aan de gemeenteraad van Adelstad. De heer Jansen wil met betrekking tot het optreden ook een klacht indienen. Voor het gebied waarin het pand zich bevindt geldt een stadsvernieuwingsplan, waarin is bepaald dat het gebied is bestemd voor woondoeleinden en dat de bouwwerken in het gebied voor modernisering in aanmerking komen ( een verbeteringsgebied ). Voordat met de bouw van de woningen een aanvang kan worden gemaakt, dienen het flatgebouwen en het kantoorgebouw te worden gesloopt. Op het moment van het optreden van de g:emeente is nog geen bouwvergunning voor de bouw van luxe koopwoningen en koopappartementen aangevraagd. Op verzoek van de gemeenteraad vindt een maand na het optreden van de gemeente in de raadsvergadering een debat plaats over de totale kwestie. Een deel van de gemeenteraad is van mening dat ter plaatse goedkope huurwoningen gebouwd moeten worden, zoals ook in het uitvoeringsschema behorende bij het stadsvernieuwingsplan is bepaald. In het betreffende debat in de raad stelt een fractie voor, om de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich te trekken. Een ander deel van de raad stelt voor om de gronden in het belang van de volkshuisvesting te onteigenen ten behoeve van de bouw van huurwoningen. Tijdens de raadsvergadering blijkt dat het flatgebouw inmiddels is gesloopt. Alle fracties zijn van mening dat er opgetreden moet worden doch de wethouder vraagt zich af of dit nu nog kan of zin heeft. Ook blijkt inmiddels een bouwvergumring te zijn aangevraagd, die aan al7le eisen voldoet. De burgemeester maakt in de loop van het debat nog bekend, dat hij een vertegenwoordiger van het ministerie van VROM op bezoek heeft gehad, die hem heeft verteld dat de minister persoonlijk van mening is, dat er van luxe koopappartementen geen sprake kan zijn. Gelet op de schaarste aan kantoorgebouwen, moet in ieder geval - volgens de minister - het kantoorgebouw blijven staan en gerenoveerd worden. De wethouder milieu, die zich nu pas in het debat mengt, deelt de raad nog mede, dat het kantoorgebouw waarschijnlijk vroeger is verwarmd met oliestook en dat zijn ambtenaren vermoeden dat er onder of naast het kantoorgebouw nog een olietank in de grond zit, waarvan niet zeker is of die heeft gelekt. Na de raadsvergadering blijkt de heer Jansen de gronden inmiddels te hebben verkocht aan een projectontwikkelaar met uitzondering van een perceel, met de bedoeling daarop een makelaarskantoor te bouwen. De architect van de heer Jansen dient daarvoor direct een complete b sQ8KW/=k!;- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag20Vraag20a Zie CASUS onderaan Mag een aangevraagde bouwvergunning op grond van strijdigheid met het uitvoeringsschema worden geweigerd ? ( circa regel 20 van de casus ) Neen. Ja, zonder meer. Ja, doch uitsluitend als het uitvoeringsschema door Gedeputeerde_Staten is goedgekeurd.De Wet_op_de_stads-_en_dorpsvernieuwing is per 1-7-2008 vervallen zodat deze vraag thans NIET meer kan worden beantwoord Er is in de WSDV geen grond te vinden voor een eventuele weigering van een aangevraagde bouwvergunning op grond van strijdigheid met het uitvoeringsschema. Destijds antwoord A.--yCasus behorende bij de vragen 18 t/m 26 ADELSTAD In de gemeente Adelstad is door de heer Jansen een oud - reeds jaren leegstaand - flatgebouw en aangrenzend daaraan een kantoorcomplex aangekocht, met het doel daar luxe koopwoningen en koopappartementen te bouwen. Een aantal personen - onder wie enkele buurtbewoners - hebben dit flatgebouw bezet. De gemeente besluit echter tot ontruiming van het gebouw. De straat wordt afgezet en door de politie ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare orde. Ook de heer Jansen wordt door de politie hardhandig uit de straat verwijderd. Deze stuurt een protestbrief aan de gemeenteraad van Adelstad. De heer Jansen wil met betrekking tot het optreden ook een klacht indienen. Voor het gebied waarin het pand zich bevindt geldt een stadsvernieuwingsplan, waarin is bepaald dat het gebied is bestemd voor woondoeleinden en dat de bouwwerken in het gebied voor modernisering in aanmerking komen ( een verbeteringsgebied ). Voordat met de bouw van de woningen een aanvang kan worden gemaakt, dienen het flatgebouwen en het kantoorgarchitect van de heer Jansen dient daarvoor direct een complete bouwaanvraag in. De gemeente is zo druk bezig met het overleg met de projectontwikkelaar, dat deze bouwaanvraag helemaal vergeten wordt. De aanvraag is wel naar de welstandscommissie gezonden. Deze heeft dit bouwplan inmiddels ook al goedgekeurd. De projectontwikkelaar dient na overleg met het gemeentebestuur en in overleg met de Inspecteur Ruimtelijke Ordening een nieuwe bouwaanvraag in. Het nieuwe bouwplan bestaat deels uit goedkope huurappartementen en deels uit luxe koopappartementen, maar past niet in het geldende stadsvernieuwingsplan. Nadat deze bouwaanvraag is ingediend wordt een deel van de grond doorverkocht aan een toegelaten instelling, die voor het deel goedkope huurappartementen een nieuwe ingrijpend gewijzigde bouwaanvraag indient. Dit bouwplan past wel in het stadsvernieuwingsplan.- Ja, doch uitsluitend als de weigeringsgrond in het stadsvernieuwingsplan is opgenomen.36---------------------------------60?ebouw te worden gesloopt. Op het moment van het optreden van de gemeente is nog geen bouwvergunning voor de bouw van luxe koopwoningen en koopappartementen aangevraagd. Op verzoek van de gemeenteraad vindt een maand na het optreden van de gemeente in de raadsvergadering een debat plaats over de totale kwestie. Een deel van de gemeenteraad is van mening dat ter plaatse goedkope huurwoningen gebouwd moeten worden, zoals ook in het uitvoeringsschema behorende bij het stadsvernieuwingsplan is bepaald. In het betreffende debat in de raad stelt een fractie voor, om de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich te trekken. Een ander deel van de raad stelt voor om de gronden in het belang van de volkshuisvesting te onteigenen ten behoeve van de bouw van huurwoningen. Tijdens de raadsvergadering blijkt dat het flatgebouw inmiddels is gesloopt. Alle fracties zijn van mening dat er opgetreden moet worden doch de wethouder vraagt zich af of dit nu nog kan of zin heeft. Ook bl=ijkt inmiddels een bouwvergumring te zijn aangevraagd, die aan alle eisen voldoet. De burgemeester maakt in de loop van het debat nog bekend, dat hij een vertegenwoordiger van het ministerie van VROM op bezoek heeft gehad, die hem heeft verteld dat de minister persoonlijk van mening is, dat er van luxe koopappartementen geen sprake kan zijn. Gelet op de schaarste aan kantoorgebouwen, moet in ieder geval - volgens de minister - het kantoorgebouw blijven staan en gerenoveerd worden. De wethouder milieu, die zich nu pas in het debat mengt, deelt de raad nog mede, dat het kantoorgebouw waarschijnlijk vroeger is verwarmd met oliestook en dat zijn ambtenaren vermoeden dat er onder of naast het kantoorgebouw nog een olietank in de grond zit, waarvan niet zeker is of die heeft gelekt. Na de raadsvergadering blijkt de heer Jansen de gronden inmiddels te hebben verkocht aan een projectontwikkelaar met uitzondering van een perceel, met de bedoeling daarop een makelaarskantoor te bouwen. De Ben oud - reeds jaren leegstaand - flatgebouw en aangrenzend daaraan een kantoorcomplex aangekocht, met het doel daar luxe koopwoningen en koopappartementen te bouwen. Een aantal personen - onder wie enkele buurtbewoners - hebben dit flatgebouw bezet. De gemeente besluit echter tot ontruiming van het gebouw. De straat wordt afgezet en door de politie ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare orde. Ook de heer Jansen wordt door de politie hardhandig uit de straat verwijderd. Deze stuurt een protestbrief aan de gemeenteraad van Adelstad. De heer Jansen wil met betrekking tot het optreden ook een klacht indienen. Voor het gebied waarin het pand zich bevindt geldt een stadsvernieuwingsplan, waarin is bepaald dat het gebied is bestemd voor woondoeleinden en dat de bouwwerken in het gebied voor modernisering in aanmerking komen ( een verbeteringsgebied ). Voordat met de bouw van de woningen een aanvang kan worden gemaakt, dienen het flatgebouwen en het kantoorgebouw te wordene heer Jansen dient daarvoor direct een complete bouwaanvraag in. De gemeente is zo druk bezig met het overleg met de projectontwikkelaar, dat deze bouwaanvraag helemaal vergeten wordt. De aanvraag is wel naar de welstandscommissie gezonden. Deze heeft dit bouwplan inmiddels ook al goedgekeurd. De projectontwikkelaar dient na overleg met het gemeentebestuur en in overleg met de Inspecteur Ruimtelijke Ordening een nieuwe bouwaanvraag in. Het nieuwe bouwplan bestaat deels uit goedkope huurappartementen en deels uit luxe koopappartementen, maar past niet in het geldende stadsvernieuwingsplan. Nadat deze bouwaanvraag is ingediend wordt een deel van de grond doorverkocht aan een toegelaten instelling, die voor het deel goedkope huurappartementen een nieuwe ingrijpend gewijzigde bouwaanvraag indient. Dit bouwplan past wel in het stadsvernieuwingsplan.- Neen, want de termijn waarbinnen met de bouw moet zijn begonnen is al in de bouwverordening geregeld.36---------------------------------60C gesloopt. Op het moment van het optreden van de gemeente is nog geen bouwvergunning voor de bouw van luxe koopwoningen en koopappartementen aangevraagd. Op verzoek van de gemeenteraad vindt een maand na het optreden van de gemeente in de raadsvergadering een debat plaats over de totale kwestie. Een deel van de gemeenteraad is van mening dat ter plaatse goedkope huurwoningen gebouwd moeten worden, zoals ook in het uitvoeringsschema behorende bij het stadsvernieuwingsplan is bepaald. In het betreffende debat in de raad stelt een fractie voor, om de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich te trekken. Een ander deel van de raad stelt voor om de gronden in het belang van de volkshuisvesting te onteigenen ten behoeve van de bouw van huurwoningen. Tijdens de raadsvergadering blijkt dat het flatgebouw inmiddels is gesloopt. Alle fracties zijn van mening dat er opgetreden moet worden doch de wethouder vraagt zich af of dit nu nog kan of zin heeft. Ook blijkt inmiddels Aeen bouwvergumring te zijn aangevraagd, die aan alle eisen voldoet. De burgemeester maakt in de loop van het debat nog bekend, dat hij een vertegenwoordiger van het ministerie van VROM op bezoek heeft gehad, die hem heeft verteld dat de minister persoonlijk van mening is, dat er van luxe koopappartementen geen sprake kan zijn. Gelet op de schaarste aan kantoorgebouwen, moet in ieder geval - volgens de minister - het kantoorgebouw blijven staan en gerenoveerd worden. De wethouder milieu, die zich nu pas in het debat mengt, deelt de raad nog mede, dat het kantoorgebouw waarschijnlijk vroeger is verwarmd met oliestook en dat zijn ambtenaren vermoeden dat er onder of naast het kantoorgebouw nog een olietank in de grond zit, waarvan niet zeker is of die heeft gelekt. Na de raadsvergadering blijkt de heer Jansen de gronden inmiddels te hebben verkocht aan een projectontwikkelaar met uitzondering van een perceel, met de bedoeling daarop een makelaarskantoor te bouwen. De architect van d QQR:KWES}!Y- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag21Vraag21d Zie CASUS onderaan Mag aan een eventueel te verlenen bouwvergunning als voorwaarde een termijn worden verbonden waarbinnen met de bouw moet zijn begonnen ? Ja, op grond van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing. Ja, doch uitsluitend als een dergelijke regeling in het stadsvernieuwingsplan is opgenomen. Neen, want de termijn waarbinnen met de bouw moet zijn begonnen is al in het Bouwbesluit geregeld.De Wet_op_de_stads-_en_dorpsvernieuwing is per 1-7-2008 vervallen zodat deze vraag thans NIET meer kan worden beantwoord In WSDV 27-1 is vermeld dat B&W zo$n termijn, in afwijking van Wonw 59-1-c, in een bouwvergunning kunnen opnemen. Dat ondersteunt antwoord A, maar antwoord D zou het juiste antwoord zijn.--yCasus behorende bij de vragen 18 t/m 26 ADELSTAD In de gemeente Adelstad is door de heer Jansen e@offlrx~ &,28>DJPV\bhntz "(.4:@FLRX^djpv|ʄ ̈́τфԄՄ؄لۄ܄ބ߄!%&'(*-./02356789= ? ABCDGHI J%L.N5O;QDRJSOTTUYV^W_X`Ya[c\d]f^ibg_mdneofpgqiskumyp}rsutz{}   "$%&Å(Dž)ʅ+˅,̅-ͅ/υ1ԅ2ׅ5Heer Jansen een oud - reeds jaren leegstaand - flatgebouw en aangrenzend daaraan een kantoorcomplex aangekocht, met het doel daar luxe koopwoningen en koopappartementen te bouwen. Een aantal personen - onder wie enkele buurtbewoners - hebben dit flatgebouw bezet. De gemeente besluit echter tot ontruiming van het gebouw. De straat wordt afgezet en door de politie ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare orde. Ook de heer Jansen wordt door de politie hardhandig uit de straat verwijderd. Deze stuurt een protestbrief aan de gemeenteraad van Adelstad. De heer Jansen wil met betrekking tot het optreden ook een klacht indienen. Voor het gebied waarin het pand zich bevindt geldt een stadsvernieuwingsplan, waarin is bepaald dat het gebied is bestemd voor woondoeleinden en dat de bouwwerken in het gebied voor modernisering in aanmerking komen ( een verbeteringsgebied ). Voordat met de bouw van de woningen een aanvang kan worden gemaakt, dienen het flatgebouwen en het kantoorgebohitect van de heer Jansen dient daarvoor direct een complete bouwaanvraag in. De gemeente is zo druk bezig met het overleg met de projectontwikkelaar, dat deze bouwaanvraag helemaal vergeten wordt. De aanvraag is wel naar de welstandscommissie gezonden. Deze heeft dit bouwplan inmiddels ook al goedgekeurd. De projectontwikkelaar dient na overleg met het gemeentebestuur en in overleg met de Inspecteur Ruimtelijke Ordening een nieuwe bouwaanvraag in. Het nieuwe bouwplan bestaat deels uit goedkope huurappartementen en deels uit luxe koopappartementen, maar past niet in het geldende stadsvernieuwingsplan. Nadat deze bouwaanvraag is ingediend wordt een deel van de grond doorverkocht aan een toegelaten instelling, die voor het deel goedkope huurappartementen een nieuwe ingrijpend gewijzigde bouwaanvraag indient. Dit bouwplan past wel in het stadsvernieuwingsplan.- Neen, want dit is in strijd met de delegatiebepaling(en) in de Algemene_wet_bestuursrecht36---------------------------------60Iuw te worden gesloopt. Op het moment van het optreden van de gemeente is nog geen bouwvergunning voor de bouw van luxe koopwoningen en koopappartementen aangevraagd. Op verzoek van de gemeenteraad vindt een maand na het optreden van de gemeente in de raadsvergadering een debat plaats over de totale kwestie. Een deel van de gemeenteraad is van mening dat ter plaatse goedkope huurwoningen gebouwd moeten worden, zoals ook in het uitvoeringsschema behorende bij het stadsvernieuwingsplan is bepaald. In het betreffende debat in de raad stelt een fractie voor, om de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich te trekken. Een ander deel van de raad stelt voor om de gronden in het belang van de volkshuisvesting te onteigenen ten behoeve van de bouw van huurwoningen. Tijdens de raadsvergadering blijkt dat het flatgebouw inmiddels is gesloopt. Alle fracties zijn van mening dat er opgetreden moet worden doch de wethouder vraagt zich af of dit nu nog kan of zin heeft. Ook blijkGt inmiddels een bouwvergumring te zijn aangevraagd, die aan alle eisen voldoet. De burgemeester maakt in de loop van het debat nog bekend, dat hij een vertegenwoordiger van het ministerie van VROM op bezoek heeft gehad, die hem heeft verteld dat de minister persoonlijk van mening is, dat er van luxe koopappartementen geen sprake kan zijn. Gelet op de schaarste aan kantoorgebouwen, moet in ieder geval - volgens de minister - het kantoorgebouw blijven staan en gerenoveerd worden. De wethouder milieu, die zich nu pas in het debat mengt, deelt de raad nog mede, dat het kantoorgebouw waarschijnlijk vroeger is verwarmd met oliestook en dat zijn ambtenaren vermoeden dat er onder of naast het kantoorgebouw nog een olietank in de grond zit, waarvan niet zeker is of die heeft gelekt. Na de raadsvergadering blijkt de heer Jansen de gronden inmiddels te hebben verkocht aan een projectontwikkelaar met uitzondering van een perceel, met de bedoeling daarop een makelaarskantoor te bouwen. De arc S8K?k ga!A- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag22Vraag22cZie CASUS onderaan Is het mogelijk dat de raad de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich trekt ? ( circa regel 22 van de casus ) Ja, op grond van de Algemene_wet_bestuursrecht Ja, maar alleen in combinatie met het verlenen van een vrijstelling op grond van artikel 3.23 van de Wet_ruimtelijke_ordening Neen, want dit is in strijd met de WoningwetVolgens Wonw 40-1 wordt een bouwvergunning verstrekt door burgemeester en wethouder(s), waarbij - niets is te vinden over delegatie naar, of aan zich trekken van de betreffende bevoegdheid door de gemeenteraad Dus antwoord C.--yCasus behorende bij de vragen 18 t/m 26 ADELSTAD In de gemeente Adelstad is door de hFM - flatgebouw en aangrenzend daaraan een kantoorcomplex aangekocht, met het doel daar luxe koopwoningen en koopappartementen te bouwen. Een aantal personen - onder wie enkele buurtbewoners - hebben dit flatgebouw bezet. De gemeente besluit echter tot ontruiming van het gebouw. De straat wordt afgezet en door de politie ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare orde. Ook de heer Jansen wordt door de politie hardhandig uit de straat verwijderd. Deze stuurt een protestbrief aan de gemeenteraad van Adelstad. De heer Jansen wil met betrekking tot het optreden ook een klacht indienen. Voor het gebied waarin het pand zich bevindt geldt een stadsvernieuwingsplan, waarin is bepaald dat het gebied is bestemd voor woondoeleinden en dat de bouwwerken in het gebied voor modernisering in aanmerking komen ( een verbeteringsgebied ). Voordat met de bouw van de woningen een aanvang kan worden gemaakt, dienen het flatgebouwen en het kantoorgebouw te worden gesloopt. Op het moment van he direct een complete bouwaanvraag in. De gemeente is zo druk bezig met het overleg met de projectontwikkelaar, dat deze bouwaanvraag helemaal vergeten wordt. De aanvraag is wel naar de welstandscommissie gezonden. Deze heeft dit bouwplan inmiddels ook al goedgekeurd. De projectontwikkelaar dient na overleg met het gemeentebestuur en in overleg met de Inspecteur Ruimtelijke Ordening een nieuwe bouwaanvraag in. Het nieuwe bouwplan bestaat deels uit goedkope huurappartementen en deels uit luxe koopappartementen, maar past niet in het geldende stadsvernieuwingsplan. Nadat deze bouwaanvraag is ingediend wordt een deel van de grond doorverkocht aan een toegelaten instelling, die voor het deel goedkope huurappartementen een nieuwe ingrijpend gewijzigde bouwaanvraag indient. Dit bouwplan past wel in het stadsvernieuwingsplan.- Neen, omdat het hier een verbeteringsgebied betreft en het bouwplan in het kader van de stadsvernieuwing niet tot verbetering leidt.36---------------------------------60Nt optreden van de gemeente is nog geen bouwvergunning voor de bouw van luxe koopwoningen en koopappartementen aangevraagd. Op verzoek van de gemeenteraad vindt een maand na het optreden van de gemeente in de raadsvergadering een debat plaats over de totale kwestie. Een deel van de gemeenteraad is van mening dat ter plaatse goedkope huurwoningen gebouwd moeten worden, zoals ook in het uitvoeringsschema behorende bij het stadsvernieuwingsplan is bepaald. In het betreffende debat in de raad stelt een fractie voor, om de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich te trekken. Een ander deel van de raad stelt voor om de gronden in het belang van de volkshuisvesting te onteigenen ten behoeve van de bouw van huurwoningen. Tijdens de raadsvergadering blijkt dat het flatgebouw inmiddels is gesloopt. Alle fracties zijn van mening dat er opgetreden moet worden doch de wethouder vraagt zich af of dit nu nog kan of zin heeft. Ook blijkt inmiddels een bouwvergumring te zijn aLangevraagd, die aan alle eisen voldoet. De burgemeester maakt in de loop van het debat nog bekend, dat hij een vertegenwoordiger van het ministerie van VROM op bezoek heeft gehad, die hem heeft verteld dat de minister persoonlijk van mening is, dat er van luxe koopappartementen geen sprake kan zijn. Gelet op de schaarste aan kantoorgebouwen, moet in ieder geval - volgens de minister - het kantoorgebouw blijven staan en gerenoveerd worden. De wethouder milieu, die zich nu pas in het debat mengt, deelt de raad nog mede, dat het kantoorgebouw waarschijnlijk vroeger is verwarmd met oliestook en dat zijn ambtenaren vermoeden dat er onder of naast het kantoorgebouw nog een olietank in de grond zit, waarvan niet zeker is of die heeft gelekt. Na de raadsvergadering blijkt de heer Jansen de gronden inmiddels te hebben verkocht aan een projectontwikkelaar met uitzondering van een perceel, met de bedoeling daarop een makelaarskantoor te bouwen. De architect van de heer Jansen dient daarvoor LT:K%91!- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag23Vraag23b Zie CASUS onderaan Vier maanden na ontvangst van de aanvraag besluiten burgemeester en wethouders de bouwvergunning ( uit circa regel 27 van de casus ) te weigeren. Is dit rechtens toegestaan ? Ja, want de bouw is in strijd met het stadsvernieuwingsplan. Neen, want de vergunning is reeds van rechtswege verleend. Neen, want de vergunning kan wegens termijnoverschrijding niet meer worden geweigerd.De beslissingstermijn m.b.t. een reguliere_bouwvergunning bedraagt 12 weken ( Wonw 46-1-b ). Indien B&W niet aan die termijn voldoen, is de bouwvergunning van rechtswege verleend ( Wonw 46-4 ). Dus antwoord B.--yCasus behorende bij de vragen 18 t/m 26 ADELSTAD In de gemeente Adelstad is door de heer Jansen een oud - reeds jaren leegstaandKRraan een kantoorcomplex aangekocht, met het doel daar luxe koopwoningen en koopappartementen te bouwen. Een aantal personen - onder wie enkele buurtbewoners - hebben dit flatgebouw bezet. De gemeente besluit echter tot ontruiming van het gebouw. De straat wordt afgezet en door de politie ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare orde. Ook de heer Jansen wordt door de politie hardhandig uit de straat verwijderd. Deze stuurt een protestbrief aan de gemeenteraad van Adelstad. De heer Jansen wil met betrekking tot het optreden ook een klacht indienen. Voor het gebied waarin het pand zich bevindt geldt een stadsvernieuwingsplan, waarin is bepaald dat het gebied is bestemd voor woondoeleinden en dat de bouwwerken in het gebied voor modernisering in aanmerking komen ( een verbeteringsgebied ). Voordat met de bouw van de woningen een aanvang kan worden gemaakt, dienen het flatgebouwen en het kantoorgebouw te worden gesloopt. Op het moment van het optreden van de gemeente isg in. De gemeente is zo druk bezig met het overleg met de projectontwikkelaar, dat deze bouwaanvraag helemaal vergeten wordt. De aanvraag is wel naar de welstandscommissie gezonden. Deze heeft dit bouwplan inmiddels ook al goedgekeurd. De projectontwikkelaar dient na overleg met het gemeentebestuur en in overleg met de Inspecteur Ruimtelijke Ordening een nieuwe bouwaanvraag in. Het nieuwe bouwplan bestaat deels uit goedkope huurappartementen en deels uit luxe koopappartementen, maar past niet in het geldende stadsvernieuwingsplan. Nadat deze bouwaanvraag is ingediend wordt een deel van de grond doorverkocht aan een toegelaten instelling, die voor het deel goedkope huurappartementen een nieuwe ingrijpend gewijzigde bouwaanvraag indient. Dit bouwplan past wel in het stadsvernieuwingsplan.- Neen, want voor gebied(en) die in een stadsvernieuwingsplan als verbeteringsgebied zijn aangewezen geldt NIET de eis dat een welstandsadvies moet worden gevraagd36---------------------------------60S nog geen bouwvergunning voor de bouw van luxe koopwoningen en koopappartementen aangevraagd. Op verzoek van de gemeenteraad vindt een maand na het optreden van de gemeente in de raadsvergadering een debat plaats over de totale kwestie. Een deel van de gemeenteraad is van mening dat ter plaatse goedkope huurwoningen gebouwd moeten worden, zoals ook in het uitvoeringsschema behorende bij het stadsvernieuwingsplan is bepaald. In het betreffende debat in de raad stelt een fractie voor, om de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich te trekken. Een ander deel van de raad stelt voor om de gronden in het belang van de volkshuisvesting te onteigenen ten behoeve van de bouw van huurwoningen. Tijdens de raadsvergadering blijkt dat het flatgebouw inmiddels is gesloopt. Alle fracties zijn van mening dat er opgetreden moet worden doch de wethouder vraagt zich af of dit nu nog kan of zin heeft. Ook blijkt inmiddels een bouwvergumring te zijn aangevraagd, die aan alle eisen vQoldoet. De burgemeester maakt in de loop van het debat nog bekend, dat hij een vertegenwoordiger van het ministerie van VROM op bezoek heeft gehad, die hem heeft verteld dat de minister persoonlijk van mening is, dat er van luxe koopappartementen geen sprake kan zijn. Gelet op de schaarste aan kantoorgebouwen, moet in ieder geval - volgens de minister - het kantoorgebouw blijven staan en gerenoveerd worden. De wethouder milieu, die zich nu pas in het debat mengt, deelt de raad nog mede, dat het kantoorgebouw waarschijnlijk vroeger is verwarmd met oliestook en dat zijn ambtenaren vermoeden dat er onder of naast het kantoorgebouw nog een olietank in de grond zit, waarvan niet zeker is of die heeft gelekt. Na de raadsvergadering blijkt de heer Jansen de gronden inmiddels te hebben verkocht aan een projectontwikkelaar met uitzondering van een perceel, met de bedoeling daarop een makelaarskantoor te bouwen. De architect van de heer Jansen dient daarvoor direct een complete bouwaanvraa <<,U9Ky7A!W- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag24Vraag24b Zie CASUS onderaan Is het vragen van een welstandsadvies voor deze bouwaanvraag een verplichting ? ( circa regel 43 van de casus ) Ja, dat is op grond van de Woningwet altijd verplicht Ja, dat is een verplichting voortvloeiende uit de Woningwet tenzij de raad heeft besloten dat het voor dit gebied NIET nodig is. Neen, dat is een bevoegdheid van het college, mits zij maar een eigen oordeel hebbenAdvies KAN door B&W worden gevraagd bij lichte_bouwvergunning ( Wonw 48-1 ) Advies MOET door B&W worden gevraagd bij reguliere_bouwvergunning ( Wonw 48-1 ) Er kunnen door de gemeenteraad gebied(en) zijn aangewezen waarvoor geen welstandstoets geldt ( Wonw 12-2 ). Dus antwoord B.--yCasus behorende bij de vragen 18 t/m 26 ADELSTAD In de gemeente Adelstad is door de heer Jansen een oud - reeds jaren leegstaand - flatgebouw en aangrenzend daaPWnder wie enkele buurtbewoners - hebben dit flatgebouw bezet. De gemeente besluit echter tot ontruiming van het gebouw. De straat wordt afgezet en door de politie ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare orde. Ook de heer Jansen wordt door de politie hardhandig uit de straat verwijderd. Deze stuurt een protestbrief aan de gemeenteraad van Adelstad. De heer Jansen wil met betrekking tot het optreden ook een klacht indienen. Voor het gebied waarin het pand zich bevindt geldt een stadsvernieuwingsplan, waarin is bepaald dat het gebied is bestemd voor woondoeleinden en dat de bouwwerken in het gebied voor modernisering in aanmerking komen ( een verbeteringsgebied ). Voordat met de bouw van de woningen een aanvang kan worden gemaakt, dienen het flatgebouwen en het kantoorgebouw te worden gesloopt. Op het moment van het optreden van de gemeente is nog geen bouwvergunning voor de bouw van luxe koopwoningen en koopappartementen aangevraagd. Op verzoek van de gemeenteraad vinaanvraag is wel naar de welstandscommissie gezonden. Deze heeft dit bouwplan inmiddels ook al goedgekeurd. De projectontwikkelaar dient na overleg met het gemeentebestuur en in overleg met de Inspecteur Ruimtelijke Ordening een nieuwe bouwaanvraag in. Het nieuwe bouwplan bestaat deels uit goedkope huurappartementen en deels uit luxe koopappartementen, maar past niet in het geldende stadsvernieuwingsplan. Nadat deze bouwaanvraag is ingediend wordt een deel van de grond doorverkocht aan een toegelaten instelling, die voor het deel goedkope huurappartementen een nieuwe ingrijpend gewijzigde bouwaanvraag indient. Dit bouwplan past wel in het stadsvernieuwingsplan.- De aanvraag mag met goedkeuring van de inspecteur ruimtelijke_ordening in behandeling worden genomen omdat het plan past in het landelijk volkshuisvestingsbeleid36---------------------------------60Xdt een maand na het optreden van de gemeente in de raadsvergadering een debat plaats over de totale kwestie. Een deel van de gemeenteraad is van mening dat ter plaatse goedkope huurwoningen gebouwd moeten worden, zoals ook in het uitvoeringsschema behorende bij het stadsvernieuwingsplan is bepaald. In het betreffende debat in de raad stelt een fractie voor, om de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich te trekken. Een ander deel van de raad stelt voor om de gronden in het belang van de volkshuisvesting te onteigenen ten behoeve van de bouw van huurwoningen. Tijdens de raadsvergadering blijkt dat het flatgebouw inmiddels is gesloopt. Alle fracties zijn van mening dat er opgetreden moet worden doch de wethouder vraagt zich af of dit nu nog kan of zin heeft. Ook blijkt inmiddels een bouwvergumring te zijn aangevraagd, die aan alle eisen voldoet. De burgemeester maakt in de loop van het debat nog bekend, dat hij een vertegenwoordiger van het ministerie van VROM op beVzoek heeft gehad, die hem heeft verteld dat de minister persoonlijk van mening is, dat er van luxe koopappartementen geen sprake kan zijn. Gelet op de schaarste aan kantoorgebouwen, moet in ieder geval - volgens de minister - het kantoorgebouw blijven staan en gerenoveerd worden. De wethouder milieu, die zich nu pas in het debat mengt, deelt de raad nog mede, dat het kantoorgebouw waarschijnlijk vroeger is verwarmd met oliestook en dat zijn ambtenaren vermoeden dat er onder of naast het kantoorgebouw nog een olietank in de grond zit, waarvan niet zeker is of die heeft gelekt. Na de raadsvergadering blijkt de heer Jansen de gronden inmiddels te hebben verkocht aan een projectontwikkelaar met uitzondering van een perceel, met de bedoeling daarop een makelaarskantoor te bouwen. De architect van de heer Jansen dient daarvoor direct een complete bouwaanvraag in. De gemeente is zo druk bezig met het overleg met de projectontwikkelaar, dat deze bouwaanvraag helemaal vergeten wordt. De :Ky )) !Y - Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag25Vraag25a Zie CASUS onderaan Ondanks herhaalde verzoeken tot aanvulling is de bouwaanvraag ( circa regel 48 van de casus ) nog niet volledig, omdat in de aanvraag niet is vermeld welke bouwmaatschappij het nieuwe plan gaat realiseren. De aanbesteding heeft nog niet plaatsgevonden. Wat dient nu te geschieden? De bouwaanvraag dient normaal in behandeling te worden genomen Wegens onvolledigheid dient de aanvraag NIET in behandeling te worden genomen De vergunning dient wegens onvolledigheid van de aanvraag te worden geweigerdAanbesteding kan pas plaatsvinden nadat de bouwvergunning is verleend en een " onvolledigheid " m.b.t. de bouwer is geen reden om de aanvraag niet in behandeling te nemen. Dus antwoord A.yCasus behorende bij de vraPV:Ky )) !Y- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag25Vraag250z\nte Adelstad is door de heer Jansen een oud - reeds jaren leegstaand - flatgebouw en aangrenzend daaraan een kantoorcomplex aangekocht, met het doel daar luxe koopwoningen en koopappartementen te bouwen. Een aantal personen - onder wie enkele buurtbewoners - hebben dit flatgebouw bezet. De gemeente besluit echter tot ontruiming van het gebouw. De straat wordt afgezet en door de politie ontruimd vanwege vrees voor verstoring van de openbare orde. Ook de heer Jansen wordt door de politie hardhandig uit de straat verwijderd. Deze stuurt een protestbrief aan de gemeenteraad van Adelstad. De heer Jansen wil met betrekking tot het optreden ook een klacht indienen. Voor het gebied waarin het pand zich bevindt geldt een stadsvernieuwingsplan, waarin is bepaald dat het gebied is bestemd voor woondoeleinden en dat de bouwwerken in het gebied voor modernisering in aanmerking komen ( een verbeteringsgebied ). Voordat met de bouw van de woningen een aanvang kan worden gemaakt, dienen het flatgekantoor te bouwen. De architect van de heer Jansen dient daarvoor direct een complete bouwaanvraag in. De gemeente is zo druk bezig met het overleg met de projectontwikkelaar, dat deze bouwaanvraag helemaal vergeten wordt. De aanvraag is wel naar de welstandscommissie gezonden. Deze heeft dit bouwplan inmiddels ook al goedgekeurd. De projectontwikkelaar dient na overleg met het gemeentebestuur en in overleg met de Inspecteur Ruimtelijke Ordening een nieuwe bouwaanvraag in. Het nieuwe bouwplan bestaat deels uit goedkope huurappartementen en deels uit luxe koopappartementen, maar past niet in het geldende stadsvernieuwingsplan. Nadat deze bouwaanvraag is ingediend wordt een deel van de grond doorverkocht aan een toegelaten instelling, die voor het deel goedkope huurappartementen een nieuwe ingrijpend gewijzigde bouwaanvraag indient. Dit bouwplan past wel in het stadsvernieuwingsplan.- Ja, door burgemeester en wethouders na goedkeuring van de raad. 36---------------------------------60]bouwen en het kantoorgebouw te worden gesloopt. Op het moment van het optreden van de gemeente is nog geen bouwvergunning voor de bouw van luxe koopwoningen en koopappartementen aangevraagd. Op verzoek van de gemeenteraad vindt een maand na het optreden van de gemeente in de raadsvergadering een debat plaats over de totale kwestie. Een deel van de gemeenteraad is van mening dat ter plaatse goedkope huurwoningen gebouwd moeten worden, zoals ook in het uitvoeringsschema behorende bij het stadsvernieuwingsplan is bepaald. In het betreffende debat in de raad stelt een fractie voor, om de bevoegdheid tot het verlenen van de bouwvergunning aan zich te trekken. Een ander deel van de raad stelt voor om de gronden in het belang van de volkshuisvesting te onteigenen ten behoeve van de bouw van huurwoningen. Tijdens de raadsvergadering blijkt dat het flatgebouw inmiddels is gesloopt. Alle fracties zijn van mening dat er opgetreden moet worden doch de wethouder vraagt zich af of dit nu nog ka[n of zin heeft. Ook blijkt inmiddels een bouwvergumring te zijn aangevraagd, die aan alle eisen voldoet. De burgemeester maakt in de loop van het debat nog bekend, dat hij een vertegenwoordiger van het ministerie van VROM op bezoek heeft gehad, die hem heeft verteld dat de minister persoonlijk van mening is, dat er van luxe koopappartementen geen sprake kan zijn. Gelet op de schaarste aan kantoorgebouwen, moet in ieder geval - volgens de minister - het kantoorgebouw blijven staan en gerenoveerd worden. De wethouder milieu, die zich nu pas in het debat mengt, deelt de raad nog mede, dat het kantoorgebouw waarschijnlijk vroeger is verwarmd met oliestook en dat zijn ambtenaren vermoeden dat er onder of naast het kantoorgebouw nog een olietank in de grond zit, waarvan niet zeker is of die heeft gelekt. Na de raadsvergadering blijkt de heer Jansen de gronden inmiddels te hebben verkocht aan een projectontwikkelaar met uitzondering van een perceel, met de bedoeling daarop een makelaars vvrW7K 1s)!- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag26Vraag26d Zie CASUS onderaan Stel dat de termijn waarbinnen op een aanvraag dient te worden beslist bijna is verstreken en men zou die beslissing willen verdagen. Kan dit en zo ja, door wie? Neen. Ja, door de raad. Ja, door burgemeester en wethouder(s) zonder meer.Op grond van Wonw 46-2 kunnen B&W een beslissing omtrent een aanvraag om bouwvergunning, eenmaal met ten hoogste 6 weken verdagen. Dit ondersteunt antwoord C, maar antwoord D zou het goede antwoord zijn.--yCasus behorende bij de vragen 18 t/m 26 ADELSTAD In de gemeeZ 8X5K7/5==- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag27Vraag27a In welke van de onderstaande regeling(en) zijn de zgn. Energie_prestatienorm(en) ( = energieprestatie van woning(en) en woongebouw(en) ) opgenomen? Het Bouwbesluit. De Bouwverordening. Het Bouwstoffenbesluit.In Wonw 2-1 ( onderdeel van het het zogenoemde Bouwbesluit ) zijn onder meer voorschrift(en) m.b.t. de energiezuinigheid m.b.t. te bouwen woningen, etc., gegeven. Dit ondersteund antwoord A.--y-- Het Brandnormenbesluit.36---------------------------------60 !![Y5KuGUe{y- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag28Vraag28d In welke van de volgende wet(ten) zijn voorschrift(en) opgenomen terzake van het slopen van bestaande opstal(len) ? Uitsluitend in de Woningwet. Uitsluitend in de Wet_milieubeheer. Uitsluitend in de Wet_ruimtelijke_ordening.In de Woningwet is het verboden te slopen .... ( Wonw 7b-2-d ) In Wet_ruimtelijke_ordening 3.20 e.v. ( niet verwarren met de Wet op de ruimtelijke ordening ! ) is regelgeving m.b.t. een sloopvergunning opgenomen. Vanwege de uitdrukking " uitsluitend " zijn de antwoorden A, B en C niet juist. Dus antwoord D.--y-- In zowel de Woningwet als de Wet_ruimtelijke_ordening36---------------------------------60  V[9KQ9K%C- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag30Vraag30bbmZ8K+g!!- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag29Vraag29d Heeft een burger wel eens een aanlegvergunning nodig en zo ja, in welk geval ? Neen Ja, wanneer de raad heeft besloten dat een activiteit - zijnde een bouwactiviteit - vergunningsplichtig is Ja, wanneer burgemeester en wethouder(s) hebben besloten dat een activiteit - niet zijnde een bouwactiviteit - vergunningsplichtig is In Wro 3.3. is bepaald dat het bij een aanlegvergunning om werken, geen bouwwerk(en) zijnde, handelt, waardoor antwoorden B en C ( zijnde een bouwactiviteit ) niet juist zijn. Dus antwoord D. Verder ook nog: Wro 3.26 m.b.t. de weigering van een aanlegvergunning--y-- Ja, wanneer sprake is van het uitvoeren van werken en werkzaamheden die in het bestemmingsplan als vergunningsplichtig zijn aangemerkt36---------------------------------60 Welke van de onderstaande beweringen ten aanzien van een ( globaal ) bestemmingsplan is juist ? In een bestemmingsplan kan de gemeenteraad de wijzigingsplicht aan zich voorbehouden. In een globaal bestemmingsplan kan de gemeenteraad de uitwerkingsplicht aan zich voorbehouden. In een globaal bestemmingsplan kan door de gemeenteraad aan burgemeester en wethouder(s) een uitwerkingsbevoegdheid worden gegeven.Een globaal bestemmingsplan is een bestemmingsplan zonder ( gedetailleerde ) voorschriften, etc. In WRO 11-1 is sprake van een wijzigingsbevoegdheid en een uitwerkingsplicht ( en dus niet van een wijzigingsplicht en uitwerkingsbevoegdheid zoals in de antwoorden A en C ). Daarom vallen antwoorden A en C af. Volgens WRO 11-2 is goedkeuring van GS nodig, dus antwoord D valt af. Dus antwoord B.--y-- In een bestemmingsplan kan door de gemeenteraad worden bepaald dat uitwerkings- of wijzigingsplannen geen goedkeuring van gedeputeerde staten behoeven.36---------------------------------60 x\5K3O9AeC- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag31Vraag31a Door welk bestuursorgaan kan een globaal bestemmingsplan niet worden vastgesteld ? Door burgemeester en wethouders. Door de gemeenteraad. Door gedeputeerde staten.Een globaal bestemmingsplan is een bestemmingsplan zonder ( gedetailleerde ) voorschriften, etc. Volgens WRO 10 kan de gemeenteraad een bestemmingsplan vaststellen, dus antwoord B valt af. In WRO 38-3 is vermeld dat vaststelling kan plaatsvinden door onze minister ( = minister van VROM ), dus antwoord D valt af. In WRO 38-4 is vermeld dat vaststelling kan plaatsvinden door onze GS, dus antwoord C valt af. Dus antwoord A.--y-- Door de minister van VROM.36---------------------------------60 ??=]7KmsYc- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag32Vraag32c Waaraan moet een bouwplan worden getoetst als er een globaal bestemmingsplan geldt, terwijl er nog geen uitwerkingsplan is ? Het bouwplan wordt getoetst aan het streekplan. Het bouwplan wordt getoetst aan het structuurplan. Het bouwplan wordt getoetst aan het globaal bestemmingsplan.Een bouwplan betreft ( een onderdeel van ) een aanvraag om bouwvergunning. Een globaal bestemmingsplan is een bestemmingsplan zonder ( gedetailleerde ) voorschriften, etc. Volgens Wonw 44-1-c moet worden getoetst aan het betreffende bestemmingsplan. Het ontbreken van een uitwerkingsplan speelt geen rol ( die uitdrukking uitwerkingsplan komt in de wet niet voor; wel de uitdrukking uitwerkingsplicht ) Dus antwoord C.--y-- Het bouwplan behoeft niet aan het bestemmingsplan te worden getoetst omdat er nog geen uitwerkingsplan is.36---------------------------------60elijke Ordening medewerking wordt verleend aan de aanleg van een parkeerterrein. Aan welke voorwaarde moet zonder meer zijn voldaan om medewerking te kunnen verlenen ? Voor het betreffende perceel moet een voorbereidingsbesluit zijn genomen. In het geldende bestemmingsplan mag de toepassing van deze vrijstellingsmogelijkheid niet zijn uitgesloten. In het geldende bestemmingsplan moet de toepassing van deze vrijstellingsmogelijkheid expliciet zijn opgenomen.In WRO 17-2 is gesteld dat de toepasselijkheid van dit artikel ( = WRO 17 ) kan worden uitgesloten. Dit ondersteunt antwoord B. In WRO 17 en 18 is niets te vinden omtrent: - voorbereidingsbesluit - expliciete opname van deze vrijstellingsmogelijkheid - verklaring van geen bezwaar van GS Dus niet antwoorden A, C en D. Dus antwoord B.--y-- Gedeputeerde Staten moeten altijd een verklaring hebben afgegeven dat geen bezwaar bestaat tegen de toepassing van deze vrijstellingsmogelijkheid.36---------------------------------60 SS!^9Ke!em]9- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag33Vraag33b Stel dat met toepassing van artikel 17 van de Wet op de Ruimte 11K_7K;g}aSs- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag34Vraag34a Voor schade die eigenaren of pachters door de uitvoering van de werken op grond van de Landinrichtingswet ondervinden bestaat een schaderegeling. Bij wie of welke instantie moet volgens de regeling in de wet primair een verzoek tot een schadevergoeding worden ingediend ? Bij de betreffende landinrichtingscommissie. Bij de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. Bij provinciale staten van de provincie waarin het in te richten gebied geheel of grotendeels is gelegen.De Landinrichtingswet is per 01-01-2007 ingetrokken en vervangen door de Wet_inrichting_landelijk_gebied_(_Wilg_) De landinrichtingscommissie komt in die nieuwe wet niet meer voor. Het juiste antwoord ( destijds ) zou A zijn.--y-- Bij de arrondissementsrechtbank binnen welk rechtsgebied het in te richten gebied geheel of grotendeels is gelegen36---------------------------------60licht een particulier om op verzoek een onroerende zaak te verkopen aan de gemeente. II. De eigenaar van een over te dragen onroerende zaak heeft recht op een naar redelijkheid en billijkheid vast te stellen vergoeding. Wat is juist? De stellingen 1 en II zijn beide juist. De stellingen 1 en II zijn beide onjuist. Stelling 1 is juist en stelling II is onjuist.In art. 10 Wet voorkeursrecht gemeenten is vermeld dat als de verkoper de onroerende zaak wil vervreemden, de gemeente eerst in de gelegeheid moet worden gesteld het betreffende goed te kopen ( dus niet op verzoek van de gemeente ). Daarom stelling I is onjuist. In art. 16 Wet voorkeursrecht gemeenten is vermeld dat m.b.t. de prijs art. 40b - 40f van de Onteigeningswet van toepassing zijn, waarbij in art. 40b van de Onteigeningswet is vermeld dat de werkelijke waarde wordt vergoed. Daarom stelling II onjuist. Beide stellingen onjuist, dus antwoord B.--y-- Stelling 1 is onjuist en stelling II is juist.36---------------------------------60 n*b5K]akek- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag37Vraag37d Gegeven de volgende stellingen betrekking hebbende op de Wet voorkeursrechlI`5KE]akmk- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag35Vraag35b Gegeven de volgende stellingen met betrekking tot de Wet voorkeursrecht gemeenten. I. Deze wet verphBa8KAqOq)- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag36Vraag36c In welke van de hieronder genoemde wettelijke regelingen komt het begrip " verklaring van geen j5K]ake  k - Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag37Vraag37d Gegeven de volgende stellingen betrekklbezwaar ", af te geven door gedeputeerde staten, voor ? Uitsluitend in de Wet op de Ruimtelijke Ordening. Uitsluitend in de Wet op de Ruimtelijke Ordening en in de Woningwet. Zowel in de Wet op de Ruimtelijke Ordening, de Wet voorkeursrecht gemeenten als in de Woningwet.In WRO 16, 19, 36m, 39i, en 55 is sprake van een verklaring van geen bezwaar van gedeputeerde staten. In Wet voorkeursrecht gemeenten is ( in het jaar 2007 ) geen sprake van een verklaring van geen bezwaar van gedeputeerde staten. Dus niet antwoord C. In Wonw 49-2-a-1 , 50, 51 en 51a is sprake van een verklaring van geen bezwaar van gedeputeerde staten. Dus antwoorden A en B vallen af vanwege de utdrukking " uitsluitend ". In het Bouwbesluit is geen sprake van een verklaring van geen bezwaar van gedeputeerde staten. Dus niet antwoord D. Geen enkel antwoord is juist ( in het jaar 2007 ). Antwoord C zou juist zijn.--y-- Zowel in de Wet op de Ruimtelijke Ordening, de Woningwet als het bouwbesluit.36---------------------------------60 0]>kLy,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag34_,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag35`,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag36a,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag37b,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag38c,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag39d,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag40e,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag41f,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag42g,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag43h,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag44i,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag45j,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag46k,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag47l,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag48m,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag49n,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag50o,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag51p,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag52qt gemeenten. I. Voor aanwijzing als bedoeld in artikel 2 komen in aanmerking gronden waaraan bij een structuur- of een bestemmingsplan een agrarische bestemming is toebedacht en waarvan het gebruik afwijkt van dat plan. II. In een op grond van deze wet aangewezen gebied behoeft de verkoper zijn eigendom niet eerst aan te bieden indien de onroerende zaak executoriaal openbaar wordt verkocht. Wat is juist? De stellingen I en II zijn beide juist. De stellingen I en II zijn beide onjuist. Stelling I is juist en stelling II is onjuist.In art. 2-2 Wet voorkeursrecht gemeenten is sprake van niet-agrarische bestemming. Dus stelling I is onjuist. In art. 10-1-e van de Wet voorkeursrecht gemeenten is sprake van dat de verkoper zijn eigendom niet eerst aan de gemeente hoeft aan te bieden indien de onroerende zaak executoriaal openbaar wordt verkocht. Dus stelling II is juist. Daarom antwoord D.--y-- Stelling I is onjuist en stelling II is juist.36---------------------------------60 1 1Xd6K)'c- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag39Vraag39a Wie zijn wettelijk belast met de inzameling van huishoudelijk afval ? De gemeenten. De gewesten. De regionale particuliere inzameldiensten.In Wmb 10.21-1 is geregeld dat de gemeente zorg draagt voor de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. Dus antwoord A.--y-- Door de provincies ingestelde private afvalverwijderingsbedrijven.36---------------------------------60oc5K/#5A ?- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag38Vraag38b Welke van de volgende wetten biedt onder bepaalde voorwaarden fiscale voordelen aan een eigenaar van een bosperceel ter grootte van 20 ha ? De Boswet. De Natuurschoonwet. De Natuurbeschermingswet.De natuurschoonwet is een belastingwet. De andere wetten zijn ruimtelijke ordening wetten of milieuwetten. Daarom antwoord B.--y-- De Wet bodembescherming.36---------------------------------60 "e9K?O- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag40Vraag40c Op welke van de volgende uitgangspunten is het Nederlandse afvalstoffenbeleid gebaseerd? Voorkeur I verbranden - voorkeur II storten - voorkeur III recyclen. Voorkeur I storten - voorkeur II recyclen - voorkeur III verbranden. Voorkeur I recyclen - voorkeur II verbranden - voorkeur III storten. In Wmb 10.4 ( afvalbeheersplan ) is een voorkeursvolgorde betreffende afvalstoffen aangegeven m.b.t. de bescherming van het milieu, waarbij: - Wmb 10.4-c stelt: opnieuw worden gebruikt = recyclen - Wmb 10.4-f stelt: verbranden - Wmb 10.4-g stelt: storten Dus antwoord C.--y-- Voorkeur I storten - voorkeur II verbranden - voorkeur III recyclen.36---------------------------------60 <<@f5Kq!+;sI- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag41Vraag41c Welke van de onderstaande sancties in het kader van het milieurecht hoort in het onderstaande rijtje niet thuis ? Dwangsom. Bestuursdwang. Administratieve boete.In de Wmb bij het begrip handhaving ( Wmb 18 ) kijken. In Wmb 18.6 ( betreft handhaving ) is sprake van bestuursdwang. Dus antwoord B is onjuist. In Wmb 18.6a ( betreft handhaving ) is sprake van last onder dwangsom. Dus antwoord A is onjuist. In Wmb 18.16a ( betreft handhaving ) is sprake van een bestuurlijke boete ( = administratieve boete ). Dus antwoord C is onjuist. In Wmb 8.24 ( betreft vergunningen ) is sprake van intrekking van de vergunning. Dus antwoord D is onjuist. Dus alle antwoorden onjuist. A, B en D kunnen worden opgelegd door de gemeente, en C door de emissieautoriteit, daarom antwoord C is juist.--y-- Intrekking van de vergunning.36---------------------------------60 5K]ak  k - Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag42Vraag42cGegeven de volgende stellingen betrekking hebbende op de Wet milieubeheer. I. Gemeenten zijn op basis van de Wet milieubeheer verplicht een rioleringsplan vast te stellen. II. Met het oog op de bescherming van het milieu zijn gemeenten op basis van het bepaalde in de Wet milieubeheer in beginsel verplicht een algemeen milieubeleidsplan vast te stellen. Wat is juist? De stellingen I en II zijn beide juist. De stellingen I en II zijn beide onjuist. Stelling I is juist en stelling II is onjuist.In Wmb 4.22 ( betreft plannen ) is gesteld dat de gemeenteraad een gemeentelijk rioleringsplan vaststelt. Dus stelling I is juist. In Wmb 4.16 ( betreft plannen ) is gesteld dat de gemeenteraad een gemeentelijk milieubeleidsplan KAN vaststellen ( = dis nietg5K]akk- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag42Vraag42cGege0{ h7Kgi) '- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag43Vraag43d Wat houdt het zo geheten Alara-beginsel in ? Elke milieubelastende activiteit is verboden. Aan milieuvergunningen mogen in principe geen voorschriften worden verbonden. Milieubelastende activiteiten zijn alleen toegestaan als te allen tijde de zogenaamde best bestaande technieken worden toegepast.In Wmb 8.11-3 is het alara-beginsel ( as low as reasonably achievable ) geregeld, waarin de term " te allen tijde " m.b.t. de best beschikbare technieken niet wordt gebezigd. Dus antwoord D.--y-- Milieubelastende activiteiten zijn alleen toegestaan als de best uitvoerbare technieken of de best bestaande technieken worden toegepast.36---------------------------------60Di5K'?- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag44Vraag44d Voorr bedrijf X wordt een aanvraag voor een milieuvergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet milieubeheer ingediend. Vast staat dat de inrichting voor een periode van 10 jaar zal worden gexploiteerd. Het betreft geen inrichting waar ( gevaarlijke ) afvalstoffen worden aangevoerd, be- of verwerkt of verwijderd. Voor welke termijn mag of moet de vergunning worden verleend ? 5 jaar. 10 jaar. 10 jaar met recht op een verlenging van maximaal 5 jaar.In Wmb 8.17-1 is geregeld dat een tijdelijke vergunning voor een periode van maximaal 5 jaar kan worden verleend, indien ...... Antwoord A is n.v.t. en dus onjuist In Wmb 8.17-2 is geregeld dat een tijdelijke vergunning voor een periode van maximaal 10 jaar kan worden verleend als afvalstoffen worden verwijderd of toegepast, en dat is hier n.v.t. Antwoord B is dus onjuist Antwoord C komt in de Wmb niet voor en is dus onjuist. Dus antwoord D is juist. --y-- Voor onbepaalde termijn.36---------------------------------60 +k9K7I{Ko- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag46Vraag46b In welk van de onderstaande gevallen is sprake van verkrijging van de economische eigendom in de zin van de overdrachtsbelasting ? Indien een ander dan de eigenaar of beptYj5K{ESmM- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag45Vraag45b Komt in de milieuwetgeving een algemene zorgplichtbepaling voor het milieu in totaliteit voor en zo ja, in welke wet ? Neen. Ja, in de Wet milieubeheer. Ja, in de Wet gevaarlijke stoffen.In Wmb 1.1a-1 en 1.1a-2 is geregeld dat een ieder voldoende zorg voor het milieu in acht neemt. Dus antwoord B.--y-- Ja, in de Wet bodembescherming.36---------------------------------609K7I{K  o - Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag46Vraag46b In welk van de onderstaande gevallen is sprake van verkrijging van de economische eigendom in de zin van de overdrachtsbelasting ? Indterkt gerechtigde een belang bij een onroerende zaak krijgt dat tenminste enig risico van tenietgaan omvat. Indien een ander dan de eigenaar of beperkt gerechtigde een belang bij een onroerende zaak krijgt dat tenminste enig risico van waardeverandering omvat. Indien een ander dan de eigenaar of beperkt gerechtigde een belang bij een onroerende zaak krijgt dat zowel tenminste enig risico van waardeverandering als van tenietgaan omvat. In art. 2 van de Wet op belastingen van rechtsverkeer is het begrip economische eigendom geregeld, en dat onder meer stelt: ..... Het belang omvat ten minste enig risico van waardeverandering en komt toe aan een ander dan de eigenaar of beperkt gerechtigde. ...... Dus antwoord B.--y-- Indien een ander dan de eigenaar of beperkt gerechtigde een belang bij een onroerende zaak krijgt waarbij hem of haar tenminste het recht op levering van die onroerende zaak op bepaalde termijn en/of onder bepaalde voorwaarden toekomt. 36---------------------------------60 66m6Kky- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag48Vraag48d ZivWl5K737;CC- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag47Vraag47a Op basis van welk van onderstaande plannen kunnen gronden niet onteigend worden in het belang van de volkshuisvesting en de ruimtelijke ordening? Een structuurplan. Een bestemmingsplan. Een concreet bouwplan.Onteigening in het belang van de volkshuisvesting en de ruimtelijke ordening is geregeld in de art. 77 e.v. van de Onteigeningswet. In art. 77-1-1 van de Onteigeningswet wordt een bestemmingsplan genoemd. Dus antwoord B valt af. Een stadsvernieuwingsplan valt ook onder een bestemmingsplan. Dus antwoord D valt af. In art. 77-1-2 van de Onteigeningswet wordt een bouwplan genoemd. Dus antwoord C valt af. Een structuurplan wordt niet genoemd. Dus antwoord A is juist.--y-- Een stadsvernieuwingsplan.36---------------------------------60e CASUS onderaan Ten belope van welk percentage dient B de onroerende zaak tenminste te gebruiken voor doeleinden waarvoor recht op aftrek van voorbelasting bestaat, teneinde tot een belaste huur en verhuur over te kunnen gaan? 0% 30% 50% In art. 11-1-b-5 is onder meer gesteld: ..... voor doeleinden waarvoor een volledig of nagenoeg volledig recht op aftrek van de belasting op voet van art. 15 ( van de Wet op de omzetbelasting 1968 ) bestaat .... Dus antwoord D.--y Casus belaste verhuur behorend bij de opgaven 48 t/m 52. Ondernemer A verhuurt met ingang van 1 januari 2000 een bedrijfshal met ondergrond aan ondernemer B. Beiden zijn ondernemers in de zin van de Wet op de omzetbelasting. A wenst de door hem betaalde en nog te betalen omzetbelasting in aftrek te nemen en wenst aldus belast te verhuren. B heeft hier geen bezwaren tegen. - 90%36---------------------------------60xa Zie CASUS onderaan Teneinde tot belaste verhuur over te kunnen gaan dient B bij het optieverzoek dan wel, indien wordt afgezien van een optieverzoek, bij de huurovereenkomst, een verklaring af te geven. Wat dient deze verklaring te bevatten ? Dat hij de onroerende zaak gebruikt voor doeleinden waarvoor geheel of nagenoeg geheel recht op aftrek van voorbelasting op de voet van artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting bestaat. Dat hij de onroerende zaak gebruikt voor doeleinden waarvoor mede recht op aftrek van voorbelasting op de voet van artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting bestaat. Dat hij de onroerende zaak gebruikt voor doeleinden waarvoor in belangrijke mate recht op aftrek van voorbelasting op de voet van artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting bestaat.In art. 11-1-b-5 is onder meer gesteld: ..... voor doeleinden waarvoor een volledig of nagenoeg volledig recht op aftrek van de belasting op voet van art. 15 ( van de Wet op de omzetbelasting 1968 ) bestaat .... Zie ook: art. 6a-2 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 waarin is vermeld dat een verklaring moet worden overlegd waaruit blijkt dat de zaak wordt gebruikt voor doeleinden waarvoor een volledig of nagenoeg volledig recht op aftrek van de belasting op voet van art. 15 ( van de Wet op de omzetbelasting 1968 ) bestaat Dus antwoord A. --y Casus belaste verhuur behorend bij de opgaven 48 t/m 52. Ondernemer A verhuurt met ingang van 1 januari 2000 een bedrijfshal met ondergrond aan ondernemer B. Beiden zijn ondernemers in de zin van de Wet op de omzetbelasting. A wenst de door hem betaalde en nog te betalen omzetbelasting in aftrek te nemen en wenst aldus belast te verhuren. B heeft hier geen bezwaren tegen. - Dat hij de onroerende zaak gebruikt voor doeleinden waarvoor grotendeels recht op aftrek van voorbelasting op de voet van artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting bestaat.36---------------------------------60 _p8Kmi { - Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag51Vraag51c Zie CASUS onderaan Indien A en B van de wettelijke vrijstelling van omzetbelasting voor de verhuur van onroerende zaken { o7K5]y3- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag50Vraag50c Zie CASUS onderaan A en B kunnen belast verhuren zonder daartoe een optieverzoek bij de inspecteur in te dienen. De verklaring als in de voorgaande vraag bedoeld dient alsdan bij de huurovereenkomst te worden gevoegd. Welk van onderstaande gegevens behoeft in dat geval niet dwingend in de huurovereenkomst te worden opgenomen ? De ingangsdatum van de belaste verhuur. De datum van aanvang van het boekjaar van de huurder. De datum van aanvang van het boekjaar van de verhuurder.In art. 6a-2 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968z-n:K co- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag49Vraag49w is gesteld dat dient te worden vermeld: - kadastrale aanduiding; dus antwoord D vervalt - datum van aanvang van het boekjaar van de huurder; dus antwoord B vervalt In art. 6a-2 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 wordt de ingangsdatum genoemd; dus antwoord A vervalt Het gaat bij opteren voor belaste verhuur dus om welke type prestaties ( met BTW belast, of BTW onbelast ) een huurder in het gehuurde gaat verrichten; het gaat dus niet om de verhuurder. Dus antwoord C is juist.--y Casus belaste verhuur behorend bij de opgaven 48 t/m 52. Ondernemer A verhuurt met ingang van 1 januari 2000 een bedrijfshal met ondergrond aan ondernemer B. Beiden zijn ondernemers in de zin van de Wet op de omzetbelasting. A wenst de door hem betaalde en nog te betalen omzetbelasting in aftrek te nemen en wenst aldus belast te verhuren. B heeft hier geen bezwaren tegen. - Een omschrijving van de onroerende zaak met plaatselijke en kadastrale aanduiding.36---------------------------------60wensen af te zien door middel van een optieverzoek aan de inspecteur, wanneer moet dit verzoek dan uiterlijk worden ingediend om tegelijk met de huurovereenkomst te kunnen ingaan ? Vr de ingangsdatum van de huurovereenkomst. Op de ingangsdatum van de huurovereenkomst. Binnen drie maanden na de ingangsdatum van de huurovereenkomst.In 2007 zijn in de Wet op de omzetbelasting 1968 en in de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 geen gegevens daaromtrent te vinden. Het juiste antwoord zou ( destijds ) C zijn.--y Casus belaste verhuur behorend bij de opgaven 48 t/m 52. Ondernemer A verhuurt met ingang van 1 januari 2000 een bedrijfshal met ondergrond aan ondernemer B. Beiden zijn ondernemers in de zin van de Wet op de omzetbelasting. A wenst de door hem betaalde en nog te betalen omzetbelasting in aftrek te nemen en wenst aldus belast te verhuren. B heeft hier geen bezwaren tegen. - Binnen zes maanden na de ingangsdatum van de huurovereenkomst.36---------------------------------60zoek ? Bij wijziging van de persoon van de verhuurder. Bij wijziging van de persoon van de huurder. Vijf jaar na ingang van de huur en verhuur.In art. 6a-2 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 is gesteld dat de huurder de betreffende verklaring moet overleggen. Het gaat bij opteren voor belaste verhuur dus om welke type prestaties ( met BTW belast, of BTW onbelast ) een huurder in het gehuurde gaat verrichten; het gaat dus niet om de verhuurder. Het verzoek geldt zolang de huurder dezelfde persoon is. Het juiste antwoord is B.--y Casus belaste verhuur behorend bij de opgaven 48 t/m 52. Ondernemer A verhuurt met ingang van 1 januari 2000 een bedrijfshal met ondergrond aan ondernemer B. Beiden zijn ondernemers in de zin van de Wet op de omzetbelasting. A wenst de door hem betaalde en nog te betalen omzetbelasting in aftrek te nemen en wenst aldus belast te verhuren. B heeft hier geen bezwaren tegen. - Tien jaar na ingang van de huur en verhuur.36---------------------------------60 y5r5K+]ak_k- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag53Vraag53c Gegeven de volgende stellingen. I. Voor onteigening in het belang van de volksh~{q6KOmge7e- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag52Vraag52b Zie CASUS onderaan In welk van de onderstaande gevallen eindigt de belaste verhuur zonder meer, een en ander onverminderd de mogelijkheid om bij het voldoen aan de voorwaarden voor belaste verhuur hernieuwd te opteren of belast te verhuren onder het afzien van een optiever|uisvesting en de ruimtelijke ordening zijn altijd twee procedures nodig: de bestuurlijke en vervolgens de gerechtelijke. II. Tegen besluiten op grond van de Onteigeningswet kan men binnen veertien dagen in beroep gaan op grond van bepalingen in de Algemene wet bestuursrecht. Wat is juist? De stellingen I en II zijn beide juist. De stellingen I en II zijn beide onjuist. Stelling I is juist en stelling II is onjuist.In art. 17 van de Onteigeningswet is sprake van dat hetgeen onteigend moet worden bij minnelijke overeenkomst kan geschieden ( dan dus geen gerechtelijke procedure nodig ). In de betreffende artikelen 77 e.v. wordt echter over een minnelijke overeenkomst niets gezegd. Dus stelling I is juist. In art. 66-11 van de Onteigeningswet is gesteld dat tegen het vonnis van onteigening geen verzet, hoger beroep of cassatie is toegelaten. Dus stelling II is onjuist. Dus antwoord C is juist.--y-- Stelling I is onjuist en stelling II is juist.36---------------------------------60  s7K1WqA}- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag54Vraag54a Indien in het kader van artikel 10 Wet voorkeursrecht gemeenten tijdens de onderhandelingen tussen de verkoper en de gemeente gn overeenstemming kan worden bereikt over de prijs heeft dit tot gevolg dat de gemeente af kan zien van aankoop. de rechtbank altijd een definitief besluit neemt. de gemeente de onroerende zaak moet aankopen voor de door de verkoper vastgestelde prijs.In art. 17-1 van de Wet voorkeursrecht gemeenten is geregeld dat de gemeente van de aankoop kan afzien. Dus antwoord A.--y-- de rechtbank altijd een commissie van drie onafhankelijke deskundigen zal benoemen teneinde advies over de prijs uit te brengen.36---------------------------------60 aanmerking. Van planschade is alleen sprake als de schade wordt veroorzaakt door een onrechtmatig door het gemeentebestuur vastgestelde planologische maatregel.Planschade is een gevolg van een vaststelling / herziening van een bestemmingsplan hetwelk op zich een rechtmatige overheidsdaad is. Dus antwoord C is onjuist. Bij de berekening van de planschade wordt WEL rekening gehouden met de voordelen die de schadeveroorzakende maatregel voor de aanvrager meebrengt. Dus antwoord D is onjuist. Een herziening van een uitwerkingsplan is een onderdeel / bepaling van een bestemmingsplan en volgens WRO 49-1-a is dat van belang voor de bepaling van de planschade. Volgens WRO 49-1-f kan planschadevergoeding aanvullend worden gegeven indien de vergoeding voor de aankoop onvoldoende is geweest. Dus antwoord A is juist. --y-- Bij de berekening van de planschade wordt geen rekening gehouden met de voordelen die de schadeveroorzakende maatregel voor de aanvrager meebrengt.36---------------------------------60 MM't9KCm=9;- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag55Vraag55a Welke van onderstaande beweringen omtrent planschade in de ruimtelijke ordening is juist ? Planschadevergoeding kan aanvullend worden gegeven indien de vergoeding voor de aankoop onvoldoende is geweest. Schade ten gevolge van een herziening van een uitwerkingsplan op grond van artikel 11 WRO komt niet voor vergoeding in  Iu9KY 'i#)- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag56Vraag56d Welke van onderstaande beweringen met betrekking tot het gestelde in de Drank-en Horecawet is juist ? De wet richt zich ook op de verkoop van alcoholvrije dranken. De wet richt zich ook op het gratis verstrekken van alcoholhoudende dranken. Voor het bedrijfsmatig verstrekken van wijn voor gebruik elders dan ter plaatse is een slijtvergunning nodig.In de considerans van de Drank- en horecawet staat onder meer: .... het verstrekken van alcoholhoudende drank zowel uit sociaal-hyginisch als uit sociaal-economisch oogpunt ..... Dus antwoord D.--y-- De wet stelt vanuit een sociaal-hyginisch en sociaal-economisch oogpunt regels ten aanzien van het verstrekken van alcoholhoudende drank.36---------------------------------60 ;hIt$P|,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag54s,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag55t,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag56u,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag57v,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag58w,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag59x,K- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag60y*I- Examen Publiekrecht 2001 - IExamenz+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag01{+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag02|+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag03}+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag04~+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag05+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag06+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag07+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag08+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag09trument om dreigende achteruitgang van woon- en werkomstandigheden in daartoe aangewezen gebieden tegen te gaan of te stoppen. II. Deze vormt de grondslag voor een toekomstige onteigening in het belang van de volkshuisvesting en de ruimtelijke ordening. Wat is juist? De stellingen I en II zijn beide juist. De stellingen I en II zijn beide onjuist. Stelling I is juist en stelling II is onjuist.In art. 9 van de WSDV is vermeld dat: een leefmilieuverordening strekt tot wering van dreigende en tot stuiting van reeds ingetreden achteruitgang van de woon- en werkomstandigheden in en het uiterlijk aanzien van het bij die verordening aangewezen gebied of de daarbij aangewezen gebieden Dus stelling I is juist Voor stelling II is geen grondslag te vinden in art. 3, of verder in afdeling 3 ( regelt de leefmilieuverordening ) van de WSDV Dus stelling II is onjuist Dus antwoord C.--y-- Stelling I is onjuist en stelling II is juist.36---------------------------------60ingsplan kunnen twee bestemmingen gegeven worden voor n perceel. Wat is juist? De stellingen I en II zijn beide juist. De stellingen I en II zijn beide onjuist. Stelling I is juist en stelling II is onjuist.In art. 10 van de WRO is onder meer gesteld dat: - de bestemming van de in het plan begrepen grond wordt aangewezen - voorschriften worden gegeven omtrent het gebruik van de in het plan begrepen grond en de zich daarop bevindende opstallen - dus voor een gebouw / opstal kan alleen een gebruiksvoorschrift worden gegeven en geen bestemming want dat is voor grond Dus stelling I is onjuist - opmerking: echter, als wordt bedoeld dat verschillende bouwlagen verschillende gebruiken kunnen hebben dan is stelling I juist Stelling II is juist Dus antwoord D is juist en indien de opmerking bij stelling I juist zou zijn is ook antwoord A juist.. Het goede antwoord zou A zijn.--y-- Stelling I is onjuist en stelling II is juist.36---------------------------------60 "$"$vy8KOK93- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag60Vraag60c Wat is juist met betrekking tot de gelding van een leefmilieuverordening als bedoeld in de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing ? De geldigheidsduu_z3I   - Examen Publiekrecht 2001 - IExamenExamenyAex5Km]ak}k- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag59Vraag59b Gegev!w5K9]ak)k- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag58Vraag58a Gegeven de volgende stellingen met betrekking tot een bestemmingsplan. I. In een bestemmingsplan kunnen verschillende bouwlagen verschillende bestemmingen krijgen. II. In een bestemmPv5K']akk- Examen Publiekrecht 2000 - IIVraag57Vraag57c Gegeven de volgende stellingen met betrekking tot de leefmilieuverordening. I. Deze verordening is een insen de volgende stellingen met betrekking tot een bestemmingsplan. I. Een bestemmingsplan bepaalt welke bestemmingen waar zijn toegestaan en houdt een verplichting tot uitvoering in. II. Een bestemmingsplan wordt vastgesteld door de gemeenteraad, terwijl de op het bestemmingsplan gebaseerde uitwerkingsplannen uitsluitend vastgesteld worden door het college van burgemeester en wethouders. Wat is juist? De stellingen I en II zijn beide juist. De stellingen I en II zijn beide onjuist. Stelling I is juist en stelling II is onjuist.Volgens WRO 10 regelt een bestemmingsplan de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden en het gebruik van die gronden en de zich daarop bevindende opstallen. Er is geen uitvoeringsplicht. Dus stelling I is onjuist. Volgens WRO 11-1 kan de gemeenteraad de bevoegdheid m.b.t. het uitwerkingsplan aan zich zelf voorbehouden. Dus stelling II is onjuist. Dus antwoord B.--y-- Stelling I is onjuist en stelling II is juist.36---------------------------------60r is onbeperkt. Deze kan niet worden uitgevaardigd voor een gebied waarvoor een bestemmingsplan van kracht is. Planologische maatregelen die gelden in het gebied waarvoor een dergelijke verordening tot stand is gekomen, blijven - behoudens intrekking - van kracht voor zover zij niet in strijd zijn met die verordening. In art. 30-1 van de WSDV is gesteld dat de termijn / gelding van een leefmilieuverordening ten hoogste 5 jaar bedraagt. Daarmee vervalt antwoord A. In afdeling 3 van de WSDV is niets m.b.t. een bestemmingsplan vermeld. Daarmee vervalt antwoord B. In art. 16 WSDV is gesteld wat bij antwoord C is vermeld. Dit ondersteunt antwoord C. Antwoord D is in strijd met Art. 16 van de WSDV. Dus antwoord D in onjuist. Dus antwoord C is juist. --y-- Omdat een dergelijke verordening is gebaseerd op een lex specialis vervallen van rechtswege alle planologische maatregelen die gelden in het gebied waarvoor een dergelijke verordening tot stand is gekomen. 36---------------------------------60 zz{7Ii}/?    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag01Vraag01bDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris_van_de_Koningin, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 ) In Gemw 180-1 is gesteld dat de burgemeester aan de raad verantwoording is verschuldigd over het door hem gevoerde bestuur. Het meest juiste antwoord is daarom by-3861 gemeente met een inwonertal van ruim 47.000 telt 27 leden. Deze wordt voorgezeten door de door de Kroon benoemde burgemeester. Een van de gemeenteraadsleden is tevens ambtenaar bestuurlijke zaken in een naburige - andere - gemeente. Het aantal raadsvergaderingen is in principe vrij, maar wettelijk zijn deze beperkt tot n maal per veertien dagen.TweeDrieVier- De raad van een gemeente met een inwonertal van ruim 47.000 telt 29 ( en geen 27 ) leden ( Gemw 8 ) - het gestelde is dus ONJUIST - De raad wordt voorgezeten door de burgemeester ( Gemw 9 ) die is benoemd door de Kroon bij Koninklijk_Besluit ( Gemw 61-1 ) - het gestelde is dus JUIST - Een gemeneteraadslid mag ambtenaar zijn in een naburige gemeente, want dat is niet verboden volgens Gemw 13-1 - het gestelde is dus JUIST - De raad vergadert zo vaak als hij daartoe heeft besloten, er is dus geen beperking ( Gemw 17 ) - het gestelde is dus ONJUIST In totaal dus twee onjuistheden. Het meest juiste antwoord is daarom ay-3861 ..4}5Ia))5q    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag03Vraag03bEen keur is een besluit met algemeen verbindende voorschriften. In welke wet komt deze regelgeving voor ?MeststoffenwetWaterschapswetWet bodembeschermingKeur staat niet de index van de Kluwer wettenbundel. Een keur is een verordening met een strafbepaling, van een waterschap ( Wschw 75 ev ) Het meest juiste antwoord is daarom by-3861|5I)%    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag02Vraag02aIn onderstaande casus wordt een aantal opmerkingen geplaatst, welke pertinent onjuist zijn. Hoeveel van deze pertinente onjuistheden komen in dit stuk voor ? De raad van een  { 8Iy     - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag05Vraag05aZi~8Iie    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag04Vraag04bWelke van onderstaande beweringen met betrekking tot het instellen van beroep als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht is juist ?Het instellen van beroep tegen een besluit van een overheidsorgaan heeft in beginsel altijd schorsende werkingHet instellen van beroep tegen een besluit van een overheidsorgaan heeft in beginsel geen schorsende werkingUitsluitend tijdens de beroepsfase kan bij de president van de rechtbank een verzoek om voorlopige voorziening worden gedaanZie bij: Algemene bepalingen over bezwaar en beroep ( Awb 6:1 ev ) Bezwaar of beroep hebben geen schorsende werking ( Awb 6:16 ); dit ondersteunt antwoord b Een verzoek om voorlopige voorziening kan ook tijdens het maken van bezwaar worden gedaan; dus ondergraaft antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom by-3861jn burgemeester en wethouders verplicht om in hun besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom te wijzen op de mogelijkheid om daartegen al dan niet in rechte op te komen ?Ja, omdat de Algemene wet bestuursrecht dat dwingend voorschrijftNeen, burgemeester en wethouders zijn daartoe niet verplicht , omdat in de Wet milieubeheer duidelijk staat welke beroepsmogelijkheden er zijn en een ieder geacht wordt de wet te kennenJa, zij zijn daartoe verplicht op grond van jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in zaken welke op de toepassing van de Wet milieubeheer betrekking hebbenDe vraag gaat niet alleen over de Wet milieubeheer, maar is algemener; dit ondergraaft antwoorden b en c In Awb 3:45 is gesteld dat als tegen een besluit bezwaar kan worden ingesteld of beroep kan worden ingesteld, zulks bij de bekendmaking of mededeling van het besluit wordt gemeld. Het meest juiste antwoord is daarom a y-3861 u#9II!a+ /  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag08Vraag08aZie CASUS onderaan Is de mededeling van burgemeester en wethouders dat tegen hun besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom beroep openstaat bij de Afdeling bestuursrechtspraak juist ?Nee,{9IC/A )  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag07Vraag07aZie CASUS onderaan Hoe moet de5I}!'    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag06Vraag06aHet gegeven dat de overdrager bevoegd blijft een overgedragen bevoegdheid zelf te blijven uitoefenen is kenmerkend voor:MandaatDelegatieAttributieIn Awb 10:7 is gesteld dat de mandaatgever bevoegd blijft de gemandateerde bevoegdheid uit te oefenen. Het meest juiste antwoord is daarom ay-3861 voorbereiding van een besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom gebeuren om te voorkomen dat het besluit door de rechter zal worden vernietigd ?De voorbereiding moet in ieder geval gebeuren met inachtneming van de wettelijke hoorplichtAan de voorbereiding van een dergelijk besluit zijn volgens de Wet milieubeheer en de Algemene wet bestuursrecht geen bijzondere regels verbondenBurgemeester en wethouders moeten ingevolge de Algemene wet bestuursrecht vooraf de inspecteur milieuhygine toestemming vragen voor een dergelijk besluitIn Awb 4:8 is gesteld dat: - voordat een bestuursorgaan een beschikking geeft waartegen een belanghebbende die de beschikking niet heeft aangevraagd naar verwachting bedenkingen zal hebben, stekt het die belanghebbende in de gelegenheid zijn zienswijze naar voren te brengen. Dit is de wettelijke hoorplicht ( Awb 4:8 ) Het meest juiste antwoord is daarom ayCASUS voor de vragen 7-10 Een inrichting is zonder de vereiste milieuvergunning in bedrijf. Orderneming PQR heeft de inrichting in werking. Hij huurt het gebouw via makelaardij XYZ van projectontwikkelaar ABC. Burgemeester en Wethouders hebben in een eerder stadium schriftelijk aan projectontwikkelaar ABC laten weten dat zij in principe bereid zijn een milieuvergunning te verlenen, mits het vermogen van de apparatuur niet meer dan 125 kW zal bedragen. Onderneming PQR dient daarna op 4 november 1999 een formeel verzoek om een milieuvergunning in. Bij een controle op 2 februari 2000 in verband met de behandeling van dit formele verzoek om milieuvergunning wordt geconstateerd dat in de inrichting apparatuur staat met een gezamenlijk vermogen van meer dan 155 kW. Hoewel de toezichthoudende ambtenaren aangeven dat er geen sprake is van een spoedeisend belang of van een niet te dulden situatie, geven zij ondernemer PQR mondeling aan dat hij een last onder dwangsom krijgt van f 1.500,- per dag. De toezichthoudende ambtenaren rapporteren op 24 april 2000 schriftelijk aan het college van burgemeester en wethouders. Naar aanleiding van de rapportage besluiten burgemeester en wethouders op 2 mei 2000 om aan projectontwikkelaar ABC en makelaardij XYZ beide een last onder dwangsom op te leggen van f 1.500,- voor elke dag dat zonder een geldige milieuvergunning apparatuur met een gezamenlijk vermogen van meer dan 125 kW in de inrichting aanwezig en in werking is. Burgemeesters en wethouders geven in hun besluit ook aan dat zij, indien de dwangsom is verbeurd en gend en de overtreding desondanks voortduurt, zonder nadere waarschuwing bestuursdwang zullen toepassen. Burgemeester en wethouders sturen een kopie van hun besluit aan ondernemer PQR. In het besluit waarbij de last onder dwangsom wordt opgelegd wijzen burgemeester en wethouders er op, dat tegen hun besluit beroep open staat bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken nadat het besluit ingevolge de Wet milieubeheer bij een openbare kennisgeving in een ter plaatse verschijnend nieuwsblad is gepubliceerd.-3861 omdat tegen een dergelijk besluit eerst de bezwaarschriften procedure moet worden gevolgdJa, omdat een last onder dwangsom in gevallen waarin het gaat om overtredingen van de Wet milieubeheer op grond van die wet wordt opgelegdJa, omdat tegen alle besluiten die op grond van de Wet milieubeheer worden genomen rechtstreeks beroep op de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State openstaatEen last onder dwangsom is een beschikking van het bevoegd gezag. In Wmb 18.6 en 18.6a is gesteld dat op bestuursdwang en op last onder dwangsom in het kader van de Wmb, de artikelen Awb 5:32 t / m 5:35 van toepassing zijn. Tegen een beschikking kan bezwaar worden gemaakt ; dit ondersteund antwoord a In Wmb 20.1 is gesteld dat beroep bij de ARRvS niet voor alle besluiten geldt; dit ondergraaft antwoord c. Antwoord b wordt ontkracht door de toelichting hierboven m.b.t. antwoord a. Het meest juiste antwoord is daarom ayCASUS voor de vragen 7-10 Een inrichting is zonder de vereiste milieuvergunning in bedrijf. Orderneming PQR heeft de inrichting in werking. Hij huurt het gebouw via makelaardij XYZ van projectontwikkelaar ABC. Burgemeester en Wethouders hebben in een eerder stadium schriftelijk aan projectontwikkelaar ABC laten weten dat zij in principe bereid zijn een een milieuvergunning te verlenen, mits het vermogen van de apparatuur niet meer dan 125 kW zal bedragen. Onderneming PQR dient daarna op 4 november 1999 een formeel verzoek om een milieuvergunnign in. Bij een controle op 2 februari 2000 in verband met de behandeling van dit formele verzoek om milieuvergunning wordt geconstateerd dat in de inrichting apparatuur staat met een gezamenlijk vermogen van meer dan 155 kW. Hoewel de toezichthoudende ambtenaren aangeven dat er geen sprake is van een spoedeisend belang of van een niet te dulden situatie, geven zij ondernemer PQR mondeling aan dat hij een last onder dwangsom krijgt van f 1.500,- per dag. De toezichthoudende ambtenaren rapporteren op 24 april 2000 schriftelijk aan het college van burgemeester en wethouiders. Naar aanleiding van de rapportage besluiten burgemeester en wethouders op 2 mei 2000 om aan projectontwikkelaar ABC en makelaardij XYZ beide een last onder dwangsom op te leggen van f 1.500,- voor elke dag dat zonder een geldige milieuvergunning apparatuur met een gezamenlijk vermogen van meer dan 125 kW in de inrichting aanwezig en in werking is. Burgemeesters en wethouders geven in hun besluit ook aan dat zij, indien de dwangsom is verbeurd en gend en de overtreding desondanks voortduurt, zonder nadere waarschuwing bestuursdwang zullen toepassen. Burgemeester en wethouders sturen een kopie van hun besluit aan ondernemer PQR. In het besluit waarbij de last onder dwangsom wordt opgelegd wijzen burgemeester en wethouders er op, dat tegen hun besluit beroep open staat bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken nadat het besluit ingevolge de Wet milieubeheer bij een openbare kennisgeving in een ter plaatse verschijnend nieuwsblad is gepubliceerd.-3861eggen van een dwangsom juist ?Ja, omdat een dergelijk bedrag overeenkomt met de bedragen die zijn vermeld op een lijst van de Ministers van VROM en JustitieNeen, omdat een overtreding van een voorschrift ingevolge de Wet milieubeheer een economisch delict is en burgemeester en wethouders op grond daarvan verplicht zijn een veel hoger bedrag op te leggenNeen, omdat bij het opleggen van een last onder dwangsom niet alleen een bedrag per dag, maar ook een totaal maximum bedrag moet worden vastgesteld en een termijn moet worden gesteldIn Wmb 18.6 en 18.6a is gesteld dat op bestuursdwang en op last onder dwangsom in het kader van de Wmb, de artikelen Awb 5:32 t / m 5:35 van toepassing zijn. In Awb 5:32 zijn geen vaste bedragen vermeld. In Awb 5.32-4 is gesteld dat een maximum bedrag dient te worden vastgesteld. In Awb 5.32-5 is gesteld dat een termijn dient te worden gesteld. Het meest juiste antwoord is daarom cyCASUS voor de vragen 7-10 Een inrichting is zonder de vereiste milieuvergunning in bedrijf. Orderneming PQR heeft de inrichting in werking. Hij huurt het gebouw via makelaardij XYZ van projectontwikkelaar ABC. Burgemeester en Wethouders hebben in een eerder stadium schriftelijk aan projectontwikkelaar ABC laten weten dat zij in principe bereid zijn een een milieuvergunning te verlenen, mits het vermogen van de apparatuur niet meer dan 125 kW zal bedragen. Onderneming PQR dient daarna op 4 november 1999 een formeel verzoek om een milieuvergunnign in. Bij een controle op 2 februari 2000 in verband met de behandeling van dit formele verzoek om milieuvergunning wordt geconstateerd dat in de inrichting apparatuur staat met een gezamenlijk vermogen van meer dan 155 kW. Hoewel de toezichthoudende ambtenaren aangeven dat er geen sprake is van een spoedeisend belang of van een niet te dulden situatie, geven zij ondernemer PQR mondeling aan dat hij een last onder dwangsom krijgt van f 1.500,- per dag. De toezichthoudende ambtenaren rapporteren op 24 april 2000 schriftelijk aan het college van burgemeester en wethouiders. Naar aanleiding van de rapportage besluiten burgemeester en wethouders op 2 mei 2000 om aan projectontwikkelaar ABC en makelaardij XYZ beide een last onder dwangsom op te leggen van f 1.500,- voor elke dag dat zonder een geldige milieuvergunning apparatuur met een gezamenlijk vermogen van meer dan 125 kW in de inrichting aanwezig en in werking is. Burgemeesters en wethouders geven in hun besluit ook aan dat zij, indien de dwangsom is verbeurd en gend en de overtreding desondanks voortduurt, zonder nadere waarschuwing bestuursdwang zullen toepassen. Burgemeester en wethouders sturen een kopie van hun besluit aan ondernemer PQR. In het besluit waarbij de last onder dwangsom wordt opgelegd wijzen burgemeester en wethouders er op, dat tegen hun besluit beroep open staat bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken nadat het besluit ingevolge de Wet milieubeheer bij een openbare kennisgeving in een ter plaatse verschijnend nieuwsblad is gepubliceerd.-3861 "@9Ii+W9 3  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag10Vraag10cZie CASUS onderaan Ondernemer PQR stelt daags na de mondelinge aanzegging tot het opleggen van een last onder dwangsom door de toezichthoudende ambtenaren daartegen beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Welke uitspraak zal op het beroep moeten volgen ? Einde casusDe Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zal het beroep van de ondernemer PQR ter behandeling terugverwijzen naar de desbetreffende sector bestuursrecht van de bevoegde aJ9I) y /  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag09Vraag09cZie CASUS onderaan Is het besluit van de burgemeester en wethouders inzoverre het betrekking heeft op het oplrrondissementsrechtbankDe Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zal het beroep van ondernemer PQR niet ontvankelijk verklaren, omdat alleen projectontwikkelaar ABC als eigenaar van het gebouw belanghebbende is en ondernemer PQR dat niet isDe Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zal het beroep van ondernemer PQR doorzenden aan burgemeester en wethouders; deze zullen ondernemer PQR in zijn bezwaar niet ontvankelijk verklarenEen mondeling aanzegging is geen besluit en geen beschikking, want die zijn schriftelijk. Er is dus nog geen besluit genomen / beschikking uitgevaardigd, en er kan dus nog geen bezwaar tegen worden gemaakt. De ARRvS weet daar niet van maar zal vanwege de doorzendplicht, het beroep doorzenden naar B&W ( = in deze het bevoegd gezag ). B&W zullen het bezwaar niet ontvankelijk verklaren want er is geen beschikking uitgevaardigd. Het meest juiste antwoord is daarom cyCASUS voor de vragen 7-10 Een inrichting is zonder de vereiste milieuvergunning in bedrijf. Orderneming PQR heeft de inrichting in werking. Hij huurt het gebouw via makelaardij XYZ van projectontwikkelaar ABC. Burgemeester en Wethouders hebben in een eerder stadium schriftelijk aan projectontwikkelaar ABC laten weten dat zij in principe bereid zijn een een milieuvergunning te verlenen, mits het vermogen van de apparatuur niet meer dan 125 kW zal bedragen. Onderneming PQR dient daarna op 4 november 1999 een formeel verzoek om een milieuvergunnign in. Bij een controle op 2 februari 2000 in verband met de behandeling van dit formele verzoek om milieuvergunning wordt geconstateerd dat in de inrichting apparatuur staat met een gezamenlijk vermogen van meer dan 155 kW. Hoewel de toezichthoudende ambtenaren aangeven dat er geen sprake is van een spoedeisend belang of van een niet te dulden situatie, geven zij ondernemer PQR mondeling aan dat hij een last onder dwangsom krijgt van f 1.500,- per dag. De toezichthoudende ambtenaren rapporteren op 24 april 2000 schriftelijk aan het college van burgemeester en wethouiders. Naar aanleiding van de rapportage besluiten burgemeester en wethouders op 2 mei 2000 om aan projectontwikkelaar ABC en makelaardij XYZ beide een last onder dwangsom op te leggen van f 1.500,- voor elke dag dat zonder een geldige milieuvergunning apparatuur met een gezamenlijk vermogen van meer dan 125 kW in de inrichting aanwezig en in werking is. Burgemeesters en wethouders geven in hun besluit ook aan dat zij, indien de dwangsom is verbeurd en gend en de overtreding desondanks voortduurt, zonder nadere waarschuwing bestuursdwang zullen toepassen. Burgemeester en wethouders sturen een kopie van hun besluit aan ondernemer PQR. In het besluit waarbij de last onder dwangsom wordt opgelegd wijzen burgemeester en wethouders er op, dat tegen hun besluit beroep open staat bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken nadat het besluit ingevolge de Wet milieubeheer bij een openbare kennisgeving in een ter plaatse verschijnend nieuwsblad is gepubliceerd.-3861 >7Iq/[#K    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag11Vraag11cWat wordt verstaan onder de term " bestuursdwang "Uitsluitend met behulp van politie de burgers dwingen te doen wat het bestuur wilDoor tussenkomst van de rechter de burgers te dwingen zich aan de regelgeving van het bestuur te houdenHet feitelijk handelen tegen hetgeen in strijd is met de door het bestuursorgaan opgestelde regels, bij overtreding of nalatigheid daarvan In Awb 5:21 is gesteld hetgeen in antwoord c is vermeld. Het meest juiste antwoord is daarom cy-3861 *8I3 95    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag12Vraag12bWanneer treedt een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht in werking ?Onmiddellijk nadat het bevoegde orgaan het besluit heeft genomenNadat het besluit van het bevoegde orgaan op de voorgeschreven wijze bekend is gemaaktNiet eerder dan zes weken na de bekendmaking van het besluit van het bevoegde orgaanIn Awb 3:40 is gesteld dat een besluit niet in werking treedt voordat het is bekendgemaakt. Het meest juiste antwoord is daarom by-3861 ff6I[9    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag13Vraag13bWelke van de volgende handelingen is geen rechtshandeling ?Het huren van een pand door de gemeenteHet aanleggen van groenvoorzieningen door RijkswaterstaatHet door de gemeenteraad vaststellen van een bouwverordeningHet aanleggen van groenvoorzieningen door Rijkswaterstaat is niet een op rechtsgevolg gerichte handeling en is daarom een feitelijke handeling en geen rechtshandeling; ondersteund antwoord b. Antwoord a is een privaatrechtelijke rechtshandeling. Antwoord c is een publiekrechtelijke rechtshandeling. Het meest juiste antwoord is daarom by-3861 &8I!;    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag14Vraag14bWat houden de imperatieve en limitatieve weigeringsgronden op aanvragen van vergunningen in, zoals deze in sommige wetten zijn opgenomen ?Het betreffende bestuursorgaan mag een verzoek om vergunning weigeren als niet is / wordt voldaan aan de in de wet opgesomde voorwaardenHet betreffende bestuursorgaan moet een verzoek om vergunning weigeren als niet is / wordt voldaan aan de in de wet opgesomde voorwaardenEr bestaat geen verplichting voor het betreffende bestuursorgaan om op een verzoek van een aanvrager om vergunning negatief te beschikkenimperatief = dwingend / verplicht limitatief = slechts beperkt tot de voorwaarden die in een wet zijn gesteld Het meest juiste antwoord is daarom by-3861 AA; 8IEQoG    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag15Vraag15aHeeft het college van burgemeester en wethouders van een gemeente de bevoegdheid om woonruimte te vorderen ? Zo ja, in welk geval en zo neen, waarom niet ?Ja, dat kan in geheel Nederland onder bepaalde in de Huisvestingswet genoemde voorwaarden voor een termijn van ten hoogste tien jaarNeen, die bevoegdheid heeft het college niet meer, omdat geheel Nederland intussen geliberaliseerd gebied is waarop de Huisvestingswet niet meer van toepassing isJa, dat kan zonder meer in niet geliberaliseerde gebieden voor onbepaalde termijn tegen vooraf vastgestelde huren, waarvoor de gemeente ten opzichte van de eigenaar garant staatIn Huisvw 40 is gesteld dat een gemeente in bepaalde gevallen kan overgaan tot vordering_van_woonruimte ( Huisvw 40 ) Dit kan voor een periode van maximaal 10 jaar ( Huisvw 41 ) Het meest juiste antwoord is daarom ay-3861 || 8I9 %']    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag16Vraag16bDe Leegstandwet ( Lsw ) biedt de eigenaar van leegstaande woonruimte, die bestemd is voor afbraak of nieuwbouw, de mogelijkheid dit gebouw te verhurenvoor een periode van 1 jaar na verkrijging van een vergunning van de burgemeester van de gemeente waarin het gebouw is gelegenvoor een periode van 2 jaar na verkrijging van een vergunning van de burgemeester en wethouders van de gemeente waarin het gebouw is gelegenvoor een periode van3 jaar na verkrijgen van toestemming van de kantonrechterIn Lsw 15-4 is gesteld dat de vergunning wordt verleend voor ten hoogste twee jaren .... , met - drie maal een verlenging met ten hoogste een jaar ..... ( Lsw 15-4 ), dus - tot een vergunningduur van ten hoogste 5 jaren ..... ( Lsw 15-4 ) Het meest juiste antwoord is daarom by-3861 @lHt$P|+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag11+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag12+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag13+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag14+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag15+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag16+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag17+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag18+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag19+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag20+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag21+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag22+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag23+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag24+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag25+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag26+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag27+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag28+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag29+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag30 %%W 5ICYgg5    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag17Vraag17aGegeven onderstaande stellingen: I. Burgemeester en wethouders zijn verplicht onderzoek te doen welke woningen ongeschikt zijn voor bewoning en welke woningen onjuist gebruikt worden II. Burgemeester en wethouders zijn wettelijk verplicht onderzoek te doen welke bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet aan de technische voorschriften voldoen en welke onjuist worden gebruikt Wat is juist ?De stellingen I en II zijn beide juistStelling I is juist en stelling II is onjuistStelling I is onjuist en stelling II is juistVerouderde vraag; niet meer van toepassing Het meest juiste antwoord was destijds ay-3861 v88IS!)   - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag20Vraag20aWat is juist omtrent een aanschrijving tot verbetering van een woning ?Burgemeester en  8I77W}U    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag19Vraag19aDe heer Bosch, woonachtig in de gemeente X, wil in zi 8I5 53M    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag18Vraag18cWanneer treedt een bouwvergunning in werking en mag daarvan gebruik worden gemaakt ?Uitsluitend vanaf het moment dat deze onherroepelijk is gewordenNadat de bezwarentermijn tegen het besluit tot bouwvergunningverlening is verstrekenZodra de vergunningverlening op de vereiste wijze aan de aanvrager is bekendgemaaktAwb 3:40 stet dat een besluit niet in werking treedt voordat het is bekendgemaakt Het meest juiste antwoord is daarom c Verder nog: een ingediend bezwaar heeft geen schorsende werking; dit ondergraaft antwoorden a en by-3861jn tuin een grote schuur neerzetten. Het bouwplan is in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan. Hij bespreekt zijn plannen met een aannemer en onderneemt de benodigde juridische stappen. Hij dient een bouwaanvraag in, ontvangt binnen een week bericht dat zijn aanvraag is binnengekomen en heeft na 4 maanden nog niets gehoord. Wat is juist ?Bosch mag met bouwen beginnen omdat hem een bouwvergunning van rechtswege is verleendBosch dient, ten einde de bouw van zijn schuur toch te realiseren, naar de bestuursrechter te stappenBosch mag voorlopig nog niet gaan bouwen, omdat hij ervan moet uitgaan dat de beslissing op zijn aanvraag is aangehoudenBouwvergunning, dus Wonw. De beslistermijn is verstreken, dus van rechtswege is de vergunning verleend volgens Wonw 46-4; dit ondersteund antwoord a Bij aanhouding van een aanvraag tot besluit moet de aanvrager worden genformeerd door het bestuur volgens Awb 4:14 en dit is niet gebeurd; dit ondergraaft antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom ay-3861wethouders kunnen in de aanschrijving bepalen dat de door hen aangegeven verbeteringen in fasen mag worden uitgevoerdBurgemeester en wethouders vaardigen de aanschrijving tot verbetering slechts uit indien voor het aanbrengen van die verbeteringen een subsidie kan worden verleendBurgemeester en wethouders mogen gedurende drie jaren na de bekendmaking van de aanschrijving tot verbetering met betrekking tot hetzelfde bouwwerk niet wederom een dergelijke aanschrijving uitvaardigenHet begrip aanschrijving komt in de gewijzigde Woningwet ( jaar 2007 ) niet meer voor - een aantal destijds betreffende artikelen zijn nu vervallen en vervangen door Wonw 13, dus - opletten en in de Wonw kijken Antwoord destijds: Aanschrijving betreft woning, dus Wonw. Bij gevaar en ernstige hinder mag wel binnen 3 jaar .... Wonw 25; dit ondergraaft antwoord c Over subsidie is niets te vinden m.b.t. aanschrijving; dit ondergraaft antwoord b Het meest juiste antwoord was destijds daarom ay -3861en onderstaande stellingen: I. Aan een vergunning om woonruimte te onttrekken kan de voorwaarde worden verbonden dat een bepaald bedrag dient te worden gestort in een fonds met behulp waarvan nieuwe woningen kunnen worden gerealiseerd, mits deze voorwaarde in de huisvestingsverordening is opgenomen II. Het is, in gemeenten waarin een huisvestingverordening geldt, altijd verboden om zonder vergunning een woonruimte te onttrekken aan de woningvoorraad. Wat is juist ?De stellingen I en II zijn beide juistStelling I is juist en stelling II is onjuistStelling I is onjuist en stelling II is juistStelling is juist: er kunnen voorwaarden worden gesteld m.b.t. de verleende vergunning ( Huisvw 32 ) - Stelling I is juist Stelling II is te algemeen; de vergunning is alleen verplicht voor in de huisvestingverordening aangewezen categorien van woonruimte ( Huisvw 30-1 ) - Stelling II is onjuist Het meest juiste antwoord is daarom by-3861 D&8I9U    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag23Vraag23cStel dat door een gemeenteraad niet op grond van de Woningwet, maar op grond van artikel 149 van de Gemeentewet bij verordening aanvullende voorschriften zijn gegeven op het gebied van veiligheid eI7I3-%S'    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag22Vraag22aIn welk(e) geval(len) dient een aanvraag om bouwvergunning te worden gepubliceerd ?In alle gevallenUitsluitend in het geval dat daardoor belangen van derden in het geding zijnUitsluitend in het geval dat toepassing aan artikel 19 Wet op de ruimtelijke ordening wordt gegevenAanvraag om bouwvergunning = Wonw In Wonw 41 is gesteld dat een aanvraag om bouwvergunning binnen 2 weken dient te worden gepubliceerd, dus moet worden gepubliceerd. Het meest juiste antwoord is daarom ay-3861@5IYggG    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag21Vraag21bGegevn energiezuinigheid voor gebouwen. Een aangevraagde bouwvergunning is niet in overeenstemming met deze verordening, maar wel met het Bouwbesluit. Ook overigens zijn er geen weigeringsgronden. Wat moet worden beslist op de aangevraagde bouwvergunning ?De bouwvergunning moet worden geweigerd wegens strijd met de gemeentelijke verordeningDe bouwvergunning moet worden aangehouden totdat wel aan die aanvullende voorschriften wordt voldaanDe bouwvergunning moet worden verleend, maar de aanvrager moet bij het bouwen wel voldoen aan de voorschriften van die verordeningDe bouwvergunning moet worden verleend, want hij mag slechts en moet worden geweigerd, indien: ..... ( Wonw 44-1 ev ) - imperatief en limitatief; geen vrijheid voor de gemeente. - kan alleeen worden geweigerd op de grond van Wonw 44. - de bouwvergunnng dient te worden verleend De aanvullende verordening staat los van de bouwvergunning - daar moet apart wel aan worden voldaan Het meest juiste antwoord is daarom cy-3861 J5IEYgg    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag24Vraag24cGegeven onderstaande stellingen: I. Een voorbereidingsbesluit geldt in alle gevallen maar voor een jaar II. Een bestemmingsplan mag geen emissienormen als bedoeld in de milieuwetgeving bevatten Wat is juist ?De stellingen I en II zijn beide juistStelling I is juist en stelling II is onjuistStelling I is onjuist en stelling II is juistVoorbereidingsbesluit = WRO - vervalt ( slechts ) als niet binnen 1 jaar een ontwerp ter inzage ligt ( WRO 21-4 ), dus - dus geldt niet in alle gevallen voor slecht een jaar Stelling I = onjuist Emissienorm = Wmb - een bestemmingsplan gaat alleen over ruimtelijke ordening en niet over milieuaspecten Stelling II is juist Het meest juiste antwoord is daarom cy-3861ergunning moet worden geweigerd als voor het bouwwerk ook een vergunning ingevolge de Wet milieubeheer nodig is en die vergunning is geweigerdLeefmilieuverordening = Wet op de stads- en dorpsvernieuwing ( WSDV ) In WSDV 17-1 is gesteld dat een bouwvergunning moet worden geweigerd indien het betreffende bouwwerk in strijd met een leefmilieuverordening is; dit ondersteunt antwoord a. Verder kan een bouwvergunning slechts worden geweigerd op grond van Wonw 44 en niet op grond van de daardoor veroorzaakte overlast; daar is planschade voor; dit ondergraaft antwoord b. De weigering van een milieuvergunning is geen grond voor de weigering van een bouwvergunning, want in Wonw 52 is gesteld dat moet worden aangehouden tot op de aanvraag milieuvergunning is besloten ( = vergunning verlenen of weigeren ). Dus ook na weigeren milieuvergunning, de bouwaanvraag behandelen ( behalve als de bouwaanvraag reeds op andere gronden had moeten worden geweigerd volgens Wonw 52-1). Het meest juiste antwoord is daarom ay-3861 b7I]9;]    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag25Vraag25aWat is juist omtrent de bouwvergunning ?Een bouwvergunning moet worden geweigerd op grond van strijd met leefmilieuverordeningEen bouwvergunning moet worden geweigerd als door realisering van het bouwwerk voor derden onaanvaardbare overlast ontstaatEen bouwv b5IcYgg+    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag26Vraag26aGegeven onderstaande stellingen: I. Een aanschrijven tot het treffen van voorzieningen aan een woning is imperatief II. Een stadsvernieuwingplan is in formeel opzicht gelijk te stellen aan een bestemmingsplan Wat is juist ?De stellingen I en II zijn beide juistStelling I is juist en stelling II is onjuistStelling I is onjuist en stelling II is juistVoorzieningen aan een woning = Wonw - imperatief is dwingend / verplicht - de strekking van stelling I is vermeld in Wonw 21-1 Stelling I is juist Stadsvernieuwingplan = Wet op de stads- en dorpsvernieuwing ( WSDV ) - in WSDV 31-1 is gesteld dat een stadvernieuwingsplan wordt gelijkgesteld met een bestemmingsplan Stelling II is juist Het meest juiste antwoord is daarom ay-3861 m8IM S    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag27Vraag27bKan een bouwaanvraag tot het herbouwen van een vrijstaande garage van 24 m2 en een hoogte van 3,5 m, aansluitend aan een perceel grond dat volgens het bestemmingsplan " Buitengebied 1988 " is bestemd tot " agrarisch gebied zonder bebouwing " van gemeentewege medewerking worden verleend ?Ja, middels een vrijstelling als bedoeld in artikel 19 lid 2 WROJa, middels een vrijstelling als bedoeld in artikel 19 lid 3 WRONee, omdat het betreffende bestemmingsplan ouder is dan 10 jaarartikel 19 lid 3 WRO verwijst naar Besluit RO art. 20 - de tekst van antwoord b staat in Besluit RO art. 20-1a2a, b Het meest juiste antwoord is daarom by-3861 OO-5IK+Sa!    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag28Vraag28aWelk orgaan is belast met de beslissing op vrijstelling op basis van de zogenaamde toverformuleDe gemeenteraadHet college van gedeputeerde statenHet college van burgemeester en wethoudersIn WRO 19-1 is gesteld dat de gemeenteraad vrijstelling kan verlenen op de grond van dit artikel. Het meest juiste antwoord is daarom ay-3861 ,,P8IG-a    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag29Vraag29cKan een gemeentebestuur via het bestemmingsplan invloed uitoefenen op de detailhandelsstructuur in een winkelstraat. Zo ja, waarom en zo neen, waarom niet ?Neen, omdat de Wet op de Ruimtelijke Ordening ( WRO ) dit niet toestaatNeen, omdat via het bestemmingsplan uitsluitend toelatingsplanologie mogelijk isJa, omdat de branchering een vorm van gebruik is die via de gebruiksvoorschriften gereguleerd mag worden indien daarvoor zwaarwegende planologische motieven aanwezig zijnIn WRO 10-1 is gesteld dat ... voorschriften worden gegeven omtrent het gebruik van de in het plan begrepen grond en de zich daarop bevindende opstallen. Deze voorstellen mogen slechts om dringende redenen een beperking van het meest doelmatige gebruik inhouden..... - dus alleen indien daarvoor zwaarwegende planologische motieven aanwezig zijn Het meest juiste antwoord is daarom cy-3861 c7IQ+Io    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag30Vraag30bKan een horeca-activiteit in planologische zin in bepaalde gevallen gelijk worden gesteld met een detailhandelsactivteit. Zo ja, waarom en zo neen, waarom niet ?Ja, altijd omdat horeca ook valt onder de WinkeltijdenwetJa, indien de omschrijving in de bestemmingsplanvoorschriften daarop gericht isNeen, omdat in planologisch opzicht horeca en detailhandel verschillende gebruiksfuncties zijnBij een bestemmingsplan kunnen voorschriften worden gegeven omtrent het gebruik van de gronden en de opstallen ( WRO 10-1 ), dus: - horeca-activiteit - detailhandelsactiviteit - etc. Het meest juiste antwoord is daarom by-3861 \\ 6IC3?_    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag31Vraag31bWelk van onderstaande instrumenten biedt de meeste waarborgen om te voorkomen dat in stedelijke gebieden zogenaamde open gaten in straatwanden ontstaan die de woonkwaliteit op een onaanvaardbare wijze kunnen aantasten ?Een bestemmingsplanEen leefmilieuverordeningEen structuurplan met voldoende binnenplanse vrijstellingsmogelijkhedenHet gaat in de vraagstelling om de wering en stuiting van ( reeds ingetreden ) achteruitgang van de woon- en de werkomgeving Dit aspect is geregeld in de leefmilieuverordening ( WSDV 9 ev ) - dit ondersteunt antwoord b Een bestemmingsplan alleeen is niet op bouwen / slopen gericht, maar op de bestemming en het gebruik - dit ondergraaft antwoord a Een structuurplan is niet bindend voor de burgers - dit ondergraaft antwoord c Het meest juiste antwoord is daarom by-3861 o8I1e5i    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag32Vraag32bWelke vorm van landinrichting voert rechtstreeks voort uit de Landinrichtingswet ?Aanpassingsinrichting, waarvoor gebieden in aanmerking komen die een overwegend agrarische functie vervullenRuilverkaveling bij overeenkomst, die in feite niets anders is dan kavelruil waarbij geen of nauwelijks aanpassingswerken nodig zijnRuilverkaveling, waarvoor gebieden in aanmerking komen die naast een agrarische functie ook in belangrijke mate een niet-agrarische functie vertonenDe landinrichtingswet ( Liw ) is per 1-1-2007 vervangen in de Wet inrichting landelijk gebied Deze vraag is dus niet meer relevant Destijds: Landinrichtingswet art 14 t / m 17. De beschrijving van B komt het dichts bij een beschrijving in Liw 17 Het meest juiste antwoord was destijds daarom by-3861 Wu5IYgg-    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag34Vraag34cGegeven onderstaande st%4I;=My    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag33Vraag33aDoor wie wordt het landinrichtingsprogramma vastgesteld ?Door provinciale statenDoor gedeputeerde statenDoor de landinrichtingscommissieDe landinrichtingswet ( Liw ) is per 1-1-2007 vervangen in de Wet inrichting landelijk gebied Deze vraag is dus niet meer relevant Het meest juiste antwoord was destijds daarom by-3861ellingen: I. Dat een streekplan voor zover nodig in een bestemmingsplan moet worden uitgewerkt staat met zoveel woorden in de Wet op de Ruimtelijke Ordening II. De " toverformule " moet in principe in een bestemmingsplan worden opgenomen ter voorkoming van strijd met artikel 10 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening. Wat is juist ?De stellingen I en II zijn beide juistStelling I is juist en stelling II is onjuistStelling I is onjuist en stelling II is juistIn de WRO staat niet dat een streekplan voor zover nodig in een bestemmingsplan moet worden uitgewerkt, maar - wel dat concrete beleidsbeslissingen in een streekplan ( in een bestemmingsplan ) in acht moeten worden genomen Stelling I is dus onjuist Als een bestemmingsplan voorschriften bevat die in strijd zouden zijn met artikel 10, moet in principe de toverformule ( = een vrijstelling op grond van WRO 19 ) worden opgenomen om die strijd op te heffen Stelling II is dus juist Het meest juiste antwoord is dus cy-3861 FF65IKYggk    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag35Vraag35cGegeven onderstaande stellingen: I. De aanleg van een woonwagencentrum in de omgeving van uw woning ( als gevolg van de wijziging van een bestemmingsplan ) verplicht in principe tot schadevergoeding ex. artikel 49 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening. II. Illegaal gebruik kan nimmer onder het ruimtelijke overgangsrecht vallen. In het overgangsrecht van een bestemmingsplan moet altijd een zogenoemde calamiteitenbepaling zijn opgenomen. Wat is juist ?De stellingen I en II zijn beide juistStelling I is juist en stelling II is onjuistStelling I is onjuist en stelling II is juistPlanschade moet worden gegeven als de mogelijkheden voor gebruik van de grond en de opstallen door wijziging van het bestemmingsplan worden beperkt - stelling I is onjuist Stelling II is juist Het meest juiste antwoord is dus c y-3861en onderstaande stellingen: I. Aan een besluit tot vrijstelling van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 19 lid 1 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening gaat altijd inspraak als bedoeld in artikel 150 Gemeentewet vooraf. II. Aan een besluit tot vrijstelling van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening gaat altijd een verklaring van geen bezwaar van gedeputeerde staten vooraf. Wat is juist ?De stellingen I en II zijn beide juistStelling I is juist en stelling II is onjuistStelling I is onjuist en stelling II is juistIn WRO 19a-4 is geregeld dat Awb afd. 3.4 van toepassing is. In Gemw 150 is geregeld dat inspraak geschied volgens Awb afd. 3.4 - stelling I is juist In WRO 19-2 is geregeld dat B&W vrijstelling kunnen verlenen in door GS aangegeven categorien van gevallen - dus niet altijd vooraf een verklaring van geen bezwaar nodig - stelling II is onjuist Het meest juiste antwoord is dus b y-3861 8I[e5I=    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag37Vraag37aWat is juist omtrent onteigening in het belang van de ruimtelijke ontwikkeling en de volkshuisvesting ?Onteigening is mogelijk ter handhaving van de feitelijke toestand overeenkomstig een geldend bestemmingsplanOnteigening is mogelijk ter verwijdering van een nog in gebruik zijnd gebouw, dat dermate in verval is dat het de omgeving in ernstige mate ontsiertOnteigening is mogelijk voor een plan van werken voor het opheffen van ernstig achterstallig onderhoud aan een woongebouw, zonder dat er een aanschrijving op grond van artikel 14 en 16 van de Woningwet heeft plaatsgevondenIn OW 77-1-1 is de tekst van antwoord a opgenomen Het meest juiste antwoord is dus ay-3861Y5I=Ygg?    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag36Vraag36bGegev @lHt$P|+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag32+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag33+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag34+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag35+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag36+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag37+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag38+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag39+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag40+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag41+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag42+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag43+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag44+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag45+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag46+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag47+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag48+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag49+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag50+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag51hadevergoeding wordt rekening gehouden met veranderingen die zijn aangebracht nadat de deskundigen rapport hebben uitgebracht, mits deze veranderingen normaal en noodzakelijk worden beschouwdBij de bepaling van de schadeloosstelling wordt uitgegaan van de marktwaarde, waarbij rekening wordt gehouden met de voor- en nadelen die worden veroorzaakt door overheidswerken die in verband staan met het werk waarvoor onteigend wordtIn OW 39 is geregeld dat geen rekening wordt gehouden met eventuele verbeteringen welke kennelijk zijn tot stand gebracht om de schadevergoeding te verhogen ..... - dit ondergraaft antwoord a OW heeft geen werking m.b.t. antwoord b want die veranderingen zijn normaal en noodzakelijk en niet kennelijk tot stand gebracht om de schadevergoeding te verhogen - dit ondersteunt antwoord b In OW 40c-1 wordt gesteld dat geen rekening wordt gehouden met de waarde van het werk waarvoor onteigend wordt - dit ondergraaft antwoord c Het meest juiste antwoord is dus b y-3861 &l"5ICgg!    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag40Vraag40aHier onder sta9!8I{A9K    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag39Vraag39cWa_ 8IEAe#    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag38Vraag38bWat is juist met betrekking tot de schadeloosstelling bij onteigening ?Bij de berekening van de schadevergoeding wordt rekening gehouden met waardeveranderingen die kennelijk tot stand zijn gebracht om de vergoeding te verhogenBij de berekening van de sct is juist omtrent de procedure bij onteigening in het belang van de volkshuisvesting en de ruimtelijke ontwikkelingDe gerechtelijke procedure vangt aan met toezending van het procesbesluit van de gemeente per aangetekende brief aan de eigenaar van de te onteigenen zaakDe door de rechtbank benoemde echter-commissaris bepaalt de hoogte van de schadeloosstelling aan de hand van het door deskundigen uitgebrachte rapportIndien degene aan wie de schadeloosstelling is toegekend weigert om deze schadevergoeding in ontvangst te nemen, kan de onteigenaar overgaan tot consignatie, nadat de onteigende per deurwaardersexploot in gebreke is gesteldIn OW 18-1 is gesteld dat de procedure aanvngt door dagvaarding .... - dit ondergraaft antwoord a In OW 18-1 is gesteld dat de rechtbank de schadeloosstelling bepaalt - dit ondergraaft antwoord b In OW 56 is de tekst van antwoord c te vinden - dit ondersteunt antwoord c Het meest juiste antwoord is dus cy-3861an twee stellingen met betrekking tot de Wet voorkeursrecht gemeenten I. Een verkoper van onroerend goed dat gelegen is in een gebied waar de Wet voorkeursrecht gemeenten van toepassing is, kan eerst tot vervreemding overgaan nadat de gemeente in de gelegenheid is gesteld het betreffende goed te kopen. II. Een verkoper van onroerend goed dat gelegen is in een gebied waar de Wet voorkeursrecht gemeenten van toepassing is, waarin tevens een bedrijf of onderneming wordt gexploiteerd kan van de gemeente eisen dat in de verkoop wordt betrokken het bedrijf of de onderneming waarin de onroerende zaken als onderdeel daarvan worden gexploiteerd. Wat is juist ?Beide stellingen zijn juistStelling I is juist en stelling II is onjuistStelling I is onjuist en stelling II is juistIn WVGem 10-1 is gesteld hetgeen in stelling I staat - stelling I is juist In WVGem 11-3 is gesteld hetgeen in stelling II staat - stelling II is juist Het meest juiste antwoord is dus ay-3861 $ $5I3OQUa    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag42Vraag42bWelke van onderstaande voorzieningen staat rechtens open voor belanghebbenden tegen de vaststelling door de gemeenteraad van een onteigeningsplan ?Beroep instellen bij de rechtbankBedenkingen inbrengen bij de KroonBezwaar indienen bij de gemeenteraadIn OW 84-3 is gesteld dat tegen het raadsbesluit tot onteigening bedenkingen bij Ons ( = de Kroon ) naar voren kunnen worden gebracht. Het meest juiste antwoord is dus by-3861X#6I-Qi5    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag41Vraag41aTe wiens name kan onteigening in het belang van de landinrichting plaatsvinden ?Uitsluitend ten name van de staat.Zowel ten name van de staat als de provincies.Zowel ten name van de gemeente en de provincie als de staatIn OW 122 is gesteld dat onteigening in het belang van de landinrichting kan plaatsvinden ten name van de staat. Het meest juiste antwoord is dus ay-3861 %%5Io}O    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag43Vraag43cWelke instrumenten zijn in de Ontgrondingenwet opgenomen ?Ontheffing, melding, vergunning, schadevergoedingMelding, vergunningen, algemene regels, schadevergoedingVergunning, algemene regels, machtiging, schadevergoedingZie: Ontgrondingenwet: - vergunning: art. 3 - algemene regels: art. 5 ( nadere regels ) - machtiging: art.12 ( voorlopige vergunning ) - schadevergoeding: art. 26 Het meest juiste antwoord is dus cy-3861t centrum van de gemeente Altemooi. In 1985 kreeg hij een hinderwetvergunning van de gemeente. Na een onlangs gehouden milieucontrole ontving hij een brief van de gemeente met het verzoek binnen vier weken een nieuwe milieuvergunning aan te vragen in verband met geconstateerde milieurelevante wijzigingen. De gemeente verzoekt hem tevens een bodemonderzoek te laten uitvoeren, omdat het vermoeden bestaat dat n van de ondergrondse benzinetanks lek is. De mogelijkheid bestaat dat de bodem- en grondwatervervuiling door de stroming van het grondwater is doorgedrongen tot het aangrenzende perceel. Omwonenden hebben bij de gemeente geklaagd over een olieachtige stank die via de riolering naar boven lijkt te komen. De heer Smits heeft in het laatste jaar ( 1998 ) een sterk verminderde omzet in de benzineverkoop als gevolg van het feit dat rondom de bebouwde kom een nieuwe rondweg is aangelegd op basis van een onlangs vastgesteld bestemmingsplan, waardoor geen doorgaand verkeer meer langs zijn bedrijf komt.-3861 n&8IUkg   - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag44Vraag44aZie CASUS onderaan Heeft de heer Smits een mogelijkheid tot het verkrijgen van schadevergoeding van het gemeentebestuur vanwege de vermindering van zijn omzet in de benzineverkoop ? Zo ja, waarom wel en zo nee, waarom niet ?Ja, ingevolge de Wet op de Ruimtelijke OrdeningNeen, dit behoort altijd tot de normale maatschappelijke risico$sNeen, omdat hij verzuimde tegen de aanleg van de rondweg bezwaar te makenPlanschade ( WRO 49 ) als gevolg van het wijzigen van een bestemmingsplan Het meest juiste antwoord is dus ayCasus Milieu behorend bij vragen 44 t / m 48: De heer Smits heeft al vijftien jaar een benzinestation annex garagebedrijf in hehet centrum van de gemeente Altemooi. In 1985 kreeg hij een hinderwetvergunning van de gemeente. Na een onlangs gehouden milieucontrole ontving hij een brief van de gemeente met het verzoek binnen vier weken een nieuwe milieuvergunning aan te vragen in verband met geconstateerde milieurelevante wijzigingen. De gemeente verzoekt hem tevens een bodemonderzoek te laten uitvoeren, omdat het vermoeden bestaat dat n van de ondergrondse benzinetanks lek is. De mogelijkheid bestaat dat de bodem- en grondwatervervuiling door de stroming van het grondwater is doorgedrongen tot het aangrenzende perceel. Omwonenden hebben bij de gemeente geklaagd over een olieachtige stank die via de riolering naar boven lijkt te komen. De heer Smits heeft in het laatste jaar (1998) een sterk verminderde omzet in de benzineverkoop als gevolg van het feit dat rondom de bebouwde kom een nieuwe rondweg is aangelegd op basis van een onlangs vastgesteld bestemmingsplan, waardoor geen doorgaand verkeer meer langs zijn bedrijf komt.-3861 ::Z(7Iug= {  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag46Vraag46cZieĎK'8I3W#e {  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag45Vraag45bZie CASUS onderaan Kan de heer Smits rechten ontlenen aan de in 1985 verleende hinderwetvergunning ? Zo ja, waarom wel en zo nee, waarom niet ?Neen, omdat de Hinderwet is vervallenJa, zolang die vergunning niet is ingetrokken of vervallenJa, omdat de heer Smits persoonlijk het bedrijf steeds is blijven uitvoerenZolang een verleende vergunning niet is ingetrokken of vervallen kan de houder van de vergunning daar rechten aan ontlenen, ook al is de Hinderwet vervallen want dan wordt zulks in de overgangsbepalingen van de nieuwe / vervangende wet ( overgangsrecht ) geregeld. Het meest juiste antwoord is dus byCasus Milieu behorend bij vragen 44 t / m 48: De heer Smits heeft al vijftien jaar een benzinestation annex garagebedrijf in  CASUS onderaan De daartoe aangewezen toezichthouders komen het bedrijf en de milieusituatie controleren. Zijn de toezichthouders gerechtigd zonder aankondiging het bedrijfsperceel te betreden ? Zo ja, waarom wel en zo nee, waarom niet ?Neen, tenzij er sprake is van een calamiteit.Neen, een controle moet altijd van tevoren gemeld worden.Ja, hiertoe hebben de aangewezen toezichthouders altijd de bevoegdheid.Hierbij is sprake van handhaving; zie daarom Wmb 18 ev In Wmb18.4a-2 is gesteld dat de betreffende ambtenaren bevoegdheden hebben als bedoeld in Awb 5:15 t / m 5:20 - in Awb 5:15 is gesteld dat een toezichthouder elke plaats ( behalve een woning ) kan betreden zonder toestemming van de bewoner - in Wmb 18.5 is gesteld dat ( in milieugevallen ) ook een woning zonder toestemming van de bewoner mag worden betreden Het meest juiste antwoord is dus cyCasus Milieu behorend bij vragen 44 t / m 48: De heer Smits heeft al vijftien jaar een benzinestation annex garagebedrijf in het centrum van de gemeente Altemooi. In 1985 kreeg hij een hinderwetvergunning van de gemeente. Na een onlangs gehouden milieucontrole ontving hij een brief van de gemeente met het verzoek binnen vier weken een nieuwe milieuvergunning aan te vragen in verband met geconstateerde milieurelevante wijzigingen. De gemeente verzoekt hem tevens een bodemonderzoek te laten uitvoeren, omdat het vermoeden bestaat dat n van de ondergrondse benzinetanks lek is. De mogelijkheid bestaat dat de bodem- en grondwatervervuiling door de stroming van het grondwater is doorgedrongen tot het aangrenzende perceel. Omwonenden hebben bij de gemeente geklaagd over een olieachtige stank die via de riolering naar boven lijkt te komen. De heer Smits heeft in het laatste jaar (1998) een sterk verminderde omzet in de benzineverkoop als gevolg van het feit dat rondom de bebouwde kom een nieuwe rondweg is aangelegd op basis van een onlangs vastgesteld bestemmingsplan, waardoor geen doorgaand verkeer meer langs zijn bedrijf komt.-3861het centrum van de gemeente Altemooi. In 1985 kreeg hij een hinderwetvergunning van de gemeente. Na een onlangs gehouden milieucontrole ontving hij een brief van de gemeente met het verzoek binnen vier weken een nieuwe milieuvergunning aan te vragen in verband met geconstateerde milieurelevante wijzigingen. De gemeente verzoekt hem tevens een bodemonderzoek te laten uitvoeren, omdat het vermoeden bestaat dat n van de ondergrondse benzinetanks lek is. De mogelijkheid bestaat dat de bodem- en grondwatervervuiling door de stroming van het grondwater is doorgedrongen tot het aangrenzende perceel. Omwonenden hebben bij de gemeente geklaagd over een olieachtige stank die via de riolering naar boven lijkt te komen. De heer Smits heeft in het laatste jaar (1998) een sterk verminderde omzet in de benzineverkoop als gevolg van het feit dat rondom de bebouwde kom een nieuwe rondweg is aangelegd op basis van een onlangs vastgesteld bestemmingsplan, waardoor geen doorgaand verkeer meer langs zijn bedrijf komt.-3861 7)6Ik=kom {  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag47Vraag47bZie CASUS onderaan Stel dat de AMvB voor garagebedrijven op het bedrijf van de heer Smits van toepassing is. Bij wie of welk orgaan berust dan primair de bevoegdheid toe te zien op naleving van de milieuvoorschriften voor het bedrijf ?Bij gedeputeerde staten.Bij het College van burgemeester en wethouders.Bij de regionale inspecteur van de milieuhygine.In Wmb 18.2 is gesteld dat de primaire handhaving ( toezicht op de naleving ) berust bij het bestuursorgaan dat de vergunning heeft afgegeven. Een milieuvergunning wordt ( in de regel ) verleend door B&W Het meest juiste antwoord is dus byCasus Milieu behorend bij vragen 44 t / m 48: De heer Smits heeft al vijftien jaar een benzinestation annex garagebedrijf in gd gezag gemachtigd tot het geven van specifieke milieuvoorschriften, afgestemd op de specifieke lokale omstandigheden van het bedrijf ? Zo ja, waarom wel en zo nee, waarom niet ? Einde casusNeen, omdat de AMvB een uitputtende regeling qua milieuvoorschriften biedt.Ja, het bevoegd gezag kan uitsluitend op verzoek van derden specifieke milieuvoorschriften vaststellenJa, het bevoegd gezag heeft uitsluitend de mogelijkheid tot het stellen van nadere eisen binnen de grenzen die in de AMvB zijn aangegevenAls de AMvB voor garagebedrijven op het bedrijf van de heer Smits van toepassing is dan dienen de regels daarvan te worden gevolgd. Als de mogelijkheid bestaat tot het stellen ( door het betreffende bevoegd gezag ) van nadere eisen, binnen de grenzen die in de AMvB zijn aangegeven, dan kan daarvan door het bevoegd gezag worden gebruik gemaakt. Het meest juiste antwoord is dus cyCasus Milieu behorend bij vragen 44 t / m 48: De heer Smits heeft al vijftien jaar een benzinestation annex garagebedrijf in het centrum van de gemeente Altemooi. In 1985 kreeg hij een hinderwetvergunning van de gemeente. Na een onlangs gehouden milieucontrole ontving hij een brief van de gemeente met het verzoek binnen vier weken een nieuwe milieuvergunning aan te vragen in verband met geconstateerde milieurelevante wijzigingen. De gemeente verzoekt hem tevens een bodemonderzoek te laten uitvoeren, omdat het vermoeden bestaat dat n van de ondergrondse benzinetanks lek is. De mogelijkheid bestaat dat de bodem- en grondwatervervuiling door de stroming van het grondwater is doorgedrongen tot het aangrenzende perceel. Omwonenden hebben bij de gemeente geklaagd over een olieachtige stank die via de riolering naar boven lijkt te komen. De heer Smits heeft in het laatste jaar (1998) een sterk verminderde omzet in de benzineverkoop als gevolg van het feit dat rondom de bebouwde kom een nieuwe rondweg is aangelegd op basis van een onlangs vastgesteld bestemmingsplan, waardoor geen doorgaand verkeer meer langs zijn bedrijf komt.-3861 +5Is-+UW    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag49Vraag49aDe gescheiden inzameling van groente, fruit en tuinafval door de gemeenten in het kader van de Wet milieubeheer is:een verplichtingeen bevoegdheidalleen in de steden een verplichtingIn Wmb 10.21-2 is gesteld dat groente, fruit en tuinafval is ieder geval afzonderlijk wordt ingezameld - het woord " wordt " is dus dwingend / stellend; het moet; het is een verplichting. Het meest juiste antwoord is dus ay-3861Z*9I #Y {  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag48Vraag48cZie CASUS onderaan Stel dat de AMvB voor garagebedrijven op het bedrijf van de heer Smits van toepassing is. Is het bevoe QQ+,5I5AMo    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag50Vraag50bWelke van de onderstaande algemene maatregelen van bestuur heeft betrekking op de sanering van ongezuiverde lozingen van water in het buitengebied ?Lozingenbesluit open waterLozingenbesluit bodembeschermingInrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheerHet gaat hier om lozingen in het buitengebied ( in de grond ) en niet om lozingen in water / oppervlaktewater, dus alle verwijzingen in het register naar IV.6 Wet verontreiniging oppervlaktewateren zijn hier niet van toepassing. Dit ondergraaft antwoord a. Het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer handelt over de categorien van inrichtingen, etc., en handelt niet primair over lozingen van water in de bodem. Dit ondergraaft antwoord c. De Wet bodembescherming en de bijbehorende Besluiten ( = AMvBs ) zijn hier van toepassing. Het meest juiste antwoord is dus by-3861 !-6IcE    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag51Vraag51bWelke van de volgende beweringen is juist ?Gemeenten zijn bevoegd een rioleringsplan vast te stellenGemeenten zijn verplicht een rioleringsplan vast te stellenGemeenten zijn uitsluitend verplicht voor de bebouwde kom een rioleringsplan vast te stellenIn Wmb 4.22 is gesteld dat de gemeenteraad telkens voor een daarbij vast te stellen periode een rioleringsplan opstelt ( = dwingend / een verplichting ). Het meest juiste antwoord is dus by-3861 z/5I1=O'    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag53Vraag53cDe verkrijging van welk van de onderstaande beperkte rechten op onroerende zaken is aan overdrachtsbelasting onderworpen ?Het recht van pandHet recht van grondrenteHet recht van gebruik en bewoningOverdrachtsbelasting = Wet op belastingen van rechtsverkeer ( Wbr ) In Wbr 5 is gesteld dat grondrente, pand en hypotheek zijn uitgezonderd van de onderworpen rechten. Het meest juiste antwoord is dus c.y-3861m.7I5Q1    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag52Vraag52cIn welke wet(ten) is / zijn overtredingen van de milieuwetgeving strafbaar gesteld ?Uitsluitend Wetboek van StrafrechtUitsluitend de Wet milieubeheer en bijzondere milieuwettenHet Wetboek van Strafrecht, de Wet economische delicten en bijzondere milieuwettenVeel milieuovertredingen zijn in de Wet op de economische delicten ( WED ) strafbaar gesteld. Het meest juiste antwoord is dus cy-3861jf Automobiel heeft van het bevoegde gezag een eindbesluit ontvangen waarin een dwangsom is opgelegd wegens het niet naleven van diverse voorwaarden inzake het op brandvrije wijze opslaan van motorbrandstoffen. Deze voorwaarden zijn verbonden aan een vergunning op grond van de Wet milieubeheer. Welke van de hierna genoemde juridische stappen kan Automobiel rechtens ondernemen ?Het indienen van een beroepsschrift bij de Rechtbank.Het indienen van een bezwaarschrift bij het bevoegde gezag dat het besluit heeft genomen.Het indienen van een beroepsschrift bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van StateDe betreffende vergunning is een milieuvergunning. Het eindbesluit betreffende de dwangsom is dus een besluit genomen op bezwaar en is wederom een besluit in het kader van de Wmb, waartegen beroep kan worden ingesteld. In Wmb is gesteld dat beroep op grond van de Wet milieubeheer kan worden gesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het meest juiste antwoord is dus cy-3861 l16Im?Au; 7  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag55Vraag55aZie CASUS onderaan Hoe hoog is de bijtelling voor de villa bij het inkomen van de heer X over het jaar 2001 ?0,8 % van NLG 900.000,--.1,2 % vaшo07I%w?G)    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag54Vraag54cHet garagebedriEEkE/////////k///////////  ///k///////////////k"/%#/%(/*/////////k3/69//</<?/A/C/CF/FFJ/L/LO/OOOU/UUUZ/\///`/``d/dd////l/o/oporu/w/y/{/{~/////////////n NLG 1.200.000,_.4 % van ( NLG 1.200.000,-- -/- NLG 1.000.000,-- ).Villa is eigen woning die tot hoofdverblijf dient, dus voordelen uit eigen woning ( = eigenwoningforfait ) is belastbaar in box 1: zie Wib 3.112 Voordeel uit eigen woning / eigenwoningforfait bepalen middels de tabel van Wib 3.112 De betreffende schijf van de eigenwoningwaarde met het bijbehorende percentage opzoeken en dan het eigenwoningforfait berekenen. Het meest juiste antwoord was destijds dus ayCasus onroerende zaken behorend bij de opgaven 55 t / m 58 De heer en mevrouw X zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden. Daarbij is uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen overeengekomen. Zij wonen sedert enige jaren in een villa die eigendom is van de heer X en waarvoor deze bij aankoop op 1mei 1997 een aflossingsvrije hypothecaire geldlening heeft afgesloten van NLG 1.000.000,-- tegen een rente van 6 %. De villa is een eerste eigen woning. De WOZ-waarde voor het jaar 2001 van de villa bedraagt NLG 900.000,-- en de taxatiewaarde is NLG 1.200.00,--. Omdat het echtpaar bang is voor inbraak tijdens hun zomervakantie van vier weken en hun wintersportvakantie van twee weken, staat de woning gedurende deze periode tijdelijk ter beschikking aan de minder bedeelde broer van de heer X die hiervoor geen huur behoeft te betalen. Achter de villa bevindt zich een bedrijfshal waarin de heer X een sneldrukkerij exploiteert en wel in de vorm van een eenmanszaak. De bedrijfshal is eigendom van zijn vrouw die de hal heeft gekocht met gelden die zij heeft verkregen uit een erfenis, zonder daarbij enige verdere financiering te hebben afgesloten. De WOZ-waarde van de hal bedraagt NLG 650.000,--, terwijl de waarde in het economisch verkeer op 1 januari 2001 door middel van minnelijke taxatie is vastgesteld op NLG 850.000,--. Mevrouw X verhuurt de hal aan het bedrijf van haar man voor NLG 80.000,-- per jaar. De kosten en lasten van de bedrijfshal bedragen voor het jaar 2001 totaal NLG 12.000,-- en de afschrijvingen bedragen NLG 18.000,--.-3861waarde is NLG 1.200.00,--. Omdat het echtpaar bang is voor inbraak tijdens hun zomervakantie van vier weken en hun wintersportvakantie van twee weken, staat de woning gedurende deze periode tijdelijk ter beschikking aan de minder bedeelde broer van de heer X die hiervoor geen huur behoeft te betalen. Achter de villa bevindt zich een bedrijfshal waarin de heer X een sneldrukkerij exploiteert en wel in de vorm van een eenmanszaak. De bedrijfshal is eigendom van zijn vrouw die de hal heeft gekocht met gelden die zij heeft verkregen uit een erfenis, zonder daarbij enige verdere financiering te hebben afgesloten. De WOZ-waarde van de hal bedraagt NLG 650.000,--, terwijl de waarde in het economisch verkeer op 1 januari 2001 door middel van minnelijke taxatie is vastgesteld op NLG 850.000,--. Mevrouw X verhuurt de hal aan het bedrijf van haar man voor NLG 80.000,-- per jaar. De kosten en lasten van de bedrijfshal bedragen voor het jaar 2001 totaal NLG 12.000,-- en de afschrijvingen bedragen NLG 18.000,--.-3861 II+26IK 7  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag56Vraag56aZie CASUS onderaan In welke box wordt de opbrengst van de bedrijfshal van mevrouw X belast ?Box 1.Box 2.Box 3.Terbeschikkingstelling door mevrouw X van een vermogensbestanddeel ( bedrijfshal ) van mevrouw X, aan haar partner ( = meneer X ) wordt belast in box 1. Het meest juiste antwoord is dus ayCasus onroerende zaken behorend bij de opgaven 55 t / m 58 De heer en mevrouw X zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden. Daarbij is uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen overeengekomen. Zij wonen sedert enige jaren in een villa die eigendom is van de heer X en waarvoor deze bij aankoop op 1mei 1997 een aflossingsvrije hypothecaire geldlening heeft afgesloten van NLG 1.000.000,-- tegen een rente van 6 %. De villa is een eerste eigen woning. De WOZ-waarde voor het jaar 2001 van de villa bedraagt NLG 900.000,-- en de taxatiengst van de bedrijfshal dan bij mevrouw X belast ?Box 1.Box 2.Box 3.De rechtsvorm van de onderneming die in de door mevrouw X aan haar partner ( = meneer X ) ter beschikking gestelde bedrijfshal wordt bedreven is niet van belang en staat los van het feit in welke box de van de belastingaangifte van mevrouw X wordt belast. Terbeschikkingstelling van vermogensbestanddeel ( bedrijfshal ) aan vennootschap van partner, wordt belast in box 1. Het meest juiste antwoord is dus ayCasus onroerende zaken behorend bij de opgaven 55 t / m 58 De heer en mevrouw X zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden. Daarbij is uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen overeengekomen. Zij wonen sedert enige jaren in een villa die eigendom is van de heer X en waarvoor deze bij aankoop op 1mei 1997 een aflossingsvrije hypothecaire geldlening heeft afgesloten van NLG 1.000.000,-- tegen een rente van 6 %. De villa is een eerste eigen woning. De WOZ-waarde voor het jaar 2001 van de villa bedraagt NLG 900.000,-- en de taxatiewaarde is NLG 1.200.00,--. Omdat het echtpaar bang is voor inbraak tijdens hun zomervakantie van vier weken en hun wintersportvakantie van twee weken, staat de woning gedurende deze periode tijdelijk ter beschikking aan de minder bedeelde broer van de heer X die hiervoor geen huur behoeft te betalen. Achter de villa bevindt zich een bedrijfshal waarin de heer X een sneldrukkerij exploiteert en wel in de vorm van een eenmanszaak. De bedrijfshal is eigendom van zijn vrouw die de hal heeft gekocht met gelden die zij heeft verkregen uit een erfenis, zonder daarbij enige verdere financiering te hebben afgesloten. De WOZ-waarde van de hal bedraagt NLG 650.000,--, terwijl de waarde in het economisch verkeer op 1 januari 2001 door middel van minnelijke taxatie is vastgesteld op NLG 850.000,--. Mevrouw X verhuurt de hal aan het bedrijf van haar man voor NLG 80.000,-- per jaar. De kosten en lasten van de bedrijfshal bedragen voor het jaar 2001 totaal NLG 12.000,-- en de afschrijvingen bedragen NLG 18.000,--.-3861 AA58I[5S    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag59Vraag59cEeے47I)/I 7  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag58Vraag58bZie CASUS onderaan Tot en met welke datum kunnen de heer en / of mevrouw X de rente op de aflossingsvrije hypotheek ten behoeve van de aankoop van de villa uiterْ036I? 7  - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag57Vraag57aZie CASUS onderaan Veronderstel dat de heer X zijn bedrijf niet uitoefent in de vorm van een eenmanszaak maar in de vorm van een besloten vennootschap waarin hij alle aandelen heeft; in welke box wordt de opbre  7c?kLy+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag53+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag54+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag55+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag56+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag57+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag58+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag59+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag60+I- Examen Publiekrecht 2001 - IVraag61+K- Examen Publiekrecht 2001 - IIExamen,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag01,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag02,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag03,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag04,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag05,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag06,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag07,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag08,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag09lijk aftrekken ? Einde casus30 april 2027.31 december 2030.De aftrek van de rente op leningen ter verwerving van en eigen woning is onbeperkt in de tijd.Hypothecaire leningen die dateren van vr 1-1-2001 hebben per die datum een looptijd van 30 jaar gekregen m.b.t. de aftrekbaarheid van de rente over het bedrag ter grootte van de eigenwoningschuld. Dus de rente is aftrekbaar tot 30 jaar na 1 januari 2001, dus t / m 31 december 2030. Het meest juiste antwoord is dus byCasus onroerende zaken behorend bij de opgaven 55 t / m 58 De heer en mevrouw X zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden. Daarbij is uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen overeengekomen. Zij wonen sedert enige jaren in een villa die eigendom is van de heer X en waarvoor deze bij aankoop op 1mei 1997 een aflossingsvrije hypothecaire geldlening heeft afgesloten van NLG 1.000.000,-- tegen een rente van 6 %. De villa is een eerste eigen woning. De WOZ-waarde voor het jaar 2001 van de villa bedraagt NLG 900.000,-- en de taxatiewaarde is NLG 1.200.00,--. Omdat het echtpaar bang is voor inbraak tijdens hun zomervakantie van vier weken en hun wintersportvakantie van twee weken, staat de woning gedurende deze periode tijdelijk ter beschikking aan de minder bedeelde broer van de heer X die hiervoor geen huur behoeft te betalen. Achter de villa bevindt zich een bedrijfshal waarin de heer X een sneldrukkerij exploiteert en wel in de vorm van een eenmanszaak. De bedrijfshal is eigendom van zijn vrouw die de hal heeft gekocht met gelden die zij heeft verkregen uit een erfenis, zonder daarbij enige verdere financiering te hebben afgesloten. De WOZ-waarde van de hal bedraagt NLG 650.000,--, terwijl de waarde in het economisch verkeer op 1 januari 2001 door middel van minnelijke taxatie is vastgesteld op NLG 850.000,--. Mevrouw X verhuurt de hal aan het bedrijf van haar man voor NLG 80.000,-- per jaar. De kosten en lasten van de bedrijfshal bedragen voor het jaar 2001 totaal NLG 12.000,-- en de afschrijvingen bedragen NLG 18.000,--.-3861n perceel grond is volgens het geldende bestemmingsplan " Buitengebied " bestemd tot agrarische doeleinden. De op de grond aanwezige opstallen werden overeenkomstig dit bestemmingsplan jaren achtereen gebruikt voor agrarische doeleinden. De voorschriften behorende bij het bestemmingsplan bevatten voorts een bepaling dat het verboden is gronden en opstallen te gebruiken in strijd met de daaraan gegeven bestemming. Vanwege de inkrimping van de agrarische sector is het agrarisch gebruik gestaakt. De eigenaar verzoekt het gemeentebestuur om toestemming te krijgen voor het permanente gebruik van het perceel en de zich daarop bevindende opstallen voor recreatieve doeleinden. Moet het gemeentebestuur in beginsel door gebruikmaking van de zogenaamde toverformule medewerking verlenen ? Zo ja, waarom wel en zo neen, waarom niet ?Neen, omdat de toverformule uitsluitend de mogelijkheid biedt voor het verlenen van een tijdelijke vrijstelling van de voorschriften behorende bij een bestemmingsplan.Ja, omdat wijziging voor recreatieve doeleinden per definitie de minste inbreuk maakt op het geldende planologische regime.Ja, indien naar objectieve maatstaven kan worden vastgesteld dat zinvol gebruik overeenkomstig de bestemming niet meer tot de mogelijkheden behoort.Toverformule = vrijstelling van de gebruiksverboden in de voorschriften van het bestemmingsplan, indien strikte toepassing van die verboden in die voorschriften zou leiden tot een beperking van het meest doelmatig gebruik. De toverformule is niet beperkt tot alleen een tijdelijke vrijstelling. Dit ondergraaft antwoord a. De mate van inbreuk op het geldende planologische regime is geen geldige / doorslaggevende factor. Dit ondergraaft antwoord b. Als de vigerende bestemming niet meer tot de mogelijkheden behoort en er een alternatief is dat op dat moment de meest doelmatige bestemming is dan moet de toverformule worden toegepast. Het meest juiste antwoord is dus cy-3861etrekking hebben op het gebied binnen de bebouwde kom.Uitsluitend belanghebbenden kunnen bij de gemeenteraad schriftelijke zienswijzen inbrengen tegen het ontwerpplan.Beantwoord naar de toestand van het jaar 2007 In WRO 1 is gesteld dat een concrete beleidsbeslissing kan worden opgenomen in een regionaal structuurplan, waarbij - een gemeentelijk structuurplan niet wordt genoemd; dit ondergraaft antwoord a. - in de artikelen 7, 8 en 9 wordt niets over een concrete beleidsbeslissing gesteld; dit ondergraaft antwoord a. In WRO 7 is gesteld dat een gemeente voor het grondgebied van de gemeente een structuurplan kan vaststellen - dus niet alleen voor het gebied binnen de bebouwde kom; dit ondergraaft antwoord b In WRO 8-b is gesteld dat een ieder zienswijzen naar voren kan brengen, en dus niet uitsluitend belanghebbenden - dit ondergraaft antwoord c Eigenlijk is geen enkel antwoord juist naar de maatstaven van het jaar 2007. Het meest juiste antwoord was destijds antwoord ay-3861 >68I/i5o+    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag60Vraag60aWelke van de volgende beweringen inzake een gemeentelijk structuurplan is juist ?Een dergelijk plan kan concrete beleidsbeslissingen bevatten waartegen bezwaar en beroep kan worden ingesteld.Een structuurplan kan alleen b SS)78Iq [{i    - Examen Publiekrecht 2001 - IVraag61Vraag61aEen verklaring van geen bezwaar als bedoeld in Artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening is noodzakelijk omVrijstelling te kunnen verlenen van het geldende bestemmingsplanGebruik te kunnen maken van de anticipatiebevoegdheid als bedoeld in artikel 50, lid 5 van de WoningwetZowel vrijstelling te kunnen verlenen van het geldende bestemmingsplan als het gebruik te kunnen maken van de anticipatiebevoegdheid als bedoeld in Artikel 50, lid 5 van de Woningwet.Een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in Artikel 19 m.b.t. een geldend bestemmingsplan is een andere dan een verklaring van geen bezwaar m.b.t. het verlenen van een bouwvergunning welke in strijd is met een in voorbereiding zijnd bestemmingsplan als bedoeld in Wonw 50-5. Dit ondergraaft de antwoorden b en c. Het meest juiste antwoord was destijds antwoord ay-3861 '94K17=g    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag01Vraag01aDe Grondwet hanteert wel eens de woorden " bij Wet ". Wat wordt daarmee bedoeld ?Wetten in formele zinWetten in materile zin.Zowel wetten in materile als in formele zin.y-3960U87K i}/?Q  - Examen Publiekrecht 2001 - IIExamenExamenDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris van de Koniging, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 )y ^J<4K#CME    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag04Vraag04aEen gemeentelijke aanschrijving tot het verplicht treffen van een voorziening aan een woonhuis, is voor de aangeschrevene te beschouwen alseen belastende beschikking.een volstrekt vrije beschikking.een begunstigde beschikking.y-3960.;4K{+/k    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag03Vraag03aVoor de rechtsgeldigheid van een algemene_maatregel_van_bestuur dient publicatie van deze in elk geval te geschieden inhet staatsblad.de staatscourant.de landelijk verspreide dag- en/of avondbladen.y-3960l:4K[!#    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag02Vraag02cArtikel 4 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening bepaalt dat het college van gedeputeerde staten het nodige ter voorbereiding verricht van de bepaling van het provinciale beleid inzake de ruimtelijke ordening. In casu is sprake vanmandaat.autonomie.medebewind.y-3960 GG5=7KE13    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag05Vraag05aDe gemeente stelt haar medewerking aan de herziening van een bestemmingsplan afhankelijk van de contractuele aanvaarding door de projectontwikkelaar van de voorwaarde dat de woningen alleen aan ingezetenen van de gemeente mogen worden verkocht of gehuurd. In een procedure wordt uiteindelijk de overeenkomst nietig verklaard. In casu is sprake vanmisbruik van macht als bedoeld in artikel 3:3 Algemene wet bestuursrecht.onzorgvuldige voorbereiding als bedoeld in artikel 3:2 Algemene wet bestuursrecht.onvoldoende belangenafweging als bedoeld in artikel 3:4 Algemene wet bestuursrecht.y-3960 '?7KSGgk    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag07Vraag07bWelke van onderstaande beweringen aangaande het College van Beroep voor het Bedrijfsleven is juist?Tegen beslissingen van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven staat hoger beroep open.Het College van Beroep voor het Bedrijfsleven beoordeelt geschillen van economisch bestuursrecht betreffende.Bij het College van Beroep voor het Bedrijfsleven kan beroep alleen door natuurlijke personen ingesteld worden.y-3960U>4K+=?g    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag06Vraag06cDe heer Peterse wil een serre bouwen aan zijn woonhuis. Het college van burgemeester en wethouders weigert een noodzakelijke vrijstelling en daarna de bouwvergunning. Peterse dient een bezwaarschrijft in bij het college van burgemeester en wethouders. Dit college toetstalleen op doelmatigheid.alleen op rechtmatigheid.zowel op rechtmatigheid als op doelmatigheid.y-3960 =[=B5K5C    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag10Vraag10bIn de Algemene wet bestuursrecht worden algemene regels gegeven dooruitsluitend plannen.besluiten en beleidsregels.uitsluitend besluiten van algemene strekking en beschikkingen.y-3960ZA4K?[w    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag09Vraag09aEnkele medewerkers van de gemeente plaatsen langs een onlangs geopende weg enkele verkeersborden. Het plaatsen van borden iseen feitelijke handeling.een publiekrechtelijke rechtshandeling.een publiekrechtelijk besluit van algemene strekking.y-3960C@4KG3q    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag08Vraag08cHet beginstel dat een beschikking dient te berusten op een deugdelijke motivering behoort totbeleidsregelgeving.de ongeschreven beginselen van behoorlijk bestuur.de geschreven algemene beginselen van behoorlijk bestuur.y-3960 )D4K!+55    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag12Vraag12cHet besluit omtrent de goedkeuring van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 28 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening is een vorm vandeconcentratie.repressief toezicht.preventief toezicht.y-3960 C4KQ[ee    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag11Vraag11aGegeven onderstaande stellingen. I. Tegen de gevolgen van een onrechtmatig verleende bouwvergunning kan bij de civiele rechter in rechte worden opgekomen. II. Tegen een besluit van algemene strekking kan doorgaans niet bij de bestuursrechter worden geappelleerd. Wat is juist?De stellingen I en II zijn beide juist.Stelling I is juist, stelling II is onjuist.Stelling I is onjuist, stelling II is juist.y-3960 {F3Ke;Si    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag14Vraag14bHet bouwbesluit dient men te kenschetsen alseen wet in formele zin.een algemene maatregel van bestuur.een wet zowel in formele als in materile zin.y-3960E7K7    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag13Vraag13bIndien bouw- en woningtoezicht constateert dat illegaal wordt gebouwd, bijvoorbeeld zonder vergunning of in afwijking van de vergunningsvoorschriftenmoeten zij na daartoe te zijn gemandateerd bestuursdwang toepassen.kunnen zij na daartoe te zijn gemandateerd bestuursdwang toepassen.kunnen zij na daartoe te zijn gemandateerd hechtenis van ten hoogste vier maanden of geldboete van de derde categorie opleggen.y-3960 }G7KA    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag15Vraag15aWat is juist met betrekking tot de weigering van een bouwvergunning? Een aangevraagde bouwvergunning moet worden geweigerd als er overigens geen weigeringsgronden zijn, maar wel sprake is vanstrijd met de leefmilieuverordening, voor het gebied waarop het bouwplan betrekking heeft.een ernstige verontreiniging, als bedoeld in de Wet bodembescherming, van de bodem ter plaatse van het te bouwen bouwwerk.een inrichting waarvoor ingevolge artikel 8:1 van de Wet milieubeheer een vergunning nodig is en de vergunning is geweigerd.y-3960 0]>kLy,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag11,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag12,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag13,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag14,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag15,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag16,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag17,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag18,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag19,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag20,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag21,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag22,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag23,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag24,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag25,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag26,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag27,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag28,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag29 WW%H5KKgu    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag16Vraag16aJansen vraagt een vergunning aan voor de bouw van een garage. Deze past in het vigerende bestemmingsplan; overigens zijn er ook geen gronden om de vergunning aan te houden of te weigeren. De aanvraag is echter niet volledig. Het college van burgemeester en wethouders verzuimt binnen de wettelijke termijnen op de bouwaanvraag te reageren. Wat is de juridische consequentie van de nalatige houding van de gemeente?De bouwvergunning is van rechtswege verleend.De bouwaanvraag is van rechtswege niet ontvankelijk.Er is geen rechtsgevolg, omdat de aanvraag niet volledig is.y-3960 jjI7Kk_1    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag17Vraag17aIs het mogelijk een bouwvergunning in te trekken als het gebouw, waarop de vergunning betrekking heeft, zojuist volledig is gerealiseerd? Zo ja waarom en zo neen, waarom niet?Ja, in bepaalde in de wet genoemde gevallen kan ook na de voltooiing van de bouw intrekking plaatsvinden.Neen, want intrekking van een bouwvergunning kan na de realisering van het gebouw geen rechtsgevolgen meer tot stand brengen.Neen, omdat de bouwvergunning juridisch gericht is op een aflopende rechtshandeling en het recht om te bouwen na de voltooiing ophoudt te bestaan.y-3960 llJ7K-Yu    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag18Vraag18aWelk van onderstaande beweringen met betrekking tot de Huisvestingswet is juist?Tegen een besluit tot vordering van woonruimte op basis van de Huisvestingswet kan op grond van de bepalingen in de Algemene wet bestuursrecht bezwaar worden gemaakt.De gemeenteraad wijst in de door hem vastgestelde huisvestingsverordening de categorien woningzoekenden aan die met het oog op een evenwichtige en rechtvaardige verdeling van de woonruimte voor een huisvestigingsvergunning in aanmerking komen.In gemeenten waarin een huisvestigingsverordening is vastgesteld zijn burgemeester en wethouders verplicht leegstaande woonruimte die nimmer bewoond is geweest - na een termijn van n jaar na het tijdstip waarop deze voor bewoning gereed is gekomen - te vorderen voor daartoe in aanmerking komende woningzoekenden.y-3960 ==4L8KS3A   - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag20Vraag20bZie CASUS onderaan De betreffende melding die boer Alm doet moet door burgemeester en wethoudersworden aangehouden, omdat er een voorbereidingsbesluit geldt.niet worden geaccepteerd omdat er geen sprake is van een meldingsplichtig bouwwerk.worden geaccepteerd, indien de bouw niet in strijd is met het toekomstige bestemmingsplan.yCasus Buitengebied behorend bij de vragen 20 tot en met 22. In het buitengebied van de gemeente Asten bevindt zich een groot agrarisch gedeelte waar onder bepaalde voorwaarden agrarische bedrijven, zoals varkensbedrijven en kassenbedrijven mogen worden opgeK4K!!!    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag19Vraag19cIndien burgemeester en wethouders op grond van de Huisvestingswet woonruimte vorderen kan zulks voor de duur van maximaaltwee jaar.drie jaar.tien jaar.y-3960richt. Voor het gebied geldt een voorbereidingsbesluit. Boer Alm heeft in het gebied een schuur met een bedrijfswoning staan en wil daarbij een kas bouwen van 100 m2 welke in overeenstemming is met het vigerende bestemmingsplan. Hij doet voor dit bouwvoornemen een melding overeenkomstig de Woningwet bij het gemeentebestuur. Het ter plaatse geldende bestemmingsplan dateert van 1980. Boer Bart heeft in dit gebied reeds jaren een paar hectare land en wil in dit gebied voor zijn zoon een varkensmesterij stichten. Hij dient daarvoor een aanvraag om bouwvergunning in, welke past binnen het vigerende bestemmingsplan. In het raadsvoorstel dat heeft geleid tot het voorbereidingsbesluit staat onder andere vermeld dat het de bedoeling is het vigerende bestemmingsplan in overeenstemming te brengen met het geldende streekplan dat de vestiging van varkensbedrijven en kassen van een hectare of meer in dat gebied verbiedt. Boer Crelis heeft in het gebied ook reeds vele jaren enkele hectaren grond in bezit.-3960richt. Voor het gebied geldt een voorbereidingsbesluit. Boer Alm heeft in het gebied een schuur met een bedrijfswoning staan en wil daarbij een kas bouwen van 100 m2 welke in overeenstemming is met het vigerende bestemmingsplan. Hij doet voor dit bouwvoornemen een melding overeenkomstig de Woningwet bij het gemeentebestuur. Het ter plaatse geldende bestemmingsplan dateert van 1980. Boer Bart heeft in dit gebied reeds jaren een paar hectare land en wil in dit gebied voor zijn zoon een varkensmesterij stichten. Hij dient daarvoor een aanvraag om bouwvergunning in, welke past binnen het vigerende bestemmingsplan. In het raadsvoorstel dat heeft geleid tot het voorbereidingsbesluit staat onder andere vermeld dat het de bedoeling is het vigerende bestemmingsplan in overeenstemming te brengen met het geldende streekplan dat de vestiging van varkensbedrijven en kassen van een hectare of meer in dat gebied verbiedt. Boer Crelis heeft in het gebied ook reeds vele jaren enkele hectaren grond in bezit.-3960 5M6K/   - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag21Vraag21bZie CASUS onderaan De bouwvergunning die boer Bart aanvraagt moetworden geweigerd.worden aangehouden omdat een voorbereidingsbesluit geldt.worden aangehouden omdat nog geen milieuvergunning is aangevraagd.yCasus Buitengebied behorend bij de vragen 20 tot en met 22. In het buitengebied van de gemeente Asten bevindt zich een groot agrarisch gedeelte waar onder bepaalde voorwaarden agrarische bedrijven, zoals varkensbedrijven en kassenbedrijven mogen worden opgericht. Voor het gebied geldt een voorbereidingsbesluit. Boer Alm heeft in het gebied een schuur met een bedrijfswoning staan en wil daarbij een kas bouwen van 100 m2 welke in overeenstemming is met het vigerende bestemmingsplan. Hij doet voor dit bouwvoornemen een melding overeenkomstig de Woningwet bij het gemeentebestuur. Het ter plaatse geldende bestemmingsplan dateert van 1980. Boer Bart heeft in dit gebied reeds jaren een paar hectare land en wil in dit gebied voor zijn zoon een varkensmesterij stichten. Hij dient daarvoor een aanvraag om bouwvergunning in, welke past binnen het vigerende bestemmingsplan. In het raadsvoorstel dat heeft geleid tot het voorbereidingsbesluit staat onder andere vermeld dat het de bedoeling is het vigerende bestemmingsplan in overeenstemming te brengen met het geldende streekplan dat de vestiging van varkensbedrijven en kassen van een hectare of meer in dat gebied verbiedt. Boer Crelis heeft in het gebied ook reeds vele jaren enkele hectaren grond in bezit.-3960 44@N8K3   - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag22Vraag22cZie CASUS onderaan Stel dat boer Crelis de mogelijkheid heeft om conform het vigerende bestemmingsplan een kas te mogen bouwen, maar deze mogelijkheid in het nieuwe bestemmingsplan komt te vervallen. Waarom heeft boer Crelis in zijn algemeenheid geen recht op schadevergoeding ingevolge artikel 49 van de Wet op de Ruimtelijke Ordeing?Omdat hij geen aanvraag om bouwvergunning heeft ingediend.Omdat hij geen bezwaar heeft gemaakt tegen het voorbereidingsbesluit.Omdat er sprake is van risico-aanvaarding nu hij jarenlang geen gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid ter plaatse kassen te bouwen.yCasus Buitengebied behorend bij de vragen 20 tot en met 22. In het buitengebied van de gemeente Asten bevindt zich een groot agrarisch gedeelte waar onder bepaalde voorwaarden agrarische bedrijven, zoals varkensbedrijven en kassenbedrijven mogen worden opgegenaar Hesp vraagt aan de gemeente vergunning tot het splitsen van zijn onroerende zaak in een aantal appartementsrechten. Tot zijn verbazing wordt de vergunning geweigerd. Op welke grond kan de gemeente een dergelijke vergunning weigeren?In de gemeente blijkt een huisvestingsverordening van kracht die het splitsen van woningen verbiedt om te voorkomen dat de stadsvernieuwing wordt belemmerd.Omdat de eigenaar kennelijk van plan is de appartementsrechten - na splitsing van zijn onroerende zaak - te vervreemden aan derden (ander toekomstige huiseigenaren/-gebruikers) en daarom deze woningen aan de huurvoorraad worden onttrokken.Als door deze splitsing blijkt dat het belang van het behoud of de samenstelling van de woningvoorraad groter is dan het belang van de eigenaar en het eerstgenoemde belang kennelijk niet door het stellen van nadere voorwaarden en voorschriften voldoende kan worden gediend.y-3960 FFGP7K'Q_    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag24Vraag24aDoor wie of welk orgaan en op grond waarvan wordt de vergoeding voor het gebruik van een gevorderde woning voor de eigenaar bepaald?Burgemeester en wethouders, op grond van de bepalingen in de Huisvestingswet.De eigenaar, op grond van de bepalingen in het Burgerlijk Wetboek en de Huurprijzenwet woonruimte.De huurcommissie, daarom gevraagd door de gemeente bij gebreke aan wilsovereenstemming op grond van de bepalingen in de Huisvestingswet en de Huurprijzenwet woornruimte.y-3960yO7KqEk/    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag23Vraag23bEi 0^S8K%i? =  - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag27Vraag27bZie oR8KA]g =  - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag26Vraag26aZie CASUS onderaan IQ4KQ[ee    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag25Vraag25cGegeven onderstaande stellingen. I. Perifere detailhandel mag door het gemeentebestuur planologisch gereguleerd worden door middel van bestemmingsplannen. II. Het hanteren van bepaalde milieucategorien voor de vestiging van bedrijven is juridisch toegestaan in de voorschriften van bestemmingsplannen voor bedrijventerreinen. Wat is juist?De stellingen I en II zijn beide juist.Stelling I is juist, stelling II is onjuist.Stelling I is onjuist, stelling II is juist.y-3960 Kan tegen een besluit van het college om een melding op grond van de Wet milieubeheer te accepteren rechtens bezwaar worden gemaakt?Neen, omdat vogens de systematiek van de Wet milieubeheer de acceptatie van een melding geen besluit is.Ja, omdat het hier een besluit betreft en de Wet milieubeheer uitdrukkelijk bezwaar en beroep mogelijk maakt.Ja, omdat het hier een besluit betreft in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht dat niet is uitgezonderd.yCasus Makelaar behorend bij de vragen 26 tot en met 32. Makelaar A&S is sinds jaar en dag de enige makelaar in de gemeente Ebst. Zijn kantoor ligt midden in het centrum. Een nabijgelegen pand, dat volgens het geldende bestemmingsplan een winkelbestemming heeft, wordt al enige tijd gebruikt door een religieuze groepering die daar enige malen per maand bijeenkomt en voorts als kantoor dient voor die groepering. Makelaar Bod koopt dit pand om daar zijn makelaarskantoor te vestigen. Hij vraagt op 15 juli 2000 schriftelijk aan het gemeentebestuur om hem daarvoor met toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vrijstelling te verlenen. Het is niet nodig om bouwkundige voorzieningen te treffen. Het college van burgemeester en wethouders publiceert dit verzoek in een plaatselijk nieuwsblad en legt het overeenkomstig de toepasselijke voorschriften ter inzage. Er worden geen zienswijzen ingediend. Op 10 oktober 2000 verleent het college de gevraagde vrijstelling en maakt dit besluit op de voorgeschreven wijze bekend. Het besluit wordt tevens in een plaatselijk nieuwsblad bekend gemaakt. Makelaar Bod dient ook schriftelijk een melding in op grond van de algemene maatregel van bestuur "Besluit Kantoorgebouwen Wet Milieubeheer". Het kantoor voldoet aan de eisen die in dat besluit zijn vermeld. Het college besluit vervolgens om die melding te accepteren. Dat wordt op 15 november 2000 in het plaatselijke nieuwsblad gepubliceerd. Makelaar Bod opent vervolgens op 1 december 2000 zijn kantoor. Dat gebeurt na een aantal reclame-uitingen in het plaatselijk nieuwsblad. Makelaar A&S leest dit nieuwsblad en wint informatie in bij de gemeente. Hij maakt vervolgens op 22 februari 2001 schriftelijk bezwaar bij het college tegen het besluit om op grond van de Wet milieubeheer ingediende melding te accepteren. Hij vindt dat het college die melding niet had mogen accepteren, omdat een kantoor op die plaats niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan. In een afzonderlijke brief van gelijke datum maakt hij ook bezwaar tegen de op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening verleende vergunning. Hij meent dat het college die vrijstelling niet had mogen verlenen, omdat er geen vergunning ingevolge de Wet milieubeheer was voor dat kantoor en de beslissing dus had moeten worden aangehouden. Verder vindt hij dat het college in verband met concurrentieoverwegingen de vrijstelling niet had moeten verlenen. Tenslotte vermeldt hij dat niet het college, maar de gemeenteraad op het verzoek om vrijstelling had moeten beslissen.-3960CASUS onderaan Is de opvatting dat de beslissing op een vrijstelling moet worden aangehouden omdat er geen milieuvergunning is juist?Ja, omdat dat uitdrukkelijk in artikel 52 van de Woningwet is geregeld.Neen, omdat een dergelijke aanhoudingsverplichting niet geldt voor het beslissen op verzoeken om vrijstelling.Ja, omdat een vrijstelling op grond van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening altijd in combinatie met een bouwaanvraag moet worden behandeld.yCasus Makelaar behorend bij de vragen 26 tot en met 32. Makelaar A&S is sinds jaar en dag de enige makelaar in de gemeente Ebst. Zijn kantoor ligt midden in het centrum. Een nabijgelegen pand, dat volgens het geldende bestemmingsplan een winkelbestemming heeft, wordt al enige tijd gebruikt door een religieuze groepering die daar enige malen per maand bijeenkomt en voorts als kantoor dient voor die groepering. Makelaar Bod koopt dit pand om daar zijn makelaarskantoor te vestigen. Hij vraagt op 15 juli 2000 schriftelijk aan het gemeentebestuur om hem daarvoor met toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vrijstelling te verlenen. Het is niet nodig om bouwkundige voorzieningen te treffen. Het college van burgemeester en wethouders publiceert dit verzoek in een plaatselijk nieuwsblad en legt het overeenkomstig de toepasselijke voorschriften ter inzage. Er worden geen zienswijzen ingediend. Op 10 oktober 2000 verleent het college de gevraagde vrijstelling en maakt dit besluit op de voorgeschreven wijze bekend. Het besluit wordt tevens in een plaatselijk nieuwsblad bekend gemaakt. Makelaar Bod dient ook schriftelijk een melding in op grond van de algemene maatregel van bestuur "Besluit Kantoorgebouwen Wet Milieubeheer". Het kantoor voldoet aan de eisen die in dat besluit zijn vermeld. Het college besluit vervolgens om die melding te accepteren. Dat wordt op 15 november 2000 in het plaatselijke nieuwsblad gepubliceerd. Makelaar Bod opent vervolgens op 1 december 2000 zijn kantoor. Dat gebeurt na een aantal reclame-uitingen in het plaatselijk nieuwsblad. Makelaar A&S leest dit nieuwsblad en wint informatie in bij de gemeente. Hij maakt vervolgens op 22 februari 2001 schriftelijk bezwaar bij het college tegen het besluit om op grond van de Wet milieubeheer ingediende melding te accepteren. Hij vindt dat het college die melding niet had mogen accepteren, omdat een kantoor op die plaats niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan. In een afzonderlijke brief van gelijke datum maakt hij ook bezwaar tegen de op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening verleende vergunning. Hij meent dat het college die vrijstelling niet had mogen verlenen, omdat er geen vergunning ingevolge de Wet milieubeheer was voor dat kantoor en de beslissing dus had moeten worden aangehouden. Verder vindt hij dat het college in verband met concurrentieoverwegingen de vrijstelling niet had moeten verlenen. Tenslotte vermeldt hij dat niet het college, maar de gemeenteraad op het verzoek om vrijstelling had moeten beslissen.-3960 van artikel 19 eerste, tweede of derde lid van de Wet op de Ruimtelijke Ordening?Met toepassing van de zelfstandige projectprocedure als bedoeld in artikel 19, eerste lid van de Wet op de Ruimtelijke Ordening.Met toepassing van de "kruimelgevallenregeling" als bedoeld in artikel 19, derde lid van de Wet op de Ruimtelijke Ordening.Met toepassing van de algemene verklaring van geen bezwaar, als bedoeld in artikel 19, tweede lid van de Wet op de Ruimtelijke Ordening.yCasus Makelaar behorend bij de vragen 26 tot en met 32. Makelaar A&S is sinds jaar en dag de enige makelaar in de gemeente Ebst. Zijn kantoor ligt midden in het centrum. Een nabijgelegen pand, dat volgens het geldende bestemmingsplan een winkelbestemming heeft, wordt al enige tijd gebruikt door een religieuze groepering die daar enige malen per maand bijeenkomt en voorts als kantoor dient voor die groepering. Makelaar Bod koopt dit pand om daar zijn makelaarskantoor te vestigen. Hij vraagt op 15 juli 2000 schriftelijk aan het gemeentebestuur om hem daarvoor met toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vrijstelling te verlenen. Het is niet nodig om bouwkundige voorzieningen te treffen. Het college van burgemeester en wethouders publiceert dit verzoek in een plaatselijk nieuwsblad en legt het overeenkomstig de toepasselijke voorschriften ter inzage. Er worden geen zienswijzen ingediend. Op 10 oktober 2000 verleent het college de gevraagde vrijstelling en maakt dit besluit op de voorgeschreven wijze bekend. Het besluit wordt tevens in een plaatselijk nieuwsblad bekend gemaakt. Makelaar Bod dient ook schriftelijk een melding in op grond van de algemene maatregel van bestuur "Besluit Kantoorgebouwen Wet Milieubeheer". Het kantoor voldoet aan de eisen die in dat besluit zijn vermeld. Het college besluit vervolgens om die melding te accepteren. Dat wordt op 15 november 2000 in het plaatselijke nieuwsblad gepubliceerd. Makelaar Bod opent vervolgens op 1 december 2000 zijn kantoor. Dat gebeurt na een aantal reclame-uitingen in het plaatselijk nieuwsblad. Makelaar A&S leest dit nieuwsblad en wint informatie in bij de gemeente. Hij maakt vervolgens op 22 februari 2001 schriftelijk bezwaar bij het college tegen het besluit om op grond van de Wet milieubeheer ingediende melding te accepteren. Hij vindt dat het college die melding niet had mogen accepteren, omdat een kantoor op die plaats niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan. In een afzonderlijke brief van gelijke datum maakt hij ook bezwaar tegen de op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening verleende vergunning. Hij meent dat het college die vrijstelling niet had mogen verlenen, omdat er geen vergunning ingevolge de Wet milieubeheer was voor dat kantoor en de beslissing dus had moeten worden aangehouden. Verder vindt hij dat het college in verband met concurrentieoverwegingen de vrijstelling niet had moeten verlenen. Tenslotte vermeldt hij dat niet het college, maar de gemeenteraad op het verzoek om vrijstelling had moeten beslissen.-3960 QT8K  =  - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag28Vraag28bZie CASUS onderaan Is de vrijstelling voor het gebruik van het pand als kantoor in dit geval verleend met toepassingtuur om hem daarvoor met toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vrijstelling te verlenen. Het is niet nodig om bouwkundige voorzieningen te treffen. Het college van burgemeester en wethouders publiceert dit verzoek in een plaatselijk nieuwsblad en legt het overeenkomstig de toepasselijke voorschriften ter inzage. Er worden geen zienswijzen ingediend. Op 10 oktober 2000 verleent het college de gevraagde vrijstelling en maakt dit besluit op de voorgeschreven wijze bekend. Het besluit wordt tevens in een plaatselijk nieuwsblad bekend gemaakt. Makelaar Bod dient ook schriftelijk een melding in op grond van de algemene maatregel van bestuur "Besluit Kantoorgebouwen Wet Milieubeheer". Het kantoor voldoet aan de eisen die in dat besluit zijn vermeld. Het college besluit vervolgens om die melding te accepteren. Dat wordt op 15 november 2000 in het plaatselijke nieuwsblad gepubliceerd. Makelaar Bod opent vervolgens op 1 december 2000 zijn kantoor. Dat gebeurt na een aantal reclame-uitingen in het plaatselijk nieuwsblad. Makelaar A&S leest dit nieuwsblad en wint informatie in bij de gemeente. Hij maakt vervolgens op 22 februari 2001 schriftelijk bezwaar bij het college tegen het besluit om op grond van de Wet milieubeheer ingediende melding te accepteren. Hij vindt dat het college die melding niet had mogen accepteren, omdat een kantoor op die plaats niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan. In een afzonderlijke brief van gelijke datum maakt hij ook bezwaar tegen de op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening verleende vergunning. Hij meent dat het college die vrijstelling niet had mogen verlenen, omdat er geen vergunning ingevolge de Wet milieubeheer was voor dat kantoor en de beslissing dus had moeten worden aangehouden. Verder vindt hij dat het college in verband met concurrentieoverwegingen de vrijstelling niet had moeten verlenen. Tenslotte vermeldt hij dat niet het college, maar de gemeenteraad op het verzoek om vrijstelling had moeten beslissen.-3960 ((HU6KGw =  - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag29Vraag29cZie CASUS onderaan Waar vindt u de gevallen waarin op grond van artikel 19, lid 3 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vrijstelling kan worden verleend?In artikel 19a van de Wet op de Ruimtelijke Ordening.In artikel 19, lid 4 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening.In artikel 20 van het Besluit op de Ruimtelijke Ordening.yCasus Makelaar behorend bij de vragen 26 tot en met 32. Makelaar A&S is sinds jaar en dag de enige makelaar in de gemeente Ebst. Zijn kantoor ligt midden in het centrum. Een nabijgelegen pand, dat volgens het geldende bestemmingsplan een winkelbestemming heeft, wordt al enige tijd gebruikt door een religieuze groepering die daar enige malen per maand bijeenkomt en voorts als kantoor dient voor die groepering. Makelaar Bod koopt dit pand om daar zijn makelaarskantoor te vestigen. Hij vraagt op 15 juli 2000 schriftelijk aan het gemeentebes CASUS onderaan Bij de toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening moet onder meer het verzoek om vrijstelling ter inzage worden gelegd en gelegenheid worden gegeven tot het indienen van zienswijzen. Wie zijn dan bevoegd tot het indienen van zienswijzen?Alleen belanghebbenden.Alleen degenen die inwoner zijn van de gemeente of degenen die in die gemeente een belang hebben.Een ieder.yCasus Makelaar behorend bij de vragen 26 tot en met 32. Makelaar A&S is sinds jaar en dag de enige makelaar in de gemeente Ebst. Zijn kantoor ligt midden in het centrum. Een nabijgelegen pand, dat volgens het geldende bestemmingsplan een winkelbestemming heeft, wordt al enige tijd gebruikt door een religieuze groepering die daar enige malen per maand bijeenkomt en voorts als kantoor dient voor die groepering. Makelaar Bod koopt dit pand om daar zijn makelaarskantoor te vestigen. Hij vraagt op 15 juli 2000 schriftelijk aan het gemeentebestuur om hem daarvoor met toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vrijstelling te verlenen. Het is niet nodig om bouwkundige voorzieningen te treffen. Het college van burgemeester en wethouders publiceert dit verzoek in een plaatselijk nieuwsblad en legt het overeenkomstig de toepasselijke voorschriften ter inzage. Er worden geen zienswijzen ingediend. Op 10 oktober 2000 verleent het college de gevraagde vrijstelling en maakt dit besluit op de voorgeschreven wijze bekend. Het besluit wordt tevens in een plaatselijk nieuwsblad bekend gemaakt. Makelaar Bod dient ook schriftelijk een melding in op grond van de algemene maatregel van bestuur "Besluit Kantoorgebouwen Wet Milieubeheer". Het kantoor voldoet aan de eisen die in dat besluit zijn vermeld. Het college besluit vervolgens om die melding te accepteren. Dat wordt op 15 november 2000 in het plaatselijke nieuwsblad gepubliceerd. Makelaar Bod opent vervolgens op 1 december 2000 zijn kantoor. Dat gebeurt na een aantal reclame-uitingen in het plaatselijk nieuwsblad. Makelaar A&S leest dit nieuwsblad en wint informatie in bij de gemeente. Hij maakt vervolgens op 22 februari 2001 schriftelijk bezwaar bij het college tegen het besluit om op grond van de Wet milieubeheer ingediende melding te accepteren. Hij vindt dat het college die melding niet had mogen accepteren, omdat een kantoor op die plaats niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan. In een afzonderlijke brief van gelijke datum maakt hij ook bezwaar tegen de op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening verleende vergunning. Hij meent dat het college die vrijstelling niet had mogen verlenen, omdat er geen vergunning ingevolge de Wet milieubeheer was voor dat kantoor en de beslissing dus had moeten worden aangehouden. Verder vindt hij dat het college in verband met concurrentieoverwegingen de vrijstelling niet had moeten verlenen. Tenslotte vermeldt hij dat niet het college, maar de gemeenteraad op het verzoek om vrijstelling had moeten beslissen.-3960 E"EIX8K_yU =  - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag32Vraag32cZie CASUS onderaan Is de opvatting van makelaar A&S juist, dat in dit geval niet het college maar de gemeent BW8KC!%' =  - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag31Vraag31bZV6K?;O! =  - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag30Vraag30cZieie CASUS onderaan Wordt bij de toepassing van artikel 19, lid 3 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening een onderscheid gemaakt tussen gevallen die in het buitengebied liggen en gevallen die in de bebouwde kom liggen?Neen, een dergelijk onderscheid is volgens Europese regels discriminatoir.Ja, dat onderscheid wordt in het Besluit op de Ruimtelijke Ordening gemaakt.Neen, een dergelijk onderscheid komt in de toepasselijke wetgeving niet voor.yCasus Makelaar behorend bij de vragen 26 tot en met 32. Makelaar A&S is sinds jaar en dag de enige makelaar in de gemeente Ebst. Zijn kantoor ligt midden in het centrum. Een nabijgelegen pand, dat volgens het geldende bestemmingsplan een winkelbestemming heeft, wordt al enige tijd gebruikt door een religieuze groepering die daar enige malen per maand bijeenkomt en voorts als kantoor dient voor die groepering. Makelaar Bod koopt dit pand om daar zijn makelaarskantoor te vestigen. Hij vraagt op 15 juli 2000 schriftelijk aan het gemeentebestuur om hem daarvoor met toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vrijstelling te verlenen. Het is niet nodig om bouwkundige voorzieningen te treffen. Het college van burgemeester en wethouders publiceert dit verzoek in een plaatselijk nieuwsblad en legt het overeenkomstig de toepasselijke voorschriften ter inzage. Er worden geen zienswijzen ingediend. Op 10 oktober 2000 verleent het college de gevraagde vrijstelling en maakt dit besluit op de voorgeschreven wijze bekend. Het besluit wordt tevens in een plaatselijk nieuwsblad bekend gemaakt. Makelaar Bod dient ook schriftelijk een melding in op grond van de algemene maatregel van bestuur "Besluit Kantoorgebouwen Wet Milieubeheer". Het kantoor voldoet aan de eisen die in dat besluit zijn vermeld. Het college besluit vervolgens om die melding te accepteren. Dat wordt op 15 november 2000 in het plaatselijke nieuwsblad gepubliceerd. Makelaar Bod opent vervolgens op 1 december 2000 zijn kantoor. Dat gebeurt na een aantal reclame-uitingen in het plaatselijk nieuwsblad. Makelaar A&S leest dit nieuwsblad en wint informatie in bij de gemeente. Hij maakt vervolgens op 22 februari 2001 schriftelijk bezwaar bij het college tegen het besluit om op grond van de Wet milieubeheer ingediende melding te accepteren. Hij vindt dat het college die melding niet had mogen accepteren, omdat een kantoor op die plaats niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan. In een afzonderlijke brief van gelijke datum maakt hij ook bezwaar tegen de op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening verleende vergunning. Hij meent dat het college die vrijstelling niet had mogen verlenen, omdat er geen vergunning ingevolge de Wet milieubeheer was voor dat kantoor en de beslissing dus had moeten worden aangehouden. Verder vindt hij dat het college in verband met concurrentieoverwegingen de vrijstelling niet had moeten verlenen. Tenslotte vermeldt hij dat niet het college, maar de gemeenteraad op het verzoek om vrijstelling had moeten beslissen.-3960 eraad had moeten beslissen op het verzoek om vrijstelling?Ja, die opvatting is juist, omdat de gemeenteraad de bevoegdheid om te beslissen niet aan het college had gedelegeerd.Ja, die opvatting is juist, omdat de gemeenteraad volgens artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening het bevoegde orgaan is.Neen, die opvatting is niet juist, omdat in dit geval toepassing aan artikel 19, lid 3 kon worden gegeven en het college volgens dit artikel het bevoegde orgaan is.yCasus Makelaar behorend bij de vragen 26 tot en met 32. Makelaar A&S is sinds jaar en dag de enige makelaar in de gemeente Ebst. Zijn kantoor ligt midden in het centrum. Een nabijgelegen pand, dat volgens het geldende bestemmingsplan een winkelbestemming heeft, wordt al enige tijd gebruikt door een religieuze groepering die daar enige malen per maand bijeenkomt en voorts als kantoor dient voor die groepering. Makelaar Bod koopt dit pand om daar zijn makelaarskantoor te vestigen. Hij vraagt op 15 juli 2000 schriftelijk aan het gemeentebes tuur om hem daarvoor met toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vrijstelling te verlenen. Het is niet nodig om bouwkundige voorzieningen te treffen. Het college van burgemeester en wethouders publiceert dit verzoek in een plaatselijk nieuwsblad en legt het overeenkomstig de toepasselijke voorschriften ter inzage. Er worden geen zienswijzen ingediend. Op 10 oktober 2000 verleent het college de gevraagde vrijstelling en maakt dit besluit op de voorgeschreven wijze bekend. Het besluit wordt tevens in een plaatselijk nieuwsblad bekend gemaakt. Makelaar Bod dient ook schriftelijk een melding in op grond van de algemene maatregel van bestuur "Besluit Kantoorgebouwen Wet Milieubeheer". Het kantoor voldoet aan de eisen die in dat besluit zijn vermeld. Het college besluit vervolgens om die melding te accepteren. Dat wordt op 15 november 2000 in het plaatselijke nieuwsblad gepubliceerd. Makelaar Bod opent vervolgens op 1 december 2000 zijn kantoor. Dat gebeurt na een aantal reclame-uitingen in het plaatselijk nieuwsblad. Makelaar A&S leest dit nieuwsblad en wint informatie in bij de gemeente. Hij maakt vervolgens op 22 februari 2001 schriftelijk bezwaar bij het college tegen het besluit om op grond van de Wet milieubeheer ingediende melding te accepteren. Hij vindt dat het college die melding niet had mogen accepteren, omdat een kantoor op die plaats niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan. In een afzonderlijke brief van gelijke datum maakt hij ook bezwaar tegen de op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening verleende vergunning. Hij meent dat het college die vrijstelling niet had mogen verlenen, omdat er geen vergunning ingevolge de Wet milieubeheer was voor dat kantoor en de beslissing dus had moeten worden aangehouden. Verder vindt hij dat het college in verband met concurrentieoverwegingen de vrijstelling niet had moeten verlenen. Tenslotte vermeldt hij dat niet het college, maar de gemeenteraad op het verzoek om vrijstelling had moeten beslissen.-3960 \Y7K7 %1    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag33Vraag33bIs er sprake van detailhandel, zoals gebruikelijk in een bestemmingsplan is omschreven, als in een showroom artikelen kunnen worden besteld, die later bij de klant aan huis worden bezorgd en in huis genstalleerd?Neen, want er vindt geen directe levering aan de klant plaats.Ja, in een dergelijk geval is een showroom gelijk te stellen met een winkel.Neen, want het moment van bestellen en dat van afleveren van de goederen is niet volgtijdig en dat is bepalend voor de definitie van detailhandel.y-3960 NN.Z7K+'A'    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag34Vraag34bDe heer Poen heeft als economisch eigenaar van een woongedeelte aantoonbaar nadelen ondervonden van een nieuw bestemmingsplan. In hetzelfde bestemmingsplan is echter voor de heer Poen een nieuwe bouwmogelijkheid opgenomen op een aangrenzend perceel, waardoor hij aanzienlijke (grotere) voordelen ondervindt. Voor de beoordeling of er sprake is van planschade heeft de raad de nadelen gecompenseerd met de voordelen en aldus bepaald dat er in redelijkheid geen sprake is van planschade. Is deze vorm van compensatie geoorloofd?Neen, omdat voordeeltoerekening bij planschade wettelijk geen rol mag spelen.Ja, omdat het saldo van de voor- en nadelen bepalend is voor de toekenning van planschade.Neen, omdat de voor- en nadelen betrekking hebben op verschillende juridische objecten, die slechts marginaal met elkaar in verbinding staan.y-3960 UU'[7KK-;y    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag35Vraag35aEen gebouw wordt uitgebreid aan de straatzijde op grond van een nieuw bestemmingsplan. Een eigenaar/exploitant van een aangrenzend restaurant lijdt schade als gevolg van het feit dat minder passanten door de versmalde straat gaan. Vijf jaar na de realisering van het gebouw dient hij een verzoek in tot verkrijging van planschade. Is dit geoorloofd?Ja, het indienen van een verzoek om planschade is niet aan een termijn gebonden.Neen, dit verzoek is volgens de wet te laat ingediend sinds het ontstaan van de schade.Neen, de Wet op de Ruimtelijke Ordening bevat weliswaar geen termijn met betrekking tot het indienen van een dergelijk verzoek, maar de Algemene wet bestuursrecht bepaalt, dat er sprake moet zijn van een redelijke termijn tussen het ontstaan van de schade en het indienen van het verzoek om vergoeding daarvan.y-3960 0]>kLy,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag31,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag32,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag33,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag34,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag35,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag36,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag37,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag38,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag39,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag40,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag41,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag42,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag43,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag44,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag45,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag46,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag47,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag48,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag49 ++Q\7Ke'+I    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag36Vraag36aWat is in zijn algemeenheid een belangrijk verschil tussen een stadsvernieuwingsplan en een bestemmingsplan?Een stadsvernieuwingsplan is op uitvoering gericht, een bestemmingsplan niet.Een stadsvernieuwingsplan heeft geen bindende werking, een bestemmingsplan wel.Een stadsvernieuwingsplan moet worden uitgewerkt in een verordening, een bestemmingsplan niet.y-3960 W]7K/1)    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag37Vraag37bIn de Leegstandswet zijn onder meer bepalingen opgenomen omtrent leegstaande woningen. Burgemeester en wethouders kunnen een eigenaar onder bepaalde voorwaarden vergunning verlenen tot overeenkomsten van huur en verhuur van woonruimte, waarop een aantal bepalingen van het Burgerlijk Wetboek niet van toepassing is.Deze moet worden aangegaan voor een periode van minimaal drie maanden; bij opzegging door de verhuurder is de termijn niet korter dan n maand.Deze moet worden aangegaan voor een periode van minimaal zes maanden; bij opzegging door de verhuurder is de termijn niet korter dan drie maanden.Deze mag worden aangegaan voor een periode van ten hoogste n jaar; bij opzegging door de verhuurder is de termijn niet korter dan n maand.y-3960 "^7K=5    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag38Vraag38cWelke van onderstaande uitspraken met betrekking tot een leefmilieuverordening is juist?Een leefmilieuverordening moet altijd gevolgd worden door een stadsvernieuwingsplan.Indien een leefmilieuverordening in strijd is met een bestemmingsplan geldend voor hetzelfde gebied prevaleert het bestemmingsplan.Indien een leefmilieuverordening in strijd is met een bestemmingsplan geldend voor hetzelfde gebied prevaleert de leefmilieuverordening.y-3960 ,_7KIy}w    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag39Vraag39aWelke van onderstaande uitspraken met betrekking tot aanvraag van een bouwvergunning is juist?Een aanvraag om bouwvergunning die in strijd is met een van kracht zijnde leefmilieuverordening moet worden geweigerd.Een aanvraag om bouwvergunning die in strijd is met een van kracht zijnde leefmilieuverordening moet worden aangehouden.Een aanvraag om bouwvergunning die in strijd is met een van kracht zijnde leefmilieuverordening moet worden verleend.y-3960 Ga5Ko}    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag41Vraag41cWelke bewering met betrekking tot landinrichting is juist?Landinrichting is beperkt tot agrarische gronden.Landinrichting is per definitie gelijk aan ruilverkaveling.Ruilverkaveling is n van de vormen van landinrichting.y-3960k`7KEY    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag40Vraag40bWat is het karakter van het Structuurschema Landinrichting?Het is een bijzonder bestemmingsplan ten behoeve van de landinrichting met bindende werking.Het is een document dat de hoofdlijnen en beginselen van het nationaal landinrichtingsgebied aangeeft.Het is een door de regering vastgesteld document dat exact en bindend aangeeft hoe de processen van landinrichting moeten verlopen.y-3960 b4KA[ee    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag42Vraag42bBeoordeel de volgende stellingen. I. Een nutswet is een speciale formele wet waarin wordt verklaard dat een bepaalde onteigening in het algemeen belang moet plaatsvinden. II. Onteigening in "gewonen gevallen" vindt doorgaans plaats via een nutswet. Wat is juis?De stellingen I en II zijn beide juist.Stelling I is juist, stelling II is onjuist.Stelling I is onjuist, stelling II is juist.y-3960 c7K=7    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag43Vraag43aIn een onteigeningsvonnis wordt de hoogte van de schadeloosstelling die de gemeente Rommeldan moet betalen, vastgesteld. Wat is het rechtsgevolg indien niet binnen drie maanden - nadat het vonnis definitief is geworden - deze schadeloosstelling is uitbetaald of is geconsigneerd?Dan vervalt het vonnis en vindt er geen onteigening plaats.Dan moet - nadat de onteigende partij daartoe een verzoek heeft ingediend - de gemeente Rommeldan alsnog tot betaling binnen acht werkdagen overgaan.Dan wordt het schadeloosstellingsbedrag rentedragend en moet bovendien de alsdan, als gevolg van deze te late betaling, ontstane schade daarenboven door de gemeente Rommeldan worden vergoed.y-3960 'e4KS)    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag45Vraag45cIndien in het geding tot onteigening de dagvaarding niet de som vermeldt welke door de onteigende partij als schadeloosstelling aangeboden wordt, is de dagvaardinggeldig.vernietigbaar.nietig.y-3960#d4Km%3e    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag44Vraag44aOnteigening kan alleen geschieden in het algemeen belang en tegen vooraf verzekerde schadeloosstelling, zo steltde Grondwet.de Onteigeningswet.het wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.y-3960 (#g5K;ku    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag47Vraag47bWanneer geldt conform de Wet voorkeursrecht gemeenten de plicht van de verkoper om zijn eigendom als eerste aan de gemeente te koop aan te bieden niet?Bij onderhandse verkoop van de onroerende zaak.Bij vervreemding krachtens uiterste wilsbeschikking.Bij vervreemding aan neven en nichten tot en met de derde graad.y-3960Tf7K#?    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag46Vraag46cOp het geding tot onteigening conform de Onteigeningswet zijnuitsluitend de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.uitsluitend de bepalingen van het wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van toepassing.de bepalingen van het wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van toepassing voorzover daarvan niet is afgeweken bij de Onteigeningswet.y-3960 fi5K;Ym-    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag49Vraag49bIn de provincie Limburg wordt onder meer mergel gedolven. De exploitant is vergunningplichtig ingevolgde de bepalingen in de Ontgrondigenwet. Wie of welke instantie is bevoegd een dergelijke vergunning te verlenen?De minister van Verkeer en Waterstaat.Het college van gedeputeerde staten van Limburg.Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waarin gedoven wordt.y-3960Rh5KsY    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag48Vraag48bWie/welk orgaan is primair belast met het opleggen van een gedoogplicht ingevolge de Belemmeringenwet Privaatrecht?De Kroon.De minister van Verkeer en Waterstaat.De minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer.y-3960 b\k7Kq1o    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag51Vraag51cBej7K5;KW    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag50Vraag50cWelke van de volgende beweringen inzake een gemeentelijk milieubeleidsplan is juist?Een vastgesteld gemeentelijk milieubeleidsplan behoeft slechts betreokken te worden bij het verlenen van een vergunning ingevolgde de Wet milieubeheer.Een vastgesteld gemeentelijk milieubeleidsplan moet in alle gevallen bij het verlenen van een vergunning ingevolgde de Wet milieubeheer in acht worden genomen.Met een vastgesteld gemeentelijk milieubeleidsplan moet in alle gevallen bij het verlenen van een vergunning ingevolgde de Wet milieubeheer rekening worden gehouden.y-3960drijf Xant overtreedt de voorschriften van een aan hem verleende vergunning ingevolgde de Wet milieubeheer. De milieubeweging verzoekt het bevoegd gezag om aan het bedrijf een waarschuwing bestuursdwang te doen toekomen. Het bevoegd gezag laat na om binnen de wettelijk vereiste termijn een beslissing op dit verzoek te nemen. Welke rechtsgang kan de milieubeweging instellen?Beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, eventueel in combinatie met een verzoek om voorlopige voorziening bij de voorzitter van deze Afdeling.Een bezwaarschrift indienen bij het bevoegd gezag tegen het niet tijdig nemen van een besluit, eventueel in combinatie met een verzoek om voorlopige voorziening bij de president van de arrondissementsrechtbank.Een bezwaarschrift indienen bij het bevoegd gezag tegen het niet tijdig nemen van een besluit, eventueel in combinatie met een verzoek om een voorlopige voorziening bij de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.y-3960 33Il7Kw ]    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag52Vraag52cEen milieuvergunning voor een inrichting is door het bevoegd gezag verleend voor onbepaalde tijd. Is dit geoorloofd?Neen, milieuvergunningen zijn altijd aan een termijn gebonden.Ja, milieuvergunningen worden altijd voor onbepaalde tijd verleend.Ja, milieuvergunningen worden in het algemeen verleend voor onbepaalde tijd, uitzonderingen daargelaten.y-3960 ``m7K3c u    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag53Vraag53cEen omwonende van een grondverzetbedrijf, waarvan de milieuvergunning kort tevoren in werking is getreden, verzoekt aan het bevoegd gezag om intrekking of wijziging van de vergunning wegens geluidsoverlast. Het verzoek wordt door het bevoegd gezag afgewezen omdat het voorbarig wordt geacht en het bedrijf nog maar nauwelijks in werking is. Is dit geoorloofd? Zo ja, waarom wel en zo neen, waarom niet?Ja, omdat in casu de bedrijfsactiviteiten sinds de inwerkingtreding van de vergunning niet waren gewijzigd.Neen, omdat een omwonende een dergelijk verzoek niet eerder dan een jaar na de inwerkingtreding van de vergunning kan indienen.Neen, omdat het bevoegd gezag verplicht is na te gaan of de bevoegdheid bestaat tot het wijzigen of intrekken van de vergunning, waarna een belangenafweging dient plaats te vinden.y-3960 KK1n4KK13    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag54Vraag54cBij welk van de onderstaande obligatoire overeenkomsten is, indien zij als onderwerp een onroerende zaak hebben, bij het sluiten van de overeenkomst reeds een verkrijging in de zin van de Wet op belastingen van rechtsverkeer aanwezig, zodat reeds dan overdrachsbelasting is verschuldigd?Huur.Operational Lease.Koop op afbetaling.y-3960 ==?o5KI}    - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag55Vraag55bOndernemer A wenst zijn fabriek uit te breiden en dient daarom bij het bevoegd gezag een aanvraag voor een wijzigingsvergunning krachtens de Wet milieurbeheer in. Voor deze uitbreiding is mede een vergunning krachtens de Wet verontreiniging oppervlaktewateren vereist. De ondernemer laat na, deze aanvraag tijdig bij het bevoegd gezag in te dienen. Wat is het gevolg hiervan voor de behandeling van de aanvraag krachtens de Wet milieubeheer?Niets, deze loopt gewoon door.De vergunningsaanvraag wordt buiten behandeling gelaten.De gevraagde vergunning krachtens de Wet milieubeheer wordt geweigerd.y-3960 ;hIt$P|,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag51,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag52,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag53,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag54,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag55,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag56,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag57,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag58,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag59,K- Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag60*I- Examen Publiekrecht 2002 - IExamen+I- Examen Publiekrecht 2002 - IVraag01+K- Examen Publiekrecht 2002 - IIExamen,K- Examen Publiekrecht 2002 - IIVraag01*I- Examen Publiekrecht 2003 - IExamen+I- Examen Publiekrecht 2003 - IVraag01+K- Examen Publiekrecht 2003 - IIExamen,K- Examen Publiekrecht 2003 - IIVraag01*I- Examen Publiekrecht 2004 - IExamen+I- Examen Publiekrecht 2004 - IVraag01ing, uitsluitend bezig met het beleggen in onroerende zaken. Haar aandeelhouders wensen in principe aandelen te verkopen, maar als dit niet mogelijk mocht blijken zijn zij ook bereid de onroerende zaken apart te verkopen. Op de balans van de B.V. staan twee bedrijfsonroerende zaken, hierna te noemen gebouw A en gebouw B. Daarnaast bezit de B.V. een beleggingsportefeuille met beurswaarde van 2 miljoen. Gebouw A is op 31 maart 1999 gereedgekomen en per 1 april 1999 verhuurd en in gebruik genomen door B.V. Y, de huidige huurder van het gebouw. Het staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor een bedrag van 1,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 3,5 miljoen. Gebouw B wordt op dit moment nog afgebouwd en staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor 2,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 4,5 miljoen. Voor dit gebouw is reeds een huurcontract afgesloten. De toekomstige huurder, B.V. Z zal het gebouw in gebruik nemen zodra het klaar is.-3960 HH,p7K_?   - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag56Vraag56aZie CASUS onderaan De heer S. is bereid om alle aandelen van B.V. X te kopen voor een bedrag van 9,2 miljoen, waarbij rekening is gehouden met een latende vennootschapsbelastingclaim van 20% over de stille reserves in de onroerende zaken. Is de heer S. ter zake van de verkrijging van deze aandelen overdrachtsbelasting verschuldigd en zo neen, waarom niet?Ja.Neen, want gebouw B is niet in gebuik genomen als bedrijfsmiddel, zodat het niet meetelt voor de vraag of aan het hoofdzakelijkheidscriterium is voldaan.Neen, want de balanswaarde van de onroerende zaken bedraagt 4 miloen, zodat niet voldaan wordt aan het criterium dat de bezittingen hoofdzakelijk moeten bestaan uit onroerende zaken of rechten.yCasus Belastingen behorend bij de vragen 56 tot en met 60. De B.V. X houdt zich, in overeenstemming met haar statutaire doelstell!$ie CASUS onderaan De aandeelhouders van de B.V. X vinden het bod van de heer S. te laag en na ruim twee jaar blijkt dat de aandelen van B.V. X niet verkocht kunnen worden, omdat investeerders niet genteresseerd zijn in beide gebouwen tezamen. Stel dat de heer Y, de enig aandeelhouder van B.V. Y, gebouw A van B.V X koopt voor 3,5 miljoen. Is de heer Y ter zake van de levering van gebouw A omzetbelasting verschuldigd? Zo ja, onder welke voorwaarde, zo neen, waarom niet?Neen, want het gebouw wordt verkocht door een vennootschap aan een priv persoon.Ja, indien de levering geschiedt binnen 10 jaar nadat het gebouw in gebruik is genomen.Ja, indien B.V. X en de heer Y tezamen opteren voor een met omzetbelasting belaste levering, terwijl de heer Y daarna belast gaat verhuren aan zijn eigen B.V.yCasus Belastingen behorend bij de vragen 56 tot en met 60. De B.V. X houdt zich, in overeenstemming met haar statutaire doelstelling, uitsluitend bezig met het beleggen in onroerende zaken. Haar aandeelhouders wensen in principe aandelen te verkopen, maar als dit niet mogelijk mocht blijken zijn zij ook bereid de onroerende zaken apart te verkopen. Op de balans van de B.V. staan twee bedrijfsonroerende zaken, hierna te noemen gebouw A en gebouw B. Daarnaast bezit de B.V. een beleggingsportefeuille met beurswaarde van 2 miljoen. Gebouw A is op 31 maart 1999 gereedgekomen en per 1 april 1999 verhuurd en in gebruik genomen door B.V. Y, de huidige huurder van het gebouw. Het staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor een bedrag van 1,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 3,5 miljoen. Gebouw B wordt op dit moment nog afgebouwd en staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor 2,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 4,5 miljoen. Voor dit gebouw is reeds een huurcontract afgesloten. De toekomstige huurder, B.V. Z zal het gebouw in gebruik nemen zodra het klaar is.-3960 Pr8K_UK   - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag58Vraag58cZie CASUS onderaan Waarom zouden B.V. X en de heer Y bij de levering van gebouw A de mogelijkheid van een optie tot een met omzetbelasting belaste levering overwegen?Omdat B.V. X dan geen belasting over de bij levering gerealiseerde stille reserves hoeft te betalen.Omdat de heer Y dan geen overdrachtsbelasting hoeft te betalen bij de verkrijging van gebouw A.Omdat B.V. X dan de afgetrokken omzetbelasting bij levering of bouw van gebouw A niet geheel of deels hoeft terug te betalen.yCasus Belastingen behorend bij de vragen 56 tot en met 60. De B.V. X houdt zich, in overeenstemming met haar statutaire doelstell& q8KK/;I   - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag57Vraag57cZ#ing, uitsluitend bezig met het beleggen in onroerende zaken. Haar aandeelhouders wensen in principe aandelen te verkopen, maar als dit niet mogelijk mocht blijken zijn zij ook bereid de onroerende zaken apart te verkopen. Op de balans van de B.V. staan twee bedrijfsonroerende zaken, hierna te noemen gebouw A en gebouw B. Daarnaast bezit de B.V. een beleggingsportefeuille met beurswaarde van 2 miljoen. Gebouw A is op 31 maart 1999 gereedgekomen en per 1 april 1999 verhuurd en in gebruik genomen door B.V. Y, de huidige huurder van het gebouw. Het staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor een bedrag van 1,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 3,5 miljoen. Gebouw B wordt op dit moment nog afgebouwd en staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor 2,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 4,5 miljoen. Voor dit gebouw is reeds een huurcontract afgesloten. De toekomstige huurder, B.V. Z zal het gebouw in gebruik nemen zodra het klaar is.-3960ing, uitsluitend bezig met het beleggen in onroerende zaken. Haar aandeelhouders wensen in principe aandelen te verkopen, maar als dit niet mogelijk mocht blijken zijn zij ook bereid de onroerende zaken apart te verkopen. Op de balans van de B.V. staan twee bedrijfsonroerende zaken, hierna te noemen gebouw A en gebouw B. Daarnaast bezit de B.V. een beleggingsportefeuille met beurswaarde van 2 miljoen. Gebouw A is op 31 maart 1999 gereedgekomen en per 1 april 1999 verhuurd en in gebruik genomen door B.V. Y, de huidige huurder van het gebouw. Het staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor een bedrag van 1,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 3,5 miljoen. Gebouw B wordt op dit moment nog afgebouwd en staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor 2,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 4,5 miljoen. Voor dit gebouw is reeds een huurcontract afgesloten. De toekomstige huurder, B.V. Z zal het gebouw in gebruik nemen zodra het klaar is.-3960 `s5KYYa   - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag59Vraag59aZie CASUS onderaan Onder welk belastingregime voor de inkomstenbelasting vallen de huurinkomsten die de heer Y van B.V. Y ontvangt?Box I: inkomsten uit werken en woning.Box II: inkomsten aanmerkelijk belang.Box III: inkomsten uit sparen en beleggen.yCasus Belastingen behorend bij de vragen 56 tot en met 60. De B.V. X houdt zich, in overeenstemming met haar statutaire doelstell'ing, uitsluitend bezig met het beleggen in onroerende zaken. Haar aandeelhouders wensen in principe aandelen te verkopen, maar als dit niet mogelijk mocht blijken zijn zij ook bereid de onroerende zaken apart te verkopen. Op de balans van de B.V. staan twee bedrijfsonroerende zaken, hierna te noemen gebouw A en gebouw B. Daarnaast bezit de B.V. een beleggingsportefeuille met beurswaarde van 2 miljoen. Gebouw A is op 31 maart 1999 gereedgekomen en per 1 april 1999 verhuurd en in gebruik genomen door B.V. Y, de huidige huurder van het gebouw. Het staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor een bedrag van 1,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 3,5 miljoen. Gebouw B wordt op dit moment nog afgebouwd en staat (inclusief grond) op de balans van B.V. X voor 2,5 miljoen. De getaxeerde verkoopwaarde bedraagt op dit moment 4,5 miljoen. Voor dit gebouw is reeds een huurcontract afgesloten. De toekomstige huurder, B.V. Z zal het gebouw in gebruik nemen zodra het klaar is.-3960 !!St8Kg   - Examen Publiekrecht 2001 - IIVraag60Vraag60aZie CASUS onderaan Stel dat B.V. Z het nog in aanbouw zijnde gebouw B, dat zij na het gereedkomen daarvan gaat huren en meteen in gebruik nemen, koopt voor 4,5 miljoen. B.V. Z is een vennootschap die voor 90% of meer van haar omzet belaste prestaties verricht. Is B.V. Z ter zake van de verkrijging van gebouw B overdrachtsbelasting verschuldigd? Zo ja, waarom, en zo neen, waarom niet?Neen, want gebouw B is nog niet als bedrijfsmiddel gebruikt.Ja, want B.V. Z kan als ondernemer de omzetbelasting geheel in aftrek nemen waardoor deze niet op haar drukt.Neen, onroerende zaken die in aanbouw zijn, zijn van rechtswege belast met omzetbelasting en komen dan ook nooit voor heffing van overdrachtsbelasting bij verkrijging daarvan in aanmerking.yCasus Belastingen behorend bij de vragen 56 tot en met 60. De B.V. X houdt zich, in overeenstemming met haar statutaire doelstell) &ev3I    - Examen Publiekrecht 2002 - IVraag01Vraag01y-3960Vu7I i}/?Q   - Examen Publiekrecht 2002 - IExamenExamenDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris van de Koniging, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 )y36 %fx3K    - Examen Publiekrecht 2002 - IIVraag01Vraag01y-3960Ww7K i}/?Q   - Examen Publiekrecht 2002 - IIExamenExamenDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris van de Koniging, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 )y36 &ez3I    - Examen Publiekrecht 2003 - IVraag01Vraag01y-3960Vy7I i}/?Q   - Examen Publiekrecht 2003 - IExamenExamenDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris van de Koniging, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 )y36 %f|3K    - Examen Publiekrecht 2003 - IIVraag01Vraag01y-3960W{7K i}/?Q   - Examen Publiekrecht 2003 - IIExamenExamenDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris van de Koniging, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 )y36offlrx~ &,28>DJPV\bhntz "(.4:@FLRX^djpv|߅79<=?BDFGHIJLMNPSTUX Y Z[\]^_abcegiklmno"p%r(s*t+v,x-z.|0~12369:< ? A CFJLOUZ\]^ `#d&g'h(i)j*l+o.u/w0y1{3~4679;<=?BCDEFGHIJMOPQTUVWY[\†]Æ^ņ`ȆaɆb &e~3I    - Examen Publiekrecht 2004 - IVraag01Vraag01y-3960V}7I i}/?Q   - Examen Publiekrecht 2004 - IExamenExamenDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris van de Koniging, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 )y36 %f3K    - Examen Publiekrecht 2004 - IIVraag01Vraag01y-3960W7K i}/?Q   - Examen Publiekrecht 2004 - IIExamenExamenDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris van de Koniging, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 )y36 &e3I    - Examen Publiekrecht 2005 - IVraag01Vraag01y-3960V7I i}/?Q   - Examen Publiekrecht 2005 - IExamenExamenDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris van de Koniging, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 )y36 %}5KG+]9a    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag01Vraag01a Wie5W7K i}/?Q   - Examen Publiekrecht 2005 - IIExamenExamenDe burgemeester is in een aantal zaken belast met medebewindstaken. Aan wie is hij / zij ten aanzien van deze taken - op grond van de Gemeentewet - verantwoording schuldig ?Uitsluitend aan de Kroon, door wie hij / zij benoemd is.Uitsluitend aan de gemeenteraad van de gemeente waarvan hij / zij burgemeester isUitsluitend aan de Commissaris van de Koniging, op wiens advies hij / zij is voorgedragenGemw 180. Iemand kan ter verantwoording worden geroepen m.b.t. de uitoefening van zijn bestuurlijke bevoegdheden, Zie daarom bij De bevoegdheid van de burgemeester ( Gemw 170 ev ), en dan bij Verantwoordingsplicht ( Gemw 180 )y36 1]>kLy,K- Examen Publiekrecht 2004 - IIVraag01*I- Examen Publiekrecht 2005 - IExamen+I- Examen Publiekrecht 2005 - IVraag01+K- Examen Publiekrecht 2005 - IIExamen,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag01,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag02,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag03,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag04,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag05,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag06 ,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag07 ,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag08 ,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag09 ,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag10 ,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag11,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag12,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag13,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag14,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag15 vormen de ministerraad ? De minister(s) De minister(s) en staatssecretaris(sen) De minister(s) en bij afwezigheid van de minister de hem vervangende staatssecretaris- In de casus is sprake van een ministerraad in combinatie met ministers en staatssecretaris(sen) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " ministerraad " - er wordt dan verwezen naar: Grondwet ( Gw ) art. 45 - in Gw 45-1 is geregeld dat de minister(s) tezamen de ministerraad vormen Let op: uit Gw 46-3 zou men kunnen afleiden dat een staatssecretaris in bepaalde gevallen minister wordt, omdat hij als minister kan optreden, maar - dat kan niet,want ook al treedt hij als minister op, hij is geen minister want alleen de koning + minister_president kunnen een minister benoemen ( Awb 43 en 48 ) Het meest juiste antwoord is dus a y-3960 UU{7KSs3S    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag03Vraag03b I786K ]e=Q    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag02Vraag02b De bijzondere positie van de minister_president komt tot uiting in het voorzitterschap van de regering. in het voorzitterschap van de ministerraad. in de regel dat hij ook medeverantwoordelijk is voor alle besluit(en) van een minister.- In de casus is sprake van een minister_president in combinatie met een aantal functie(s) en verantwoordelijkheden - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " minister " - er wordt dan verwezen naar: Grondwet ( Gw ) art. 42 - in de kantlijn verder zoeken naar: " ministerraad " - in Gw 45-2 is vermeld dat de minister_president de ministerraad voorzit Het meest juiste antwoord is dus b y-3960ndien in de Tweede_Kamer een motie_van_wantrouwen gericht tegen n minister wordt aangenomen dan is de minister op basis van de Grondwet ontslagen. dient de minister zijn ontslag in te dienen op grond van ongeschreven staatsrecht. dan is de minister op basis van de Wet ministerile verantwoordelijkheid van rechtswege ontslagen.- In de casus is sprake van een motie_van_wantrouwen in combinatie met het ontslag van een minister - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: minister(s) , benoeming en ontslag - er wordt dan verwezen naar: Grondwet ( Gw ) art. 43 en art. 48 - maar dat geeft niet veel inzicht hier - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - een minister die niet langer het vertrouwen van de Tweede_Kamer heeft, behoort af te treden Het meest juiste antwoord is dus b y-3960van een rechtbank in combinatie met de begrippen: uitspraak, vonnis en arrest - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Alle rechterlijke_instantie(s) kunnen uitspraken doen - een uitspraak is een algemene benaming voor het oordeel van een rechter / rechterlijke_instantie(s) - een vonnis is een uitspraak in een geding; een veroordelende uitspraak van de burgerrechter - een arrest is een uitspraak van de Hoge_Raad, of van een gerechtshof - Een beslissing van de sector bestuursrecht is ( dus ) een uitspraak - zie o.a. Awb 8:66 de ( sector bestuursrecht van de ) rechtbank doet schriftelijk of mondeling uitspraak - zie ook Wet_op_de_Raad_van_State art. 37: bij de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State kan hoger beroep worden ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank als bedoeld in de Awb Het meest juiste antwoord is dus cy-3960 n5K%!O    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag04Vraag04c Hoe noemen we een beslissing van de sector_bestuursrecht_van_de_rechtbank ? Arrest Vonnis Uitspraak- In de casus is sprake van een beslissing 8 dd8KE )    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag05Vraag05a Wie of wat wordt onder belanghebbende in de zin van de Algemene_wet_bestuursrecht verstaan? Degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. Een rechtspersoon wiens belang indirect bij een besluit is betrokken. Uitsluitend een natuurlijk_persoon wiens belang bij een besluit is betrokken.- In de casus is sprake van een belanghebbende in combinatie met de Algemene_wet_bestuursrecht - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: belanghebbende - er wordt dan verwezen naar: Awb 1:2 - In Awb 1:2-1 is vermeld dat onder " belanghebbende " wordt verstaan degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken - en is dus niet beperkt tot alleen natuurlijke_personen of alleen rechtspersonen ( Awb 1:2-3 ) Het meest juiste antwoord is dus a y-3960 - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: mandaat, delegatie en attributie - er wordt dan verwezen naar: II.1 Awb 10:1 ev ( mandaat van bestuursorganen ) - er wordt dan verwezen naar: II.1 Awb 10:13 ev ( delegatie bestuursorganen ) - in de kantlijn verder zoeken naar: attributie ( in de index wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden ) - In Awb 10:13 is vermeld omtrent delegatie: het overdragen van bevoegdheden, waarbij - het bestuursorgaan dat heeft gedelegeerd, kan die gedelegeerde bevoegdheden niet meer zelf uitoefenen - bij mandaat kan de mandaatgever de gemandateerde bevoegdheid zelf ook uitoefenen - Attributie: - het toekennen aan een natuurlijk persoon of aan een rechtspersoon van een nieuwe, nog niet bestaande, bevoegdheid - kan dus plaatsvinden bij de installatie van nieuwe bevoegdheden aan al of niet nieuwe lichamen / organen Het meest juiste antwoord is dus b y-3960 VV% 6KG5sG    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag07Vraag07c Het beginsel dat een beschikking dient te berusten op een deugdelijke_motivering behoort tot beleidsregelgeving. de ongeschreven beginselen_van_behoorlijk_bestuur. de geschreven algemene_beginsele=m 5K%!#C    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag06Vraag06b Hoe noemt men de overdracht van bevoegdheden door een bestuursorgaan aan een ander. die deze onder eigen verantwoordelijkheid uitoefent? Mandaat Delegatie Attributie- In de casus is sprake van een overdracht van bevoegdheden in combinatie met bestuursorganen ;n_van_behoorlijk_bestuur.- In de casus is sprake van een beschikking in combinatie met een deugdelijke_motivering - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: motivering_besluiten - er wordt dan verwezen naar: II.1 Awb 3:46 ev - In Awb 3:46 is vermeld dat een besluit dient te berusten op een deugdelijke_motivering - In Awb 3:47-1 is vermeld dat de motivering " wordt " ( = moet worden ) vermeld bij de bekendmaking van het besluit - In Awb 3:48-1 is vermeld dat de motivering soms achterwege kan blijven, tenzij - de belanghebbende daarom verzoekt ( Awb 48-2 ) - Er zijn dus geschreven_regel(s) in de Algemene_wet_bestuursrecht daarvoor beschikbaar - motiveringsbeginsel ( Awb 3 :46, 3:47 ) is geregeld in een wet en is dus een geschreven_beginsel Let op: een dergelijk artikel in een wet is een algemeen_verbindende_voorschrift ( a.v.v. ) - een beleidsregel is geen wettelijk_voorschrift. ( Awb 4:83 ) Het meest juiste antwoord is dus c y-3960van een bestuursorgaan in combinatie met het horen ( hoorplicht ) van een belanghebbende bij een beslissing op een bezwaar - horen / hoorplicht staat niet in het register - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bezwaar, bijzondere_bepaling(en) 1. bij bezwaar wordt dan verwezen naar: II.1 Awb 1:5 , 6:1 , 7:1 - in de hoofdstukken 1 en 6 van de Awb staan algemene bepaling m.b.t. bezwaar 2. bij bezwaar, bijzondere_bepaling(en) wordt dan verwezen naar: II.1 Awb 7:2 - In Awb 7:2 is vermeld dat belanghebbende in de gelegenheid moeten worden gesteld, te worden gehoord - In Awb 7:3 is vermeld dat van horen kan worden kan worden afgezien indien: - het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is of ongegrond is - de belanghebbende NIET gehoord wil worden ( dit is dus NIET de enige reden voor niet-horen / dus NIET uitsluitend / ondergraaft antwoord b ) Het meest juiste antwoord is dus c y-3960 ))K 6Kqq{})    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag08Vraag08c Voordat een bestuursorgaan beslist op een bezwaar dient de belanghebbende altijd te worden gehoord. kan het horen uitsluitend achterwege blijven, indien de direct belanghebbende verklaart niet gehoord te willen worden. kan van het horen worden afgezien, onder meer indien het bezwaar kennelijk ongegrond of kennelijk niet ontvankelijk is.- In de casus is sprake >e behoort te komen.- In de casus is sprake van bestuursdwang in combinatie met een bestuursorgaan - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bestuursdwang bij Algemene_wet_bestuursrecht - er wordt dan verwezen naar: II.1 Awb 5:21 ev - de antwoorden a en b vallen beide af omdat: - die te algemeen zijn gesteld / niet als zodanig in artikelen worden genoemd ( b ), of - niet waar zijn / niet als zodanig in artikelen worden genoemd ( a ); zie daartoe: ( Awb 5:32-1 ev ) - in de kantlijn verder zoeken naar: $ toegang tot elke plaats $ - In Awb 5:27-3 is vermeld dat plaats(en) die niet bij de overtreding zijn betrokken, kunnen worden betreden - In Awb 5:27-4 is vermeld dat dit ook kan zonder aanzegging vanwege ...... - In Awb 5:27-6 is vermeld dat de daaruit volgende schade die redelijkerwijs niet tot de ............ kan worden vergoed Het meest juiste antwoord is dus cy-3960 F 8KKgwyS    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag09Vraag09c Welk van onderstaande beweringen met betrekking tot het instrument " bestuursdwang " is juist? Een beslissing door een bestuursorgaan tot toepassing van bestuursdwang kan pas plaatsvinden nadat een beschikking tot oplegging van een last onder dwangsom is genomen. De bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang ligt uitsluitend bij overheidsinstanties en is altijd toepasbaar indien in strijd gehandeld wordt met enig wettelijk voorschrift. Als door toepassing van bestuursdwang schade ontstaat door het direct betreden van de plaats die niet bij de overtreding is betrokken omdat aanzegging door de vereiste spoed niet mogelijk was, wordt deze schade vergoed voor zover deze redelijkerwijs niet ten laste van de rechthebbend@estuursdwang altijd achterwege blijven indien dat voor derde(n) een verbetering van hun feitelijke positie met zich meebrengt. dan dient het bevoegde bestuursorgaan naleving van het betreffende voorschrift altijd door middel van bestuursdwang af te dwingen. geldt in beginsel een handhavingsplicht, evenwel kan na afweging bestuursdwang in het algemeen_belang achterwege blijven, ook al kunnen belangen van derde(n) daarmee enigermate geschaad worden.- In de casus is sprake van een bestuursdwang in combinatie met eventuele belang(en) van derde(n) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " bestuursdwang bij Algemene_wet_bestuursrecht " - er wordt dan verwezen naar: II.1 Awb 5:21 - in de kantlijn verder zoeken - In Awb 5:22 is vermeld dat bestuursdwang een bevoegdheid is, en - dus geen verplichting - het KAN worden opgelegd, maar hoeft of moet niet - er kan ook worden gedoogd Het meest juiste antwoord is dus cy-3960 2T27Kw)'[u    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag11Vraag11a De heer Ampel krijgt op 3 januari de mededeling van burgemeester en wethouder(s) dat zijn aanvraag voor een parkeervergunning voor zijn auto is afgewezen. Hij dient op 11 februari een bezwaarschrift in bij de sector_bestuursrecht_van_de_rechtbank. Deze stuurt het bezwaarschrift door naar de gemeente, waar het op 18 februari binnen komt. Het bezwaarschrift is ... ontvankelijk. kennelijk niet ontvankelijk omdat het bij het verkeerde orgaan is ingediend. kennelijk niet ontvankelijk omdat het buiten de termijn bij burgemeester en wethouder(s) is ingekomen.- In de casus is sprake van een bezwaarschrift in combinatie met een termijn voor indiening - daarom zoeken in de iD 7K}m    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag10Vraag10c Indien een publiekrechtelijk voorschrift is overtreden, moet bBndex van de wettenbundel bij: bezwaar - er wordt dan verwezen naar, onder meer: Awb 6:1 ev ; in de kantlijn verder zoeken - In Awb 6:7 is vermeld dat de indieningtermijn voor een bezwaarschrift of een beroepschrift zes weken bedraagt - het bezwaarschrift is na circa 5 1/2 week bij de rechtbank ingediend en na circa 6 1/2 week bij de gemeente aangekomen - In Awb 6:15-1 is vermeld dat het onbevoegde bestuursorgaan of de onbevoegde rechter het bezwaar moet doorsturen - in Awb 6:15-3 is vermeld dat het tijdstip van indiening bij het ONbevoegd orgaan bepalend is voor de vraag of het bezwaar tijdig is ingediend - in Awb 6:9 , nog op tijd indien tijdig gepost en ontvangen binnen een week na afloop van de termijn bij de (on)juiste instantie. - het bezwaar is dus tijdig ( na circa 5 1/2 week ) ingediend bij het ONbevoegd orgaan ( de rechtbank ) - zie voor de algemene doorzendplicht ook: Awb 2:3 Het meest juiste antwoord is dus ay-3960 dat primair op iets anders dan die schade betrekking heeft op een verzoek om schadevergoeding wegens schade ontstaan door handelen of een besluit van een bestuursorgaan, beide in de zin van de Algemene_wet_bestuursrecht - In de casus is sprake van een zelfstandig_schadebesluit - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden ( dus leerboek, etc. ) - Een zelfstandig_schadebesluit is een besluit dat uitsluitend op een bepaalde schadezaak betrekking heeft - " zelfstandig " in de zin van " apart " en dus niet als onderdeel van een omvangrijker zaak waarin naast die bepaalde schade ook nog andere aspect(en) / element(en) ( andere schaden of niet-schaden ) aan de orde komen - daarom valt antwoord b af omdat die beslissing, zoals daar is gezegd, primair over een andere zaak gaat - antwoord a is te beperkt omdat het begrip " handelen / handeling " niet is meegenomen / erbij is betrokken Het meest juiste antwoord is dus c y-3960 %%7K/wc#}    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag14Vraag14a Een reguliere_bouwvergunning mag ( zonder dat sprake is van oH.7Kw M[    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag13Vraag13c Welk verbod is niet in de Huisvestingswet geregeld ? Het verbod om woonruimte met andere woonruimte samen te voegen. Het verbod om woonruimte aan de bestemming tot bewoning te onttrekken. Het verbod om woonruimte van onzelfstandige_woonruimte in zelfstandige_woonruimte om te zetten.- In de casus is sprake van een verbod in combinaGj7KmAY1    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag12Vraag12c Een zelfstandig_schadebesluit is een beslissing op een verzoek om schadevergoeding wegens schade ontstaan enkel door een besluit in de zin van de Algemene_wet_bestuursrecht waarbij het schadeaspect deel uitmaakt van de belangenafweging van een besluit of handelen,Etie met de Huisvestingswet - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: Huisvestingswet - er wordt dan verwezen naar: III.4 Huisvestingswet - in de index van de wettenbundel is voor het begrip " verbod " geen directe ingang te vinden - daarom in de kantlijn verder zoeken naar: " Verboden handeling(en) " of zoiets dergelijks - In Huisvw art. 30 is een aantal verboden vermeld die samenhangen met wijziging(en) in de woonruimtevoorraad - het lijkt of alle verbod(en) genoemd in de antwoorden van de huidige vraag, in Huisvw art. 30 worden genoemd - Let op ! : antwoord c is " omgekeerd geformuleerd " in vergelijking met het gestelde in Huisvw art. 30-1-c - in Wonw 30-1c , omzetten van van onzelfstandige_woonruimte in zelfstandige_woonruimte is niet verboden, WEL verboden is het omzetten van zelfstandige_woonruimte naar onzelfstandige_woonruimte Het meest juiste antwoord is dus c y-3960ntheffing(en) ) ... op BIBOB-gronden worden geweigerd. ( BIBOB = Wet_bevordering_integriteitsbeoordelingen_door_het_openbaar_bestuur ) op discretionaire_gronden worden geweigerd uitsluitend op imperatieve_gronden en limitatieve_gronden worden geweigerd- In de casus is sprake van een weigeren van een reguliere_bouwvergunning in combinatie met een aantal grond(en) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bouwvergunning - er wordt dan verwezen naar: III.19 Wonw 40 ev - in de kantlijn verder zoeken naar: weigeringsgrond(en) - In Wonw art. 44-1 is vermeld dat $ de reguliere_bouwvergunning mag slechts en moet worden geweigerd, indien: ................ $ - dat is dus op limitatieve_gronden ( " mag slechts " ) en imperatieve_gronden ( " moet " ) - In Wonw 44a is vermeld dat ook op grond van BIBOB kan worden geweigerd - dus niet uitsluitend op imperatieve_gronden en limitatieve_gronden Het meest juiste antwoord is dus ay-3960eeft ongelijk. Legalisatie dient alleen te worden onderzocht bij het nemen van besluit(en) en het opleggen van een bouwstop; zoals in casu is geschied, is een vorm van feitelijk_handelen.- In de casus is sprake van een bouwstop op grond van artikel 100, lid3 van de Woningwet in combinatie met legalisatie - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: artikel 100, lid 3 van de Woningwet , bouwstop en legalisatie - artikel 100, lid 3 van de Woningwet vermeldt dat een bouwstop een vorm van bestuursdwang is - in de index van de wettenbundel is voor " legalisatie " geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Legalisatie kan alleen plaatsvinden als het huis is gerealiseerd en aan de voorschrift(en) / het bestemmingsplan voldoet - antwoord a en c kunnen niet juist zijn want legalisatie hoeft niet te worden onderzocht bij het opleggen van een bouwstop Het meest juiste antwoord is dus by-3960 ff8Ki o#}    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag15Vraag15b Omdat de heer K. Breekijzer onverstoord doorgaat met het bouwen van zijn huis zonder in het bezit te zijn van de daartoe vereiste bouwvergunning ( er ligt zelfs nog geen bouwaanvraag ), heeft het college van burgemeester en wethouder(s) op grond van artikel 100, lid 3 Woningwet een bouwstop opgelegd. Breekijzer kan zich hiermee niet verenigen en stelt dat het college bij deze handhavingsmaatregel had dienen te onderzoeken of legalisatie mogelijk was. Welke stelling is juist ? Breekijzer heeft gelijk. Immers, een bouwstop is een vorm van bestuursdwang en in dat geval zijn burgemeester en wethouder(s) gehouden ( vooraf ) te onderzoeken of legalisatie mogelijk is. Breekijzer heeft ongelijk. Een bouwstop is een conserverende maatregel. Legalisatie is daarbij niet aan de orde. Breekijzer hIergelijke aanpassing(en) is een bouwvergunning noodzakelijk. Voor dergelijke aanpassing(en) is geen bouwvergunning noodzakelijk. Voor dergelijke aanpassing(en) geldt slechts een meldingsplicht bij het college van burgemeester en wethouder(s).- In de casus is sprake van een aanschrijving in combinatie met een bouwvergunning - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: aanschrijving tot treffen voorzieningen en .... , en bij bouwvergunning - er wordt dan verwezen naar: III.19 Wonw 14 ev ( aanschrijving ) - in dit artikel is verder geen informatie aanwezig over al of niet bouwvergunningplichtig - er wordt dan verwezen naar: III.19 Wonw 40 ev ( bouwvergunning ) - verder zoeken in kantlijn naar $ vergunningvrij $ , etc. - In Wonw 43-1-a is vermeld dat geen bouwvergunning voor het bouwen is vereist ingevolge een aanschrijving van burgemeester en wethouder(s) Het meest juiste antwoord is dus by-3960 rr6K)qC%    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag17Vraag17a Een eigenaar van een leegstaande woonruimte in een gebouw vraagt burgemeester en wethouder(s) vergunning tot het aangaan van een tijdelijke huurovereenkomst waarop een aantal bepaling(en) uit het Burgerlijk_Wetboek niet van toepassing is. Deze vergunning wordt evenwel geweigerd. Staat tegen deze beslM`8K{q    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag16Vraag16b De hoofdregel, gegeven in de Woningwet, is dat het verboden is te (ver)bouwen zonder of in afwijking van een vergunning van burgemeester en wethouder(s). Welke van onderstaande bewering(en) met betrekking tot bouwkundige aanpassing(en) ingevolge een aanschrijving van burgemeester en wethouder(s) tot het treffen van voorzieningen in woning(en) is in dit kader juist ? Voor dKissing van burgemeester en wethouder(s) nog beroep open en zo ja, bij welke instantie? Nee. Ja, eerst bezwaar en dan beroep bij de Rechtbank. Ja, eerst bezwaar en dan beroep bij de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State.- In de casus is sprake van een tijdelijke huurovereenkomst van woonruimte in combinatie met bezwaar en beroep - bovendien zijn een aantal bepaling(en) uit het Burgerlijk_Wetboek niet van toepassing - het gaat hier dus niet om een " gewone " huurovereenkomst van woonruimte - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: $ huur en verhuur van leegstaande woning(en) en gebouw(en) $ die niet verwijzen naar artikelen in het BW - er wordt dan verwezen naar: III.7 Leegstandwet ( Lsw ) art. 15 ev - in de kantlijn is vermeld: (ver)huur zonder toepassing BW-huurbepalingen - In Lsw 15-8 is vermeld dat tegen beslissing(en) van B&W ter zake, geen beroep openstaat Het meest juiste antwoord is dus ay-3960ing aan te houden of te weigeren. De aanvraag is echter niet volledig. Het college_van_burgemeester_en_wethouders verzuimt binnen de wettelijke termijn(en) op de bouwaanvraag te reageren. Wat is de juridische consequentie van de nalatige houding van de gemeente ? De bouwvergunning is van rechtswege verleend. De bouwaanvraag is van rechtswege niet ontvankelijk. Er is geen rechtsgevolg, omdat de aanvraag niet volledig is.- In de casus is sprake van een bouwvergunning in combinatie met het niet-reageren door het College_van_B&W binnen de wettelijke_termijn en de rechtsgevolg(en) daarvan - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bouwvergunning - er wordt dan verwezen naar: Wonw art. 40 - in de kantlijn verder zoeken naar: beslistermijn aanvraag - In Wonw 46-4 is vermeld dat als de in Wonw 46-1 gestelde termijn(en) niet in acht zijn genomen, de bouwvergunning van rechtswege is verleend Het meest juiste antwoord is dus ay-3960 hh5KEYgu/    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag21Vraag21b De heer Moret vraagt vergunning om zijn grachtenpand, dat dooS~8K}a 7E    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag20Vraag20a Is het mogelijk een bouwvergunning in te trekken als het gebouw, waarop de vergunning betrekking heeft, zojuist volledig is gerealiseerd ? Zo ja, waaromQI7K?I 71    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag19Vraag19c De betekenis van het begrip " bouwwerk " in de zin van de Woningwet wordt bepaald door de definitie iP6Kqiw    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag18Vraag18a Karelsen vraagt een vergunning aan voor de bouw van een tuinhuis. Deze past in het vigerende bestemmingsplan. Overigens zijn er ook geen grond(en) om de vergunnNn de Woningwet. uitsluitend de definitie in de bouwverordening van de gemeente. spraakgebruik, de definitie in de bouwverordening van de gemeente en jurisprudentie.- In de casus is sprake van een begrip $ bouwwerk $ in combinatie met de definitie daarvan - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bouwwerk , definitie ..... - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - In Wonw 1 zijn de definities van een aantal begrippen gegeven - de definitie van het begrip " bouwwerk " is daar niet bij; er is geen definitie van het begrip bouwwerk in de Woningwet - antwoord a valt daarmee af - de definitie in een bouwverordening kan niet ( uitsluitend ) zonder meer gelden voor de definitie daarvan in een ( hirarchisch ) daarboven staande wet - antwoord b valt daarmee af Het meest juiste antwoord is dus c y-3960, of zo nee, waarom niet ? Ja, in bepaalde in de wet genoemde gevallen kan ook na de voltooiing van de bouw intrekking plaatsvinden. Nee, want intrekking van een bouwvergunning kan na de realisering van het gebouw geen rechtsgevolg(en) meer tot stand brengen. Nee, omdat de bouwvergunning juridisch gericht is op een aflopende rechtshandeling en het recht om te bouwen na de voltooiing ophoudt te bestaan.- In de casus is sprake van een bouwvergunning in combinatie met en intrekking daarvan na voltooiing van het gebouw - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bouwvergunning, intrekking - er wordt dan verwezen naar: III.19 Wonw art. 59 - In Wonw art. 59 is vermeld dat de bouwvergunning kan worden ingetrokken - in Wonw 59-1 is vermeld dat intrekking bij onjuiste gegevens of niet tijdige overlegging van gegevens kan geschieden - er is niet vermeld dat dit niet zou kunnen bij een reeds gerealiseerd gebouw Het meest juiste antwoord is dus ay-3960 0]>kLy,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag17,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag18,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag19,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag20,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag21,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag22,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag23,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag24,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag25,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag26,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag27,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag28,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag29 ,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag30!,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag31",K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag32#,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag33$,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag34%,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag35&r de bevoegde_instantie als beschermd_monument is aangewezen, te verbouwen. Bij welke instantie dient de aanvraag om bouwvergunning ingediend te worden ? De Rijksdienst voor de monumentenzorg Het college_van_burgemeester_en_wethouders De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen- In de casus is sprake van een bouwvergunning in combinatie met een als beschermd_monument aangewezen pand - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bouwvergunning beschermd_monument $ - er wordt dan verwezen naar: Wonw art. 54 - In Wonw art. 54-1 is vermeld dat B&W de aanvraag aanhouden als blijkt dat ook nog een vergunning als bedoeld in de Monumentenwet 1988 art. 11-2 nodig is - In Monw 1988 art. 11-2 is vermeld dat een vergunning nodig om ..... - Monw 1988 art. 12 is vermeld dat die vergunning bij B&W dient te worden aangevraagd - bovendien: Wonw 40-1 , aanvraag om bouwvergunning altijd bij College van B&W Het meest juiste antwoord is dus by-3960urgemeester_en_wethouders van een gemeente de bevoegdheid om woonruimte te vorderen? Zo ja, in welk geval? Nee. Ja, dat kan in geheel Nederland onder bepaalde in de Huisvestingswet genoemde voorwaarde(n) voor een termijn van ten hoogste tien jaar. Ja, dat kan zonder meer in niet-geliberaliseerd_gebied(en) voor onbepaalde termijn tegen vooraf vastgestelde huren, waarvoor de gemeente ten opzichte van de eigenaar garant staat.- In de casus is sprake van vordering van woonruimte in combinatie met de bevoegdheid van het College_van_B&W - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: woonruimte , vordering van - er wordt dan verwezen naar: III.4 Huisvw art. 40 ev - In Huisvw art. 40-1 is vermeld dat B&W die bevoegdheid hebben - in Huisvw art. 41 is de termijn van maximaal tien jaar genoemd - er is niet vermeld in dat artikel dat zulks alleen in niet-geliberaliseerde_gebied(en) zou mogen; dus antwoord c valt af Het meest juiste antwoord is dus by-3960 {<8KU%5;    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag25Vraag25b Planschade ingevolge de Wet_ruX7K Aa7    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag24Vraag24a Volgens de Woningwet is het doorgaaW"7KkeWq    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag23Vraag23b Stel dat het bestemmingsplan de bouw van bijgebouwen toelaat in een woonbestemming tot een oppervlakte van maximaal 60 m2. Als deze oppervlakte is gerealiseerd, kan dan vergunningvrij nog een bouwwerk worden opgericht en zo ja, waarom?$ Nee. Ja, dat is wel mogelijk, omdat bij vergunningvrije bouwwerk(en) het bestemmiVy7K#{    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag22Vraag22b Heeft het college_van_bTngsplan buitenspel wordt gezet. Ja, dat is wel mogelijk, indien Gedeputeerde_Staten een verklaring_van_geen_bezwaar afgeven en burgemeester en wethouder(s) op grond daarvan ontheffing verlenen.- In de casus is sprake van een vergunningvrij bouwwerk in combinatie met een bestemmingsplan - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bouwvergunning - er wordt dan verwezen naar: Wonw art. 40 ev - in de kantlijn verder zoeken naar: vergunningvrij , etc. - In Wonw art. 43-1-c is vermeld dat voor een aantal bij AMvB aangemerkte bouwwerk(en) geen bouwvergunning nodig is - dit zijn de vergunningvrije bouwwerken - er wordt daar verder niet vermeld dat het bestemmingsplan van toepassing zou zijn - vergunningvrije bouwwerken kunnen later nog wel aan de eisen van welstand worden getoetst - dus wel mogelijk, maar het wordt wel later getoetst aan de welstand Het meest juiste antwoord is dus by-3960ns niet mogelijk om vergunningsvrije bouwwerk(en) preventief te toetsen. Kan of mag het gemeentebestuur wel repressief toetsen of zo nee, waarom niet? Ja Nee, repressief toetsen door het gemeentebestuur is niet mogelijk, omdat op vergunningsvrije bouwwerken uitsluitend het burenrecht van toepassing is Nee, volgens de Woningwet en de Wet_ruimtelijke_ordening is geen preventieve_toetsing en / of repressieve_toetsing mogelijk, want vergunningsvrij is vergunningsvrij - In de casus is sprake van een vergunningvrije_bouwwerken in combinatie met repressieve_toetsing - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: toetsing en / of repressieve_toetsing - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Vergunningvrije bouwwerken kunnen aan repressieve_toetsing worden onderworpen met betrekking tot de eisen_van_welstand Het meest juiste antwoord is dus a y-3960imtelijke_ordening ontstaat indien blijkt dat een belanghebbende schade lijdt welke redelijkerwijs niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven en waarvan de vergoeding niet of niet geheel door aankoop of anderszins is verzekerd. Door welk van onderstaande maatregel(en) kan bedoelde planschade ontstaan ? Uitsluitend door gemeentelijk planologische_maatregel(en) Door de in artikel 6.1 van de Wet_ruimtelijke_ordening genoemde besluit(en) Uitsluitend door gemeentelijk en provinciale concrete planologische_maatregel(en) - In de casus is sprake van planschade in combinatie met de Wet_ruimtelijke_ordening_(_Wro_) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: planschade - er wordt dan verwezen naar: III.16A Wro art. 6.1 - In Wro art. 6.1 is vermeld wanneer een belanghebbende schade lijdt of zal lijden op de grond(en) genoemd in Wro art. 6.1 welke redelijkerwijs niet te zijnen laste / last ................. Het meest juiste antwoord is dus by-3960In de casus is sprake van een beroep in combinatie met een positief welstandsadvies - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: welstandseis(en) / eisen_van_welstand - er wordt dan verwezen naar: Wonw art. 8 ev - in de kantlijn verder zoeken - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Aangezien de rechter lijdelijk is in dit soort procedure(s), dient hij zich te richten op de aspect(en) waartegen beroep is aangetekend - de rechter mag dus geen aspect(en) die buiten de inhoud van het beroep / beroepschrift vallen, erbij betrekken Het meest juiste antwoord is dus a Verder nog: de vergunning mag in strijd met de welstand zijn als B&W dit goedkeuren - advies van de welstandscommissie is niet bindend voor B&W - bovendien toetst de rechter op rechtmatigheid en niet op doelmatigheid ( ex-tunc )y-3960 Y8Kw3G-}    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag26Vraag26a De buurman van mevrouw Jansen komt - nadat de bezwaarfase reeds is doorlopen - bij de rechtbank op tegen een aan haar verleende bouwvergunning en beroept zich uitsluitend op de planologische aspect(en) van het bouwplan. Plotseling neemt de bestuursrechter het (positieve) welstandsadvies ter hand en wil daar nader ( kritisch ) op ingaan. Mevrouw Jansen meent evenwel dat dit niet kan. Welke stelling hieromtrent is juist ? Als over de welstandsaspect(en) niet eerder is geklaagd, mogen deze niet (meer) ambtshalve meegenomen worden bij de beoordeling van het beroep. Aan een eenmaal uitgebracht, positief welstandsadvies mag, tenzij er een deskundig tegenadvies tegenover staat, door de rechter niet meer worden getornd. Alle eis(en), zoals artikel 44 Woningwet die stelt, kunnen door de rechter te allen tijde worden getoetst. Deze zijn " van openbare_orde " .- Yen ( BIH ).- In de casus is sprake van een bouwaanvraag in combinatie met bestemmingsplan - bovendien is er sprake van een onverenigbaarheid van de plankaart en de planvoorschrift(en) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bestemmingsplan - er wordt dan verwezen naar: III.16A Wro art. 3.1 e.v. - In Wro art. 3.1 e.v. is vermeld dat bij het plan, regel(s) kunnen worden gegeven, waarbij plankaart(en) niet worden genoemd - In III.17A Besluit_ruimtelijke_ordening art. 3.1.1. e.v. is sprake van zaken welke een bestemmingsplan moet bevatten maar de plankaart wordt daar NIET als zodanig genoemd - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Volgens een uitspraak van de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State moet er van worden uitgegaan dat ( in het algemeen ) de inhoud van ( geschreven ) voorschrift(en) boven die van (getekende ) kaart(en) / plankaart(en) staan Het meest juiste antwoord is dus by-3960 uu6Ky)=)c    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag27Vraag27b Als bij de toetsing van een bouwaanvraag aan het bestemmingsplan wordt gestuit op een onverenigbaarheid van de plankaart met de planvoorschrift(en), dient te worden uitgegaan van de plankaart. de planvoorschrift(en). hetgeen ter toelichting is vermeld in de Beschrijving_in_hoofdlijn[ 6K +51    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag28Vraag28b Bij een ontheffing ex artikel 3.23 van de Wet_ruimtelijke_ordening is het vereiste van een goede ruimtelijke onderbouwing ... van toepassing niet van toepassing alleen van toepassing voorzover dat bij Algemene_Maatregel_van_Bestuur is bepaald- In de casus is sprake van een ontheffing ex artikel 3.23 van de Wet_ruimtelijke_ordening in combinatie met de eventuele vereiste van een goede ruimtelijke_onderbouwing - In artikel 3.23 van de Wet_ruimtelijke_ordening is vermeld dat B&W vrijstelling kunnen verlenen ( = verlening ) in bij AMvB aangegeven gevallen - het vereiste van een goede ruimtelijke_onderbouwing is daar niet genoemd Het meest juiste antwoord is dus by-3960 | 7Kuae!    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag29Vraag29b Bepaalde aspect(en) van het nationaal_ruimtelijk_beleid worden door de ministerraad vastgesteld door middel van ... structuurschets(en) en structuurplan(nen) structuurschets(en), structuurschema(s) of nota(s) die van belang zijn voor het nationaal_ruimtelijk_beleid structuurschets(en), structuurschema(s) of nationale facetplan(nen) die van belang zijn voor het nationaal_ruimtelijk_beleid- structuurschets(en), structuurplan(nen), structuurschets(en), structuurschema(s) of nota(s) kwamen voor in de oude WRO welke per 1-7-2008 is vervallen en per die datum is vervangen door de nieuwe Wro - in de nieuwe Wro is thans alleen nog sprake van structuurvisie(s) - deze vraag is thans op grond van de nieuwe Wro NIET meer te beantwoorden Het meest juiste antwoord destijds was by-3960 een vastgestelde concrete_beleidsbeslissing, opgenomen in een planologische_kernbeslissing, is bezwaar mogelijk bij de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. Bij de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State kan beroep worden ingesteld tegen een concrete_beleidsbeslissing, een herziening of een intrekking ervan, opgenomen in een planologische_kernbeslissing. Een planologische_kernbeslissing is een ministerieel_besluit, dat buiten de besluitvormingsprocedure in Tweede_Kamer en Eerste_Kamer wordt genomen en waarmee bij de besluitvorming bij de lagere publiekrechtelijke organen rekening moet worden gehouden.- de begrippen concrete_beleidsbeslissing en planologische_kernbeslissing kwamen voor in de oude WRO welke per 1-7-2008 is vervallen en welke per die datum is vervangen door de nieuwe Wro waarin die begrippen NIET meer voorkomen - deze vraag is thans op grond van de nieuwe Wro NIET meer te beantwoorden Het meest juiste antwoord was destijds by-3960 ==/#8K'EWm    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag32Vraag32b Wanneer kan doorgaans inhoudelijk op een verzoek om planschadevergoeding ex artikel 6.1. Wet_ruimtelijke_ordening worden beslist? De datum waarop het beweerdelijk schadeveroorzakende besluit vastgesteld is. Na de datum waarop het beweerdelijk schadeveroorzakende besluit onherroepelijk is geworden. De datum waarop het beweerdelibr"5K'IMw    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag31Vraag31a Een recht op vergoeding als gevolg van planschade kan op grond van artikel 6.1 van de Wet_ruimtelijke_ordening ontstaan als gevolg van ... rechta~!8K99M    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag30Vraag30b Welk van onderstaande bewering(en) met betrekking tot de planologische_kernbeslissing(en), genoemd in de Wet_op_de_Ruimtelijke_Ordening, is juist? Tegen_matig overheidsoptreden. onrechtmatig overheidsoptreden. zowel rechtmatig als onrechtmatig overheidsoptreden.- In de casus is sprake van planschade in combinatie met een recht op vergoeding , rechtmatige_daad , onrechtmatige_daad van de overheid - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " planschade " - er wordt / werd dan verwezen naar: III.16 WRO art. 49 ( deze oude WRO is per 1-7-2008 vervallen ! ) - de betreffende artikel(en) staan thans vermeld in de nieuwe Wro 6.1 e.v. - In de nieuwe Wro zijn de grond(en) vermeld op basis waarvan een schadevergoeding kan worden uitgekeerd - de besluit(en) die aan de artikel(en) van Wro 6.1. ten grondslag liggen zijn rechtmatig genomen overheidsbesluit(en), anders - zouden die besluit(en) nietig of vernietigbaar kunnen zijn - Vaststelling van een bestemmingsplan is rechtmatig overheidsoptreden, maar kan wel leiden tot schade voor een individu Het meest juiste antwoord is dus a y-3960jk schadeveroorzakende besluit vastgesteld is n het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening hiertegen is afgewezen.- In de casus is sprake van een planschadevergoeding in combinatie met tijdstip waarop op een verzoek daartoe kan worden beslist - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: planschadevergoeding, of planschade - er wordt dan verwezen naar de oude WRO 49 welke per 1-7-2008 is vervallen en per die datum is vervangen door de nieuwe Wro - in Wro 6.1-4 is vermeld dat binnen 5 jaar na het onherroepelijk worden van het plan, de aanvraag om schadevergoeding moet zijn ingediend ..... - zolang een besluit niet onherroepelijk is geworden, kan het nog worden gewijzigd of worden ingetrokken - het heeft dan ook geen zin om een procedure tot schadevergoeding te starten voordat het betreffende besluit definitief ( = onherroepelijk ) vaststaat Het meest juiste antwoord is dus by-3960n bestemmingsplan ligt, in de slotfase van de procedure, nog zes weken ter inzage bij de gemeente. Waar kan men gedurende deze termijn nog beroep instellen ? Bij de gemeenteraad Bij Gedeputeerde_Staten Bij de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State- In de casus is sprake van een door Gedeputeerde_Staten goedgekeurd bestemmingsplan in combinatie met de mogelijkheid tot instellen van beroep - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bestemmingsplan - er wordt dan verwezen naar: WRO art. 10 ev ( deze oude wet is per 1-7-2008 vervallen en vervangen door de nieuwe Wro ) - in de nieuwe Wro staan bezwaar en beroep vermeld in Hoofdstuk 8 ( artikel 8.1. e.v. ) - In Wro 8.2-1-a is vermeld dat tegen de vaststelling van een bestemmingsplan, beroep kan worden ingesteld bij de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State Het meest juiste antwoord is dus cy-3960 \4\L&6K-=    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag35Vraag35a Overtreding(en) van voorschrift(en) die deel uit maken van een bestemmingsplan - voorzover deze uitdrukkelifQ%8K3/_7    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag34Vraag34a Bij besluit hebben burgemeester en wethouder(s) van de gemeente Zadeldijk aan het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers ( COA ) ontheffing krachtens artikel 3.22 van de Wet_ruimtelijke_ordening ( Wro ) verleend voor de bouw van een asielzoekerscentrum ( AZC ). Enkele bewoner(s), die tegenover het geplande AZC wonen, dienen bezwaarschrift(en) in tegen de verleende tijdelijke_bouwvergunning en de verleende ontheffing ex artikel 3.22 van de Wet_ruimtelijke_ordening. De vraag die partie0$6KU5=    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag33Vraag33c Eecj(en) verdeeld houdt is de vraag of, naast de opbouw, ook de ontmanteling van het AZC dient te geschieden binnen de vijf-jaren-termijn. Welke visie is juist? De visie dat zowel de bouw als de ontmanteling binnen vijf jaar moet geschieden. De visie dat met ontmanteling zou mogen worden gewacht tot na het verstrijken van de vijf-jaren-termijn. De visie dat de ontmanteling in elk geval dient te zijn aangevangen binnen de vijf-jarentermijn, doch niet afgerond hoeft te zijn.- Wro 3.22-1, de maximale termijn voor afwijking is 5 jaar en niet langer anders is er strijd met het bestemmingsplan ( welke strijdigheid door de ontheffing gedurende 5 jaar werd voorkomen ) - Wro 3.22-4, de term " herstellen " betekent niet " gaan herstellen ", maar " moet zijn hersteld " - Wonw 45-1d en Wonw 45-4, na het verstrijken van de termijn mag het bouwwerk niet langer in stand worden gehouden, waarbij de termijn die van de verleende vrijstelling ex Wro 3.22-4 betreft. Het meest juiste antwoord is dus a y-3960jk als strafbaar_feit zijn aangeduid - kunnen worden bestraft met een hechtenis of met een geldboete. Wie of welk orgaan bepaalt of overtreding uitdrukkelijk als een strafbaar_feit wordt aangemerkt? De gemeenteraad Het Openbaar_ministerie De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer- In de casus is sprake van een overtreding van voorschrift(en) van een bestemmingsplan in combinatie met het door welke instantie aanmerken daarvan als een strafbaar_feit - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Degene die het besluit neemt betreffende de voorschrift(en) bij een bestemmingsplan geeft aan of een overtreding van die voorschrift(en) moet worden aangemerkt als een strafbaar_feit - de gemeenteraad neemt het besluit betreffende het bestemmingsplan en de voorschrift(en) daarvan - zie ook: Gemw 154-1 Het meest juiste antwoord is dus a y-3960 4'8Kk G    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag36Vraag36a De kring van belanghebbende(n), die van hun rechtsbeschermingsmogelijkheden gebruik kan maken, is, kijkend naar de instrument(en) van de Wet_inrichting_landelijk_gebied ... bij het inrichtingsplan groter dan bij het plan_van_toedeling. bij het plan_van_toedeling groter dan bij het inrichtingsplan. bij het inrichtingsplan en het plan_van_toedeling even groot.- De Landinrichtingswet is per 01-01-2007 vervallen en vervangen door / opgenomen in de Wet_inrichting_landelijk_gebied - Wilg 51, plan_van_toedeling gaat per blok ( Wilg 52-1 ) - Wilg 17-3-b , er zijn meerdere blok(ken) in een inrichtingsplan mogelijk, dus meerdere plan_van_toedeling(en) per inrichtingsplan - het meest juiste antwoord is ay-3960 ee(8K[ #u    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag37Vraag37c Welk van de onderstaande bewering(en) met betrekking tot de Wet_inrichting_landelijk_gebied is juist ? Het inrichtingsplan wordt vastgesteld door de gebiedscommissie Het inrichtingsplan wordt vastgesteld door de Dienst_landelijk_gebied Het rijksmeerjarenprogramma wordt vastgesteld door de betreffende minister- De Landinrichtingswet is per 01-01-2007 vervallen en vervangen door / opgenomen in de Wet_inrichting_landelijk_gebied - In Wilg 3-1 is vermeld dar Onze_minister(s) het rijksmeerjarenprogramma vaststellen - het meest juiste antwoord is cy-3960 ++Q)6KqAEGg w  - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag38Vraag38cZie CASUS onderaan In artikel 21, lid 1 van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing wordt de weigering van een sloopvergunning geregeld. In dit artikel is sprake van een: dwingende_weigeringsgrond imperatieve_weigeringsgrond facultatieve_weigeringsgrond- De Wet_op_de_stads-_en_dorpsvernieuwing_(_WSDV_) is per 1-7-2008 vervallen - deze vraag kan daarom NIET meer worden beantwoord Het meest juiste antwoord was destijds cy Onderstaande casus heeft betrekking op de vragen 38 en 39. In artikel 21, lid 1 van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing wordt de weigering van een sloopvergunning geregeld.-3960 ==?*9Ks=Ig w  - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag39Vraag39aZie CASUS onderaan In artikel 21, lid 1 van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing wordt de weigering van een sloopvergunning geregeld. Wat is de achterliggende gedachte bij de in dit artikel genoemde weigeringsgrond ? Einde casus Het voorkomen van " kaalslag " binnen het grondgebied van de gemeente. Wachten met verlenen van de sloopvergunning totdat de bouwvergunning onherroepelijk is. De aanhoudingsplicht van de sloopvergunning zolang de bouwvergunning nog niet is aangevraagd.- De Wet_op_de_stads-_en_dorpsvernieuwing_(_WSDV_) is per 1-7-2008 vervallen - deze vraag kan daarom NIET meer worden beantwoord Het meest juiste antwoord was destijds ay Onderstaande casus heeft betrekking op de vragen 38 en 39. In artikel 21, lid 1 van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing wordt de weigering van een sloopvergunning geregeld.-3960te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - Wonw 50-4: een beslissing op een aanvraag om bouwvergunning kan worden aangehouden als een voorbereidingsbesluit, of een herziening van het geldende bestemmingsplan in voorbereiding is - anticipatie ( = vooruitlopend / bij voorbaat ) betekent dat vooruitlopend op de nieuwe situatie ( bijv. een herziening van een bestemmingsplan ) de bouwvergunning toch reeds kan worden verleend als de aanvraag om bouwvergunning naar verwachting niet in strijd zal zijn met dat komende, herziene bestemmingsplan - de aanhoudingsplicht kan daarmee dus worden doorbroken; er hoeft dus niet ( onnodig ) te worden gewacht / aangehouden - heeft dus niets van doen met het verlenen van ontheffing volgens artikel 3.6-1 of artikel 3.23 van de Wro, want dat handelt over toelating(en) in geval het bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan Het meest juiste antwoord is dus ay-3960  T+8K}5QU9    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag40Vraag40a De anticipatiebevoegdheid is een begrip bij de procedure met betrekking tot het verlenen van een bouwvergunning voor de realisering van een bouwwerk, dat in strijd is met het geldende bestemmingsplan. Wat omvat deze anticipatiebevoegdheid ? Het doorbreken van de aanhoudingsplicht als bedoeld in artikel 50 van de Woningwet. Het verlenen van ontheffing van de dwingende_bepaling(en) van het bestemmingsplan zoals omschreven en bedoeld in artikel 3.6-1 van de Wet_ruimtelijke_ordening. Het verlenen van ontheffing van de dwingende_bepaling(en) van het bestemmingsplan zoals omschreven en bedoeld in artikel 3.23 van de Wet_ruimtelijke_ordening. - In de casus is sprake van een anticipatiebevoegdheid - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: anticipatiebevoegdheid , etc. - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang k 0]>kLy,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag37(,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag38),K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag39*,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag40+,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag41,,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag42-,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag43.,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag44/,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag450,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag461,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag472,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag483,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag494,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag505,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag516,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag527,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag538,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag549,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag55:Voor de toepassing van het bepaalde in de Boswet is het noodzakelijk te weten waar de grenzen van de bebouwde_kom liggen. Wie of welk orgaan bepaalt deze grenzen in dit verband en welke procedure moet daarbij in acht worden genomen ? Provinciale_Staten van de provincie op voordracht van de betreffende gemeenteraad. De gemeenteraad, goed te keuren door Gedeputeerde_Staten van de betreffende provincie. De minister van landbouw, Natuurbeheer en Visserij, op voordracht van de gemeenteraad, Provinciale_Staten gehoord.- In de casus is sprake van een vaststelling van de grenzen van de bebouwde_kom in combinatie met de instantie die dat doet - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: bebouwde_kom - er wordt dan verwezen naar: Boswet art. 1, lid 5 - In Boswet art. 1-5 is vermeld dat de gemeenteraad de grenzen vaststelt / vaststellen onder goedkeuring door Gedeputeerde_Staten Het meest juiste antwoord is dus by-3960 L.9KCII   - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag43Vraag43bZie CASUS onderaan Mevrouw Pietersr5-8KOG{7    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag42Vraag42b De Monumentenwet dateert van 1988 en bevat bepalingen tof bescherming en behoud van bepaalde onroerende_zaken. Welke van onderstaande bewering(en) is juist? In het belang van de monumentenzorg kunnen Burgemeester en Wethouder(s) dan wel de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen aan een vergunning bepaalde voorschrift(en) verbinden, waaronder een termijn waarvoor die voorschrift(en) zullen gelden van ten hoogste 10 jaar. Indien blijkt dat een eip3,8Ki3;s    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag41Vraag41b nqgenaar van een aangewezen monument aantoonbaar schade ondervindt als gevolg van een weigering van een vergunning tot wijziging van zijn object kan hij rechtens aanspraak maken op enige schadevergoeding, te voldoen door de gemeente die hem de gevraagde vergunning heeft geweigerd. De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen is bevoegd om, op uitsluitend verzoek van de gemeente(n), na advies van Gedeputeerde_Staten, in particulier bezit zijnde onroerende_zaken aan te wijzen als beschermde zogenaamde rijksmonument(en) en daarop dan ook de hierop geldende subsidieregeling(en) van toepassing te verklaren.- In de casus is sprake van een vergunning met voorschrift(en) die tien jaar kunnen gelden; schadevergoeding bij weigering vergunning; en aanwijzing als beschermd rijksmonument - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: - Monument, vergunning - ; aanwijzing, Monument, beschermd - ; schadevergoeding en Monument, beschermd - ; aanwijzing 1. Monument, beschermd -; aanwijzing; er wordt dan verwezen naar: III.9 Monw 1988 art. 3 ev - in Monw 1988 art. 3-1 en -2 is vermeld dat de minister een aanwijzing kan doen, na advies van de gemeenteraad - antwoord c valt daarmee af 2. Monument, beschermd -; schadevergoeding; er wordt dan verwezen naar: III.9 Monw 1988 art. 22 ev - in Monw 1988 art. 22-2 is vermeld dat als B&W een vergunning hebben geweigerd, de gemeenteraad de schadevergoeding vaststelt; antwoord b valt daarmee NIET af 3. Monument, beschermd -; vergunning; er wordt dan verwezen naar: III.9 Monw 1988 art. 11, 16 en 21 - in de kantlijn zoeken naar " voorschrift ", etc.; in Monw 1988 art. 19 is vermeld dat bij vergunning(en) voorschrift(en) kunnen worden gegeven voor een bepaalde tijd; de tien jaren worden niet genoemd; antwoord a valt daarmee af Het meest juiste antwoord is dus by-3960s is het met de onteigening absoluut niet eens. Van verwerving bij minnelijke overeenkomst zal dan ook geen sprake zijn. Welke juridische weg dient er dan gevolgd te worden? De te_onteigenen_partij dient bezwaar tegen de onteigening in te stellen bij de Gemeenteraad. De onteigenende_partij dient na het uitbrengen van een finaal bod de te_onteigenen_partij te dagvaarden voor de Rechtbank. De onteigenende_partij dient de te_onteigenen_partij te dagvaarden voor de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State.- In de casus is sprake van een onteigening in combinatie met bezwaar, dagvaarden / dagvaarding voor de rechtbank, en voor de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " onteigening " - er wordt dan verwezen naar: III.11 Onteigeningswet ( Ow ) - in de index van de wettenbundel is voor de genoemde onderdelen geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen; daarom kijken in de wet zelf bij de diverse onderdelen 1. Bezwaar: in Ow 36-1 is vermeld dat een bezwaarschrift ( tegen de schadevaststelling / vaststelling van de schadeloosstelling ) kan worden ingediend bij de rechter_commissaris: antwoord a vervalt hiermee 2. Dagvaarding: in Ow 18-1 is vermeld dat de onteigenende_partij de te_onteigenen_partij dagvaart voor de rechtbank - antwoord c vervalt hiermee Het meest juiste antwoord is dus by Onderstaande casus hoort bij de vragen 43 tot en met 46. Mevrouw Pieters is eigenaar van een groot huis, gelegen in een rustige wijk in een Fries dorp. Betreffend huis dient als bezinningscentrum en draagt dan ook de toepasselijke naam: " Ken u zelve ". Veel mens(en) bezoeken dit huis. Helaas, op een gegeven moment krijgt mevrouw Pieters door toezending van een goedgekeurd onteigeningsbesluit van de bevoegde instantie definitief te horen dat onteigening ten algemenen nutte plaats zal vinden. -3960del bij: $onteigening $ - er wordt dan verwezen naar: III.11 Ow - in de kantlijn verder zoeken naar: $ onteigening van zakelijke_rechten $ - In Ow 4-1 is vermeld dat een dergelijke onteigening slechts kan geschieden als de zaak reeds toebehoord aan de onteigenende_partij - zulks is in deze case nog niet het geval, want er is nog ( slechts ) een onteigeningsbesluit en nog geen uitspraak van de rechter Het meest juiste antwoord is dus by Onderstaande casus hoort bij de vragen 43 tot en met 46. Mevrouw Pieters is eigenaar van een groot huis, gelegen in een rustige wijk in een Fries dorp. Betreffend huis dient als bezinningscentrum en draagt dan ook de toepasselijke naam: "Ken u zelve". Veel mensen bezoeken dit huis. Helaas, op een gegeven moment krijgt mevrouw Pieters door toezending van een goedgekeurd onteigeningsbesluit van de bevoegde instantie definitief te horen dat onteigening ten algemenen nutte plaats zal vinden. -3960 /6Kyy{    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag44Vraag44bZie CASUS onderaan Op het te onteigenen pand, in eigendom van mevrouw Pieters, rust een recht van vruchtgebruik. Wat is juist? Genoemd recht dient afzonderlijk onteigend te worden. Genoemd recht kan niet afzonderlijk onteigend worden. Genoemd recht kan in het geheel niet onteigend worden.- In de casus is sprake van een recht van vruchtgebruik in combinatie met onteigening - daarom zoeken in de index van de wettenbuntening - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: $ Onteigening, schadeloosstelling $ - er wordt dan verwezen naar: Ow art. 39 ev , 55 ev - daar staan een aantal artikel(en) over de schadeloosstelling - in de kantlijn bij OW art. 39 verder zoeken naar: " werkelijke_waarde " , etc. - In Ow art. 40b-1 is vermeld dat de werkelijke waarde van de onteigende_zaak wordt vergoed Het meest juiste antwoord is dus ay Onderstaande casus hoort bij de vragen 43 tot en met 46. Mevrouw Pieters is eigenaar van een groot huis, gelegen in een rustige wijk in een Fries dorp. Betreffend huis dient als bezinningscentrum en draagt dan ook de toepasselijke naam: "Ken u zelve". Veel mensen bezoeken dit huis. Helaas, op een gegeven moment krijgt mevrouw Pieters door toezending van een goedgekeurd onteigeningsbesluit van de bevoegde instantie definitief te horen dat onteigening ten algemenen nutte plaats zal vinden. -3960 u07Kgog    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag45Vraag45aZie CASUS onderaan Mevrouw Pieters ziet aankomen dat de onteigening van haar pand: " Ken u zelve " absoluut zal plaats vinden. Ze eist in elk geval een forse schadeloosstelling. Waarop zal de schadeloosstelling juridisch gebaseerd zijn? De werkelijke_waarde van de onteigende_zaak. De omvang van het werk waarvoor onteigend wordt. De materile_waarde van de onteigende zaak in het economisch_verkeer, vermeerderd met de immaterile_waarde.- In de casus is sprake van een schadeloosstelling in combinatie met een onteigvr geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - het gaat hier om de fase van het geding tot onteigening; zie Onteigeningswet art. 17 ev - daar verder zoeken in de kantlijn naar nietigverklaring, bezwaar, beroep, hoger_beroep, etc. - In Ow 26 is vermeld dat bij vernietiging van de dagvaarding hoger_beroep is toegelaten ( voor de gemeente / onteigenaar ) Het meest juiste antwoord is dus cy Onderstaande casus hoort bij de vragen 43 tot en met 46. Mevrouw Pieters is eigenaar van een groot huis, gelegen in een rustige wijk in een Fries dorp. Betreffend huis dient als bezinningscentrum en draagt dan ook de toepasselijke naam: "Ken u zelve". Veel mensen bezoeken dit huis. Helaas, op een gegeven moment krijgt mevrouw Pieters door toezending van een goedgekeurd onteigeningsbesluit van de bevoegde instantie definitief te horen dat onteigening ten algemenen nutte plaats zal vinden. -3960 C16Ke)1    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag46Vraag46cZie CASUS onderaan Stel dat de rechter de door de gemeente aan mevrouw Pieters uitgebrachte dagvaarding om te verschijnen bij de rechtbank op grond van een aantal overweging(en) nietig verklaart. Staat tegen deze nietigverklaring voor de gemeente nog een rechtsmiddel open en zo ja welke? Nee. Ja, cassatie. Ja, hoger_beroep.- In de casus is sprake van een dagvaarding met betrekking tot onteigening in combinatie met een nietigverklaring daarvan door de rechter alsmede de mogelijkheden van al of niet nog openstaande rechtsmiddel(en) tegen de nietigverklaring - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " onteigening, nietigverklaring dagvaarding " - in de index van de wettenbundel is hiervoox? Indien een verkoop moet plaats vinden krachtens een openbare executoriale_verkoop. Huurwoning(en) moeten eerst aangeboden worden aan de zittende huurder(s) alvorens deze aan de gemeente kunnen worden aangeboden. Indien de voorgenomen vervreemding betrekking heeft op onroerende_zaken die slechts ten dele in de aanwijzing door de gemeente zijn opgenomen en met het niet aangewezen deel een samenhangend deel vormen. - In de casus is sprake van een voorkeursrecht_gemeenten in combinatie met uitzondering(en) op de aanbiedingsplicht aan de gemeente - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: $ voorkeursrecht gemeente , uitzonderingen $ - er wordt dan verwezen naar: III.18 WVGem 10-2 - In Wvgem 10-2-e is vermeld dat de aanbiedingsplicht niet geldt als de vervreemding geschiedt ingevolge: - een verkoop krachtens een wetsbepaling, of - een bevel des rechters, of - een openbare executoriale_verkoop Het meest juiste antwoord is dus ay -3960 4R35KYW}]   - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag48Vraag48c Wat is juist met betrekking tot een onteigeningsvonnis ? Tegen een vonnis waarin de onteigening uitgesproken wordt, kan altijd hoger_beroep worden ingesteld. nooit hoger_beroep worden ingesteld. uitsluitend cassatieberoep / cassatie worde|@28KO3/   - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag47Vraag47a Met de inwerkingtreding van de Wet_voorkeursrecht_gemeenten heeft de gemeente een hulpmiddel gekregen om grond(en) en opstal(len) te verwerven. De Gemeente Elsfoort besluit deze wet van toepassing te verklaren voor een bepaald gebied binnen haar gemeente. Welke uitzonderingen gelden er ten aanzien van de aanbiedingsplicht aan de gemeente zn ingesteld.- In de casus is sprake van een onteigeningsvonnis in combinatie met de mogelijkheid tot het instellen van beroep en / of cassatie - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: $ onteigening , beroep, cassatie $ , etc. - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - daarom kijken in in Hoofdstuk III van de Onteigeningswet_(_Ow_) getiteld: Van het geding tot onteigening, want - daar komt het vonnis van de rechtbank ter sprake - kijken in de kantlijn naar: $ beroep , cassatie $ , etc. - In Ow 26 is de mogelijkheid van hoger_beroep vermeld, MAAR - dat geldt alleen m.b.t. de eventuele nietigverklaring door de rechter van de dagvaarding uitgebracht door de gemeente - en daar gaat het hier dus niet om !! - In Ow 52-2 is vermeld dat geen hoger_beroep is toegelaten - In Ow 52-2 is vermeld dat cassatie is toegelaten Het meest juiste antwoord is dus cy -3960ervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - kijken in de Wet_op_de_omzetbelasting_(_Wob_) bij Afd. 3 getiteld " Vrijstelling(en) " , Art. 11 ev - In Wob 11-1-b-5 is vermeld dat voor met BTW belaste verhuur kan worden geopteerd / opteren ( door de huurder en de verhuurder samen ) als door de huurder(s) in het pand prestatie(s) worden verricht die nagenoeg volledig recht op vooraftrek_van_BTW geven - als is geopteerd voor met BTW_belaste_verhuur dan kan A de betaalde BTW in vooraftrek_van_BTW brengen Het meest juiste antwoord is dus cy Onderstaande casus Beleggingspand heeft betrekking op de vragen 49 tot en met 52. Particulier belegger Wolf koopt op 1 januari 2001 een nieuw kantoorpand voor een bedrag van 10 miljoen exclusief Euro 1,9 miljoen omzetbelasting. Hij verhuurt het pand aan diverse gebruiker(s). Op 1 juli 2004 verkoopt Wolf het pand in verhuurde_staat aan belegger Schaap. -3960 99;49K'?;ms i  - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag49Vraag49c Zie CASUS onderaan Kan Wolf de bij de aankoop op 1 januari 2001 door hem betaalde BTW terugvragen en zo ja, onder welke omstandigheden ? Nee, want hij komt als " particuliere " belegger niet in aanmerking voor BTW-teruggaaf. Ja, indien hij het pand heeft verhuurd binnen twee jaar na de eerste ingebruikneming. Ja, indien hij het pand verhuurt aan gebruikers die de onroerende_zaak gebruiken voor doeleinden waarvoor een volledig of nagenoeg volledig recht op aftrek van BTW bestaat.- In de casus is sprake van verhuur van een kantoorpand, betalen van omzetbelasting bij de aanschaf van het pand in combinatie met recht op vooraftrek_van_BTW - het gaat hier dus om: opteren_voor_BTW_belaste_verhuur_onroerende_zaak - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: opteren - in de index van de wettenbundel is hi}ar uitdienen. Wolf moet Euro 665.000,-- aan BTW terugbetalen en Schaap moet een herzieningstermijn van 6 jaar uitdienen. Wolf moet Euro 1.235.000,-- aan BTW terugbetalen en Schaap heeft daarna niets meer te maken met eventuele herziening van de BTW.- In de casus is sprake van een verkoop van een kantoorpand / onroerende_zaak in combinatie met een niet met BTW-belaste levering - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: opteren_voor_BTW_belaste_levering_onroerende_zaak - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - het pand wordt verkocht na 2 jaar na eerste_ingebruikneming van het pand; er geldt vrijstelling van BTW ( Wob 11-1-a ) - er wordt ook niet geopteerd voor BTW-belaste levering van het kantoorpand; B heeft dan niets met BTW van doen - echter, de herzieningsregels_BTW gaat dan werken voor de verkoper A - kijken in de Wob 15-4 ( wijziging van bestemming van de onroerende_zaak ) - in art 13-2 van de Uitvoeringsbeschikking_Ob 1968 is de herzieningstermijn_BTW m.b.t. o.z. vermeld - A moet over de resterende termijn van 6 1/2 jaar het teveel in vooraftrek_van_BTW gebrachte terugbetalen, dat is: - 0,65 x ( 0,19 x 10.000.000 ) = 0,65 x 1.900.000 = Euro 1.235.000 terugbetalen - de koper B heeft met BTW, etc. i.v.m. de aanschaf van het pand niets van doen; hij betaalt geen BTW - B heeft ook niets van doen met de herzieningstermijn_BTW, de herzieningsregels_BTW, of verleggingsregel_BTW Het meest juiste antwoord is dus cy Onderstaande casus Beleggingspand heeft betrekking op de vragen 49 tot en met 52. Particulier belegger Wolf koopt op 1 januari 2001 een nieuw kantoorpand voor een bedrag van 10 miljoen exclusief Euro 1,9 miljoen omzetbelasting. Hij verhuurt het pand aan diverse gebruikers. Op 1 juli 2004 verkoopt Wolf het pand in verhuurde staat aan belegger Schaap. -3960 #&#s69K E e  - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag51Vraag51c Zie CASUS onderaan Vooronderstel dat Wolf de BTW in 2001 volledig heeft teruggekregen en dat hij en Schaap wel opteren voor een met BTW belaste levering terzake van de verkoop op 1 juli 2004. Wat zijn de gevolgen voor Wolf en Schaap van deze handelwijze? Wolf moet de door hem terugontvangen BTW geheel terugbetalen; voor Schaap is geen herzieningstermijn meer van toepassing. Wolf hoeft geen BJ59K!ie% e  - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag50Vraag50c Zie CASUS onderaan Vooronderstel dat Wolf de BTW in 2001 volledig heeft teruggekregen en dat hij en Schaap niet opteren voor een met BTW belaste levering terzake van de verkoop op 1 juli 2004. Wat zijn de gevolgen voor Wolf en Schaap van deze handelwijze ? Wolf moet Euro 1.235.000,-- aan BTW terugbetalen en Schaap moet een herzieningstermijn van 6 jaTW terug te betalen en voor Schaap dient de lopende herzieningstermijn van Wolf, die nog 6 jaar duurt, uit. Wolf hoeft geen BTW terug te betalen en voor Schaap vangt een nieuwe herzieningstermijn aan van negen jaren volgend op het jaar van aankoop door Schaap.- In de casus is sprake van een verkoop van een kantoorpand in combinatie met opteren voor met BTW_belaste_levering - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: opteren_voor_BTW_belaste_levering_onroerende_zaak - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - het pand wordt verkocht na 2 jaar na eerste_ingebruikneming; er geldt vrijstelling van betalen van BTW ( Wob 11-1-a ) - echter, er wordt wel geopteerd voor een met BTW_belaste_levering van het kantoorpand - de herzieningsregel_BTW gaat dan NIET werken voor de verkoper A want de bestemming van het pand is niet veranderd ( Wob 15-4 ) - de bijbehorende herzieningstermijn_BTW ( art 13-2 Uitvoeringsbeschikking_Ob 1968 ) is niet van toepassing op A - de belastingplicht m.b.t. de BTW_betaling over de aanschaf het pand wordt verlegd naar B, volgens de - verleggingsregel_BTW ( Wob 12-4 jo. Uitvoeringsbeschikking_Ob 25a-b ) - voor B gaan de herzieningsregels_BTW gelden en gaat een nieuwe herzieningstermijn_BTW in van 9 jaar na het jaar van aanschaf van het pand ( Wob 15-4 jo. Uitvoeringsbeschikking_Ob 13-2 ) Het meest juiste antwoord is dus cy Onderstaande casus Beleggingspand heeft betrekking op de vragen 49 tot en met 52. Particulier belegger Wolf koopt op 1 januari 2001 een nieuw kantoorpand voor een bedrag van 10 miljoen exclusief Euro 1,9 miljoen omzetbelasting. Hij verhuurt het pand aan diverse gebruikers. Op 1 juli 2004 verkoopt Wolf het pand in verhuurde staat aan belegger Schaap. -3960e koper een insolventierisico voor de fiscus inhoudt hoeft koper noch verkoper hier aangifte enlof afdracht te doen.- In de casus is sprake van een verkoop van een kantoorpand in combinatie met een wel met BTW_belaste_levering - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: opteren_voor_BTW_belaste_levering_onroerende_zaak - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - het pand wordt verkocht na 2 jaar na eerste_ingebruikneming; er geldt dan vrijstelling betalen van BTW ( Wob 11-1-a ) - echter, er wordt wel geopteerd voor een met BTW_belaste_levering van het kantoorpand - de herzieningsregel_BTW gaat dan NIET werken voor A want de bestemming v.h. pand is niet veranderd ( Wob 15-4 ) - de bijbehorende herzieningstermijn_BTW ( art 13-2 van de Uitvoeringsbeschikking_Ob 1968 ) is niet van toepassing op A - de belastingplicht m.b.t. de BTW_betaling over de aanschaf het pand wordt verlegd naar B, volgens de - verleggingsregel_BTW ( Wob 12-4 jo. Uitvoeringsbeschikking_Ob 25a-b ) - voor B gaan de herzieningsregels_BTW gelden en gaat een nieuwe herzieningstermijn in van 9 jaar na het jaar van aanschaf van het pand ( Wob 15-4 jo. Uitvoeringsbeschikking_Ob 13-2 ) - door de verleggingsregel_BTW komen alle handeling(en) bij B te liggen en blijft A daarbuiten Het meest juiste antwoord is dus by Onderstaande casus Beleggingspand heeft betrekking op de vragen 49 tot en met 52. Particulier belegger Wolf koopt op 1 januari 2001 een nieuw kantoorpand voor een bedrag van 10 miljoen exclusief Euro 1,9 miljoen omzetbelasting. Hij verhuurt het pand aan diverse gebruikers. Op 1 juli 2004 verkoopt Wolf het pand in verhuurde staat aan belegger Schaap. -3960 *79KM=Gg+ e  - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag52Vraag52b Zie CASUS onderaan Vooronderstel dat Wolf de BTW in 2001 volledig heeft teruggekregen en dat hij en Schaap wel opteren voor een met BTW belaste levering terzake van de verkoop op 1 juli 2004. Hoe verloopt dan de heffing van BTW terzake van deze verkooptransactie ? Einde casus Wolf betaalt de door hem gefactureerde BTW op aangifte en Schaap trekt de door hem aan Wolf betaalde BTW op zijn aangifte af en ontvangt deze terug. Van de door Wolf verschuldigde BTW terzake van deze levering wordt aangifte gedaan door Schaap, die deze BTW bij diezelfde aangifte weer kan aftrekken. Omdat er geopteerd is voor een belaste levering en ontvangst van BTW van de verkoper en (terug)betaling van BTW aan dn de eigen_woning,. met een maximum- In de casus is sprake van een eigenwoningforfait in combinatie met een rentepercentage en een maximum bedrag - het gaat hier om box_1_ib van de Wet_inkomstenbelasting_(_Wib_) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: eigenwoningforfait, of eigenwoningwaarde zoals dat in de wet heet - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - In Wib 3.112-1 ( de tabel ) is vermeld dat met ingang van 1 januari 2005 het percentage van het eigenwoningforfait / de eigenwoningwaarde varieert van 0 % tot 0,60 %, met een maximum bedrag van Euro 8750,-- - in de periode vr 1 januari 2005 waren deze rentepercentage(s) en maximum bedrag anders ( Wib 3.112 -1 ) Het meest juiste antwoord is dus b Let op: de percentage(s) en maximum bedrag(en) m.b.t. het eigenwoningforfait kunnen jaarlijks krachtens of bij de wet wijzigen !y-3960 55p98K]}M    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag54Vraag54c Met ingang van 1 januari 2005 is de motie_Hillen in werking getreden, waardoor mens(en) met een zo lage hypotheekschuld dat het eigenwoningforfait de aftrekbare hypotheekrente overtreft, geen inkomstenbelasting meer hoeven te betalen over het resterende " voordeel " dat zij geacht worden uit hun eigen_woning te genieten. Hoe is dit in de Wet_inkomstenbelasting 2001 vorm gegeven? Het eigenwoningforfait wordt op nihil gesteld en de ( eventuele) hypotheekrente is niet meer aftrekbaar De aftrekpost voor hypotheekrC87Kk3    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag53Vraag53b Hoe hoog is het eigenwoningforfait vanaf 2005? Van 0 tot 0,55% van de Woz_waarde van de eigen_woning, met een maximum Van 0 tot 0,60% van de Woz_waarde van de eigen_woning, met een maximum Van 0 tot 0,85% van de Woz_waarde vaente wordt opgetrokken tot het niveau van de bijtelling terzake van het eigenwoningforfait Er wordt een extra aftrekpost toegekend ter grootte van het verschil tussen de bijtelling terzake van het eigenwoningforfait en de aftrekbare hypotheekrente- In de casus is sprake van de zogenoemde motie_Hillen - in de index van de wettenbundel is hiervoor geen directe ingang te vinden - de benodigde kennis moet dus elders vandaan komen ( bijv. leerboek ) - de zogenoemde motie_Hillen is te vinden als art 3.123a van Wet_inkomstenbelasting_(_Wib_) - In Wib 3.123a is vermeld dat: - de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld is gelijk aan de voordelen uit eigen_woning, bedoeld in artikel 3.112, verminderd met de op deze voordelen drukkende aftrekbare kosten, dus: - de ( extra ) aftrek(post) wegens geen of geringe eigenwoningschuld = de eigenwoningwaarde - de ( nog ) aftrekbare_hypotheekrente Het meest juiste antwoord is dus cy-3960In welk geval is, onverminderd andere voorwaarde(n), de zogenaamde verplichte aankoopregeling van de Wet_bodembescherming mogelijk van toepassing ? Indien er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging dat urgent is om gesaneerd te worden en de verontreiniging is ontstaan voordat de grond voor woningbouw is verkocht. Indien er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging dat urgent is om gesaneerd te worden en de verontreiniging is ontstaan nadat de grond voor woningbouw is verkocht. Indien er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging dat urgent is om gesaneerd te worden, de eigenaar er om verzoekt en hij de woning tenminste eenmaal in een dagblad tegen een redelijke prijs te koop heeft aangeboden.- In de casus is sprake van een verplichte_aankoopregeling in het kader van de Wet_bodembescherming_(_Wbb_) in combinatie met een aantal voorwaarden waaraan de eigenaar van de woning dient te voldoen - in de index van de wettenbundel is hiervoor bij Wet_bodembescherming_(_Wbb_) IV.4 geen directe ingang te vinden - eerst voorin de wettenbundel bij de Inhoud de Wet_bodembescherming_(_Wbb_) opzoeken ( pag. XXIII van wettenbundel ) - Hoofdstul IV van die wet gaat over algemene bepaling(en) in geval van verontreiniging - in de kantlijn verder zoeken naar: $ verplichte_aankoopregeling $ - In Wet_bodembescherming_(_Wbb_) art. 57-1-c is vermeld dat de gemeente tot aankoop is verplicht als de grond is verkocht nadat de verontreiniging is veroorzaakt; dit sluit antwoord b uit ( artikel goed lezen ! ) - in Wbb art. 58 is vermeld dat de verplichting slechts geldt nadat een verzoek is gedaan door ..... - in Wbb art. 59-2 is vermeld dat de eigenaar de woning ( minstens ) drie maal te koop moet hebben aangeboden ( + enige andere voorwaarde(n) ); dit sluit antwoord c uit Het meest juiste antwoord is dus a y-3960 A;8KY7yc    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag56Vraag56c Wie kan/kunnen er beroep instellen tegen het besluit om een bedrijf een milieuvergunning te verlenen? Een ieder, er is in het milieurecht immers sprake van een zogenaamde actio_popularis Degene(n) die als belanghebbende in de zin van artikel 1:2 van de Algemene_wet_bestuursrecht kunnen worden aangemerkt Degene(n) die bedenking(en) hebben ingebracht:8K;{w]    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag55Vraag55a  tegen het ontwerpbesluit en degenen aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten daartegen geen bedenking(en) te hebben ingebracht - In de casus is sprake van beroep instellen tegen het verlenen van een milieuvergunning aan een bedrijf - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: Milieubeheer, Wet - ; beroep bij administratieve_rechter - er wordt dan verwezen naar: IV.7 Wet_milieubeheer_(_Wmb_) art. 20.1 ev - in de kantlijn verder zoeken naar: " Beroepsgerechtigde(n) " - In Wmb 20.6-2-a is vermeld dat degenen die bedenking(en) hebben ingebracht tegen het ontwerpbesluit, beroep kunnen instellen - en in Wmb 20.6-2-d is vermeld dat diegenen aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten daartegen geen bedenking(en) te hebben ingebracht, beroep kunnen instellen Het meest juiste antwoord is dus c ( deze examenvraag is weliswaar later vervallen verklaard wegens kennelijke onduidelijkheid m.b.t. de andere antwoorden )y-3960 uitspraak hierover is juist ? De geluidsbelasting op de zonegrens moet zijn vastgesteld op 50 dB{A) of minder. Het bouwen van geluidsgevoelige object(en), zoals woningen, is binnen de zone onmogelijk, ook wanneer Gedeputeerde_Staten daarvoor een ontheffing zouden willen verlenen. Een bestemmingsplan, bij de vaststelling of herziening waarvan krachtens de Wet_geluidhinder een geluidszone werd vastgesteld, kan geen herziening meer ondergaan, strekkende tot wijziging van die zone. - In de casus is sprake van een bestemmingsplan in combinatie met geluidszone in het kader van de Wet_geluidhinder_(_Wgh_) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: " Geluidszone, nieuwe situatie industrieterrein " - er wordt dan verwezen naar: IV.2 Wet_geluidhinder_(_Wgh_) art. 41 ev - In Wgh 41 is vermeld dat de geluidsbelasting buiten de zone die is gelegen rond het betrokken terrein de waarde van 50 dB(A) niet te boven mag gaan Het meest juiste antwoord is dus ay-3960 6<8Ku/g+    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag57Vraag57a De Wet_geluidhinder schrijft voor dat, indien bij de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan aan grond(en) een bestemming wordt gegeven, die de mogelijkheid van vestiging van inrichting(en) die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken, daarbij tevens een rond het betrokken terrein gelegen zone moet worden vastgesteld, waarbuiten de geluidsbelasting vanwege dat terrein een wettelijk vastgestelde waarde niet te boven mag gaan. Welkentreiniging_oppervlaktewateren_(_Wvo_) - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: $ Lozing $ , etc. in relatie tot de Wet_verontreiniging_oppervlaktewateren_(_Wvo_) - dat betekent zoeken naar het begrip $ lozing $ die verwijzingen hebben naar IV.6 Wet_verontreiniging_oppervlaktewateren_(_Wvo_) van de wettenbundel - er wordt dan verwezen naar: IV.6 Wvo art. 1 en 35 - In Wvo art. 1-1 is vermeld dat: het is verboden zonder vergunning met behulp van een werk afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen, in welke vorm ook, te brengen in oppervlaktewater(en) - in Wvo art. 1-1 is sprake van volle zee en niet van territoriale_wateren; antwoord a.... valt daarmee af - in Wvo art. 1-3 is vermeld dat het gestelde in antwoord c is verboden zonder vergunning; echter in antwoord c komt de uitdrukking " zonder vergunning " niet voor; antwoord c valt daarmee af Het meest juiste antwoord is dus by-3960 zzz=8Ke113c    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag58Vraag58b Wat wordt onder het lozingsverbod in de zin van de Wet_verontreiniging_oppervlaktewateren_(_Wvo_) verstaan? Het verbod om zonder vergunning afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen in welke vorm dan ook in territoriale_wateren te brengen Het verbod om zonder vergunning afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen in welke vorm dan ook in oppervlaktewater(en) te brengen Het in een op basis van de Wvo bij AMvB opgenomen verbod om afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen in welke vorm dan ook in oppervlaktewater(en) te brengen anders dan met behulp van een werk - In de casus is sprake van een verbod, om afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen in welke vorm dan ook, in bepaalde wateren te lozen in het kader van de Wet_veroatie met het instellen van beroep daartegen - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: Milieubeleidsplan , gemeentelijk - - er wordt dan verwezen naar: IV.7 Wet_milieubeheer_(_Wmb_) art. 4.16 ev - In Wmb 4.16-1 is vermeld dat: de gemeenteraad kan een gemeentelijk_milieubeleidsplan vaststellen, dat ....... - verder is daar niets vermeld over bezwaar en / of beroep - De artikel(en) m.b.t. bezwaar en beroep in het kader van de Wmb staan in Hoofdstuk 20 van die wet ( Wmb 20 ev ) - in Wmb 20-1 is vermeld dat beroep tegen bepaalde besluit(en) kan worden ingesteld bij de: Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State; echter, verder kijken in de kantlijn, want: - in Wmb 20.2-1-a is vermeld dat geen bezwaar kan worden ingesteld tegen een besluit inzake een milieubeleidsplan genomen krachtens, onder meer, Wmb art. 4.16 dat over het gemeentelijk_milieubeleidsplan handelt Het meest juiste antwoord is dus ay-3960 nnk?8K} c=    - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag60Vraag60c Een milieuvergunning voor een inrichting is door het bevoegd_gezag verleend voor onbepaalde_tijd. Is dit geoorloofd ? Nee, milieuvergunningen zijn altijd aan een termijn gebonden. Ja, milieuvergunning(en) worden attijd voor onbepaalde_tijd verleend. Ja, milieuve>6KE     - Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag59Vraag59a Kan tegen een door het gemeentebestuur genomen besluit tot vaststelling van een milieubeleidsplan ingevolge de Wet_milieubeheer beroep worden ingesteld ? Zo ja, bij wie of welke instantie ? Nee Ja, bij Gedeputeerde_Staten Ja, bij de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State - In de casus is sprake van een besluit tot vaststellen van een milieubeleidsplan in het kader van de Wet_milieubeheer_(_Wmb_) in combinrgunning(en) worden in het algemeen verleend voor onbepaalde_tijd, uitzonderingen daargelaten.- In de casus is sprake van een milieuvergunning verleend voor een inrichting in combinatie met verlening voor een bepaalde_tijd of voor een onbepaalde_tijd - daarom zoeken in de index van de wettenbundel bij: Milieubeheer, Wet - ; vergunning en bij Milieuvergunning - er wordt dan verwezen naar: 1. Milieubeheer, Wet - ; vergunning Wet_milieubeheer_(_Wmb_) art. 8.1 - 8.26 2. Milieuvergunning Wet_milieubeheer_(_Wmb_) art. 8.1 ev en art 13.1 ev - dus beginnen bij Wmb 8.1 - in de kantlijn verder zoeken naar: beperkte geldingsduur - In Wmb 8.17 is vermeld dat: in een vergunning KAN worden bepaald dat zij slechts geld voor een daarbij vast te stellen termijn van ten hoogste vijf jaar, indien ............... Het meest juiste antwoord is dus cy-3960 cc+B6Kk;'u    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag02Vraag02bAls een minister niet meer het vertrouwen van de Tweede_Kamer geniet kan aftreden het gevolg zijn. Dit is ... geregeld in de grondwetgewoonterechtgeregeld in de Wet op de Ministerile VerantwoordelijkheidVertrouwensregel: ongeschreven_recht / ongeschreven staatsrecht; gewoonterecht Het meest juiste antwoord is dus by-3655VA6Ke)M    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag01Vraag01aIn |@3I     - Examen Publiekrecht 2006 - IVraag01Vraag01 xxx xxx xxx xxxGw 45-1y-3655 1^>kLy,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag57<,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag58=,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag59>,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag60?+I- Examen Publiekrecht 2006 - IVraag01@,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag01A,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag02B,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag03C,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag04D,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag05E,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag06F,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag07G,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag08H,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag09I,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag10J,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag11K,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag12L,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag13M,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag14Nwelk van onderstaande gevallen is sprake van zowel een wet_in_formele_zin als een wet_in_materile_zin ? Grondwet Begrotingswet Gemeentelijke_verordening vastgesteld door de gemeenteraad van Rotterdam - Het betreft hier zowel een wet_in_formele_zin als een wet_in_materile_zin ad a) Grondwet: - heeft de vereiste procedure doorlopen en is daarmee een wet_in_formele_zin - bevat regelgeving die voor een ieder geldt, dus is een wet_in_materile_zin ad b) Begrotingswet: Gw 105 - De begroting ... wordt bij de wet vastgesteld. Bij de wet betekent: middels een wet_in_formele_zin - maar, deze wet bevat geen regelgeving geldig voor een ieder, dus GEEN wet_in_materile_zin ad c) Gemeentelijke_verordening - voert niet de naam wet / heeft NIET de betreffende procedure van een wet_in_formele_zin doorlopen, is dus geen wet_in_formele_zin - bevat regelgeving die voor een ieder geldt, dus wel een wet_in_materile_zin Het meest juiste antwoord is dus A y-3655 ==?C4KCOc]    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag03Vraag03bWie vormen het kabinet ? Het staatshoofd en de minister(s)De minister(s) en de staatssecretaris(sen) De minister_president en de minister(s) ad a ) Regering ofwel de Kroon: koning + minister(s) ad b ) Kabinet: minister + staatssecretaris(sen) ad c ) Ministerraad: minister_president + minister(s) Het meest juiste antwoord is dus b y-3655 xxD6KWqSC    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag04Vraag04bWat wordt onder mandaat verstaan ? De overdracht van bestuursbevoegdheden aan anderenDe bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluit(en) te nemenDe bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan op eigen verantwoordelijkheid besluit(en) te nemenMandaat: Register: Mandaat van bestuursorganen Awb 10:1 ad a ) delegatie ( Awb 10:13 ) onder eigen verantwoordelijkheid ad b ) mandaat ( Awb 10:1 ) ad c ) mandaat kan NIET onder eigen verantwoordelijkheid van gemandateerde; delegatie wel Het meest juiste antwoord is dus b y-3655 >E8K#9W    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag05Vraag05cWelke van de onderstaande bewering(en) inzake beleidsregel(s) is juist ? Van beleidsregel(s) op de juiste wijze tot stand gekomen mag nooit worden afgeweken Beleidsregels kunnen slechts worden vastgesteld voorzover dit bij wettelijk voorschrift is toegestaanBeleidsregel(s) kunnen door een bestuursorgaan worden vastgesteld met betrekking tot een hem toekomende bevoegdheid of onder zijn verantwoordelijkheid uitgeoefende, dan wel gedelegeerde bevoegdheid Beleidsregel: Register: Beleidsregel(s) van bestuursorganen Awb 4:81 ev Zie ook: Awb 1:3 voor de algemene definitite Awb 4:84 ondergraaft antwoord a Awb 4:81-1, -2 ondergraven antwoord b Awb 4:81-1 bevestigd c Het meest juiste antwoord is dus c y-3655 {F8KAu7W    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag06Vraag06cWelke van de onderstaande bewering(en) inzake toepassing van de twee-wegen-leer is juist? De overheid mag haar privaatrechtelijke bevoegdheden nooit gebruiken indien er een publiekrechtelijk alternatief is De overheid mag te allen tijde haar privaatrechtelijke bevoegdheden gebruiken als alternatief voor haar publiekrechtelijke bevoegdhedenDe overheid mag haar privaatrechtelijke bevoegdheden gebruiken als alternatief voor haar publiekrechtelijke bevoegdheden indien geen sprake is van een onaanvaardbare doorkruising van de publiekrechtelijke regelingTwee-wegen-leer: Register: geen ingang dus leerboek Privaatrecht mag worden toegepast tenzij er m.b.t. de zaak een goede publiekrechtelijke regeling is die daardoor zou worden doorkruist Het meest juiste antwoord is dus c y-3655de vragen 7 t / m 10. Aart Ottevanger, aannemer van beroep, wil aan zijn huis zowel een grote serre als een extra garage aanbouwen. Hij vraagt hiertoe vergunning aan bij de bevoegde instantie. Aart denkt dat deze vergunning hem zeker zal worden verleend, omdat een buurman van hem ook vergunning voor een dergelijke aanbouw heeft gekregen. Op grond van een telefoongesprek met een gemeenteambtenaar gaat Aart er vanuit dat hij inderdaad de beoogde vergunning zal krijgen. Helaas, dat blijkt niet het geval. Hij krijgt geen vergunning om te gaan bouwen. Aart laat het er niet bij zitten, wil zijn recht halen en op grond van een onrechtmatige_daad het betrokken orgaan aansprakelijk stellen voor de geleden schade. Het gemeentebestuur wijst deze aansprakelijkheid af. Bovendien besluit Aart toch met de bouw te beginnen. Binnen drie maanden zijn een grote serre en garage aan zijn huis aangebouwd. Een overbuurman van Aart licht de bevoegde instanties in, die vervolgens bestuursrechtelijke maatregelen nemen. -3655/////////////////////********************************** *********!**$*$'*)*)+))1*3*36*97*9999*@*@*D*DG**J*JJ*NQ*QT*T*********^^*b*defgn yG6K'+Ac- I  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag07Vraag07cZie casus onderaan Tot welk orgaan dient Aart zich in eerste instantie te wenden, teneinde de beoogde bouwvergunning toch te verkrijgen ? De gemeenteraadDe onafhankelijke rechter Het college_van_burgemeester_en_wethouders Bouwvergunning: Register: Bouwvergunning Wonw 40 Wonw 40-1 zegt dat B&W die kunnen verstrekken Het meest juiste antwoord is dus c yOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 7 t / m 10. Aart Ottevanger, aannemer van beroep, wil aan zijn huis zowel een grote serre als een extra garage aanbouwen. Hij vraagt hiertoe vergunning aan bij de bevoegde instantie. Aart denkt dat deze vergunning hem zeker zal worden verleend, omdat een buurman van hem ook vergunning voor een dergelijke aanbouw heeft gekregen. Op grond van een telefoongesprek met een gemeenteambtenaar gaat Aart er vanuit dat hij inderdaad de beoogde vergunning zal krijgen. Helaas, dat blijkt niet het geval. Hij krijgt geen vergunning om te gaan bouwen. Aart laat het er niet bij zitten, wil zijn recht halen en op grond van een onrechtmatige_daad het betrokken orgaan aansprakelijk stellen voor de geleden schade. Het gemeentebestuur wijst deze aansprakelijkheid af. Bovendien besluit Aart toch met de bouw te beginnen. Binnen drie maanden zijn een grote serre en garage aan zijn huis aangebouwd. Een overbuurman van Aart licht de bevoegde instanties in, die vervolgens bestuursrechtelijke maatregelen nemen. -3655 +H6KC;iy' I  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag08Vraag08aZie casus onderaan Tot welke gerechtelijke_instantie zal Aart zich rechtstreeks dienen te wenden in verband met de vordering uit onrechtmatige_daad ? De burgerlijke_rechter Het college_van_beroep_voor_het_bedrijfsleven De Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State Onrechtmatige_daad: Register: Onrechtmatige_daad BW 6:162 Privaatrecht: dan naar burgerrechter Het meest juiste antwoord is dus a yOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 7 t / m 10. Aart Ottevanger, aannemer van beroep, wil aan zijn huis zowel een grote serre als een extra garage aanbouwen. Hij vraagt hiertoe vergunning aan bij de bevoegde instantie. Aart denkt dat deze vergunning hem zeker zal worden verleend, omdat een buurman van hem ook vergunning voor een dergelijke aanbouw heeft gekregen. Op grond van een telefoongesprek met een gemeenteambtenaar gaat Aart er vanuit dat hij inderdaad de beoogde vergunning zal krijgen. Helaas, dat blijkt niet het geval. Hij krijgt geen vergunning om te gaan bouwen. Aart laat het er niet bij zitten, wil zijn recht halen en op grond van een onrechtmatige_daad het betrokken orgaan aansprakelijk stellen voor de geleden schade. Het gemeentebestuur wijst deze aansprakelijkheid af. Bovendien besluit Aart toch met de bouw te beginnen. Binnen drie maanden zijn een grote serre en garage aan zijn huis aangebouwd. Een overbuurman van Aart licht de bevoegde instanties in, die vervolgens bestuursrechtelijke maatregelen nemen. -3655 !!SI6K?=AIQ I  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag09Vraag09bZie casus onderaan Hoe kunnen we de overbuurman van Aart bestuursrechtelijk kwalificeren, indien op zijn verzoek bestuursrechtelijk wordt opgetreden? Als derde_belanghebbendeAls direct_belanghebbende Als derde niet-belanghebbende Belanghebbende: Register: Belanghebbende Awb 1:2, 4:8 Awb 1:2 betreft degene wiens belang rechtstreeks bij een beslissing is betrokken ad a ) Een derde belanghebbende is bijvoorbeeld uw buurman, als u bezwaar maakt tegen de bouwvergunning die hem verleend is. ad c ) een ieder die niet onder a of b valt Het meest juiste antwoord is dus b yOnderstaande casus heeft betrekking op  / m 10. Aart Ottevanger, aannemer van beroep, wil aan zijn huis zowel een grote serre als een extra garage aanbouwen. Hij vraagt hiertoe vergunning aan bij de bevoegde instantie. Aart denkt dat deze vergunning hem zeker zal worden verleend, omdat een buurman van hem ook vergunning voor een dergelijke aanbouw heeft gekregen. Op grond van een telefoongesprek met een gemeenteambtenaar gaat Aart er vanuit dat hij inderdaad de beoogde vergunning zal krijgen. Helaas, dat blijkt niet het geval. Hij krijgt geen vergunning om te gaan bouwen. Aart laat het er niet bij zitten, wil zijn recht halen en op grond van een onrechtmatige_daad het betrokken orgaan aansprakelijk stellen voor de geleden schade. Het gemeentebestuur wijst deze aansprakelijkheid af. Bovendien besluit Aart toch met de bouw te beginnen. Binnen drie maanden zijn een grote serre en garage aan zijn huis aangebouwd. Een overbuurman van Aart licht de bevoegde instanties in, die vervolgens bestuursrechtelijke maatregelen nemen. EINDE CASUS-3655 BB2J9KKa5 c  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag10Vraag10bZie casus onderaan Nadat Aart toch zonder vergunning de serre en de garage gebouwd heeft, besluit het bevoegde bestuursorgaan bestuursdwang toe te passen. Wat is juist? EINDE CASUSTegen dit besluit is uitsluitend administratief_beroep mogelijk Tegen dit besluit is de bezwaarschriftenprocedure en vervolgens beroep en hoger_beroep mogelijkTegen dit besluit is uitsluitend beroep bij de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State mogelijkBestuursdwang: Register: Bestuursdwang bij Algemene_wet_bestuursrecht Awb 5:21 ev Awb 5:21 definitie Verder kijken in kantlijn tot " schriftelijke beschikking " Awb 5:24-1 zegt dat bestuursdwang een beschikking is - hierop is de normale weg met bezwaar, beroep en ARRvS van toepassing Het meest juiste antwoord is dus b yOnderstaande casus heeft betrekking op de vragen 7 t Loondijk constateert tot zijn schrik dat de bouwvergunning voor een groot Woonzorgcomplex in strijd met het bestemmingsplan is verleend. De termijn van zes weken na bekendmaking van de bouwvergunning is nog niet verstreken en tot op heden zijn er geen bezwaren ingediend. Het college zit flink met deze kwestie in de maag en vreest voor politieke gevolg(en) als deze fout niet wordt hersteld. Welk van onderstaande alternatieven behoort rechtens niet tot de mogelijkheden ? Het college neemt een besluit tot intrekking van de bouwvergunning. Het college adviseert de VROM-inspectie om bezwaar te maken tegen de bouwvergunning.Het college probeert omwonende(n) zover te krijgen dat ze bezwaar maken tegen de bouwvergunning. Bouwvergunning en intrekken: Register: Bouwvergunning, intrekking Wonw 59 Wonw 59-1-a B&W kunnen de bouwvergunning geheel of gedeeltelijk intrekken: - indien blijkt, dat ..... onjuiste of onvolledige opgave hebben verleend of ..... Het meest juiste antwoord is dus a y-3655 XmM7KG]U{3    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag13Vraag13cEi_L8K9! )    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag12Vraag12bWelk van onderstaande bewering(en) betreffende de vordering_van_woonruimte is juist ? Burgemeester en wethouder(s) kunnen bestaande woonruimte in bepaalde gevallen vorderen als woonruimte. Tegen een dergelijk besluit kan bezwaar bij burgemeester en wethouder(s) worden ingediend, vervolgens beroep bij de rechtbank en hoger_beroep bij de Raad_van_StateBurgemeester en wethouder(s) K8K95OI    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag11Vraag11aHet college_van_burgemeester_en_wethouders van de gemeentekunnen bestaande woonruimte in bepaalde gevallen vorderen als woonruimte. In afwijking van de normale rechtsbeschermingsregel(s) in de Algemene_wet_bestuursrecht kan een belanghebbende tegen een besluit tot vordering direct beroep instellen bij de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_StateDe gemeenteraad kan bestaande woonruimte in bepaalde gevallen vorderen als woonruimte. Op dit gemeenteraadsbesluit is van toepassing de normale bezwaarschriftenprocedure ( bezwaar bij de raad ) en beroep op de rechtbank, gevolgd door een eventueel hoger_beroep bij de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_StateWoonruimte en vorderen: Register: Woonruimte, vordering van III.4 Huisvw 40 ev Huisvw 40-1 zegt dat B&W woonruimte kunnen vorderen - dit ondergraaft antwoord c ( gemeenteraad kan dat dus niet ) Verder kijken in de kantlijn tot " Beroep " - Huisvw 44-1 zegt beroep instellen bij de ARRvS - Huisvw 44-2 is niet van toepassing ! Het meest juiste antwoord is dus b y-3655genaar Boot wil in zijn voortuin langs de eigendomsgrens van de tuin van zijn buurman Van Laar een stenen erfafscheiding oprichten ter hoogte van precies 1 meter. Beide pand(en) zijn geen monument en vallen niet onder het zogenaamde beschermd_stads-_of_dorpsgezicht . Heeft hij voor deze voorziening een bouwvergunning nodig en zo ja, waarom ? Ja, want deze erfafscheiding komt in de voortuin te staan, waar voorgevel rooilijnvoorschrift(en) geldenJa, want het betreft hier een stenen bouwwerk, waarvoor hij een reguliere_bouwvergunning nodig heeftNee, deze erfafscheiding is een vergunningvrij bouwwerkBouwvergunningvrij: Register: Bouwvergunningsvrij en licht-bouwvergunningsplichtige bouwwerken III.21 Opzoeken: Vergunningvrij_bouwwerk(en) Besluit_bouwvergunningsvrije_en_licht-bouwvergunningsplichtige_bouwwerken art. 2-e-1: - erf- of perceelafscheiding niet hoger dan 1 meter Het meest juiste antwoord is dus c y-3655ingsplan. Gesprekken met de verantwoordelijke wethouder versterken bij hem de indruk dat de gemeente wel wil meewerken door een artikel 3.22 procedure voor hem te starten. Daarop dient hij op 1 augustus 2005 een bouwplan in. Op 15 december 2005 heeft hij nog niets van de gemeente gehoord. Wat is het gevolg van de ingediende bouwaanvraag ? De bouwaanvraag is rechtens tevens een verzoek om ontheffing waarop tijdig een beslissing moet worden genomenKloppenborg mag er van uit gaan dat op grond van artikel 46, lid 4 van de Woningwet de bouwvergunning van rechtswege is verleendDe bouwaanvraag is nog in procedure; de gemeente hoeft nog niet te beslissen; immers de wethouder gaf mondeling aan mee te willen werken aan een artikel 3.22 procedureBouwvergunning en beslistermijn Register: Bouwvergunning III.19 Wonw 40 Verder kijken in kantlijn tot " Beslistermijn " - Wonw 46-1 regelt de diverse beslistermijn(en), waarbij - Wonw 46-4 zegt dat indien de beslistermijn is verstreken, de vergunning van rechtswege is verleend, echter - Wonw 46-3 zegt dat eerste lid NIET van toepassing is als er sprake is van WRO 15, 17, 19 ( is thans Wro 3.6, 3.22 en 3.23 ) - dat ondergraaft antwoord b, maar - in Wonw is wel bepaald dat een dergelijke aanvraag tevens een verzoek om vrijstelling inhoudt, en - dit ondersteund antwoord a - Antwoord c kan niet worden bepaald omdat niet bekend is of het een lichte_bouwvergunning of een reguliere_bouwvergunning betreft en of daarvoor een verklaring van geen bezwaar van Gedeputeerde_Staten nodig is ( Wonw 49-2-a en -b ) 49 = vervallen !! - Let op: Wonw 46-3 dat verwijst naar Wonw 46-2 welke een verdaging met 6 weken toelaat, zodat een beslistermijn wel 24 weken kan bedragen ( 6 weken voor zienswijze(n); 12 weken volgens Wonw 49-2-a-2 of b-2; 6 weken verdaging ), maar er is te weinig informatie om te besluiten of antwoord c geldig is, dus antwoord c daarom NIET Het meest juiste antwoord is dus ay-3655 DD)O8KW#_5-    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag15Vraag15cWat wordt in een procedure betreffende het verlenen van een bouwvergunning bedoeld met anticipatie ? Het verlenen van ontheffing van de bepaling(en) van het geldende bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6 van de Wet_ruimtelijke_ordeningHet nemen van een raadsbesluit inhoudende de ontheffingsprocedure van het bestemmingsplwN8Kkg [    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag14Vraag14aKloppenborg wil bij zijn boerderij een atelierruimte bouwen, als hobbyruimte voor zijn vrouw. De realisering is echter in strijd met het geldende bestemman ten behoeve van de verwezenlijking van een project ( artikel 3.23 procedure ). Het doorbreken van de aanhoudingsplicht zoals opgenomen in de Woningwet indien het bouwplan niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan of met de in voorbereiding zijnde herziening daarvan. Anticipatie: Register: niet vermeld Aanhoudingsplicht: Register: niet vermeld Bouwvergunning en anticipatie: Register: Bouwvergunning, anticipatie bij Wonw 50 - Wonw 50-1 gaat over de aanhoudingsplicht Verder kijken in kantlijn " Anticipatie " - Wonw 50-4 zegt dat een bouwvergunning kan worden verleend indien het bouwplan niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan of met een herziening daarvan - zie ook: Wonw 50-5 waarbij ook verlening kan plaatsvinden indien bouwplan in strijd met bestemmingsplan, maar indien Gedeputeerde_Staten geen bezwaar hebben, etc. ( is niet van toepassing op deze vraag ) Het meest juiste antwoord is dus c y-3655 vP5K emq    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag16Vraag16aWelke vergunning is nodig om een nooit eerder bewoond kantoor zonder dat dit wordt verbouwd, als woning in gebruik te nemen ? Een vergunning zoals bedoeld in de WoningwetEen vergunning zoals bedoeld in de WoonruimtewetEen vergunning zoals bedoeld in de HuisvestingswetWoonvergunning: Register: Woonvergunning Wonw 60 - Wonw 60-1 zegt, dat een gebouw dat ( nog ) NIET als woning werd gebruikt, NIET zonder vergunning van B&W als woning in gebruik mag worden genomen Het meest juiste antwoord is dus a y-3655 JJ2Q7K}q =    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag17Vraag17cWanneer is er sprake van een onbewoonbaarverklaring ? Indien de gemeente de beschikking wil hebben over de eigendom van de woning ter uitvoering van een bestemmingsplanIndien, gelet op de zeer slechte staat van de woning, er geen enkele juridische grond meer bestaat de huur jaarlijks te verhogenAls de woning feitelijk ongeschikt is om in te wonen en ook niet door rendabele voorzieningen in bewoonbare staat kan worden gebrachtOnbewoonbaarverklaring: Register: Onbewoonbaarverklaring Wonw 29 - Wonw 29-1 zegt dat indien woning ongeschikt voor bewoning en door het treffen van voorzieningen niet in bewoonbare staat kan worden gebracht de woning onbewoonbaar kan worden verklaard - echter, Wonw 29 is vervallen zodat de vraag thans NIET meer kan worden beantwoord Het meest juiste antwoord was destijds c y-3655 P.P T9K11Eg y  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag20Vraag20b"S5K?!!    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag19Vraag19bIn FNR5Kq%-3    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag18Vraag18bHet is algemeen bekend dat te realiseren bouwwerk(en) voldoende energiezuinig moeten zijn. Hiervoor zijn energieprestatienorm(en) ontwikkeld. In welke van de onderstaande wettelijke_regeling(en) zijn deze normeringen bij uitstek opgenomen ? De WoningwetHet Bouwbesluit De Bouwverordening Energie en prestatienorm: Register: geen ingang gevonden Kijken in de woningwet - Wonw 2-1 stelt dat bij of krachtens AMvB, technische voorschrift(en) m.b.t. de energiezuinigheid kunnen worden gegeven, waarbij - in de kantlijn " Bouwbesluit " is vermeld Het meest juiste antwoord is dus b y-3655latstad is een goede locatie gevonden om definitief een casino te vestigen. Deze locatie is echter pas over enkele jaren beschikbaar. Daarop besluiten burgemeester en wethouder(s) medewerking te verlenen aan de verbouw van een bestaand gebouw tot casino. Zij besluiten na het doorlopen van de voorgeschreven procedure tijdelijk ontheffing te verlenen van het bestemmingsplan en een bouwvergunning te verlenen met een instandhoudingtermijn. Hoe lang is de maximale wettelijke_termijn dat het casino in stand mag worden gehouden ? Drie jaarVijf jaar Tien jaar Ontheffing en tijdelijk: Register Ontheffing van voorschrift(en) bestemmingsplan Wro 3.22 ev - in Wro 3.22-1 is vermeld dat de termijn van ontheffing maximaal 5 jaren kan belopen - in Wonw 45-1-d en 45-4 is vermeld dat de instandhoudingstermijn op grond van de tijdelijke_bouwvergunning maximaal die van de ontheffing is Het meest juiste antwoord is dus b y-3655Zie de casus onderaan Stel dat Planken de brief met het verzoek ontvangt en dat hij grote bezwaren heeft tegen de aanpassing(en), die de welstandscommissie verlangt. Wat kan of moet Planken doen en waarom? Planken dient de gewenste aanpassing(en) te accepteren, verzet is niet toegestaan Planken kan zijn plan ongewijzigd handhaven en een beslissing van het college_van_burgemeester_en_wethouders gewoon afwachtenPlanken dient bij het gemeentebestuur een bezwaarschrift in te dienen tegen het negatieve advies van de welstandscommissie en te verzoeken om een neutrale hertoetsing door een welstandscommissie van een naburige gemeenteWelstandseisen: Register: Welstandseisen Wonw 8, 12, 42 en 48 - geven geen uitsluitsel - Er is nog geen besluit en beschikking, dus nog geen bezwaar mogelijk - dit ondergraaft antwoord c - Antwoord a lijkt wat kort door de bocht, dus niet antwoord a - In III.21 art. 7 zijn de welstandseis(en) / eisen_van_welstand m.b.t. licht-bouwvergunningplichtige bouwwerk(en) bepaald - voor vergunningsvrij bouwwerk(en) zijn zulke regel(s) er niet, dus geen preventieve_toetsing, echter - volgens Wonw 19 wel toetsing achteraf ofwel repressieve_toetsing Het meest juiste antwoord is dus b yDe onderstaande casus " Planken " hoort bij de vragen 20 tot en met 22. De heer Planken dient bij het gemeentebestuur een aanvraag om bouwvergunning in voor een woning met bijgebouwen, erfafscheiding(en) en andere kleinere bouwwerk(en). Enkele onderdelen vallen onder de categorie vergunningvrij. De welstandscommissie beoordeelt het bouwplan en geeft een negatief oordeel over de vergunningvrije onderdelen, terwijl voor het overige een positief oordeel wordt gegeven. Voor het overige voldoet het bouwplan aan de daarvoor geldende wettelijk_vereiste(n). Het gemeentebestuur stuurt Planken een brief met het verzoek om zijn bouwplan aan te passen aan de eis(en) van de welstandscommissie. -3655 0]>kLy,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag16P,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag17Q,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag18R,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag19S,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag20T,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag21U,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag22V,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag23W,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag24X,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag25Y,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag26Z,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag27[,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag28\,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag29],K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag30^,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag31_,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag32`,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag33a,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag34bXmU'~m/Nz6|"7- Examen Rechten 2008Vraag24R,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag36'm,K- Examen Publiekrecht 2005 - IIVraag56;,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag15O,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag35c&,K- Examen Publiekrecht 2006 - -M- Examen Publiekrecht 2006 - IIIVraag01x +I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag05-+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag26K#0002publiekDefinitie`#AanbestederDefinitie'=Aandelenkapitaal_vervolgDefinitieAannemerDefinitie.AanvraagDefinitieH-Absolute_rechtenDefinitiec%9Actief_vermogensbeheerDefinitieAdm5I04Definitie?Adm5I40DefinitieAqAfdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_StateDefinitie)AflossingsplanDefinitieAfslagDefinitieAfwerkingDefinitie/1&;Akte_van_non_comparitieDefinitieMs om andere reden(en) dient te worden geweigerd Bouwvergunning: Register Bouwvergunning Wonw 40 Verder kijken tot " Weigeringsgrond(en) " - in Wonw 44-1-c is vermeld dat de bouwvergunning moet worden geweigerd als het bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan Het meest juiste antwoord is dus b yDe onderstaande casus " Planken " hoort bij de vragen 20 tot en met 22. De heer Planken dient bij het gemeentebestuur een aanvraag om bouwvergunning in voor een woning met bijgebouwen, erfafscheidingen en andere kleinere bouwwerken. Enkele onderdelen vallen onder de categorie vergunningvrij. De welstandscommissie beoordeelt het bouwplan en geeft een negatief oordeel over de vergunningvrije onderdelen, terwijl voor het overige een positief oordeel wordt gegeven. Voor het overige voldoet het bouwplan aan de daarvoor geldende wettelijke vereisten. Het gemeentebestuur stuurt Planken een brief met het verzoek om zijn bouwplan aan te passen aan de eisen van de welstandscommissie. -3655 eeU7KCiK k  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag21Vraag21bZie de casus onderaan Stel dat bij een eerste toetsing van het bouwplan van de heer Planken blijkt, dat zijn plannen in strijd zijn met het geldende bestemmingsplan en dat geen vrijstelling(en) of ontheffing(en) mogelijk zijn. Moet het bouwplan dan toch aan de welstandscommissie worden voorgelegd en zo nee, waarom niet? Ja, dat is altijd verplichtNee, want vergunningverlening is niet mogelijkNee, omdat het bouwtoezicht eerst aanwijzing(en) dient te geven voor aanpassing van het bouwplan, zodat het aan de voorschrift(en) van het bestemmingsplan voldoet, waarna hertoetsing kan plaatsvindenWelstandseisen: Register Welstandseisen Wonw 8, 12, 42 en 48 - in Wonw 48-2-b is vermeld dat een bouwaanvraag NIET aan de welstandscommissie hoeft te worden voorgelegd als de bouwvergunning reedt de betaling van leges juridisch gezien los staat van het opstarten van een ontheffingsprocedureBouwvergunning en leges: Register: niets gevonden Volgens Wonw 46-3 is de aanvraag om bouwvergunning tevens een aanvraag om ontheffing - in Wonw 46-3 wordt niets gezegd over leges Het meest juiste antwoord is dus c yDe onderstaande casus " Planken " hoort bij de vragen 20 tot en met 22. De heer Planken dient bij het gemeentebestuur een aanvraag om bouwvergunning in voor een woning met bijgebouwen, erfafscheidingen en andere kleinere bouwwerken. Enkele onderdelen vallen onder de categorie vergunningvrij. De welstandscommissie beoordeelt het bouwplan en geeft een negatief oordeel over de vergunningvrije onderdelen, terwijl voor het overige een positief oordeel wordt gegeven. Voor het overige voldoet het bouwplan aan de daarvoor geldende wettelijke vereisten. Het gemeentebestuur stuurt Planken een brief met het verzoek om zijn bouwplan aan te passen aan de eisen van de welstandscommissie. -3655 ]]V9K)5aY k  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag22Vraag22cZie de casus onderaan Stel dat de behandelende ambtenaren van het bouwtoezicht tot de constatering komen dat het bouwplan van de heer Planken weliswaar in strijd is met het bestemmingsplan, maar dat het mogelijk is met een ontheffing alsnog de strijd met het bestemmingsplan op te heffen. De heer Planken ontvangt van het bouwtoezicht een brief met het verzoek de benodigde leges vooraf te voldoen. Pas na ontvangst van de leges zal met de ontheffingssprocedure worden gestart, aldus de mededeling van het bouwtoezicht. Is het toegestaan de betaling van leges te verbinden aan het opstarten van een ontheffingsprocedure en zo nee, waarom niet? Ja, want het volgen van een dergelijke procedure kost de gemeente ook geld Nee, want de betaling van leges voor bouwvergunning(en) vindt altijd achteraf plaatsNee, omdaergunning voor de stal te gebeuren? De vergunning wordt op 1 februari 2006 geweigerdDe vergunning moet op 1 februari 2006 alsnog worden verleendDe aanvraag wordt op 1 februari 2006 opnieuw aangehoudenBouwvergunning en aanhoudingsplicht: Register: Bouwvergunning Wonw 40 Verder kijken in kantlijn tot " Aanhoudingsplicht " - Op 1 februari 2005 is een voorbereidingsbesluit genomen - in Wonw 50-1 is vermeld dat de aanvraag moet worden aangehouden als een voorbereidingsbesluit in werking is getreden - in Wonw 50-2 is vermeld dat de bouwvergunning moet worden verleend als de termijn genoemd in Wro 3.7-5 ( of in WRO 25 of in WRO 26 ) is verstreken - in Wro 3.7-5 is vermeld dat het voorbereidingsbesluit vervalt als niet binnen 1 jaar een ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd, en dat zou dus moeten zijn gebeurd vr 1 februari 2006, en - dat is niet gebeurd dus de vergunning moet worden verleend Het meest juiste antwoord is dus b y-3655 &W6Kam}i    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag23Vraag23bJensen dient op 1 april 2005 een ontvankelijke bouwaanvraag in voor de bouw van een paardenstal achter in zijn grote tuin, een en ander conform het ter plaatse geldende bestemmingsplan. Op de bewuste grond rust echter een voorbereidingsbesluit, in werking getreden op 1 februari 2005. Overigens voldoet de bouwaanvraag aan de wettelijk gestelde eis(en). De gemeente is bezig een andere bestemming aan de bewuste grondstrook te geven en neemt daarom - op grond van het geldende voorbereidingsbesluit - een besluit tot aanhouding van de bouwaanvraag. Die andere bestemming komt naar buiten door de tervisielegging van een ontwerpbestemmingsplan op 1 maart 2006. Wat dient vervolgens met de aanvraag van de bouwvdervonden van een nieuw bestemmingsplan. In hetzelfde bestemmingsplan is echter voor de heer Poen een nieuwe bouwmogelijkheid opgenomen op een aangrenzend perceel, waardoor hij grotere voordelen geniet. Voor de beoordeling of er sprake is van planschade heeft de raad de nadelen gecompenseerd met de voordelen en aldus bepaald dat er in redelijkheid geen sprake is van planschade. Is deze vorm van compensatie geoorloofd en zo nee, waarom niet? Ja, omdat het saldo van de voor- en nadelen bepalend is voor de toekenning van planschade. Nee, omdat voordeeltoerekening bij planschade wettelijk geen rol mag spelen.Nee, omdat de voor- en nadelen betrekking hebben op verschillende juridische object(en), die slechts marginaal met elkaar in verbinding staan. Planschade: Register: Planschade Wro 6.1 e.v. Brengt ons niet verder Dan theorie: - bij de bepaling van de grootte van de planschade dienen de voordelen en de nadelen met elkaar te worden gecompenseerd Het meest juiste antwoord is dus a y-3655 <Y7Kw/#    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag25Vraag25cEen projectontwikkelaar koopt een groot perceel grond van de gemeente om daar later woningbouw op te kunnen realiseren. Omdat woningbouw daar niet is toegestaan volgens het bestemmingsplan, wil hij tijd besparen. Hij dient voordat de aanvraag om bouwvergunning wordt ingediend, bij de gemeente een verzoek in tot het verlenen van een ontheffing ex art. 3.23, lid 1 van de Wet_ruimtelijke_ordening ten behoeve van dit bouwplan. De ontheffing wordt vervolgens verleend door het college. In een later stadium zullen de koper(s) van de afzonderli8X8K5E%/    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag24Vraag24aDe heer Poen heeft als economisch_eigenaar van een woongedeelte aantoonbaar nadelen onjke percelen allemaal gescheiden een bouwvergunning aan moeten vragen bij het college. Omwonende(n) zien dit alles met lede ogen aan. Is het mogelijk bezwaar te maken tegen het ontheffingsbesluit en zo ja, waarom? Ja, een ontheffingsbesluit is immers een besluit met een concreet rechtsgevolg. Ja, immers wanneer het ontheffingsbesluit nu strandt, heeft dat gevolgen voor de (on)mogelijkheid tot het verlenen van een bouwvergunning. Nee. Ontheffing: Register: Ontheffing van voorschriften bestemmingsplan Wro 3.22 ev Kijken in kantlijn tot " Ontheffing bij AMvB " - in Wro 3.24 is de procedure beschreven, waarbij - in Wro 3.24-3 is gepaald dat Awb afd. 3.4 van toepassing is - in Awb 7:1-1-d is bepaald dat geen bezwaar kan worden gemaakt tegen een besluit dat is voorbereid middels Awb afd. 3.4 Het meest juiste antwoord is dus c - Let op: er kan dus wel later bezwaar worden gemaakt tegen een latere bouwvergunningaanvraag, maar niet tegen het ontheffingsbesluit y-3655ning en ontheffing: Register Bouwvergunning Wonw 40 Omdat bij Bouwvergunning wordt verwezen naar Wonw, eerst kijken bij Wonw 49-5 - in Wonw 49-5 is vermeld dat de ontheffing onderdeel uitmaakt van de beschikking ( = bouwvergunning ) waarop de vrijstelling betrekking heeft en dat daarop Awb 8 van toepassing is - In Awb 8:1 is vermeld dat alleen belanghebbende(n) beroep bij de rechtbank kunnen instellen ( maar het gaat hier NIET om beroep ) Let op: - ad a) Wro 2.24 gaat alleen over de ontheffingsprocedure en niet over de ( gehele ) bouwaanvraag, en is daarom in deze vraag niet van toepassing - ad b) Awb 8:1 en 7:1 zijn algemeen en vormen de kern als er geen speciale regeling in een betreffende wet is gegeven - de aanvraag bouwvergunning geschiedt NIET volgens Awb afd. 3.4 en daarom kan dus tegen de verlening van de bouwvergunning bij B&W bezwaar worden gemaakt ( door belanghebbende(n) ) Het meest juiste antwoord is dus c y-3655 %P%[6KA1Se    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag27Vraag27bDe heer Peerd claimt bij de gemeenteraad planschade omdat hij volgens hem ten tijde van de koop van zijn pand ( januari 2002 ) NIET had kunnen voorzien dat er in januari 2005 een bouwvergunni$Z8K-=9    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag26Vraag26cBurgemeester er wethouder(s) van de gemeente Scheldeland verlenen, na eerst een ontheffing ex art. 3.23 van de Wet_ruimtelijke_ordening te hebben verleend, in hetzelfde besluit een bouwvergunning voor de realisatie van een groot kantorencomplex. Wie kunnen er nu bezwaar maken tegen de verleende bouwvergunning ? Een ieder, volgens de systematiek van de Wet_ruimtelijke_ordening ( art. 3.23 ).Een ieder, volgens de systematiek van de Algemene_wet_bestuursrecht ( art. 8:1 en 7:1 ).Alleen belanghebbende(n), volgens de systematiek van de Woningwet ( art. 49, lid 5 ). Bouwvergunng voor een groot appartementencomplex achter zijn huis zou worden verleend. De gemeenteraad denkt daar echter anders over. Als hij de gemeentelijke publicatie(s) in de gaten had gehouden, had hij volgens de raad kunnen weten dat de gemeente plan(nen) voor / op die locatie had. Welk planologisch instrument is volgens de huidige rechtspraak van de Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State een voldoende aanwijzing om van een voorzienbare ontwikkeling te spreken? Een structuurvisieEen voorontwerp-bestemmingsplan / ontwerp_bestemmingsplan Een onherroepelijk bestemmingsplan Wat is een voorzienbare_ontwikkeling ? - een structuurvisie is NIET bindend voor de burger en heeft met deze vraag dus NIET van doen - een voorontwerp-bestemmingsplan / ontwerp_bestemmingsplan is een besluit op gemeentelijk niveau waar een ieder kennis van kan nemen, en dat als het wordt aangenomen en later een onherroepelijk bestemmingsplan wordt, wordt uitgevoerd Het meest juiste antwoord is dus b y-3655 __\5K}3K[S    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag28Vraag28cEr bestaat geen verplichting om van een bouwvergunning gebruik te maken. Er geldt dus op grond van de Woningwet geen bouwplicht. Een beperkte uitzondering op die regel komt voor in ...de Wet_milieubeheerde Wet_voorkeursrecht_gemeentende Wet_op_de_stads-_en_dorpsvernieuwingIn de regel geen verplichting tot bouwen - bij niet beginnen met de bouw binnen de termijn zoals aangegeven in de bouwverordening kunnen B&W de bouwvergunning intrekken - In WSDV 27-1 is bepaald dat B&W een termijn kunnen opleggen die langer moet zijn dan 12 weken, anders - wordt er volgens WSDV 27-2 een bankgarantie verbeurd verklaard en kan de bouwvergunning worden ingetrokken - echter de WSDV is vervallen per 1-7-2008 zodat deze vraag NIET meer kan worden beantwoord Het meest juiste antwoord was destijds c y-3655 zz]7K ic    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag29Vraag29aWanneer zijn landinrichtingsproject(en) niet m.e.r.-plichtig? Wanneer de milieugevolg(en) zeer beperkt zijn.Wanneer GS daartoe expliciet een ontheffing hebben verleend. Wanneer er geen ruilverkaveling van enige betekenis plaatsvindt. Milieu-effectrapportage: Register: Milieu-effectrapportage Wmb 7.1 ev - in Wmb 7.2 is vermeld dat een m.e.r. verplicht is bij activiteit(en) die nadelige effect(en) voor het milieu kunnen hebben - m.b.t. de antwoorden B en C is niets te vinden Het meest juiste antwoord is dus a y-3655   \^5KoIOg9    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag30Vraag30cEen van de belangrijkste pijler(s) van de Wet_op_de_stads-_en_dorpsvernieuwing is de decentralisatie van Rijk naar provincie(s) en gemeente(n). Deze decentralisatie uit zich ...uitsluitend in financile zin.uitsluitend in bestuurlijke zin. zowel in bestuurlijke als in financile zin. WSDV en Financin: Register: niets te vinden Zoeken in WSDV - In WSDV 3-1, 5 en 31 is vermeld dat het Rijk, de provincie en de gemeenten een rol spelen op zowel bestuurlijk als financile zin - echter de WSDV is per 1-7-2008 vervallen zodat deze vraag thans NIET meer kan worden beantwoord Het meest juiste antwoord was destijds c y-3655t uiterlijk aanzien als een grond vermeld - echter de WSDV is per 1-7-2008 vervallen zodat deze vraag thans NIET meer kan worden beantwoord Het meest juiste antwoord was destijds a yDe onderstaande casus " Rivieroever " hoort bij de vragen 31 en 32. Op een kwade dag besluit het college van B en W van Rivieroever de eigenaar van een caf aan te schrijven om de exploitatie van zijn caf te beindigen op straffe van het opleggen van een dwangsom. Het college stelt dat de exploitatie van het caf in strijd is met art. 2, lid a, van de Leefmilieuverordening. Vast staat dat de bewuste inrichting is gelegen in het gebied waar de Leefmilieuverordening van toepassing is. Het college bedient zich bij zijn aanschrijving van argument(en), zoals de ruimtelijke uitstraling en uiterlijk aanzien, die in een bestemmingsplan hadden behoren te zijn neergelegd. De eigenaar is echter van mening dat het college zijn bevoegdheden misbruikt omdat de Leefmilieuverordening zich alleen concentreert op het leefmilieu. -3655 \ `9KG)=3   - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag32Vraag32bZie casus onderaan De in deze casus genƍ_8K1s /E   - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag31Vraag31aZie casus onderaan Kan door het college toch gegrepen worden naar de Leefmilieuverordening als rechtsgrondslag voor het handhavende optreden ? Ja, kijkend naar art. 9, eerste lid, van de WSDV. Nee. Motieven als ruimtelijke uitstraling en uiterlijk aanzien behoren uitsluitend te worden geregeld in het bestemmingsplan. Dit kan slechts indien het bestemmingsplan, dat als eerste toetsingskader dient, onvoldoende soelaas biedt om effectief handhavend op te treden. Leefmilieuverordening: Register: Leefmilieuverordening WSDV 7, 9 - In WSDV 7-1 is heoemde eigenaar stoort zich echter nergens aan en presteert het zelfs om bij het college een bouwvergunningsaanvraag in te dienen voor een te bouwen aanbouw aan zijn caf. Deze aanvraag is evenwel regelrecht in strijd met de eerdergenoemde leefmilieuverordening en het college is dan ook vast van plan deze vergunning te weigeren. Stel dat de bouwaanvraag niet in strijd is met het bepaalde in art. 44 Woningwet. Mag het college dan toch de bouwvergunning weigeren en zo ja, waarom? EINDE CASUSNee, dit is verboden, gelet op het limitatieve karakter van art. 44 Woningwet.Ja, gezien het bepaalde in art. 17, eerste lid, van de WSDV. Ja, doch alleen indien het stadsvernieuwingsplan zich eveneens verzet tegen de aanbouw. Leefmilieuverordening en weigering bouwvergunning: Register: Leefmilieuverordening, weigeringsgrond bouwvergunning WSDV 17 - in WSDV 17-1 is bepaald dat een bouwvergunning moet worden geweigerd, onverminderd het bepaalde in Wonw 44, indien de aanvraag in strijd zou zijn met de leefmilieuverordening - echter de WSDV is per 1-7-2008 vervallen zodat deze vraag thans NIET meer kan worden beantwoord Het meest juiste antwoord was destijds b yDe onderstaande casus " Rivieroever " hoort bij de vragen 31 en 32. Op een kwade dag besluit het college van B en W van Rivieroever de eigenaar van een caf aan te schrijven om de exploitatie van zijn caf te beindigen op straffe van het opleggen van een dwangsom. Het college stelt dat de exploitatie van het caf in strijd is met art. 2, lid a, van de Leefmilieuverordening. Vast staat dat de bewuste inrichting is gelegen in het gebied waar de Leefmilieuverordening van toepassing is. Het college bedient zich bij zijn aanschrijving van argumenten, zoals de ruimtelijke uitstraling en uiterlijk aanzien, die in een bestemmingsplan hadden behoren te zijn neergelegd. De eigenaar is echter van mening dat het college zijn bevoegdheden misbruikt omdat de Leefmilieuverordening zich alleen concentreert op het leefmilieu. EINDE CASUS-3655 88Da4K[15Km    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag33Vraag33bWie stelt het inrichtingsplan vast ? Provinciale_StatenGedeputeerde_Staten De Commissaris_van_de_Koningin De landinrichtingswet is per 01-01-2007 vervallen en vervangen door de Wet_inrichting_landelijk_gebied Inrichtingsplan en vaststellen: Register: Inrichtingsplan, vaststelling III.6 Wilg 17-1 Het meest juiste antwoord is dus b y-3655 ab6Kw?ms    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag34Vraag34aWie of welk orgaan kan het provinciaal_meerjarenplan opstellen in het kader van de Wet_inrichting_landelijk_gebied ? Gedeputeerde_Staten van de provincie, waarbinnen de landinrichting dient plaats te vindenDe gebiedscommissie m.b.t. het betreffend gebiedDe Dienst_landelijk_gebied voor de gehele provincieDe landinrichtingswet is per 01-01-2007 vervallen en vervangen door de Wet inrichting landelijk gebied Provinciaal_meerjarenplan en vaststellen: Register: Wilg 4 - in Wilg 4-1 is vermeld dat Provinciale_Staten het Provinciaal_meerjarenplan vaststellen - in Wilg 4-4 is vermeld dat Provinciale_Staten de betreffende bevoegdheid kunnen overdragen ( = delegeren ) aan Gedeputeerde_Staten Het meest juiste antwoord is dus a y-3655tenwind is het daardoor niet meer mogelijk buiten in de tuin, behorend bij de woning, te zitten. De heer Janssen is van mening dat de waarde van zijn woning onacceptabel verminderd is. Van welk soort planschade is sprake? Uitsluitend eigenlijke_planschadeUitsluitend oneigenlijke_planschade Zowel eigenlijke_planschade als oneigenlijke_planschade Planschade en eigenlijk / oneigenlijk: Register: Planschade Wro6.1 Brengt ons niet verder, daarom theorie - Eigenlijke_planschade = schade door het plan zelf, als gevolg van mogelijke beperking(en) in gebruik, etc. die voortvloeien uit het nieuwe plan zelf, zoals bijvoorbeeld: er mag niet meer worden gebouwd waardoor men schade ondervindt - Oneigenlijke_planschade = schade door activiteit(en) die voortvloeien uit toepassing van het nieuwe plan, zoals bijvoorbeeld: een opgericht bouwwerk waardoor men schade ondervindt, etc. Het meest juiste antwoord is dus b - het antwoord was eerst a, maar de vraag is later vervallen verklaard y-3655 iWipf6KesKSW    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag38Vraag38aBij onteigening ϒbe8Ki+q    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag37Vraag37bOnteigening in belang van de ruimtelijke_ordening vindt doorgaans plaats uit kracht van een raadsbesluit, goedgekeurd door de Kroon. De gemeente Elsfoort wil bij een bestemmingsplan van de in de wet gegeven mogelijkheden gebruik maken, voorzover betreft de gro͉d7K}q)s    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag36Vraag36aIn de gemeente Middelzee is discussie ontstaan o̊c5K OU}A    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag35Vraag35bNaar aanleiding van de wijziging van een bestemmingsplan vestigt gemeente Roerdomp een vuilstortplaats in de nabijheid van de woning van de heer Janssen. Bij oosver de interpretatie van het begrip " bijgebouw ". Het college wil in het kader van een vrijstelling ex artikel 3.23 Wet_ruimtelijke_ordening aansluiting zoeken bij de in de jurisprudentie ontwikkelde definitie van het begrip " bijgebouw ". De ambtenaar van de afdeling bouwzaken is van oordeel dat de definitie in het ter plaatse vigerende bestemmingsplan dient te worden aangehouden. In casu lopen de begripsomschrijving(en) danig uiteen. Wat is juist? De definitie in het bestemmingsplan is bepalend. De in de jurisprudentie ontwikkelde definitie is bepalend. Het hangt af van de concrete situatie welke definitie moet worden gehanteerd. Bestemmingsplan en definitie: Register: Bestemmingsplan Wro 3.1 ev - in Wro3.1-1 is bepaald dat bij een bestemmingsplan ook regel(s) / voorschrift(en) worden gegeven betreffende het gebruik van de grond en de zich daar bevindende bouwwerk(en) / opstal(len) - bevat dus ook de betreffende definitie(s) Het meest juiste antwoord is dus a y-3655nd(en) waarvan het gebruik afwijkt van het plan, een of meer onderdelen aan te wijzen, ten aanzien waarvan de verwerkelijking van het plan in de naaste toekomst nodig wordt geacht en besluit tot de zogenaamde spoedprocedure. Welke van onderstaande situatie(s) komt zowel in de " normale vereenvoudigde administratieve procedure " als in de " administratieve spoedprocedure " voor ? Vr het nemen van het besluit door de gemeenteraad moet het ontwerp onteigeningsplan ter visie hebben gelegenHet raadsbesluit tot onteigening moet ter visie gelegd worden ten behoeve van diegene(n) die bezwaar tegen het plan willen indienenBelanghebbende(n) kunnen hun zienswijze zowel schriftelijk als mondeling bij de gemeenteraad naar voren brengen en in bezwaar gaan bij de KroonOnteigening en ruimtelijke ordening en bestemmingsplan: Register: Onteigening in het belang van de ruimtelijke_ontwikkeling en van de volkshuisvesting Ow 77 ev - In Ow 77 ev is de normale procedure geregeld - in Ow 80-1 is bepaald dat Awb 3:4 van toepassing is, d.w.z. - dat terinzagelegging van het onteigeningsplan plaatsvindt en zienswijze(n) kunnen worden ingebracht - na het nemen van het onteigeningsbesluit door de gemeenteraad moet het besluit volgens Ow 84-3 zes weken ter inzage liggen en kunnen belanghebbende(n) die hun zienswijze(n) hebben ingebracht, bedenking(en) inbrengen bij de Kroon Onteigening en versnelde procedure: Register: Onteigening, versnelde procedure Ow 85 - in Ow 85-1 is vermeld dat tevens aanstonds kan worden onteigend, zonder Awb 3:4, d.w.z. - geen plan tot onteigening ter inzage, geen zienswijze(n), etc.; hiermee vallen antwoorden a en c af - in Ow 85-1 is tevens vermeld dat Ow 83 en 84-1, -2 van toepassing blijven ( Ow 84-3 natuurlijk niet want er hebben geen zienswijze(n) kunnen worden ingebracht ), en dat bedenking(en) bij de Kroon kunnen worden ingebracht - dit ondersteund antwoord b Het meest juiste antwoord is dus by-3655ten algemenen nutte wordt aan eventuele pachter(s) schadeloosstelling betaaldaan eventuele hypotheekhouder(s) en beslaglegger(s) afzonderlijk een schadeloosstelling betaaldaan eventuele huurder(s) en onderhuurder(s) van een woning afzonderlijke schadeloosstelling betaaldOnteigening en schadeloosstelling: Register: Onteigening en schadeloosstelling Ow 39, 55 - Bij Ow 39 worden we niet veel wijzer Verder kijken in de kantlijn tot " Schadeloosstelling " - in Ow 42a is vermeld dat de pachter schadeloos wordt gesteld - dit ondersteund antwoord a Verder kijken in de kantlijn tot " Hypotheekhouder " - in Ow 43 is vermeld dat hypotheekhouder en beslaglegger geen recht op afzonderlijke schadevergoeding hebben - dit ondergraaft antwoord b - In Ow 42-2 wordt vermeld dat huurder(s) schadeloos worden gesteld; over onderhuurder(s) wordt niets gezegd - dit ondergraaft antwoord c Het meest juiste antwoord is dus a - later is antwoord c ook goed gerekend y-3655 yyh6K=IM-    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag40Vraag40cWanneer geldt in het kader van de Wet_voorkeursrecht_gemeenten de plicht van een verkoper om zijn eigendom aan de gemeente te koop aan te bieden niet ? Ingeval van ontheffing dooфeg6KqKo1[    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag39Vraag39aWat is het uitgangspunt van de Onteigeningswet betreffende de toekenning van schadeloosstelling bij onteigening ? Volledige schadeloosstelling. Een vergoeding naar redelijkheid en billijkheid. Schadeloosstelling onder aftrek van de door de onteigende_partij gemaakte kosten. Bij Ow 39 worden we niet veel wijzer Verder kijken in de kantlijn tot " Volledige schadeloosstelling " - in Ow 40 is vermeld dat een volledige vergoeding voor alle schade wordt gegeven Het meest juiste antwoord is dus a y-3655r GSBij verkoop aan de ex-echtgenootBij verkoop aan kind(eren) uit een eerder huwelijk van de verkoperVoorkeursrecht en gemeente: Register: Voorkeursrecht gemeente Wvgem 10 ev, 26 - Verkoper kan pas om ontheffing bij GS verzoeken ( Wvgem 14 ) na ontvangst door de verkoper van de bekendmaking van het besluit van B&W dat de gemeente wil kopen ( Wvgem 14 jo. 13 ) welk besluit pas dan door de gemeente kan worden genomen na ontvangst door de gemeente van bepaalde stukken ( Wvgem 12 ) en welke stukken moeten voldoen aan Wvgem 11 ingevolge de aanbiedingsplicht van Wvgem 10 ))van de verkoper na aanbieding door de verkoper aan de gemeente en ( Wvgem 14 ); dus eerst aan de gemeente aanbieden en dan pas ontheffing bij GS vragen - dit ondergraaft antwoord A - In Wvgem 10-2-a is vermeld dat de verplichte aanbieding aan de gemeente NIET geldt bij vervreemding aan bloed- en aanverwanten in de rechte_lijn, dus aan, onder meer, kind(eren) Het meest juiste antwoord is dus c y-3655 ||0]>kLy,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag36d,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag37e,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag38f,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag39g,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag40h,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag41i,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag42j,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag43k,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag44l,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag45m,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag46n,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag47o,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag48p,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag49q,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag50r,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag51s,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag52t,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag53u,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag54v,K- Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag55wlgemeen geldt dat de overheid de realisatie van de nieuwe bestemming in voorkomende gevallen moet kunnen afdwingen, desnoods via onteigening. Wat is juist ? Bouwplanonteigening(en) mogen alleen plaats vinden:indien een geldend bestemmingsplan de basis van de onteigening vormtindien de gemeenteraad een verklaring_van_geen_bezwaar heeft verleendindien Gedeputeerde_Staten een verklaring_van_geen_bezwaar hebben verleendOnteigening en bestemmingsplan: Register: Ow 40c e.v., 77 Bij Ow 40c worden we niet veel wijzer - In Ow 77-1-1 is geen sprake van een bouwplan, maar van het handhaven van een feitelijke toestand overeenkomstig een bestemmingsplan - hiermee vervalt antwoord a - In Ow 77-1-2-c is vermeld dat voor een aantal type(n) bouwplan(nen) kan worden onteigend indien Gedeputeerde_Staten een verklaring_van_geen_bezwaar hebben verleend Het meest juiste antwoord is dus c y-3655 j5K_Gk    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag42Vraag42bDe onderhoudsplicht van openbare_weg(en) berust altijd bij de gemeentekan in voorkomende gevallen worden overgedragenberust uitsluitend op grond van de zorgplicht bij het RijkOnderhoudsplicht en weg(en): Register: Onderhoudsplicht wegen Wegw 15 ev - In Wegw 15 is vermeld dat Rijk, provincie, gemeente en waterschap kunnen zijn verplicht tot onderhoud van weg(en) indien ... - hiermee vallen antwoorden a en c af - In Wegw 18a is vermeld dat de verplichting tot onderhoud kan worden overgedragen Het meest juiste antwoord is dus b y-3655yi8K1!]    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag41Vraag41cA mk5K9'/    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag43Vraag43aWelke van de onderstaande instrument(en) kent de Belemmeringenwet_privaatrecht niet ? DwangsomGedoogplicht Schadevergoeding Belemmeringenwet_privaatrecht: Register: Belemmeringenwet Belwprivr geeft geen verder inzicht Dwangsom: Register III.1 geen verwijzing naar III.1 Gedoogplicht: Register III.1 Belwprivr 3 ev Schadevergoeding: Register III.1 geen verwijzing naar III.1 Kijken in de wet zelf - In art. 1 worden schadevergoeding en gedogen genoemd - dit ondergraaft antwoorden b en c, want er wordt gevraagd welke instrument(en) NIET in de wet zijn vermeld Het meest juiste antwoord is dus a y-3655 zzl8KQs=[    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag44Vraag44bWanneer kan er een beroep worden gedaan op een schadevergoeding op grond van de Wet_milieubeheer ?Als iemand voor kosten komt te staan of schade lijdt door een vanwege het bevoegde_gezag uitgevoerde milieucontroleAls iemand voor kosten komt te staan of schade lijdt als gevolg van een tot hem gerichte en in de Wet_milieubeheer genoemde specifieke milieubeschikkingAls iemand voor kosten komt te staan of schade lijdt als gevolg van feitelijk_handelen door het bevoegd_gezag naar aanleiding van de afgifte van een milieuvergunning Wet_milieubeheer en schadevergoeding: Register: Milieubeheer, Wet - ; vergoeding van kosten en schade Wmb 15.20 - In Wmb 15.20-1 is vermeld dat degene tot wie een beschikking is gericht krachtens: ............ Het meest juiste antwoord is dus b y-3655 m8KUAe    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag45Vraag45aWie is er bestuurlijk verantwoordelijk voor de handhaving van de naleving van milieuvergunning(en) ?Het bestuursorgaan dat bevoegd is de vergunning te verlenenGedeputeerde_Staten voor alle in de provincie gelegen inrichting(en)Het college_van_burgemeester_en_wethouders voor alle in de gemeente gelegen inrichting(en)Wet_milieubeheer en handhaving: Register: Milieubeheer, Wet - ; handhaving Wmb 18.1 ev - Met Wmb 18.1 worden we niet veel wijzer Verder kijken in de kantlijn tot " Handhaving van vergunning " - In Wmb 18.2-1 is vermeld dat het bestuursorgaan dat bevoegd is een vergunning te verlenen , tot taak heeft ............ Het meest juiste antwoord is dus a y-3655 ;n5K    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag46Vraag46bWat is de beroepstermijn die geldt bij een besluit op een verzoek om een vergunning in het kader van de Wet_milieubeheer ?4 weken 6 weken 13 weken Wet_milieubeheer en beroep: Register: Milieubeheer, Wet - ; beroep bij administratieve_rechter Wmb 20.1 ev - In Wmb 20.1-5 is vermeld dat Awb 6:7 kennelijk van toepassing is op " gewone " beroepszaken - in Awb 6:7 is vermeld dat de beroepstermijn 6 weken bedraagt Het meest juiste antwoord is dus b y-3655 RRgp8K)s    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag48Vraag48bWanneڄ7o6Km{]    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag47Vraag47cWat wordt beoogd met de Wet_milieubeheer ? Aansluiting te vinden bij de Algemene_wet_bestuursrechtHet opnemen van financile bepaling(en) in de milieuwetgevingRegel(s) te stellen met betrekking tot een aantal algemene onderwerp(en) op het gebied van milieuhygineHetgeen wordt beoogd met de invoering van een wet is veelal vermeld in de considerans van die wet. Daarom kijken in de considerans van de Wet_milieubeheer Het meest juiste antwoord is dus cy-3655er heeft een inrichting een milieuvergunning nodig ? Altijd voordat de inrichting wordt opgericht, wordt veranderd of in werking isIndien de inrichting behoort tot een categorie die aangewezen is in het Inrichtingen-_en_vergunningenbesluit_milieubeheerIndien de drijver van de inrichting op grond van de Wet_milieubeheer verplicht is de oprichting, inwerkingtreding of verandering van een inrichting bij het bevoegd_gezag te meldenWet_milieubeheer en vergunning: Register: Milieubeheer, Wet - ; vergunning(en) Wmb 8.1 - 8.26 - In Wmb 8.1-1 is bepaald dat het verboden is zonder vergunning een inrichting op te richten, ..... , echter - in Wmb 8.1-2 is bepaald dat dit NIET geldt m.b.t. inrichting(en) die behoren tot een categorie die krachtens Wmb 8.40 bij AMvB zijn aangewezen ..... ,dus - niet altijd, en dit ondergraaft antwoord a, en ondersteund antwoord b ad c ) melden = laten weten en betekent " niet-vergunningsplichtig " Het meest juiste antwoord is dus b y-3655waarschijnlijk wel zou hebben verkregen en dat het daarom niet redelijk is dat de gemeente van hem vraagt de schuur af te breken. Hij is bereid alsnog de bouwvergunning aan te vragen. Is de gemeente bevoegd tot het opleggen van een last_onder_dwangsom en zo ja, waarom ? Ja, nu Pietersen welbewust de voorschrift(en) heeft overtreden is handhaven niet kennelijk_onredelijkJa, maar onder deze omstandigheden moet een gemeente het gebruik van de schuur gedogen in afwachting van de behandeling van de door Pietersen in te dienen bouwvergunningaanvraagNeeDwangsom: Register: Dwangsom ( Awb ) Awb 5:32 ev - In Awb 5:32-1 is vermeld dat als een bestuursorgaan bevoegd is bestuurdwang toe te passen het ook een dwangsom mag opleggen, dus - vaststellen of bestuursdwang mag worden toegepast - In Awb 5:21 is vermeld dat bestuursdwang mag worden toegepast in geval van strijd met de voorschrift(en) ad b ) gedogen hoeft pas na 3 jaar en is geen verplichting Het meest juiste antwoord is dus a y-3655 "r7K[ /    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag50Vraag50bAannemer X heeft grond gekocht en daarop een kantorencomplex gerealiseerd, met de bedoeling om dit meteen na realisatie te verkopen. Door de verslechtering in de markt voor bedrijfsonroerend goed, ݋{q7KcWo%    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag49Vraag49aDe heer Pietersen besluit bij zijn boerderij een schuur op te richten. Omdat hij geen zin heeft in rompslomp heeft hij daarvoor geen bouwvergunning aangevraagd. Nadat de schuur is opgericht besluit de gemeente te gaan handhaven en stuurt hem een besluit inhoudende dat hij de schuur moet afbreken op straffe van een forse dwangsom. Pietersen voert aan dat als hij een vergunning zou hebben aangevraagd hij die slaagt hij er niet in om het complex te verkopen. Er blijkt echter wel belangstelling te zijn om een deel of het gehele complex te huren. De kans om een verhuurd complex te verkopen aan belegger(s) in onroerende_zaken is vele malen groter dan een leeg complex. Kan de aannemer het complex verhuren zonder dat daardoor bij een latere verkoop overdrachtsbelasting is verschuldigd door de verkrijger en zo ja, onder welke voorwaarde(n) ? Ja, uitsluitend indien de aannemer het complex belast met BTW verhuurt, heeft hij 6 maanden na ingang van de verhuur de tijd om het complex te verkopen en over te dragen zonder dat de verkrijger overdrachtsbelasting verschuldigd isJa, indien de aannemer niet de bedoeling heeft om de onroerende_zaak zelf te gaan exploiteren, heeft hij 6 maanden na ingang van de verhuur de tijd om het complex te verkopen en over te dragen zonder dat de verkrijger overdrachtsbelasting verschuldigd isNee. Overdrachtsbelasting en vrijstelling: Register: Overdrachtsbelasting, vrijstelling Wbr 15 - In Wbr 15-1-a is vermeld dat bij verkoop / verkrijging van een onroerende_zaak GEEN overdrachtsbelasting verschuldigd is als er wel BTW moet worden betaald, tenzij het goed als bedrijfsmiddel is gebruikt en de verkrijger de BTW in aftrek / vooraftrek kan brengen. Bij met BTW_belaste_verhuur kan vooraftrek optreden en moet dan wel overdrachtsbelasting worden betaald - dit ondergraaft antwoord a - In Wob 11-1-a-1 staat dat bij gebouw(en) die vr, op, of binnen 2 jaar na ingebruikname worden verkocht, de verkrijger BTW moet betalen, en in dat geval geen overdrachtsbelasting is verschuldigd, tenzij hij de BTW in vooraftrek brengt - Als de bouwer niet zelf wil exploiteren, maar alleen verhuurt om de verkoop te bevorderen, neemt hij het gebouw voor het beoogde doel ( = verkopen ) NIET in gebruik en begint de termijn van 2 jaar NIET te lopen en is de verkrijger BTW-plichtig en hoeft geen overdrachtsbelasting te worden betaald Het meest juiste antwoord is dus b y-3655 Es7K9 +s    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag51Vraag51cDe heer Pietersen woont in Nederland, maar bezit een vakantiewoning aan de Belgische kust. Zijn buurman heeft een installatiebedrijf en verricht diverse reparatiewerkzaamheden aan de vakantiewoning. Is er in Nederland BTW verschuldigd over de reparatiekosten en zo ja, waarom ?Ja, mits de buurman in Nederland een zogenaamd BTW-nummer heeftJa, tenzij op de koop van de vakantiewoning vooraftrek in mindering is gebrachtNeeOmzetbelasting: Register: Omzetbelasting, Wet op de - V.5 Wob - In Wob 1-a is vermeld dat omzetbelasting wordt geheven voor de levering van goederen en dienst(en) in Nederland in het kader .... - en dus niet voor dienst(en) geleverd in het buitenland Het meest juiste antwoord is dus cy-3655 :t5K'q    - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag52Vraag52aDe heer Bree verhuurt een bij hem in priv eigendom zijnd zakenpandje aan de v.o.f. waarin zijn echtgenote samen met n van haar vriendin(nen) een overigens uiterst winstgevende boetiek drijft. Volgens het heffingsregime van welke box wordt inkomstenbelasting geheven over de opbrengst of fictieve opbrengst uit deze verhuur ? Box_1 Box_2 Box_3 Terbeschikkingstelling: Register : niets te vinden, dus theorie - in Wib 3.91-1-b is vermeld dat de genoemde activiteit in box_1 valt vanwege terbeschikkingstelling van vermogensbestanddelen aan een samenwerkingsverband ( v.o.f., B.V., of maatschap ) waarvan een met de belastingplichtige verbonden persoon deel uitmaakt Het meest juiste antwoord is dus ay-3655en " hoort bij de vragen 53 tot en met 55. Het echtpaar Vermeulen koopt, omdat de heer Vermeulen een andere baan krijgt en hij daardoor veel verder zou moeten reizen, een andere woning. Nadat het echtpaar de nieuwe woning betrokken heeft, blijkt de oude woning waarop een hypotheek is gevestigd van Euro 230.000,-- moeilijker te verkopen dan gedacht en staat deze voor langere tijd leeg. Bij de uiteindelijke verkoop 10 maanden later maakt Vermeulen, na aftrek van alle aan- en verkoopkosten van deze woning een verkoopwinst van Euro 70.000,-- Vermeulen financiert de aankoop van de nieuwe woning volledig en dus inclusief een aantal kosten. Veronderstel dat hij naast de kale aankoopprijs van de eigen woning ad Euro 350.000,--, ook nog de in rekening gebrachte boeterente van Euro 15.000,--, de kosten die verband houden met het aangaan van de schuld ad Euro 5.000,-- en de kosten die verband houden met de aankoop van de woning ad Euro 18.000,-- financiert. De totale schuld bedraagt dan dus Euro 388.000,--. -3655 ccu9KA q 9  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag53Vraag53cZie casus onderaan Tot wanneer kan de oude woning van het echtpaar Vermeulen, na de verhuizing, nog als eigen_woning in fiscale zin worden aangemerkt ?Voor een onbeperkte periode zolang het huis maar echt leegstaatTot en met 31 december van het jaar na het jaar van verhuizingTot en met 31 december van het tweede jaar na het jaar van verhuizingEigen_woning: Register: Woning, inkomsten uit eigen V.1 Wib 1.110 ev Wib 1.110 brengt ons niet verder Verder kijken in kantlijn tot " Begrip eigen_woning " Wib 3.111 - In Wib 3.111-2 is vermeld dat mede als eigen_woning wordt aangemerkt de woning die in een van de twee voorafgaande jaren als eigen_woning ter beschikking heeft gestaan .... en die woning bestemd is voor verkoop Het meest juiste antwoord is dus c yDe onderstaande casus " Vermeulen " hoort bij de vragen 53 tot en met 55. Het echtpaar Vermeulen koopt, omdat de heer Vermeulen een andere baan krijgt en hij daardoor veel verder zou moeten reizen, een andere woning. Nadat het echtpaar de nieuwe woning betrokken heeft, blijkt de oude woning waarop een hypotheek is gevestigd van Euro 230.000,-- moeilijker te verkopen dan gedacht en staat deze voor langere tijd leeg. Bij de uiteindelijke verkoop 10 maanden later maakt Vermeulen, na aftrek van alle aan- en verkoopkosten van deze woning een verkoopwinst van Euro 70.000,-- Vermeulen financiert de aankoop van de nieuwe woning volledig en dus inclusief een aantal kosten. Veronderstel dat hij naast de kale aankoopprijs van de eigen woning ad Euro 350.000,--, ook nog de in rekening gebrachte boeterente van Euro 15.000,--, de kosten die verband houden met het aangaan van de schuld ad Euro 5.000,-- en de kosten die verband houden met de aankoop van de woning ad Euro 18.000,-- financiert. De totale schuld bedraagt dan dus Euro 388.000,--. -3655 &&Nv7KCWWU 9  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag54Vraag54cZie casus onderaan Aan welke voorwaarde moet het echtpaar zonder meer voldoen om de oude woning nog als eigen_woning in fiscale zin te mogen aanmerken ?De woning moet volledig ontruimd zijnDe woning moet goed verzekerd blijvenDe woning moet tegen een redelijke c.q. haalbare prijs te koop staanEigen_woning: Register: Woning, inkomsten uit eigen Wib 1.110 ev Wib 1.110 brengt ons niet verder Verder kijken in kantlijn tot " Begrip eigen_woning " Wib 3.111 - In Wib 3.111-2 is vermeld dat mede als eigen_woning wordt aangemerkt de woning die in een van de twee voorafgaande jaren als eigen_woning ter beschikking heeft gestaan ....... en die woning bestemd is voor verkoop - dus als de woning voor een redelijke prijs te koop staat - leeg is niet gelijk aan volledig ontruimd Het meest juiste antwoord is dus c yDe onderstaande casus " Vermeulorden betrokken voor de renteaftrek van de hypothecaire_lening zijn: - kosten die samenhangen met de aankoop van de woning ( = Euro 18.000 ) - kosten die samenhangen met het aangaan van de schuld ( = Euro 5.000 ) - kosten ( k.k. ) van de woning ( = Euro 350.000 ) Eigenwoningreserve ( = Euro 70.000 ) - waarbij Eigenwoningreserve = verkoopprijs - eigenwoningschuld ( = het deel van de hypothecaire_lening waarvan de rente aftrekbaar is van de inkomstenbelasting ) - boeterente ( = Euro 15.000 ) is NIET aftrekbaar als de rente(n) / aflossing(en) NIET op tijd zijn gedaan, maar - is WEL aftrekbaar indien boeterente optreedt i.v.m. vervroegde aflossing i.v.m. oversluiten - in de casus is NIET expliciet vermeld welk type boeterente het betreft, dus mag deze NIET bij de schuld worden geteld De berekening wordt dan: 388.000 - 15.000 - 70.000 = 303.000 Het meest juiste antwoord is dus cyDe onderstaande casus " Vermeulen " hoort bij de vragen 53 tot en met 55. Het echtpaar Vermeulen koopt, omdat de heer Vermeulen een andere baan krijgt en hij daardoor veel verder zou moeten reizen, een andere woning. Nadat het echtpaar de nieuwe woning betrokken heeft, blijkt de oude woning waarop een hypotheek is gevestigd van Euro 230.000,-- moeilijker te verkopen dan gedacht en staat deze voor langere tijd leeg. Bij de uiteindelijke verkoop 10 maanden later maakt Vermeulen, na aftrek van alle aan- en verkoopkosten van deze woning een verkoopwinst van Euro 70.000,-- Vermeulen financiert de aankoop van de nieuwe woning volledig en dus inclusief een aantal kosten. Veronderstel dat hij naast de kale aankoopprijs van de eigen_woning ad Euro 350.000,--, ook nog de in rekening gebrachte boeterente van Euro 15.000,--, de kosten die verband houden met het aangaan van de schuld ad Euro 5.000,-- en de kosten die verband houden met de aankoop van de woning ad Euro 18.000,-- financiert. De totale schuld bedraagt dan dus Euro 388.000,--. -3655  k ?z77 S}Km{    - Examen Rechten 2008ExamenExamenEfficintie en effectiviteit zijn twee gerelateerde begrippen met een delicaat maar niettemin belangrijk verschil in de betekenis. De invoer van en het gebruik maken van geld heeft grote invloed gehad op de ontwikkeling van de economie. De efficintie van het economisch_proces is hierdoor toegenomen. Op welke wijze blijkt deze toegenomen efficintie ?Gebruik }y3M    - Examen Publiekrecht 2006 - IIIVraag02Vraag02 xxx xxx xxx xxxGw 45-1y3655~x3M     - Examen Publiekrecht 2006 - IIIVraag01Vraag01 xxx xxx xxx xxxGw 45-1y-3655w6KO---s 9  - Examen Publiekrecht 2006 - IIVraag55Vraag55cZie casus onderaan Over welk schuldbedrag is de rente eigen_woning aftrekbaar ? EINDE CASUSEuro 388.000,-- Euro 373.000,-- Euro 303.000,-- De kosten welke mogen wmaken van geld voorkomt versnippering van arbeidRuilen van goederen en dienst(en) gaat door gebruik te maken van geld met minder kosten gepaardWerknemer(s) zullen zich meer inzetten voor hun taak naarmate de beloning toeneemt, zodat de productie toeneemt Het gaat in deze opgave om efficintie - Efficintie: - wordt ook wel doelmatigheid genoemd - betreft de doelmatigheid m.b.t. het gebruik van middelen om een bepaald doel te bereiken, waarbij - een proces efficint wordt genoemd als het ten opzichte van een norm weinig middelen gebruikt, waarbij - deze middelen bijvoorbeeld betrekking kunnen hebben op tijd, inspanning ( manuren ), grondstoffen of geld, dus - des te minder middelen nodig zijn ( = goedkoper ) om een doelstelling te bereiken , des te efficinter is het betreffende proces - mag niet worden verward met effectiviteit - Men moet dus naar het kostenaspect kijken Het meest juiste antwoord is dus By-2640 ;;A{87==w%- Examen Rechten 2008Vraag01Vraag01BWelke van de onderstaande bewering(en) met betrekking tot het publiekrecht is juist ? Het publiekrecht was van oudsher rechtersrecht, maar is inmiddels volledig gecodificeerdHet publiekrecht is in belangrijke mate gecodificeerd, maar wordt daarnaast ook beheerst door ongeschreven beginselenAlle beginsel(en) van het publiekrecht zijn inmiddels volledig gecodificeerdZowel het privaatrecht als het publiekrecht bevatten gecodificeerde en ongeschreven rechtsregel(s) Gecodificeerde rechtsregel(s) zijn de in de wet(ten) opgenomen, geschreven rechtsregel(s) ( = codificatie / codificeren ) Een voorbeeld van ongeschreven_recht ofwel gewoonterecht in het publiekrecht is, bijvoorbeeld: - het aftreden van een minister na het aannemen van een motie van wantrouwen in de Tweede_Kamer Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40n waterschap(pen) Beschikking(en) van waterschap(pen)Verordening(en) van waterschap(pen)Kijken in register bij: Keur: niets te vinden Het stellen / uitvaardigen van canctie(s), beschikking(en) en verordening(en) vloeit voort uit de bevoegdheden van het betreffende bestuursorgaan ( = in dit geval de waterschap(pen) ), dus - kijken in de waterschapswet waar de bevoegdheden van het waterschapsbestuur worden genoemd ( dat is in Hoofdstuk IX van de wet, dus Wschw 56 e.v. ) en dan in de kantlijn verder zoeken tot Keur ==>> Wschw 75 en dat staat in de paragraaf " algemeen_verbindende_voorschrift " ( = een verordening ) - dit ondersteund antwoord C In Wschw 75-2 is tevens vermeld dat de rechtbank moet worden genformeerd, waaruit kan worden afgeleid dat de keur een strafbepaling bevat bij NIET naleving van de keur. Een keur is een waterschapsverordening met een strafbepaling ( Wschw 75 ev ) Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40 VV|57KSS- Examen Rechten 2008Vraag02Vraag02CWat dienen we te verstaan onder het begrip " keur(en) " ? Sanctie(s) vau}57Smy'C- Examen Rechten 2008Vraag03Vraag03CWanneer is sprake van subrogatie ? Wanneer een nieuwe rechtsregel een oude vervangtWanneer een recht ondergeschikt is aan een hoger rechtWanneer een derde in de0k o~67s3]1a- Examen Rechten 2008Vraag04Vraag04CVerkoper Venema heeft een woonboot verkocht aan koper Karels en een leveringsdatum afgesproken. Een derde, Diederiks, hoort daarvan en doet snel een bod op de woonboot; dit bod is aanzienlijk hoger dan dc met Karels overeengekomen verkoopprijs. Venema gaat op Diederiks bod in en levert hem de woonboot. Hij deelt Kerels mee niet te zuUen leveren. Karels meent dat het handelen van zowel Diederiks als Venema laakbaar is. Waarop dient Karels ( die de woonboot op korte termijn voor zijn gezin nodig heeft ) zijn vordering te baseren, al !Dg9\ .Qt-M- Examen Publiekrecht 2006 - IIIVraag02y!7- Examen Rechten 2008Examenz"7- Examen Rechten 2008Vraag01{"7- Examen Rechten 2008Vraag02|"7- Examen Rechten 2008Vraag03}"7- Examen Rechten 2008Vraag04~"7- Examen Rechten 2008Vraag05"7- Examen Rechten 2008Vraag06"7- Examen Rechten 2008Vraag07"7- Examen Rechten 2008Vraag08"7- Examen Rechten 2008Vraag09"7- Examen Rechten 2008Vraag10"7- Examen Rechten 2008Vraag11"7- Examen Rechten 2008Vraag12"7- Examen Rechten 2008Vraag13"7- Examen Rechten 2008Vraag14"7- Examen Rechten 2008Vraag15"7- Examen Rechten 2008Vraag16"7- Examen Rechten 2008Vraag17"7- Examen Rechten 2008Vraag18"7- Examen Rechten 2008Vraag19"7- Examen Rechten 2008Vraag20"7- Examen Rechten 2008Vraag21"7- Examen Rechten 2008Vraag22"7- Examen Rechten 2008Vraag23s hij Venema aanspreekt ? Op grond van bedrogOp grond van misbruik_van_omstandighedenOp grond van toerekenbare_tekortkoming ( wanprestatie ) en / of onrechtmatige_daad- Bedrog: - opzet tot misleiding door opzettelijke verkeerde informatie of verzwijging of truc(s) ( BW 3:44-3 ) - er kan dan sprake zijn van wilsgebrek; de wil is onder zulke omstandigheden gebrekkig gevormd ( bij een rechtshandeling ) - er is hier geen sprake van opzettelijke verkeerde informatie of verzwijging, dus NIET antwoord A - Misbruik_van_omstandigheden: - een type misbruik in de zin van: onkunde, noodtoestand, afhankelijkheid, lichtzinnigheid, etc. ( BW 3:44-4, 3:54 ) - er is hier geen sprake van misbruik_van_omstandigheden, dus NIET antwoord B Toerekenbare_tekortkoming: - Venema heeft een verbintenis met Karels m.b.t. de afgesproken leveringsdatum en die afspraak komt Venema NIET na, dus wanprestatie Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40   r67{yOS- Examen Rechten 2008Vraag05Vraag05BOp het huis van Jos rust een hypotheek tot zekerheid van een schuld van 180.000,--,. Jos splitst zijn huis in twee appartement(en) waarvan hij er n betrekt en het andere verkoopt aan Bas. Waar rust na de splitsing het recht_van_hypotheek op ?Op elk van beide appartement(en) voor de helft van de schuldOp elk van beide appartement(en) voor de gehele schuldAlleen op het appartement van Jos- Appartementsrecht, hypotheek: kijken in register ==>> BW 5:114 - In BW 5:114-1 is vermeld dat na splitsing de hypotheek op elk der appartementsrecht(en) rust voor de gehele schuld Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40 55G87K5QS- Examen Rechten 2008Vraag06Vraag06AVictor verkoopt zijn huis aan Karel, Victor is echter niet in de gelegenheid om zelf de akte_van_levering te komen ondertekenen bij de notaris. Wat is juist ?Victor kan zijn huis met behulp van een onderhandse_volmacht overdragen Victor moet een notarile_volmacht ondertekenen om zijn huis over te kunnen dragen. Victor kan zijn huis niet per volmacht overdragen, maar dient zelf te verschijnen bij de notaris. - Levering van onroerende_zaak: in register kijken ==>> BW 3:89 - in BW 3:89-3 is vermeld dat de volmacht nauwkeurig in de transportakte moet worden vermeld, maar - er is GEEN vormvoorschrift m.b.t. volmacht voorgeschreven - Let op: de volmacht m.b.t. ondertekening van de hypotheekakte is geheel anders, daartoe - is een notarile_akte vereist ( BW 3:260-3 ) Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40ad_van_State 3. aangenomen door de Staten_Generaal ( Tweede_Kamer en Eerste_Kamer ) 4. ondertekend door de verantwoordelijke minister(s) en door de Koning 5. publicatie in het Staatsblad - Formeel_recht: - bevat de procedurele_regels ( procesrecht ) - regelt de procedure(s) / vorm m.b.t. het recht - betreft de rechtsregel(s) waarin de wijze van handhaven van de (materile) normen is beschreven - Wet_in_materile_zin: - bevat materieel_recht, zijnde de inhoudelijke rechtsregel(s) / regelgeving die: - voor iedereen en voor meer dan n bepaalde situatie ( dus altijd en voor iedereen ) gelden - Materieel_recht: - gaat vooral over de aard en de inhoud van het recht - regelt de inhoud van het recht / rechtsregel(s), de inhoudelijke aspect(en), de ( materile ) norm(en) - rechtsregel(s), die voor een ieder ( persoon ) gelden Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40 gg67#wU- Examen Rechten 2008Vraag07Vraag07BWelke van de onderstaande uitspraken over een wet_in_formele_zin is juist ?Een wet_in_formele_zin houdt altijd formeel_recht in Een wet_in_formele_zin kan ook een wet_in_materile_zin zijnEen wet_in_formele_zin kan nooit materieel_recht inhouden- Wet_in_formele_zin: - wordt ook wel een formele_wet genoemd - betreft een wet die de volgende procedure heeft doorlopen: 1. besproken in de Regering 2. advies gevraagd aan de Ra57g1;ES- Examen Rechten 2008Vraag08Vraag08BHoe noemt men het zakelijk_recht dat iemand de bevoegdheid geeft de onroerende zaken van een ander te houden en te gebruiken, al dan niet tegen betaling van een vergoeding ?Erfdienstbaarheid Het recht_van_erfpacht Het recht_van_vruchtgebruik - Erfdienstbaarheid: - wordt ook wel servituut genoemd - een last, waarmee een onroerende_zaak ( = het dienende_erf / lijdende_erf ) ten behoeve van een andere onroerende_zaak ( = het heersende_erf ) is bezwaard ( BW 5:70-1 ) - Erfpacht: -een zakelijk_recht dat de erfpachter de bevoegdheid geeft eens ander onroerende_zaak te houden en te gebruiken ( BW 5:85 ) - in de akte kan de duur van de erfpacht worden geregeld ( BW 5:86 ) - Vruchtgebruik: - het recht om goederen van een ander te gebruiken en de vruchten ervan te mogen genieten - ontstaat door vestiging of verjaring ( BW 3:202 ) Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40nAns heeft voor levering de medewerking nodig van BarendAns kan leveren zonder goedkeuring of medewerking van Barend - Ans is gescheiden van tafel en bed ( scheiding_van_tafel_en_bed ), maar het huwelijk bestaat nog en daarom zijn Ans en Barend nog steeds echtgenoten - Bij verkoop van de echtelijke_woning of van de woning waar de andere echtgenoot alleen in woont is BW 1:88 ( gezinsbeschermende_bepaling(en) ) van toepassing - In BW 1:88 -1-a is vermeld dat toestemming van de andere echtgenoot is verist m.b.t. de vervreemding van de echtelijke_woning, of van de ...... - In BW 1:88-3 is vermeld dat de toestemming schriftelijk moet indien m.b.t. de vervreemding een vormvoorschrift geldt - m.b.t. de leveringsakte van een onroerende_zaak is een vormvoorschrift ( notarile_akte ) vereist, zie - daartoe levering_onroerende_zaak ( BW 3:89-1 ) - dus op grond van BW 1:88-1-a jo. BW 1:88-3: - is het meest juiste antwoord dus B--y---26---------------------------------40 ^67Ka{E- Examen Rechten 2008Vraag09Vraag09BAns is gescheiden van tafel en bed ( scheiding_van_tafel_en_bed ) van Barend, zonder dat verdeling van de goederengemeenschap heeft plaatsgevonden. Zij waren in gemeenschap_van_goederen gehuwd. Ans is in de voormalige echtelijke_woning blijven wonen en wil deze nu verkopen en leveren aan Cornelis. Welke van de onderstaande bewering(en) is juist ? Barend kan achteraf de levering goedkeure |67m-m)- Examen Rechten 2008Vraag10Vraag10CSchildersbedrijf X verhuurt haar trapladder aan schildersbedrijf Y. Als gevolg van slijtage van de rubberen omhulsel(s) van de poten van de ladder schuift deze weg en veroorzaakt schade aan de auto van Jan. Wie dient Jan aansprakelijk te stellen ?Alleen schildersbedrijf X voor de gehele schade Zowel schildersbedrijf X als schildersbedrijf Y, ieder voor 100 % van de schade Alleen schildersbedrijf Y voor de gehele schade Kijken in register bij: Aansprakelijkheid, uitoefening bedrijf ==>> BW 6:181 In BW 6:181-1, en -2 is vermeld dat degene die het bedrijf uitoefent aansprakelijk is Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40 kunt u er met een grote mate van zekerheid van uitgaan dat zij juist is / zijn ?Het eigendomsrecht van de aangegeven eigenaarAlle erfdienstbaarheden met betrekking tot een onroerende_zaak De door de comparant betaalde koopsom Het eigendomsrecht van de aangegeven eigenaar hoeft NIET juist te zijn, want - een erfgenaam kan een onroerende_zaak uit een nalatenschap hebben verkregen, waarbij - er geen verplichting op de erfgenaam rust om het kadaster daarvan in kennis te stellen Erfdienstbaarheden / erfdienstbaarheid met betrekking tot een onroerende_zaak kunnen na 10 jaar ( indien NIET tijdig gestuit ) ontstaan d.m.v. een verkrijgende_verjaring, waarbij die verkregen erfdienstbaarheid NIET in het kadaster is vermeld De door de comparant betaalde koopsom wordt in de transportakte vermeld en deze leveringsakte moet in het kadaster worden ingeschreven om de eigendom op de koper / verkrijger te laten overgaan Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40 AA,77y{s- Examen Rechten 2008Vraag12Vraag12AIn welke situatie is het mogelijk dat de Minister_van_Justitie dispensatie verleent tot het aangaan van een huwelijk ?Indien de betrokkene(n) broer en zus zijn door adoptie Indien de betrokkene(n) neef en nicht in de derde_graad zijn Indien de betrokkene(n) al een geregistreerd_partnerschap zijn aangegaan Kijken in register bij: Dispensatie bij huwelijksbeletsel ==>> BW 1:31 en BW 1:41 In BW 1:41-2 is vermeld dat de Minister_van_Justitie dispensatie kan verlenen aan hen die broer en zus zijn door adoptie Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------4067 g Yi- Examen Rechten 2008Vraag11Vraag11CIn Nederland kennen we het negatief_stelsel. Dit houdt in dat de gegevens die opgenomen zijn in het Kadaster niet per definitie juist hoeven te zijn. Van welk(e) gegeven(s) [[!57y3e%E- Examen Rechten 2008Vraag13Vraag13COnteigening kan in de regel alleen geschieden in het algemeen_belang, tegen vooraf verzekerde schadeloosstelling en bij of krachtens de wet te stellen voorschrift(en), zo stelt .....de Onteigeningswet het Wetboek_van_burgerlijke_rechtsvordering de Grondwet Zodra in een vraag is vermeld dat iets middels " bij of krachtens de wet te stellen voorschrift(en) " dient te geschieden dan wordt vanuit de grondwet naar een organieke_wet verwezen Verder, in het register kijken bij: Onteigening in het algemeen belang ==>> II.3 Grondwet 14, waarbij - in Gw 14-1 is vermeld: Onteigening kan alleen geschieden in het algemeen_belang en tegen vooraf verzekerde schadeloosstelling, een en ander naar bij of krachtens de wet te stellen voorschrift(en) Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40 b87]%g%i- Examen Rechten 2008Vraag14Vraag14CWelke van onderstaande bewering(en) met betrekking tot het gestelde in de Drank-_en_Horecawet is juist ?De wet richt zich ook op het gratis verstrekken van alcoholhoudende dranken Voor het bedrijfsmatig verstrekken van wijn voor gebruik elders dan ter plaatse is een slijtvergunning nodig De wet stelt vanuit een sociaal-hyginisch en sociaal-economisch oogpunt regel(s) ten aanzien van het verstrekken van alcoholhoudende drank Kijken in register bij: Drank-_en_Horecawet ==>> VI.2 In de considerans van de Drank-_en_Horecawet is de tekst van antwoord C vermeld Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40 ~~~ 57a%C[- Examen Rechten 2008Vraag15Vraag15CAntoine en Clara zijn met elkaar gehuwd en hebben ieder twee kind(eren) uit een ander huwelijk. Antoine overlijdt zonder bij testament over zijn nalatenschap te hebben beschikt. Uit het huwelijk van Antoine en Clara zijn geen kind(eren) geboren. Wie zijn de erfgenamen / erfgenaam bij versterf ?Alleen ClaraClara en de vier kind(eren)Clara en de twee kind(eren) van AntoineKijken in register bij: Erfgenaam bij versterf ==>> BW 4:9 In BW 4:10 ( welke het parentele_stelsel beschrijft ) is onder BW 4:10-1-a vermeld dat eerst tot de nalatenschap worden geroepen de NIET van tafel en bed gescheiden echtgenoot van de erflater en diens kind(eren), en dat zijn dus: - Clara - de twee kind(eren) van Antoine Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40  57+5gc3- Examen Rechten 2008Vraag16Vraag16AWie is er (onder meer) bevoegd_gezag in het kader van de Wet_bodembescherming ?Gedeputeerde_Staten De minister van Landbouw, Natuur en Visserij Het dagelijks_bestuur van het waterschap Kijken in register bij: Wet_bodembescherming ==>> IV.4 Over bevoegd_gezag m.b.t. deze wet is in het register niets te vinden, dan kijken in de wet zelf Het bevoegd is dat gezag dat is belast met de handhaving, dus kijken bij handhaving ( Wbb 95 in hoofdstuk X getiteld Handhaving ) In Wbb 95-3 is vermeld wie het bevoegd_gezag is, en - daar worden Gedeputeerde_Staten vermeld en NIET degenen onder antwoorden B en C Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40 ))S 57K?+Ai- Examen Rechten 2008Vraag17Vraag17BWelke van de volgende planologisch_instrument(en) is verdwenen in de Wet_ruimtelijke_ordening ?Het voorbereidingsbesluitHet streekplan De aanwijzingsbevoegdheid De oude Wet_ruimtelijke_ordening is vermeld in III.16 De nieuwe Wet_ruimtelijke_ordening is vermeld in III.16a Kijken in register bij: Voorbereidingsbesluit ==> III.16a 1.1 en 3.7, dus is in de nieuwe wet vermeld Kijken in register bij: Streekplan ==> geen verwijzing naar III.16a, dus is ( waarschijnlijk ) NIET in de nieuwe wet vermeld, dus - kijken in de nieuwe Wro: niets te vinden - ondersteund antwoord B Kijken in register bij: Aanwijzingsbevoegdheid ==> geen verwijzing naar III.16a, dus is ( waarschijnlijk ) NIET in de nieuwe wet vermeld, maar - in Wro 4.2 en 4.4 worden WEL bepaalde Aanwijzing(en) genoemd Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40 0i 571uwuy- Examen Rechten 2008Vraag19Vraag19AWelke specifieke aanwijzingsbevoegdheden kent de nieuwe Wet_ruimtelijke_ordening ?De reactieve_aanwijzing en de proactieve_aanwijzing De ambtshalve_ 87c#Ey- Examen Rechten 2008Vraag18Vraag18CEen overeenkomst komt tot stand door aanbod en aanvaardi0l571uwuy    - Examen Rechten 2008Vraag19Vraag19AWelke specifieke aanwijzingsbevoegdheden kent de nieuwe Wet_ruimtelijke_ordening ?De reactieve_aanwijzing en de 66F579a=K#- Examen Rechten 2008Vraag20Vraag20CVan een gebouw dat in appartementsrechten is gesplitst, dient het dak te worden vervangen. Op n van de appartementsrechten is een vruchtgebruik gevestigd. Wie is met betrekking tot dit appartementsrecht aansprakelijk voor het aandeel in de kosten van vervanging van het dak ?De eigenaar en de vruchtgebruiker tezamen Uitsluitend de eigenaar Uitsluitend de vruchtgebruiker Kijken in het register bij: Appartementsrechten, vruchtgebruik ==>> BW 5:123 In BW 5:123-1is vermeld dat de vruchtgebruiker aansprakelijk is voor de ......... Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40aanwijzing en de handhavingsaanwijzing De spontane_aanwijzing en de aanwijzing_op_aanvraag Kijken in het register bij: Aanwijzingsbevoegheid / aanwijzing in het kader van de Wro ==>> niets te vinden Dan kijken in de wet zelf ( III.16a en III.17a ) In Wro 4.2-1 is vermeld dat de Provincie een aanwijzing aan een gemeenteraad kan geven; dat is een proactieve_aanwijzing In Wro 4.2-2 is nog vermeld dat zulks NIET zal geschieden dan na overleg met B&W zodat de mening van B&W in de aanwijzing kan worden betrokken; dat is dan een meer reactieve_aanwijzing - Wro 4.2-1 em -2 ondersteunen antwoord A In Wro 4.4 is vermeld dat het Rijk een aanwijzing kan geven; dat is een proactieve_aanwijzing - dit ondersteunt antwoord A De handhavingsaanwijzing komt in de Wro NIET voor - dit ondergraaft antwoord B De spontane_aanwijzing en de aanwijzing_op_aanvraag komen in de Wro NIET voor - dit ondergraaft antwoord C Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40 87-5 !    - Examen Rechten 2008Vraag21Vraag21AWat is de juridische positie van een grondeigenaar wiens grond(en) in een aanwijzingsbesluit met een voorkeursrecht zijn belast ?Behoudens de in de wet genoemde gevallen kan deze eigenaar eerst tot vervreemding overgaan, nadat de gemeente deze grond(en) heeft kunnen kopen Deze grondeigenaar is gerechtigd, maar niet verplicht binnen een door de gemeente nader te bepalen termijn de grond(en) te verkopen aan de gemeente Deze grondeigenaar is verplicht de grond(en) binnen een door de gemeente nader te bepalen termijn te verkopen aan de gemeente Kijken in register bij: Aanwijzing grond(en) waarop Voorkeursrecht_gemeenten ==>> Wet_voorkeursrecht_gemeente 2 Verder kijken in de wet In Wvgem is vermeld dat een verkoper eerst tot vervreemding kan overgaan nadat de gemv87-5 !- Examen Rechten 2008Vraag21Vraag21AWat is de j0meigeringsgrond(en) en limitatieve_weigeringsgrond(en) op aanvragen van vergunning(en) in, zoals deze in sommige wet(ten) zijn opgenomen ? Het betreffende bestuursorgaan moet een vergunning weigeren als niet is / wordt voldaan aan de in de wet opgesomde voorwaarde(n) Er bestaat geen verplichting voor het betreffende bestuursorgaan om op een verzoek van een aanvrager om vergunning negatief te beschikken Het betreffende bestuursorgaan heeft de vrijheid een vergunning te weigeren als niet is / wordt voldaan aan de in de wel opgesomde voorwaarde(n) Kijken in het register bij: imperatieve_weigeringsgrond(en), limitatieve_weigeringsgrond(en), weigeringsgrond(en) ==>> niets te vinden Bij imperatieve_weigeringsgrond(en) bestaat geen keuzevrijheid ( dus WEL een verplichting ) van het betreffende bevoegd_gezag om een gevraagde vergunning te weigeren; er moet worden geweigerd ( = dwingend ) - dit ondergraaft antwoorden B en C Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40 s87Y!/a- Examen Rechten 2008Vraag22Vraag22AWat houden de imperatieve_wJ67Ei mW    - Examen Rechten#67Ei mW- Examen Rechten 2008Vraag23Vraag23ALucas huurt gedurende de maand oktober een aardappelrooimachine die aan Dennis toebehoort. Op 15 oktober verkoopt en levert Dennis de machine aan Joep. Wie is op 16 oktober eigenaar, houder of bezitter van die machine ?Joep is eigenaar en bezitter, Lucas is houder Joep is bezitter gedurende de maand oktober en daarna eigenaar, Dennis is eigenaar gedurende de maand oktober, Lucas is houder Joep is eigenaar, Lucas is bezitter en houder Kijken in register bij: Verkrijging van goederen ==>> BW 3:80 e.v. In BW 3:80-3 is vermeld dat men goederen kan verkrijgen middels overdracht ( van de eigendom middels levering ), dus - op 16 oktober is Joep eigenaar - dit ondergraaft antwoord B Kijken in register bij: Houderschap, bezit en ==>> BW 3:107 Een houder houdt een goed onder zich voor een ander, waarbij hij de eigendom van die ander respecteert, dus - Lucas is gedurende de maand altijd houder ( onmiddellijk_houder ), want hij is geen bezitter of eigenaar, en - Lucas heeft de betreffende zaak NIET verder uitgeleend / doorgeleend - Joep is eigenaar en middellijk_bezitter ( BW 3:107-3 ) Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40 347wKk=7- Examen Rechten 2008Vraag24Vraag24BWie zijn betrokken bij het formele wetgevingsproces ?Uitsluitend de Staten_Generaal De Koning, de minister(s) en de Staten_GeneraalUitsluitend de regering Kijken in register bij: formele wetgevingsproces ==>> niets te vinden Informatie uit leerboek Een formele_wet / wet_in_formale_zin heeft de volgende procedure doorlopen: - besproken in de Regering ( = koning + minister(s) ) - advies gevraagd aan de Raad_van_State - aangenomen door de Staten_Generaal ( Tweede_Kamer en Eerste_Kamer ) - ondertekend door de verantwoordelijke minister(s) en door de Koning - publicatie in het Staatsblad Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40reft hier de inspraak van belanghebbende(n) bij gemeentelijk_beleid, daarom - kijken in het register bij: Inspraakverordening ==>> II.2 Gemw 150 Een structuurvisie betreft, onder meer, gemeentelijk beleid aangaande de ruimtelijke_ordening In Gemw 150-1 is vermeld dat de gemeenteraad een verordening vaststelt waarin is geregeld hoe belanghebbende(n) bij de voorbereiding(en) van gemeentelijk beleid worden betrokken, dus - bij de vaststelling van de gemeentelijke_structuurvisie door de gemeenteraad wordt tevens ( een verordening ) vastgesteld hoe de betreffende inspraak is geregeld, waarbij tevens wordt aangegeven of Awb afd. 3.4 van toepassing is ( Gemw 150-2 ), want - indien Awb afd. 3.4 WEL van toepassing: dan kunnen zienswijze(n) worden ingebracht ( Awb 3:15-1 ) - indien Awb afd. 3.4 NIET van toepassing: dan is NIET zeker of zienswijze(n) kunnen worden ingebracht Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40 --77{M3+K- Examen Rechten 2008Vraag27Vraag27BWanneer is e `57/)'5E- Examen Rechten 2008Vraag26Vraag26CNa het gereedkomen van een nieuwbouwcomplex worden de percelen ambtshalve gemeten en krijgen daarmee eigen kadastrale_kenmerken. Waarin worden de resultaten van een dergelijke meting uiteindelijk vastgelegd ?Het netteplan De hulpkaart De kadastrale_kaart De verzameling aan kadastrale_kaart(en) omvat: 1. minuutplan: de eerste vervaardigde nieuwe kaart van een bepaald gebied; er worden hierol67ai=- Examen Rechten 2008Vraag25Vraag25ABij een gemeentelijke structuurvisie .....wordt aangegeven op welke wijze burger(s) en maatschappelijke organisatie(s) bij de totstandkoming daarvan zijn betrokken kunnen altijd zienswijze(n) door een ieder worden ingebracht kunnen nooit zienswijze(n) worden ingebracht Het betp geen wijzigingen meer aangebracht 2. bijblad : hierop worden de kadastrale_wijziging(en) aangegeven; het bijblad is dus zoveel mogelijk actueel 3. netteplan: kopie van het bijblad t.b.v. het publiek; is niet de meest actuele kaart 4. gemeenteplan: kopie van het bijblad t.b.v. de gemeente; is niet de meest actuele kaart 5. veldplan: kopie van het bijblad t.b.v. het velddienstpersoneel 6. relaas_van_bevindingen: bevat de meting(en) / meetschets(en) / meetresultaten die een landmeter bij het veldwerk opmeet - wordt gebruikt voor het aanmaken van ( een gedetailleerde ) zogenoemde hulpkaart van een perceel 7. hulpkaart: het relaas_van_bevindingen wordt gebruikt voor het aanmaken van een gedetailleerde hulpkaart van een perceel - de hulpkaart wordt gebruikt voor het bijwerken van het bijblad - De gegevens komen uiteindelijk op het bijblad terecht en NIET uiteindelijk op het netteplan of hulpkaart Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40r sprake van een alternatieve_verbintenis ?Wanneer de schuldenaar verplicht is tot n van twee verschillende prestatie(s), waarbij n der prestatie(s) een primair en de andere een subsidiair karakter heeft, ter keuze van hemzelf van de schuldenaar of van een derde Wanneer de schuldenaar verplicht is tot n van twee of meer verschillende prestatie(s), ter keuze van hemzelf van de schuldenaar of van een derde Wanneer de schuldenaar zich slechts door n bepaalde prestatie kan bevrijden Kijken in het register bij: Verbintenissen, alternatieve ==>> BW 6:17 e.v. In BW 6:17-1 is de tekst van antwoord B vermeld - dit ondersteunt antwoord B De verbintenis volgens de tekst van antwoord C wordt een enkelvoudige_verbintenis genoemd De tekst onder antwoord A bevat element(en) ( primair en secundair ) die NIET in de betreffende wetsartikel(en) voorkomen Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40 ;4775qU- Examen Rechten 2008Vraag28Vraag28CAfstand van een vorderingsrecht is juridisch gezien .....altijd een schenking nooit een schenking afhankelijk van de omstandigheden een schenking Kijken in register bij: Afstand ..... ==>> niets relevants te vinden Afstand van een vorderingsrecht betreft de afstand van een recht op een prestatie van een ander Als het vorderingsrecht betrof de levering van een beroemd renpaard dat door de bliksem is getroffen en dood is, dan kan NIET meer worden geleverd ( door overmacht ), waarbij - het afstand doen van het recht door ontbinding van de overeenkomst GEEN schenking aan de schuldenaar is, want - die wordt daardoor NIET verrijkt Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40st en Thea hebben de afgelopen 20 jaar niet verrekend. Inmiddels heeft Joost een groot makelaarskantoor opgebouwd en veel onroerend_goed in zijn bezit. Thea wil scheiden. Wat is rechtens juist ? Thea is voor de helft eigenaar geworden van de goederen van JoostThea kan alsnog verrekening vorderenThea heeft geen recht meer op verrekening aangezien de termijn daarvoor is verlopenKijken in register bij: Verrekenbeding(en), periodieke ==>> BW 1:141 e.v. In BW 1:141-1 is vermeld dat, ook al is NIET verrekend over de in de huwelijksvoorwaarde(n) genoemde termijn, de verrekenverplichting daarna blijft bestaan. In BW 1:141-3 is tevens vermeld dat bij het einde van het huwelijk, indien NIET periodiek is verrekend ( periodieke_verrekening heeft NIET steeds plaatsgevonden ), het alsdan aanwezige vermogen wordt vermoed te zijn gevormd uit hetgeen verrekend had moeten worden ......, en - kan verrekening alsnog worden gevorderd Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40 nn77uU35- Examen Rechten 2008Vraag29Vraag29BJoost en Thea zijn 20 jaar geleden onder het maken van huwelijksvoorwaarde(n) getrouwd. Hun huwelijksvoorwaarde(n) bevatten de bepaling dat na afloop van ieder kalenderjaar hun beider inkomsten voor zover deze niet zijn opgegaan in het huishouden door beide partij(en) worden verdeeld en ieder aldus de helft verkrijgt van de overgespaarde of niet verteerde inkomsten. In de huwelijksvoorwaarde(n) is tevens bepaald dat een vordering tot verrekening slechts gedurende 6 maand(en) na het verstrijken van het desbetreffende jaar kan worden geldend gemaakt. Joo ;^ 0Sv%P|"7- Examen Rechten 2008Vraag25"7- Examen Rechten 2008Vraag26"7- Examen Rechten 2008Vraag27"7- Examen Rechten 2008Vraag28"7- Examen Rechten 2008Vraag29"7- Examen Rechten 2008Vraag30"7- Examen Rechten 2008Vraag31"7- Examen Rechten 2008Vraag32"7- Examen Rechten 2008Vraag33"7- Examen Rechten 2008Vraag34"7- Examen Rechten 2008Vraag35"7- Examen Rechten 2008Vraag36"7- Examen Rechten 2008Vraag37"7- Examen Rechten 2008Vraag38"7- Examen Rechten 2008Vraag39"7- Examen Rechten 2008Vraag40*I- Examen Vastgoedeconomie 2008Examen+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag01+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag02+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag03+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag04 m,67GQK)- Examen Rechten 2008Vraag31Vraag31AIn welk geval is een koopovereenkomst ten tijde van het tekenen van die overeenkomst nS47;W_q- Examen Rechten 2008Vraag30Vraag30CWat is mandeligheid ? Een bijzondere vorm van vruchtgebruikEen bijzondere vorm van erfdienstbaarheidEen bijzondere vorm van gemeenschappelijk_eigendomKijken in register bij: Mandeligheid ==>> BW 5:60 e.v. In BW 5:60 is vermeld dat mandeligheid de gemeenschappelijk_eigendom betreft van ..... Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------4067GQK)    - Examen Rechten 2008Vraag31Vraag31AIn welk geval is een koopovereenkomst ten tijde vietig ?Indien de koopovereenkomst in strijd is met de goede_zeden Indien de verkoper minderjarig is Indien de verkoper failliet is Een koopovereenkomst is een gevolg van een meerzijdige_rechtshandeling die ontstaat na de eenzijdige_rechtshandeling(en) van aanbod en aanvaarding en na wilsovereenstemming Kijken in register bij: Nietigheid van rechtshandeling(en) ==>> BW 3:32 en 39 Kijken in register bij: Rechtshandeling(en), nietigheid ==>> BW 3:32, 34 en 40 In BW 3:40 is vermeld dat rechtshandeling(en) in strijd met de goede_zeden nietig zijn - dit ondersteunt antwoord A Als een verkoper minderjarig is ( = een minderjarige ), dan ontstaat WEL een rechtsgeldige_rechtshandeling tot het moment dat door de wettelijke_vertegenwoordiger(s) de vernoetigbaarheid van die betreffende rechtshandeling wordt ingeroepen Een failliete verkoper kan de boedel NIET meer binden, tenzij die boedel daardoor is gebaat ( Fw 24 ) Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40 67ku    - Examen Rechten 2008Vraag32Vraag32AEn van de instrument(en) om de financile uitvoerbaarheid van de Wet_bodembescherming te waarborgen betreft het verhaal van saneringskosten op degene door wiens toedoen de verontreiniging is ontstaan, Aan wie komt op basis van deze wet het verhaalsrecht toe ?Het RijkDe Provincie, en in enkele gevallen de gemeenteHet bestuursorgaan dat de saneringskosten heeft gedragen In het kader van de Wet_bodembescherming betreffen de saneringskosten, de kosten van bodemsanering, dus - kijken in register bij: Bodemsanering, verhaal van kosten van ==>> IV.4 Wbb 75 e.v. In Wbb 75-1 e.v. is vermeld dat steeds de Staat de kosten kan verhalen, ook al zijn die kosten door provincie of gemeente gemaakt ( Wbb 75-2 ) Ook in de geval(len) B en C is het Het Rijk datn67ku- Examen Rechten 2008Vraag32Vraag32AEn van de in0n |87'%)Og- Examen Rechten 2008Vraag33Vraag33CWelk van onderstaande rechten kan aan het recht_van_reclame worden ontleend ?Het recht van de koper de koopprijs terug te vorderen, in geval het gekochte niet wordt afgeleverd, tenzij de verkoper failliet is verklaardHet recht van de koper de koopprijs terug te vorderen, in geval het gekochte niet wordt afgeleverd, ook als de verkoper failliet is verklaard Het recht van de verkoper de zaken terug te vorderen, in geval de koopprijs niet wordt betaald Kijken in register bij: Reclamerecht, terugvordering roerende_zaak ==>> BW 7:39 In BW 7:39-1 is vermeld dat als de koper NIET betaalt, en in verband daarmee aan de ontbinding van de koopovereenkomst is voldaan, de verkoper de roerende_zaak kan terugvorderen Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40 87+G})    - Examen Rechten 2008Vraag34Vraag34BWat is juist m.b.t. opsporingsambtenaren in hel kader van de Wet_milieubeheer ?Toezichthoudend_ambtenaar(en) kunnen niet tegelijkertijd als opsporingsambtenaar(en) fungerenOpsporing van milieudelict(en) vindt plaats door algemene_opsporingsambtenaar(en) en bijzondere_opsporingsambtenaar(en) Een opsporingsambtenaar mag in het algemeen een verdachte enkel staande houdenToezicht op naleving en opsporing zijn aspect(en) die samenhangen met handhaving, daarom: - kijken in het register bij: Wet_milieubeheer, handhaving ==>> IV.7 Wmb 18.1 e.v. In Wmb 18.4-1 is vermeld dat iedere daartoe aangewezen ambtenaar toezicht kan houden en de naleving ( = opsporing ) van de regel(s) kan nagaan - kijken in het register bij: Toezicht op de naleving ==>> II.1 Ax87+G}) - Examen Rechten 2008Vraag34Vraag34BWat is juis0otaten kan de gemeenteraad aan woningzoekende(n) eis(en) stellen inzake maatschappelijke_binding en / of economische_binding In het kader van deze wet geldt als uitgangspunt dat de gemeenteraad aan woningzoekende(n) eis(en) moet stellen inzake maatschappelijke_binding en / of economische_binding In het kader van deze wet kan de gemeenteraad aan woningzoekende(n) gn eis(en) stellen inzake maatschappelijke_binding en / of economische_binding Eis(en) stellen betekent: opstellen van criteria m.b.t. een vergunningverlening ( huisvestingsvergunning ) In register kijken bij: Huisvestingsvergunning, economische_binding ==>> III.5 Huisvestingsbesluit 6 Dit Besluit hoort bij de Huisvestingswet, dus daar kijken bij: Huisvestingsvergunning, criteria voor vergunningverlening Dus kijken bij Huisvw 9 e.v.; verder kijken in de kantlijn: - in Huisvw 13a-2 is vermeld dat voorafgaande toestemming van Gedeputeerde_Staten nodig is Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40 > 57 -%'I- Examen Rechten 2008Vraag36Vraag36AIn het Burgerlijk_Wetboek staan voornamelijk regel(s) van .....materieel_recht procesrecht formeel_recht- Materieel_recht: gaat vooral over de aard en de inhoud van het recht - regelt de inhoud van het recht / rechtsregel(s), de inhoudelijke aspect(en), de ( materile ) norm(en) - rechtsreg677oae75- Examen Rechten 2008Vraag35Vraag35AWelke stelling over de Huisvestingswet is juist ?Na voorafgaande goedkeuring van Gedeputeerde_Sel(s), die voor een ieder ( persoon ) gelden - Procesrecht: wordt ook wel tot het formeel_recht gerekend ( = een onderdeel van het formeel_recht ); een type recht - bevat de procedurele_regel(s) ( procesrecht ) m.b.t. het voeren van proces(sen) voor de rechter - regelt de procedures / vorm om een recht te behalen / af te dwingen - regelt via welke procedure een bepaald recht kan worden afgedwongen - komt NIET in het BW voor; dus NIET antwoord B - Formeel_recht: - bevat de procedurele_regel(s) m.b.t. organisatie en handhaving van de rechtssystemen / rechtssysteem - betreft de regel(s) waarin de wijze van handhaven van de ( materile ) normen is beschreven - regelt de procedure(s) / vorm m.b.t. het recht; formeel: op de vorm ( procedure ) betrekking hebbend ( Van Dale ) - is de tegenhanger van materieel_recht - komt NIET in het BW voor; dus NIET antwoord C Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40een zelfde hoeveelheid van gelijke kwaliteit wordt teruggegeven ( BW 7A:1791 ) - beide partij(en) hebben verplichting(en): de ene partij moet het goed afgeven en de andere partij moet iets teruggeven - Koop_op_afstand / Overeenkomst_op_afstand ( BW 7:46a-b en BW 7:46a-a ): - de overeenkomst waarbij, in het kader van een door de verkoper of dienstverlener georganiseerd systeem voor ................ - beide partij(en) hebben verplichting(en): de ene partij moet het goed leveren en de andere partij moet betalen - Borgtocht: - de overeenkomst waarbij de ene partij, de borg, zich tegenover de andere partij, de schuldeiser, verbindt tot nakoming van een verbintenis, die een derde, de hoofdschuldenaar, tegenover de schuldeiser heeft of zal krijgen ( BW 7:850-1 ) - de verplichting(en) liggen slechts aan n kant. en wel bij de borg ( = de schuldenaar die moet presteren als .. ) Het meest juiste antwoord is dus C--y---26---------------------------------40 ++R!87=E}W- Examen Rechten 2008Vraag39Vraag39AWat is juis 87A+-- Examen Rechten 2008Vraag38Vraag38BWelke bewering is juist met betrekking tot een bouwvergunning in de zin van de Woningwet ?Aan een bouwvergunning kunnen geen voorschrift(en) worden verbondenIn sommige geval(lG577'+- Examen Rechten 2008Vraag37Vraag37CWelke van de hierna volgende overeenkomst(en) is een zuiver eenzijdige_overeenkomst ? VerbruikleenKoop_op_afstandBorgtochtEenzijdige_overeenkomst: n of meer verbintenis(sen), met rechten op een prestatie aan slechts n zijde ( = de schuldeiser ), en verplichting(en) tot die prestatie aan slechts de andere zijde ( = de schuldenaar ) - Verbruikleen: - betreft een overeenkomst, waarbij de ene partij aan de andere een zekere hoeveelheid goederen afgeeft, onder voorwaarde dat en) kan een bouwvergunning van rechtswege ontstaanBij illegaal bouwen is verlening van een bouwvergunning achteraf nooit mogelijkBouwvergunning en Voorschrift(en): Kijken in register bij: bouwvergunning ==>> III.19 Wonw 40 e.v. Daar worden we niet echt wijzer, daarom: Kijken in de Woningwet In Wonw art. 2, 8, etc., is vermeld dat NIET van de voorschrift(en) mag worden afgeweken, dus antwoord A is onjuist Bouwvergunning en rechtwege: Kijken in register bij: bouwvergunning ==>> III.19 Wonw 40 e.v. In Wonw 46-4 is vermeld dat als de bouw vergunning binen de beslistermijn NIET is verleend, deze van rechtswege ( = automatisch ) is verleend; dit ondersteunt antword B Bouwvergunning en illegaal bouwen: Kijken in register bij: bouwvergunning ==>> III.19 Wonw 40 e.v. Daar worden we niet echt wijzer Achteraf verlenen van een bouwvergunning is WEL mogelijk via de zogenoemde legalisatie; dus NIET antwoord C Het meest juiste antwoord is dus B--y---26---------------------------------40t met betrekking tot het bieden van inspraak bij ruimtelijke beslissing(en) ?Op basis van een inspraakverordening bepaalt het gemeentebestuur zelf of en op welke wijze inspraak wordt verleend voordat een eventuele officile bestemmingsplanprocedure wordt gestart Bij inspraakverlening zal afd. 3.4 Algemene_wet_bestuursrecht onverkort van toepassing zijn Het gemeentebestuur dient bij de voorbereiding van elk ruimtelijk_plan en elke ontheffing inspraakgelegenheid te bieden Kijken in het register bij: inspraakverordening ==>> II.2 Gemw 150 In Gemw 150-1 is vermeld dat de gemeenteraad een verordening vaststelt m.b.t. hoe de ingezetene(n) en belanghebbende(n) bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid kunnen worden betrokken - dit ondersteunt antwoord A en ondergraaft antwoord C In Gemw 150-2 is vermeld dat de Awb afd 3.4 NIET altijd van toepassing hoeft te zijn - dit ondergraaft antwoord B Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40Een geldige_titel, beschikkingsbevoegdheid en een leveringshandeling Uitsluitend een geldige_titel en beschikkingsbevoegdheid Uitsluitend beschikkingsbevoegdheid en een leveringshandeling Kijken in het register bij: Beperkt_recht, overdraagbaarheid ==>> BW 3:83 In BW 3:83 is vermeld dat beperkt_recht(en) m.b.t een goed kunnen worden overgedragen In BW 3:84-1 zijn de vereiste(n) vermeld m.b.t. de overdracht van een goed, maar NIET m.b.t. een beperkt_recht op een goed - overigens ondersteunt BW 3:84-1 antwoord A m.b.t. de overdracht van een goed Verder kijken in deze afdeling 2 Overdracht van goederen en afstand van beperkt_recht(en) - verder kijken in de kantlijn geeft: Beperkt_recht(en): vestiging, overdracht , afstand - in BW 3:98 is vermeld dat voor de overdracht van beperkt_recht(en) hetzelfde geldt als voor de overdracht van de betreffende goederen dis: BW 3:98 jo. BW 3:84 Het meest juiste antwoord is dus A--y---26---------------------------------40 L1"77A 5- Examen Rechten 2008Vraag40Vraag40AWat zijn vereiste(n) voor een rechtsgeldige overdracht van een beperkt_recht op een goed ?3%5I IG    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag02Vraag02InflatJ$7I S}Km{    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag01Vraag01Efficintie en effectiviteit zijn twee gerelateerde begrippen met een delicaat maar niettemin belangrijk verschil in de betekenis. De invoer van en het gebruik maken van geld heeft grote invloed gehad op de ontwikkeling van de economie. De efficintie van het economisch_proces is hierdoor toegenomen. Op welke wijze blijkt deze toegenomen efficintie ?Gebruik .#5I SAGK/   - Examen Vastgoedeconomie 2008ExamenExamenKees en Hilde Dijkema zijn gehuwd en zijn tevens de enige eigenaren van een makelaarskantoor. Zij zijn beiden hoofdelijk_aansprakelijk voor alle schuld(en) van de onderneming. Welke ondernemingsvorm heeft deze onderneming ? Een besloten_vennootschap Een vennootschap_onder_firma Een commanditaire_vennootschap - In de casus is sprake van een hoofdelijk_aansprakelijk in combinatie met ondernemingsvorm - daarom zoeken in de theorie bij: ondernemingsvorm - Bij een B.V. zijn de eigenaren / aandeelhouder(s) / bestuurder(s) niet hoofdelijk_aansprakelijk voor de schuld(en) van de B.V. , maar de B.V. zelf is aansprakelijk, behoudens bij onbehoorlijk bestuur van de bestuurder(s) - Bij een C.V. is een van de echtgenoten de commandiet en die commandiet is slechts aansprakelijk tot de hoogte van het door hem / haar ingebrachte vermogen - Bij een VOF zijn beide vennoten hoofdelijk_aansprakelijk ( WvK 18 ) Het meest juiste antwoord is dus By2640maken van geld voorkomt versnippering van arbeidRuilen van goederen en dienst(en) gaat door gebruik te maken van geld met minder kosten gepaardWerknemer(s) zullen zich meer inzetten voor hun taak naarmate de beloning toeneemt, zodat de productie toeneemt Het gaat in deze opgave om efficintie - Efficintie: - wordt ook wel doelmatigheid genoemd - betreft de doelmatigheid m.b.t. het gebruik van middelen om een bepaald doel te bereiken, waarbij - een proces efficint wordt genoemd als het ten opzichte van een norm weinig middelen gebruikt, waarbij - deze middelen bijvoorbeeld betrekking kunnen hebben op tijd, inspanning ( manuren ), grondstoffen of geld, dus - des te minder middelen nodig zijn ( = goedkoper ) om een doelstelling te bereiken , des te efficinter is het betreffende proces - mag niet worden verward met effectiviteit - Men moet dus naar het kostenaspect kijken Het meest juiste antwoord is dus By-2640ie is een begrip uit de economie waarmee meestal prijsinflatie wordt bedoeld, dat wil zeggen een stijging van het algemeen prijspeil. In een analyse van een vastgoedproject worden, onder meer, de volgende variabele(n) gebruikt: inflatiepercentage, huurprijsontwikkeling, nominale_rente en rele_rente. De inflatie bedroeg vanaf 1974 tot en met 1997 ( 24 jaar ) gemiddeld 3,9 % per jaar. De eerste 14 jaar bedroeg de gemiddelde_inflatie 5 % per jaar. Voor de komende reeks van jaren wordt uitgegaan van de gemiddelde_inflatie van de laatste 10 jaar. Met welk inflatiepercentage ( afgerond op n decimaal nauwkeurig ) wordt in de komende jaren rekening gehouden ? 2,4 %3,0 % 3,5 % We tellen de gemiddelde_inflatie over de jaren bij elkaar op en zetten ze in de volgende vergelijking: 24 jaren x 3,9 % = 14 jaren x 5 % + 10 x Y % 93,6 % = 70 % + 10 x Y % 23,6 % = 10 x Y % Y = 2,36 is afgerond 2,4 Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640 '&7I )u    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag03Vraag03Een vraagcurve wordt ook wel afzetcurve ofwel prijs-afzetlijn ofwel prijs-afzet_vergelijking genoemd. Om een individuele_vraagcurve van een consument met betrekking tot een goed te kunnen tekenen zijn gegeven(s) nodig. Welke twee variabele(n) bepalen deze vraagcurve ?Prijzen en gevraagde hoeveelheden van het betreffende goedPrijzen van het goed en het inkomen van de consumentGevraagde hoeveelheden van het goed en het inkomen van de consument - Individuele_vraagcurve: - de grafische weergave van de hoeveelheid die n consument ( = economisch_subject ) van een bepaald goed ( product of dienst ) zal kopen bij een bepaalde prijs van dat goed Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640elasticiteitscofficint Ev van de vraag q als gevolg van een verandering van de prijs p, en is: - het quotint van de relatieve_verandering van de vraag q naar een goed ( een product, of dienst ) en de relatieve_verandering van de prijs p van dat goed, ofwel in formulevorm: relatieve_verandering van de vraag naar een goed ( q1 - q0 ) / q0 Ev = ----------------------------------------------------------------------------------------- = ------------------------------------- relatieve_verandering van de prijs van dat goed ( p1 - p0 ) / p0 De oude afzet q0 bedroeg op grond van Qv = - P + 45 = - 15 + 45 = 300.000 bij een prijs van 15 Euro per stuk; de nieuwe afzet bedraagt 277.500 bij Euro 17,25 per stuk. Invullen geeft Ev = ( ( 277.500 - 300.000 ) / 300.000 ) / ( (15 - 17,25 ) / 15 ) = - 0,5 Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640 o'5I =[    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag04Vraag04Een vraagcurve wordt ook wel afzetcurve ofwel prijs-afzetlijn ofwel prijs-afzet_vergelijking ofwel vraagvergelijking genoemd. De vraag naar een artikel kan worden weergegeven door de vraagvergelijking Qv = - P + 45. P is de prijs in euro(s) en Q is het aantal in tienduizenden. Een artikel wordt verkocht voor de prijs van EUR 15 per stuk. Er vindt een prijsverhoging plaats van EUR 2,25 per artikel omdat een nieuwe belasting wordt doorberekend in de verkoopprijs waardoor de vraag naar dit artikel afneemt tot 277.500 stuk(s). Hoeveel bedraagt de prijselasticiteit van de vraag naar dit artikel ?- 0,5-1-2- Prijselasticiteit: - is in feite de  l(5I -5I    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag05Vraag05De overheid voert soms heffing(en) in op bepaalde product(en), met het oog op de bescherming van het milieu. Een ondernemer heeft een nieuw product ontwikkeld. In verband met milieueis(en) gaat de overheid, juist als de ondernemer het artikel op de markt wil brengen een heffing invoeren van EUR 2,5O per artikel. Tot welke categorie overheidsinkomsten wordt deze heffing gerekend ?Tot de accijnzenTot de retributie(s)Tot de indirecte_belasting(en)- Accijnzen zijn een vorm van verbruiksbelasting op genotsmiddel(en) - Een retributie is de vergoeding van een dienst die de overheid presteert ten voordele van de heffingsplichtige ( bijv. lege(s) m.b.t. een paspoort of rijbewijs ) Van bovenstaande is bij deze vraag geen sprake Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640lverdeling is dan ook niet nauwkeurig, maar geeft slechts een benadering, op de verticale as P en op de horizontale as Q. ) Klik op de knop " Toon Image " om de grafiek te tonen. In de grafiek is aan de hellingshoek(en) van de vraaglijn(en) te zien dat de vraag naar het ene type woning(en) meer prijsgevoelig is dan de vraag naar het andere type. Voor welk type huurwoning is de vraag meer prijsgevoelig en op basis van welk argument is dit hier te bepalen ? Type B is meer prijsgevoelig, omdat de vraaglijn naar type B vlakker verlooptType B is meer prijsgevoelig, omdat de maximum hoeveelheid bij type B groter is dan bij type AType A is meer prijsgevoelig, omdat de maximumprijs voor type A hoger is dan de maximumprijs voor type BHoe vlakker een vraaglijn, des te groter zal de verschuiving van de gevraagde hoeveelheid woning(en) langs de horizontale as bedragen, als gevolg van een bepaalde verandering van de huurprijs op de verticale as Het meest juiste antwoord is dus Ay-26pexamens\fve0806.jpg40  |*5I 7S     3 - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag07Vraag07Een vraagcurve wordt ook wel af%k)8I O'K]}     3 - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag06Vraag06Een vraagcurve wordt ook wel afzetcurve ofwel prijs-afzetlijn ofwel prijs-afzet_vergelijking ofwel vraagvergelijking genoemd Een makelaarskantoor is onder meer belast met de verhuur van een tweetal type(n) woning(en), type A en type B. In de grafiek bij deze opgave is de vraagvergelijking aangegeven m.b.t. de huurprijs van die woning. ( N.B. De grafiek is slechts een schets bedoeld. De schaa#zetcurve ofwel prijs-afzetlijn ofwel prijs-afzet_vergelijking ofwel vraagvergelijking genoemd Een makelaarskantoor is onder meer belast met de verhuur van een tweetal type(n) woning(en), type A en type B. In de grafiek bij deze opgave is de vraagvergelijking aangegeven m.b.t. de huurprijs van die woning. ( N.B. De grafiek is slechts een schets bedoeld. De schaalverdeling is dan ook niet nauwkeurig, maar geeft slechts een benadering, op de verticale as P en op de horizontale as Q. ) Klik op de knop " Toon Image " om de grafiek te tonen. Hoeveel huurwoning(en) van het type B worden gevraagd hij een prijs van EUR 600 ?160200240De horizontale prijslijn bij 600 snijdt de vraagcurve B bij P = 600 en Qv = ( stel ) Y. Als vanuit dat snijpunt ( P=600, Qv=Y ) een verticale lijn naar beneden wordt getrokken, dan wordt de Qv-as gesneden op een punt links van het midden van Qv= 0 en Qv = 400, dus links van Qv = 200, dus bij een Qv kleiner dan 200 Het meest juiste antwoord is dus Ay-26pexamens\fve0806.jpg40e as P en op de horizontale as Q. ) Klik op de knop " Toon Image " om de grafiek te tonen. De vraag naar huurwoning(en) blijkt op termijn in de praktijk mede afhankelijk van de hoogte van het rentepercentage voor hypothecaire_lening(en) Welke invloed heeft een verhoging van het rentepercentage op hypothecaire_lening(en) op de vraag naar bijvoorbeeld huurwoning(en) van het type A ( ceteris_paribus ) ?Er zal een verschuiving van de vraaglijn plaatsvinden naar linksEr zal een verschuiving van de vraaglijn plaatsvinden naar rechts Er zal een verschuiving langs de vraaglijn plaatsvinden, richting P = 1100 Als het rentepercentage op hypothecaire_lening(en) stijgt dan zal de vraag naar koopwoning(en) afnemen en de vraag naar huurwoning(en) toenemen. Als een vraag naar een product toeneemt, wil dat zeggen dat de consument bereidt is een hogere prijs P te betalen bij een zelfde gevraagde hoeveelheid Qv. De vraagcurve zal dus rechts versvhuiven Het meest juiste antwoord is dus By-26pexamens\fve0806.jpg40 C+8I  #     3 - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag08Vraag08Een vraagcurve wordt ook wel afzetcurve ofwel prijs-afzetlijn ofwel prijs-afzet_vergelijking ofwel vraagvergelijking genoemd Een makelaarskantoor is onder meer belast met de verhuur van een tweetal type(n) woning(en), type A en type B. In de grafiek bij deze opgave is de vraagvergelijking aangegeven m.b.t. de huurprijs van die woning. ( N.B. De grafiek is slechts een schets bedoeld. De schaalverdeling is dan ook niet nauwkeurig, maar geeft slechts een benadering, op de vertical& N.B. De grafiek is slechts een schets bedoeld. De schaalverdeling is dan ook niet nauwkeurig, maar geeft slechts een benadering, op de verticale as P en op de horizontale as Q. ) Klik op de knop " Toon Image " om de grafiek te tonen. De vraag naar huurwoning(en) van het type A kan als volgt worden weergegeven: Qv = - 0,32 P + 4R + 320. Hierbij is Qv de gevraagde hoeveelheid, P de huurprijs per woning per maand en R de rente van woninghypotheken in procent(en). Met hoeveel procent wijzigt de gevraagde hoeveelheid huurwoning(en) voor P = 750, als R = 8 % wijzigt in R = 6 % ( afgerond op n decimaal nauwkeurig ) ?7,1 % 7,7% 8 %Invullen van de formule Qv = - 0,32 P + 4R + 320 geeft: - bij een rentepercentage van 8 % bedraagt Qv = - 240 + 32 + 320 = 112 - bij een rentepercentage van 6 % bedraagt Qv = - 240 + 24 + 320 = 104 De verandering is ( Q1 - Q0 ) / Q0 = ( 104 - 112 ) / 112 = - 0,0714 en dat is een verlaging van 7,1 % Het meest juiste antwoord is dus Ay-26pexamens\fve0806.jpg40 9Df9!/5I Ims    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag12Vraag12De Cn_index kan worden toegepast om een type marktvorm aan te duiden. De totale jaaromzet van een aantal supermarkt(en) in een grote stad met ongeveer 1 miljoen inwoners wordt gerealiseerd door d/b.8I 'M#    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag11Vraag11Men.-5I %_ksm     3 - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag10Vraag10Een vr+0,5I O     3 - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag09Vraag09Een vraagcurve wordt ook wel afzetcurve ofwel prijs-afzetlijn ofwel prijs-afzet_vergelijking ofwel vraagvergelijking genoemd Een makelaarskantoor is onder meer belast met de verhuur van een tweetal type(n) woning(en), type A en type B. In de grafiek bij deze opgave is de vraagvergelijking aangegeven m.b.t. de huurprijs van die woning. ((qZflrx~`Z &,28>DJPV\bhntz "(.4:@FLRX^djpv|~ІhԆjՆkֆl׆m؆nنp܆r߆stuvz}{      !%&!'"($*'+)/10326499>:@<B=D?G@HAJDNFQHTJVKWNXRYVZW[X\Z][^^b`ddnepfqksntouqwrxtyuzx}z~{|}~    $&'()+-,aagcurve wordt ook wel afzetcurve ofwel prijs-afzetlijn ofwel prijs-afzet_vergelijking ofwel vraagvergelijking genoemd Een makelaarskantoor is onder meer belast met de verhuur van een tweetal type(n) woning(en), type A en type B. In de grafiek bij deze opgave is de vraagvergelijking aangegeven m.b.t. de huurprijs van die woning. ( N.B. De grafiek is slechts een schets bedoeld. De schaalverdeling is dan ook niet nauwkeurig, maar geeft slechts een benadering, op de verticale as P en op de horizontale as Q. ) Klik op de knop " Toon Image " om de grafiek te tonen. Omdat er een relatie bestaat tussen de vraag naar huurwoning(en) en de vraag naar koopwoning(en) is er in economisch opzicht sprake van een bepaald soort goederen. Hoe worden deze goederen genoemd ?Substitutiegoederen / Substitutieproduct Indifferente_goederen / Indifferent_product(en)Complementaire_goederen / Complementair_product(en)- Substitutieproduct: een ander product of merk met ( min of meer ) dezelfde eigenschap(pen) / kenmerk(en) en van ( min of meer ) gelijke kwaliteit, met een al of niet lagere marktprijs - waarbij dus het ene product of merk ( al of NIET gemakkelijk ) kan worden vervangen door het andere ( substituut ) product of merk - Indifferent_product: wordt ook wel een onafhankelijk_product genoemd, waarbij - een product is indifferent met betrekking tot bepaalde ander product(en) als: - die product(en) elkaar onderling m.b.t. vraag en aanbod in de markt NIET benvloeden, maar - in deze opgave is WEL sprake van een onderlinge benvloeding ( een relatie ), dus antwoord B valt af - Complementair_product: betreft een product dat een aanvulling is op een ander product, zoals bijvoorbeeld: - koffiecreamer bij koffie, maar - daar is bij deze opgave GEEN sprake van, dus C valt af Het meest juiste antwoord is dus Ay-26pexamens\fve0806.jpg40 @lHt$P|+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag06+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag07+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag08+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag09+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag10+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag11+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag12+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag13+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag14+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag15+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag16+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag17+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag18+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag19+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag20+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag21+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag22+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag23+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag24+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag25 leest of hoort wel eens: de concurrentiepositie van een bepaald bedrijf, of product, of van de export staat onder druk. Onderneming(en) zijn mede daarom voortdurend bezig hun concurrentiepositie te versterken. In welk geval spreken we van verticale_concentratie ?Als bedrijven door middel van integratie in meer geleding(en) van de bedrijfskolom actief wordenAls bedrijven via a diversificatie tot een bepaalde vorm van schaalvoordelen komen en op deze wijze overcapaciteit voorkomen Als bedrijven binnen een bedrijfstak uitbreiden ten koste van andere onderneming(en) of invloed verwerven in andere onderneming(en)- Verticale_concentratie: - wordt ook wel voorwaartse_integratie of achterwaartse_integratie genoemd - een vorm vam concentratie, inhoudende - het uitbreiden naar andere schakel(s) in dezelfde bedrijfskolom Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640iverse keten(s). De tabel geeft aan op welke wijze de omzet is verdeeld over de verschillende supermarktketen(s). Albert Heijn 28 % Cop 28 % Super de Boer 22 % C1000 10 % Kleinere supermarkt(en) 12 % Van welke marktvorm is hier op basis van bovenstaande gegevens sprake en waarom ?Oligopolie want C3_index is 78Oligopolie want C2_index is 56 en C3_index is 44Monopolistische_concurrentie want Cn_index is < 80 - Oligopolie: - een marktvorm waarbij slecht enkele aanbieder(s) een homogeen_product en / of een heterogeen_product aanbieden, en - waarbij er sprake is van veel vrager(s) - waarbij de C4_index minstens 70 % bedraagt In deze opgave is de C3_index reeds > 70 %, waarbij - als dat zo is, de C4_index zeker ( nog ) groter is dan 70 % en dus is voldaan aan C4_index > 70 % Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640 - een vorm van concurrentie die is gericht op het behalen van een zo groot mogelijk winstmarge m.b.t. onderneming(en) in een volgende / voorgaande geleding van de bedrijfskolom, en die dus - betrekking heeft op onderneming(en) die concurreren met onderneming(en) die product(en) afnemen of toeleveren ( grondstof(fen), halffabrikaat(en), etc. ), en - die is gericht op het behalen van een zo groot mogelijke winstmarge in de bedrijfskolom, waarbij - de volgende situatie(s) kunnen worden onderscheiden, namelijk situatie(s) met: - grote afnemer(s), waarbij die afnemer(s) een grote machtspositie hebben ten opzichte van de betreffende leverancier - weinig leverancier(s), waarbij die leverancier(s) een grote machtspositie hebben ten opzichte van de betreffende afnemer(s) Het meest juiste antwoord is dus By-2640 WW06I cs /    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag13Vraag13Concurrentie in een bedrijfstak kan worden onderscheiden in een aantal type(n) concurrentie. Darnaast kent een bedrijfstak omgevingsfactor(en) die een grote invloed uitoefenen op de concurrentiebepalende factor(en). Hierbij wordt onderscheid gemaakt in interne_concurrentie, externe_concurrentie en potentile_concurrentie. Waardoor wordt met name de externe_concurrentie veroorzaakt ?Dor de aanwezigheid van substituut_goederenDoor het aantal en de grootte van de leverancier(s)Door het aantal toetreder(s) en uittreder(s) in de bedrijfstak - Externe_concurrentie: 0- betreft het verschijnsel dat schommeling(en) in de afzet van eindproduct(en) ( al of niet ) versterkt worden doorgegeven in de bedrijfskolom, want - ondernemer(s) zullen bij een vermindering van de vraag minder bestelling(en) plaatsen bij hun leveranciers en hun voorraden verkleinen omdat bij een verminderde vraag, de voorraden minder groot hoeven te zijn, zodat - de toeleverende bedrijven extra getroffen worden door een vraagvermindering, zodat - deze toeleveranciers op hun beurt ook minder zullen gaan bestellen, waarbij - de effecten van een vermindering van de vraag naar eindproduct(en) versterkt worden doorgegeven naar hoger gelegen schakels in de bedrijfskolom - met name conjunctuurgevoelige eindproduct(en) kunnen grote schommeling(en) veroorzaken in de afzet van leverancier(s) van halffabricaten en grondstof(fen) Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640 ==25I GK3E    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag15Vraag15Bedrijfstakontwikkeling en productielevenscyclus zij418I ?Ge#    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag14Vraag14In de markt zijn allerlei effect(en) en ontwikkeling(en) merkbaar, waarbij de vraag naar goederen onder meer wordt benvloed door ontwikkeling(en), waaronder inkomensontwikkeling(en). structurele ontwikkeling(en). trendmatige ontwikkeling(en) etc. In dit verband gebruikt men wel de term keteneffect. Wat wordt verstaan ander het keteneffect ?Langetermijnontwikkeling(en) die het gevolg zijn van een stijging van de productiecapaciteit De invloed die de overheid uitoefent op het distributieproces van de grote fabrikant(en) naar de afnemer(s) Conjunctuurgevoelige eindproduct(en) veroorzaken grote schommeling(en) in de afzet van de bedrijfstak(ken) in de hete bedrijfskolom- Keteneffect: 2n belangrijke aspect(en) in de economie, waarbij die bedrijfstakontwikkeling en de productielevenscyclus in schemavorm kunnen worden weergegeven. Welke van de onderstaande combinatie(s) van fase en marktvorm is in dit verband juist ?Introductie en breed_monopolie Groei en monopolie Rijpheid en nauw_oligopolie - Nauw_oligopolie: - een type oligopolie, waarbij - het product weinig heterogeen is - hoe minder heterogeen het product, hoe meer je kunt spreken van nauw_oligopolie - zie hieronder voor een tabel met enige relatie(s) tussen de fase(n) van de product_life_cycle / PLC en enige marktvorm(en) Fase PLC Marktvorm Rivaliteit / samenwerking -------------------- --------------------------------- ------------------------------------------ Groei breed_oligopolie concurrentie op kwaliteit Rijpheid nauw_oligopolie prijsconcurrentie / horizontale_concentratie en verticale_concentratie Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640de prijs van de woning ( grond plus opstal(len) wordt wel de grondquote genoemd. Een woonhuis dat in 2002 EUR 200.000 kostte, kostte in 2004 wel 25 % meer. De grondkavel van dat woonhuis kostte in 2002 EUR 50.000. De bouwkosten exclusief grond van dat huis stegen tot EUR 160.000 in het jaar 2004. Hoe groot is de grondquote in het jaar 2004 ?0.25 0.3125 0.36 - De prijs van het woonhuis ( = grond + bouwkosten ) bedroegen in 2002 Euro 200.000,-- ( = gegeven ), waarvan - de grondkosten in 2002 bedroegen Euro 50.000,-- ( = gegeven ) - en dus de bouwkosten in 2002 bedroegen Euro 150.000,-- ( = berekend ) - In 2004 was de prijs van het woonhuis ( = grond + bouwkosten ) 25 % hoger = 250.000 Euro ( = berekend ) - de bouwkosten bedroegen in 2004 Euro 160.000 ( = gegeven ) - de grondkosten in 2004 bedroegen Euro 250.000 - Euro 160.000 = 90.000,-- ( = berekend ) - De grondquote in het jaar 2004 bedraagt: 90.000 / 250.000 = 0,36 Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640 .q.?45I Q     3 - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag17Vraag17Onderstaand staafdiagram geeft het indexcijfer weer van de prijs van bouwgrond per m2 in een bepaalde gemeente. In 1980 bedroeg de grondprijs omgerekend EUR 100 per m2. Hoeveel bedraagt de grondprijs per m2 in het jaar 2000 ? EUR 180 EUR 200 EUR 225 Het indexcijfer in 1980 = 80 Het indexcijfer in 2000 = 180 indexcijfer in 2000 180 De grondprijs in 2000 = ------------------------------------- x grondprijs in 1980 = -------------- x 100 = 225 indexcijfer in 1980 80 Het meest juiste antwoord is dus Cy-26pexamens\fve0817.jpg4035I %    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag16Vraag16De verhouding tussen de grondprijs en 58n het volgende: ---------- ---------------------------- --------------------------------------- -------------------------------------------------- Jaar Omzetindex Prijsindex bouwkosten Productieve uren per jaar per bouwnijverheid ( 1995 = 100 ) arbeider in de bouwnijverheid ---------- ---------------------------- --------------------------------------- -------------------------------------------------- 2000 100 244 2.900 2001 116 262 2.860 ---------- ---------------------------- --------------------------------------- -------------------------------------------------- Met welk percentage is tussen 2000 en 2001 de gemiddelde_arbeidsproductiviteit in de bouwnijverheid volgens bovenstaande tabel veranderd ( afgerond op n decimaal nauwkeurig ) ?1,09,52,0Verandering(en) in de arbeidsproductiviteit kunnen worden bepaald door: - verandering(en) in de productie ( gemeten in geld ) te delen door - verandering(en) in het aantal arbeider(s) en gecorrigeerd voor: - verandering(en) in de arbeidstijd - veranderingen in het prijsindexcijfer De gemiddelde_arbeidsproductiviteit betreft de totale_productie gedeeld door de totale hoeveelheid arbeid 116 x 244 x 2900 De verandering is: --------------------------------------- = 1,0954 = 9,54 is een verandering van 9,5 % 100 x 262 x 2860 Het meest juiste antwoord is dus By-2640 ^z95I c#%%    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag22Vraag22Over het brutoloon van een we=u85I u-[     3 - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag21Vraag21De conjunctuurgolf kent <178I kMMqY    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag20Vraag20In de markt zijn allerlei effect(en) en ontwikkeling(en) merkbaar, waarbij de vraag naar goederen, onder meer, wordt benvloed door ontwikkeling(en) waaronder inkomensontwikkeling(en), structurele_ontwikkeling;i68I iK#K    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag19Vraag19De omgevi:Q55I [    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag18Vraag18Gegeve7ngsfactor(en) m.b.t. een bedrijf in een land kunnen dat bedrijf benvloeden. n van de omgevingsfactor(en) voor een bedrijf is de in dat land heersende economische_orde. Op welke wijze kan de economische_orde worden aangeduid ?Het stelsel van waarde(n), norm(en) en institutie(s) met betrekking tot het economisch_handelenDe indeling van de economie in diverse sector(en) en omgevingsfactor(en)De institutionalisering van waarde(n) en norm(en) via wetgeving en bestuur - Economische_orde: - kan op onderscheiden manier(en) worden weergegeven: 1. wordt medebepaald door de wettelijke regelgeving aangaande de rechtsbetrekking(en) tussen marktpartij(en) met betrekking tot het economisch_handelen 2. kan worden onderverdeeld in: - vrije_economie - geleide_economie - georinteerde_economie Antwoord C is te breed, want dat gaat ook over niet-economisch handelen Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640(en) en trendmatige_ontwikkeling(en). Wat wordt verstaan onder trendmatige_ontwikkeling(en) ?Langetermijnontwikkeling(en) die de oorzaak zijn van een verandering van de productiecapaciteit Kortetermijnontwikkeling(en) die voornamelijk veroorzaakt worden door conjunctuurschommeling(en)Langetermijnontwikkeling(en) die met name door de vraagbepalende en klimatologische factor(en) worden veroorzaakt - Trendmatige_ontwikkeling: - een type ontwikkeling / een trend - kan worden onderscheiden in, onder meer: 1. in de mode: een ontwikkeling in de mode 2. in de statistiek, een langetermijnbeweging 3. in de markt, een langetermijnbeweging waarin prijzen sneller stijgen of dalen dan gemiddeld - Het betreft dus een langetermijnontwikkeling - Klimatologische factor(en) zijn in zijn in de meeste gevallen niet een langetermijnontwikkeling ( sommige wel zaals de opwarming van de aarde, maar in zijn algemeenheid NIET ) Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640een aantal aspect(en) / fase(n), die een periodiek verloop kennen. In onderstaande grafiek is een conjunctuurgolf afgebeeld. De trend wordt gedefinieerd als de gemiddelde_waarde van het nationaal_product over een reeks van jaren. Wat is de benaming voor periode bcd ( zie grafiek ) ?Crisis RecessieLaagconjunctuur - Crisis: - de periode na bovenste_keerpunt van een conjunctuurgolf - daar is in deze opgave m.b.t. periode bcd, geen sprake van - Recessie: - wordt ook wel contractie genoemd - betekent letterlijk " teruggang " of " achteruitgang ", en - is daarmee het tegenovergestelde van ( economische ) groei of vooruitgang - een economische situatie waarbij de omvang van het BBP minstens twee kwartalen krimpt - daar is in deze opgave m.b.t. periode bcd, geen sprake van - Laagconjunctuur: - de fase in de economie die is gelegen rond het minimum van de conjunctuurgolf ( zijnde de periode bcd ) Het meest juiste antwoord is dus Cy-26pexamens\fve0821.jpg40rknemer moeten zowel de werknemer als de werkgever bepaalde sociale_premies worden afgedragen. Bij de berekening van de totale_loonkosten dient onderscheid gemaakt te worden tussen het werknemersaandeel en het werkgeversaandeel in de sociale_premie(s). Stel dat in een bepaald jaar het werkgeversaandeel in de sociale_premie(s) 7,2 % was van het bruto_inkomen. In dat jaar was het gemiddelde bruto_inkomen van een werknemer EUR 27.000. De loonbelasting die hierover gemiddeld werd betaald was EUR 3.500. Hoeveel bedragen de gemiddelde loonkosten per werknemer per jaar voor een werkgever ?EUR 28.944EUR 32.444 EUR 32.696 Het bruto_inkomen is het inkomen dat de werknemer in handen krijgt vr aftrek van: - loonbelasting(en), en - het werknemersdeel van de sociale_premies Het werkgeversaandeel bedraagt dan 0,072 x 27.000 Euro = 1.944 Euro De gemiddelde loonkosten per werknemer per jaar bedragen voor een werkgever: 27.000 + 1.944 = 28.944 Euro Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640 KK1:5I )-;=    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag23Vraag23De arbeidsinkomensquote ( AIQ ) en de overige_inkomensquote ( OIQ ) zijn belangrijke begrippen in de economie. " De winst(en) van de bedrijven in de marktsector staan al enige jaren onder druk door een flinke toename van de arbeidskosten die niet worden gecompenseerd door een stijging van de arbeidsproductiviteitsontwikkeling / arbeidsproductiviteit " ( Bron: CPB, Macro Economische Verkenning 2003 ) Welk gevolg heeft bovengenoemde ontwikkeling voor de arbeidsinkomensquote ( AIQ ) en de overige_inkomensquote ( OIQ ) ?AIQ en OIQ dalenAIQ daalt en OIQ stijgtAIQ stijgt en OIQ daalt Als de arbeidskosten stijgen en daar geen stijging van de arbeidsproductiviteit tegen over staat, dan neemt de arbeidsinkomensquote toe en nemen de andere quote(s) die zijn gerelateerd aan het nationaal_inkomen, af. Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640teeds verdergaande internationale_economische_samenwerking, wijziging(en) ondergaan. Bij de totstandkoming van volledige integratie tussen de economie(en) van verschillende land(en) zijn diverse stadia te onderscheiden. Wat is de juiste volgorde bij toenemende integratie ? Economische_unie - monetaire_unie - douane_unie - vrijhandelszone Vrijhandelszone - economische_unie - monetaire_unie - douane_unie Vrijhandelszone - douane_unie - economische_unie - monetaire_unie - Internationale_economische_samenwerking: - ter verbetering van de internationale handel - kan worden onderscheiden in, onder meer: 1. vrijhandelszone 2. douane_unie 3. gemeenschappelijke_markt 4. economische_unie 5. economische_eenheid 6. monetaire_unie - waarbij gaan de van 1 naar 6, de samenwerking / integratie steeds intensiever wordt Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640 O5<5I M#%%#    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag25Vraag25M.b.t. de wisselkoers(en) spelen flexibele_wisselkoers, vaste_wisselkoers, stabiele_wissA%;8I AC    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag24Vraag24De economie(en) / handelsbetrekking(en) tussen land(en) kunnen door s?elkoers en beheerst_zwevende_wisselkoers een belangrijke rol. Een regering besloot het systeem van vaste_wisselkoers(en) m.b.t. haar nationale munteenheid los te laten en haar munt te laten zweven. De bevolking. die haar spaargeld en lonen in n klap met een derde in waarde zag verminderen, nam de regering die maatregel niet in dank af Hoe wordt deze koerswijziging van die munt genoemd ?Devaluatie Depreciatie Appreciatie - Depreciatie: - koersdaling van een munt als gevolg van een wijziging in het vrije spel van vraag en aanbod - het betreft een koersdaling bij een flexibel_wisselkoerssysteem / flexibele_wisselkoers of - een daling binnen de bandbreedte van een systeem van stabiele_wisselkoers(en), of beheerst_zwevende_wisselkoers(en) - bij een vaste_wisselkoers treedt dit niet op omdat de centrale_bank(en) daar bereid zijn onbeperkte aankopen of verkopen te verrichten m.b.t. de bereffende valuta Het meest juiste antwoord is dus By-2640 ))S=5I 'OUam    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag26Vraag26M.b.t. de wisselkoers(en) spelen flexibele_wisselkoers, vaste_wisselkoers, stabiele_wisselkoers en beheerst_zwevende_wisselkoers een belangrijke rol. Een regering besloot het systeem van vaste_wisselkoers(en) m.b.t. haar nationale munteenheid los te laten en haar munt te laten zweven. De bevolking. die haar spaargeld en lonen in n klap met een derde in waarde zag verminderen, nam de regering die maatregel niet in dank af Welke invloed heeft deze koerswijziging van de nationale munt op de koopkracht van de bevolking ?Deze stijgt omdat de export daaltDeze stijgt, omdat de inflatie daaltDeze daalt omdat de invoerprijzen stijgen Wegens de depreciatie en de daarmee samenhangende lagere wisselkoers van de nationale munt, moet meer in nationale valuta voor de inportgoederen worden bvetaald en worden importgoederen zodoende duurder Het meest juiste antwoord is dus Cy-264099 de euro zou worden ingevoerd. Tegelijkertijd werd afgesproken om het monetaire_beleid voortaan gemeenschappelijk te bepalen. Welke instantie is belast met de bepaling van het monetaire_beleid ?De Europese_commissie De Europese_rekenkamer De Europese_Centrale_Bank / ECB- Monetaire_beleid: - wordt mee bedoeld: monetaire_beleid van de ECB / ESCB met betrekking tot de Eurozone - heeft als primaire doelstelling: - handhaven van de prijsstabilteit in de Eurozone, dat wil zeggen: - handhaven van de koopkracht van de Euro ofwel de interne_waarde van de Euro, en - houdt zich niet zozeer bezig met de externe_waarde van de Euro ( = wisselkoers ) - dat kan inhouden dat als tot bestrijding van de inflatie een rentevehoging wordt doorgevoerd - de werkgelegenheid kan dalen, waarbij - de bestrijding van de inflatie voorrang heeft boven de werkgelegenheid Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640 5?5I W)    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag28Vraag28Inflatie is een begrip uit de economie waarmee meestal prijsinflatie wordt bedoeld, dat wil zeggen een stijging van het algemeen prijspeil. In een analyse van een vastgoedproject worden, onder meer, de volgende variabele(n) gebruikt: inflatiepercentage, huurprijsontwikkeling, nominale_rente en rele_rente. De inflatie bedroeg vanaf 1974 tot en met 1997 ( 24 jaar ) gemiddeld 3,9 % per jaar. De eerste 14 jaar bedroeg de gemiddelde_inflatie 5 % per jaar. Voor de komende E>5I 9;KY    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag27Vraag27Het monetaire_beleid binnen de Europese_unie wordt uitgevoerd m.b.v. een aantal belangrijk monetaire instrument(en) In 1991 werd in het verdrag van Maastricht bepaald dat per 1 januari 19Creeks van jaren wordt uitgegaan van de gemiddelde_inflatie van de laatste 10 jaar. De huurprijsontwikkeling per m2 is als volgt: 1987 EUR 175 1997 EUR 300 2007 ( schatting ) EUR 400 2015 ( schatting ) EUR 500 2022 ( schatting ) EUR 600 Tussen de opeenvolgende gegeven jaren wordt uitgegaan van een evenredige stijging. Welke periode kent de grootste jaarlijkse nominale_stijging van de huren ? 1997-20072007-20152015-2022De nominale_stijging is de stijging zonder correctie m.b.t. inflatie, dus: - in 1997-2007 ( = 10 jaar ) bedraagt de nominale_stijging per jaar: Euro 100 / 10 jaar = Euro 10 / jaar - in 2007-2015 ( = 8 jaar ) bedraagt de nominale_stijging per jaar: Euro 100 / 8 jaar = Euro 12,5 / jaar - in 2015-2022 ( = 7 jaar ) bedraagt de nominale_stijging per jaar: Euro 100 / 7 jaar = Euro 14,3 / jaar Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640 jaar. Opvallend is het verschil tussen de gemiddelde inflatie van de eerste 14 jaar en de laatste 10 jaar, De eerste 14 jaar bedroeg de gemiddelde inflatie 5 % per jaar. Voor de komende reeks van jaren wordt uitgegaan van de gemiddelde inflatie van de laatste 10 jaar. Naast het begrip nominale rente speelt het begrip rele_rente een grote rol bij de analyse. Waarmee wordt de nominale_rente gecorrigeerd om tot de rele_rente te komen ?Het inflatiecijfer / inflatieDe rente op de staatslening(en)De rentemarge van de bank(en)- Rele_rente: - kent onderscheiden betekenissen: 1. de rente die is gecorrigeerd mb.t. de inflatie, waarbij - de NIET voor inflatie gecorrigeerde rente de nominale_rente wordt genoemd 2. de effectieve_rente ofwel werkelijke_rente die op jaarbasis is verschuldigd, waarbij - de rente die NIET op jaarbasis, maar bijvoorbeeld op maandbasis wordt berekend de nominale_rente wordt genoemd Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640 O@5I aGKGW    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag29Vraag29In een analyse van vastgoedprojecten worden een aantal variabele(n) gebruikt, waaronder: inflatiepercentage, huurprijsontwikkeling, nominale_rente en rele_rente. De inflatie bedroeg vanaf 1974 tot en met 1907 ( 24 jaar ) gemiddeld 3,9 % perF QQ+A5I AACe    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag30Vraag30De maatschappelijke_geldhoeveelheid M1 kan door geldschepping en geldvernietiging onderscheidenlijk toenemen en afnemen. Iemand heeft op korte termijn EUR 10.000,-- nodig om de bouw van een schuur in zijn tuin te financieren. Hij neemt EUR 2.000,-- op van zijn salarisrekening, waarna een positief saldo van EUR 2.500,-- resteert. De rest financiert hij door een persoonlijke_lening bij zijn bank af te sluiten. Met welk bedrag verandert de maatschappelijke_geldhoeveelheid ( M1 ) als gevolg van deze transactie(s) ? M1 stijgt met EUR 2.000,--M1 stijgt met EUR 8.000,--M1 stijgt met EUR 10.000,--Bij het opnemen van de Euro 2.000 wordt giraal_geld in aan chartaal_geld omgezet en veranderd M1 NIET. Bij het lenen van de Euro 8.000,-- van de bank vindt geldschepping plaats waardoor M1 toeneemt Het meest juiste antwoord is dus By-2640geldmarkt en de kapitaalmarkt zijn verschillende markt(en) met eigen kenmerk(en). Wat is het onderscheid tussen de geldmarkt en de kapitaalmarkt ?De omvang van de verhandelde product(en), te weten kredietsom(men) onder en boven EUR 1.000.000,--De verschillende als vrager(s) opererende marktpartij(en), te weten de overheid respectievelijk het particuliere bedrijfsleven De ( resterende ) looptijd van de verhandelde titel(s), namelijk tot en met twee jaar respectievelijk langer dan twee jaar - Geldmarkt: - vormt tezamen met de kapitaalmarkt een onderdeel van de financile_markt ofwel vermogensmarkt - abstracte_markt voor financile_transactie(s) betreffende vermogenstitel(s) met een looptijd korter dan 2 jaar - Kapitaalmarkt: - vormt tezamen met de geldmarkt een onderdeel van de financile_markt ofwel vermogensmarkt - abstracte_markt voor financile_transactie(s) betreffende vermogenstitel(s) met een looptijd langer dan 2 jaar Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640 yyPD8I eQ K    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag33Vraag33M.bMC6I ;o}=G    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag32Vraag32M.b.t. de rente kunnen een aantal type(n) rentestructuur wordenLVB8I 9Q     - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag31Vraag31De I 1] 9e.Kb}+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag27+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag28+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag29+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag30+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag31+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag32+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag33+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag34+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag35+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag36+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag37+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag38+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag39+I- Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag400001adminDefinitie'0001bouwkundeDefinitie0001ecoDefinitie#0001privaatDefinitie#0001publiekDefinitie0002adminDefinitie'0002bouwkundeDefinitie0002ecoDefinitie#0002privaatDefinitie onderscheiden. In het begin van de jaren negentig kende Nederland een omgekeerde_rentestructuur. Wanneer is sprake van een omgekeerde rentestructuur ?Als de rele_rente hoger is dan de nominale_renteAls de geldmarktrente hoger is dan de kapitaalmarktrenteAls de betaalde_rente op een bankkrediet lager is dan de ontvangen_rente op een deposito- Omgekeerde_rentestructuur: - een type rentestructuur, waarbij - de geldmarktrente hoger is dan de kapitaalmarktrente - normaal gesproken is de geldmarktrente lager dan de kapitaalmarktrente, immers - een lange_termijn lening ( kapitaalslening ) brengt voor de crediteur ( = geldschieter ) onzekerheid mee dan een ( korte_termijn ) geldlening, want - op de lange_termijn kan het rentepeil stijgen, of - kan de inflatie toenemen, waarbij - de wat hogere rente op langlopende leningen dus een vergoeding voor dit risico is Het meest juiste antwoord is dus By-2640.t. de rente kunnen een aantal type(n) rentestructuur worden onderscheiden. De geldmarktrente in de Verenigde Staten lag op een bepaald moment onder het niveau van de geldmarktrente in de Europese_Unie. Een daarop volgende koersstijging van de euro ten opzichte van de dollar heeft geleid tot een renteverlaging door de Europese_Centrale_Bank / ECB. Hoe leidt een renteverlaging door de ECB tot een koersdaling van de euro ?Er wordt minder in eurodeposito(s) belegd, waardoor het aanbod van euro(s) op de valutamarkt daaltDe investering(en) in de Europese_Unie worden afgeremd waardoor de export van kapitaal naar de Verenigde Staten stagneertHet verschil met de geldmarktrente in de Verenigde Staten wordt kleiner waardoor het aanbod van euro(s) op de valutamarkt stijgtAls de rente op eurodeposito(s) daalt dan wordt er minder in eurodeposito(s) belegd en komen er meer Euro(s) beschikbaar op de markt / valutamarkt ofwel het aanbod van Euro(s) neemt toe Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640 ooF8I E!#    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag35Vraag35KosOE6I }]q]    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag34Vraag34De geldmarkt en de kapitaalmarkt zijn verschillende markt(en) met eigen kenmerk(en).. De kapitaalmarktrente weerspiegelt in welke mate de marktpartij(en) willen sparen en lenen voor de lange_termijn. Welke van de volgende factor(en) veroorzaakt een neerwaartse druk op de kapitaalmarktrente ( ceteris_paribus ) ?Een dalend begrotingstekort van het RijkEen stijgende bezettingsgraad in het bedrijfslevenEen dalende ruilvoet ( prijspeil export / prijspeil import )- Als het begrotingstekort van het Rijk daalt, neemt de vraag naar geld af en komt er meer geld beschikbaar op de financile_markt dat moet worden ondergebracht, waardoor de rente zal dalen Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640ten kunnen op een aantal manier(en) met de omvang van de productie samenhangen: lineair en niet-lineair. De kostenontwikkeling bij een productieproces kent in de algemene_economie een drietal variant(en). die aangeduid worden met de begrippen proportioneel, progressief en degressief. Welke voorwaarde is noodzakelijk, wil er bij een toenemende productieomvang sprake zijn van een degressief_kostenverloop ?Als bij een toenemende waarde van Q de marginale_kosten dalenAls bij een toenemende waarde van Q de totale_kosten dalenAls bij een toenemende waarde van Q de gemiddelde_constante_kosten dalen. - Bij een toenemende productie zullen in de regel de bijbehorende kosten stijgen, waaronder de totale_kosten. - Echter, wanneer de marginale_kosten dalen zullen de totale_kosten minder dan proportioneel ofwel minder dan lineair stijgen, zodat er sprake is van een degressief_kostenverloop Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640agcurve wordt ook wel de afzetcurve ofwel prijs-afzetlijn ofwel prijs-afzet_vergelijking ofwel vraagvergelijking genoemd. Bij de bepaling van de vraagcurve wordt de ceteris_paribus-voorwaarde gehanteerd. Welke factor is de oorzaak van een verschuiving naar rechts van de vraagcurve van koopwoning(en) ( waarbij de prijs van de koopwoning op de verticale as en de hoeveelheid op de horizontale as is verondersteld ) ?Stijging van de hypotheekrenteStijging van de huren Stijging van het huurwaardeforfait Als de vraagcurve naar rechts verschuift dan betekent dit: - dat de vraag toeneemt bij gelijkblijvende prijs - dat de vraag gelijk blijft bij stijgende prijs In deze opgave betekent dit dat de vraag naar koopwoning(en) toeneemt, en - dat zal optreden als de huren stijgen, en - daardoor een huurwoning relatief onaantrekkelijker wordt en de vraag daarnaar zal dalen Het meest juiste antwoord is dus By-2640 VV/H5I     - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag37Vraag37Een vraagcurve wordt ook wel afzetcurve ofwel prijs-afzetlijn ofwel prijs-afzet_vergelijking ofwel vraagvergelijking genoemd. De vraag naar een artikel kan worden weergegeven door de vraagvergelijking Qv = - P + 45. P is de prijs in euro(s) en Q is het aantal in tienduizenden. Een artikel wordt verkocht voor de prijs van EUR 15 per stuk. Er vindt een prijsverhoging plaats omdat een nieuwe belasting wordt doorberekend in de verkoopprijs waardoor de vraag naar diRG5I [I9Sq    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag36Vraag36De vraPt artikel afneemt tot 277.500 stuk(s). Hoeveel bedraagt de prijselasticiteit van de vraag naar dit artikel ?- 0,1 - 2 - 0,5 - Prijselasticiteit: - eerst de nieuwe prijs p1 bereken met Qv = - P + 45 ==>> 27,75 = - P + 45 ==>> P = p1 = 17, 25 - dan invullen in de onderstaan de formule: relatieve_verandering van de vraag naar een goed ( q1 - q0 ) / q0 Ev = ----------------------------------------------------------------------------------------- = ------------------------------------- relatieve_verandering van de prijs van dat goed ( p1 - p0 ) / p0 De oude afzet q0 bedroeg op grond van Qv = - P + 45 = - 15 + 45 = 300.000 bij een prijs van 15 Euro per stuk; de nieuwe afzet bedraagt 277.500 bij Euro 17,25 per stuk. Invullen geeft Ev = ( ( 277.500 - 300.000 ) / 300.000 ) / ( (15 - 17,25 ) / 15 ) = - 0,5 Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640Elastische_vraag Neutrale_vraag Inelastische_vraag Eerst dient de prijselasticiteit Ev te worden berekend, waarbij invullen van p1 = 0,9 p0 , en q1 = 1,08 q0 , geeft: relatieve_verandering van de vraag naar een goed ( q1 - q0 ) / q0 Ev = ----------------------------------------------------------------------------------------- = ------------------------------------- relatieve_verandering van de prijs van dat goed ( p1 - p0 ) / p0 0,08q0 / q0 0,08 = ---------------------------- = ---------------------------- = - 0,8 - 0,1 p0 / p0 - 0,1 - Inelastische_vraag: - de situatie waarbij de prijselasticiteit van de vraag Ev tussen 0 en - 1 ligt, dus waarbij: - 1 < Ev < 0 Het meest juiste antwoord is dus Cy-2640 /J5I     - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag39Vraag39De kosUI5I S/+3    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag38Vraag38Prijsconcurrentie is een vorm van concurrentie, die kan optreden als interne_concurrentie, externe_concurrentie, potentile_concurrentie, etc. Ook binnen de makelaardij neemt de prijsconcurrentie toe. Agressie nieuwe aanbieder(s) proberen via lage tarieven klant(en) te lokken. Makelaardij o.z. Jansen vraagt zich af of het verstandig is mee te gaan met deze prijsverlaging(en). Het bedrijf besluit de tarieven met 10 % te verlagen en na een jaar te meten welke gevolg(en) dit heeft gehad voor de afzet. Na een jaar blijkt dat de afzet als gevolg van de tariefsverlaging is gestegen met 8 %. Hoe kan de vraag naar makelaarsdienst(en) voor deze makelaardij worden getypeerd ?Sten van de productie kunnen worden onderscheiden in, onder meer, variabele_kosten, constante_kosten en totale_kosten. Van een bepaald bedrijf is met betrekking tot het kostenverloop het volgende bekend. Bij de productie van 1.000 eenheden bedragen de totale_kosten EUR 50.000,-- . Bij de productie van 1.200 eenheden bedragen de totale_kosten EUR 58.000,-- . De totale_kosten bestaan uit vaste_kosten en variabele_kosten. Bereken de gemiddelde_constante_kosten bij de productie van 1.000 eenheden.EUR 10 EUR 40 EUR 50 De variabele_kosten noemen we X, de constante_kosten noemen we Y, waarbij X + Y = totale_kosten. De extra 200 eenheden voor Euro 8.000 betreffen alleen de variabele_kosten X, zodat X = 8.000 / 200 = 40 Euro per eenheid invullen in 1.000 X + 1.000 Y = 50.000 geeft 1,000 x 40 + 1.000 Y = 50.000 ==>> 40.000 + 1.000 Y = 50.000 ==>> 1.000 Y = 10.000 ==>> Y = 10 Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640 ,K5I %%#Q    - Examen Vastgoedeconomie 2008Vraag40Vraag40De jaarlijkse vraag naar en het aanbod van een bepaald type woning(en) in Nederland kan worden weergegeven met de volgende vraagvergelijking Qv onderscheidenlijk aanbodvergelijking Qa, waarbij Qv = - 0,8 P + 168 en Qa = 0,4 P - 72 Q is het aantal woning(en) x 10.000 en P is de prijs van een woning x EUR 1.000. Hoe groot is de evenwichtsprijs die op de markt tot stand komt ?EUR 200.000 EUR 195.000 EUR 210.000De evenwichtsprijs komt tot stand bij Qv = Qa, dus bij: Qv = - 0,8 P + 168 = Qa = 0,4 P - 72 ==>> - 0,8 P + 168 = 0,4 P - 72 ==>> - 1,2 P = - 240 ==>> P = 240 / 1,2 = 200 De evenwichtsprijs is dan 200 x Euro 1.000 = 200.00 Euro Het meest juiste antwoord is dus Ay-2640 N4 [K  '  0001ecoDefinitieVolksverzekering, BedrijfsadministratieTESTpagina economie - Zie: Algemene_ouderdomswet eco intypen bij examenbegrippen om de groene knoppen te zien opkomen- bedrijfswaarde - 0002ecoyyeconomie testEco5I01(M4' [W )  0001bouwkundeDefinitieVolksverzekering, BedrijfsadministratieTESTpagina economie - Zie: Algemene_ouderdomswet BOU intypen bij examenbegrippen om de groene knoppen te zien opkomen- bedrijfswaarde - 0002bouwkundeyybouwkunde testBou6I01]L4 5;  9 # 0001adminDefinitieBedrijfsdministratieTESTPAGINAadmin adm intypen bij examenbegrippen om de groene knoppen te zien opkomen0002adminyyaaazzzxwee4sssssssssssadm,Mak6I40 n.R3' [wW  ) ///// 0002bouwkundeDefinitieVolksverzekering, BedrijfsadministratieTESTpagina economie - Zie: Algemene_ouderdomswet- bedrijfswaarde - 0001bouwkundeybouwkunde testbouw\dsc02515.jpgbouw\dsc02516.jpgbouw\dsc02520.jpgbouw\dsc02521.jpgbouw\dsc02522.jpgvQ3 5+   0002adminDefinitieBedrijfsdministratieTESTPAGINAadmin0001adminyTEST'P4# #  %  0001publiekDefinitie- Dit is slechts een testonderwerp voor de module publiekrecht0002publieknyyTEST publiekMak6I01cO4# }#  )  0001privaatDefinitie- Dit is slechts een testonderwerp voor de module privaatrecht TESTTESTTESTTESTTESTTESTTESTTESTTESTTESTTESTTESTTESTTEST0002privaatyny TEST privaatMak6I01 B/B;V3' mm   + 1e_verdiepingDefinitieVerdieping, Etage, Tekening, Bouwplan, Bouwkunde- 1e_verdieping: - zie: Eerste_verdiepingnyBou5I03,Bou4I16yU4# #  0002publiekDefinitie- Dit is slechts een testonderwerp voor de module publiekrecht0001publieknyT4# #  0002privaatDefinitie- Dit is slechts een testonderwerp voor de module privaatrecht0001privaatynMS3 [wK  ) 0002ecoDefinitieVolksverzekering, BedrijfsadministratieTESTpagina economie - Zie: Algemene_ouderdomswet- bedrijfswaarde - 0001ecoybouwkunde test ;W5# e% {   20/80_regelDefinitieProductontwikkeling, Product, Groeistrategie- 20/80_regel: - een type regel, welke - stelt dat: 20 % van de product(en) / artikel(en) 80 % van de omzet bepaalt, waarbij - die 20 % van de prodcut(en) het kernassortiment word genoemd, en waarbij - de overblijvende 80 % van de product(en) het randassortiment wordt genoemd- zie ook: - 20/80_regel - kernassortiment - randassortiment - assortimentnyy OX41)u}     290_bedrijfsruimteDefinitieBW 7:290 - 310Huurrecht, Huurovereenkomst, Bijzondere_overeenkomst- 290_bedrijfsruimte: - wordt ook wel middenstandsbedrijfsruimte ofwel bedrijfsruimte genoemd, waarbij - onder bedrijfsruimte volgens de wet ook nog overige_bedrijfsruimte ( BW 7:230a ) wordt begrepen, want - de wet spreekt alleen van bedrijfsruimte ( BW 7:290 e.v. en BW 7:230a ), en - dat omvat dus alle bedrijfsruimte(n) zijnde: 290_bedrijfsruimte ofwel middenstandsbedrijfsruimte ( BW 7:290 e.v. ) en overige_bedrijfsruimte ( BW 7:230a ) - zie verder daartoe: huur_van_middenstandsbedrijfsruimte ( BW 7:290 e.v ) - zie ook: huur van overige_bedrijfsruimte ( BW 7:230a )ynyyyy pZ4[ a   )  ///// 2_laags_bitumineus_dakbedekkingssysteemDefinitieDakbedekking, Dak, Kap, Kapplan, Bouwkunde- 2_laags_bitumineus_dakbedekkingssysteem: - een vorm van bitumineuze_dakbedekking, die - bestaat uit een: - bitumineuze_dakrol_onderlaag en een - bitumineuze_dakrol_bovenlaag ybouwkunde testybouw\dsc00580.jpgbouw\dsc00604.jpgbouw\dsc00623.jpgbouw\dsc00628.jpgbouw\dsc00874.jpgRY5 k 5   2_extra_PDefinitie4P_model, Marketingmix, Marketingonderzoek, Marktonderzoek, Marketing- 2_extra_P: - zie: Uitgebreide_4P_model- zie ook: - 4P - 4P_model - 2_extra_P - uitgebreide_4P_model - 3Rnyy UU'[63 Y-q   )  1 2_x_halfsteens_muurDefinitieMuur, Bouwelement, Bouwdeel, Bouwkunde- 2_x_halfsteens_muur: - een type muur , die - een twee halve_steen / twee kop(pen) + 1 voeg dik is - en daarmee ca. 210 mm dik bij waalformaat baksteen - kan voorkomen bij een: - tuinmuur - scheidingsmuur - bij een 2_x_halfsteens_muur kunnen de volgende metselverband(en) worden toegepast: - halfsteensverband - klezorenverband - wildverband - zie ook: - halfsteens_muur - steens_muur - anderhalfsteens_muur - tweesteens_muur - 2_x_halfsteens_muur - dikke_muur - klampmuur - spouwmuur - dragende_muur ofwel draagmuur - scheidende_muur ybouwkunde testBou4I07bouw2\dsc00296.jpg /1~/C^6 u  4C_modelDefinitie4P_model, Marketingmix, Marketingonderzoek, Marktonderzoek, Marketing- 4C_model: - een aanvulling / vervanging van het 4P_model - meer gericht op de behoefte(n) klant i.p.v. gericht op de product(en) vanuit de leverancier - een modela']7 Ae 5   3RDefinitieDistributiekanaal, Distributie_structuur, Distributie, Plaatsbeleid, Product, Marketingmix- 3R: - v_K\4' m)    2e_verdiepingDefinitieVerdieping, Etage, Tekening, Bouwplan, Bouwkunde- 2e_verdieping: - de bouwlaag die boven de eerste_verdieping is gelegennyyormt de tweede taak van de marketing en - betreft alle andere planmatige activiteit(en) om de afzet te verhogen, waarbij - de relatie(s) van de leverancier(s) met hun klant(en) centraal staan, en waarbij - de accountmanager van de leverancier een belangrijke rol speelt, dus - relatiegerichte_marketing ofwel relatiemarketing - speelt zich af naast de eerste taak van de marketing ( volgens de 4P(s) ), zijnde - primair de bevordering van de omzet, welke - voornamelijk transactiegericht ( transactiemarketing) is ( en NIET in de eerste plaats relatiegericht ) - de 3R(s) kunnen worden onderscheiden in: 1. ruiltransactie(s) bevorderen 2. goede reputatie vestigen 3. duurzame relatie(s) met klant(en) tot stand brengen- zie ook: - 4P - 4P_model - 2_extra_P - uitgebreide_4P_model - 3Rnyy "Ps*@Wo%8av'1e_verdiepingDefinitie#20/80_regelDefinitie!1290_bedrijfsruimteDefinitie2_extra_PDefinitie6[2_laags_bitumineus_dakbedekkingssysteemDefinitie"32_x_halfsteens_muurDefinitie'2e_verdiepingDefinitie3RDefinitie4C_modelDefinitie4PDefinitie4P_modelDefinitie'4_mm_dik_glasDefinitie6P_modelDefinitieADefinitieA(n\p)DefinitieA-tafelDefinitieABC_akteDefinitie%ABC_contractDefinitie-ABC_overeenkomstDefinitieAHRDefinitie!AIDA_modelDefinitieAIQDefinitieAKRDefinitieAMvBDefinitieAOWDefinitieAPPDefinitie(?APP_gemodificeerd_bitumenDefinitieARRvSDefinitieAVADefinitieAVBDefinitieAWBZDefinitieA_MerkDefinitieA_pariDefinitie#5Aanbesteden_van_werkDefinitie met vier variabele(n) of ingredint(en) die marketeers kunnen gebruiken bij het opstellen van een marketingplan - deze variabelen zijn: 1. customer_solution ( i.p.v. product bij het 4P_model ) - consumentenoplossing 2. cost_to_the_customer ( i.p.v. prijs bij het 4P_model ) - een aantrekkelijke prijs-kwaliteitverhouding, met veel keuzemogelijkheden en afgestemd op verschillende doelgroepen 3. convenience ( i.p.v. plaats bij het 4P_model ) - gemak van de klant - redenen voor de klant om te kiezen voor een dienst of product 4. communication ( i.p.v. promotie bij het 4P_model ) - duidelijkheid over de dienstverlening - mogelijkheden om vragen te stellen - suggesties te doen en klachten in te kunnen dienen. ny ;`7 O 5   4P_modelDefinitieMarketingmix, Marketingonderzoek, Marktonderzoek, Marketing- 4P_model: - een model met vier variabele(n) of ingredint(en) die marketeers kunnen gebruiken bij het opstellen van een marketingplan, zoals: - product - met het bijbehorende productbeleid - prijs - met hc1_5 K 5   4PDefinitieMarketingmix, Marketingonderzoek, Marktonderzoek, Marketing- 4P: - zie: 4P_model - zie ook: - 4P - 4P_model - 2_extra_P - uitgebreide_4P_model - 3Rnyyet bijbehorende prijsbeleid - plaats - met het bijbehorende plaatsbeleid - promotie - met het bijbehorende promotiebeleid - is later, m.b.t. dienst(en) en (detail)handel, uitgebreid met extra P$s om tekortkoming(en) in het 4P_model te ondervangen, leidende tot het zogenoemde uitgebreide_4P_model, waaronder: - personeel ( zie daartoe ook: marketingmix_bij_diensten ) - met het bijbehorende personeelsbeleid - presentatie - physical ( = fysieke_distributie ) - parkeren - is later ook aangevuld / vervangen door de zogenoemde paralelle_C$s ofwel het 4C_model, waarbij de consument ( nog ) meer centraal is gesteld- zie ook: - 4P - 4P_model - 2_extra_P - uitgebreide_4P_model - 3Rnyy .Y.nd6 ukkk  W A(n\p)DefinitieS(n\p), Financile_rekenkunde, Bede8c4 EC    ADefinitieGrootte, Bouwkunde, Kadaster- A: - afkorting van are - betreft een oppervlak met een oppervlakte van 100 m2yyyPb5 i 5   6P_modelDefinitie4P_model, Marketingmix, Marketingonderzoek, Marktonderzoek, Marketing- 6P_model: - zie: Uitgebreide_4P_model- zie ook: - 4P - 4P_model - 2_extra_P - uitgebreide_4P_model - 3RnyyOa4' i   ) 4_mm_dik_glasDefinitieGlasvormgeving, Glas, Bouwmateriaal, Bouwkunde- 4_mm_dik_glas: - een primair_glas dat bestaat uit een enkele laag glas - heeft een dikte van 4 mm - kan worden verwerkt tot, onder meer: - dubbelglas - etc. ybouwkunde testfrijfsadministratie- A(n\p): - wordt ook wel geschreven als: a(n\p) - is de vermenigvuldigingsfactor die wordt gebruikt om: - het beginkapitaal K(o), de zogenoemde koopsom, te berekenen - die nu middels een eenmalige_storting moet worden gestort om - na een periode van n jaren - en met een rentepercentage van p % - met samengestelde_interest - een gewenst eindkapitaal K(n) te verkrijgen - wordt gebruikt om bijvoorbeeld de contante_waarde van een ( toekomstig ) kapitaal uit te rekenen, waarbij - de betreffende A(n\p) waarde(n) zijn te vinden in de zogenoemde A-tafel(s) van de zogenoemde rentetabel(len), en waarbij - die vermenigvuldigingsfactor(en) A(n\p) die in de zogenoemde A-tafel(s) zijn opgeslagen, worden uitgerekend volgens: A(n\p) = 1 / S(n\p) = 1 / ( 1 + p / 100 ) **n = 1 / g ( 1 + i ) **n waarbij: - A(n\p) is de gewenst / resulterende vermenigvuldigingsfactor - p is het perunage ( rentepercentage x 100 ) - i het rentepercentage zelf - n is de periode ( de looptijd ) waarop het rentepercentage betrekking heeft, en waarbij - **n betekent: een getal verheven tot de macht n , bijv. 2**3 betekent 2 tot de macht 3 en is dus gelijk aan 8 - Zie voor rekenvoorbeeld onder de rode knopyny REKENVOORBEELDEN -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- CASUS 1 - Een firma heeft over 5 jaar een kapitaal K(n) van Euro 75.000 nodig voor het plegen van noodzakelijk onderhoud aan het bedrijfspand van de onderneming - Welk bedrag K(o) ( de koopsom ) moet nu worden vastgezet om dat gewenste kapitaal over 5 jaar (n) te hebben ? - bij een rente p vanh 6 % per jaar BEREKENING 1 - De te gebruiken formule is: koopsom = K(o) = K(n) x A(n\p) = 75.000 x A(5\6) = 75.000 x 0,747258 = 56.044,35 Euro -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- CASUS 2 - Een onderneming heeft een bedrag van Euro 10.000 en wil daar over 20 jaar Euro 50.000 van hebben gemaakt - Tegen welk rentepercentage dient dat bedrag nu te worden vastgezet - de betreffende verzekeringsmaatschappij houdt aan het begin Euro 1000,- aan eenmalige kosten in BEREKENING 2 - Het werkelijk te beleggen kapitaal bedraagt dus Euro 10.000 - Euro 1.000 ( kosten ) = Euro 9.000 - De te gebruiken formule is: koopsom = K(o) = K(20) x A(n\p) = 9.000 = 50.000 x A(7\p), waaruit volgt - A(7\p) = 9.000 / 50.000 = 0,18 - door opzoeken in de diverse A-tafels bij de periode 20 jaar wordt de dichtsbijzijnde A-waarde gevonden - dat is in de A-tafel van 9 % waarbij A(9\20) = 0,1784 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- CASUS 3 - Een onderneming beschikt over Euro 12.000 die tegen 8 % rente kan worden vastgezet - Hoe lang moet dit bedrag ( de koopsom ) worden vastgezet ( looptijd ) als de onderneming op enig moment Euro 5.000 wenst te hebben en bij aanvang 750 Euro aan eenmalige_kosten door de verzekeraar wordt ingehouden ? BEREKENING 3 - De te gebruiken formule is: koopsom = K(o) = K(n) x A(n\p) = 11.250 = 50.000 x A(n\8) en waaruit volgt: A(n\8) = 0,225 - door in de A-tafel van 8 % te zoeken welke A(n\8) kleiner is dan 0,225 , wordt een looptijd van circa 20 jaar gevondenk Bedrijfsadministratie- A-tafel: - NIET te verwarren met de a-tafel ( kleine letter a ) - de A-tafel bevat de vermenigvuldigingsfactoren A(n\p) die kunnen worden gebruikt om: - het beginkapitaal K(o), de zogenoemde koopsom, te berekenen - die op enig moment middels een eenmalige_storting moet worden gestort om daarna: - na een periode van n jaren - met een rentepercentage van p % over die periode - en met samengestelde_interest - een gewenst eindkapitaal K(n) te verkrijgen, waarbij - de vermenigvuldigingsfactor(en) A(n\p) - die in de zogenoemde A-tafel(s) van de rentetabel(len) zijn opgeslagen en daar kunnen worden opgezocht - kunnen worden berekend volgens: A(n\p) = 1 / S(n\p) = 1 / ( 1 + p / 100 ) **n = 1 / ( 1 + i ) **n waarbij: - A(n\p) is de gewenst ikl*p**q***w****z}*******************************    !%#)'),0-.3164l/ resulterende vermenigvuldigingsfactor - p is het perunage ( rentepercentage x 100 ) - i het rentepercentage zelf - n is de periode ( de looptijd ) waarop het rentepercentage betrekking heeft, en waarbij - **n betekent: een getal verheven tot de macht n , bijv. 2**3 betekent 2 tot de macht 3 en is dus 8 - de A-tafel(s) zijn te vinden in de zogenoemde rentetabel(len) - zie voor rekenvoorbeeld onder de rode knop - zie ook: - a-tafel - A-tafel - s-tafel - S-tafelyny REKENVOORBEELDEN -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- CASUS 1 - Een firma heeft over 5 jaar een kapitaal K(n) van Euro 75.000 nodig voor het plegen van noodzakelijk onderhoud aan het bedrijfspand van de onderneming - Welk bedrag K(o) ( de koopsom ) moet nu worden vastgmezet om dat gewenste kapitaal over 5 jaar (n) te hebben ? - bij een rente p van 6 % per jaar BEREKENING 1 - De te gebruiken formule is: koopsom = K(o) = K(n) x A(n\p) = 75.000 x A(5\6) = 75.000 x 0,747258 = 56.044,35 Euro -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- CASUS 2 - Een onderneming heeft een bedrag van Euro 10.000 en wil daar over 20 jaar Euro 50.000 van hebben gemaakt - Tegen welk rentepercentage dient dat bedrag nu te worden vastgezet - de betreffende verzekeringsmaatschappij houdt aan het begin Euro 1000,- aan eenmalige kosten in BEREKENING 2 - Het werkelijk te beleggen kapitaal bedraagt dus Euro 10.000 - Euro 1.000 ( kosten ) = Euro 9.000 - De te gebruiken formule is: koopsom = K(o) = K(20) x A(n\p) = 9.000 = 50.000 x A(7\p), waaruit volgt - A(7\p) = 9.000 / 50.000 = 0,18 - door opzoeken in de diverse A-tafels bij de periode 20 jaar wordt de dichtsbijzijnde A-waarde gevonden - dat is in de A-tafel van 9 % waarbij A(9\20) = 0,1784 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- CASUS 3 - Een onderneming beschikt over Euro 12.000 die tegen 8 % rente kan worden vastgezet - Hoe lang moet dit bedrag ( de koopsom ) worden vastgezet ( looptijd ) als de onderneming op enig moment Euro 5.000 wenst te hebben en bij aanvang 750 Euro aan eenmalige_kosten door de verzekeraar wordt ingehouden ? BEREKENING 3 - De te gebruiken formule is: koopsom = K(o) = K(n) x A(n\p) = 11.250 = 50.000 x A(n\8) en waaruit volgt: A(n\8) = 0,225 - door in de A-tafel van 8 % te zoeken welke A(n\8) kleiner is dan 0,225 , wordt een looptijd van circa 20 jaar gevonden Ce8 wyA7  W A-tafelDefinitieS-tafel, Financile_rekenkunde,iWvgem_) - Een ABC_akte kan voorkomen bij een koop-_en_aannemingsovereenkomst, bijvoorbeeld: - A heeft een stuk grond in eigendom waarop aannemer B in opdracht van C een huis gaat bouwen - in de regel zal B de economische_eigendom van A verkrijgen ( via koop ) zodat B kan bouwen - C koopt dan later zowel de grond en de woning van B zonder dat B de juridische_eigendom van de grond heeft - op het moment dat de woning van B aan C wordt overgedragen, draagt A de juridische_eigendom van de grond aan A over - deze ABC_constructie kan gevaarlijk zijn als A gedurende de bouw failliet gaat en de grond in de failliete_boedel valt - een dergelijke constructie wordt daarom alleen maar gebruikt als A een gemeente is - op die manier blijft een gemeente partij en kan toezicht houden opdat de woning volgens de voorschrift(en) wordt gebouwdyyy 66>f5 %W   ABC_akteDefinitieAkte- ABC_akte: - wordt ook wel ABC_overeenkomst ofwel ABC_contract genoemd - een type akte, waarbij - A een onroerende_zaak verkoopt aan B terwijl A juridische_eigenaar blijft en B de economische_eigenaar wordt - nu verkoopt B de onroerende_zaak weer door aan C, waardoor C de economische_eigenaar wordt en - A nog steeds de juridische_eigenaar blijft - de juridische_eigendom van de onroerende_zaak kan nu in een keer van A naar C worden overgedragen - de ABC_akte moet zowel de verkoopprijs tussen A en B als die tussen B en C bevatten - het laten registreren van de koopakten geeft partijen de mogelijkheid te bewijzen wanneer de kopen gesloten zijn - dit laatste kan van belang zijn i.v.m. een mogelijke claim van een gemeente op grond van de Wet_voorkeursrecht_gemeenten_(_o U3k4 Ko M  AIQDefinitieEconomie, Bedrijfsadministratie- AIQ: - afkorting van arbeidsinkomensquote- zie ook: - quote - grondquote - arbeidsinkomensquote - overige_inkomensquoteyyyj6! ?q e   AIDA_modelDefinitiePromotie_&_reclamemodellen, Prr>h3) 7  AanbodinflatieDefinitieEconomie- Zie: Kosteninflatiey 6' W[m  AanbodfunctieDefinitieVraagfunctie, Vraag, Aanbod\7# Sc5a  AanbodcurveDefinitieVraagcurve, Aanbod, Vraag, Economie- Aanbodcurve: - de grafische weergave van de hoeveelheden van een bepaald goed ( product of dienst ) die op een bepaald moment of gedurende een bepaalde periode door de gezamenlijke aanbieder(s) bij verschillende prijzen ( zouden kunnen ) worden aangeboden - er kunnen worden onderscheiden: - individuele_aanbodcurve - collectieve_aanbodcurve - de mate waarin de relatieve verandering van het aanbod reageert op een relatieve verandering van de prijs wordt de elasticiteit genoemd - in het algemeen zullen aanbieder(s) meer van bepaalde goederen (, Economie- Aanbodfunctie: - het verband tussen de aangeboden hoeveelheid van een goed en de factor(en) in de markt die deze hoeveelheid bepalen - vooral de kostprijs van het betrokken goed en het inkomen van de consument(en) spelen hierbij een rol - bij een gegeven kostprijs van het betrokken goed is de prijs van het goed de bepalende factor - als de aanbodfunctie wordt uitgedrukt in term(en) van geld ( de prijs ) wordt dit de: - aanbodcurve genoemd- De mate waarin de relatieve verandering van de vraag reageert op een relatieve verandering van de prijs wordt de elasticiteit genoemd - Het snijpunt van de vraagcurve en de aanbodcurve wordt de marktprijs of evenwichtsprijs genoemd- Voor een gedetailleerde grafische voorstelling van de situatie(s) op de markt in het geval van aanbod, zie onder de rode knop y 1Rh.Kh5]%AanbestedingDefinitie#5AanbestedingsperiodeDefinitieAanbiederDefinitie!1AanbiedingsmethodeDefinitie /AanbiedingsplichtDefinitieAanbodDefinitie#AanbodcurveDefinitie'AanbodfunctieDefinitie)AanbodinflatieDefinitieAanbouwDefinitieAandeelDefinitie"3Aandeel_aan_toonderDefinitie+Aandeel_op_naamDefinitie'AandeelbewijsDefinitie'AandeelhouderDefinitie%9AandeelhoudersregisterDefinitie(?AandeelhoudersvergaderingDefinitie AandelenDefinitie #5Aandelen_aan_toonderDefinitie !1Aandelen_geplaatstDefinitie -Aandelen_gestortDefinitie '=Aandelen_in_portefeuilleDefinitie&;Aandelen_nog_te_stortenDefinitie-Aandelen_op_naamDefinitie+AandelenemissieDefinitie'AandelenfondsDefinitie-AandelenkapitaalDefinitie dm4 77     AandeelDefinitieBedrijfsadministratie- Aandeel: - heeft onderscheiden betekenissen: 1. rechthebben op een gedeelte van een vermogen / gemeenschap 2. aandeel in een vennotschap - zie verder daartoe: AandelenyyynnPri5II46,Pri5II47,Adm5I11,Adm5I14,Adm5I15,Adm5I16,Adm5I17y5 7K   )  AanbouwDefinitieActiviteit, Bouwkunde- Aanbouw: - wordt ook wel uitbouw genoemd - een type bouwactiviteit: - betreft het bouwen van een bouwwerk tegen / aan een bestaand bouwwerk - zie ook: - bouwactiviteit - nieuwbouw - aanbouw - verbouw - renovatieybouwkunde testBou4I11y %%i4+)/o    Aandeel_op_naamDefinitieBW 2:82, 2:194Aandelen_aan_toonder, Aandelen, Aandelenkapitaal, Dividend, Bedrijfsadministratie- Aandeel_op_naam: - zie: aandelen_op_naamyyyynPri6I46,j43'    Aandeel_aan_toonderDefinitieBW 2:82Aandelen_op_naam, Aandelen, Aandelenkapitaal, Dividend, Bedrijfsadministratie- Aandeel_aan_toonder: - zie: aandelen_aan_toonderyyyynPri6I46, /4' I   AandeelbewijsDefinitieAandeel, Bedrijfsadministratie- Aandeelbewijs: - een document waarop het recht op een evenredig deel van het kapitaal van een vennootschap is vermeld - komt alleen voor bij: - aandelen_aan_toonder - certificaat_van_aandeel_aan_toonder - komt niet voor bij aandelen_op_naam ( BW 2:175-1 ), want - die aandelen zijn niet vrij-overdraagbaar - die aandelen zijn in het aandeelhoudersregister van de vennootschap vermeld yyynn zz6' 5 A     AandeelhouderDefinitieAandelen, Ondernemer- Aandeelhouder: - degene die aandelen houdt in een vennootschap - Aandeelhouder(s) zijn / kunnen: - aansprakelijk tot het nominaal_bedrag van hun aandeel - ze kunnen dus maximaal dat geld verspelen waarvoor ze het aandeel / aandelen verkregen hebben - profiteren van koersstijging(en), of - nadeel hebben van koersdaling(en) - meedelen in de winst van de onderneming ( dividend ) - zeggenschap uitoefenen in de Algemene_vergadering_van_aandeelhouders - bij een grote_vennootschap of structuurvennootschap is een deel van de macht verschoven naar de ( dan verplichte ) RvC- Zie ook: holding_companyynynPri5II07,Pri5II46,Pri5II50,Adm5I11,Adm5I12,Adm5I13,Pri6I43,   5? A/   / AandeelhoudersvergaderingDefinitieAandeelhouder, Aandeel, B.V., N.V., Bedrijfsadministratie B.v., n.v.,Bedrijfsdministratie- Aandeelhoudersvergadering: - zie: Algemene_vergadering_van_aandeelhoudersyyynnPri5II47,Pri5II50q49 Uw   AandeelhoudersregisterDefinitieB.V., Aandeel, Bedrijfsadministratie- Aandeelhoudersregister: - het register van een vennootschap waarin de aandelen_op_naam worden geregistreerd yyynn  7 % A   A  AandelenDefinitieAandelenkapitaal, Aandeel, Dividend, Bedrijfsadministratie- Aandelen: - een vorm van effecten - de bestanddelen van het aandelenkapitaal ofwel het aandelenvermogen van een B.V. of een N.V. - aandelen geven de aandeelhouder(s) als regel recht op: - een mogelijke winstuitkering - medezeggenschap in de onderneming - kan worden onderscheiden in, onder meer: - aandeel_aan_toonder - aandeel_op_naam - aandeelbewijs - voor de diverse soorten / typen aandelen, zie: aandelenkapitaal- Zie ook: holding_companyyyyynPri5II46,Pri5II47,Adm5I07,Adm5I11,Adm5I14,Adm5I15,Adm5I16,Adm5I17,Eco5I41,Pri6I38,Pri6I46,yy _u_ 3- K=  Aandelen_gestortDefinitieAandelen, Bedrijfsadministratie- Zie: Gestorte_aandelenyn 31 KA  Aandelen_geplaatstDefinitieAandelen, Bedrijfsadministratie- Zie: Geplaatste_aandelenyn 55'5    Aandelen_aan_toonderDefinitieBW 2:82Aandelen_op_naam, Aandelen, Aandelenkapitaal, Dividend, Bedrijfsadministratie- Aandelen_aan_toonder: - uitgifte van aandelen die aan toonder zijn gesteld - kan bij een N.V. voorkomen - kunnen ( veelal ) vrij worden verhandeld - bijvoobeeld op een effectenbeursyyyynPri6I46, Journaal Debet Balans Credit ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Nr Naam grootboekrekening Debet Credit Aandelen_in_portefeuille 400.000 Aandelenkapitaal 400.000 ---------------------------------------------------------------------------------------------- ---------------- ---------------- Aandelen_in_portefeuille 400.000 400.000  400.000 AAN Aandelenkapitaal 400.000 ======== ======== ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 2. Na plaatsing van 50 % van het aandelenkapitaal, maar nog vr dat ( een gedelte ) is volgestort is: Geplaatst_kapitaal = Nog_te_storten_kapitaal Journaal Debet Balans Credit ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Nr Naam grootboekrekening Debet Credit Aandelen_in_portefeuille 200.000 Aandelenkapitaal 400.000 ---------------------------------------------------------------------------------------------- Nog_te_storten_kapitaal 200.000 Nog_te_storten_kapitaal 200.000 ---------------- ---------------- AAN Aandelen_in_portefeuille 200.000 400.000 400.000  ======== ======== ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 3. Na storting van 50 % van het geplaatst_kapitaal is het bedrag ter grootte van het gestort_kapitaal op de bankrekening terecht gekomen Journaal Debet Balans Credit ---------------------------------------------------------------------------------------------- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Nr Naam grootboekrekening Debet Credit  Aandelen_in_portefeuille 200.000 Aandelenkapitaal 400.000 ---------------------------------------------------------------------------------------------- Nog_te_storten_kapitaal 100.000 Bank 100.000 Bank 100.000 AAN Nog_te_storten_kapitaal 100.000 ---------------- ---------------- 400.000 400.000 ======== ======== ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Het geplaatst_kapitaal bedraagt dus: Geplaatst_kapitaal = Aandelenkapitaal - Aandelen_in_portefeuille = Euro 200.000,-- - Het gestort_kapitaal bedraagt dus: Gestort_kapitaal = Geplaatst_kapitaal - Nog_te_storten_kapitaal = Aandelenkapitaal - Aandelen_in_portefeuille - Nog_te_storten_kapitaal = Euro 100.000,-- - het gestort_kapitaal is in dit geval voldoende m.b.t. de vereisten voor het minimum_kapitaal ( minimum_gestort_kapitaal ) voor een B.V., of een N.V., zijnde: - Euro 18.000,-- voor een B.V. - Euro 45.000,-- voor een N.V.Adm5I11,Adm5I12,Adm5I13 ss6; e y    ; Aandelen_nog_te_stortenDefinitieGestort_vermogen,~5= [;    ) ; Aandelen_in_portefeuilleDefinitieAandelenkapitaal. Bedrijfsadministratie- Aandelen_in_portefeuille: - het verschil tussen maatschappelijk_kapitaal en geplaatst_kapitaal - aandelen_in_portefeuille kunnen worden geplaatst als de onderneming meer eigen_vermogen nodig heeftynyny REKENVOORBEELD CASUS journaalposten en balans m.b.t. aandelenkapitaal BEREKENING ( alle bedrag(en) in Euro$s ): 1. Bij de oprichting van een B.V., of N.V. :  Aandelen, Vermogen, Bedrijfsadministratie- Aandelen_nog_te_storten: - het deel van het geplaatst_kapitaal waarvan het bijbehorende bedrag / kapitaal nog niet door de aandeelhouder(s) is gestort, dus: aandelen_nog_te_storten = geplaatst_kapitaal - gestort_kapitaal gestort_kapitaal = geplaatst_kapitaal - aandelen_nog_te_storten - het bedrag betreffende de aandelen_nog_te_storten wordt NIET tot het eigen_vermogen van een onderneminggerekend - het gestort_kapitaal wordt wel tot het eigen_vermogen gerekend - zie ook: - aandelenkapitaal - maatschappelijk_kapitaal - geplaatst_kapitaal - gestort_kapitaal - minimum_gestort_kapitaal - opgevraagd_kapitaal ofwel nog_te_storten_kapitaal - minimum_kapitaalynynAdm5I11,Adm5I12,Adm5I13 --3+ KC  AandelenemissieDefinitieAandelen, Bedrijfsadministratie- Zie: emissie_van_aandelenynD5-)/!    Aandelen_op_naamDefinitieBW 2:82, 2:194Aandelen_aan_toonder, Aandelen, Aandelenkapitaal, Dividend, Bedrijfsadministratie- Aandelen_op_naam: - uitgifte van aandelen die op naam zijn gesteld - kan zowel bij een B.V. als bij een N.V. voorkomen - voor overdracht van aandelen_op_naam is een notarile_akte nodig ( BW 2:86, 2:196 ), die - moet door de verkrijger aan de vennootschap worden betekent om de bijbehorende recht(en) te kunnen uitoefenen ( BW 2:196a-1 jo. 2:196b-1 )yyyynPri6I46, Y9- +;a G    )  AandelenkapitaalDefinitieAandelen, Onderkapitalisatie, Herkapitalisatie, Kapitaal, Bedrijfsadministratie- Aandelenkapitaal: - wordt ook wel aandelenvermogen ( van een B.V. of een N.V. ) &5' +{ 1   AandelenfondsDefinitieBeleggingsfonds- Aandelenfonds: - een type beleggingsfonds dat belegt in aandelen. - bij een aandelenfonds investeert een fondsmanager in aandelen in verschillende sector(en) en regio(s)- zie ook: - beleggingsfonds - geldmarktfonds - aandelenfonds - obligatiefonds - vastgoedfonds - gemengd_fonds ofwel mixfonds - valutafondsyyygenoemd - kan worden onderscheiden in: - maatschappelijk_kapitaal ofwel nominaal_aandelenkapitaal - geplaatst_kapitaal - minimum_geplaatst_kapitaal = minimaal 20 % van het maatschappelijk_kapitaal - gestort_kapitaal - minimum_gestort_kapitaal = minimaal 25 % van het geplaatst_kapitaal - moet minimaal Euro 18.000,-- bedragen bij een B.V. - moet minimaal Euro 45.000,-- bedragen bij een N.V. - opgevraagd_kapitaal = geplaatst_kapitaal - gestort_kapitaal = het niet-gestorte deel van het geplaatst_kapitaal - aandelen_in_portefeuille = maatschappelijk_kapitaal - geplaatst_kapitaal = het niet-geplaatste deel van het maatschappelijk_kapitaal - kan verder worden onderscheiden in, onder meer: - preferente_aandelen - cumulatief_preferente_aandelen - prioriteitsaandelen - certificaten_van_aandelen - het gestorte deel van het geplaatst_kapitaal van het aandelenkapitaal ( = het gestort_kapitaal ) wordt tot het eigen_vermogen van een onderneming gerekend - zie voor een rekenvoorbeeld m.b.t. het aandelenkapitaal onder de rode knop - zie ook: - aandelenkapitaal_vervolg - holding_company - kapitaal - aandelenkapitaal - maatschappelijk_kapitaal - geplaatst_kapitaal - gestort_kapitaal - minimum_gestort_kapitaal - opgevraagd_kapitaal ofwel nog_te_storten_kapitaal - minimum_kapitaalynyny REKENVOORBEELD CASUS journaalposten en balans m.b.t. aandelenkapitaal BEREKENING ( alle bedrag(en) in Euro$s ): 1. Bij de oprichting van een B.V., of N.V. :  Journaal Debet Balans Credit ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Nr Naam grootboekrekening Debet Credit Aandelen_in_portefeuille 400.000 Aandelenkapitaal 400.000 ---------------------------------------------------------------------------------------------- ---------------- ---------------- Aandelen_in_portefeuille 400.000 400.000 400.000 AAN Aandelenkapitaal 400.000 ======== ======== ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 2. Na plaatsing van 50 % van het aandelenkapitaal, maar nog vr dat ( een gedelte ) is volgestort is: Geplaatst_kapitaal = Nog_te_storten_kapitaal Journaal Debet Balans Credit ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Nr Naam grootboekrekening Debet Credit Aandelen_in_portefeuille 200.000 Aandelenkapitaal 400.000 ---------------------------------------------------------------------------------------------- Nog_te_storten_kapitaal 200.000 Nog_te_storten_kapitaal 200.000 ---------------- ---------------- AAN Aandelen_in_portefeuille 200.000 400.000 400.000  ======== ======== ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 3. Na storting van 50 % van het geplaatst_kapitaal is het bedrag ter grootte van het gestort_kapitaal op de bankrekening terecht gekomen Journaal Debet Balans Credit ---------------------------------------------------------------------------------------------- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Nr Naam grootboekrekening Debet Credit Aandelen_in_portefeuille 200.000 Aandelenkapitaal 400.000 ---------------------------------------------------------------------------------------------- Nog_te_storten_kapitaal 100.000 Bank 100.000 Bank 100.000 AAN Nog_te_storten_kapitaal 100.000 ---------------- ---------------- 400.000 400.000 ======== ======== ---------------------------------------------------------------------------------------------- -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Het geplaatst_kapitaal bedraagt dus: Geplaatst_kapitaal = Aandelenkapitaal - Aandelen_in_portefeuille = Euro 200.000,-- - Het gestort_kapitaal bedraagt dus: Gestort_kapitaal = Geplaatst_kapitaal - Nog_te_storten_kapitaal = Aandelenkapitaal - Aandelen_in_portefeuille - Nog_te_storten_kapitaal = Euro 100.000,-- - het gestort_kapitaal is in dit geval voldoende m.b.t. de vereisten voor het minimum_kapitaal ( minimum_gestort_kapitaal ) voor een B.V., of een N.V., zijnde: - Euro 18.000,-- voor een B.V. - Euro 45.000,-- voor een N.V.Pri6I42, moeten het kapitaal, het aantal en type aandelen en het bedrag per type aandeel in de statuten zin vermeld ( BW 2:80 ) - de akte_van_oprichting vermeldt het bedrag van het geplaatst_kapitaal en van het gestort_kapitaal - van het maatschappelijk_kapitaal moet minimaal 1 / 5 zijn geplaatst - van het geplaatst_kapitaal moet minimaal 1 / 4 zijn gestort - het gestort_kapitaal moet bij een N.V. minimaal Euro 45.000 zijn ( bij B.V. minimaal Euro 18.000,-- ) - storting in geld tenzij andere inbreng is overeengekomen; verrichten van werk of dienst(en) kunnen niet worden ingebracht - zie ook: - kapitaal - zie ook: - aandelenkapitaal - maatschappelijk_kapitaal - geplaatst_kapitaal - gestort_kapitaal - minimum_gestort_kapitaal - opgevraagd_kapitaal ofwel nog_te_storten_kapitaal - minimum_kapitaalynyAdm5I28 CC17=aWy    Aandelenkapitaal_vervolgDefinitieBWAandelenkapitaal, Productiefactor, Bedrijfsadministratie, Economie- Aandelenkapitaal_vervolg: - voor de verschillende typen aandelenkapitaal zie hieronder: - maatschappelijk_kapitaal: het maximale bedrag aan ( volgens de statuten ) uit te geven aandelen - geplaatst_kapitaal: aan aandeelhouder(s) uitgegeven aandelen - gestort_kapitaal: deel van het geplaatst_kapitaal waarvan het bijbehorende bedrag door de aandeelhouder(s) daadwerkelijk is gestort - minimum_kapitaal: minimaal te storten bedrag; bij N.V. Euro 45.000,-- ; bij B.V. Euro 18.000,-- - opgevraagd_kapitaal: dat deel van geplaatst_kapitaal, dat nog niet is gestort, maar waarvan dat wel kan worden gevraagd - maximaal opgevraagd_kapitaal is 3 / 4 van het geplaatst_kapitaal ( BW 2:80 ) - bij een N.V.  > 4! sK  AanduidingDefinitieTekening, Materiaal, Bouwplan, Projectie, Bouwkunde- Aanduiding: - een weergave - kan worden onderscheiden m.b.t. het werkveld, waaronder: 1. bouwkunde - m.b.t. een materiaal in een tekening - materialen / materiaal worden in een tekening middels bepaalde symbolen / symbool / aanduiding aangegeven - zie daartoe bij: symbool 2. kadaster - kadastrale_aanduidingy>3- K?    { AandelenvermogenDefinitieAandelen, Bedrijfsadministratie- Zie: AandelenkapitaalyynAdm5I11,Adm5I12,Adm5I13,Adm5I17,Adm5I18,Adm5I19,Adm5I20 ff94 G     AangifteDefinitieFiscus, Bedrijfsadministratie- Aangifte: - het begrip Aangifte kent onderscheiden betekenissen, waaronder: - belastingaangifte - aangiftebelasting - aangifte_tot_faillietverklaringynynyPub5II52,yY41S 1   1  Aangetekende_briefDefinitieRv 45Dagvaarding, Betekenen, Deurwaarder- Aangetekende_brief: - een type brief, waarvan - de bezorging bij de ontvanger kan worden aangetoond - heeft in bepaalde omstandigheden rechtskracht / bewijskrachtAangetekende_briefyyAangetekende_briefy y6g O i   Aangifte_betaling_ovb_door_de_nieuwe_eigenaarDefinitieAangifte_betaling_ovb_door_de_notaris, Overdrachtsbelasting- Aangifte_betaling_ovb_door_de_nieuwe_eigenaar: - binnen 1 maand nadat iemand economische_eigenaar van een onroerende_zaak is geworden, moet de economische_eigenaar aangifte doen en de overdrachtsbelasting betalen, waartoe - de economische_eigenaar een aangiftebiljet voor de overdrachtsbelasting naar zijn eigen belastingkantoor opstuurt - een dergeljik aangiftebiljet is aan te vragen bij de BelastingTelefoon - tevens moet de persoon die de economische_eigendom aan de nieuwe economische_eigenaar overdraagt, dit binnen 2 weken melden aan de Belastingdienst - zie ook: - aangifte_betaling_ovb_door_de_notaris - aangifte_betaling_ovb_door_de_nieuwe_eigenaarynyte een zogenoemde voetverklaring opneemt, waarin - de notaris verklaart dat: 1. de verkrijger overdrachtsbelasting moet betalen 2. de verkrijger recht heeft op 1 of meer vrijstelling(en) van overdrachtsbelasting 3. hoeveel overdrachtsbelasting de verkrijger moet betalen - en waarbij - deze akte geldt als de aangifte voor de overdrachtsbelasting, en waarbij - voordat de verkrijger juridische_eigenaar wordt van de onroerende_zaak, zowel de koopsom als de overdrachtsbelasting op de rekening van de notaris moet zijn gestort, waarna - de notaris de akte afgeeft bij 1 van de belastingkantoren die akte(n) registreren, en waarbij - de notaris de overdrachtsbelasting voor de verkrijger betaalt- zie ook: - aangifte_betaling_ovb_door_de_notaris - aangifte_betaling_ovb_door_de_nieuwe_eigenaaryny /4KC_    Aangifte_tot_faillietverklaringDefinitieFw 4Faillissement, Privaatrecht- Aangifte_tot_faillietverklaring: - een geschrift waarmee bij de rechtbank, door de schuldeiser(s), een verzoek tot faillietverklaring van de schuldenaar(s) wordt gedaan, zodat: - na het vonnis van de rechter, de staat_van_faillissement m.b.t. de schuldenaar(s) intreedtynPri5II55,`7W ) i   Aangifte_betaling_ovb_door_de_notarisDefinitieAangifte_betaling_ovb_door_de_nieuwe_eigenaar, Overdrachtsbelasting- Aangifte_betaling_ovb_door_de_notaris: - als iemand juridische_eigenaar wordt van een onroerende_zaak, dan gaat dit via een notarile_akte, waarbij - de notaris in de ak Y6Mt6Li-AandelenvermogenDefinitie!AanduidingDefinitie!1Aangetekende_briefDefinitieAangifteDefinitie<gAangifte_betaling_ovb_door_de_nieuwe_eigenaarDefinitie4WAangifte_betaling_ovb_door_de_notarisDefinitie.KAangifte_tot_faillietverklaringDefinitie /AangiftebelastingDefinitie)AangifteplichtDefinitieAanhoudenDefinitie /AanhoudingsplichtDefinitieAankoopDefinitie &;Aankoop_onroerende_zaakDefinitie!+AankoopmakelaarDefinitie"+EAankoopprijs_onroerende_zaakDefinitie#>kAankoopprijsverhogende_factoren_onroerende_zaakDefinitie$!AanlashengDefinitie%)AanlaspaumelleDefinitie&AanlegDefinitie''AanlegbreedteDefinitie(%AanlegdiepteDefinitie)#AanlegsteenDefinitie*'AanlegsysteemDefinitie+-AanlegvergunningDefinitie,"3Aanmerkelijk_belangDefinitie- UU5)5) +   AangifteplichtDefinitieWibBelastingdienst, Wib- Aangifteplicht: - volgens de Wet_inkomstenbelasting_(_Wib_) 2001 moet binnen 3 maanden na afloop van het kalenderjaar de winst worden vastgesteld en worden aangegeven bij de Belastingdienst- zie ook: - boekhoudplicht - publicatieplicht - bewaarplichtnynn4/kA     AangiftebelastingDefinitieWibAangifte, BTW, Wet_op_de_omzetbelasting_(_Wob_)- Aangiftebelasting: - een belasting die door de belastingplichtige middels een berekende opgave met specificatie ( = aangifte ) moet worden voldaannnyny o 4%E   }  AankoopDefinitieBWOvereenkomst- Aankoop: - zie: Koop yyyyyPri5II29,Pri5II35,Pri5II38,Pub5II49,Pub5II50,Pub5II51,Pub5II52,Pub5II55,Adm5I45,Adm5I46,Adm5I47,Eco5I52,Pri6I29,Pri6I39,yya5/!);;     AanhoudingsplichtDefinitieWonw 50 evAwb, Wonw, Wroi4!Y'   S AanhoudenDefinitieWonw 50 evAanhoudingsplicht, Awb; Woningwet; WRO- Aanhouden: - van een verdachte - van een aanvraag om vergunning, dat is: - de aanvraag op de stapel leggen en (nog ) niet behandelen - kan voorkomen bij voorbereiding en / of wijziging van het bestemmingsplan, etc. - zie ook: aanhoudingsplichtnyyPub5II18,Pub5II21,Pub5II39,Pub5II40- Aanhoudingsplicht: - de verplichting om het nemen van een beslissing aan te houden ( = uitstellen / op de stapel te leggen ) - kan voorkomen als - een aanvraag niet aan bijvoorbeeld de indieningseis(en) voldoet - een besluit ( bijv. een voorbereidingsbesluit ) de behandeling van de aanvraag verhindert ( Wonw 50-1 ) - als een aanvraag om vergunning kan worden afgewezen, mag de aanvraag niet worden aangehouden - ..... indien geen strijd met toekomstig bestemmingsplan ( anticipatie ) kan de vergunning juist wel worden verleend en is er geen aanhoudingsplicht van de aanvraag om vergunning ( Wonw 50-4 ) - indien ook een milieuvergunning is verplicht dan wachten ( aanhouden ) met de behandeling van de aanvraag om bouwvergunning tot de milieuvergunning is verstrekt ( Wonw 52 ) - afwijzen milieuvergunning geen reden tot weigering bouwvergunning ( Wonw 44 )nyyPub5II40y zN$6k +Km  Aankoopprijsverhogende_factoren_onroerende_zaakDe#6E ++  Aankoopprijs_onroerende_zaakDefinitieTotale_aankoopprijs_onroerende_zaak, ExploiP"4+ }   AankoopmakelaarDefinitieMakelaar- Aankoopmakelaar: - een type makelaar, die - de koper adviseert bij de aankoop van een onroerende_zaakyyyy!4; so   Aankoop_onroerende_zaakDefinitieAankoop, Exploitant, Verhuur, Bedrijfsadministratie- Aankoop_onroerende_zaak: - bij de aankoop van een onroerende_zaak, door bijvoorbeeld een exploitatiemaatschappij, is voor de verwerking daarvan in de boekhouding / de balans, de totale_aankoopprijs_onroerende_zaak van belangynAdm5I45,tant, Verhuur, Bedrijfsadministratie- Aankoopprijs_onroerende_zaak: - de kale prijs van een onroerende_zaak ( dus de prijs $ kosten_koper $ ) - de aankoopprijs_onroerende_zaak verschilt daarom van de totale_aankoopprijs_onroerende_zaak, want - bij de aankoopprijs_onroerende_zaak zijn NIET begrepen de: - aankoopprijsverhogende_factoren_onroerende_zaak, zoals: - overdrachtsbelasting - kosten van de transportakte - in rekening gebrachte courtage - deze aankoopprijsverhogende_factoren_onroerende_zaak behoren wel tot de totale_aankoopprijs_onroerende_zaak ( = balanswaarde van die betreffende onroerende_zaak ) - Tot de aankoopprijs_onroerende_zaak behoren NIET, onder meer, de volgende zaken: - kosten van de hypotheekakte - taxatiekosten ten behoeve daarvan - onroerende_zaak-belasting - deze zaken worden tot de exploitatiekosten gerekendynfinitieTotale_aankoopprijs_onroerende_zaak, Exploitant, Verhuur, Bedrijfsadministratie- Aankoopprijsverhogende_factoren_onroerende_zaak: - komen boven op de aankoopprijs_onroerende_zaak ( = prijs $ kosten_koper $ ), en - bevatten factor(en) zoals: - overdrachtsbelasting - kosten van de transportakte - in rekening gebrachte courtage - deze aankoopprijsverhogende_factoren_onroerende_zaak behoren samen met de: - aankoopprijs_onroerende_zaak ( = prijs $ kosten_koper $ ) tot de totale_aankoopprijs_onroerende_zaak ( = balanswaarde van die betreffende onroerende_zaak )- Tot de aankoopprijsverhogende_factoren_onroerende_zaak behoren NIET, onder meer, de volgende zaken: - kosten van de hypotheekakte - taxatiekosten ten behoeve daarvan - onroerende_zaak-belasting - deze zaken worden tot de exploitatiekosten_onroerende_zaak gerekendyn %%l&5)  -  ) AanlaspaumelleDefinitiePaumelle, Deurscharnier, Scharnier, Deur, Deurkozijn, Kozijn, Bouwkunde- Aanlaspaumelle: - een type paumelle - een type deurscharnier / scharnier - kan aan de betreffende ( af te hangen ) voorwerp(en) worden gelast, i.p.v. geschroefd, etc.- met dank aan: ybouwkunde testg%4! a5  ) / AanlashengDefinitieGeheng, Hangwerk, Bouwmateriaal, Bouwkunde- Aanlasheng: - een onderdeel, dat - een lid / gerold_oog bevat, en dat - zodanig aan een ander object kan worden gelast, dat - zodoende een geheng ontstaat ybouwkunde testbouw\dsc01010.jpg u'6  m  AanlegDefinitieAanleg, Uitzetten, Bouwgrond, Bouwfase, Bouwproces, Bouwkunde- Aanleg: - de onderkant van een bouwdeel - voorbeeld(en): - de aanleg van een fundering ( = de onderzijde van de fundering = aanlegdiepte ), die - zich op een vorstvrije_diepte ( = beneden de vorstgrens), moet bevinden- zie ook: - aanleg - aanlegbreedte - aanlegdieptey 3(6' a m  )  AanlegbreedteDefinitieAanleg, Uitzetten, Bouwgrond, Bouwfase, Bouwproces, Bouwkunde- Aanlegbreedte: - de breedte van de aanleg van een aan te leggen bouwdeel of bouwelement, waaronder, onder meer, de aanlegbreedte van: - een fundering, waarbij - de aanlegbreedte van een fundering op verschillende plaats(en) van die fundering verschillend kan zijn- zie ook: - aanleg - aanlegbreedte - aanlegdiepteybouwkunde testy TT()6% 5 m  )  AanlegdiepteDefinitieFundering, Bouwput, Uitzetten, Bouwgrond, Bouwfase, Bouwproces, Bouwkunde- Aanlegdiepte: - de diepte van de aanleg van ( een aan te brengen ) bouwdeel of bouwelement - voorbeeld(en): - de aanlegdiepte van een fundering, waarbij - de aanlegdiepte van een fundering op verschillende plaats(en) van die fundering anders kan zijn, maar - altijd groter moet zijn dan de vorstgrens, dus minstens 800 mm beneden het maaiveld- zie ook: - aanleg - aanlegbreedte - aanlegdiepteybouwkunde testy   d+7' qC   )  AanlegsysteemDefinitieElectrische_installatie, Electriciteit, Bouwfysica, Bouwkunde- Aanlegsysteem: - kan wordenonderscheiden m.b.t.: 1. aanlegsysteem m.b.t. elec*5# CY9  ) 1 AanlegsteenDefinitieBoog, Metselwerk, Bouwkunde- Aanlegsteen: - een type steen - kan worden gebruikt als eerste steen aan een uiteinde van een boog, en - waarop / waartegen de andere stenen van de boog worden aangelegd, en waarbij - tenslotte in het midden van de boog de sluitsteen wordt geplaatst - zie ook: - boog - aanlegsteen - sluitsteenybouwkunde testbouw2\dsc01317.jpgtrische_installatie: - een type systeem m.b.t. de aanleg van de electrische_installatie binnen een gebouw - kan worden onderscheiden in: 1.1. traditioneel_systeem 1.2. wandkokersysteem 1.3. centraaldozensysteem 1.4. gemodificeerd_centraaldozensysteem 2. aanlegsysteem m.b.t. centrale_verwarming: - een type systeem m.b.t. de aanleg van de warmwaterverwarming binnen een gebouw 2.1. npijpsysteem 2.2. tweepijpsysteem - zie ook: - lasdoos - centraaldoos - inbouwdoos - opbouwdoos - wandcontactdoos - schakelaar - traditioneel_systeem - wandkokersysteem - centraaldozensysteem - gemodificeerd_centraaldozensysteem - warmwaterverwarming - npijpsysteem - tweepijpsysteemybouwkunde testy Z-63! /]     Aanmerkelijk_belangDefinitieWib 4.6 evBox_2_ib; H},4-/5   AanlegvergunningDefinitieWro 3.3-a en 3.16Wro, Bestemmingsplan- Aanlegvergunning: - een type vergunning, die - wordt genoemd in de Wro, en die - de aanleg van werk(en) geen bouwwerk(en) zijnde, of van werkzaamheden regelt ( Wro 3.3-a en 3.16 ) - deze vergunning regelt de aanleg van weg(en), egaliseren van grond(en), plant(en) en / of rooien van bomen, etc. - de weigeringsgrond(en) staan vermeld in Wro 3.16nyyeffingsgrondslagen_ib; Wet_inkomstenbelasting_(_Wib_)- Aanmerkelijk_belang: - de belastingplichtige heeft een aanmerkelijk_belang indien hij, al dan niet tezamen met zijn partner, direct of indirect: - voor ten minste 5 % van het geplaatste_kapitaal aandeelhouder is in een vennootschap waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld ( Wib 4.6a ) - rechten heeft om direct of indirect aandelen te verwerven tot ten minste 5 % van het geplaatste_kapitaal ( WIB 4.6b ) - winstbewijzen heeft die betrekking hebben op ten minste 5 % van de jaarwinst van een vennootschap dan wel op ten minste 5 % van wat bij liquidatie wordt uitgekeerd ( Wib 4.6c ) - gerechtigd tot ten minste 5 % van de stemmen uit te bengen in de algemene_vergadering van een in artikel 4.5a bedoelde rechtspersoon ( Wib 4.6d ) - de 5 % grens moet per soort aandeel worden bekeken ( Wib 4.7-1 ) - een aantal soort(en) aandelen wordt alst n soort beschouwd ( Wib 4.7-2 ) - vruchtgebruiker(s) van aandelen worden ook als aandeelhouder aangemerkt ( Wib 4.3 ) - degene die een koopoptie ( rechten op verwerving ) heeft, wordt ook als aandeelhouder aangemerkt ( Wib 4.6-1b ) - de aanmerkelijk_belang regeling is dus niet beperkt tot aandelen alleen, maar is uitgebreid naar andere aanspraken ( rechten ); dat is een objectieve_uitbreiding ( object = voorwerp ) - daarnaast is er ook een subjectieve_uitbreiding ( subject = onderwerp = belastingplichtige persoon / personen ) - zie daarom ook: - de meesleepregeling, die tevens de overige voordelen van een aandeelhouder met aanmerkelijk_belang in een vennootschap, meesleept naar box_2_ib - de meetrekregeling, die tevens een aantal familieleden van een aandeelhouder met aanmerkelijk_belang in een vennootschap, meetrekt naar box_2_ibnnynytoezicht houden op de uitvoering / realisering van het werk / bouwwerk / gebouw - de aannemer: - voert in opdracht van de principaal, en - tegen betaling van een overeengekomen bedrag, en - binnen de daarvoor bestemde tijd, en - overeenkomstig het bestek en tekening(en), - het bouwwerk uit- zie ook: - partij(en)_in_het_bouwproces - principaal - architect - aannemer - onderaannemer - adviseur - constructeur - uitvoerder - opzichter - leverancier - directie - overheid - semi-overheid - nutsbedrijf - koper - huurder - makelaar - projectontwikkelaar - belegger - derde(n)ybouwkunde testBou5I04y /81# 5)    Aanneming_van_werkDefinitieBW 7:750 evOverdracht_van_goederen, Eigendom, Bijzondere_overeenkomst- Aanneming_van_werk: - is de overeenkomst waarbij de ene partij, de aannemer, zich jegens de andere_parti^.6 77I }  )   AannemerDefinitieBouwproces, Bouwkunde- Aannemer: - n van de partij(en)_in_het_bouwproces - het uitvoerende bouwbedrijf, dat - na de aanbesteding, door - de opdrachtgever ( al of niet in samenwerking met de architect ) is geselecteerd, om - het ontwerp van een architect uit te voeren en om te zetten in een gebouw / bouwwerk, waarbij - bij de aanbesteding is gelet op de prijs en de deskundigheid van de aannemer - namens de aannemer zal veelal een uitvoerder, j, de opdrachtgever, verbindt om buiten dienstbetrekking een werk van stoffelijke aard tot stand te brengen en op te leveren, tegen een door de opdrachtgever te betalen prijs in geld ( BW 7:750 ) - de consument die ............. wordt sinds 1 september 2003 d.m.v. de .............. extra beschermd door de eis(en): - schriftelijke_overeenkomst ( er is dus een vormvereiste ) - de akte of een afschrift van de akte moet aan de koper ter hand worden gesteld ( BW 7:766 ) - 3 dagen bedenktijd - de koper heeft het recht de koop binnen 3 dagen na terhandstelling te ontbinden - geldt niet als de aannemer geen natuurlijk_persoon, maar een rechtspersoon is- zie ook: - vertegenwoordiging - opdracht - volmacht - lastgeving - aanneming_van_werk / aannemingsovereenkomst - bemiddeling / bemiddelingsovereenkomstyyyy 069= )    AannemingsovereenkomstDefinitieBW 7:766Overdracht_van_goederen, Eigendom, Bijzondere_overeenkomst- Aannemingsovereenkomst: - een type overeenkomst - zie: Aanneming_van_werk- zie ook: - vertegenwoordiging - opdracht - volmacht - lastgeving - aanneming_van_werk / aannemingsovereenkomst - bemiddeling / bemiddelingsovereenkomstyyyy m14' 9    AannemingssomDefinitieUAV, Bestek, Bouwkunde- Aannemingssom: - wordt geregeld door de betreffende bepaling(en) in het bestek ( al of niet onder de UAV ) - het bedrag dat door de opdrachtgever aan de aannemer moet worden betaald, waarbij - dat bedrag veelal in gedeelte(n) wordt betaald, en wel: - afhankelijk van de voortgang van het project - volgens een vooraf bepaald betalingsschema - de laatste termijn veelal pas wordt betaald na afloop van de onderhoudstermijn, dus - als de aannemer aan al zijn verplichting(en) heeft voldaan - in het bestek is ook geregeld waanneer het saldo m.b.t. meer-_en_minderwerk moet worden voldaan - kan een afkoopsom bevatten m.b.t. de risicoregeling_woning-_en_utiliteitsbouwyyMak6I21y 435) }c  - AanschafwaardeDefinitieHistorische_kostprijs, Boekwaarde, Bedrijfsadministratie- Aanschafwaarde: - wordt ook wel de historische_kostprijs ( bijv. van een bedrijfsmiddel ) genoemd - het bedrag dat voor een ( vast ) bedrijfsmiddel is betaald ten tijde van de aanschaf van dat bedrijfsmiddel - de aanschafwaarde van een bedrijfsmiddel kan van belang zijn met betrekking tot de afschrijving van dat bedrijfsmiddel- Door de aanschafwaarde van een bedrijfsmiddel te verminderen met de afschrijving(en), ontstaat de overeenkomstige boekwaardeynyAdm5I19,Adm5I49,H23' qc  M AanschafprijsDefinitieRekeningstelsel, Boekwaarde, Bedrijfsadministratie- Aanschafprijs: - zie aanschafwaardeynAdm5I19,Adm5I45,Adm5I46,Adm5I47, Dale betekent het: - ambtshalve toezenden van een mededeling of een schriftelijk bevel, maar ook het geschreven of gedrukte stuk dat een dergelijke mededeling of bevel inhoudt. Dus zowel een handeling ( het toezenden ), als een document, met verplichtende inhoud 2.2. een schriftelijke_mededeling van een beslissing ( = besluit ) van een bestuursorgaan aan een belanghebbende 3. een aanschrijving is een beschikking 3.1. tegen een aanschrijving staat de mogelijkheid van bezwaar en beroep open 3.2. bij niet-nakoming van een aanschrijving kan de gemeente bestuursdwang ( Awb 5:21 ) toepassen - zie ook: vooraanzegging- Een gemeente ( B&W ) heeft besloten dat er binnen een bepaalde termijn, bepaalde onderhoudsactiviteit(en), aan een bepaalde woning gepleegd moeten worden, anders ...... ( = bestuursdwang )nyyPub5II16yy T46'!s5K    AanschrijvingDefinitieWonw 15 evWoningwet- Aanschrijving: - een ambtshalve, schriftelijk bevel - kan worden onderscheiden in, onder meer: 1. aanschrijving in de zin van de Woningwet, waarbij - het begrip aanschrijving in de gewijzigde Woningwet ) jaar 2007 ) NIET meer voorkomt, en - is vervangen door een besluit_tot_verplichting_tot_het_aanbrengen_van_verbetering(en) ( Wonw 13 ), en waarbij - een aantal destijds betreffende artikel(en) nu zijn vervallen ( Wonw 16a t/m 39 ) en zijn vervangen door Wonw 13 e.v. 2. aanschrijving algemeen 2.1. de term aanschrijving is niet alleen een juridische term maar is ook een algemeen gangbare uitdrukking. Volgens van  papm65% '  )   AansluitkastDefinitieSchakel-_en_verdeelinrichting, Bouwdeel, Bouwmateriaal, Bouwproces, Bouwkunde- Aansluitkast: - een onderdeel van de schakel-_en_verdeelinrichting / electrische_installatie in een gebouw / woning - bevindt zich tussen de aanvoerkabel_nutsbedrijf / dienstleiding en de electriciteitsmeter - bevat de hoofdzekering(en) - is eigendom van het nutsbedrijf en is daarom verzegeldybouwkunde testBou4I21y55# }  )   AansluitingDefinitieBouwkunde- Aansluiting: - de plaats waar twee, of meer, onderdelen / element(en) / bouwdeel: - elkaar ontmoeten - tegen elkaar liggen - elkaar raken - met elkaar zijn verbonden - zie ook: aansluitpuntybouwkunde testBou5I27,Bou4II29,Bou4I06,Bou4I12,Bou4I17,Bou4I23,Bou4I26,Bou4I29yy 6SnT~@d!1Aanneming_van_werkDefinitie/%9AannemingsovereenkomstDefinitie0'AannemingssomDefinitie1'AanschafprijsDefinitie2)AanschafwaardeDefinitie3'AanschrijvingDefinitie4#AansluitingDefinitie5%AansluitkastDefinitie6+AansluitleidingDefinitie7%AansluitpuntDefinitie8AanspraakDefinitie9'AansprakelijkDefinitie: /AansprakelijkheidDefinitie;7]Aansprakelijkheid_bij_onrechtmatige_daadDefinitie<)AAansprakelijkheid_makelaarDefinitie=)AAansprakelijkheid_taxateurDefinitie>0OAansprakelijkheid_van_de_aannemerDefinitie?9aAansprakelijkheid_voor_schulden_aan_derdenDefinitie@,GAansprakelijkheidsverzekeringDefinitieA#5Aantal_marktpartijenDefinitieB!1Aantekening_houdenDefinitieCAantredeDefinitieD#AanvaardingDefinitieE+AanverwantschapDefinitieF'=Aanvoerkabel_nutsbedrijfDefinitieG rr 75+ WC [   +  AansluitleidingDefinitieBinnenriolering, Riolering, Bouwkunde- Aansluitleiding: - kan worden onderscheiden in, onder meer: 1. rioolaansluitleiding: aansluitleiding als onderdeel van de binnenriolering 2. gasaansluitleiding: een aansluitleiding als onderdeel van de gasinstallatie 3. wateraansluitleiding: aansluitleiding als onderdeel van de waterinstallatie - zie ook: - aansluitleiding - gasaansluitleiding - wateraansluitleiding - rioolaansluitleidingnnnyBou4I17,Bou4I26ylectronische_apparatuur ( radio, televisie, computer, etc. ) 3. wateraansluitpunt: een aansluitpunt als onderdeel van de waterinstallatie - het punt / aansluitmiddel tussen een waterleiding en een verbruikstoestel - het punt / aansluitmiddel tussen een verbruikstoestel en een afvoerleiding / riool 4. aansluitpunt als onderdeel van een droge_blusleiding - het punt op een verdieping / verdiepingsvloer waar de brandweer, de brandslang op de droge_blusleiding kan aansluiten, om - zodoende op die verdieping over bluswater te kunnen beschikken 4. aansluitpunt als onderdeel van een riolering 4.1. het punt waar een lozingstoestel is verbonden met een aansluitleiding 4.2. de huisaansluiting, zijnde het punt waar een grondleiding of een hemelwaterafvoer is verbonden met een huisaansluitleidingybouwkunde testBou4II19,Bou4II20,Bou4I17yy c88% %S{  ) ?  AansluitpuntDefinitieAansluitleiding, Binnenleiding, Gasmeter, Gasinstallatie, Gas, Electriciteit- Aansluitpunt: - wordt ook wel aansluiting genoemd - kent onderscheiden betekenissen, waaronder: 1. gasaansluitpunt: een aansluitpunt als onderdeel van de gasinstallatie - het punt / aansluitmiddel tussen een aansluitleiding en een verbruikstoestel, waarmee - het verbruikstoestel op de aansluitleiding wordt aangesloten - kan nog een extra gaskraan / afsluitkraan bevatten 2. electriciteitsaansluitpunt: een aansluitpunt als onderdeel van de electrische_installatie - het electrisch_verbruikstoestel, waaronder: - verlichting - verwarming - e !W:5'/m     AansprakelijkDefinitieBWAansprakelijkheid- Aansprakelijk: - iemand is aansprakelijk als hetgeen waarvoor hij aansprakelijk wordt gesteld, voor zijn rekening / risico komt - zie ook: AansprakelijkheidyyyMak6I18,Mak6I25,Pri5II04,Pri5II06,Pri5II33,Pri6I23,Pri6I47,Pri6I55,yyy[94 i   ?  AanspraakDefinitieVordering- Aanspraak: - aanspraak maken op iets van iemand - een vordering tot iets hebben op iemand yyyPri5II24,Pri6I10,Pub5II42yy ))B<6]1e=  Aansprakelijkheid_bij_onrechtmatige_daadDefinitieBW 6:169Onrechtmatige_daad- Aansprakelijkheid voor personen en zaken ( bij onrechtmatige_daad ) - kinderen onder de 14 jaar: ..... voor het doen van een kind beneden de 14 jaar is degene met ouderlijk gezag of voogd aansprakelijk voor schade toegebracht aan een derde; maar alleen bij schade door het doen, niet voor schade bij het nalateƄ;5/'? m    5 AansprakelijkheidDefinitieBWAansprakelijk- Aansprakelijkheid: - aansprakelijkheid is een uitgebreid en veelomvattend begrip - zie: register van de wettenbundel bij: aansprakelijkheid - iemand is aansprakelijk als hetgeen waarvoor hij aansprakelijk wordt gesteld, voor zijn rekening / risico komt- zie ook: - aansprakelijkheidsverzekeringyyyMak6I18,Mak6I25,Pri5II06,Pri5II07,Pri5II33,Pri5II42,Pri6I23,Pri6I24,Pri6I42,Pri6I48,yyyn ... ( BW 6:169-1 ) - kinderen van 14 maar onder de 16 jaar: ..... als boven, tenzij de degene met ouderlijk gezag of voogd niet kan worden verweten dat ze de gedragingen van het kind niet hebben belet ... ( BW 6:169-1 ) - kinderen van 16 jaar en ouder zijn dus alleen zelf aansprakelijk - Zie voor vervolg bij Kenmerken hieronder - ondergeschikte en opdrachtgever ( BW 6:170 ) - opdrachtgever is werkgever: ..... kans op fout door opdracht tot verrichten taak vergroot ..... vanwege rechtsbetrekking zeggenschap heeft over de gedragingen ... werkgever is aansprakelijk ( BW 6:170-1 ) - opdrachtgever is geen werkgever: ..... slechts aansprakelijk voor de fout tijdens vervulling van opgedragen taak ( BW 6:170-2 ) - zijn ondergeschikte en degene in wiens dienst hij stond beiden aansprakelijk dan hoeft de ondergeschikte niet in de schade bij te dragen, tenzij bij opzet of bewuste roekeloosheid ( BW 6:170-3 ); de werkgever is risico-aansprakelijk - bezitter van een dier: ..... is aansprakelijk voor de door het dier aangerichte schade, tenzij ..... ( BW 6:179 ) - tenzij er geen sprake is van een onrechtmatige_daad - productaansprakelijkheid; gevolgschade_door_ondeugdelijk_product: - de producent is aansprakelijk voor de schade veroorzaakt door een gebrek in zijn produkt, tenzij ..... ( BW 6:185-1 ) - een produkt is gebrekkig indien, het niet de veiligheid biedt die men daarvan mag verwachten ..... ( BW 6:186 ) - de aansprakelijkheid bedoeld in BW 6:185-1 bestaat voor: - a. schade door dood of lichamelijk letsel ( zie voor vervolg bij Toepassingen hieronder ) - b. schade toegebracht aan een ander produkt in de privsfeer met een franchise van euro 500,- - tot dat bedrag is de winkelier aansprakelijk ( BW 7:24 -2-c ) - boven dat bedrag is de producent aansprakelijk ( BW 7:24 -3 )yn %%W=4A ! g  Aansprakelijkheid_makelaarDefinitieMakelaar- Aansprakelijkheid_makelaar: - een makelaar kan voor zijnfouten aansprakelijk worden gesteld: - civielrechtelijk, op grond van: - wanprestatie - onrechtmatige_daad - tuchtrechtelijk, op grond van: - tuchtrecht van makelaarsorganisatie - zie ook: - aansprakelijkheid_taxateury de opdrachtgever heeft schade geleden 4. deze schade is veroorzaakt door wanprestatie van de taxateur - dat een pand later voor een ( bijv. 10 % ) lagere of hogere prijs wordt verkocht is op zich onvoldoende om tot aansprakelijkheid van de taxateur te leiden - van belang is dat de taxatie op een zorgvuldige en deskundige wijze is verricht - m.b.t. aansprakelijkheid moet sprake zijn van verwijtbare fout(en), bijv. - door onzorgvuldigheid, m.b.t. de: - uitvoering ter verkrijging van gegevens, of - onderzoeksplicht, of - interpretatie / verwoording van de gegevens in het taxatierapport - of door het onvolledig vermelden van gegevens - een taxateur kan eventueel ook aansprakelijk zijn op grond van onrechtmatige_daad - bij onrechtmatige_daad moet aan een aantal ( circa vier ) limitatieve eisen zijn voldaan - ter beperking van aansprakelijkheid uit onrechtmatige_daad nemen brancheorganistaies bepalingen op die dat beperken - een taxateur kan zijn aansprakelijkheid beperken - hij kan bijvoorbeeld op een of meerder vragen geen antwoord(en) geven - hij dient dan de betreffende aspecten duidelijk te vermelden - hij kan geen algehele vrijwaring verlangen - een exoneratie_clausule biedt geen bescherming tegen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van grove schuld of opzet - in die gevallen is volgens jurisprudentie een beroep op een exoneratie_clausule in strijd met de goede_trouw - makelaar(s) en taxateur(s) kunnen, of moeten zich tegen de financile gevolgen van de aansprakelijkheid verzekeren - hierbij wordt door verzekeraar(s) een onderscheid gemaaakt in: - beroepsaansprakelijheidsverzekering - bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering - Zie ook: aansprakelijkheid_makelaary uu{>7A S KE  Aansprakelijkheid_taxateurDefinitieAansprakelijkheid_makelaar, Taxatie- Aansprakelijkheid_taxateur: - een taxateur kan aansprakelijk worden gesteld door zijn opdrachtgever of derde(n) - er kan dan eventueel sprake zijn van schadeplichtigheid - een taxateur is aansprakelijk als aan de volgende vier voorwaarde(n) is voldaan: 1. er is een overeenkomst tot taxatie gesloten tussen de taxateur en de opdrachtgever 2. het taxatierapport is ondeugdelijk door een verwijtbare fout van de taxateur 3. F8@4a!    Aansprakelijkheid_voor_schulden_aan_derdenDefinitieͅ6?4O 9   Aansprakelijkheid_van_de_aannemerDefinitieUAV, Bestek, Bouwkunde- Aansprakelijkheid_van_de_aannemer: - wordt geregeld door de betreffende bepaling(en) in het bestek ( al of niet onder de UAV ) m.b.t., onder meer, de volgende aspect(en) - in principe is de aannemer na oplevering niet meer verantwoordelijk voor tekortkoming(en) aan het werk, met uitzondering van: 1. bij geheel of gedeeltelijk vergaan van het werk, overeenkomstig BW 1645, geldt een aansprakelijkheidstermijn van 10 jaar 2. bij zogenoemd verborgen gebrek is de aansprakelijkheidstermijn 5 jaaryyMak6I21BW 2:24c-1- De aansprakelijkheid_voor_schulden_aan_derden ( van een vennoot ) in een: - eenmanszaak is de eigenaar hoofdelijk_aansprakelijk voor de gehele schuld - maatschap is voor een evenredig deel van de schuld, tenzij bij het aangaan van de schuld uitdrukkelijk is overeengekomen dat de aansprakelijkheid voor de schuld naar rato van de waarde van de inbreng is verdeeld ( BW 7A:1680 ) - v.o.f. is iedere vennoot apart hoofdelijk_aansprakelijk voor de gehele schuld - c.v. is iedere beherend_vennoot apart hoofdelijk aansprakelijk voor de gehele schuld - de stille_vennoot is beperkt aansprakelijk en kan niet meer verliezen dan zijn ingebrachte kapitaal - B.V. is tot het bedrag van de deelneming / het bedrag dat de vennoot / aandeelhouder aan aandelen bezit - N.V. is tot het bedrag van de deelneming / het bedrag dat de vennoot / aandeelhouder aan aandelen bezit ynynd kan in allerlei gevallen en onder velerlei omstandigheden ontstaan - het is een ( van de belangrijkste ) verzekering(en) van een bedrijf - hierbij is geen relatie tussen een verzekerde_som en de hoogte van de premie - kan worden onderscheiden in: 1. wettelijke_aansprakelijkheidsverzekering 2. beroepsaansprakelijheidsverzekering 3. bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeringyyyy VOORBEELD - Een medewerker van een bedrijf veroorzaakt schade aan een derde tijdens het uitoefenenvan zijn werkzaamheden voor dat bedrijf - het slachtoffer stelt de werkgever van de medewerker van dat bedrijf aansprakelijk voor de ontstane schade - in geval van letsel kan de schade al snel een aardig bedrag vertegenwoordigen - als het bedrijf de schade zelf moet dragen, kan dat gevolgen hebben m.b.t. de continuteit van dat bedrijf - een aansprakelijkheidsverzekering tegen dergelijke aanspraken kan dan uitkomst biedeny XX:B55 [}  Aantal_marktpartijenDefinitieMarktvorm, Marktfactor, Markt, Economie- Aantal_marktpartijen - het aantal marktpartij(en) die activiteit(en) op de markt uitoefenen en zodoende mede de marktvorm bepalen - de volgende mogelijkheden kunnen hierbij worden onderscheiden - n of vele aanbieder(s), of vrager(s), waaronder: - veel marktpartij(en) - er zijn zoveel marktpartij(en) dat n van die marktpartij(en) op zich de prijs / marktprijs niet kan benvloeden - de prijs is dan voor de marktpartij(en) een vast gegeven, ook wel een datum genoemd ЉVA5G I-      AansprakelijkheidsverzekeringDefinitieSchadeverzekering, Verzekering- Aansprakelijkheidsverzekering: - een type verzekering - wettelijke_aansprakelijkhei - het enige dat ze kunnne doen is de gevraagde of de aangeboden hoeveelheid aanpassen ( hoeveelheidsaanpasser(s) ) - weinig marktpartij(en) - marktpartij(en) kunnen hier de prijs of de omstandigheden ( bijv. promotieactie(s) ) wel benvloeden - vrager(s) en aanbieder(s) houden dus rekening met elkanders gedraging(en) - een actie van een marktpartij kan reactie(s) van andere martpartij(en) uitlokken - vrager(s) en aanbieder(s) zijn hier prijzetter(s) / prijsbepaler(s) - n marktpartij - kan binnen zeer ruime grenzen de prijzen bepalen - n vrager komt niet veel voor, bijvoorbeeld: de overheid bij de aanschaf van wapentuig - n aanbieder komt vaker voor, bijvoorbeeld: Nederlandse Spoorwegeny ID5 K-C  )   // AantredeDefinitieOptrede, Trede, Trap, Bouwkunde- Aantrede: - een aspect / kenmerk van een trede van een trap / traptrede - de horizontale m҂=C41I   Aantekening_houdenDefinitieWvK 68Makelaar- Aantekening_houden: - wordt ook wel boekhouden / boekhouding genoemd - een makelaar moet aantekening_houden van iedere overeenkomst en aan partij(en) daarvan een gewaarmerkt afschrift geven ( WvK 68 )yyaat / afmeting van een trede - gerekend vanaf voorkant van een trede tot aan voorkant van de bovenliggende trede, en - gemeten ter plekke van de looplijn, ofwel - de horizontale maat / afmeting van het tredevlak, gemeten op de looplijn en loodrecht op de voorkant van het tredevlak tot aan de verticale_projectie / projectie van de voorkant van de bovenliggende trede op het betreffende tredevlak - de minimummaat volgens Bouwbesluit 2002 is 22 cm ( was voorheen 18,5 cm ) - het overstek van een aantrede heet een wel - als de weltrede NIET wordt meegerekend, geldt: een trap heeft n aantrede(n) en ( n + 1 ) optrede(n) - de maat / afmeting van 2 x optrede + 1 x aantrede moet liggen tussen 57 en 70 cm, want - dit is een maatverhouding die de gemiddelde stapgrootte van een mens aangeeft, en - waar men binnen moet blijven om een goed lopende trap te verkrijgen ybouwkunde testBou4I16ybouw\dsc01446.jpgbouw\dsc01447.jpg uuE4#%5?[   ?  AanvaardingDefinitieBW 6 , BW 7Verwerping, Erfrecht- Aanvaarding: - van een aanbod ( BW 6:217 ) - van een schenking ( BW 7:175, 181 ) - van een nalatenschap ( BW 4:190 ev ), waarbij kunnen worden onderscheiden: - zuivere_aanvaarding - aanvaarding van alle goederen en van alle schulden van de nalatenschap zonder voorafgaande boedelbeschrijving - beneficiaire_aanvaarding - aanvaarding van alle goederen en van alle schulden van de nalatenschap geschiedt pas nadat een boedelbeschrijving is gemaakt en nadat daaruit is gebleken dat er een ( batig ) saldo overblijft na aftrek van alle schulden, anders - kan de nalatenschap vr de aanvaarding alsnog worden verworpen - te late aanvaarding ( BW 6:223 )yynyPri5II27,Pri6I11,Pri6I28,yy *G5= 'm  )   Aanvoerkabel_nutsbedrijfDefinitieSchakel-_en_verdeelinrichting, Bouwdeel, Bouwmateriaal, Bouwproces, Bouwkunde- Aanvoerkabel_nutsbedrijf: - een onderdeel van de schakel-_en_verdeelinrichting / electrische_installatie in een gebouw / woning - bevindt zich vr de hoofdzekering(en) - bestaat uit een hoofdleiding en een dienstleidingybouwkunde testBou4I21y>F4+ue   AanverwantschapDefinitieBW 1:1 evBloed-_en_aanverwantschap, Personen-_en_familierecht- Aanverwantschap: - een familierechtelijke_relatie / familierechtelijke_betrekking die onstaat door: - huwelijk of geregistreerd_partnerschap ( BW 1:3-2 )yPri5II58 I7Us  Aanvraag_Bezwaar_Beroep_Hoger_beroepDefinitieAwb 1:5Bestuursrecht, publiekrecht; beschikking; besluit; beroeֆ?H6]q !     AanvraagDefinitieAwb 1:3Formeel_recht, Procesrecht, Publiekrecht- Aanvraag: - in het algemeen: een verzoek om ..... - kent onderscheiden betekenissen: 1. publiekrecht - een aanvraag is een verzoek van een belanghebbende ..... aan een bestuursorgaan ..... om een besluit te nemen ... ( Awb 1:3-3 ) - een besluit is een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan een publiekrechtelijke_rechtshandeling betreffend ( Awb 1:3-1 ) - beschikking is een besluit dat niet van algemene aard is, met inbegrip van de afwijzing van een aanvraag daarvan ( Awb 1:3-2 ) - zie ook: - aanvraag_om_besluit - bouwaanvraagnyyyPub5II11,Pub5II18,Pub5II21,Pub5II28,Pub5II39,Pri5II38,Pub5II40,Bou4II24yyp- Een natuurlijk_persoon of een rechtspersoon dient bij het bevoegd_bestuursorgaan van een gemeente ( college_van_B&W ) een aanvraag voor een vergunning in - het bevoegd_bestuursorgaan neemt een beslissing over die aanvraag, maakt van die beslissing een besluit, publiceert dat besluit, en geeft van dat besluit een beschikking af aan de aanvrager - als een belanghebbende ( de aanvrager zelf, of een ander ) het niet eens is met het besluit, dan kan deze belanghebbende, afhankelijk van wat de toe te passen wet / verordening voorschrijft: A. de wet schrijft voor een belanghebbende geen specifieke beroepsmogelijkheid voor, dan geldt de AwB, dus - bezwaar maken middels bezwaarschrift bij het overheidsorgaan dat het besluit heeft genomen - dan komt er een heroverweging met volle_toetsing ( ex-nunc ), en een nieuw besluit / beschikking - beroep tegen dat nieuwe besluit is mogelijk bij de administratieve_rechter ( = bestuursrechter ) - de administratieve_rechter past echter alleen een ex-tunc toets op de rechtmatigheid toe - daarna hoger_beroep mogelijk bij Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State B. de wet schrijft voor: administratief_beroep instellen bij een in die wet nader genoemd bestuursorgaan - dus administratief_beroep instellen bij het in die wet nader genoemde andere bestuursorgaan dan die het besluit heeft genomen - dan komt er een heroverweging met volle_toetsing ( ex-nunc ), en een nieuw besluit - hoger_beroep tegen nieuwe besluit mogelijk bij: Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State - bij Raad_van_State echter alleen een ex-tunc toets op de rechtmatigheid C. de wet schrijft voor: beroep instellen bij Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State - dit is het geval bij de wet(ten): - Wet_milieubeheer ( Wm 20:1 ) - Wet_geluidshinder - Grondwaterwet - Wet_inzake_luchtverontreiniging D. Belemmeringenwet_privaatrecht_(_BelWetPr_) schrijft voor: beroep instellen bij het Gerechtshof ( BelWetPr 4 ) - voor schadevergoeding echter naar de kantonrechter ( BelW 14 )ny hK7-EqS7#    Aanvullend_rechtDefinitieBWRegelend_recht, Privaatrecht- Aanvullend_recht : - de rechtsregel(s) die, als een bepaald aspect NIET is geregeld, bijv., in een: - overeenkomst, of in een - bijzondere_wet en de ( algemene ) wet er wel iets over zegt, het ontbrekende aڂgJ43/I 5    Aanvraag_om_besluitDefinitieAwb 1:3-3Aanvraag, Verzoek- Aanvraag_om_besluit: - een type aanvraag ( Awb 1:3-3 ) - een belanghebbende kan bij het ( in eerste_aanleg ) bevoegd_bestuursorgaan een aanvraag_tot_een_besluit ( bijv. voor een bouwvergunning ) doen- Zie ook: aanvraagyyPri5II38yspect, als dat noodzakelijk blijkt, automatisch volgens de regel(s) van de ( algemene ) wet wordt aangevuld - komt vaak voor in het privaatrecht - als er m.b.t. bepaalde aspct(en) tussen partij(en) niets is geregeld ( geen regelend_recht is toegepast ), slaan de regel(s) van het recht / aanvullend_recht, automatisch toe - als er m.b.t. bepaalde aspct(en) tussen partij(en) WEL iets is geregeld ( regelend_recht is toegepast ), slaan de regel(s) van het recht / aanvullend_recht, m.b.t. dat aspect NIET meer toe - als in een bijzondere_wet een aspect is geregeld, en in een algemene_wet datzelfde aspect ook is geregeld, dan geld de regeling van de bijzondere_wet, als de algemene_wet dat tenminste toelaat ( zie bij Toepassing(en) onderaan ) - overeenkomstige bepaling(en) in een bijzondere_wet gaan dus voor die in een algemene_wet, tenzij de algemene_wet anders bepaalt - als iets tussen partij(en) of in een wet niets is geregeld, vult de ( eventuele ) betreffende wet het ontbrekende automatisch aan - een deel van het burgerlijk_recht kan dus worden uitgesloten in een overeenkomst middels een zogenoemde exoneratie_clausule - in de Awb staat dat een beschikking moet worden afgegeven binnen de bij ( een ) wettelijk_voorschrift bepaalde termijn ( Awb 4:13-1 ) of, bij het ontbreken daarvan, binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag ( Awb 4:13-2 ) - in Wonw 46 is zo$n wettelijk_voorschrift gegeven, namelijk, een termijn van 6 weken waar binnen een beslissing op een aanvraag om een lichte_bouwvergunning moet zijn genomen - de termijn van zes weken van de bijzondere_wet ( Wonw 46 ) gaat dan voor de termijn van 8 weken van de algemene_wet Awb - als geen beslistermijn is genoemd in een bijzondere_wet, dan geldt de termijn van acht weken van de algemene_wet ( = Awb ) - zie ook: - regelend_rechtyyyyy ``9M45 G  Aanwezige_capaciteitDefinitieCapaciteit, Bedrijfsbezetting, Standaardkostprijs, Bedrijfskosten, Kosten- Zie: Beschikbare_capaciteityn_L43 u=    Aanvullende_werkingDefinitieDerogerende_werking, Derogeren, Overeenkomst, Beding- Aanvullende_werking: - wordt veelal mee bedoeld: - aanvullende_werking redelijkheid en billijkheid, waarbij - als in een overeenkomst beding(en) voorkomen die voor een of meerdere van de partij(en) onvoldoende redelijk of billijk zijn, de rechter de werking van die beding(en) kan aanvullenyny monument in het kader van de Monumentenwet_1988 ( Monw ) 2.2. van een stuk grond ter onteigening in het kader van de Onteigeningswet_(_Ow_) 2.3. van grond(en) en opstal(len) in het kader van de Wet_voorkeursrecht_gemeenten_(_Wvgem_) 2.4. m.b.t. de vaststelling van een bestemmingsplan in het kader van de Wet_ruimtelijke_ordening_(_Wro_) ( Wro hfdstk. 4 ), waarbij kunnen worden onderscheiden: - aanwijzing_wro 2.4.1. provinciale_aanwijzing ( Wro 4.2 ) 2.4.2. rijks_aanwijzing ( Wro 4.4 )- zie ook: - reactieve_aanwijzing - proactieve_aanwijzing - ambtshalve_aanwijzing - spontane_aanwijzing - handhavingsaanwijzing - aanwijzing_op_aanvraagyyynyPri5II09,Pub5II42,Pub5II47yy pN6! #k %   A AanwijzingDefinitie- Aanwijzing: - kent onderscheiden betekenisen, waaronder: 1. particulier: - bijvoorbeeld het aanwijzen van een executeur bij een testament - aanwijzing van een goed / deel van een gemeenschap ten gunste van een rechthebbende, waarna - eventueel toedeling kan volgen 2. overheid: - het aanwijzen van een zaak door de overheid als een bepaald object met een bepaald doel - geschied middels het vaststellen van een aanwijzingsbesluit door het bevoegd_gezag - aanwijzing(en) kunnen worden onderscheiden m.b.t., onder meer: 2.1. van een pand als Bf &Rj "<W{3UAanvraag_Bezwaar_Beroep_Hoger_beroepDefinitieI"3Aanvraag_om_besluitDefinitieJ-Aanvullend_rechtDefinitieK"3Aanvullende_werkingDefinitieL#5Aanwezige_capaciteitDefinitieM!AanwijzingDefinitieN%9Aanwijzing_op_aanvraagDefinitieO)Aanwijzing_wroDefinitieP!1AanwijzingsbesluitDefinitieQ%9AanwijzingsbevoegdheidDefinitieR!AanzeggingDefinitieS+EAanzegging_tot_bestuursdwangDefinitieTAanzichtDefinitieU!AardedraadDefinitieV'AardelektrodeDefinitieWAardgasDefinitieXAardingDefinitieY#AardleidingDefinitieZ /AardlekschakelaarDefinitie[AardpenDefinitie\!AardwarmteDefinitie]#Abell_modelDefinitie^#5Absolute_bevoegdheidDefinitie_8_Absolute_bevoegdheid_van_de_kantonrechterDefinitie`"3Absolute_frequentieDefinitiea(?Absolute_luchtvochtigheidDefinitieb 7O59 !m U    Aanwijzing_op_aanvraagDefinitieAanwijzing- Aanwijzing_op_aanvraag: - een type aanwijzing, waarbij - de aanwijzing wordt gegeven op een aanvraag van een belanghebbende - voorbeeld(en): - aanwijzing van een beschermd_monument door de minister bijvorbeeld op aanvraag van een gemeente ( Monw 3) - aanwijzing van een beschermd_stads-_en_dorpsgezicht door de minister bijvorbeeld op aanvraag van een gemeente ( Monw 35 )- zie ook: - aanwijzing - reactieve_aanwijzing - proactieve_aanwijzing - ambtshalve_aanwijzing - spontane_aanwijzing - handhavingsaanwijzing - aanwijzing_op_aanvraagyynyy ~P4)'!;    Aanwijzing_wroDefinitieWro hfdstk. 4Aanwijzing- Aanwijzing_wro: - een type aanwijzing die wordt toegepast in het werkveld van de Wet_ruimtelijke_ordening_(_Wro_) / Wro, waarbij - een hoger_overheidsorgaan aan een gemeente met het oog op een goede ruimtelijke_ordening een aanwijzing kan geven om binnen een bepaalde termijn een bestemmingsplan vast te stellen overeenkomstig daarbij gegeven voorschrift(en) ( Wro hfdstk. 4 ) - als het ware een bestemmingsplan / ruimtelijke_ordening dat van hoger hand wordt opgelegd - kan verder worden onderscheiden in: 1. provinciale_aanwijzing ( Wro 4.2 ) 2. rijks_aanwijzing ( Wro 4.4 )yynyy VzV R49     AanwijzingsbevoegdheidDefinitie- Aanwijzingsbevoegdheid: - een type bevoegdheid m.b.t. een aanwijzing - komt, onder meer, voor in: - Wro art 4.2 en 4.4 - zie daartoe verder: aanwijzingyynyyQ41 !!   A AanwijzingsbesluitDefinitieAanwijzing- Aanwijzingsbesluit: - een type besluit m.b.t. een aanwijzing, waarbij - het betreffende besluit wordt genomen door het bevoegd_gezag - voorbeeld(en): 1. aanwijzing in het kader van de Wet_voorkeursrecht_gemeenten, waarbij - het bevoegd gezag de gemeenteraad is 2. aanwijzing in het kader van de Monumentenwet, waarbij - het bevoegd gezag de Minister van Ocw is 3. etc. , waarbij - het bevoegd gezag de ..... isyynPri5II09,Pub5II42,Pub5II47yy {U4 I   ) + / AanzichtDefinitieBouwkunde- Aanzicht: - n kant van een voorwerp waar men ( onder meer bij een rechthoekige_projectie / projectie ) tegen aankijkt, waarbij - kunnen worden onderscheiden: - vooraanzicht - zijaanzicht - bovenaanzicht ybouwkunde testBou5I16,Bou4I14bouw\Dsc06179.jpg7T4E    Aanzegging_tot_bestuursdwangDefinitieGemw 125Awb- Een aanzegging_tot_bestuursdwang is een schriftelijke_mededeling van een beslissing ( = besluit ) van een bestuursorgaaan aan een belanghebbende - een aanzegging_tot_bestuursdwang is een beschikking - tegen een aanzegging_tot_bestuursdwang staat de mogelijkheid van bezwaar en beroep open nyyPub5II09S3!W    AanzeggingDefinitieAwb 5:21Awb- Zie: Aanzegging_tot_bestuursdwang nyyPub5II09 V6! !3 A1  )  11 AardedraadDefinitieElectriciteitskabel, Kabel, Bouwdeel, Bouwmateriaal, Bouwproces, Bouwkunde- Aardedraad: - zie: Groen-gele_draad - zie verder beschermingsleiding- zie ook: - aarding - zie ook: - bruine_draad ofwel fasedraad - blauwe_draad ofwel nuldraad - zwarte_draad ofwel schakeldraad - groen-gele_draad ofwel aardedraad ofwel beschermingsdraadybouwkunde testybouw2\Dsc01476.jpgbouw2\Dsc01477.jpg |W4' qk  )  AardelektrodeDefinitieAardpen, Aardelektrode, Bliksemafleider, Bouwkunde- Aardelektrode: - wordt ook wel aardedraad genoemd - een component m.b.t. de aarding van electrische systemen / electrische_installatie - een lange koperen leiding met een doorsnede van 25 mm2 die met behulp van een aardpen in de grond wordt gedreven - de leiding waarop ale eventueel stroomvoerende metalen delen worden aangesloten van, onder meer: cv, waterleiding, funderingswapening, gasleiding, mechanische_ventilatie, de staalconstructie,, etc. - de leiding die ervoor zorgt dat bij een eventuele foutieve stroomloop ( kortsluiting in een apparaat ) de stroom direct naar de aarde wordt afgevoerd - de aardelektrode en de nuldraad zijn in woning(en) in Nederland NIET met elkaar verbonden ybouwkunde testy EqE(Y4 qI  )  AardingDefinitieAardpen. Aardelektrode, Bliksemafleider, Bouwkunde- Aarding: - het geheel aan component(en) m.b.t. de aarding van electrische apparatuur en m.b.t. de electrische_installatie - kan worden onderscheiden in, onder meer: 1. aardleiding 2. beschermingsleiding 3. aardelektrode 4. aardpen 5. overstroombeveiliging 6. smeltveiligheid 7. installatie_automaat 8. aardlekschakelaarybouwkunde testy X5 #c  )  AardgasDefinitieAansluitpunt, Aansluitleiding, Binnenleiding, Gasmeter, Gasinstallatie, Gas- Aardgas: - een type gas / een megsel van gas(sen) - het gas dat in de gasverbruikstoestel(len) van gebouw(en) en woning(en) wordt verbruikt, t.b.v., onder meer: - verwarming - koken - etc.ybouwkunde testy \4 qY A  )  AardpenDefinitieAardpen, Aardelektrode, Bliksemafleider, Bouwkunde- Aardelektrode: - een component m.b.t. de aarding van electrische systemen / electrische_installatie - een ca. 1 m lange metalen punt welke de aardelektrode meeneemt tijdens het aanbrengen van deze aardpen in de grond - zie ook: - aardingybouwkunde testy\[5/ q%W A  )  AardlekschakelaarDefinitieAardpen, Aardelektrode, cZ4# q=  )  AardleidingDefinitieAardpen, Aardelektrode, Bliksemafleider, Bouwkunde- Aardleiding: - een component m.b.t. de aarding van electrische systemen / electrische_installatie - metalen verbinding tussen een te aarden systeem en de aardpen - het te aarden systeem kan zijn, bijvoorbeeld een: - bliksemafleider - te aarden electriciteitverbruikstoestel of onderdeel ybouwkunde testyBliksemafleider, Bouwkunde- Installatie_automaat: - een vorm van overstroombeveiliging - een component m.b.t. de aarding van electrische systemen / electrische_installatie - een alternatief voor de smeltveiligheid - wordt in moderne electrische_installatie(s) toegepast - meet de hoeveelheid stroom / stroomsterkte die naar een bepaalde groep toe vloeit en meet tevens de hoeveelheid stroom / stroomsterkte die van die bepaalde groep weer naar de aardlekschakelaar terugvloeit, waarbij - indien alles in orde is, het stroomsterkteverschil gelijk aan 0 is, maar - als kortsluiting optreedt en stroom wegvloeit die dus NIET meer naar de aardlekschakelaar terugvloeit, er een stroomsterkteverschil ongelijk aan 0 wordt gemeten, waarna de aardlekschakelaar de betreffende groep uitschakelt - meet het verschil tussen de fase en de nulstroom ( ofwel tussen de bruine en de blauwe draad )- zie ook: - aardingybouwkunde testy i^3# w  Abell_modelDefinitieMarketing- Abell_model: - zie: business_definition_modelny]5! =-3  )  AardwarmteDefinitieElectriciteit, Bouwkunde- Aardwarmte: - een vorm van alternatieve_electrische_energiebron: - betreft: 1. het in de winter oppompen van warm water uit de diepere aardlagen om daarmee: - ruimte(n) te verwarmen - te wassen - etc, om zodoende electrische_energie te besparen 2. het in de zomer oppompen van koud water uit de diepere aardlagen om daarmee: - ruimte(n) te koelen - etc, om zodoende electrische_energie te besparenybouwkunde testy ^`4_ c   Absolute_bevoegdheid_van_de_kantonrechterDefinitieRv 95-98- Absolute_bevoegdheid_van_de_kantonrechter: - het takenpakket van de kantonrechter staat in Rv 95-98 yyn)_45#QY   Absolute_bevoegdheidDefinitieBW 3 & BW 5Relatieve_bevoegdheid, Bevoegdheid- Absolute_bevoegdheid: - dit betreft de vraag welke ( soort ) rechter met betrekking tot wat ( soort geschil ) bevoegd is - in eerste_aanleg: rechtbank yynbsolute_frequentie ofwel frequentie BEREKENING: - De volgende gegeven(s) m.b.t. de 120 waarneming(en) / gemeten waarde(n) van een variabele zijn bekend: 15 40 32 44 49 34 37 50 41 65 35 76 51 19 56 21 65 22 30 13 15 77 50 49 69 40 55 43 31 38 86 55 39 74 66 83 42 31 24 21 38 46 61 51 49 55 11 54 37 29 10 43 67 33 57 63 52 73 20 57 29 42 26 34 45 46 62 70 71 53 79 60 24 45 52 68 53 47 47 64 35 26 45 60 69 50 59 59 36 54 35 27 42 71 92 98 06 79 03 16 81 06 46 54 27 69 36 76 86 04 19 38 46 47 32 47 49 48 50 61 - de totale_frequentie is het totaal aantal waarneming(en) / alle gemeten waarde(n) van de variabele en is dus gelijk aan 120 - de frequentie ofwel absolute_frequentie van de waarde 47 is gelijk aan 5, dat wil zeggen: - het getal 47 komt 5 maal voor in de verzameling van alle 120 getal(len) / waarde(n) / waarneming(en) - de absolute_frequentie ofwel frequentie van de waarde 47 is gelijk aan 5, dat wil zeggen: - het getal 47 komt 5 maal voor in de verzameling van alle 120 getal(len) / waarde(n) / waarneming(en) - de totale_absolute_frequentie is gelijk aan de som van alle absolute_frequentie(s), waarbij - de betreffende absolute_frequentie(s) de waard(en) 1 of groter kunnen hebben ( 1 in het geval van de waarde 04, of 5 in het geval van de waarde 47 ) - de som van alle absolute_frequentie(s) is dan weer de totale_frequentie, dus totale_absolute_frequentie = totale_frequentie = 120 ,,Da73 'w C  = Absolute_frequentieDefinitieRelatieve_frequentie, Frequentie, Statistische_analyse, Statistisch_onderzoek- Absolute_frequentie: - wordt ook wel frequentie genoemd - het aantal malen dat n bepaalde waarde, of de waarde(n) binnen een klasse, in een variable voorkomt - m.b.t. de verzameling van alle gemeten waarde(n) ofwel m.b.t. het totaal aantal waarneming(en) betreffende die variabele - zie voor een rekenvoorbeeld onder de rode knop- zie ook: - frequentie, absolute_frequentie, totale_frequentie, totale_absolute_frequentie, frequentieverdeling, gecumuleerde_frequentieverdeling, frequentietabel, relatieve_frequentie, cumulatieve_frequentie, cumulatieve_absolute_frequentie, cumulatieve_relatieve_frequentie, frequentiegrafiek, frequentiepolygoon, frequentiehistogram, frequentiecurve, mediaan_van_een_frequentieverdelingyyy REKENVOORBEELD CASUS: a <A<ld55 s =  )  Absolute_vochtigheidDefinitieLuchtvochtigheid, Bouwfysica, Bouwproces, Bouwkunde- Absolute_vochtigheid: - zie: Absolute_luchtvochtigheid- zie ook: - vochtigheid - luchtvochtigheid - absolute_luchtvochtigheid - relatieve_luchtvochtigheidybouwkunde testyc3-#m   Absolute_rechtenDefinitieBW 3 & BW 5Recht- Absolute_rechten: - zie: Absoluut_recht yyy;b5? s =  )  Absolute_luchtvochtigheidDefinitieLuchtvochtigheid, Bouwfysica, Bouwproces, Bouwkunde- Absolute_luchtvochtigheid: - een type luchtvochtigheid - betreft de hoeveelheid water in een vastgestelde hoeveelheid lucht- zie ook: - vochtigheid - luchtvochtigheid - absolute_luchtvochtigheid - relatieve_luchtvochtigheidybouwkunde testy ~Eg5 O; _  ) / AbsorptieDefinitieBouwfysica, Bouwproces, Bouwkunde- Absorptie: - algemeen geformuleerd is absorptie het opnemen van deeltjes van een bepaalde stof in een andere stof - kan meer specifiek betrekking hebben op: - volume: - absorptie f7)#aYm q   Absoluut_rechtDefinitieBW 3 & BW 5Recht, Subjectief_recht, Zakelijke_rechten- Absoluut_recht: ~e49'O    Absoluut_gebruiksrechtDefinitieBW 3:8 & BW 5Beperkt_recht_(_schakelbepaling_)- Absoluut_gebruiksrecht: - een type gebruiksrecht, waarbij - een eigenaar van een onroerende_zaak op GEEN enkele wijze m.b.t. het gebruik van die onroerende_zaak wordt beperkt - is de tegenhanger van het beperkt_gebruiksrechtyyy - een type subjectief_recht zijndeeen recht dat aan een bepaald persoon = het subject, toekomt - een recht van een persoon op een bepaalde zaak, zoals bijv. eigendomsrecht - een absoluut_recht op een bepaalde zaak geldt tegenover alle andere personen / tegenover een ieder - het absoluut_recht blijft de zaak volgen = droit_de_suite = aan de zaak gekoppeld, dus - ook bij eigendomsoverdracht van de zaak blijft het gekoppeld aan de betreffende zaak - kan een volledig_recht ( bijv. de volle_eigendom ) zijn, of een beperkt_recht betreffen - een beperkt_recht ( = eveneens een absoluut_recht ), is bijvoorbeeld het recht_van_hypotheek - het recht_van_hypotheek blijft de zaak eveneens volgen, wie ook de eigenaar is - is volledig ( = een volledig_recht ) als er geen beperkt_recht(en) op van toepassing zijn - een absoluut_recht ( moederrecht ) op een zaak kan worden beperkt door een beperkt_recht ( dochterrecht ) - een beperkt_recht werkt beperkend op het absoluut_recht ( moederrecht ) - kan worden onderscheiden in, onder meer: 1. volledig_absoluut_recht: eigendom ( BW 5:1 ); auteursrecht; octrooirecht 2. beperkt_absoluut_recht 2.1. gebruiksrecht(en) / genotsrecht(en), waaronder: - vruchtgebruik - erfdienstbaarheid - erfpacht - opstal - appartementsrechten 2.2. zekerheidsrecht(en), waaronder: - pand - hypotheek - zie ook: - zakelijke_rechten - relatief_recht - de eigenaar van een bepaald huis heeft het recht / absoluut_recht daar zelf over te beslissen - iedere andere persoon heeft dat recht dus NIET m.b.t. dat bepaalde huis - bij gezamenlijk eigendom, niemand anders dan de eigenaar(s)- zie ook: - subjectief_recht - objectief_recht - absoluut_recht - relatief_rechtyyyyvan gasdeeltjes, vloeibare deeltjes of vaste deeltjes in vloeibaar of vast materiaal en wordt bestudeerd in de fysische chemie. Voorbeeld, het water trekt in een spons, de spons heeft het water geabsorbeerd. - optica: - absorptie van foton(en) door een materiaal - akoestiek: - absorptie van geluidsgolven door een materiaal; zie: geluidsabsorptie - economie: - absorptie verwijst naar de totale vraag van een economische eenheid van goederen en dienst(en) van zowel binnen als buiten die economische eenheid - bijvoorbeeld(en): - als het volledige aanbod van een product afgenomen wordt door de markt - als alle gebouwde woning(en) ook verhuurd of verkocht worden, of alle geproduceerde melk ook verkocht wordt, etc. - zie ook: - absorptiecofficintybouwkunde testbouw\dsc01464.jpg >h55 #  ) / AbsorptiecofficintDefinitieAbsorptie, Suskast, Ventilatie, Bouwfysica, Bouwproces, Bouwkunde- Absorptiecofficint - is de mate waarin een verschijnsel wordt geabsorbeerd - heeft een waarde tussen 0 en 1, waarbij: 0 betekent: geen absorptie, alles wordt gereflecteerd of getransmitteerd 1 betekent: volledige absorptie, er wordt NIETS gereflecteerd of getransmitteerd ) 0,6 betekent: 0,6 wordt geabsorbeerdybouwkunde testbouw\dsc00xxx.jpg Di5+ c   Abstracte_marktDefinitieConcrete_markt, Markt, Afzetmarkt, Economie- Abstracte_markt: - het geheel van betrekking(en) ( = relatie(s) ) tussen marktpartij(en) ofwel vrager(s) naar en aanbieder(s) van een bepaald product, of dienst, die in ruiltransactie(s) kunnen resulteren - een markt waar de: - de te verhandelen goederen NIET fysiek aanwezig zijn - de marktpartij(en) zijnde de aanbieder(s) / verkoper(s) en de vrager(s) / koper(s) elkaar NIET daadwerkelijk ontmoeten - de abstracte_markt kan worden onderscheiden in: - kopersmarkt - verkopersmarkt - consumentenmarkt - zakelijke_markt / industrile_markt - vermogensmarkt / financile_marktyy ZZl4+     Accessoir_rechtDefinitieRecht- Accessoir_recht: - wordt ook wel afhankelijk_recht genoemd ynyyyk49 5   ) // Academiegebouw_UtrechtDefinitieBouwstijl, Bouwkunde- Academiegebouw_Utrecht: - wordt tot de Neorenaissance_bouwstijl gerekend - architect: E.H. Gugel en F.J. Nieuwenhuis ybouwkunde testbouw\dsc00170.jpgbouw\dsc00171.jpgdj3! sk g  ) AcaciahoutDefinitieHardhout, Zachthout, Hout, Bouwmateriaal, Bouwkunde- Acaciahout: - zie daartoe: mangiumhout- Zie ook: - hardhout - zachthoutybouwkunde test -Qp2UvA[#5Absolute_vochtigheidDefinitied%9Absoluut_gebruiksrechtDefinitiee)Absoluut_rechtDefinitiefAbsorptieDefinitieg#5AbsorptiecofficintDefinitieh+Abstracte_marktDefinitiei!AcaciahoutDefinitiej%9Academiegebouw_UtrechtDefinitiek+Accessoir_rechtDefinitielAccijnsDefinitiemAccijnzenDefinitien%AccoladeboogDefinitieoAccountDefinitiep"3AccountantscontroleDefinitieq /AccountmanagementDefinitier)AccountmanagerDefinities$7Achtergestelde_leningDefinitiet#AchtergevelDefinitieu"3AchtergevelrooilijnDefinitiev&;Achterstallig_onderhoudDefinitiew"3Achterstallige_huurDefinitiex!AchtertuinDefinitiey'=Achterwaartse_integratieDefinitiez%AchterwerkerDefinitie{%9Acquisitieve_verjaringDefinitie|%Acrylaat_kitDefinitie}+Acte_de_commandDefinitie~ uun5 [  AccijnzenDefinitieVerbruiksbelasting, Belasting, Indirecte_belasting, Accijns, Economie- Accijnzen: - een vorm van verbruiksbelasting op genotsmiddel(en), en is daarbij een: 1. indirecte_belasting 2. indirecte_verbruiksbelasting 3. kostprijsverhogende_belastingynm5 {   AccijnsDefinitieVerbruiksbelasting, Belasting, Indirecte_belasting, Accijnzen, Economie- Accijns: - een vorm van verbruiksbelasting - verbruiksbelasting op genotsmiddel(en) - een indirecte_belasting - een indirecte_verbruiksbelasting - een kostprijsverhogende_belastingnyyn A"q33 iS  AccountantscontroleDefinitieGrote_rechtspersoon; middelgrote_rechtspersoonZie: Verplichte_accountantscontroleyn p5 O W   AccountDefinitieAccountmanager, Accountmanagement- Account: - een klant - wordt beheerd ( = de relatie met die klant wordt onderhouden ) door een accountmanager, waarbij - het beheren accountmanagement wordt genoemd- zie ook: - account - accountmanager - accountmanagementnyy,o4% 5g   ) / AccoladeboogDefinitieBouwstijl, Bouwkunde- Accoladeboog: - een type boog die - kan worden gebruikt als ontspanningboog, en die - kan voorkomen bij de bouwstijl Renaissance_bouwstijl ybouwkunde testbouw\dsc00213.jpg WW!s5) O% W   AccountmanagerDefinitieAccountmanager, Accountmanagement- Accountmanager: - een type manager - onderhoud de relatie met een account ( = een klant ), waarbij - het proces van het onderhouden van die relatie accountmanagement wordt genoemd- zie ook: - account - accountmanager - accountmanagementnyyr4/ ;=   AccountmanagementDefinitieAccountmanager, Account- Accountmanagement: - een type management / beheer, gericht - op het onderhouden van een goede relatie met klant(en) ( = de account )nyy t57 7e]    Achtergestelde_leningDefinitieBedrijfsadministratie- Achtergestelde_lening: - wordt ook wel $ familielening $ genoemd - een lening waarvan de verstrekker heeft verklaard dat: - andere verschaffer(s) van vreemd_vermogen voorrang hebben bij de nakoming van: - rentebetaling(en) - aflossing(en) op hen betreffende lening(en) door de schuldenaar- Bij een achtergestelde_lening kan de zogenoemde $ Tante_Agaath_regeling $ van toepassing zijn - Een achtergestelde_lening behoort formeel gezien tot het vreemd_vermogen van een onderneming, maar - wordt door een kredietverstrekkende bank vaak gezien als een deel van het eigen_vermogenyyyn {u4# W   )   AchtergevelDefinitieZijgevel, Voorgevel, Gevel, Bouwkunde- Achtergevel: - een type gevel - de gevel die zich, in de regel, aan de achterzijde van een gebouw bevindt - de gevel die in de regel van de straatzijde is afgekeerd, maar - in de regel wel evenwijdig aan de straat loopt ybouwkunde testyy g w5; E/ ?I   )   Achterstallig_onderhoudDefinitieOnderhoud, Beheer, Bouwkunde- Achterstallig_onderhoud: v63# G     AchtergevelrooilijnDefinitieWonw 8Gevelrooilijn, Bouwplan, Bouwverordening, Ruimtelijke_ordening, Wonw, Awb- Achtergevelrooilijn: - een vorm van een gevelrooilijn - een voorschrift uit de gemeentelijke bouwverordening, m.b.t. - die gebied(en) in een gemeente waarvoor geen bestemmingsplan is vastgesteld - een lijn die men bij het bouwen in een van de weg afgekeerde richting, wel of niet, mag overschrijden - zie ook: - rooilijn - gevelrooilijn - voorgevelrooilijn - achtergevelrooilijn - zijgevelrooilijnnyyPub5II19y - een vorm van onderhoud: - de situatie die ontstaat als er een verschil is tussen: - de gewenste / geiste prestatie(s) / kwaliteit van een object en - de feitellijke / actuele prestatie(s) / kwaliteit van een object en daardoor - gevolgschade optreedt - kan leiden tot een hoger bedrag m.b.t. de investering / investering_vastgoed_object die een koper moet doen i.v.m. de overname van een vastgoed_object - zie ook: - achterstallig_onderhoud - adaptief_onderhoud - contractonderhoud - dagelijks_onderhoud - functioneel_onderhoud - inspectief_onderhoud - klachten_onderhoud - mutatie_onderhoud - perfectief_onderhoud - planmatig_onderhoud - correctief_onderhoud ofwel curatief_onderhoud - preventief_onderhoudyyybouwkunde testyy XX?z6=' -  Achterwaartse_integratieDefinitieWboVoorwaartse_izy4! +g [  )  AchtertuinDefinitieTuin, Bouwkunde- Achtertuin: - een type tuin, welke - zich aan de achterzijde van de woning / gebouw bevindmet dank aan: www.bouwbeslagonline.nlybouwkunde testy7x43 a   Achterstallige_huurDefinitieOninbare_huur, Huur, Bedrijfsadministratie- Achterstallige_huur: - wordt ook wel aangeduid als huurachterstand - een huur waarvan de betalingstermijn is verstreken en waarbij die betreffende huur nog niet is betaaldyyyyntegratie, Integratie, Ontwikkelingen_in_de_bedrijfskolom- Achterwaartse_integratie - het uitschakelen van een voorgaande schakel in de bedrijfskolom middels integratie met de betreffende schakel, bijvoorbeeld d.m.v. - uitschakeling van een grossier door een supermarkt, en vervanging door directe_levering door de producent aan de supermarkt - het traject van de betreffende detaillist naar de producent wordt korter - ook een inkoopcombinatie van winkelier(s) die de grossier overslaat en direct bij de producent gaat kopen doet aan achterwaartse_integratiezie ook: - concentratie - horizontale_concentratie ofwel parallellisatie - verticale_concentratie - integratie - voorwaartse_integratie - achterwaartse_integratieyy h{6% #  ) AchterwerkerDefinitieMetselsteen, Metselverband, Metselwerk, Metselen, Bouwkunde- Achterwerker: - een type metselsteen - een metselsteen die in een muur NIET in het zicht blijft, zoals - een steen in vuil_metselwerk - een steen in een binnenmuur niet zichtbaar blijft omdat die binnenmuur later is gestucadoord - een metselsteen die in het zicht blijft wordt een voorwerker genoemdybouwkunde test 4|6971g    Acquisitieve_verjaringDefinitieBW 3:99Bevrijdende_verjaring, Verjaring_van_rechtsvordering; Bijzondere_titel, Beperkt_recht- Acquisitieve_verjaring - verkrijgende_verjaring ( BW 3:99 - men verkrijgt dan een goed onder bijzondere_titel door verjaring - men kan zo, mits men het bezit te_goeder_trouw heeft verkregen en onafgebroken bezitter blijft: - de eigendom verwerven - recht op een recht krijgen voor - roerende_zaken ( niet-registergoederen ) door 3 jaar bezit - andere_goederen ( dus o.a. onroerende_zaken ) door 10 jaar bezit, bijvoorbeeld bij: - erfdienstbaarheid - erfpacht ( door verjaring ontstaat een nieuw recht_van_erfpacht ) ynny ==?}7% !mi   ) Acrylaat_kitDefinitiePlasto_elastische_kit, Kit, Bouwmateriaal, Voeg, Bouwkunde- Acrylaat_kit: - een type plasto_elastische_kit - kan worden toegepast bij het opvullen van: - scheur(en) in muur / muren - krimpnaad tussen steenachtig_materiaal - krimpnaad tussen houtachtig_materiaal - krimpnaad tussen steenachtig_materiaal en houtachtig_materiaal - kan ook worden toegepast bij het afdichten van ( kleine ) werkende_voeg(en) van binnenmuur ( aansluiting van plint, of kozijn aan een wand ) - is na droging overschilderbaar - is niet vuilgevoelig - zie ook: - bitumen_rubber_kit - butyl_rubber_kit - acrylaat_kit - epoxy_polyurethaan_kit- Zie ook: - verhardende_kit - elastische_kit - plastische_kit - plasto_elastische_kit ybouwkunde testofflrx~ &,28>DJPV\bhntz "(.4:@FLRX^djpv|013467È8Ĉ:ň<Ȉ=ˈ>̈@ψBшDӈEԈGՈIوK܈MވNOPRUVWY\^`adghilnqstuwz{|}~       %&),0 3!6"9$<'D(I)M*R+W,Y._/c1k3r4t5w6{79;<=>?@CEFGHIKÉLĉMʼnOƉQljRȉUˉV͉Yԉ[Չ^ ++Q~4+    Acte_de_commandDefinitie- Acte_de_command: - een akte die door een notaris bij een veiling wordt opgemaakt als door de bieder de naam van de opdrachtgever ( de vertegenwoordigde ) wordt bekendgemaakt - hierdoor komt de vertegenwoordige in de positie alsof hij zelf had geboden - de bieder blijft echter zelf ook hoofdelijk_aansprakelijk voor de veilingverplichtingenynnny 549 s _    Actief_vermogensbeheerDefinitieNormaal_vermogensbeheer, Vermogensbeheer, Belasting- Actief_vermogensbeheer: - een type vermogensbeheer, waarbij - bovengemiddelde / bovenmatige inspanning(en) m.b.t. het beheer dat vermogen worden verricht - het actieve beheer zelf wordt gedaan - de betreffende daarmee behaalde voordelen worden toegerekend aan box_1_ib, en - zodoende dus met een progressief_tarief worden belast- zie ook: - actief_vermogensbeheernyyyyarbij - het plan eventueel moet worden bijgesteld ( slecht weer, etc. ) 5. beindigingsfase - de dienst wordt bendigd op het moment dat de dienstverlener van mening is dat de dienst volgens de afspraken is verleend, en - waarbij afnemer en dienstverlener hun eindoordeel over het resultaat van de verleende dienst vormen, waarbij - de afnemer en de dienstverlener tevreden zijn - de afnemer ontevreden en de dienstverlener tevreden is - de afnemer ontevreden en de dienstverlener ontevreden is en waarbij moet worden bepaald of nog verdere actie moet worden ondernomen - zie ook: - dienstverleningsproces - probleemanalyse - actieplanning - uitvoeringsfase - beindigingsfaseny 88<8' 1=  ActieplanningDefinitieDienstverleningsproces, Dienstverlening, Dienstenmarketing, Dienst- Actieplanning: - een fase uit het dienstverleningsproces: - het in kaart brengen door de dienstverlener en de afnemer hoe en waaneer de gewenste verandering ( bijv. de afgevallen bladeren moeten weg uit de tuin ) gaat plaatsvinden: - langzaam en geruisloos harken, of - snel met veel lawaai wegzuigen / wegblazen - wanneer de dienstverlening aanvangt en wanneer die wordt bendigd 4. uitvoeringsfase - de dienst wordt door de dienstverlener uitgevoerd, waarbij vooraal een directe benvloeding van het gedrag wordt beoogd, en waarbij - de promotie vooral is gericht op het vergroten van de omzet door het stimuleren van aankopen, en waarbij - tot de actiepromotie worden gerekend: sales_promotion, displays, direct_marketing_promotie, artikelpresentatie, verpakking en persoonlijke_verkoop, en waarbij - de actiereclame dient ter ondersteuning van de sales_promotion_activiteit(en) - reclame kan worden ingedeeld naar: 1. zender: collectieve_reclame, detailhandelsreclame, coperatieve_reclame, idele_reclame en producentenreclame 2. boodschap: informatieve_reclame, vergelijkende_reclame, institutionele_reclame, merkreclame, themareclame en actiereclame 3. medium: etherreclame, persreclame, directe_reclame, direct_mail en point-of-purchase_reclame 4. ontvanger: consumentenreclame, industrile_reclame, handelsreclame en professionele_reclamenyEco5I52,y 97%  Y    ActiereclameDefinitieReclame, Promotie, Promotiebeleid, Marketingmix, Marketingonderzoek- Actiereclame: - een meer tactische dan strategische vorm van reclame, waarbij - een tijdelijke actie als reclameonderwerp is gekozen, waaronder: - prijskorting - ( tijdelijk ) sparen voor een cadeauartikel, zoals bijvoorbeeld: - een handdoek voor 100 punten of streepjescode(s) - ( volgens NIMA ) een onderdeel van de ( marketing ) promotiemix, wa hh47oS _  Actieve_grondpolitiekDefinitieWroPassieve_grondpolitiek, Bestemmingsplan, Wro, Awb- Actieve_grondpolitiek: - een gemeente: - koopt grond, of onteigent grond - maakt de grond bouwrijp - legt voorziening(en) aan zoals: - wegen, straten, straatverlichting, riolering, etc. - verkoopt de grond, of geeft die grond in erfpacht uit - de gemaakte kosten moeten worden gecompenseerd door de verkoopprijs van de grond- Zie ook: - passieve_grondpolitiekny !!m6E I e  Actieve_persoonlijke_verkoopDefinitiePromotie_ins l5# 1-  Actieve_kasDefinitieInactieve_kas, Liquiditeitsvoorkeurtheorie, Keynes, Geld, Goederen, Bank, Economie- Actieve_kas: - bevat geld dat periodiek wordt ontvangen en weer wordt uitgegeven, en - dat zodoende actief wordt gebruikt om bijvoorbeeld de lopende activiteit(en) financieel af te wikkelenytrument, Promotie, Promotiebeleid, Marketingmix, Marketing- Actieve_persoonlijke_verkoop: - een vorm van persoonlijke_verkoop, waarbij: - een vertegenwoordiger ofwel sales_representative die een klant bezoekt, en - die vanwege de hoge kosten alleen nog maar in een industrile_omgeving wordt aangetroffen, omdat - in die sector geen ( goedkopere ) massamedia m.b.t. de promotie van product(en) kunnen worden gebruikt - de " oude " marskramer die vanwege de hoge kosten is verdwenen - voorbeeld(en): - colportage - voor bijvoorbeeld het verkopen van encyclopedie(en)- zie ook: - reclame - sales_promotion - public_relations - persoonlijke_verkoop - passieve_persoonlijke_verkoop ofwel receptieve_verkoopny 6+ 5S    Actio_popularisDefinitieWmb; WroWet_milieubeheer_:5)Q] M    Actio_PaulianaDefinitieBW 3:49Vernietigbaarheid, Rechtshandeling- Actio_Pauliana: - het inroepen van de nietigheid van een rechtshandeling van een schuldenaar, waardoor schuldeiser(s) zijn benadeeld - als een schuldenaar een onverplichte_rechtshandeling+5A )   Actieve_risico_aanvaardingDefinitieRisico_aanvaarding, Planschade, Bestemmingsplan, Wro, Awb, Risico- Actieve_risico_aanvaarding: - een vorm van risico_aanvaarding, waarbij - iemand koopt een stuk grond terwijl hij wist dat er een wijziging van het bestemmingplan op komst was, omdat een voorbereidingsbesluit reeds door de gemeenteraad was vastgesteld - hij heeft de beslissing om te kopen bewust genomen - daarom geen planschadenyy -Y2Tt0Km'ActieplanningDefinitie%ActiereclameDefinitie$7Actieve_grondpolitiekDefinitie#Actieve_kasDefinitie+EActieve_persoonlijke_verkoopDefinitie)AActieve_risico_aanvaardingDefinitie)Actio_PaulianaDefinitie+Actio_popularisDefinitieActivaDefinitie(?Activazijde_van_de_balansDefinitieActiverenDefinitie!ActiviteitDefinitie!1Actuele_grondprijsDefinitie)#Actuele_kennisOrganisatie'Actuele_prijsDefinitie'Actuele_renteDefinitie'Actuele_vraagDefinitie)Actuele_waardeDefinitie&;Actuele_waardegrondslagDefinitie-Ad-hoc_onderzoekDefinitie#Ad_ministerDefinitie!1Adaptief_onderhoudDefinitie /Additionele_vraagDefinitieAdhesieDefinitieAdm000DefinitieAdm5I01DefinitieAdm5I02DefinitieAdm5I03Definitie ( onverschuldigde_betaling ) pleegt, en - hij had kunnen weten dat hij daarmee zijn schuldeiser(s) benadeelt in hun verhaalsmogelijkheden, dan - is deze rechtshandeling vernietigbaar ( BW 3:45 ) - de bevoegdheid om op te komen tegen rechtshandelingen van een debiteur waardoor zijn schuldeiser(s) worden benadeeld. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om situatie(s) waarin de debiteur ( in het zicht van een faillissement ) zijn bezittingen voor een zeer laag bedrag heeft verkocht, waardoor schuldeiser(s) geen verhaal meer kunnen halen op die bezittingen - kan worden onderscheiden in: 1. De algemene_pauliana of BW_pauliana ( zie artikel 45 tot en met 48 van boek 3 van het Burgerlijk_Wetboek / BW 3:45 - 48 ) 2. faillissementspauliana ( artikel 42 tot en met 51 van de Faillissementswet / Fw 42 - 51 ) 3. erfrechtpauliana ( artikel 205 van boek 4 van het Burgerlijk_Wetboek / BW 4:205 ) - zie ook: - faillissementynyn(_Wmb_), Wet_op_de_ruimtelijke_ordening_(_Wro_)- Actio_popularis: - een ieder heeft de mogelijkheid om tegen een besluit ( op grond van bepaalde wetten ) beroep in te stellen bij de rechter - Actio_popularis was mogelijk bij de wet(ten): - Wet_milieubeheer_(_Wmb_) - Wet_op_de_ruimtelijke_ordening_(_Wro_) - bij deze wet(ten) had een ieder de mogelijkheid om tegen een besluit op grond van deze wetten beroep in te stellen bij de rechter - dat wordt actio_popularis genoemd - die mogelijkheid is nu geschrapt - alleen belanghebbende(n) kunnen nu nog beroep instellen tegen een besluit - het recht om zienswijze(n) naar voren te brengen bij de inspraak voorafgaande aan het besluit kan volgens Awb 3:15 wel desgewenst ook aan een ieder worden toegekendnyyPub5II56 - het ondernemingsvermogen is besteed aan / is bestemd voor de bedrijfsmiddelen van een onderneming - het ondernemingsvermogen komt voort uit de vermogensbronnen van een onderneming - Activa / bedrijfsmiddel(en) zijn de vermogensbestemmingen van het ondernemingsvermogen en kunnen bestaan uit: 1. vaste_activa / vaste_bedrijfsmiddelen - gaan langer dan 1 jaar mee - bedrijfspand; bedrijfsinrichting; inventaris; vervoermiddelen - lening_u/g - goodwill 2. vlottende_activa / vlottende_bedrijfsmiddelen - gaan korter dan 1 jaar mee - debiteuren; voorraden 3. liquide_bedrijfsmiddelen - kasgeld en/of bankrekeningyyyPri5II53 aa 5?   Activazijde_van_de_balansDefinitieActiva, Passiva, Balans, Bedrijfsadministratie, Vermogen, Passiva- Activazijde_van_de_balans: - debetzijde_van_de_balans - is de zijde van de balans waar de - vermogensbestemmingen ofwel - bezittingen van een onderneming staan vermeldynr5 m)W    ActivaDefinitiePassiva, Balans, Bedrijfsadministratie, Vermogen- Activa: - bedrijfsmiddel(en) - staan aan de activazijde_van_de_balans ( debetzijde_van_de_balans ) - De activa zijn de vermogensbestemmingen van een onderneming en die laten, onder meer, zien: - waar het ondernemingsvermogen is gebleven - waar het ondernemingsvermogen aan is besteed - wat de bestemming van het ondernemingsvermogen is / was  ; 4! a    ActiviteitDefinitieEconomie, Bedrijfsadministratie, Bouwkunde- Activiteit: - werkzaamheid - bedrijvigheid - bezigheid - kan worden onderscheiden in, onder meer: - economische_activiteit - bouwactiviteit yyyyEco5I44,y* 4 G   ActiverenDefinitieBalans, Bedrijfsadministratie- Activeren: - een post aan de debetzijde ( activa ) van de balans vermelden, zodat - de post dan is geactiveerd, en - er op die post kan worden afgeschrevenynAdm5I06 T 51 SU   Actuele_grondprijsDefinitieGrondprijs, Taxatiemethode, Taxatie- Actuele_grondprijs: - een type grondprijs / een type prijs - het bedrag dat thans ( = vandaag de dag ) voor een stuk grond zal worden betaald = grondwaarde - de tegenhanger van de historische_grondprijs - zie ook: - grondprijs - actuele_grondprijs - historische_grondprijs - gronduitgifteprijs - grondwaarde - uitgifteprijs - grondkosteny 9974' _   Actuele_prijsDefinitieFactorkosten, Evenwichtsprijs, Vraagcurve, Aanbodcurve, Economie- Actuele_prijs: - zie: Marktprijsyyyy 5)# e    Actuele_kennisOrganisatieExamen- Actuele_kennis: - een type kennis - de kennis die thans geldig is m.b.t. een ( in de tijd aan verandering onderhevig ) onderwerp, en - die iemand kan of moet hebben, m.b.t., bijvoorbeeld: 1. uitoefening van een bepaalde functie 2. een examen- zie ook: - kennis - actuele_kennis - locale_kennis - regionale_kennisyy R 3' [;  Actuele_vraagDefinitieMarktvraag, Markt, Afzetmarkt, Economie- Zie: Effectieve_vraagyn*6' 5S o   m Actuele_renteDefinitieRente, Administratie- Actuele_rente: - een type rente - de huidige rente / de vandaag geldende rente, waarmee - veelal het huidige rentepercentage wordt bedoeld- zie ook: - rente - werkelijke_rente - effectieve_rente - rele_rente - nominale_rente - wettelijke_rente - gewaardeerde_rente - actuele_renteyyyyyMak6I10,Mak6I33,Mak6I34,Mak6I38,Adm5I22,Adm5I23,Adm5I24,Adm5I25,Adm5I26,Adm5I27,Adm5I28,Adm5I43,Eco5I36,Pri6I41,yrekening van onderneming(en), en onderdeel uitmaakt van de waardebegrippenlijst - de waarde van een goed of een zaak die is gebaseerd op: - de actuele_prijs ofwel de marktprijs of - op gegeven(s) die op de datum van waardering geacht kunnen worden relevant te zijn voor die waarde - is de waarde van een actief zoals die in de jaarrekening dient te worden opgenomen - de waardering van een actief / activa op basis van actuele_prijzen / actuele_prijs, waarbij - dit kan worden gerealiseerd door waardestijging(en) en waardedaling(en) direct als winst of verlies te boeken, of - door de waardeverandering(en) op een aparte rekening genaamd herwaardering te plaatsen en pas bij verkoop door te boeken naar de winst-_en_verliesrekening - de actuele_waarde kan op grond van een betreffende Algemene_Maatregel_van_Bestuur ( BW 2:384-4 ) worden onderscheiden in: 1. vervangingswaarde: - wordt toegepast bij materile_vaste_activa indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat het goed zal worden vervangen door een goed dat voor de bedrijfsuitoefening een in economische zin gelijkwaardige betekenis zal hebben 2. bedrijfswaarde - wordt toegepast bij materile_vaste_activa indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat het goed NIET zal worden vervangen, maar nog WEL voor de bedrijfsuitoefening dient of is bestemd 3. opbrengstwaarde - wordt toegepast bij materile_vaste_activa indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat het goed NIET zal worden vervangen en NIET ( meer ) voor de bedrijfsuitoefening dient of is bestemd - zelfstandige_vruchtdrager(s) worden ook volgens opbrengstwaarde gewaardeerd 4. marktwaarde- zie ook: - waardebegrippenlijst - actuele_waardegrondslag - zelfstandige_vruchtdrageryyyyy NN"7)!y mE    Actuele_waardeDefinitieBW 2:384-4Actuele_waardegrondslag, Waarde, Waardebegrip, Taxatie- Actuele_waarde: - een type taxatiewaarde - een waardebegrip_mbt_jaarrekening_van_ondernemingen / taxatie_waardebegrip m.b.t. de taxatiedoel(en): - fiscaliteit / vennootschapsbelasting, zoals - die wordt gehanteerd m.b.t. de jaar 5;!7 1   Actuele_waardegrondslagDefinitieBW 2:384-4Waardebegrip, Taxatie- Actuele_waardegrondslag: - een kostengrondslag m.b.t. het waardebegrip " balanswaarde " - de grondslag voor de waardering van een actief en van een passief m.b.t. de bepaling van het resultaat t.b.v. de jaarrekening van een rechtspersoon ( BW 2:384-1 ), waarbij de actuele_waarde ( BW 2:384-4 ) verder kan worden onderscheiden in: 1. vervangingswaarde 2. opbrengstwaarde 3. bedrijfswaarde- zie ook: - historische_kostengrondslag - actuele_waardegrondslag, welke verder kan worden onderscheiden in: - vervangingswaarde - opbrengstwaarde - bedrijfswaardeyyy >4# '[  Ad_ministerDefinitieAdministratie- De uitdrukking administratie ( ad_minister ) betekent: voor het bestuur / ten behoeve van het bestuurynu5- ]  Ad-hoc_onderzoekDefinitieOnderzoeksfrequentie, Marktonderzoek_indeling, Marktonderzoek- Ad-hoc_onderzoek: - een element van het marktonderzoek - oplossen van een eenmalig probleem m.b.v. een gerichte_steekproef zoals: - wat vindt de consument van een nieuwe verpakking van een productny 51 E_ ?I  )  Adaptief_onderhoudDefinitieOnderhoud, Beheer, Bouwkunde- Adaptief_onderhoud: - een vorm van onderhoud: - het aanpassen van de gewenste / geiste prestatie(s) / kwaliteit van een object aan een ( nieuwe ) situatie - zie ook: - achterstallig_onderhoud - adaptief_onderhoud - contractonderhoud - dagelijks_onderhoud - functioneel_onderhoud - inspectief_onderhoud - klachten_onderhoud - mutatie_onderhoud - perfectief_onderhoud - planmatig_onderhoud - correctief_onderhoud ofwel curatief_onderhoud - preventief_onderhoudybouwkunde testy 4/ [S  Additionele_vraagDefinitieMarktvraag, Markt, Afzetmarkt, Economie- Additionele_vraag: - de vraag naar een bepaald duurzaam_product of merk door degenen die dat product of merk reeds bezitten, en zodoende een extra exemplaar aanschaffen zonder het reeds in bezit zijnde exemplaar buiten gebruik te stellen, zoals bijvoorbeeld: - meerdere televisie(s) in een huishouden, met exemplaren in: - woonkamer, studeerkamer, slaapkamer(s), keuken, etc.yn !![4 I 7  )  / AdhesieDefinitieCohesie, Bouwfysica, Bouwkunde- Adhesie: - de onderlinge aantrekkingskracht tussen ongelijke moleculen zonder dat er sprake is van een chemische binding - is afgeleid van het Latijnse woord adhaesio wat aanhechting betekent - wanneer de adhesieve_kracht / adhesie tussen de moleculen en een capillair, groter is dan de cohesieve_kracht / cohesie ( = aantrekkingskracht tussen gelijke moleculen in de vloeistof ) zal in een capillair de vloeistofspiegel ( = meniscus ) hol zijn en de vloeistof langs de wand van het capillair omhoog worden getrokken - wanneer de adhesieve_kracht / adhesie kleiner is dan de cohesieve_kracht / cohesie ( = aantrekkingskracht tussen gelijke moleculen ), zal in een capillair de meniscus bol zijn en de vloeistof langs de wand van het capillair omlaag worden gedrukt - zie ook: cohesie ybouwkunde testBou4I24bouw\dsc00xxx.jpg d|5 # c Adm5I02Definitiekrediet,bank,leverancierskrediet,crediteurenkrediet,afnemerskre!:5 7 K Adm5I01Definitiebalans,besloten_vennootschap,B.V.,balanspost,financile_vaste_activa,Lening_u/g,directeur_grootaandeelhouder,Goodwill,Rekening_courant,onderneming,belang,immaterile_vaste_activa,vlottende_activa,vlottende_passivaCASUS Adm5I01 - De balans van een besloten_vennootschap bevat een balanspost genaamd " financile_vaste_activa " . Welke van de hieronder gegeven alternatiev 4 5 Adm000DefinitieCASUS Adm000 - ... a ... b ... c ... Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een ... in combinatie met ..... - bovendien ....... - het gaat hier dus om .............. - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: ............ Het meest juiste antwoord is daarom ...yen wordt tot de " financile_vaste_activa " gerekend ? a Lening_u/g aan de directeur_grootaandeelhouder b Goodwill c Rekening_courant m.b.t. directeur_grootaandeelhouder Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een balanspost in combinatie met financile_vaste_activa - daarom zoeken in de theorie bij: financile_vaste_activa - Financile_vaste_activa: - een balanspost op de balans van een onderneming, bijvoorbeeld een B.V., die kan omvatten: - belegging(en) - uitlening(en) - lening_u/g - is een vorm van effectieve_reserve / materile_reserve / belegde_reserve - belang(en) in andere bedrijven - Goodwill behoort tot de immaterile_vaste_activa van de balans ( kan op worden afgeschreven ) - Rekening_courant behoort tot de vlottende_activa / vlottende_passiva van de balans - Het meest juiste antwoord is daarom ay"diet,debiteurenkrediet,onderneming,balans,balanspost,debiteuren,crediteuren,CASUS Adm5I02 - Krediet kan op diverse manieren worden verstrekt / verkregen. Middels een bank, of buiten een bank om. Leverancierskrediet en afnemerskrediet zijn twee kredietvorm(en). Bij een onderneming komen op de balans, onder meer, de balanspost(en) debiteur(en) en crediteur(en) voor. Van welke kredietvorm(en) is, m.b.t. die balanspost(en) van die onderneming, sprake. a Van verstrekt_afnemerskrediet bij de balanspost debiteur(en) en van ontvangen_leverancierskrediet bij de balanspost crediteur(en) b In beide gevallen van verstrekt_leverancierskrediet c Van verstrekt_leverancierskrediet bij de balanspost debiteur(en) en van ontvangen_leverancierskrediet bij de balanspost crediteur(en) Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een aantal kredietvorm(en), waaronder leverancierskrediet en afnemerskrediet, in combinatie met bepaalde balanspost(en); bovendien is er sprake van verstrekt, of ontvangen krediet 1. als er sprake is van " eerst leveren, dan betalen " is er altijd sprake van een leverancierskrediet 2. als er sprake is van " eerst betalen, dan leveren " is er altijd sprake van een afnemerskrediet 3. men moet redeneren vanuit de positie van die onderneming waarop de balanspost(en) debiteur(en) en crediteur(en) zijn vermeld - de onderneming in deze vraag heeft aan haar debiteur(en) / afnemer(s), volgens het principe " eerst leveren, dan betalen ", dus een leverancierskrediet verstrekt - er is hier ( volgens 3 ) dus sprake van een door de onderneming aan de afnemer / debiteur " verstrekt_leverancierskrediet " - de onderneming heeft tevens van haar crediteur(en) / leverancier(s), wederom volgens het principe " eerst leveren, dan betalen " een leverancierskrediet ontvangen - er is hier ( volgens 3 ) dus sprake van een door de ondernemer van haar leverancier " ontvangen_leverancierskrediet " Het meest juiste antwoord is daarom cy$g a De liquiditeit van onderneming A wordt slechter b De liquiditeit van onderneming A wordt beter c De liquiditeit van onderneming A blijft gelijk Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van solvabiliteit in combinatie met liquiditeit - bovendien worden ontvangst(en) m.b.t. debiteur(en) gebruikt om het lang_vreemd_vermogen te verminderen - het gaat hier dus om wijzigingen in de vermogenspositie van de onderneming - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Financile_structuur - De liquiditeit van een onderneming kan worden bepaald m.b.v. de current_ratio ( en hier niet m.b.v. de quick_ratio want er is hier geen sprake van voorraad(en) ): vlottende_activa + liquide_middelen Current_ratio = ---------------------------------------------------------------------- kort_vreemd_vermogen - Het debiteurenbestand behoort tot de vlottende_activa; door verkoop van het debiteurenbestand nemen de vlottende_activa af en nemen de liquide_middelen eerst toe ( met hetzelfde bedrag ), waardor de current_ratio eerst nog ongewijzigd blijft - de ontvangst(en) die tot de liquide_middelen behoren worden aangewend om een langlopende schuld weg te werken, waardoor - de som van de vlottende_activa + liquide_middelen zijn verminderd - aan het kort_vreemd_vermogen verandert niets zodat - de current_ratio wordt dus minder en daarmee verslechtert de liquiditeit van de onderneming - de langlopende schuld ( lang_vreemd_vermogen ) is verminderd eigen_vermogen - De solvabiliteit = ----------------------------------- verbetert omdat het lang_vreemd_vermogen en daarmee het totale_vermogen afneemt totale_vermogen Het meest juiste antwoord is daarom ay @@05 } q Adm5I03Definitieonderneming,solvabiliteit,liquiditeit,vordering,debiteuren,ontvangst,lang_vreemd_vermogen,financile_structuur,vlottende_activa,current_ratio,quick_ratio,voorraden,liquide_middelen,kort_vreemd_vermogen,schuld,schulden,totale_vermogen,eigen_vermogenCASUS Adm5I03 - Bij onderneming A is sprake van een matige solvabiliteit en een matige liquiditeit. De onderneming wil de solvabiliteit verbeteren door het totaal van de vordering(en) op debiteur(en) te verkopen aan een andere onderneming en met de ontvangst(en) daarvan een lang_lopende_lening af te lossen. Welke van onderstaande alternatieven is hier van toepassin# ;;A5   Adm5I04Definitieeigenaar,bedrijf,salaris,inkomstenbelasting,winst,ondernemingsvorm,vennootschap_onder_firma,besloten_vennootschap,commanditaire_vennootschap,N.V.,B.V.,onderneming,vennootschapsbelastingCASUS Adm5I04 - Een makelaarskantoor heeft als eigenaar(s) een gehuwd stel. Beiden werken in het bedrijf en ontvangen daarvoor salaris van de onderneming waarover inkomstenbelasting moet worden betaald. Over de winst van de onderneming wordt vennootschapsbelasting betaald. Wat is de ondernemingsvorm van het bedrijf ? a Een vennootschap_onder_firma b Een besloten_vennootschap c Een commanditaire_vennootschap Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een onderneming in combinatie met het betalen van vennootschapsbelasting door die onderneming - Alleen een N.V., of een B.V. betalen vennootschapsbelasting Het meest juiste antwoord is daarom by(ning,onderneming,realisatiebeginsel,voorzichtigheidsbeginsel,bestendigheidsbeginsel,financile_verslaggeving,financieel_verslag,winst,levering,factuur,debiteur,betaling,stelselmatigheid,bestendige_gedragslijn,winst-_en_verliesrekening,grond,boekjaarCASUS Adm5I05 - De grondslag(en) voor de waardering(en) ( bijvoorbeeld van een onroerende_zaak ) en de bepaling van het resultaat, met betrekking tot het opstellen van de jaarrekening van een onderneming mogen niet van jaar tot jaar worden gewijzigd. Met welk van onderstaande alternatieven komt dit beginsel overeen ? a Het realisatiebeginsel b Het voorzichtigheidsbeginsel c Het bestendigheidsbeginsel Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van grondslag(en) in combinatie met het opstellen van een jaarrekening - het gaat hier dus om de financile_verslaggeving ( het financieel_verslag ) van een onderneming - daarom zoeken in de theorie bij: financile_verslaggeving - Realisatiebeginsel: - winst(en) mogen slechts worden genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd, met dien verstande dat, bijv.: - levering heeft plaatsgevonden en de factuur aan de debiteur is verstuurd, ongeacht - of de betaling is verricht dan wel op een later tijdstip zal plaatsvinden - Bestendigheidsbeginsel / Stelselmatigheid: - wordt ook wel bestendige_gedragslijn genoemd - vereist dat de indeling en werkwijze m.b.t. de balans en de winst-_en_verliesrekening volgens een eenmaal gekozen vorm, jaar op jaar wordt gehandhaafd - de vorm mag alleen op goede grond(en) genoemd in de toelichting, afwijken van die van het voorgaande jaar - Voorzichtigheidsbeginsel: - verliezen en risico$s die hun oorsprong vinden voor het einde van het boekjaar, moeten met betrekking tot het opmaken van de jaarrekening in acht worden genomen, indien zij vr het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden Het meest juiste antwoord is daarom cy UsU5   Adm5I06Definitiewettelijke_reserve,gebonden_reserve,onderneming,betaling,faillissement,debiteur,activeren,bepaalde,kosten,balanspost,dubieuze_debiteuren,gebouw,bedrijfsmiddel,bezit,rekening_van_bezit,tegenrekening,herwaarderingsreserve,passiva,bedrag,waarde,financieren,winstCASUS Adm5I06 - Wettelijke_reserve(s) worden tot de gebonden_reserve(s) gerekend. In welke gevallen moet een onderneming een wetttelijke_reserve vormen ? a Bij het uitstellen van een betaling b Bij vermoedelijk faillissement van een debiteur c Bij het activeren van bepaalde kosten Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een wettelijke_reserve in combinatie met een aantal bedrijfssituatie(s) - Bij het uitstel*}5   Adm5I05Definitiegrondslag,waardering,onroerende_zaak,bepaling,resultaat,jaarreke'len van een betaling, bijvoorbeeld omdat de onderneming geen geld ( meer ) heeft, kan ( helemaal ) geen reserve meer worden gevormd - Bij vermoedelijk faillissement van een debiteur kan een balanspost Dubieuze_debiteuren worden aangemaakt - Bij het activeren van bepaalde kosten, zoals bijvoorbeeld bij de herwaardering van gebouw(en) - door herwaardering van een meer waard geworden bedrijfsmiddel ontstaat een vermogenstoename, of een vermogensafname - de rekening_van_bezit $ Bedrijfsgebouw $ wordt bij toename gedebiteerd ( meer bezit ), bij afname gecrediteerd ( minder bezit ) - de tegenrekening Herwaarderingsreserve ( passiva ) wordt bij waardetoename gecrediteerd voor hetzelfde bedrag - deze tegenrekening geeft bij een waardetoename dus het bedrag aan, dat nodig is om de gestegen waarde te financieren - het is dus geen winst maar dient om het bedrijfsgebouw eventueel te kunnen vervangen Het meest juiste antwoord is daarom cyigen vermogen van een onderneming worden vergroot ? Dat kan door: a overboeking van liquide_middelen naar de reserve(s) b uitgifte van bonusaandelen ten laste van de agioreserve(s) c emissie van nieuwe aandelen Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een te gering eigen_vermogen in combinatie met mogelijkheden voor een vergroting van het eigen_vermogen - Bij de overboeking van liquide_middelen naar de reserve(s), bijvoorbeeld naar belegde_reserve(s), verandert het eigen_vermogen niet omdat de omvang van de bezittingen, of van de schulden daardoor niet veranderen - Bij de uitgifte van bonusaandelen ten laste van de agioreserve(s) verandert het eigen_vermogen niet omdat de agioreserve(s), net als de uit te geven bonusaandelen, reeds tot het eigen_vermogen worden gerekend - Bij de emissie van nieuwe aandelen worden nieuwe aandelen uitgegeven en wordt geld binnengehaald waardoor het eigen_vermogen wordt vergroot Het meest juiste antwoord is daarom cy yy{5 ? E Adm5I07Definitiebank,onderneming,lening,eigen_vermogen,liquide_middelen,reserve,uitgifte,bonusaandelen,agioreserve,emissie,aandelen,belegde_reserve,bezittingen,schulden,CASUS Adm5I07 - Een bank wil aan een bepaalde onderneming geen lening verstrekken omdat het eigen_vermogen van die onderneming te gering is. Hoe kan het e+. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Debet / Activa Credit / passiva Vaste_activa 100.000 Eigen_vermogen 60.000 Vlottende_activa 50.000 Lang_vreemd_vermogen 20.000 Kort_vreemd_vermogen 70.000 ------------------ ----------------- 150.000 / 150.000 ======== ======== --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Voordat een onderzoek van de balans plaatsvindt, wordt gesteld dat een debt_ratio van 0,7 en een current_ratio van 2 voor de onderneming aanvaardbaar is. Wat zal de conclusie van het balansonderzoek zijn ? a Alleen de solvabiliteit voldoet aan het gestelde b Alleen de liquiditeit voldoet aan het gestelde c Zowel de liquiditeit als de solvabiliteit voldoen aan het gestelde Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een debt_ratio in combinatie met een current_ratio, solvabiliteit en liquiditeit - daarom zoeken in de theorie bij: financile_structuur van een onderneming - Solvabiliteit + Debt_ratio = 1 - dus als de debt_ratio < 0,7 moet zijn, moet de solvabiliteit > 0,3 zijn volgens Solvabiliteit + Debt_ratio = 1 eigen_vermogen 60.000 - De solvabiliteit = ----------------------------------- = ------------------------ = 0,40 en voldoet daarmee aan de voorwaarde totale_vermogen 150.000 vlottende_activa + liquide_middelen 50.000 - De liquiditeit in deze opgave = current_ratio = -------------------------------------------------------------- = --------------------- = 0,71 en voldoet niet kort_vreemd_vermogen 70.000 - Alleen de solvabiliteit voldoet aan het gestelde Het meest juiste antwoord is daarom ay mm 5 3 Y Adm5I08Definitieonderneming,balans,vaste_activa,vlottende_activa,eigen_vermogen,lang_vreemd_vermogen,kort_vreemd_vermogen.debt_ratio,current_ratio,solvabiliteit,liquiditeit,financile_structuur,totale_vermogen,liquide_middelen,CASUS Adm5I08 - Een onderneming heeft de volgende, verdichte balans: --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per ...... -2 Euro 40.400 debet Vermogen B Euro 100.000 Priv B Euro 37.000 credit Vermogen A nog te storten Euro 46.000 Winstsaldo Euro 148.000 Vermogen B nog te storten Euro 42.000 - In het vennootschapscontract is m.b.t. de winstverdeling het volgende bepaald: - iedere vennoot ontvangt elk jaar een vast bedrag ter grootte van Euro 50.000 - iedere vennoot ontvangt 6 % rentevergoeding per jaar over het gestorte vermogend per balansdatum - een eventueel restant wordt gelijkelijk verdeeld onder de vennoten - Wat is juist m.b.t. de aangegeven saldi van de Rekening_priv van de vennoten ? a A heeft een vordering op de vennootschap en B heeft een schuld aan de vennootschap b A heeft een schuld aan de vennootschap en B heeft een vordering op de vennootschap c A heeft een vordering op de vennootschap en B heeft een vordering op de vennootschap Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een balanspost Priv in combinatie met debet en credit - het gaat hier dus om vordering(en) of schulden van de vennoten m.b.t de vennootschap - Als een vennoot een priv opname heeft gepleegd ( bijvoorbeeld middels een geldopname uit de kas ) dan wordt de kas gecrediteerd ( rekening_van_bezit neemt af ) en moet de tegenrekening Rekening_priv worden gedebiteerd. Bij een priv_storting werkt het geheel net andersom - als het saldo Rekening_priv een debet_saldo is dan is er meer opgenomen dan gestort en is er een schuld van de vennoot aan de vennootschap - als het saldo Rekening_priv een credit_saldo is dan is er meer gestort dan opgenomen en heeft de vennoot een vordering op de vennootschap Het meest juiste antwoord is daarom by nn!5 w  Adm5I09Definitiebalans,vennootschap_onder_firma,v.o.f.,vennoten,balanspost,winstsaldo,vermogen,priv,debet,credit,winstverdeling,vennoot,rekening_priv,vennootschap,vordering,schuld,kas,rekening_van_bezit,tegenrekening,priv_storting,saldo,vennootschapscontractCASUS Adm5I09 - De balans van een vennootschap_onder_firma / v.o.f., met de vennoten A en B bevat aan het einde van het jaar 2004 de volgende balanspost(en). Het winstsaldo moet nog worden verdeeld. Vermogen A Euro 132.000 Priv A 15 100.000 Priv B Euro 37.000 credit Nog_te_storten_vermogen A Euro 46.000 Winstsaldo Euro 148.000 Nog_te_storten_vermogen B Euro 42.000 - In het vennootschapscontract is m.b.t. de winstverdeling het volgende bepaald: - iedere vennoot ontvangt elk jaar een vast bedrag ter grootte van Euro 50.000 - iedere vennoot ontvangt 6 % rentevergoeding per jaar over het gestort_vermogen per balansdatum - een eventueel restant wordt gelijkelijk verdeeld onder de vennoten - Welk bedrag krijgt vennoot A uit de winst van het betreffende jaar ? a Euro 74.720,- b Euro 74.120,- c Euro 74.840,- Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een winstverdeling, vermogen en nog_te_storten_vermogen in combinatie met vennootschapscontract - Vennoot A ontvangst net als vennoot B Euro 50.000,- - daarnaast ontvangt vennoot A nog een vergoeding van 6 % over het gestort_vermogen van A ( = 128.000 - 46.000 ), dat is: 0,06 x ( 128.000 - 46.000 ) = 0,06 x 82.000 = 4.920 Euro - Vennoot B ontvangst net als vennoot A Euro 50.000,- - daarnaast ontvangt vennoot B nog een vergoeding van 6 % over het gestort_vermogen van B ( = 100.000 - 42.000 ), dat is: 0,06 x ( 100.000 - 42.000 ) = 0,06 x 82.000 = 3.480 Euro - Totaal is nu van de winst uitgekeerd: 50.000 + 4.920 + 50.000 + 3.480 = 108.400 Euro - dan is van de winst nog over: 148.000 - 108.400 = 39.600 Euro - dit wordt gelijk verdeeld tussen A en B; dus ieder ontvangt nog de helft van Euro 39.600 = Euro 39.600 / 2 = Euro 19.800 - A ontvangt dus in het totaal: 50.000 + 4.920 + 19.800 = 74.720 Euro Het meest juiste antwoord is daarom ay "5 /  Adm5I10Definitiebalans,vennootschap_onder_firma,v.o.f.,vennoten,balanspost,winstsaldo,vermogen,priv,debet,credit,winstverdeling,vennoot,rekening_priv,vennootschap,vordering,schuld,kas,rekening_van_bezit,tegenrekening,priv_storting,saldo,vergoeding,gestort_vermogen,vennootschapscontractCASUS Adm5I10 - De balans van een vennootschap_onder_firma / v.o.f., met de vennoten A en B bevat aan het einde van het jaar 2004 de volgende balanspost(en). Het winstsaldo moet nog worden verdeeld. Vermogen A Euro 128.000 Priv A Euro 40.400 debet Vermogen B Euro499<<=<@DBIEFGMJKRNOPWSTUYYZ[_]c`acdefkhiklmroptwu{xy|}~                                Aandelen_in_portefeuille Euro 87.000 Aandeelhouder(s) nog te storten Euro 84.000 Winstreserve Euro 24.000 Herwaarderingsreserve Euro 18.000 - De nominale_waarde per aandeel bedraagt Euro 1.000,- - Uit hoeveel aandelen bestaat het maatschappelijk_aandelenvermogen ( = het maatschappelijk_kapitaal ) ? a 600 stuks b 426 stuks c 342 stuks Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van aandelenvermogen en maatschappelijk_aandelenvermogen in combinatie met nominale_waarde - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Vermogensvorm(en) - Het aandelenvermogen vertegenwoordigt het aantal aandelen van het maatschappelijk_kapitaal x de nominale_waarde per aandeel - het aantal aandelen van het maatschappelijk_kapitaal = aandelenvermogen / nominale_waarde per aandeel = 600.000 / 1.000 = 600 stuks Het meest juiste antwoord is daarom ay q6q9$5 7 I Adm5I12Definitiebalans,balanspost,aandelenvermogen,aandelen_in_portefeuille,aandeelhouder,herwaarderingsreserve,maatschappelijk_kapitaal,maatschappelijk_aandelenkapitaal,geplaatst_aandelenvermogen,geplaatst_kapitaal,winstreserve CASUS Adm5I12 - De balans van een B.V. bevat aan het eind van het jaar 2004 de volgende balanspost(en): Aandelenvermogen Euro:>#5 ' c Adm5I11Definitiebalans,balanspost,aandelenvermogen,aandelen_in_portefeuille,aandeelhouder,herwaarderingsreserve,nominale_waarde,aandeel,maatschappelijk_aandelenvermogen,maatschappelijk_kapitaal,vermogensvorm,winstreserve CASUS Adm5I11 - De balans van een B.V. bevat aan het eind van het jaar 2004 de volgende balanspost(en): Aandelenvermogen Euro 600.000 8 600.000 Aandelen_in_portefeuille Euro 174.000 Aandeelhouder(s) nog te storten Euro 84.000 Winstreserve Euro 24.000 Herwaarderingsreserve Euro 18.000 - Uit welk bedrag bestaat het geplaatst_aandelenvermogen ( = het geplaatst_kapitaal ) aan het eind van het jaar 2004 ? a Euro 342.000 b Euro 426.000 c Euro 600.000 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van aandelenvermogen en geplaatst_aandelenvermogen ( = het geplaatst_kapitaal ) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Vermogensvorm(en) - Het aandelenvermogen = maatschappelijk_kapitaal - Het geplaatst_aandelenvermogen = geplaatst_kapitaal = maatschappelijk_kapitaal - aandelen_in_portefeuille = 600.000 - 174.000 = 426.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom byserve Euro 18.000 - Hoeveel bedraagt het eigen_vermogen aan het eind van het jaar 2004 ? a Euro 468.000 b Euro 384.000 c Euro 342.000 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - Het eigen_vermogen = bezittingen - schulden_aan_derden + reserve(s), waarbij - het gestorte deel van het geplaatst_kapitaal ( = gestort_kapitaal ) tot het eigen _vermogen wordt gerekend, dus: eigen_vermogen = gestort_kapitaal - schulden_aan_derden ( = 0 ) + reserve(s), waarbij: gestort_kapitaal = maatschappelijk_kapitaal - aandelen_in_portefeuille - aandelen_nog_te_storten = 600.000 - 174.000 - 84.000 = 342.000 Euro eigen_vermogen = Euro 342.000 + winstreserve + herwaarderingsreserve = 342.000 + 24.000 + 18.000 = 384.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom by @@~'5 s  Adm5I15DefinitieN.V.,boekjaar,omzet,netto_winst,aa@N&5  + Adm5I14DefinitieN.V.,boekjaar,omzet,netto_winst,aa=V%5 u E Adm5I13Definitiebalans,balanspost,aandelenvermogen,aandelen_in_portefeuille,aandeelhouder,herwaarderingsreserve,eigen_vermogen,vermogensvorm,bezittingen,schulden_aan_derden,reserve,gestort_kapitaal,maatschappelijk_kapitaal,aandelen_nog_te_storten,winstreserve CASUS Adm5I13 - De balans van een B.V. bevat aan het eind van het jaar 2004 de volgende balanspost(en): Aandelenvermogen Euro 600.000 Aandelen_in_portefeuille Euro 174.000 Aandeelhouder(s) nog te storten Euro 84.000 ( = aandelen_nog_te_storten ) Winstreserve Euro 24.000 Herwaarderingsre;>ndeel,eigen_vermogen,emissie,waarde,aandelen,winst,totale_vermogen,vermogensvorm,a_pariCASUS Adm5I14 - Van een N.V. steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 105.000.000,- en de netto_winst steeg met 12 % tot Euro 2.644.000,- - De netto_winst per aandeel bedroeg Euro 1,60 in 2004 - Het eigen_vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % gestegen tot een waarde van Euro 11.000.000,- - De nieuwe aandelen delen volledig mee in de winst over 2004 - Het totale_vermogen op 31 december 2004 bedroeg Euro 48.400.000,- en dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003 - De netto_winst over 2004 is inmiddels geheel uitgekeerd - Hoeveel bedroeg de nettowinst per aandeel in 2003 ? a Euro 1,60 b Euro 1,50 c Euro 1,42 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een netto_winst per aandeel - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: vermogensvorm(en) - De tussenvragen die hier eerst moeten worden beantwoord zijn: ten 1e. wat is de netto_winst in 2003 ? en ten 2e. hoeveel aandelen waren er in 2003 ? Dan ten 3e de vraag: Hoeveel bedroeg de netto_winst per aandeel in 2003 ? 1. Wat is de netto_winst in 2003 ? - de netto_winst in 2004 was 12 % hoger dan in 2003, dus de netto_winst in 2003 = ( 100 / 112 ) x 2.688.000 Euro = 2.400.000 Euro 2. Hoeveel aandelen waren er in 2003 ? - het aantal aandelen in 2004 bedroeg: ( winst in 2004 / winst per aandeel in 2004 ) = 2.688.000 / 1,60 = 1.680.000 aandelen in 2004 - het aantal aandelen is in 2004 met 5 % gestegen t.o.v. 2003 ( indien de nieuwe aandelen allen a_pari zijn gemitteerd ) - het aantal aandelen in 2003 was dus ( 100 / 105 ) x 1.680.000 = 1.600.000 stuks 3. Hoeveel bedroeg de netto_winst per aandeel in 2003 ? - de winst per aandeel in 2003 was dus: winst in 2003 / aantal aandelen in 2003 = 2.400.000 Euro / 1.600.000 aandelen = Euro 1,50 / aandeel Het meest juiste antwoord is daarom by #  7Ne|4Kby1H_vAdm5I05DefinitieAdm5I06DefinitieAdm5I07DefinitieAdm5I08DefinitieAdm5I09DefinitieAdm5I10DefinitieAdm5I11DefinitieAdm5I12DefinitieAdm5I13DefinitieAdm5I14DefinitieAdm5I15DefinitieAdm5I16DefinitieAdm5I17DefinitieAdm5I18DefinitieAdm5I19DefinitieAdm5I20DefinitieAdm5I21DefinitieAdm5I22DefinitieAdm5I23DefinitieAdm5I24DefinitieAdm5I25DefinitieAdm5I26DefinitieAdm5I27DefinitieAdm5I28DefinitieAdm5I29DefinitieAdm5I30DefinitieAdm5I31DefinitieAdm5I32DefinitieAdm5I33DefinitieAdm5I34DefinitieAdm5I35DefinitieAdm5I36DefinitieAdm5I37DefinitieAdm5I38DefinitieAdm5I39DefinitieAndeel,eigen_vermogen,emissie,waarde,aandelen,winst,totale_vermogen,vermogensvorm,CASUS Adm5I15 - Van een N.V. steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 105.000.000,- en de netto_winst steeg met 12 % tot Euro 2.644.000,- - De netto_winst per aandeel bedroeg Euro 1,60 in 2004 - Het eigen_vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % gestegen tot een waarde van Euro 11.000.000,- - De nieuwe aandelen delen volledig mee in de winst over 2004 - Het totale_vermogen op 31 december 2004 bedroeg Euro 48.400.000,- en dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003 - De netto_winst over 2004 is inmiddels geheel uitgekeerd - Hoeveel bedroeg het eigen_vermogen per aandeel op 31 december 2004 ? a Euro 8,80 b Euro 8,18 c Euro 6,54 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een eigen_vermogen per aandeel - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_structuur en vermogensvorm(en) - De tussenvragen die hier eerst moeten worden beantwoord zijn: ten 1e. wat is het eigen_vermogen op 31 december 2004 ? en ten 2e. hoeveel aandelen waren er op 31 december 2004 ? Dan ten 3e de vraag: Hoeveel bedroeg het eigen_vermogen per aandeel op 31 december 2004 ? 1. Wat is het eigen_vermogen op 31 december 2004 ? - het eigen_vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % gestegen tot een waarde van Euro 11.000.000,- - het eigen_vermogen op 31 december 2004 bedraagt Euro 11.000.000,- 2. Hoeveel aandelen waren er op 31 december 2004 ? - het aantal aandelen in 2004 bedroeg: ( winst in 2004 / winst per aandeel in 2004 ) = 2.688.000 / 1,60 = 1.680.000 aandelen in 2004 3. Hoeveel bedroeg het eigen_vermogen per aandeel op 31 december 2004 ? - het eigen_vermogen per aandeel op 31 december 2004 was dus: 11.000.000 / 1.680.000 = 6,54 Euro / aandeel Het meest juiste antwoord is daarom cyCde totale_vermogen in 2004 afgerond op twee decimalen ? a Euro 2,39 b Euro 2,27 c Euro 2,17 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een omloopsnelheid in relatie tot het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen ( = gemiddeld_totale_vermogen ) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_structuur omzet exploitatieopbrengst omloopsnelheid = --------------------------------------------------- = -------------------------------------------------- gemiddeld_totale_vermogen gemiddeld_totale_vermogen - De tussenvragen die hier eerst moeten worden beantwoord zijn: ten 1e. wat is de omzet in 2004 ? en ten 2e. hoeveel is het genvesteerde gemiddeld_totale_vermogen in 2004 ? Dan ten 3e de vraag: Hoeveel bedroeg de omloopsnelheid van het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen in 2004 afgerond op twee decimalen ? 1. Wat is de omzet in 2004 ? - van een N.V. steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 105.000.000,- - in het boekjaar 2004 bedroeg de omzet daarom Euro 105.000.000,- 2. Hoeveel is het genvesteerde gemiddeld_totale_vermogen in 2004 ? - het totale_vermogen op 31 december 2004 bedroeg Euro 48.400.000,- en dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003 - op 31 december 2003 bedroeg het totale_vermogen ( 100 / 110 ) x Euro 48.400.000,- = Euro 44.000.000 - het gemiddeld_totale_vermogen in 2004 = ( 48.400.000 + 44.000.000 ) / 2 = 46.200.000 Euro 3. Hoeveel bedroeg de omloopsnelheid van het gemiddeld genvesteerde totale_vermogen in 2004 afgerond op twee decimalen ? - de omloopsnelheid = 105.000.000 / 46.200.000 = 2,27 Het meest juiste antwoord is daarom by _(5 o ] Adm5I16DefinitieN.V.,boekjaar,omzet,netto_winst,aandeel,eigen_vermogen,emissie,waarde,aandelen,winst,totale_vermogen,vermogensvorm,omloopsnelheid,gemiddeld_totale_vermogen,exploitatieopbrengst,CASUS Adm5I16 - Van een N.V. steeg in het boekjaar 2004 de omzet met 25 % tot Euro 105.000.000,- en de netto_winst steeg met 12 % tot Euro 2.644.000,- - De netto_winst per aandeel bedroeg Euro 1,60 in 2004 - Het eigen_vermogen is in 2004 door een emissie met 5 % gestegen tot een waarde van Euro 11.000.000,- - De nieuwe aandelen delen volledig mee in de winst over 2004 - Het totale_vermogen op 31 december 2004 bedroeg Euro 48.400.000,- en dit was 10 % hoger dan op 31 december 2003 - De netto_winst over 2004 is inmiddels geheel uitgekeerd - Hoeveel bedroeg de omloopsnelheid van het gemiddeld genvesteerBFd in 2004 een tegenvallend resultaat. Er werd voor het eerst sinds de oprichting een verlies geleden. De balans van de onderneming bevat de volgende balanspost(en) ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balansen van de B.V. per 31 december ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 2004 2003 2004 2003 ---------------------------------------------------------------------------G-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Gebouw(en) 924.000 968.000 Aandelenvermogen 40.000 40.000 Inventaris 72.000 114.000 Reserve(s) 256.000 360.000 Debiteuren 216.000 256.000 Pensioenvoorziening 270.000 148.000 Te vorderen vennootschapsbelasting 56.000 0 Hypothecaire_lening 660.000 710.000 Bank 64.000 128.000 Aflossing hypothecaire_lening 50.000 H 50.000 Crediteuren 56.000 58.000 ------------------- ------------------ -------------------- ----------------- 1.332.000 1.466.000 1.332.000 1.466.000 ========= ========= ========= ========== ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De post Reserve(s) op de balans geeft het totaal weer van de agioreserve en de algemene_reserve - Op welke wijze is de agioreserve ontstaan ? De agioreserve is ontstaan door ... a Een belegging van de inmiddels opgebouwde pensioenvoorziening b Herwaardering van het gebouw en de inventaris na de oprichting van de B.V. c Inbreng bij oprichting van het eigen_vermogen boven het nominaal_aandelenvermogen Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een agioreserve in combinatie met het ontstaan daarvan - het gaat hier dus om een vorm van vermogen - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: Vermogensvorm(en) - Het nominaal_aandelenvermogen is het aantal aandelen van het maatschappelijk_kapitaal x de nominale_waarde per aandeel - als aandelen worden uitgegeven tegen een emissieprijs boven de nominale_waarde per aandeel ( boven_pari ) dan ontstaat er een agioreserve Het meest juiste antwoord is daarom cy  )5 S O Adm5I17Definitieonderneming,resultaat,oprichting,verlies,balans,balanspost,gebouw,inventaris,debiteuren,vennootschapsbelasting,bank,aandelenvermogen,pensioenvoorziening,reserve,hypothecaire_lening,aflossing,crediteuren,agioreserve,algemene_reserve,ontstaan,belegging,herwaardering,inbreng,eigen_vermogen,nominaal_aandelenvermogen,vermogen,vermogensvorm,aandelen,maatschappelijk_kapitaal,nominale_waarde,aandeel,emissieprijs,boven_pari,CASUS Adm5I17 - Een onderneming ( een B.V. ) haEK Balansen van de B.V. per 31 december ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 2004 2003 2004 2003 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Gebouw(en) 924.000 968.000 Aandelenvermogen 40.000 40.000 Inventaris 72.000 114.000 Reserve(s) L 256.000 360.000 Debiteuren 216.000 256.000 Pensioenvoorziening 270.000 248.000 Te vorderen vennootschapsbelasting 56.000 0 Hypothecaire_lening 660.000 710.000 Bank 64.000 128.000 Aflossing hypothecaire_lening 50.000 50.000 Crediteuren 56.000 58.000 ------------------- ------------------ -------------------- ----------------- 1.332.000 1.466.000 1.332.000 1.466.000 ========= ========= ========= ========== ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De post Reserve(s) op de balans geeft het totaal weer van de agioreserve en de algemene_reserve - Hoeveel bedraagt het verlies_vr_belasting over het jaar 2004 ? a 104.000 Euro b 160.000 Euro c 200.000 Euro Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een verlies_vr_belasting - het gaat hier dus om de resultatenrekening / winst-_en_verliesrekening Deze vraag is vervalleny i*5 c } Adm5I18Definitieonderneming,resultaat,oprichting,verlies,balans,balanspost,gebouw,inventaris,debiteuren,vennootschapsbelasting,bank,aandelenvermogen,pensioenvoorziening,reserve,hypothecaire_lening,aflossing,crediteuren,agioreserve,algemene_reserve,verlies_vr_belasting,resultatenrekening,winst-_en_verliesrekeningCASUS Adm5I18 - Een onderneming ( een B.V. ) had in 2004 een tegenvallend resultaat. Er werd voor het eerst sinds de oprichting een verlies geleden. De balans van de onderneming bevat de volgende balanspost(en) ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- JOvat de volgende balanspost(en) ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balansen van de B.V. per 31 december ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 2004 2003 2004 2003 --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------P--------- Gebouw(en) 924.000 968.000 Aandelenvermogen 40.000 40.000 Inventaris 72.000 114.000 Reserve(s) 256.000 360.000 Debiteuren 216.000 256.000 Pensioenvoorziening 270.000 248.000 Te vorderen vennootschapsbelasting 56.000 0 Hypothecaire_lening 660.000 710.000 Bank 64.000 128.000 Aflossing hypothecaire_lening 50.000 50.000 CQrediteuren 56.000 58.000 ------------------- ------------------ -------------------- ----------------- 1.332.000 1.466.000 1.332.000 1.466.000 ========= ========= ========= ========== ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De aanschafprijs van het gebouw was destijds Euro 1.320.000,- - op het gebouw wordt lineair afgeschreven ( lineaire_afschrijving ) tot nihil ( dus geen restwaarde ) - Wanneer is het gebouw aangekocht ? a 1 januari 1995 b 1 januari 1996 c 1 januari 1997 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een aanschafprijs in combinatie met een lineaire_afschrijving - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: afschrijving en afschrijvingskosten / kosten en kostprijs - Op het gebouw wordt lineair afgeschreven, dat wil zeggen: ieder jaar een gelijk bedrag - per jaar wordt afgeschreven op het gebouw: 968.000 - 924.000 = 44.000 Euro - op 31 december 2003 = 1 januari 2004 was de waarde van het gebouw Euro 968.000 - er is tussen de datum van aanschaf en 1 januari 2004 een totaal bedrag van 1.320.000 - 968.000 = 352.000 Euro afgeschreven - dat is 352.000 / 44.000 = 8 termijnen. dus het gebouw is 8 jaar eerder aangeschaft en wel op 1 januari 1996 Het meest juiste antwoord is daarom by +5 e a Adm5I19Definitieonderneming,resultaat,oprichting,verlies,balans,balanspost,gebouw,inventaris,debiteuren,vennootschapsbelasting,bank,aandelenvermogen,pensioenvoorziening,reserve,hypothecaire_lening,aflossing,crediteuren,aanschafprijs,aanschafwaarde,lineaire_afschrijving,afschrijving,afschrijvingskosten,waarde,bedragCASUS Adm5I19 - Een onderneming ( een B.V. ) had in 2004 een tegenvallend resultaat. Er werd voor het eerst sinds de oprichting een verlies geleden. De balans van de onderneming beNT Balansen van de B.V. per 31 december ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 2004 2003 2004 2003 ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Gebouw(en) 924.000 968.000 Aandelenvermogen 40.000 40.000 Inventaris 72.000 114.000 U Reserve(s) 256.000 360.000 Debiteuren 216.000 256.000 Pensioenvoorziening 270.000 248.000 Te vorderen vennootschapsbelasting 56.000 0 Hypothecaire_lening 660.000 710.000 Bank 64.000 128.000 Aflossing hypothecaire_lening 50.000 50.000 Crediteuren 56.000 58.000 ------------------- ------------------ -----------------V--- ----------------- 1.332.000 1.466.000 1.332.000 1.466.000 ========= ========= ========= ========== ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - In 2004 is de pensioenvoorziening met Euro 22.000 toegenomen - Deze toename van de pensioenvoorziening kan in bepaalde gevallen invloed hebben op het banksaldo en op de kosten van de onderneming? Welke van onderstaande alternatieven is in het huidige geval van toepassing a Er zijn geen kosten mee gemoeid, maar het banksaldo is met Euro 22.000 verminderd b De betreffende kosten bedragen Euro 22.000 en het banksaldo is met Euro 22.000 verminderd c De betreffende kosten bedragen Euro 22.000, maar het banksaldo blijft ongewijzigd Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een pensioenvoorziening in combinatie met een eventuele wijziging in banksaldo en eventuele kostenpost(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Voorziening(en) komen in de regel ten laste van het resultaat ( winst-_en_verliesrekening ) en daarmee ten laste van de winst - de Balanspost / grootboekrekening genaamd " Pensioenvoorziening " is in 2004 met Euro 22.000 gecrediteerd, hetgeen - ten laste komt van de grootboekrekening ( HEV ) genaamd " Pensioenvoorzieningskosten " die met een bedrag ter grootte van Euro 22.000 wordt gedebiteerd, en waarbij - er dus GEEN geld verschuift van de bank naar de betreffende voorziening Het meest juiste antwoord is daarom cy ^,5 9  Adm5I20Definitieonderneming,resultaat,oprichting,verlies,balans,balanspost,gebouw,inventaris,debiteuren,vennootschapsbelasting,bank,aandelenvermogen,pensioenvoorziening,reserve,hypothecaire_lening,aflossing,crediteuren,bepaalde,banksaldo,kosten,wijziging,kostenpost,kostprijs,voorziening,regel,winst-_en_verliesrekening,grootboekrekening,HEV,bedrag,rekening,CASUS Adm5I20 - Een onderneming ( een B.V. ) had in 2004 een tegenvallend resultaat. Er werd voor het eerst sinds de oprichting een verlies geleden. De balans van de onderneming bevat de volgende balanspost(en) ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Soe en het nominaal_rendement neemt toe c Het reel_rendement neemt af en het nominaal_rendement neemt toe Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een reel_rendement in combinatie met nominaal_rendement - Het nominaal_rendement neemt door de huurverhoging toe met 4 %, waarbij - het nominaal_rendement geen rekening houdt met de inflatie - Het reel_rendement = nominaal_rendement - inflatie ( percentage ) = 4 - 2 = 2 % - waarbij het nominaal_rendement dus wordt gecorrigeerd voor de inflatie zodat het reel_rendement ontstaat dat lager is dan het nominaal_rendement - zolang de inflatie lager is dan de toename van het nominaal_rendement, neemt het reel_rendement toe ofwel - zolang de toename van het nominaal_rendement groter is dan de inflatie, neemt het reel_rendement toe - In het huidige geval nemen zowel het reel_rendement als het nominaal_rendement toe Het meest juiste antwoord is daarom by 99d.5 S  Adm5I22Definitiehypotheekvorm,risicoprofiel,annuteitenhypotheek,levenhypotheek,spaarhypotheek,beleggingshypotheek,hypotheekgever,lening,onroerende_zaak,hypotheek,zekerheid,jaarlast,fiscale_voordelen,hypothecaire_lening,woning,looptijd,hypotheekrente,rente,spaarrente,rentevastperiode,s(n\p),S(n\p),Ann(n\p),annuteZC-5 ] 7 Adm5I21Definitiehuur,bedrijfsruimte,verhuurder,inflatie,rendement,reel_rendement,nominaal_rendement,rekening,percentageCASUS Adm5I21 - De huur van een bedrijfsruimte wordt door de verhuurder met een percentage gelijk aan 4 % verhoogt in een periode dat de inflatie 2 % bedraagt. Welke van onderstaande alternatieven is juist m.b.t. het rendement inzake het verhuurde en gezien vanuit het standpunt van de verhuurder ? a Het reel_rendement neemt toe en het nominaal_rendement neemt af b Het reel_rendement neemt tX[itenfactor,a(n\p),periode,perunage,betaling,schuldrest,renteaftrek,schuldenaar,aflossing,financile_rekenkunde,rentelastCASUS Adm5I22 - Er zijn een aantal verschillende hypotheekvorm(en), elk met een eigen risicoprofiel, zoals: annuteitenhypotheek, levenhypotheek en spaarhypotheek hebben een laag risicoprofiel; een beleggingshypotheek heeft een hoog risicoprofiel; de gecombineerde spaar-/belegingshypotheek heeft een midden risicoprofiel - Voor de hypotheekgever ( degene die de lening wil met zijn onroerende_zaak als hypotheek / zekerheid ) kunnen voor de diverse hypotheekvorm(en) de bijbehorende jaarlast(en) en fiscale_voordelen, etc. worden berekend met als uitgangspunt de volgende getallen: - de benodigde hypothecaire_lening voor een woning bedraagt Euro 460.000 met een looptijd van 30 jaar en een afsluitdatum 1 januari 2002 - de diverse rente(n) zijn: hypotheekrente 6 % per jaar; de spaarrente 5,5 % per jaar; de rentevastperiode is 10 jaar - verder zijn s(n\p), S(n\\p) en Ann(n\p) = annuteitenfactor = 1/a(n\p) gegeven waar bij n het aantal periode(n) en p het perunage voorstellen: s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 ANNUTEITENHYPOTHEEK: - De jaarlijkse betaling(en) worden steeds aan het einde van het jaar verricht - Welke van de onderstaande alternatieven heeft betrekking op een annuteitenhypotheek ? a Tijdens de laatste jaren van de looptijd van deze lening zal de schuldrest sneller dalen dan in de eerste jaren van de looptijd b Ieder jaar zal de renteaftrek bij deze hypotheekvorm groter worden c De schuldenaar hoeft niets af te lossen tijdens de looptijd van de lening Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een annuteitenhypotheek in combinatie met renteaftrek, aflossing, schuldrest en voortschrijden van de looptijd - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Bij een annuteitenhypotheek is de som van rente en aflossing, gedurende de looptijd van de lening, ieder jaar gelijk en wel gelijk aan de zogenoemde annuteit, waarbij bij voortschrijdende looptijd: - de rentelast over de restschuld ieder jaar afneemt en de aflossing van de schuldrest ieder jaar toeneemt, zodat - in het begin relatief meer rente en relatief minder aflossing wordt betaald dan tegen het einde van de looptjd - tegen het einde relatief meer aflossing en relatief minder rente wordt betaald dan aan het begin van de looptijd en dat - sluit antwoorden b en c uit, en ondersteunt antwoord a Het meest juiste antwoord is daarom ay^kgever ( degene die de lening wil met zijn onroerende_zaak als hypotheek / zekerheid ) kunnen voor de diverse hypotheekvorm(en) de bijbehorende jaarlast(en) en fiscale_voordelen, etc. worden berekend met als uitgangspunt de volgende getallen: - de benodigde hypothecaire_lening voor een woning bedraagt Euro 460.000 met een looptijd van 30 jaar en een afsluitdatum 1 januari 2002 - de diverse rente(n) zijn: hypotheekrente 6 % per jaar; de spaarrente 5,5 % per jaar; de rentevastperiode is 10 jaar - verder zijn s(n\p), S(n\p) en Ann(n\p) = annuteitenfactor = 1/a(n\p) gegeven waar bij n het aantal periode(n) en p het perunage voorstellen: s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 ANNUTEITENHYPOTHEEK: - De jaarlijkse betaling(en) worden steeds aan het einde van het jaar verricht - Wat is het bedrag van de jaarlijkse annuteit ( afgerond op hele euro$s ) ? a 33.846 Euro b 33.418 Euro c 33.024 Euro Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een annuteitenhypotheek in combinatie met de berekening van de annuteit - het gaat hier dus om financile_berekening(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - De annuteit A kan worden berekend middels: A = K(n) x Ann(30\6) = 460.000 x 0,072649 = 33.419 Euro per jaar - Let op: stel Ann(30\6) is niet gegeven, dan Ann(30\6) = 1 / a(30\6) zodat A = K(n) x ( 1 / a(30\6) ) = K(n) / a(30\6) = 460.000 / 13,7648311515 = 33.419 Euro per jaar Het meest juiste antwoord is daarom by /5 { ; Adm5I23Definitiehypotheekvorm,risicoprofiel,annuteitenhypotheek,levenhypotheek,spaarhypotheek,beleggingshypotheek,hypotheekgever,lening,onroerende_zaak,hypotheek,zekerheid,jaarlast,fiscale_voordelen,hypothecaire_lening,woning,looptijd,hypotheekrente,spaarrente,rentevastperiode,s(n\p),S(n\p),Ann(n\p),annuteitenfactor,a(n\p),periode,perunage,betaling,bedrag,annuteit,financile_rekenkundeCASUS Adm5I23 - Er zijn een aantal verschillende hypotheekvorm(en), elk met een eigen risicoprofiel, zoals: annuteitenhypotheek, levenhypotheek en spaarhypotheek hebben een laag risicoprofiel; een beleggingshypotheek heeft een hoog risicoprofiel; de gecombineerde spaar-/belegingshypotheek heeft een midden risicoprofiel - Voor de hypothee]a: annuteitenhypotheek, levenhypotheek en spaarhypotheek hebben een laag risicoprofiel; een beleggingshypotheek heeft een hoog risicoprofiel; de gecombineerde spaar-/belegingshypotheek heeft een midden risicoprofiel - Voor de hypotheekgever ( degene die de lening wil met zijn onroerende_zaak als hypotheek / zekerheid ) kunnen voor de diverse hypotheekvorm(en) de bijbehorende jaarlast(en) en fiscale_voordelen, etc. worden berekend met als uitgangspunt de volgende getallen: - de benodigde hypothecaire_lening voor een woning bedraagt Euro 460.000 met een looptijd van 30 jaar en een afsluitdatum 1 januari 2002 - de diverse rente(n) zijn: hypotheekrente 6 % per jaar; de spaarrente 5,5 % per jaar; de rentevastperiode is 10 jaar - verder zijn s(n\p), S(n\p) en Ann(n\p) = annuteitenfactor = 1/a(n\p) gegeven waar bij n het aantal periode(n) en p het perunage voorstellen: s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(b29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 ANNUTEITENHYPOTHEEK: - De jaarlijkse betaling(en) worden steeds aan het einde van het jaar verricht - Bij de annuteitenhypotheek zijn er bepaalde aftrekpost(en) m.b.t. de bepaling van het belastbaar_inkomen voor de inkomstenbelasting. Welk van onderstaande alternatieven is van toepassing m.b.t. het in mindering brengen daarvan op het belastbare_inkomen ( box1_ib ) in het jaar 2010 als de hypothecaire_lening wordt gebruikt voor de financiering van de woning als hoofdverblijf in de zin van de Wet_inkomstenbelasting_(_WIB_) ? a De annuteit zoals die is berekend en geldt voor het jaar 2010 b Het rentebestanddeel in de annuteit zoals die is berekend en geldt voor het jaar 2010 c De te betalen rente over de hoofdsom van de annuteitenhypotheek Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een annuteitenhypotheek, alsmede een annuteit, in combinatie met te betalen rente, en renteaftrek m.b.t. box1_ib van de inkomstenbelasting - het gaat hier dus om financile_berekening(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Bij een annuteitenhypotheek is de som van rente + aflossing = annuteit ieder jaar gelijk, waarbij - het rentebestanddeel ieder jaar minder wordt omdat de schuldrest ieder jaar minder wordt en alleen rente over de schuldrest wordt betaald - het aflossingsbestanddeel wordt ieder jaar groter, want rente + aflossing = annuteit = ieder jaar hetzelfde - voor de inkomstenbelasting mag alleen het daadwerkelijk betaalde rentebestanddeel van de annuteit worden afgetrokken Het meest juiste antwoord is daarom by -15 1  Adm5I25Definitiehypotheekvorm,risicoprofiel,annuteitenhypotheek,levenhypotheek,spaarhypotheek,beleggingshypothd?05 ? M Adm5I24Definitiehypotheekvorm,risicoprofiel,annuteitenhypotheek,levenhypotheek,spaarhypotheek,beleggingshypotheek,hypotheekgever,lening,onroerende_zaak,hypotheek,zekerheid,jaarlast,fiscale_voordelen,hypothecaire_lening,woning,looptijd,hypotheekrente,spaarrente,rentevastperiode,s(n\p),S(n\p),Ann(n\p),annuteitenfactor,a(n\p),periode,perunage,betaling,bepaalde,bepaling,inkomstenbelasting,belastbare_inkomen,box1_ib,financiering,Wet_inkomstenbelasting_(_WIB_),rentebestanddeel,aflossingsbestanddeel,renteaftrek,financile_rekenkunde,schuldrest,hoofdsomCASUS Adm5I24 - Er zijn een aantal verschillende hypotheekvorm(en), elk met een eigen risicoprofiel, zoals`eeek,hypotheekgever,lening,onroerende_zaak,hypotheek,zekerheid,jaarlast,fiscale_voordelen,hypothecaire_lening,woning,looptijd,hypotheekrente,spaarrente,rentevastperiode,s(n\p),S(n\p),Ann(n\p),annuteitenfactor,a(n\p),periode,perunage,betaling,hoofdsom,annuteit,schuldrest,financile_rekenkunde,bedrag,rente,CASUS Adm5I25 - Er zijn een aantal verschillende hypotheekvorm(en), elk met een eigen risicoprofiel, zoals: annuteitenhypotheek, levenhypotheek en spaarhypotheek hebben een laag risicoprofiel; een beleggingshypotheek heeft een hoog risicoprofiel; de gecombineerde spaar-/belegingshypotheek heeft een midden risicoprofiel - Voor de hypotheekgever ( degene die de lening wil met zijn onroerende_zaak als hypotheek / zekerheid ) kunnen voor de diverse hypotheekvorm(en) de bijbehorende jaarlast(en) en fiscale_voordelen, etc. worden berekend met als uitgangspunt de volgende getallen: - de benodigde hypothecaire_lening voor een woning bedraagt Euro 460.000 met een looptijd van 30 jaar en eefn afsluitdatum 1 januari 2002 - de diverse rente(n) zijn: hypotheekrente 6 % per jaar; de spaarrente 5,5 % per jaar; de rentevastperiode is 10 jaar - verder zijn s(n\p), S(n\p) en Ann(n\p) = annuteitenfactor = 1/a(n\p) gegeven waar bij n het aantal periode(n) en p het perunage voorstellen: s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 ANNUTEITENHYPOTHEEK: - De jaarlijkse betaling(en) worden steeds aan het einde van het jaar verricht - De hoofdsom van de annuteitenhypotheek wordt verhoogd naar Euro 500.000 waarbij de annuteit Euro 36.324,46 gaat bedragen - Hoeveel begdraagt in dat geval de schuldrest aan het einde van 2010 direct na het betalen van de annuteit ( afgerond op hele Euro$s ) a 422.964 Euro b 427.324 Euro c 433.648 Euro Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een annuteitenhypotheek in combinatie met een annuteit en de bepaling van een schuldrest - het gaat hier dus om financile_berekening(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - In de casus is sprake van een annuteitenhypotheek in combinatie met een annuteit en de bepaling van een schuldrest - het gaat hier dus om financile_berekening(en); daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Bij een annuteitenhypotheek ( 30 jaar en 6 % ) bedraagt de annuteit A = hoofdsom x Ann(30\6) ( ofwel = hoofdsom / a(30\6) ) = 500.000 x 0,072649 ( ofwel = 500.000 / 13,7648311515 ) = 36.324.50 Euro en dat klopt dus met het gegeven bedrag van Euro 36.324,46 ( binnen de afronding ) - De schuldrest R van een annuteitenhypotheek met een annuteit A die nog een looptijd heeft van n periode(n) en rente p % is: R = A x a(n\p) - de lening was afgesloten op 1 januari 2002 tegen 6 % per jaar; de betalingen worden steeds aan het einde van het jaar verricht - de gevraagde situatie is die op 31 december 2010 om 24:00 uur ofwel die op 1 januari 2011 om 00:00 uur ( dat is hetzelfde ) - op 1 januari 2002 was de looptijd 30 jaar; dan is de looptijd op 1 januari 2011 gerekend, 9 jaar minder en resteert nog 21 jaar - de schuldrest R op 31 december 2010 ofwel die op 1 januari 2011is dan: R = 36.324,46 x a(21\6) = 36.324,46 x 11,764077 = Euro 427.324 want a(n\p) = ( s(n-1\p) -1) / S(n\p) ==>> a(21\6) = ( s(20\6) -1 ) / S(21\6) = ( 38,99272668 -1 ) / 3,39956360 = 11,1758 Het meest juiste antwoord is daarom B ( een aantal gegevens is niet gegeven in deze opgave ) Het meest juiste antwoord is daarom byihypotheekrente,spaarrente,rentevastperiode,s(n\p),S(n\p),Ann(n\p),annuteitenfactor,a(n\p),periode,perunage,betaling,bedrag,schuld,periodiek,periodieke_storting_prenumerando_rente,eindwaarde,periodieke_storting(en),financile_rekenkunde,storting,periodiekeCASUS Adm5I26 - Er zijn een aantal verschillende hypotheekvorm(en), elk met een eigen risicoprofiel, zoals: annuteitenhypotheek, levenhypotheek en spaarhypotheek hebben een laag risicoprofiel; een beleggingshypotheek heeft een hoog risicoprofiel; de gecombineerde spaar-/belegingshypotheek heeft een midden risicoprofiel - Voor de hypotheekgever ( degene die de lening wil met zijn onroerende_zaak als hypotheek / zekerheid ) kunnen voor de diverse hypotheekvorm(en) de bijbehorende jaarlast(en) en fiscale_voordelen, etc. worden berekend met als uitgangspunt de volgende getallen: - de benodigde hypothecaire_lening voor een woning bedraagt Euro 460.000 met een looptijd van 30 jaar en een afsluitdatum 1 januari 2002 - de diverse rejnte(n) zijn: hypotheekrente 6 % per jaar; de spaarrente 5,5 % per jaar; de rentevastperiode is 10 jaar - verder zijn s(n\p), S(n\p) en Ann(n\p) = annuteitenfactor = 1/a(n\p) gegeven waar bij n het aantal periode(n) en p het perunage voorstellen: s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 SPAARHYPOTHEEK: - Bij deze hypotheekvorm wordt jaarlijks een bedrag gestort waarmee na 30 jaar de schuld ter grootte van Euro 460.000 volledig kan worden afgelost - De jaarlijkse betaling(en) ter groote van Euro 4.212 worden bij deze vorm steeds aan het begin van het jaar verricht met ingang van 1 januari 2002 - Hoeveel bedraagt het gespaarde bedrag ( = spaarsaldo ) op 31 december 2010 ( afgerond op hele Euro$s ) a Euro 54.230 b Euro 50.018 c Euro 43.200 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een spaarhypotheek in combinatie met een jaarlijks spaarbedrag en een opgebouwd spaarsaldo - omdat er steeds / periodiek aan het begin van het jaar wordt gestort is er sprake van periodieke_storting_prenumerando_rente - het gaat hier dus om financile_berekening(en) van de eindwaarde bij periodieke_storting(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Op 31 december 2010 hebben in het totaal 9 storting(en) plaatsgevonden - bij een jaarlijks storting van het periodieke spaarbedrag T ter grootte van Euro 4.212 is het opgebouwde spaarsaldo K(9) na 9 storting(en): K(9) = T x s(9\5,5) = 4.212 x 11,875354 = 50.019 Euro Het meest juiste antwoord is daarom by  35 + # Adm5I27Definitiehypotheekvorm,risicoprofiel,annuteitenhypotheek,levenhypotheek,spaarhypotheek,beleggingshypotheek,hypotheekgever,lening,onroerende_zaak,hypotheek,zekerheid,jaarlast,fiscale_voordelen,hypothecaire_lening,woning,looptijd,hypotheekrente,spaarrente,rentevastperiode,s(n\p),S(n\p),Ann(n\p),annuteitenfactor,a(n\p),periode,perunage,betaling,bedrag,schuld,financiering,belastbare_inkomen,box_1_ib,inkomstenbelasting,rente,hoofdsom,saldo,renteaftrek,opbrengst,periodiekCASUS Adm5I27 - Er zil25 E s Adm5I26Definitiehypotheekvorm,risicoprofiel,annuteitenhypotheek,levenhypotheek,spaarhypotheek,beleggingshypotheek,hypotheekgever,lening,onroerende_zaak,hypotheek,zekerheid,jaarlast,fiscale_voordelen,hypothecaire_lening,woning,looptijd,hmjn een aantal verschillende hypotheekvorm(en), elk met een eigen risicoprofiel, zoals: annuteitenhypotheek, levenhypotheek en spaarhypotheek hebben een laag risicoprofiel; een beleggingshypotheek heeft een hoog risicoprofiel; de gecombineerde spaar-/belegingshypotheek heeft een midden risicoprofiel - Voor de hypotheekgever ( degene die de lening wil met zijn onroerende_zaak als hypotheek / zekerheid ) kunnen voor de diverse hypotheekvorm(en) de bijbehorende jaarlast(en) en fiscale_voordelen, etc. worden berekend met als uitgangspunt de volgende getallen: - de benodigde hypothecaire_lening voor een woning bedraagt Euro 460.000 met een looptijd van 30 jaar en een afsluitdatum 1 januari 2002 - de diverse rente(n) zijn: hypotheekrente 6 % per jaar; de spaarrente 5,5 % per jaar; de rentevastperiode is 10 jaar - verder zijn s(n\p), S(n\p) en Ann(n\p) = annuteitenfactor = 1/a(n\p) gegeven waar bij n het aantal periode(n) en p het perunage voorstellen: s(08\5,5n) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 Ann(31\6) = 0,071792 SPAARHYPOTHEEK: - Bij deze hypotheekvorm wordt jaarlijks een bedrag gestort waarmee na 30 jaar de schuld ter grootte van Euro 460.000 volledig kan worden afgelost - De jaarlijkse betaling(en) ter groote van Euro 4.212 worden bij deze vorm steeds aan het begin van het jaar verricht met ingang van 1 januari 2002 - Als de hypothecaire_lening in de vorm van een spaarhypotheek wordt aangewend ter financiering van de eigen woning als hoofdverblijf, welk bedrag mag dan in 2010 in mindering worden gebracht bij de berekening van het belastbare_inkomen in box_1_ib van de inkomstenbelasting ? a De rente over de hoofdsom minus de totale besparing(en) aan het begin van het jaar b De rente over het saldo van de hoofdsom minus de totale besparing(en) aan het eind van het jaar c Uitsluitend de rente over de hoofdsom Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een spaarhypotheek in combinatie met renteaftrek m.b.t. box_1_ib ( inkomstenbelasting ) - Bij een spaarhypotheek wordt NIET afgelost gedurende de looptijd - de hoofdsom blijft daardoor onveranderd - er wordt jaarlijks een vast bedrag gespaard en - er wordt jaarlijks een vast bedrag aan rente betaald, want - er moet gedurende de looptijd steeds rente over het gehele bedrag van de hoofdsom worden betaald omdat er niets wordt afgelost - aan het einde van de looptijd wordt de lening met de opbrengst van de periodiek gestorte spaarbedrag(en), in een keer afgelost Het meest juiste antwoord is daarom cypheid ) kunnen voor de diverse hypotheekvorm(en) de bijbehorende jaarlast(en) en fiscale_voordelen, etc. worden berekend met als uitgangspunt de volgende getallen: - de benodigde hypothecaire_lening voor een woning bedraagt Euro 460.000 met een looptijd van 30 jaar en een afsluitdatum 1 januari 2002 - de diverse rente(n) zijn: hypotheekrente 6 % per jaar; de spaarrente 5,5 % per jaar; de rentevastperiode is 10 jaar - verder zijn s(n\p), S(n\p) en Ann(n\p) = annuteitenfactor = 1/a(n\p) gegeven waar bij n het aantal periode(n) en p het perunage voorstellen: s(08\5,5) = 10,256260 s(29\5,5) = 71,435478 s(08\6) = 10,491316 S(29\7) = 7,114257 Ann(29\6) = 0,073580 s(09\5,5) = 11,875354 s(30\5,5) = 76,419429 s(09\6) = 12,180795 S(30\7) = 7,612255 Ann(30\6) = 0,072649 s(10\5,5) = 13,583498 s(31\5,5) = 81,677498 s(10\6) = 13,971643 S(31\7) = 8,145113 q Ann(31\6) = 0,071792 BELEGGINGSHYPOTHEEK: - Naast het bedrag van de hypothecaire_lening benodigd voor de financieriog van de woning ter grootte van Euro 460.000, wordt nog een extra bedrag geleend dat volledig in een effectendepot wordt gestort. Dit extra bedrag moet voldoende groot zijn om aan het einde van de looptijd, de gehele lening inclusief het extra geleende bedrag, af te lossen - Welk bedrag moet op 1 januari 2002 in een effectendepot worden gestort om, bij een rendement van 7 % per jaar, de gehele lening + het extra bedrag om te beleggen, te kunnen aflossen ? ( afronden naar boven op 10 Euro ) a Euro 69.570 b Euro 64.660 c Euro 60.440 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een hypothecaire_lening ter grootte van Euro 460.000 + een extra bedrag ter grootte K(o) om te beleggen en zodoende het totaal aan geleend geld K(totaal) = 460.000 + K(o), af te kunnen lossen aan het eind van de looptijd - het gaat hier dus om financile_berekening(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_rekenkunde - Het totaal geleende bedrag K(totaal) = 460.000 + K(o) - de hypothecaire_lening + het extra bedrag K(0) tesamen K(totaal), moet worden afgelost op 1 januari 2032 - Het gedeelte K(o) betreft de vorming van een eindkapitaal k(n) op 1 januari 2032 na een eenmalige storting K(o) op 1 januari 2002 - dit kapitaal K(o) is dus 30 jaren belegd en groeit in 30 jaar aan tot: K(30) = K(o) x S(30\7) = K(o) x 7,612255 - Na 30 jaar moet K(30) voldoende zijn om het bedrag K(totaal) = 230.000 + K(o) af te lossen, waaruit volgt: K(totaal) = 460.000 + K(o) = K(30) = K(o) x S(30\7) = 7,612255 x K(o) ==>> = 460.000 + K(o) = 7,612255 x K(o) ==>> 460.000 = 6,612255 x K(o) ==>> K(o) = 460.000 / 6,612255 = 34,784 Euro en wordt afgerond op Euro 10 naar boven = 34.790 Euro Het meest juiste antwoord is daarom ay uuw45 ) S Adm5I28Definitiehypotheekvorm,risicoprofiel,annuteitenhypotheek,levenhypotheek,spaarhypotheek,beleggingshypotheek,hypotheekgever,lening,onroerende_zaak,hypotheek,zekerheid,jaarlast,fiscale_voordelen,hypothecaire_lening,woning,looptijd,hypotheekrente,spaarrente,rentevastperiode,s(n\p),S(n\p),Ann(n\p),annuteitenfactor,a(n\p),periode,perunage,bedrag,rendement,financile_rekenkunde,eindkapitaal,storting,kapitaal,CASUS Adm5I28 - Er zijn een aantal verschillende hypotheekvorm(en), elk met een eigen risicoprofiel, zoals: annuteitenhypotheek, levenhypotheek en spaarhypotheek hebben een laag risicoprofiel; een beleggingshypotheek heeft een hoog risicoprofiel; de gecombineerde spaar-/belegingshypotheek heeft een midden risicoprofiel - Voor de hypotheekgever ( degene die de lening wil met zijn onroerende_zaak als hypotheek / zekeroten - de winst bij verkoop van een bepaald aantal eenheden ( dat boven de break_even_afzet ligt ) moet worden berekend - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs Winst = omzet - variabele_kosten - constante_kosten (1) BREAK_EVEN-situatie: - invullen van gegevens in (1) geeft: 0 = ( 20.000 eenheden x Euro 120 per eenheid ) - variabele_kosten - 1.000.000 0 = 2.400.000 Euro - variabele_kosten - 1.000.000 ==>> 0 = 1.400.000 - variabele_kosten ==>> variabele_kosten = 1.400.000 - de variabele_kosten per eenheid = 1.400.000 / 20.000 = 70 Euro per eenheid WINST_EVEN-situatie: - invullen van gegevens in (1) geeft: winst = ( 25.000 eenheden x Euro 120 per eenheid ) - ( 25.000 x 70 ) - 1.000.000 = 3.000.000 - 1.750.000 - 1.000.000 = 250.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom cy b55  M Adm5I29Definitieonderneming,break_even_afzet,break_even,verkoopprijs,constante_kosten,variabele_kosten,afzet,winst,verkoop,bepaald,kostprijsCASUS Adm5I29 - De onderstaande gegevens hebben betrekking op de bedrijfseconomische ( break_even ) situatie van een onderneming - break_even_afzet: 20.000 eenheden - verkoopprijs per eenheid: Euro 120,- - constante_kosten: Euro 1.000.000,- - variabele_kosten: proportioneel variabel - Hoeveel bedraagt de winst bij een afzet van 25.000 eenheden ? a Euro 750.000 b Euro 600.000 c Euro 250.000 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een break_even_afzet in combinatie met verkoopprijs, constante_kosten en variabele_kossvgst,constante_kosten,omzetbelasting,BTW,bedrijfsresultaat,resultatenrekening,winst,omzet,kosten,kostprijs,factuur,afnemer,debiteurCASUS Adm5I30 - Van een onderneming zijn de volgende bedrijfseconomische gegevens bekend - debiteurensaldo per 1 januari 2003 Euro 40.000 - debiteurensaldo per 31 december januari 2003 Euro 50.000 - ontvangst(en) wegens dienstverlening in 2003 Euro 530.000 - proportioneel_variabele_kosten 40 % van de opbrengst - constante_kosten Euro 240.000 - omzetbelasting ( BTW ) hier niet van toepassing - Hoeveel bedraagt het bedrijfsresultaat over 2003 ? a Euro 84.000 b Euro 78.000 c Euro 72.000 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van het berekenen van een bedrijfsresultaat - het gaat hier dus om de resultatenrekening ofwel de winst-_en_verliesrekening - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs winst = omzet - kosten (1) OMZET: 1. Het debiteurensaldo is met Euro 10.000 toegenomen - dit behoort tot de omzet ( de factuur is immers verstuurd naar de afnemer / debiteur ) 2. De daadwerkelijke ontvangst(en) zijn Euro 530.000 - dit behoort ook tot de omzet 3. De totale omzet = 10.000 + 530.000 = 540.000 Euro KOSTEN: 1. De variabele_kosten ( in dit geval de proportioneel_variabele_kosten ) = 0,40 x Euro 540.000 = 216.000 Euro 2. De constante_kosten = Euro 240.000 3. Totale_kosten = 216.000 + 240.000 = 456.000 Euro WINST: - Invullen van de gegevens in (1) geeft: winst = 540.000 - 456.000 = 84.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom ay WW65 I w Adm5I30Definitieonderneming,debiteurensaldo,ontvangst,proportioneel_variabele_kosten,variabele_kosten,opbrenuy------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor / gebouw 64.000 Eigen_vermogen 90.000 Waarborgsom Huur 20.000 Banklening 160.000 Inventaris 82.000 Rekening_courant bank 8.000 Personenauto / vervoermiddelen 80.000 Vooruitbetaalde_kosten 10.000 Liquide_middelen 2.000 ------------------- ----------z-------- 258.000 258.000 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn met betrekking tot het jaar 2005 de volgende gegevens van toepassing: - constante_exploitatiekosten / constante_kosten Euro 420.000 - variabele_kosten Euro 1000 per verkochte eenheid product - opbrengst 1,5 % van de omzet - verkoopprijs Euro 240.000 per eenheid - afzet in 2005 80 eenheden -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De ondernemer krijgt een percentage van de omzet m.b.t. de zaken van derden ( bijv. onroerende_zaak ) die hij ( als makelaar ) verkoopt - Hoeveel bedraagt de intrinsieke_waarde van de onderneming op 1 januari 2005 ? a Euro 258.000 b Euro 168.000 c Euro 90.000 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een intrinsieke_waarde in relatie tot de onderneming - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_structuur - De intrinsieke_waarde van een onderneming is gelijk aan het eigen_vermogen - het eigen_vermogen van de onderneming bedraagt volgens de balans Euro 45.000,-- Het meest juiste antwoord is daarom cy <<075 U  Adm5I31Definitieonderneming,balans,gebouw,waarborgsom,huur,inventaris,vervoermiddelen,vooruitbetaalde_kosten,liquide_middelen,eigen_vermogen,banklening,rekening_courant,bank,constante_exploitatiekosten,constante_kosten,variabele_kosten,product,opbrengst,omzet,verkoopprijs,afzet,intrinsieke_waarde,financile_structuur,percentage,zaken,onroerende_zaak,makelaar,makelaardijCASUS Adm5I31 - De beginbalans van een onderneming ( een makelaardij ) ziet er als volgt uit: -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 1 januari 2005 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------x}tbetaalde_kosten,liquide_middelen,eigen_vermogen,banklening,rekening_courant,bank,constante_exploitatiekosten,constante_kosten,variabele_kosten,product,opbrengst,omzet,verkoopprijs,afzet,werkkapitaal,financile_structuur,lang_vreemd_vermogen,vaste_bedrijfsmiddel,niet-omlopende_activa,percentage,zaken,onroerende_zaak,makelaar,makelaardijCASUS Adm5I32 - De beginbalans van een onderneming ( een makelaardij ) ziet er als volgt uit: -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 1 januari 2005 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor / gebouw ~ 64.000 Eigen_vermogen 90.000 Waarborgsom Huur 20.000 Banklening 160.000 Inventaris 82.000 Rekening_courant bank 8.000 Personenauto / vervoermiddelen 80.000 Vooruitbetaalde_kosten 10.000 Liquide_middelen 2.000 ------------------- ------------------ 258.000  258.000 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn met betrekking tot het jaar 2005 de volgende gegevens van toepassing: - constante_exploitatiekosten / constante_kosten Euro 420.000 - variabele_kosten Euro 1000 per verkochte eenheid product - opbrengst 1,5 % van de omzet - verkoopprijs Euro 240.000 per eenheid - afzet in 2005 80 eenheden -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De ondernemer krijgt een percentage van de omzet m.b.t. de zaken van derden ( bijv. onroerende_zaak ) die hij ( als makelaar ) verkoopt - Wat is de omvang van het netto werkkapitaal op 1 januari 2005 ? a Euro 88.000 b Euro 24.000 c Euro 4.000 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een balans in combinatie met een werkkapitaal - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: financile_structuur - Het werkkapitaal is als volgt gedefinieerd: werkkapitaal = ( eigen_vermogen + lang_vreemd_vermogen ) - ( vaste_bedrijfsmiddel(en) + niet-omlopende_activa ) - Invullen geeft: = ( 90.000 + 160.000 ) - ( 64.000 + 82.000 + 80.000 + 20.000 ) = 250.000 - 246.000 = 4.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom cy NgN95 O A Adm5I33Definitieonderneming,balans,gebouw,waarborgsom,huur,inventaris,vervoermiddelen,vooruitbetaalde_kosten,liquide_middelen,eigen_vermogen,banklening,rekening_courant,bank,constante_exploitatiekosten,constante_kosten,variabele_kosten,product,opbrengst,omzet,verkoopprijs,afzet,begroting,bedrag,liquiditeitsbegroting,exploitatiebegroting,vermogensbegroting,vermogensbehoefte,vermogensvorm,debetzijde,balanspost,gelduitgave,kosten,HEV,boekjaar,percentage,zaken,onroerende_zaak,makelaar,makelaardijCASUS Adm5I33 - De beginbalans van een onderneming ( een makelaardij ) ziet er als volgt uit: --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------85 I G Adm5I32Definitieonderneming,balans,gebouw,waarborgsom,huur,inventaris,vervoermiddelen,voorui|------------------------------------------------------------------------ Balans per 1 januari 2005 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor / gebouw 64.000 Eigen_vermogen 90.000 Waarborgsom Huur 20.000 Banklening 160.000 Inventaris 82.000 Rekening_courant bank 8.000 Personenauto / vervoermiddelen 80.000 Vooruitbetaalde_kosten  10.000 Liquide_middelen 2.000 ------------------- ------------------ 258.000 258.000 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn met betrekking tot het jaar 2005 de volgende gegevens van toepassing: - constante_exploitatiekosten / constante_kosten Euro 420.000 - variabele_kosten Euro 1000 per verkochte eenheid product - opbrengst 1,5 % van de omzet - verkoopprijs Euro 240.000 per eenheid - afzet in 2005 80 eenheden -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De ondernemer krijgt een percentage van de omzet m.b.t. de zaken van derden ( bijv. onroerende_zaak ) die hij ( als makelaar ) verkoopt - Op welke begroting van 2005 komt het bedrag van de Vooruitbetaalde_kosten ( Euro 10.000 ) ook voor ? a De liquiditeitsbegroting van 2005 b De exploitatiebegroting van 2005 c De vermogensbegroting van 2005 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van verscheidene begroting(en) in combinatie met Vooruitbetaalde_kosten - het gaat hier dus om vermogensbeheersing - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: vermogensbehoefte en vermogensvorm(en) - De balans vertoont aan de debetzijde een balanspost Vooruitbetaalde_kosten - dat is een gelduitgave gedaan in het jaar daarvoor waartegenover nog geen daadwerkelijke kosten stonden - als de kosten daadwerkelijk worden gemaakt wordt de balanspost Vooruitbetaalde_kosten gecrediteerd en - de HEV betreffende de gemaakte kosten gedebiteerd - op de liquiditeitsbegroting van 2004 ( een jaar eerder dan het lopende boekjaar ) staat deze gelduitgave behorende bij Vooruitbetaalde_kosten - op de exploitatiebegroting van 2005 ( het huidige boekjaar ) staat de betreffende kostenpost op de betreffende tegenrekening ( = een HEV ) behorende bij die Vooruitbetaalde_kosten Het meest juiste antwoord is daarom bylening,rekening_courant,bank,constante_exploitatiekosten,constante_kosten,variabele_kosten,product,opbrengst,omzet,verkoopprijs,afzet,kostenbudget,gemengd_budget,variabel_budget,vast_budget,vermogensbeheersing,vermogensbehoefte,vermogensvorm,vaste_kosten,percentage,zaken,onroerende_zaak,makelaar,makelaardijCASUS Adm5I34 - De beginbalans van een onderneming ( een makelaardij ) ziet er als volgt uit: -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 1 januari 2005 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor / gebouw 64.000  Eigen_vermogen 90.000 Waarborgsom Huur 20.000 Banklening 160.000 Inventaris 82.000 Rekening_courant bank 8.000 Personenauto / vervoermiddelen 80.000 Vooruitbetaalde_kosten 10.000 Liquide_middelen 2.000 ------------------- ------------------ 258.000  258.000 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn met betrekking tot het jaar 2005 de volgende gegevens van toepassing: - constante_exploitatiekosten / constante_kosten Euro 420.000 - variabele_kosten Euro 1000 per verkochte eenheid product - opbrengst 1,5 % van de omzet - verkoopprijs Euro 240.000 per eenheid - afzet in 2005 80 eenheden -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De ondernemer krijgt een percentage van de omzet m.b.t. de zaken van derden ( bijv. onroerende_zaak ) die hij ( als makelaar ) verkoopt - Met welk soort kostenbudget werkt deze onderneming ? a Gemengd_budget b Variabel_budget c Vast_budget Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een kostenbudget al of niet in combinatie met een vast_budget, een variabel_budget, en / of een gemengd_budget - het gaat hier dus om vermogensbeheersing - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: vermogensbehoefte en vermogensvorm(en) - Bij de bedrijfseconomische_gegevens worden genoemd / gebudgeteerd: constante_kosten ofwel vaste_kosten, alsmede variabele_kosten - dat is een mengsel van een vast_budget en een variabel_budget, resulterend in een zogenoemd gemengd_budget Het meest juiste antwoord is daarom ay O2OK;5 m 7 Adm5I35Definitieonderneming,balans,gebouw,waarborgsom,huur,inventaris,vervoermiddelen,vooruitbetaalde_kosten,liquide_middelen,eigen_vermogen,banklening,rekening_coura6:5 w  Adm5I34Definitieonderneming,balans,gebouw,waarborgsom,huur,inventaris,vervoermiddelen,vooruitbetaalde_kosten,liquide_middelen,eigen_vermogen,banknt,bank,constante_exploitatiekosten,constante_kosten,variabele_kosten,product,opbrengst,omzet,verkoopprijs,afzet,bedrijfsresultaat,winst_vr_belasting,winst,kosten,percentage,zaken,onroerende_zaak,makelaar,makelaardijCASUS Adm5I35 - De beginbalans van een onderneming ( een makelaardij ) ziet er als volgt uit: -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 1 januari 2005 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor / gebouw 64.000 Eigen_vermogen 90.000 Waarborgsom Huur 20.000 Banklening 160.000 Inventaris 82.000 Rekening_courant bank 8.000 Personenauto / vervoermiddelen 80.000 Vooruitbetaalde_kosten 10.000 Liquide_middelen 2.000 ------------------- ------------------ 258.000 258.000 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn met betrekking tot het jaar 2005 de volgende gegevens van toepassing: - constante_exploitatiekosten / constante_kosten Euro 420.000 - variabele_kosten Euro 1000 per verkochte eenheid product - opbrengst 1,5 % van de opbrengst van de verkochte eenheden - verkoopprijs Euro 480.000 per eenheid - afzet in 2005 80 eenheden -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De ondernemer krijgt een percentage van de omzet m.b.t. de zaken van derden ( bijv. onroerende_zaak ) die hij ( als makelaar ) verkoopt - Wat is de omvang van het begrote bedrijfsresultaat van deze onderneming ? a Euro 145.000 b Euro 76.000 c Euro 72.000 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een begroot bedrijfsresultaat - dat is de winst_vr_belasting, waarbij: winst = omzet - kosten (1) - de omzet bedraagt: 1,5 % van ( 80 eenheden x Euro 480.000 per eenheid ) = 0,015 x 38.400.000 = Euro 576.000 - de kosten zijn: constante_kosten + variabele_kosten = 420.000 + ( 80 x 1.000 ) = 500.000 Euro - Invullen in (1) geeft: winst = omzet - kosten = 576.000 - 500.000 = 76.000 Euro Het meest juiste antwoord is daarom by------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ Verbouwing kantoor / gebouw 64.000 Eigen_vermogen 90.000 Waarborgsom Huur 20.000 Banklening 160.000 Inventaris 82.000 Rekening_courant bank 8.000 Personenauto / vervoermiddelen 80.000 Vooruitbetaalde_kosten 10.000 Liquide_middelen 2.000 -------------------  ------------------ 258.000 258.000 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn met betrekking tot het jaar 2005 de volgende gegevens van toepassing: - constante_exploitatiekosten / constante_kosten Euro 420.000 - variabele_kosten Euro 1000 per verkochte eenheid product - opbrengst 1,5 % van de opbrengst van de verkochte eenheden - verkoopprijs  Euro 480.000 per eenheid - afzet in 2005 80 eenheden -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De ondernemer krijgt een percentage van de omzet m.b.t. de zaken van derden ( bijv. onroerende_zaak ) die hij ( als makelaar ) verkoopt - Hoeveel eenheden product moeten er in 2005 worden verkocht om de onderneming kostendekkend te laten zijn ? a 75 eenheden b 68 eenheden c 59 eenheden Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een aantal eenheden dat moet worden verkocht om kostendekkend te zijn - het gaat hier dus om break_even en break_even_afzet - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - De break_even_afzet ( = in eenheden ) is gedefinieerd als: Totale_constante_kosten Break_even_afzet = ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- en wordt in dit geval ==>> ( verkoopprijs per eenheid - variabele_kosten per eenheid ) Totale_constante_kosten 420.000 420.000 = ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- = ---------------------------------------------- = ------------------ = 67,74 = 68 eenheden ( 0,015 x verkoopprijs per eenheid - variabele_kosten per eenheid ) ( 0,015 x 480.000 ) - 1000 6.200 Het meest juiste antwoord is daarom by ^<5 S w Adm5I36Definitieonderneming,balans,gebouw,waarborgsom,huur,inventaris,vervoermiddelen,vooruitbetaalde_kosten,liquide_middelen,eigen_vermogen,banklening,rekening_courant,bank,constante_exploitatiekosten,constante_kosten,variabele_kosten,product,opbrengst,omzet,verkoopprijs,afzet,percentage,zaken,onroerende_zaak,makelaar,makelaardij,break_even,break_even_afzet,kostprijs,CASUS Adm5I36 - De beginbalans van een onderneming ( een makelaardij ) ziet er als volgt uit: -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 1 januari 2005 --------------------------------nst_vr_belasting,exploitatiekosten,CASUS Adm5I37 - De beginbalans van een onderneming ( een makelaardij ) ziet er als volgt uit: -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 1 januari 2005 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor / gebouw 64.000 Eigen_vermogen 90.000 Waarborgsom Huur 20.000 Banklening 160.000 Inventaris 82.000 Rekening_courant bank 8.000 Personenauto / vervoermiddelen 80.000 Vooruitbetaalde_kosten 10.000 Liquide_middelen 2.000 ------------------- ------------------ 258.000 258.000 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn met betrekking tot het jaar 2005 de volgende gegevens van toepassing: - constante_exploitatiekosten / constante_kosten Euro 420.000 - variabele_kosten Euro 1000 per verkochte eenheid product - opbrengst 1,5 % van de opbrengst van de verkochte eenheden - verkoopprijs Euro 480.000 per eenheid - afzet in 2005 80 eenheden -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De ondernemer krijgt een percentage van de omzet m.b.t. de zaken van derden ( bijv. onroerende_zaak ) die hij ( als makelaar ) verkoopt - Hoeveel dient de gemiddelde verkoopprijs per eenheid product zijn om een bedrijfsresultaat ter grootte van Euro 100.000 te realiseren a Euro 550.000 b Euro 504.000 c Euro 500.000 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een verkoopprijs in combinatie met een te behalen bedrijfsresultaat - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Uitgangspunt is: bedrijfsresultaat = winst_vr_belasting = omzet - exploitatiekosten = Euro 100.000 (1) , waarbij omzet = 0,015 x 80 x Verkoopprijs = 1,2 x Verkoopprijs exploitatiekosten = constante_kosten + variabele_kosten = Euro 420.000 + ( 80 x Euro 1.000 ) = 420.000 + 80.000 = 500.000 Euro - Invullen in (1) geeft: 100.000 = 1,2 x Verkoopprijs - 500.000 ==>> 1,2 x Verkoopprijs = 600.000 ==>> Verkoopprijs = 500.000 Het meest juiste antwoord is daarom cy XX=5 ! Adm5I37Definitieonderneming,balans,gebouw,waarborgsom,huur,inventaris,vervoermiddelen,vooruitbetaalde_kosten,liquide_middelen,eigen_vermogen,banklening,rekening_courant,bank,constante_exploitatiekosten,constante_kosten,variabele_kosten,product,opbrengst,omzet,verkoopprijs,afzet,percentage,zaken,onroerende_zaak,makelaar,makelaardij,bedrijfsresultaat,kostprijs,wi--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Balans per 1 januari 2005 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Verbouwing kantoor / gebouw 64.000 Eigen_vermogen 90.000 Waarborgsom Huur 20.000 Banklening 160.000 Inventaris 82.000 Rekening_courant bank 8.000 Personenauto / vervoermiddelen 80.000 Vooruitbetaalde_kosten 10.000 Liquide_middelen 2.000 ------------------- ------------------ 258.000 258.000 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn met betrekking tot het jaar 2005 de volgende gegevens van toepassing: - constante_exploitatiekosten / constante_kosten Euro 420.000 - variabele_kosten  Euro 1000 per verkochte eenheid product - opbrengst 1,5 % van de opbrengst van de verkochte eenheden - verkoopprijs Euro 480.000 per eenheid - afzet in 2005 80 eenheden -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De ondernemer krijgt een percentage van de omzet m.b.t. de zaken van derden ( bijv. onroerende_zaak ) die hij ( als makelaar ) verkoopt - Hoe wordt het verschil genoemd tussen enerzijds de 80 eenheden die zijn begroot te worden verkocht tegen een begrote gemiddelde verkoopprijs en anderzijds het aantal eenheden dat moet worden verkocht tegen dezelfde gemiddelde verkoopprijs om kostendekkend / break_even te zijn ? a Break_even_point b Dekkingsbijdrage c Veiligheidsmarge Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een begroot aantal te verkopen eenheden om zodoende een begroot bedrijfsresultaat te realiseren in combinatie met het aantal te verkopen eenheden om break_even te zijn - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Als in een begroting een zodanig aantal te verkopen eenheden tegen een begrote verkoopprijs is gepland om zodoende een bedrijfsresultaat / winst te realiseren dan is begroot dat men aan de veilige kant van het break_even_point wenst te opereren - dit verschil tussen te verkopen eenheden met positief bedrijfsresultaat enerzijds, en met bedrijfsresultaat = 0 bij break_even anderzijds, wordt de veiligheidsmarge genoemd Het meest juiste antwoord is daarom cy ff>5   Adm5I38Definitieonderneming,balans,gebouw,waarborgsom,huur,inventaris,vervoermiddelen,vooruitbetaalde_kosten,liquide_middelen,eigen_vermogen,banklening,rekening_courant,bank,constante_exploitatiekosten,constante_kosten,variabele_kosten,product,opbrengst,omzet,verkoopprijs,afzet,percentage,zaken,onroerende_zaak,makelaar,makelaardij,verschil,break_even,break_even_point,dekkingsbijdrage,veiligheidsmarge,verkopen,bedrijfsresultaat,kostprijs,begroting,winst,CASUS Adm5I38 - De beginbalans van een onderneming ( een makelaardij ) ziet er als volgt uit: ----------------------------------------------- ))S?5 !  Adm5I39Definitieperiodieke_kosten,huurder,bedrijfspand,huur,rentekosten,kosten,groot_onderhoud_gebouw,onroerende_zaak_belasting,kostprijs,lening,rekening,CASUS Adm5I39 - Wat wordt tot de periodieke_kosten van een huurder m.b.t. een gehuurd bedrijfspand gerekend, afgezien van de huur zelf ? a Rentekosten b Kosten voor groot_onderhoud_gebouw c Onroerende_zaak_belasting Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van periodieke_kosten van een huurder m.b.t. een gehuurd bedrijfspand - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Rentekosten zijn kosten van lening(en) en er is hier geen sprake van lening(en) - De kosten voor groot_onderhoud_gebouw zijn voor rekening van de verhuurder - Het gebruikersdeel van de onroerende_zaak_belasting komt voor rekening van de huurder ( = gewijzigd per 1-1-2006 !! ) Het meest juiste antwoord is daarom cy - die constante_kosten moeten eerst worden terugverdient voordat winst kan worden gemaakt - als de verkoopprijs per eenheid van product hoger is dan de variabele_kosten per eenheid product dan wordt een $ subwinst $ per eenheid gemaakt die kan worden gebruikt om een ( klein ) deel van de constante_kosten mee te bekostigen / te dekken - als voldoende eenheden worden verkocht zullen de constante_kosten door de $ subwinsten $ geheel zijn gedekt ( break_even ) - als dan nog meer eenheden worden verkocht , wordt winst gemaakt - de $ subwinst $ = verkoopprijs - variabele_kosten wordt dekkingsbijdrage genoemd - Het verschil tusen de verkoopprijs en de variabele_kosten per eenheid heet dekkingsbijdrage per eenheid - de dekkingsbijdrage is in dit geval: verkoopprijs ( excl. BTW ) per eenheid - variabele_kosten per eenheid = Euro 14,- - Euro 4,- = Euro 10,- Het meest juiste antwoord is daarom ay OO%@5  9 Adm5I40Definitieonderneming,bepaald,product,verkoopprijs,BTW,kostprijs,constante_kosten,variabele_kosten,bepaalde,dekkingsbijdrage,kosten,winst,verschil,CASUS Adm5I40 - Een onderneming vervaardigt een bepaald product met een verkoopprijs van Euro 14,- ( excl. BTW ) en met een kostprijs van Euro 9,- opgebouwd uit constante_kosten ter grootte van Euro 5,- en variabele_kosten ter grootte van Euro 4,- - Wat is de grootte van de dekkingsbijdrage per product ? a Euro 10,- b Euro 9,- c Euro 5,- Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een product met een bepaalde (kost)prijsstructuur in combinatie met de dekkingsbijdrage - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: kosten en kostprijs - Ongeacht het aantal vervaardigde en / of verkochte producten heeft een onderneming te maken met constante_kosten  op zijn salaris een bedrag op ten_laste van de bankrekening van de B.V. - Met welke balanspost correspondeert dit voorval ? a Rekening_courant_directeur b Vooruit_ontvangen_bedragen c Algemene_reserve Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een geldopname ( in dit geval een priv_opname ) door een dga in combinatie met een corresponderende balanspost - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: balans / vermogensbehoefte en vermogensvorm(en) - De algemene_reserve van een B.V. behoort tot het eigen_vermogen van de B.V. en wordt niet belast door priv_opname(n) - Vooruit_ontvangen_bedragen zijn ontvangst(en) verkregen van toekomstige afnemer(s) van product(en) en / of dienst(en) die nog aan die toekomstige afnemer(s) moeten worden geleverd, bijvoorbeeld: vooruitbetaalde huur - De rekening_courant_directeur is een rekening waarop de financile_relatie van de dga met de B.V. kan worden bijgehouden Het meest juiste antwoord is daarom ay I C5 y - Adm5I43Definitieonderneming,hypothecaire_lening,rente,interest,bank,aflossing,interestkosten,rentekosteB5 5 a Adm5I42Definitieonderneming,nota,boekhouding,journaalpost,te_vorderen_btw,te_verrekenen_btw,crediteuren,te_betalen_btw,af_te_dragen_btw,kosten,dagboek,journaal,factuur,schuld,grootboekrekening,HEV,bedrag,BTW,crediteur,debetpost,CASUS Adm5I42 - Een onderneming verwerkt een binnengekomen nota voor reclamekosten ter grootte van Euro 7.000,-+A5 ; ) Adm5I41DefinitieB.V.,directeur_grootaandeelhouder,salaris,bedrag,ten_laste,bankrekening,balanspost,rekening_courant_directeur,vooruit_ontvangen_bedragen,algemene_reserve,priv_opname,dga,vermogensbehoefte,vermogensvorm,eigen_vermogen,ontvangst,afnemer,product,dienst,factuur,crediteuren,rekeningCASUS Adm5I41 - Van een B.V. neemt de directeur_grootaandeelhouder als voorschot (excl. BTW ) in de boekhouding - Hoe ziet de bijbehorende journaalpost er uit ? a Reclamekosten Euro 7.000,-- Te_vorderen_BTW / te_verrekenen_BTW - 1.330,-- Aan crediteuren Euro 8.330,-- b Crediteuren Euro 8.330,-- Aan te_vorderen_BTW / te_verrekenen_BTW Euro 1.330,-- Aan reclamekosten - 7.000,-- c Reclamekosten Euro 8.330,-- Aan Te_betalen_BTW / af_te_dragen_BTW Euro 1.330,-- Aan crediteuren - 7.000,-- Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een kosten in combinatie met boekhouding en journaalpost - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: dagboek(en) en journaal - Er wordt een factuur ontvangen en geboekt voordat deze factuur wordt betaald - de post crediteuren moet dan worden gecrediteerd ( die schuld is groter geworden ) - er moet dan in het journaal een journaalpost met een journaalpostregel $ Aan crediteuren $ voorkomen - daardoor valt antwoord b al af - De grootboekrekening ( HEV ) $ Reclamekosten $ moet bij het maken van kosten worden gedebiteerd met een bedrag zonder BTW - daardoor valt antwoord c af - De te betalen BTW moet wel aan de crediteur worden betaald, maar kan worden teruggevorderd van de Belastingdienst, of worden verrekend - er moet dus een debetpost Te_vorderen_BTW voorkomen - daardoor vallen antwoorden b en c af Het meest juiste antwoord is daarom ayn,administratie,boeking,journaalpost,te_betalen_interest,journaal,permanence,permanentie,kosten,betaling,grootboekrekening,HEV,voorziening,bankrekening,schuld,CASUS Adm5I43 - Over de bedrijfseconomische situatie van een onderneming zijn de volgende gegevens bekend: - op 1 januari 2005 is er een hypothecaire_lening ter grootte van Euro 600.000 tegen een rente van 5 % - de interest wordt elk half jaar ( per 1 maart en per 1 september ) achteraf per bank betaald, alsmede Euro 12.000 aflossing per die data - aan het eind van elke maand worden de interestkosten / rentekosten van de hypothecaire_lening in de administratie verwerkt - Welke boeking ( journaalpost ) wordt er op 1 maart 2005 gemaakt ? a Interest Euro 15.000,-- 5 % hypothecaire_lening - 12.000,-- Aan Bank  Euro 27.000,-- b Te_betalen_interest Euro 15.000,-- 5 % hypothecaire_lening - 12.000,-- Aan Bank Euro 27.000,-- c Interest Euro 14.400,--- 5 % hypothecaire_lening - 12.000,-- Aan Bank Euro 26.400,-- Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een hypothecaire_lening in combinatie met interestkosten en aflossing - bovendien wordt aan het eind van elke maand de interestkosten / rentekosten van de hypothecaire_lening in de administratie verwerkt - het gaat hier dus om permanentie - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: resultaten / dagboek(en) en journaal - Alhoewel de interestkosten eenmaal per half jaar achteraf aan de bank worden overgemaakt, worden de interestkosten iedere maand geboekt, dit - geschied in het kader van de permanence / permanentie om zodoende de grootboekhouding zuiver te houden ( = de kosten over de maanden teverdelen i.p.v. van ze twee keer per jaar alleen in de maand(en) van betaling te laten drukken ) - per maand wordt de grootboekrekening ( HEV ) genaamd $ Interestkosten $ gedebiteerd en de grootboekrekening $ Te_betalen_interest $, die is te zien als een voorziening, gecrediteerd om zodoende een gelijkmatige spreiding van de kosten over het jaar te krijgen - twee maal per jaar wordt de bankrekening gecrediteerd en de grootboekrekening $ Te_betalen_interest $ gedebiteerd ( de schuld is voldaan ) - de aflossing(en) zijn geen kosten, maar betreffen een verandering van het vermogen; het lang_vreemd_vermogen ( een schuld ) wordt minder - de betreffende grootboerekening genaamd $ 5 % hypothecaire_lening $ wordt eens per half jaar gedebiteerd - De interest bedraagt 0,05 x Euro 600.000 = Euro 30.000 per jaar, dus Euro 15.000 per half jaar - antwoord c valt daarom af - De bankrekening moet elk half jaar worden gecrediteerd met Euro 15.000 ( interest ) + Euro 12.000 ( aflossing ) = Euro 27.000 - antwoord c valt daarom af - De voorzieningen-post $ Te_betalen_interest $ moet elk half jaar worden gedebiteerd met Euro 15.000 - antwoorden a en c vallen daarom af - Let op: - in het kader van de permanence worden de interestkosten iedere maand gedebiteerd op de HEV " Interestkosten " en tevens op de grootboekrekening " Te betalen lnterest " gecrediteerd - in het kader van de betalingen ( achteraf ) aan de bank wordt per half jaar de grootboekrekening " Te betalen lnterest " gedebiteerd en de grootboekrekening " Bank " gecrediteerd Het meest juiste antwoord is daarom by Euro 297,50 b Advertentiekosten Euro 125,-- Door_te_berekenen_bedragen - 125,-- Te_vorderen_BTW - 47,50 Aan bank Euro 297,50 c Advertentiekosten Euro 148,75 Door_te_berekenen_bedragen - 125,-- Te_vorderen_BTW - 23,75 Aan bank Euro 297,50 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een journaalpost betreffende een betaling van een factuur in combinatie met BTW - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: dagboek(en) en journaal - Het factuurbedrag inclusief BTW bedraagt Euro 297,50 - het factuurbedrag zonder BTW bedraagt Euro 250,-- en de BTW bedraagt 47,50 - De makelaar en de verkoper betalen ieder helft van de kosten, dus ieder betaalt Euro 125,-- - kosten worden altijd op de betreffende HEV geboekt zonder BTW, de makelaar boekt dus Euro 125,-- als advertentiekosten - antwoord c valt daarom af - Het betaalde BTW bedrag ter grootte van Euro 47,50 kan van de Belastingdienst worden teruggevorderd - antwoorden a en c vallen daarom af - op een later tijdstip zal de makelaar aan de verkoper een factuur sturen ter grootte van Euro 125,- + Euro 23,75 ( BTW ) = Euro 148,75 - de makelaar zal de van de verkoper ontvangen BTW aan de Belastingdienst moeten afdragen ( af_te_dragen_BTW ), maar - dat is een andere transactie en valt daardoor buiten deze opgave Het meest juiste antwoord is daarom by AE5 A O Adm5I45Definitiebalans,B.V.,boeking,onroerende_zaknD5 I ! Adm5I44Definitiefactuur,BTW,makelaar,bank,verkoper,woning,kosten,journaalpost,betaling,Te_vorderen_BTW,dagboek,journaal,HEV,bedrag,belastingdienst,af_te_dragen_BTW,transactieCASUS Adm5I44 - Een factuur ten bedrage van Euro 297,50 ( incl. 19 % BTW ) betreffende een advertentie in een weekblad wordt door een makelaar per bank voldaan. De verkoper van de woning betaalt de helft van de kosten - Hoe ziet de journaalpost er uit die de makelaar maakt betreffende deze betaling ? a Advertentiekosten Euro 125,-- Door_te_berekenen_bedragen - 148,75 Te_vorderen_BTW - 23,75 Aan bank en,afschrijving,voorziening_groot_onderhoud,vooruit_ontvangen_huur,percentage,aanschafprijs,eigendom,aankoop,investering,desinvestering,herwaardering,huur,periode,bank,boekwaarde,onroerende_zaak,beheersadministratie,resultaat,lineaire_afschrijving,CASUS Adm5I45 - Een deel van de balans van een B.V. ziet er na de verwerking(en) / boeking(en) van de maand november als volgt uit: ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Gedeeltelijke balans per 1 december 2005 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Onroerende_zaken 6.000.000 Voorziening_groot_onderhoud 320.000 Afschrijving onroerende_zaken -/- 1.192.800 Vooruit_ontvangen_huur 64.000 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn nog de volgende gegevens bekend: - de afschrijving op de onroerende_zaken geschiedt maandelijks en met een vast percentage van de aanschafprijs - de onroerende_zaken zijn op 1 november 2005 reeds 5 jaar en 11 maanden eigendom van de B.V. - er hebben sedert de aankoop / aankoop_onroerende_zaak geen investering(en), desinvestering(en) en herwaardering(en) plaatsgevonden - de huur wordt steeds voor een periode van 3 maanden vooruit betaald en per bank ontvangen op de eerste dag van elk kwartaal - Hoeveel bedraagt de boekwaarde van de onroerende_zaken van de B.V. op 31 december 2005 ? a Euro 4.824.000 b Euro 4.807.200 c Euro 4.790.400 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een balans in combinatie met onroerende_zaken / onroerende_zaak en afschrijving(en) - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheersadministratie en resultaten / resultaat - Er wordt afgeschreven met een vast percentage van de aanschafprijs, dus is er sprake van een lineaire_afschrijving - In 5 jaar en 11 maanden = 71 maanden is er Euro 1.192.800 afgeschreven, dat is Euro 1.192.800 / 71 = 16.800 Euro per maand - er moeten tot 31 december 2005 nog 1 maand worden afgeschreven, dat is: 16.800 Euro, zodat - het totaal van de afschrijving(en) op 31 december 2005 = 1.192.800 + 16.800 = 1.209.600 Euro - zodat de boekwaarde van de onroerende_zaken van de B.V. op 31 december 2005 = 4.790.400 Euro Het meest juiste antwoord is daarom cy - Een deel van de balans van een B.V. ziet er na de verwerking(en) / boeking(en) van de maand november als volgt uit: ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Gedeeltelijke balans per 1 december 2005 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Onroerende_zaken 6.000.000 Voorziening_groot_onderhoud 320.000 Afschrijving onroerende_zaken -/- 1.192.800 Vooruit_ontvangen_huur 64.000 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn nog de volgende gegevens bekend: - de afschrijving op de onroerende_zaken geschiedt maandelijks en met een vast percentage van de aanschafprijs - de onroerende_zaken zijn op 1 november 2005 reeds 5 jaar en 11 maanden eigendom van de B.V. - er hebben sedert de aankoop / aankoop_onroerende_zaak geen investering(en), desinvestering(en) en herwaardering(en) plaatsgevonden - de huur wordt steeds voor een periode van 3 maanden vooruit betaald en per bank ontvangen op de eerste dag van elk kwartaal - Welke boekingsregel wordt gehanteerd bij de maandelijkse boeking(en) van de huur op de grootboekrekening $ Vooruit_ontvangen_huur $ a De grootboekrekening wordt gedebiteerd omdat deze rekening_van_schuld kleiner wordt b De grootboekrekening wordt gecrediteerd omdat het een opbrengst betreft c De grootboekrekening wordt gedebiteerd omdat het een opbrengst betreft Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een balanspost in combinatie met onroerende_zaak, huur, opbrengst en rekening_van_schuld - bovendien is er sprake debiteren of crediteren - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheersadministratie en resultaten / resultaat - De maandelijkse boeking(en) staan in relatie tot het handhaven van de permanence - de grootboekrekening $ Vooruit_ontvangen_huur $ ( welke in feite een rekening_van_schuld is, omdat het ontvangst(en) betreft waarvoor de bijbehorende dienst(en) nog niet zijn geleverd en daardoor de daadwerkelijke opbrengst(en) nog niet zijn gerealiseerd ) wordt dan telkens maandelijks gedebiteerd waardoor deze rekening_van_schuld kleiner wordt, en - de tegenrekening ( HEV ) $ huuropbrengst $ wordt gecrediteerd, waardoor deze rekening_van_schuld groter wordt Het meest juiste antwoord is daarom ay YF5 3  Adm5I46Definitiebalans,B.V.,boeking,onroerende_zaken,afschrijving,voorziening_groot_onderhoud,vooruit_ontvangen_huur,percentage,aanschafprijs,eigendom,aankoop,investering,desinvestering,herwaardering,huur,periode,bank,boekingsregel,grootboekrekening,opbrengst,rekening_van_schuld,balanspost,onroerende_zaak,beheersadministratie,resultaat,permanence,ontvangst,dienst,tegenrekening,,HEV,huuropbrengst,debiteren,crediterenCASUS Adm5I46------------------ Gedeeltelijke balans per 1 december 2005 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Onroerende_zaken 6.000.000 Voorziening_groot_onderhoud 320.000 Afschrijving onroerende_zaken -/- 1.192.800 Vooruit_ontvangen_huur 64.000 ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - Verder zijn nog de volgende gegevens bekend: - de afschrijving op de onroerende_zaken geschiedt maandelijks en met een vast percentage van de aanschafprijs - de onroerende_zaken zijn op 1 november 2005 reeds 5 jaar en 11 maanden eigendom van de B.V. - er hebben sedert de aankoop / aankoop_onroerende_zaak geen investering(en), desinvestering(en) en herwaardering(en) plaatsgevonden - de huur wordt steeds voor een periode van 3 maanden vooruit betaald en per bank ontvangen op de eerste dag van elk kwartaal - Welke journaalpost wordt gemaakt met betrekking tot een een dotatie / toevoeging van Euro 8.000,-- aan de Voorziening_groot_onderhoud ? a Onderhoudskosten Euro 8.000,-- Aan Voorziening_groot_onderhoud Euro 8.000,-- b Bank Euro 8.000,-- Aan Voorziening_groot_onderhoud Euro 8.000,-- c Voorziening_groot_onderhoud Euro 8.000,-- Aan Bank Euro 8.000,-- Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een dotatie / toevoeging, in combinatie met de Voorziening_groot_onderhoud - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheersadministratie en resultaten / resultaat - Bij een dotatie wordt een bedrag, bestemd voor een voorziening, ten laste van de exploitatierekening ( en daarmee ten laste van het resultaat / de winst ) gebracht - het is in feite een verschuiving van een bedrag van een HEV naar een voorziening ( een rekening_van_schuld ) - dit geschiedt bijvoorbeeld door het debiteren van de HEV " Onderhoudskosten " , en - het crediteren van de grootboekrekening " Voorziening_groot_onderhoud " Het meest juiste antwoord is daarom ay kG5 a  Adm5I47Definitiebalans,B.V.,boeking,onroerende_zaken,afschrijving,voorziening_groot_onderhoud,vooruit_ontvangen_huur,percentage,aanschafprijs,eigendom,aankoop,investering,desinvestering,herwaardering,huur,periode,bank,journaalpost,dotatie,beheersadministratie,resultaat,bedrag,exploitatierekening,winst,HEV,voorziening,rekening_van_schuld,debiteren,crediteren,grootboekrekening,CASUS Adm5I47 - Een deel van de balans van een B.V. ziet er na de verwerking(en) / boeking(en) van de maand november als volgt uit: ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - In de casus is sprake van een factuur in combinatie met BTW, een failliete afnener en een geleden schade - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: algemeen - Op een factuur staat het door een afnemer te betalen totaalbedrag altijd vermeld inclusief de aan de afnemer in rekening gebrachte BTW - de ondernemer die de factuur heeft verstuurd en het bedrag inclusief BTW van de afnemer / debiteur ontvangt, moet de aldus ontvangen BTW aan de Belastingdienst afdragen - als de ondernemer niet door de afnemer, en ook niet door de curator krijgt betaald, hoeft de ondernemer ook niet de niet-ontvangen BTW aan de fiscus af te dragen. - het schadebedrag voor de ondernemer beperkt zich dan tot het bedrag zonder BTW ( = de verwachte omzet / opbrengst ) en die is in dit geval: ( 100 / 119 ) x Euro 14.280 = Euro 12.000,-- Het meest juiste antwoord is daarom by ~H5 - ] Adm5I48Definitieondernemer,makelaar,afnemer,factuur,courtagenota,BTW,dienst,schuldeiser,curator,vordering,schade,verlies,bedrag,belastingdienst,omzet,opbrengst,CASUS Adm5I48 - Een ondernemer ( een makelaar ) heeft enige tijd geleden aan een afnemer een factuur ( een courtagenota ) ter grootte van Euro 14.280-- ( incl. 19 % BTW ) gestuurd betreffende geleverde dienst(en). Echter, de afnemer is failliet verklaard en de schuldeiser(s) krijgen de door hen bij de curator ingediende vordering(en) niet uitbetaald. - Wat is de omvang van de schade / verlies die de onderneming hierdoor lijdt ? a Euro 14.280,-- b Euro 12.000,-- c Euro 11.566,80 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg j gebracht. Over kosten zijn niet van toepassing. - Hoe ziet de journaal post betreffende deze verkoop van het kantoorpand er uit ? a Bank Euro 35.700.000 Afschrijving gebouw(en) - 7.200.000 Aan te_betalen_BTW Euro 5.700.000 Aan gebouw(en) - 24.000.000 Aan herinvesteringsreserve - 13.200.000 b Bank Euro 30.000.000 Af_te_dragen_BTW - 5.700.000 Afschrijving gebouw(en)  - 7.200.000 Aan gebouw(en) Euro 24.000.000 Aan herinvesteringsreserve - 18.900.000 c Bank Euro 35.700.000 Afschrijving gebouw(en) - 7.200.000 Aan te_betalen_BTW Euro 5.700.000 Aan Afschrijvingskosten gebouw(en) - 7.200.000 Aan gebouw(en) - 16.800.000 Aan herinvesteringsreserve  - 13.200.000 Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een per bank ontvangen bedrag in combinatie met de verkoop van een pand - bovendien is op het pand afgeschreven en een boekwinst gemaakt die naar de herinvesteringsreserve gaat - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: beheersadministratie en bij dagboek(en) en journaal - Op de bankrekening is binnengekomen een bedrag van Euro 35.700.000,-- ( incl. 19 % BTW ) - antwoord b valt daarom af - De ontvangen BTW zijnde ( 19 / 119 ) x Euro 35.700.000 = Euro 5.700.000 is een schuld aan de Belastingdienst en moet worden afgedragen aan de Belastingdienst; daartoe dient de rekening_van_schuld $ Te_betalen_BTW $ te worden gecrediteerd voor een bedrag van Euro 5.700.000 - antwoord b valt daarom af - Bij verkoop van een gebouw dient de post $ Afschrijving gebouw(en) $ met een bedrag van Euro 7.200.000 te worden gedebiteerd want die betreffende rekening_van_schuld / voorziening dient met dit bedrag te verminderen - de post ( HEV ) $ Afschrijvingskosten gebouw(en) $ speelt bij de transactie betreffende de verkoop van het pand en de verwerking daarvan in de boekhouding geen enkele rol want op die HEV worden de maandelijkse / jaarlijkse afschrijvingen bijgehouden eb dat is al gebeurd - antwoord c valt daarom af - Antwoord a blijft nu nog over, maar we gaan de verdere posten nog na om te kijken of alles klopt - Bij verkoop moet de post Gebouw(en) worden gecrediteerd voor het bedrag van de aanschafwaarde zijnde Euro 24.000.000,- - antwoord a klopt hiermee - De boekwinst die naar de herinvesteringsreserve gaat bedraagt ( alles excl. BTW ! ) : verkoopprijs - ( aanschafwaarde - afschrijving ) = 30.000.000 - ( 24.000.000 - 7.200.000 ) = 30.000.000 - 16.800.000 = 13.200.000 Euro - antwoord a klopt hiermee Het meest juiste antwoord is daarom ay yyoI5 k  Adm5I49Definitiebankrekening,bedrag,btw,verkoop,aanschafwaarde,boekwinst,pand,administratie,herinvesteringsreserve,kosten,bank,afschrijving,gebouw,te_betalen_BTW,Af_te_dragen_BTW,afschrijvingskosten,beheersadministratie,dagboek,journaal,schuld,belastingdienst,rekening_van_schuld,voorziening,HEV,transactie,verkoopprijsCASUS Adm5I49 - Op de bankrekening van een beheers- en beleggingsmaatschappij is een bedrag van Euro 35.700.000,-- ( incl. 19 % BTW ) binnengekomen betreffende de verkoop van een kantoorpand dat oorspronkelijk was gekocht tegen een aanschafwaarde van Euro 24.000.000,-- en waarop inmiddels een bedrag van Euro 7.200.000,- was afgeschreven. De gerealiseerde boekwinst m.b.t. de verkoop van het pand wordt in de administratie ten gunste van de herinvesteringsreserve van de beheers- en beleggingsmaatschappi Grootboekrekening Debet Credit ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Te_innen_huur 165.000,-- Hypotheekrente 95.000,-- Verlies door wanbetaling 2.800,-- Onderhoudskosten 15.800,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - De saldi van de grootboekrekening(en) zoals weergegeven op de saldibalans worden verwerkt in de resultatenrekening en in de eindbalans - Hoe zien de resultatenrekening en de eindbalans er uit m.b.t. de verwerking van bovenstaande gegevens uir de saldibalans ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Winst-_en_verliesrekening Balans ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Debet Credit Debet Credit ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- a Te_innen_huur 165.000,-- Hypotheekrente 95.000,-- Verlies door wanbetaling  2.800,-- Onderhoudskosten 15.800,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- b Te_innen_huur 165.000,-- Hypotheekrente 95.000,-- Verlies door wanbetaling 2.800,-- Onderhoudskosten 15.800,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- c Te_innen_huur 165.000,-- Hypotheekrente 95.000,-- Verlies door wanbetaling 2.800,-- Onderhoudskosten 15.800,-- ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Dubbelklik HIER voor antwoord en uitleg - In de casus is sprake van een saldibalans in combinatie met een winst-_en_verliesrekening en een balans - daarom kijken / zoeken in de theorie bij: resultaten / resultaat - Alleen de daadwerkelijk gerealiseerde opbrengst(en) en kosten komen uiteindelijk op de winst-_en_verliesrekening terecht - hypotheekrente ( rentekosten ), verlies door wanbetaling ( wanbetalingskosten ) en onderhoudskosten zijn exploitatiekosten en komen op de winst-_en_verliesrekening terecht - te_innen_huur is de nog niet gerealiseerde huuropbrengst en is een balanspost, die steeds wordt gedebiteerd als er daadwerkelijk huuropbrengst(en) worden gerealiseerd - de huuropbrengst(en) zelf worden gecrediteerd op de HEV " Huuropbrengst(en) " Het meest juiste antwoord is daarom ay !|!WK45   Adminisratief_procesDefinitie- Een adminisratief_proces kan worden gevoerd, indien het publiekrechtelijke_zaken betreft, door: - natuurlijke_personen - privaatrechtelijke_rechtspersonen - publiekrechtelijke_rechtspersonen tegen: - bestuursorganen van de overheidnylJ5 7 / Adm5I50Definitiesaldibalans,grootboekrekening,debet,credit,hypotheekrente,verlies,wanbetaling,resultatenrekening,eindbalans,winst-_en_verliesrekening,balans,resultaat,opbrengst,kosten,rentekosten,wanbetalingskosten,onderhoudskosten,exploitatiekosten,te_innen_huur,huuropbrengst,balanspost,HEV,CASUS Adm5I50 - Bij een woningexploitatiemaatschappij komen op de saldibalans de volgende grootboekrekening(en) voor: -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------  ,CZq:^ "9UmAdm5I41DefinitieAdm5I42DefinitieAdm5I43DefinitieAdm5I44DefinitieAdm5I45DefinitieAdm5I46DefinitieAdm5I47DefinitieAdm5I48DefinitieAdm5I49DefinitieAdm5I50Definitie#5Adminisratief_procesDefinitie)AdministrateurDefinitie'AdministratieDefinitie$7Administratief_beroepDefinitie#5Administratief_rechtDefinitie#5AdministratiekantoorDefinitie5YAdministratieve_kamer_van_de_rechtbankDefinitie&;Administratieve_rechterDefinitie*CAdministratieve_rechtspraakDefinitieAdoptantDefinitieAdoptieDefinitie!#AdviseringOrganisatieAdviseurDefinitie-Af_te_dragen_BTWDefinitie!AfbetalingDefinitie"3Afbouw_en_afwerkingDefinitie!AfbouwfaseDefinitie%AfdankgedragDefinitie RL4) 'k    AdministrateurDefinitieAdministratie- Administrateur: - degene die financieel-economische informatie in een bedrijfsadministratie vastlegt en de daarbij behorende financieel- economische informatieverstrekking / rapportage ( bijv. aan het management ) verzorgt.yynPri6I18, M6' W 7   = AdministratieDefinitieAdministrateur, Bedrijfsadministratie- Administratie: - aantekening houden / bijhouden van financile_feiten die van belang zijn voor een onderneming - de wijze waarop een administratie wordt gevoerd of ingericht, hangt af van het doel waarvoor die administratie wordt gevoerd - bijvoorbeeld: het bijhouden van financile_transactie(s) voor het opmaken van de balans en de winst-_en_verliesrekening - zie: bedrijfsadministratie - de uitdrukking administratie ( ad_minister ) betekent: voor het bestuur - zie ook: - boekhoudplicht - publicatieplicht - aangifteplicht - bewaarplichtyynAdm5I43,Adm5I49,Pri6I18, SS#O35 Cq    Administratief_rechtDefinitieBestuursrecht, Publiekrecht- Administratief_recht: - zie: Bestuursrecht nynyN47E+  Administratief_beroepDefinitieAwbBeroep, Bezwaar, Beschikking- Administratief_beroep: - een voorziening tegen een besluit vragen bij een ander bestuursorgaan dan hetwelk het besluit heeft genomen ( Awb 1:5 ) - deze beroepsmogelijkheid wordt genoemd in een bijzondere wet waarin administratief_beroep open staat, en - waarbij dus niet de standaardprocedure zoals genoemd in de Awb ( bezwaar, beroep, hoger_beroep ) wordt gevolgdyy  Q4Y%+M  Administratieve_kamer_van_de_rechtbankDefinitieWet op de ROBeroep; bezwaar- Administratieve_kamer_van_de_rechtbank: de sector_bestuursrecht_van_de_rechtbank - de rechter daarvan heet: bestuursrechter of administratieve_rechternyP55 %  AdministratiekantoorDefinitieCertificaten_van_aandelen, Aandelen, Bedrijfsadministratie- Administratiekantoor: - het plaatsen van aandelen bij een administratiekantoor - het administratiekantoor geeft in de plaats van deze aandelen zogenoemde $ certificaten_van_aandelen $ uit aan de certificaathouder(s), die - geen stemrecht hebben in de algemene_vergadering_van_aandeelhouders, maar - wel dividend ontvangenyn VR4;%'I    Administratieve_rechterDefinitieWet op de ROBestuursrecht- Administratieve_rechter - wordt ook wel bestuursrechter genoemd, en - kan werkzaam zijn bij: - de sector_bestuur_van_de_rechtbank ( bestuurskamer van de rechtbank ) - afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State ( ARRvS ) - Centrale_raad_van_beroep - voor hoger_beroep in sociale_zaken en ambtenarenzaken - eerst bezwaar_maken bij bestuursorgaan die beschikking afgaf, en daarna in beroep bij de rechtbank - College_van_beroep_voor_het_bedrijfsleven - voor beroepszaken tegen een besluit of andere handeling van de SER, een productschap, of een bedrijfschapnynPub5II56 5U6#?W    AdoptieDefinitieBW 1:227 evPersonen-_en_familierecht- Adoptie: - geschiedt door een uitspraakɁ-T4#?   AdoptantDefinitieBW 1:227 evPersonen-_en_familierecht- Adoptant: - degene die een kind adopteerd middels adoptie yyS4C%'S  Administratieve_rechtspraakDefinitieWet op de ROBestuursrecht- Administratieve_rechtspraak - een type rechtspraak door een administratieve_rechter in geschillen die niet uit burgerlijke_rechtsbetrekkingen zijn ontstaanny van de rechtbank op verzoek van twee personen tezamen of op verzoek van n persoon alleen, tenzij die 2 geen huwelijk aan zouden mogen gaan volgens art. 41 ... ( BW 1:227-1 ) - het verzoek door 2 personen kan slechts worden gedaaan als ze minstens 3 jaar onafgebroken .... bij elkaar zijn ... ( BW 1:227-2 ) - verzoek door adoptant die partner, etc., van de ouder is, kan slechts worden gedaaan als ze minstens 3 jaar onafgebroken .... bij elkaar zijn ... ( BW 1:227-2 ) - kan alleen geschieden als het in het belang van het kind is en ...... ( BW 1:227-3 ) - Voorwaarde(n) voor adoptie ( BW 1:228 ): - kind moet minderjarig zijn; bij 12 jaar en ouder geen bezwaar van kind en ouder ( BW 1:228-1a ) - kind mag geen kleinkind zijn ( BW 1:228-1b ) - adoptant moet minstens 18 jaar ouder zijn dan het kind ( BW 1:228-1c ) - geen van de ouder(s) mag het verzoek tegenspreken ( BW 1:228-1d ) - de moeder moet minstens 16 jaar oud zijn ( BW 1:228-1e ) - bij 1 adoptant: - moet het kind minstens 3 jaar hebben verzorgd ( BW 1:228-1f ) - bij 2 adoptant(en) - moeten het kind minstens 1 jaar hebben verzorgd ( BW 1:228-1f ) - door adoptie ontstaat een familierechtelijke_relatie tussen de geadopteerde en adoptant(en) en diens bloedverwant(en) ( BW 1:229-1 ) - de familiebetrekking met de oorspronkelijke ouder(s) en bloedverwant(en) houdt op ( BW 1:229-2 ) - als partner, etc., het kind adopteert, blijft de familiebetrekking met de ouder bestaan ( BW 1:229-3 ) - de adoptie kan worden herroepen door de rechtbank op verzoek van de geadopteerde ( BW 1:231-1 ) - als het in het belang van de geadopteerde is ( BW 1:231-2 ) - verzoek niet eerder dan 2 jaar en niet later dan 5 jaar na meerderjarig worden, is gedaan ( BW 1:231-2 ) - door herroeping herfleeft de oude familierechtelijke_betrekking ( BW 1:232 )yy EE7V6!# )K{    AdviseringOrganisatieKennis, Examen- Advisering: - het geven van advies ofwel het verstrekken van informatie ofwel de overdracht van kennis ( bijvoorbeeld aan een persoon ) m.b.t. een bepaald onderwerp, zodat die persoon een bepaalde keuze kan maken - kan m.b.t. een makelaar ( als adviseur ) worden onderscheiden in: 1. financieel_advies / financieringsadvies - een advies m.b.t. de financiering van een onroerende_zaak, bijvoorbeeld - m.b.t. een hypothecaire_lening 2. commercieel_advies - wel of niet een ( bepaalde ) onroerende_zaak kopen 3. bouwkundig_advies - wel of niet een bepaalde onroerende_zaak kopen 4. etc.- zie ook: - kennis - actuele_kennis - locale_kennis - regionale_kennisyywproces - specialist op een bepaald bouwkundig of bouwtechnisch gebied, zoals, onder meer, betreffende de: - draagconstructie ofwel constructie - fundering - technische_installatie - grondmechanica - bouwfysica, waaronder: - warmte - vocht - geluid - licht - ventilatie- zie ook: - partij(en)_in_het_bouwproces - principaal - architect - aannemer - onderaannemer - adviseur - constructeur - uitvoerder - opzichter - leverancier - directie - overheid - semi-overheid - nutsbedrijf - koper - huurder - makelaar - projectontwikkelaar - belegger - derde(n)ybouwkunde testy ~JZ~XY4! _K   AfbetalingDefinitieKoop_op_afbetaling, Bedrijfsadministratie- Afbetaling: - in economische zin elke koopovereenkomst op basis van leverancierskredietynAdm5I02PX6- S  = Af_te_dragen_BTWDefinitieTe_vorderen_BTW, Te_betalen_BTW, Balans, Bedrijfsadministratie- Af_te_dragen_BTW: - wordt ook wel Te_betalen_BTW genoemd - balanspost aan de creditzijde van de balans - geeft het saldo van de grootboekrekening genaamd Af_te_dragen_BTW weer - de bedragen Af_te_dragen_BTW zijn gefactureerd aan de debiteuren / afnemer(s) - de post Af_te_dragen_BTW is een schuld vanΉ*W6 s!I }  )  AdviseurDefinitiePartij(en)_in_het_bouwproces, Bouwproces, Bouwkunde- Adviseur: - n van de partij(en)_in_het_bou de ondernemer aan de Belastingdienst - de ondernemer moet de ( gefactureerde ) BTW afdragen aan de Belastingdienst     - Restschuld bij annuteitenhypotheek, bij betaling aan het einde van het jaar, is: Restschuld = A x a(np) waarbij: - a is de annuteit - a(np) de factor uit de tabel - n de resterende looptijd - p het perunage ynAdm5I42,Adm5I44,Adm5I49, *[5! W   AfbouwfaseDefinitieUitvoeringsfase, Bouwfase, Bestek, UAV, Bouwplan, Bouwkunde- Afbouwfase: - een uitvoeringsfase tijdens de bouwfase - de fase waarin de ruwbouw / casco daadwerkelijk wordt afgebouwd en afgewerkt, tot de opleveringnyZ43 +e    Afbouw_en_afwerkingDefinitieBouw, Bouwkunde- Afbouw_en_afwerking: - een fase bij het bouwen van een bouwwerk, die na de ruwbouw komt, en die in de regel de volgende activiteit(en) omvat - montagekozijn - beglazing - tegelwerk - stucwerk / pleisterwerk - schilderwerk - technische_installatie(s) - etc. - vr de afbouw_en_afwerking komt de ruwbouwnnnnyBou4I19 _D_a^4/Og  Afdwingbaar_rechtDefinitieBWRechtens_afdwingbaar; verbintenis- Een recht ( verbintenis ) dat via de rechter afdwingbaar is, in rechte kunt afdwingen, rechtens_afdwingbaar y2]4q Q]   w  Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_StateDefinitieAdministratief_recht; publiekrecht- Afdeling_Bestuursrechtspraak_van_de_Raad_van_State: - wordt veelal afgekort tot: ARRvS - is de hoogste rechtsinstantie m.b.t. bestuursrecht - behandelt beroep(en) en bezwaar / bezwaren m.b.t. bestuursrechtnyyPub5II17,Pub5II27,Pub5II30,Pub5II33,Pub5II43,Pub5II59y\4% Y/  AfdankgedragDefinitieConsumentengedrag, Marketing, Economie- Afdankgedrag: - een onderdeel van het consumentengedrag - heeft betrekking op welke wijze de consument zich van een product ontdoetny Y_6) )3 ]   Affectief_doelDefinitieAIDA_model, Promotie_&_reclamemodellen, Promotie, Promotiebeleid, Marketingmix- Affectief_doel: - het zodanig benvloeden van iemand, dat hij belangstelling voor een product ontwikkelt, zoals bijvoorbeeld: - via reclame de consument informeren over de eigenschap(pen) van een product om hem zodoende te laten denken dat het product voor hem nuttig kan zijn en hij er meer over wil weten- zie ook: - cognitief_doel - affectief_doel - conatief_doelnyy $$X`61 !m    Affectieve_elementDefinitieInterne_stimuli, Persoonlijkheid, Psychologische_factor, Consumentengedrag- Affectieve_element: - wordt ook wel gevoels_element genoemd - een aspect van de attitude - drukt de gevoelswaarde van iets uit, bijvoorbeeld: - een restaurant is te duur m.b.t. de kwaliteit, of m.b.t. de smaak van het geleverde voedsel - waarbij het cognitieve_element bepalend is voor het affectieve_element, en - affectieve_element weer bepalend is voor het conatieve_element- zie ook: - attitude - cognitieve_element - affectieve_element - conatieve_elementnyEco5I52, ==?a65 # A   Afgeleide_eigenschapDefinitieProductniveau, Product, Productie, Bedrijfsadministratie, Marketing- Afgeleide_eigenschap: - worden ook wel benefit(s) genoemd, waarbij totale_product = uitgebreide_product + afgeleide_eigenschap(pen) - een type eigenschap - de ( niet-meetbare ) eigenschap(pen) die door een consument aan een product worden toegekend, waaronder, onder meer: - de voor de consument nuttige / aangename functie(S) ( de consument vindt het product mooi en geniet daarvan ) - imago verkregen door het gebruiken van het product - status van de consument verkregen door het hebben / gebruiken van het product- zie ook: - fysieke_product - uitgebreide_product - totale_product - diensten_marketingmix - fysieke_eigenschap - toegevoegde_eigenschapnnyy ss b5+ CA  Afgeleide_vraagDefinitiePrimaire_vraag, Totale_vraag, Marktvraag, Markt, Afzetmarkt, Economie- Afgeleide_vraag: - de vraag door organisatie(s) naar product(en), die ontstaat als gevolg van de vraag door consument(en) ( = finale_afnemer(s) ) naar een bepaald product, bijvoorbeeld: - de primaire_vraag naar een duurzaam_product heeft tot gevolg dat - grondstof(fen) en halffabrikaat m.b.t de vervaardiging van dat product nodig zijn - de vraag naar die grondstof(fen), etc. is ( echter ) afhankelijk van de vraag naar dat duurzaam_product, en - de vraag naar die grondstof(fen) en halffabrikaat is daarmee een afgeleide van de vraag naar het duurzaam_product en wordt daarom de afgeleide_vraag genoemd - Zie ook: Primaire_vraagyn &&Vc57IqY    Afgescheiden_vermogenDefinitieBWAfgezonderd_vermogen, Vermogen- Afgescheiden_vermogen: - kan voorkomen bij: - eenmanszaak - v.o.f. - c.v. - de Hoge_Raad heeft bepaalt dat er bij een v.o.f. sprake is van een afgescheiden_vermogen, want - er is immers een aparte boekhouding ( en kas ) - de v.o.f. zelf kan dus aangesproken worden voor schulden - hetzelfde geldt voor een c.v. en een eenmanszaak - een afgescheiden_vermogen is niet een voldoende voorwaarde voor een rechtspersoon - bij een rechtspersoon is een afgezonderd_vermogen noodzakelijk yynPri5II55 ~ge45cs ]    Afgezonderd_vermogenDefinitieBWAfgescheiden_vermogen, Vermogen, B.V., N.V.- Afgezonderd_vermogen: - het bestaan van een afgezonderd_vermogen is een voorwaarde voor een rechtspersoon ( zoals bijv. een B.V. of N.V. ) - het afgezonderd_vermogen ( eigen_vermogen ) kan onstaan / toenemen / afnemen door, onder meer: - het uitgeven van aandelen - het innen van contributie(s), gift(en), etc. - kopen en verkopen / verkrijging(en) en vervreemding(en)- Zie ook: - afgescheiden_vermogenynynnPri5II55,~d4- KO K  )  Afgewerkte_vloerDefinitieVloer, Bouwmateriaal, Bouwkunde- Afgewerkte_vloer: - een type vloer, waarbij - de bovenzijde van de vloer is afgewerkt, bijvoorbeeld, d.m.v.: - een afwerklaag, in de vorm van, onder meer: - een druklaag- zie ook: - bruto_hoogte ybouwkunde testy )HmGjHm /Afdwingbaar_rechtDefinitie)Affectief_doelDefinitie!1Affectieve_elementDefinitie#5Afgeleide_eigenschapDefinitie+Afgeleide_vraagDefinitie$7Afgescheiden_vermogenDefinitie-Afgewerkte_vloerDefinitie#5Afgezonderd_vermogenDefinitie /Afhangend_festoenDefinitie /Afhankelijk_rechtDefinitie(?Afhankelijke_maatschappijDefinitie*CAfhankelijke_maatschappijenDefinitie"3Afhankelijke_woningDefinitieAfkoopsomDefinitieAfl(1)DefinitieAfl(n$)Definitie!AfleveringDefinitieAflossingDefinitie"3Aflossing_annuteitDefinitieAqAflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaarDefinitie$7AflossingsbestanddeelDefinitie.KAflossingsbestanddeel_annuteitDefinitie?mAflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaarDefinitie#5AflossingscapaciteitDefinitie gg4//  {    Afhankelijk_rechtDefinitieBW 3:7Zelfstandig_recht- Afhankelijk_recht: - wordt ook wel accessoir_recht genoemd - een recht dat aan een ander recht zodanig is verbonden, dat het niet zonder dat andere recht kan bestaan ( BW 3:7 ) - zie ook: - beperkt_recht - beperkt_rechtyPri6I19,yy_f3/ Ky e   ) Afhangend_festoenDefinitieGuirlande, Bouwstijl, Bouwkunde- Afhangend_festoen: - festoen in verticale vorm- Zie ook: - guirlande - festoen ybouwkunde test //Mh4?K'   Afhankelijke_maatschappijDefinitieBW 2:63aMaatschappij, Filiaal, Economie- Afhankelijke_maatschappij: - kan worden onderscheiden in, onder meer: - een rechtspersoon waaraan de coperatie of onderling_waarborgmaatschappij of een of meer afhankelijke_maatschappij(en) alleen of samen voor eigen rekening ten minste de helft van het geplaatst_kapitaal verschaffen ( BW 2:63a-1 ) - een vennootschap waarvan een onderneming in het handelsregister is ingeschreven en waarvoor de coperatie of onderlinge_waarborgmaatschappij als vennote jegens derden volledig aansprakelijk is voor alle schuld(en) ( BW 2:63a-2 )yyy ^j43 u=   Afhankelijke_woningDefinitieHuurrecht; huurovereenkomst; bijzondere_overeenkomst- Afhankelijke_woning is een woning die een bepaalde bestemming heeft en daardoor afhankelijk is van de bestemming van de bedrijfsruimte waartoe die behoort - valt buiten de regeling van de huur van woonruimte - huurbescherming geldt niet bij deze woning - dienstwoning - portierswoningyyqi4C 5  Afhankelijke_maatschappijenDefinitieBW- Maatschappijen waarin een rechtspersoon: - een doorslaggevende invloed heeft - alleen of samen met anderen minstens 50% van het geplaatste_kapitaal verschaffen - als vennoten jegens derden volledig aansprakelijk is voor alle schulden ( BW 2:24a, 152, 262 ) y Uk4 WO   AfkoopsomDefinitieAannemingssom, UAV, Bestek, Bouwkunde- Afkoopsom: - kan worden geregeld door de betreffende bepaling(en) in het bestek ( al of niet onder de UAV ) - een bedrag door de opdrachtgever aan de aannemer te betalen, om een onvoorzienbaar risico af te kopen zodat de betreffende aansprakelijk bij de aannemer komt te rusten en de opdrachtgever m.b.t. dat risico is gevrijwaard, zoals bijvoorbeeld: - een bedrag in de aannemingssom om de stijging van materiaalprijzen en loonprijzen af te kopenyyMak6I21 l6 Y M   Afl(1)DefinitieAflossingsbestanddeel_annuteit, Aflossing, Rentebestanddeel, Annuteit- Afl(1): - afkorting van het aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar - zie verder daartoe: aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar- Zie ook: - aflossingsbestanddeel_annuteit - aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar - aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar - totale_aflossingsbestanddeel_annuteit_na_n_jarenyyny m6 K M   Afl(n$)DefinitieAflossingsbestanddeel, Aflossing, Rentebestanddeel, Annuteit- Afl(n$): - afkorting van aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar - zie verder daartoe: aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar- Zie ook: - aflossingsbestanddeel_annuteit - aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar - aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar - totale_aflossingsbestanddeel_annuteit_na_n_jarenyyny  \n4!O!   A  AfleveringDefinitieBW 7:9-2Overdracht_van_goederen; Eigendom- Aflevering: - wordt ook wel feitelijke_levering genoemd - het stellen van de zaak in het bezit van de verkrijger / koper ; het bezit verschaffen ( BW 7:9-2 ) - aflevering is de feitelijke_handeling die de verkrijger / koper de feitelijke_macht over het goed verschaft - de verkrijger / koper krijgt er dan de macht over; de verkrijger / koper houdt dan de zaak onder zich / voor zichzelf - bij aflevering is er tevens sprake van risico_overgang - vandaar de sleutelverklaring in de model_koopakte - door alleen de aflevering van een goed verkrijgt de verkrijger / koper niet de eigendom van een goed; hij wordt wel bezitter - slechts door overdracht van een goed verkrijgt men de eigendom van een goed - Let op het verschil tussen leveren_en_afleveren yynyPri5II34,Pri5II35,Pri6I39,yy 8p43 [   Aflossing_annuteitDefinitieAflossingsbestanddeel, Aflossing, Rentebestanddeel, Annuteit- Zie: Aflossingsbestanddeel_annuteityyny{o6 'E'   }  AflossingDefinitieHypothecaire_lening, Hypotheken, Financile_rekenkunde, Bedrijfsadministratie- Aflossing: - het bedrag / termijn waarmee een schuld ( bijv. een hypothecaire_lening ) wordt afgelost; - de aflossing kan geschieden in periodieke termijn(en) - de periode kan bijv. een jaar zijn - zie ook: - aflossingsbestanddeel_annuteit - aflossing(en) worden niet tot de kosten van een onderneming gerekend, maar - betreffen wijziging(en) in het vreemd_vermogenyynyMak6I33,Adm5I17,Adm5I18,Adm5I19,Adm5I20,Adm5I22,Adm5I43,y kkq6q w M   Aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaarDefinitieAflossingsbestanddeel_annuteit, Aflossing, Rentebestanddeel, Annuteit- Aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar: - wordt wel afgekort als afl(1) - kan worden weergegeven als: - aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar = afl(1) = annuteit - rente_in_het_eerste_jaar- Zie ook: - aflossingsbestanddeel_annuteit - aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar - aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar - totale_aflossingsbestanddeel_annuteit_na_n_jarennyny fr57 Cc   +  AflossingsbestanddeelDefinitieRentebestanddeel, Annuteit- Aflossingsbestanddeel: - deel van een betaling, bijvoorbeeld m.b.t. tot een lening, dat de termijn van de verschuldigde aflossing vertegenwoordigt - bij een hypothecaire_lening wordt veelal een aflossingbestanddeel + rentebestanddeel betaald - bij een annuteitenhypotheek blijven het aflossingsbestanddeel + rentebestanddeel constant gedurende de looptijd van de hypothecaire_geldlening - het aflossingsbestanddeel mag niet worden afgetrokken ( renteaftrek ) m.b.t. de bepaling van het belastbare_inkomen voor box_1_ib van de inkomstenbelastingyynyMak6I33,Adm5I24y Lt6m u M   Aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaarDefinitieAflossingsbestanddeel, Af0s6K o M   Aflossingsbestanddeel_annuteitDefinitieAflossingsbestanddeel, Aflossing, Rentebestanddeel, Annuteit- Aflossingsbestanddeel_annuteit: - een type aflossingsbestanddeel - kan als volgt worden onderscheiden - aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar - aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar - totale_aflossingsbestanddeel_annuteit_na_n_jaren- Zie ook: - aflossingsbestanddeel_annuteit - aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar - aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar - totale_aflossingsbestanddeel_annuteit_na_n_jarennynylossing, Rentebestanddeel, Annuteit- Aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar: - wordt wel afgekort tot afl(n$) - een type aflossingsbestanddeel_annuteit - betreft het aflossingsdeel in het n-de jaar van een annuteit - bij een annuteit is de som van rente + aflossing ieder jaar gelijk, waarbij - het rentebestanddeel met de looptijd afneemt, en - het aflossingsbestanddeel met de looptijd toeneemt - het aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar = aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar x S(n-1\p), ofwel afl(n$) = afl(1) x S(n-1\p), waarbij - aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar = afl(1) = annuteit - rente_in_het_eerste_jaar- Zie ook: - aflossingsbestanddeel_annuteit - aflossingbestandsdeel_annuteit_in_het_eerste_jaar - aflossingsbestanddeel_annuteit_in_het_n_de_jaar - totale_aflossingsbestanddeel_annuteit_na_n_jarennynyASUS 1: Persoonlijke_onderneming netto_winst 175.400 afschrijving(en) 73.000 ------------------ 248.400 priv_opname(n) 160.000 ------------------ aflossingscapaciteit 88.400 --------------------------------------------------------------------------------------------------------- CASUS 2: Rechtspersoon met dga netto_winst 175.400 salaris_dga 160.000 ------------------ 15.400 afschrijving(en) 73.000 ------------------ aflossingscapaciteit 88.400 "u55 M=  9 AflossingscapaciteitDefinitieBegroting, Bedrijfsadministratie- Aflossingscapaciteit: - de capaciteit / het vermogen van een onderneming om lening(en) af te lossen - hiertoe wordt meestal de volgende relatie toegepast: aflossingscapaciteit = netto_winst + afschrijving(en) = cashflow - hierbij kan een verschil in weergave optreden tussen een: - persoonlijke_onderneming - rechtspersoon met aandeelhouders - voor rekenvoorbeelden van aflossingscapaciteit zie onder de rode knop yy REKENVOORBEELDEN AFLOSSINGSCAPACITEIT --------------------------------------------------------------------------------------------------------- C rx7) +wS    AflossingsvormDefinitieAflossing, Hypotheekvorm, Hypothecaire_lening, Hypotheek, Bedrijfsadministratie- Aflossingsvorm: - de wijze waarop een hypothecaire_lening wordt afgelost - kan als volgt ww3- y7  AflossingsschemaDefinitieHypothecaire_lening, Hypotheken, Bedrijfsadministratie- Zie: Aflossingsplanyn v4) y  AflossingsplanDefinitieHypothecaire_lening, Hypotheken, Bedrijfsadministratie- Aflossingsplan: - iedere hypotheekvorm heeft een eigen aflossingsplan / aflossingsschema zoals bij een: - lineaire_hypotheek - annuteitenhypotheek - levenhypotheek - spaarhypotheek - krediethypotheekynorden onderscheiden: 1. in iedere periode wordt een vast / constant bedrag afgelost - dit is het geval bij een zogenoemde lineaire_hypotheek 2. in iedere periode wordt een veranderend / variable bedrag afgelost - dit is het geval bij een zogenoemde annuteitenhypotheek, waarbij - in het begin van de looptijd relatief meer rente wordt betaald, en waarbij - tegen het einde van de looptijd relatief meer aflossing wordt betaald, maar waarbij - de annuteit ( = de som van rente + aflossing ) in oedree periode gelijk is - de rente van een lening / hypothecaire_lening wordt altijd betaald over de nog openstaande schuld - de wijze(n) van aflossing / aflossingsvorm kunnen sterk van elkaar verschillen - de verschillende type(n) hypothecaire_lening hebben een verschillend risicoprofielnynnMak6I16,Mak6I38,Adm5I22,Adm5I23,Adm5I24,Adm5I25,Adm5I26,Adm5I27,Adm5I28y - andere hypotheekvorm(en) waar wel wordt afgelost of gespaard, zoals bij de: - lineaire_hypotheek - annuteitenhypotheek - andere dergelijke hypotheekvorm(en) - de maandlast(en) zijn hier het laagst vanwege: - ontbreken van aflossing - alleen rentelast(en) - de hypothecaire_lening zal in de praktijk beperkt zijn tot circa 75 % van de executiewaarde ( = ca. 60 % van de vrijeverkoopwaarde ) - de uiteindelijke aflossing kan geschieden door bijvoorbeeld verkoop van het huis- zie ook: - hypothecaire_lening_algemeen - kapitaalsverzekering - lineaire_hypotheek - annuteitenhypotheek - levenhypotheek - spaarhypotheek - aflossingsvrije_hypotheek - krediethypotheek - overige_hypotheekvormenyyMak6I10,Mak6I38y z4 K;    AfmetingDefinitieBouwdeel, Ondernemer, Bouwkunde- Afmeting: - een kenmerk van een object m.b.t. de grootte van dat object - kan worden onderscheiden in, onder meer: - lengte - breedte - hoogte / diepte - uit de afmeting(en) van een object kunnen daarvan afgeleide grootheden / grootheid worden bepaald, waaronder, onder meer: - oppervlakte - inhoud / volumeyynyBou4I16yDy6? 3 i C   +  Aflossingsvrije_hypotheekDefinitieHypothecaire_lening- Aflossingsvrije_hypotheek: - gedurende de looptijd wordt niets afgelost, en - ook niets gespaard, of anderszins geld verzameld voor de uiteindelijke aflossing van de schuld, in tegenstelling tot de: ier een " ontvangen_afnemerskrediet " is - de producent, grossier ( = groothandel ), detaillist en consument zijn in deze volgorde allen afnemers van elkaar, waarbij de producent weer een afnemer is van een leverancier van grondstof(fen) - afnemer(s) kunnen worden ingedeeld volgens: - zakelijke_afnemer(s) - particuliere_afnemer(s) - deze worden ook wel consument(en) ofwel finale_consument(en) genoemd, en - worden tot de laatste schakel van de bedrijfskolom gerekend - In marketingterm(en) wordt een afnemer ook wel een markt, de afzetmarkt, genoemd, die kan bestaan uit: - finale_consument(en) - industrile_afnemer(s) ofwel zakelijke_afnemer(s), zoals, onder meer: - zakelijke_organisatie(s)- zie ook: - aanbieder - leverancier - vrager - afnemeryyynAdm5I02,Adm5I30,Adm5I41,Adm5I48,Eco5I08,Eco5I16,Eco5I23,Eco5I42,Eco5I44,Pri6I52y ))K{9 1E)1M   +  AfnemerDefinitieLeverancier, Afnemerskrediet, Leverancierskrediet, Debiteur, Bedrijfsadministratie- Afnemer: - degene ( een particulier of een zakelijke_organisatie ) die een product ( een zaak, of een dienst ) koopt / huurt / afneemt van een leverancier - als de afnemer op rekening koopt, wordt deze afnemer een debiteur van de leverancier, en - de afnemer verkrijgt van de leverancier een " ontvangen_leverancierskrediet " - de leverancier verstrekt aan de afnemer m.b.t. tot het geleverde een zogenoemd " verstrekt_leverancierskrediet ", en - wordt dan een crediteur ten opzichte van de afnemer - als de afnemer aan de leverancier de te leveren zaken vooruit betaalt dan verstrekt de afnemer aan de leverancier een zogenoemd " verstrekt_afnemerskrediet " - hetgeen voor de leveranc \}6Q Q A   Afnemergeorinteerde_prijsbepalingDefinitiePrijsstelling, Prijsbepalingsmethode, Marketing, Economie- Afnemergeorinteerde_prijsbepaling: - wordt ook wel vraaggeorinteerde_prijsstelling genoemd: - een element dat de prijsstelling kan benvloeden, en waarbij: - hierbij is de afnemer / klant / consument het uitgangspunt voor de vaststelling van de verkoopprijs - hoeveev|55 ?  Afnemer_participatieDefinitieDiensten_eigenschappen, Dienstenmarketing, Marketingtoepassing, Marketing- Afnemer_participatie: - een participatie van de zijde van de afnemer die kan optreden bij de productie van dienst(en) - kan worden onderscheiden in: - actieve_participatie - passieve_participatie waarbij de dominantie m.b.t. de participatie bij de dienstverlener of bij de afnemer kan liggennyl is de klant bereid voor het product te betalen ( prijsperceptie ), dit - kan worden bepaald middels marktonderzoek, d.m.v. de prijsperceptiemeter ofwel prijsgevoeligheidsmeter zoals is ontwikkeld door Interview / NSS - enige operationele aspect(en) van het prijsbeleid m.b.t. de afnemergeorinteerde_prijsbepaling, en - die ook een rol kunnen spelen bij assortimentsuitbreiding / assortiment / product_line zijn, onder meer: - full_line_pricing - price_lining - psychologische_prijs - prijsdiscriminatie- zie ook: - kostengeorinteerde_prijsbepaling / kostengeorinteerde_prijsstelling - afnemergeorinteerde_prijsbepaling / vraaggeorinteerde_prijsstelling - concurrentiegeorinteerde_prijsbepaling / concurrentiegeorinteerde_prijsstelling - marktvormgeorinteerde_prijsstelling - psychologische_prijszettingnyy %%W~4%US    Afnemers_WozDefinitieWozOnroerende_zaak_belasting, Belasting- Afnemers_Woz: - de kosten die met de waardebepaling_Woz / waardevaststelling_Woz samenhangen worden door de afnemers_Woz gedragen ..... ( Woz 3 ), waarbij - de afnemers zijn: - overheden die gebruik maken van de de ingevolge de wet vastgestelde waarde(n) ten behoeve van de heffing van bepaaldebelasting(en) ( Woz 2c ), waaronder: - het Rijk ( m.b.t. de inkomstenbelasting ) - gemeente(n) m.b.t. ozb - waterschap(pen) ( m.b.t. de waterschapsbelasting(en) / omslag(en) )nnyy (?c'Kj'Pl-AflossingsschemaDefinitie)AflossingsvormDefinitie(?Aflossingsvrije_hypotheekDefinitieAfmetingDefinitieAfnemerDefinitie#5Afnemer_participatieDefinitie1QAfnemergeorinteerde_prijsbepalingDefinitie%Afnemers_WozDefinitie+AfnemerskredietDefinitie'AfnemersmarktDefinitie!AfrekeningDefinitie-Afrikaans_padoekDefinitie#5AfroomprijsstrategieDefinitie+AfroomstrategieDefinitie!AfrormosiaDefinitie'Afrormosia_EXDefinitie'Afrormosia_SUDefinitie)AfrormosiahoutDefinitie#AfscheidingDefinitie AfschotDefinitie AfschriftDefinitie (?Afschrijven_op_debiteurenDefinitie %AfschrijvingDefinitie &;Afschrijving_debiteurenDefinitie"3AfschrijvingskostenDefinitie#5AfschrijvingsmethodeDefinitie%9AfschrijvingsmethodiekDefinitie ''#4' 1   AfnemersmarktDefinitieKopersmarkt, Verkopersmarkt, Abstracte_markt, Markt, Economie- Zie: KopersmarktyyEco5I23,.5+ A   AfnemerskredietDefinitieLeverancierskrediet, Krediet, Debiteur, Bedrijfsadministratie- Afnemerskrediet: - wordt ook wel debiteurenkrediet genoemd - degene naar wie het krediet is genoemd, verstrekt het krediet - een krediet dat een afnemer, volgens het principe " eerst betalen, dan leveren " , verstrekt aan zijn leverancier - afnemerskrediet is een vorm van kort_vreemd_vermogen van de leverancier, waarbij - de afnemer aan de leverancier krediet verleent, door nog te leveren goederen, of nog te leveren dienst(en), vooruit te betalen - er kan in dit verband sprake zijn van een: - verstrekt_afnemerskrediet - ontvangen_afnemerskredietynnAdm5I02 b4! 7  AfrekeningDefinitieBedrijfsadministratie- Afrekening: - wordt ook wel een nota genoemd - afrekening / nota van de notaris: - een overzicht van verkregen opbrengst(en), gemaakte kosten en ontstane schulden zoals, bijvoorbeeld, de afrekening van een notaris betreffende de aankoop van een onroerende_zaak door een exploitatiemaatschappij - afrekening / nota van een beheersmaatschappij_onroerende_zaken ( bijv. een makelaar ): - een overzicht van alle verkregen opbrengst(en) en alle gemaakte kosten inclusief de beheersvergoeding van de beheersmaatschappij / makelaaryn f4- s? g  ) / Afrikaans_padoekDefinitieHardhout, Zachthout, Hout, Bouwmateriaal, Bouwkunde- Afrikaans_padoek: - een vorm van hardhout ofwel loofhout afkomstig van een loofboom van de genus ... - soortelijk gewicht ( kg/m3 ): ...- Zie ook: - hardhout - zachthoutybouwkunde testbouw\Dsc00294.jpg ww65 3e m   AfroomprijsstrategieDefinitiePenetratiestrategie, Prijs, Strategie, Waarde, Prijsstelling, Prijsbeleid, Prijsmix- Afroomprijsstrategie: - wordt ook wel afroomstrategie genoemd - een type prijsstrategie m.b.t. de prijs / afroomprijs - de strategie om een nieuw product initieel tegen een zeer hoge prijs in de markt te zetten, waarna - de prijs stap voor stap wordt verlaagd, en waarbij - zodoende de andere prijssegment(en) van boven naar beneden worden afgeroomd - geeft weliswaar een relatief lagere omzet, maar - wel in combinatie met een hogere winst - door de hoge prijs worden concurrent(en) snel aangetrokken - de tegenhanger van de penetratiestrategie- zie ook: - prijsstrategie - afroomprijsstrategie - penetratieprijsstrategienyy =4! s g  )  AfrormosiaDefinitieHardhout, Zachthout, Hout, Bouwmateriaal, Bouwkunde- Afrormosia: - wordt ook wel afrormosiahout genoemd - een vorm van hardhout ofwel loofhout - een houtsoort - de kleur is ... - afrormosia is ... - in Nederland wordt afrormosia voornamelijk gebruikt voor ... - soortelijk gewicht ( kg / m3 ): ... - kan worden onderscheiden in, onder meer: - afrormosia_EX - afrormosia_SU- Zie ook: - hardhout - zachthoutybouwkunde testy$5+ 3w %   AfroomstrategieDefinitiePenetratiestrategie, Prijs, Strategie, Waarde, Prijsstelling, Prijsbeleid, Prijsmix- Afroomstrategie: - zie: Afroomprijsstrategie- zie ook: - afroomprijsstrategie - penetratiestrategienyy 7$7i4' sK g  ) / Afrormosia_SUDefinitieHardhout, Zachthout, Hout, Bouwmateriaal, Bouwkunde- Afrormosia_SU: - een vorm van afrormosia / afrormosiahout / hardhout ofwel loofhout - een houtsoort - de kleur is ... - afrormosia_SU is ... - in Nederland wordt afrormosia_SU voornamelijk gebruikt voor ... - soortelijk gewicht ( kg / m3 ): ... - Zie ook: - hardhout - zachthoutybouwkunde testbouw\Dsc01486.jpgX4' s) g  ) / Afrormosia_EXDefinitieHardhout, Zachthout, Hout, Bouwmateriaal, Bouwkunde- Afrormosia_EX: - een vorm van afrormosia / hardhout ofwel loofhout - een houtsoort - de kleur is ... - afrormosia_EX is ... - in Nederland wordt afrormosia_EX voornamelijk gebruikt voor ... - soortelijk gewicht ( kg / m3 ): ... - Zie ook: - hardhout - zachthoutybouwkunde testbouw\Dsc01485.jpg j4) sK g  ) / AfrormosiahoutDefinitieHardhout, Zachthout, Hout, Bouwmateriaal, Bouwkunde- Afrormosia_SU: - een vorm van afrormosia / afrormosiahout / hardhout ofwel loofhout - een houtsoort - de kleur is ... - afrormosia_SU is ... - in Nederland wordt afrormosia_SU voornamelijk gebruikt voor ... - soortelijk gewicht ( kg / m3 ): ... - Zie ook: - hardhout - zachthoutybouwkunde testbouw\Dsc01486.jpg `` 5#  q [  ) // AfscheidingDefinitieBouwkunde- Afscheiding: - een type constructie, dat - dient om een betreffend gedeelte van, onder meer, een: - perceel - gebouw - woning - tuin - van een ander betreffend gedeelte te scheiden - kan worden vervaardigd van, onder meer: - steen: - gevel - muur ( dragend / niet_dragend - gipsplaat: - scheidingswand ( binnen / niet_dragend ) - hout: - gevel - schutting - metaal: - draad ( ijzerdraad / staaldraad ) - gevelmet dank aan: www.bouwbeslagonline.nlybouwkunde testsams\s6300413.jpgsams\s6300412.jpg y~y! 6? -q  Afschrijven_op_debiteurenDefinitieDubieuze_debiteuren, Afschrijving, Incidentele_resultaten, Bedrijfsadministratie- Afschrijven_op_debiteuren: - als dubieuze_debiteuren niet meer (b)lijken te gaan betalen, verhuizen ze naar de grootbT 4 m?    AfschriftDefinitieMinuut, Transportakte, Authentieke_akte, Notaris- Afschrift: - een door de notaris gewaarmerkte kopie van een minuut / minuutakte yyyyy~ 4 7G {  )   AfschotDefinitieTegenschot, Bouwkunde- Afschot: - betreft het onder een bepaalde helling leggen van bijvoorbeeld rioolbuis, goot, vloer(en), of dak om het water goed te kunnen afvoeren in de richting van het hoofdriool of de hemelwaterafvoer - zie ook: - afschot - tegenschotybouwkunde testyyoekrekening $ Afschrijving_debiteuren $ - de grootboekrekening $ Afschrijving_debiteuren $ is eveneens een rekening_van_bezit ( activa ) - in de grootboekrekening $ Afschrijving_debiteuren $ worden de bedragen exclusief BTW opgenomen, want - bij oninbare_vordering(en) hoeft geen BTW te worden afgedragen - als de debiteur niet betaald moet de grootboekrekening $ Afschrijving_debiteuren $ worden gecrediteerd - en de kostenrekening $ Niet_betalende_debiteuren $ / $ Overige_verkoopkosten $ worden gedebiteerd - Er kan ook een voorziening_boekhoudkundig $ Voorziening_debiteuren $ worden aangelegd om eventueel niet-betalen op te vangen - jaarlijks / maandelijks kan dan een bedrag ten laste van de winst-_en_verliesrekening naar de voorziening worden gebracht- Zie ook: - dubieuze_debiteuren - voorziening_debiteurenyn - afschrijvingskosten zijn bedrijfskosten en drukken zodoende op de winst van de onderneming - middels afschrijving(en) worden gelden gereserveerd voor de eventuele aanschaf van nieuwe bedrijfsmiddelen - die reservering ( voor bijv. gebouwen ) komt dan op de grootboekrekening / balanspost $ Afschrijving_Gebouwen $ - afschrijving(en) ( reservering ) worden gerekend tot het lang_vreemd_vermogen - bij afschrijving(en) verlaat geen geld de onderneming; er vindt ( slechts ) een verschuiving vanuit het eigen_vermogen naar de betreffende balanspost " Afschrijving ..... " ( aan de creditzijde van de balans ) plaats - een afschrijving wordt op basis van een intern aangemaakt boekingsdocument ( interne_boekingsdocument ) verwerkt in de administratie - Door afschrijving(en) op de aanschafwaarde van een bedrijfsmiddel kan de boekwaarde van een bedrijfsmiddel worden bepaald - Op de grond van een onderneming wordt ( meestal ) niet afgeschreven, tenzij de grond is verontreinigd - bij afschrijven kan men een van de twee volgende alternatieven toepassen ( 1. zonder reservering en 2. met een reservering ): 1. de waardevermindering van een bedrijfsmiddel op de ( balanspost ) grootboekrekening van dat bedrijfsmiddel crediteren ( rekening_van_bezit wordt minder ) - de bijbehorende afschrijvingskosten op de ( HEV ) grootboekrekening " Afschrijvingskosten_Bedrijfsmiddel " debiteren 2. de waarde van het bedrijfsmiddel op de ( balanspost ) grootboekrekening van dat bedrijfsmiddel zelf onveranderd laten ( rekening_van_bezit b